2023-174 Bijlage 4 Archeologisch Inventariserend Veldonderzoek.pdf
Tekst van het document
2023-174 Bijlage 4
Transect-rapport 3372 Nieuwegein, Buizerdlaan 12 Gemeente Nieuwegein (UT) Een Archeologisch Inventariserend Veldonderzoek (IVO), karterende fase
Overijsselhaven 127 3433 PH Nieuwegein
T: 030-7620705 E: informatie@transect.nl
Colofon Titel
Rapportnummer
Nieuwegein, Buizerdlaan 12. Gemeente Nieuwegein (UT). Een Archeologisch Inventariserend Veldonderzoek (IVO), karterende fase. Transect-rapport 3372
Auteur
T.S. van Cruchten MA
Versie
Versie 1.0
Toetsing door bevoegde overheid
Nog te beoordelen
Datum
19-07-2021
Projectnummer
19060082
Onderzoeksmelding Opdrachtgever
4894972100 BPD Ontwikkeling Postbus 51262 1007 EG Amsterdam
Uitvoerder
Transect b.v. Overijsselhaven 127 3433 PH Nieuwegein
Bevoegde overheid
Gemeente Nieuwegein
Beheer en plaats documentatie
Transect b.v., Nieuwegein
Omslagafbeelding
Foto van het plangebied ten tijde van het veldonderzoek
Autorisatie Naam Drs. T. Nales Senior KNA Prospector
Datum 19-07-2021
Paraaf
ISSN: 2211-7067 © Transect b.v., Nieuwegein Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie of op welke wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgevers. Transect aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade voortvloeiend uit de toepassing van de adviezen of het gebruik van de resultaten van dit onderzoek.
Overijsselhaven 127 3433 PH Nieuwegein
T: 030-7620705 F: 030-7620706 E: informatie@transect.nl
Samenvatting In opdracht van BPD Ontwikkeling heeft Transect b.v. in november 2021 een Inventariserend Veldonderzoek (IVO), karterende fase, uitgevoerd in een plangebied aan de Buizerdlaan 12 in Nieuwegein (gemeente Nieuwegein). De aanleiding van het onderzoek is het voornemen om in het plangebied de huidige bebouwing te slopen en nieuwe woningen te realiseren. Het huidige onderzoek betreft een Inventariserend Veldonderzoek (IVO), karterende fase. Het doel van het Inventariserend Veldonderzoek is het aanvullen en toetsen van de archeologische verwachting. Tijdens de karterende fase wordt, voor zover mogelijk, de feitelijke aan- of afwezigheid van archeologische waarden vastgesteld. Op basis van de resultaten van het booronderzoek kan het archeologische verwachtingsmodel uit het voorgaande bureauonderzoek worden getoetst en waar mogelijk worden bijgesteld. Tevens kan preciezer worden aangegeven waar en tot welke diepte de voorgenomen werkzaamheden wel of geen bedreiging vormen voor eventuele archeologische resten en/of sporen. In het plangebied is eerder een bureauonderzoek en een verkennend veldonderzoek uitgevoerd (Nales, 2019). Uit het bureauonderzoek blijkt dat er sprake is van een archeologische verwachting op het terrein, gebaseerd op de aanwezigheid van afzettingen behorende tot de Wiersch stroomrug.
Op de oevers van deze stroomrug is theoretisch gezien bewoning mogelijk geweest vanaf het LaatMesolithicum tot en met het Vroeg-Neolithicum. Deze verwachting is door het verkennende veldonderzoek bevestigd. In het westelijk deel van het plangebied zijn intacte oeverafzettingen aanwezig die gerijpt zijn met in de top een vegetatieniveau. Verder zijn er restgeulafzettingen aanwezig in het plangebied die in de top eveneens een vegetatieniveau bevatten. De diepteligging van het vegetatieniveau varieert tussen 1,0 en 1,5 m -NAP. Aangezien ten oosten van de bebouwde kom van Nieuwegein op bedrijventerrein Het Klooster een Swifterbant-vindplaats is aangetroffen in een vegetatieniveau van de Wiersch stroomrug op een vergelijkbare diepte (1,4 tot 1,6 m -NAP), is de kans op het aantreffen va archeologische resten uit deze periode hoog. Er is geadviseerd om aanvullend onderzoek uit te laten voeren in het plangebied om de daadwerkelijke aan- of afwezigheid van een vindplaats in het plangebied vast te stellen. Onderhavig karterend onderzoek geeft hieraan invulling. Op basis van de resultaten van het karterende booronderzoek kan de hoge archeologische verwachting die voor het plangebied was opgesteld in voorgaand onderzoek worden bijgesteld naar laag. Dit is gebaseerd op het ontbreken van archeologische indicatoren in de opgeboorde grondmonsters.
De kans dat zich hiermee een vindplaats in de ondergrond van het plangebied bevindt, is klein. Advies In het plangebied bestaat het voornemen om nieuwbouw te realiseren. Om dit mogelijk te maken, is een bestemmingsplanwijziging nodig. Naar aanleiding van dit onderzoek is de archeologische verwachting bijgesteld naar laag. Wij adviseren daarom geen vervolgonderzoek noodzakelijk te stellen, alvorens de plannen te realiseren. Wél adviseren wij de initiatiefnemer te wijzen op de wettelijke meldplicht (conform de Erfgoedwet 2016, artikel 5.10 en 5.11) om archeologische vondsten direct te melden bij de bevoegde overheid (gemeente Nieuwegein). Het is aan de bevoegde overheid, de gemeente Nieuwegein, om op basis van de resultaten van dit onderzoek en het afgegeven advies een selectiebesluit te nemen.
Inhoud 1.
Aanleiding ................................................................................................................................ 6
2.
Aard en doel van het archeologisch vooronderzoek ............................................................... 7
3.
Ligging plangebied en planvorming ......................................................................................... 8
4.
Achtergrondinformatie en archeologische verwachting ....................................................... 10
5.
Werkwijze onderzoek............................................................................................................. 12
6.
Resultaten veldonderzoek ..................................................................................................... 13
7.
Beantwoording onderzoeksvragen ........................................................................................ 16
8.
Conclusies en advies .............................................................................................................. 17
9.
Geraadpleegde bronnen ........................................................................................................ 18
Toekomstige situatie .............................................................................................................. 19 Boorpuntenkaart .................................................................................................................... 20 Hoogtemodel top beddingafzettingen ................................................................................... 21 Lithologisch profiel ................................................................................................................. 22 Archeologische indicatoren.................................................................................................... 23 Boorstaten.............................................................................................................................. 26
1. Aanleiding In opdracht van BPD Ontwikkeling heeft Transect b.v. in november 2020 een Inventariserend Veldonderzoek (IVO), karterende fase, uitgevoerd in een plangebied aan de Kelvinbaan in Nieuwegein (gemeente Nieuwegein). De aanleiding van het onderzoek is het voornemen om in het plangebied nieuwbouw te realiseren. Het voormalige kantoorpand dat in het plangebied stond is reeds gesloopt. Een overzichtstekening van de toekomstige situatie is opgenomen in bijlage 1. De precieze verstoringsdieptes zijn ten tijde van het onderzoek nog niet bekend. Het kan echter worden aangenomen dat er graafwerkzaamheden zullen worden uitgevoerd en dat er heipalen onder de nieuwe gebouwen nodig zullen zijn. Om de herontwikkeling van het plangebied mogelijk te maken is een bestemmingsplanwijziging nodig. Het archeologisch onderzoek vindt plaats in het kader van de bestemmingsplanwijziging. Het plangebied valt op de gemeentelijke beleidskaart (die is vastgesteld door middel van de Erfgoedverordening) in een Archeologisch Waardevol Gebied (AWV-3). Een archeologisch onderzoek is verplicht bij bodemingrepen met een oppervlakte groter dan 2500 m2 en dieper dan 150 cm -Mv. Aangezien er ingrepen zullen plaatsvinden in het gehele plangebied (1,9 ha) en er heipalen geplaatst moeten worden, geldt er een archeologische onderzoeksplicht.
In het plangebied is eerder een bureauonderzoek en een verkennend veldonderzoek uitgevoerd (Nales, 2019). Uit het bureauonderzoek blijkt dat er sprake is van een archeologische verwachting op het terrein, gebaseerd op de aanwezigheid van afzettingen behorende tot de Wiersch stroomrug. Op de oevers van deze stroomrug is theoretisch gezien bewoning mogelijk geweest vanaf het LaatMesolithicum tot en met het Vroeg-Neolithicum. Deze verwachting is door het verkennende veldonderzoek bevestigd. In het westelijk deel van het plangebied zijn intacte oeverafzettingen aanwezig die gerijpt zijn met in de top een vegetatieniveau. Verder zijn er restgeulafzettingen aanwezig in het plangebied die in de top eveneens een vegetatieniveau bevatten. De diepteligging van het vegetatieniveau varieert tussen 1,0 en 1,5 m -NAP. Aangezien ten oosten van de bebouwde kom van Nieuwegein op bedrijventerrein Het Klooster een Swifterbant-vindplaats is aangetroffen in een vegetatieniveau van de Wiersch stroomrug op een vergelijkbare diepte (1,4 tot 1,6 m -NAP), is de kans op het aantreffen va archeologische resten uit deze periode hoog. Er is geadviseerd om aanvullend onderzoek uit te laten voeren in het plangebied om de daadwerkelijke aan- of afwezigheid van een vindplaats in het plangebied vast te stellen.
Gezien de aanwezigheid van ophoging en puin in de bovengrond en de diepteligging van het te bemonsteren niveau is geadviseerd om dit onderzoek middels mechanische avegaar boringen uit te voeren. Onderhavig onderzoek en rapport geeft invulling aan dit advies, in de vorm van een Inventariserend veldonderzoek (IVO), karterende fase. Het onderzoek is uitgevoerd in overeenstemming met de eisen van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA), versie 4.1 en het door het bevoegd gezag goedgekeurde Plan van Aanpak voor dit onderzoek (Van den Blink, 2020).
6
2. Aard en doel van het archeologisch vooronderzoek Het doel van het Inventariserend Veldonderzoek (IVO) is het aanvullen en toetsen van de archeologische verwachting, zoals die door Nales (2019) is opgesteld. Binnen het Inventariserend Veldonderzoek wordt onderscheid gemaakt in twee fasen, namelijk een verkennende fase en een karterende fase. Tijdens de verkennende fase worden de bodemopbouw, bodemintactheid en bodemreliëf in kaart gebracht. Hiermee ontstaat inzicht in de landschapsvormende processen en landschappelijke eenheden uit het verleden. Op basis hiervan kan een oordeel worden gegeven over waar, wanneer en in hoeverre het gebied in het verleden geschikt was voor de mens. Tijdens de karterende fase wordt, voor zover mogelijk, de feitelijke aan- of afwezigheid van archeologische waarden vastgesteld. Het huidige onderzoek betreft uitsluitend de karterende fase. Het verkennend onderzoek staat reeds in Nales (2019, Transect-rapport 2204) beschreven. Het onderzoek probeert hiermee aan de hand van feitelijke informatie antwoord te geven op de volgende vragen: •
Zijn er in het plangebied archeologische indicatoren aangetroffen? Zo ja, welke, en op welke diepte ten opzichte van het maaiveld en het NAP? Wat is de aard van de afzettingen waarin de indicatoren zijn aangetroffen?
•
Is er sprake van een archeologische vindplaats? Zo ja, wat is hiervan de diepteligging, omvang, aard, ouderdom, gaafheid en conservering? Konden de begrenzingen van de vindplaats voldoende worden vastgesteld.
•
Dient de archeologische verwachting te worden bijgesteld op basis van het karterend booronderzoek?
•
In hoeverre worden archeologische resten bedreigd door de planontwikkeling?
•
Is vervolgonderzoek noodzakelijk en welke methodes moeten hierbij ingezet?
Het resultaat van het Inventariserend Veldonderzoek is een rapport met een conclusie omtrent de mogelijke aan- of afwezigheid van archeologische waarden in het plangebied en het risico dat deze worden verstoord als gevolg van de voorgenomen bodemingrepen. Op basis van het rapport kan de bevoegde overheid een beslissing nemen in het kader van de planprocedure. Het rapport bevat waar mogelijk gegevens over de aan- of afwezigheid, aard, omvang, ouderdom, gaafheid, conservering en (relatieve) kwaliteit van archeologische waarden. Het onderzoek is uitgevoerd conform protocol 4003 (inventariserend veldonderzoek) van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie, versie 4.1 (KNA 4.1).
7
3. Ligging plangebied en planvorming Provincie
Utrecht
Gemeente
Nieuwegein
Plaats
Nieuwegein
Toponiem
Buizerdlaan 12
Kaartblad
38F
Perceelnummer(s)
JPS00 – C – 2338 en 2389
Centrumcoördinaat
133.139 / 448.623
Oppervlakte plangebied
1,9 ha
Oppervlakte onderzoeksgebied
1,9 ha
Huidig grondgebruik
Braakliggend
Het plangebied ligt aan de Buizerdlaan 12 te Nieuwegein (gemeente Nieuwegein). De ligging van het plangebied is weergegeven in figuur 1. Het oppervlak beslaat circa 1,9 ha. Ten tijde van het onderzoek is het plangebied braakliggend. Het voormalige kantoorpand dat ten tijde van het verkennend veldonderzoek aanwezig was is gesloopt. Een schets van de toekomstige situatie is weergegeven in bijlage 1. Precieze afmetingen van de toekomstige bebouwing alsook de geplande graafdieptes of een heipalenplan zijn ten tijde van het onderzoek nog niet bekend.
8
Figuur 1: Ligging van het plangebied (rood omlijnd) op een topografische kaart. Bron topografische kaart: www.pdok.nl.
9
4. Achtergrondinformatie en archeologische verwachting Voorgaand onderzoek In het plangebied heeft voorafgaand aan het huidige onderzoek een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek, verkennende fase, plaatsgevonden (Nales, 2019; onderzoeksmelding 4708996100). en rondom het plangebied hebben in het verleden reeds diverse archeologische onderzoeken plaatsgevonden. In het plangebied zelf heeft, Aan de hand van het bureau- en booronderzoek uit 2019 is een hoge verwachting opgesteld voor het aantreffen van archeologische resten uit de periode Laat-Mesolithicum tot Vroeg-Neolithicum. Deze verwachting is gebaseerd op de aanwezigheid van oeverafzettingen van de Wiersch stroomrug op een diepte van 150-210 cm -Mv (1,0 tot 1,5 m -NAP). De top van deze afzettingen zijn theoretisch bewoonbaar geweest vanaf het actief worden van de Wiersch stroomrug (5400 v. Chr.). Dit komt onder meer door de relatief hogere ligging van de oevers in het doorgaans natte rivierenlandschap. Ook na het inactief worden van de stroomrug bleven de oevers een aantrekkelijke vestigingslocatie door hun relatief hogere ligging. Pas toen de oeverafzettingen bedekt raakten met veen (rond 3100 v. Chr.) waren zij niet meer bewoonbaar.
Voor de perioden vanaf het Midden-Neolithicum geldt een lage verwachting op archeologische resten aangezien het plangebied toen onbewoonbaar was door de ligging in een veengebied en later in het overstromingsgebied van de Jutphaas stroomrug. Bij het verkennend booronderzoek zijn in het noordwesten van het plangebied oever- op beddingafzettingen aangetroffen. In de top van de oeverafzettingen is een donkergrijze, zwak tot matig humeuze kleilaag aangetroffen die geïnterpreteerd is als vegetatieniveau. In het noordwesten van het plangebied is dit niveau matig stevig qua consistentie en kenmerkt het zich door de aanwezigheid van hout. In het zuidoosten van het plangebied is het niveau slap en is er riet aanwezig. Met name de consistentie van de klei in het noordwesten van het plangebied vormt een aanwijzing dat het vegetatieniveau daar relatief droog is geweest, wat deze locatie tot een aantrekkelijke bewoningslocatie maakt. In de omgeving zijn enkele eerdere archeologische onderzoeken uitgevoerd. Relevant voor het plangebied zijn de resultaten van de onderzoeken die ten oosten van Nieuwegein zijn uitgevoerd in het kader van de aanleg van de Beatrixsluis en het bedrijfspark Het Klooster. Uit verschillende onderzoeken hier is gebleken dat op de oevers van de Wiersch stroomrug bewoning heeft plaatsgevonden.
Het betreffen hier nederzettingsresten uit het Vroeg-Neolithicum, als onderdeel van de zogenaamde Swifterbant-cultuur. Tijdens het onderzoek aan de Beatrixsluis zijn fragmenten aardewerk en vuursteen gevonden, rondom een haardkuil die waarschijnlijk wijzen op een tijdelijke verblijfsplaats langs een restgeul van de Wiersch (stroomrug). Opgravingen op het toekomstig bedrijfspark hebben echter een nederzettingsterrein aangetoond met tal van artefacten en gebruiksobjecten. Er zijn zelfs begravingen uit die tijd gevonden van vijf tot zes individuen, waaronder een moeder en kind. Ook waren er bijgiften, hetgeen de vondst archeologisch gezien uitermate bijzonder maakt. Op basis van de verschillende onderzoeken valt af te leiden dat de Wiersch stroomrug een grote aantrekkingskracht had voor deze samenleving en een voedselrijke omgeving bood (getuige de vondst van granen, noten en wild). Dit betekent dat eventuele oeverafzettingen in de ondergrond van het plangebied bewoonbaar kunnen zijn geweest in het Neolithicum, met name wanneer deze gerijpt waren (Veldhuis e.a., 2018; Molthof e.a., in prep.) Archeologische verwachting Resumerend geldt voor het plangebied een hoge verwachting voor de periode Laat-Mesolithicum-Laat Neolithicum.
Indien aanwezig zullen archeologische resten van nederzettingen zich concentreren op de oevers van de Wiersch stroomrug, die zich in de ondergrond van het noordwesten van het 10
plangebied bevinden. Met name resten van de Swifterbant-cultuur worden verwacht, aangezien deze bij opgravingen ten oosten van de bebouwde kom van Nieuwegein, op oevers van de Wiersch stroomrug, zijn gevonden. Vanwege de diepteligging worden archeologische resten uit de periode Paleolithicum – Midden-Mesolithicum niet verwacht. Voor de periode Midden-Neolithicum – Nieuwe Tijd geldt een lage archeologische verwachting aangezien het plangebied in de overstromingsvlakte van andere rivierlopen heeft gelegen. Hiervan is de meest nabijgelegen de Jutphaas stroomrug ten noorden van het plangebied. Op de rivieren zijn sporen van bewoning aanwezig, zoals op de Jutphaas stroomrug uit de IJzertijd en (ten noorden van het plangebied) de Romeinse tijd. Het plangebied heeft in die periode in de doorgaans lagere, nattere overstromingsvlakte van de Jutphaas stroomrug gelegen.
11
5. Werkwijze onderzoek Onderzoekstrategie
Karterend booronderzoek
Aantal boringen
72
Type boor
Mechanische Avegaarboor
Boordiameter
14,5 cm
Maximale boordiepte
500 cm -Mv
Werkwijze Het doel van het veldonderzoek is het toetsen van de gespecificeerde archeologische verwachting in het plangebied. Hiertoe is in het plangebied een karterend booronderzoek uitgevoerd conform het opgestelde Plan van Aanpak (Van den Blink, 2020). Deze zijn binnen het plangebied verdeeld in een grid van 13 bij 15 m, sensu de SIKB-leidraad voor karterend booronderzoek (methode A3, versie 2.0). De boringen zijn tot een maximale diepte van 500 cm –Mv gezet en zijn verricht met behulp van een mechanische aangedreven Avegaarboor met een diameter van 14,5 cm. Hierbij is de bodemopbouw beschreven aan de hand van NEN5104 en de ASB. Vervolgens is het archeologisch relevante niveau, de vegetatieniveau van de top van de oeverafzettingen, bemonsterd. De grondmonsters zijn gezeefd, waarna het residu visueel is geïnspecteerd op de aanwezigheid van archeologische indicatoren (zoals vuursteen, bot, aardewerk en houtskool). Beschrijvingen van de boringen zijn opgenomen in bijlage 6. De coördinaten van de boorpunten zijn met een dGPS uitgezet in het veld. De maaiveldhoogte van de boringen is ingemeten met een dGPS. De locatie van de boringen is weergegeven in bijlage 2. In het westen van het plangebied zijn geen boringen gezet door de aanwezigheid van aardolie- en gasleidingen. In totaal zijn 72 boringen uitgevoerd in het plangebied in het Plan van Aanpak (van den Blink, 2020).
2 van deze boringen zijn uiteindelijk niet gezet (boringen 71 en 72), omdat de omstandigheden ter plaatse dit niet toestonden. Op deze plekken waren namelijk bosschages aanwezig waardoor het ontoegankelijk was voor de Avegaarboor. Daarnaast is één boring na meerdere pogingen gestaakt vanwege de aanwezigheid van puin in de ondergrond (boring 2). Hierdoor zijn plaatselijk delen van het terrein niet onderzocht.
12
6. Resultaten veldonderzoek Veldwaarnemingen Het maaiveld in het plangebied is relatief vlak. Het terrein is ten tijde van het veldonderzoek braakliggend. Het eerde aanwezige kantoorpand is reeds gesloopt. Twee foto’s van het plangebied zijn weergegeven in figuur 2.
Figuur 2: Foto's van het plangebied ten tijde van het veldonderzoek.
Lithologie en bodemopbouw Om een beeld te krijgen van de ondergrond in het plangebied is een hoogtemodel van de diepte van de beddingafzettingen gemaakt (bijlage 3). Tevens is er lithologisch profiel gemaakt van de bodemopbouw over een oost-west gelegen raai om te onderzoeken of er variatie aanwezig is binnen de oeverafzettingen en of er sprake is van geulafzettingen (bijlage 4). Het profiel ondersteunt de bevindingen van het verkennend booronderzoek, waaruit bleek dat in het oosten van het plangebied geulafzettingen aanwezig zijn. Dit wordt tevens ondersteund door de dieptekaart van de beddingafzettingen. Globaal gezien bestaat de ondergrond van het plangebied uit oeverafzettingen gelegen op beddingafzettingen van de Wiersch stroomgordel. Deze afzettingen zijn afgedekt met veen behorende tot het Hollandveen (Formatie van Nieuwkoop), dat vervolgens zijn afgedekt met komafzettingen van de Jutphaas stroomgordel. Onderin de meeste boringen is zwak siltig, matig fijn, matig humeus, kalkloos zand aangetroffen dat grijs van kleur is en in sommige boringen roest- en/of mangaanvlekken bevat. Het betreft beddingzand van de Wiersch stroomgordel dat is aangetroffen op een diepte van 231 tot 475 cm -Mv (1,69 tot 4,44 m -NAP). In vier boringen is het beddingzand niet bereikt binnen de maximale boordiepte van 500 cm -Mv (boring 1, 2, 65, 66).
Mogelijk bevindt het beddingzand zich hier dieper dan de maximale boordiepte. In het hoogtemodel van de beddingafzettingen en in het lithologisch profiel is te zien dat het beddingzand in het oosten van het plangebied iets hoger is gelegen dan in het westen. Dit bevestigd de interpretatie uit het verkennend booronderzoek dat het plangebied aan de westkant van de rivier heeft gelegen. Dit beddingzand wordt in alle boringen afgedekt door een pakket zwak siltige tot sterk zandige klei die grijs van kleur is. Daarnaast is deze klei kalkloos en bevat in de top ijzerconcreties. Het betreft hier de oeverafzettingen van de Wiersch stroomgordel. Deze is gelegen op een diepte van 213 tot 363 cm -Mv (1,66 tot 3,19 m -NAP). De top van de oeverafzettingen is bemonsterd voor archeologische indicatoren. Deze monsters zijn geregistreerd als M1.
13
Op het oeverafzettingen is zwak kleiig veen gelegen. Dit veen is zwak tot sterk kleiig en bevat houtresten. Het veen is afgezet na het inactief worden van de Wiersch stroomgordel en heeft de oever- en beddingafzettingen helemaal bedekt. De top van het veen is gelegen op een diepte van 138 tot 438 cm -Mv (0,91 tot 3,95 m -NAP). Het veen is afgedekt met matig tot sterk siltige, grijs tot donkergrijze kalkloze klei die in sommige boringen zwak tot matig humeus is en sporen van plantenresten bevat. Het betreft hier de komafzettingen van de Jutphaas stroomgordel, waarvan de geul zelf buiten het plangebied heeft gelegen. Humeuze lagen binnen deze komafzettingen zijn eveneens bemonsterd als M2, het betreft hier namelijk mogelijke niveaus die langer aan het oppervlak hebben gelegen en mogelijk een aantrekkelijke bewoningslocatie vormden. De top van deze afzettingen is aangetroffen op een diepte van 0 tot 163 cm -Mv (+0,54 tot -0,83 m NAP). De komafzettingen van de Jutphaas stroomgordel zijn in de meeste boringen afgedekt met zwak siltig, matig grindig zand. Dit zand is opgebracht bij de bouw van het inmiddels gesloopte kantoorpand dat in het plangebied heeft gestaan. Archeologische indicatoren Van de 72 gezette boringen zijn er in totaal 115 monsters genomen. Deze zijn gezeefd over een zeef met een maaswijdte van 2 mm en vervolgens gesplitst op zoek naar archeologische indicatoren.
Een volledig overzicht van de categorieën waarin de monsters zijn opgesplitst is opgenomen in bijlage 5. In tabel 1 is per splitscategorie het aantal vondsten opgesomd. Tabel 1: Splitsvondsten per categorie.
Splitscategorie Vuursteen (SVU) Houtskool (OPHK) Glas (GLS) Schelp (OSC) Dierlijk bot (ODB) Totaal
Aantal vondsten (N) 15 6 50 197 2 270
Van het aangetroffen vondstmateriaal kan de aanwezigheid van zowel het houtskool, schelp en dierlijk bot worden verklaard door een natuurlijke voorsprong. Houtskool kan weliswaar wijzen op menselijke activiteit, om de aanwezigheid van een archeologische vindplaats aan te tonen dient het echter gevonden te worden in combinatie met vondsten die enkel een antropogene oorsprong kunnen hebben. Dit is het geval voor de overige twee vondstcategorieën: glas en vuursteen. Aangezien het glas compleet doorzichtig, kleurloos of groen glas betreft, kan worden geconcludeerd dat dit een recente oorsprong heeft. Daarnaast is glas niet te verwachten in de periode MesolithicumNeolithicum. Vuursteen is daarentegen, als het sporen van menselijke bewerking bevat, wel een indicatoren van een archeologische vindplaats en wordt ook verwacht op vindplaatsen uit het Mesolithicum en Neolithicum. In alle monsters waarin vuursteen is gevonden in de bovengenoemde monsters, was het vuursteen echter sterk afgerond en bevatte het geen bewerkingssporen. Aangezien vuursteen meegevoerd kan zijn met rivieren, wat voor afronding van het materiaal zorgt, kan het voorkomen van vuursteen in de monsters dus worden verklaard door middel van een natuurlijke oorzaak. Tot slot zijn er twee fragmenten dierlijk bot aangetroffen in de monsters.
Deze fragmenten zijn echter beiden afkomstig uit de komklei van de Jutphaas stroomgordel (monster 2 van boringen 40 en 63). 14
Deze vondsten zijn daarom niet indicatief voor een archeologische vindplaats op de afzettingen van de Wiersch stroomgordel. Archeologische interpretatie Aan de hand van de gegevens van het karterend booronderzoek blijkt dat er geen sprake is van een archeologische vindplaats in het plangebied. Het ontbreken van archeologische indicatoren in de monsters laten zien dat er geen archeologische resten aanwezig zijn in de ondergrond van het plangebied. De vondsten die zijn gedaan uit de genomen monsters vallen allen te verklaren door een natuurlijke oorsprong. De archeologische verwachting van het plangebied kan dan ook bijgesteld worden naar laag.
15
7. Beantwoording onderzoeksvragen 1.
Zijn er in het plangebied archeologische indicatoren aangetroffen? Zo ja, welke, en op welke diepte ten opzichte van het maaiveld en het NAP? Wat is de aard van de afzettingen waarin de indicatoren zijn aangetroffen? Er zijn geen archeologische indicatoren aangetroffen. Alle aangetroffen vondsten zijn namelijk van recente of natuurlijke oorsprong. Deze vondsten zijn daarom niet indicatief voor een archeologische vindplaats in het plangebied.
2.
Is er sprake van een archeologische vindplaats? Zo ja, wat is hiervan de diepteligging, omvang, aard, ouderdom, gaafheid en conservering? Konden de begrenzingen van de vindplaats voldoende worden vastgesteld. Gezien het ontbreken van archeologische indicatoren is er in het gehele plangebied geen sprake van een vindplaats.
3.
Dient de archeologische verwachting te worden bijgesteld op basis van het karterend booronderzoek? De hoge archeologische verwachting uit voorgaande onderzoeken kan worden bijgesteld naar laag vanwege het ontbreken van een archeologische vindplaats in het gehele plangebied.
4.
In hoeverre worden archeologische resten bedreigd door de planontwikkeling? Gezien er geen sprake is van archeologische resten in de ondergrond van het plangebied kunnen deze niet worden bedreigd door de planontwikkeling.
5.
Is vervolgonderzoek noodzakelijk en welke methodes moeten hierbij ingezet? Er is geen vervolgonderzoek noodzakelijk in het plangebied. Transect b.v. adviseert tot vrijgave van het plangebied voor de voorgenomen planontwikkeling.
16
8. Conclusies en advies Conclusie Op basis van de gegevens van het karterende booronderzoek kan de hoge archeologische verwachting die voor het plangebied was opgesteld in voorgaand onderzoek worden bijgesteld naar laag. Gezien het ontbreken van archeologische indicatoren is er geen sprake van een archeologische vindplaats in het plangebied. Advies In het plangebied bestaat het voornemen om nieuwbouw te realiseren. Om dit mogelijk te maken, is een bestemmingsplanwijziging nodig. Naar aanleiding van dit onderzoek is de archeologische verwachting bijgesteld naar laag. Wij adviseren daarom geen vervolgonderzoek noodzakelijk te stellen, alvorens de plannen te realiseren. Wél adviseren wij de initiatiefnemer te wijzen op de wettelijke meldplicht (conform de Erfgoedwet 2016, artikel 5.10 en 5.11) om archeologische vondsten direct te melden bij de bevoegde overheid (gemeente Nieuwegein). Het is aan de bevoegde overheid, de gemeente Nieuwegein, om op basis van de resultaten van dit onderzoek en het afgegeven advies een selectiebesluit te nemen.
17
9. Geraadpleegde bronnen Archeologische kaarten en databestanden • Archeologische Monumenten Kaart (AMK), Rijksdienst voor Cultureel erfgoed (RCE), Amersfoort, 2007. • Archeologisch Informatie Systeem (Archis3), Rijksdienst voor Cultureel erfgoed (RCE), Amersfoort, 2016. • www.ahn.nl • www.ruimtelijkeplannen.nl • www.planviewer.nl • www.topotijdreis.nl • www.bodemloket.nl • www.dinoloket.nl • www.edugis.nl Lijst van figuren en tabellen Figuur 1. Ligging van het plangebied (rood omlijnd) op een topografische kaart. Bron topografische kaart: www.pdok.nl. ................................................................................................................................. 9 Figuur 2: Foto's van het plangebied ten tijde van het veldonderzoek. Links het oosten van het plangebied gezien in noordelijke richting en rechts het plangebied gezien vanaf boring 5 in oostelijke richting. .............................................................................................. Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Tabel 1: Splitsvondsten per categorie. .................................................................................................... 13 Literatuur Blink, F. van den, 2020. Plan van Aanpak Nieuwegein, Buizerdlaan 12. Inventariserend veldonderzoek, karterende fase.. Transect, Nieuwegein. Nales, T., 2019. Nieuwegein, Buizerdlaan 12, Gemeente Nieuwegein (UT).
Een Archeologisch Bureauonderzoek BO) en Inventariserend Veldonderzoek (IVO), verkennende fase. Transect Rapport 2204.
18
Toekomstige situatie
19
Boorpuntenkaart
20
Hoogtemodel top beddingafzettingen
21
Lithologisch profiel
22
Archeologische indicatoren Boring 1 2 3 4 5 6 7 8 8 9 9 10 11 12 13 14 14 15 16 16 17 17 18 19 19 20 20 21 21 22 23 24 24 25 26 26 27 27 28 28 29 29 30 31 31 32 32 33 34 34 35
Monster 1 1 1 1 1 1 1 1 2 1 2 1 1 1 1 1 2 1 1 2 1 2 1 1 2 1 2 1 2 1 1 1 2 1 1 2 1 2 1 2 1 2 1 1 2 1 2 1 1 2 1
Glas
Schelp
2 2 5
2
Dierlijk bot
Vuursteen
Houtskool
Overig
Opmerkingen
3
1
4 1 2
2 14 12
plastic
1
1
15 29
1
3 2 3 5 6 2 1
22 48 1 3 5 6 1 5
1
1 2 1
2 23
Boring 35 36 37 38 38 39 40 40 41 41 42 42 43 43 44 44 45 46 46 47 47 48 48 49 49 50 51 51 52 52 53 53 54 54 55 55 56 56 57 58 58 59 59 60 60 61 61 62 62 63 63 64 65
Monster 2 1 1 1 2 1 1 2 1 2 1 2 1 2 1 2 1 1 2 1 2 1 2 1 2 1 1 2 1 2 1 2 1 2 1 2 1 2 1 1 2 1 2 1 2 1 2 1 2 1 2 1 1
Glas
Schelp 2 1
1
1
Dierlijk bot
Vuursteen
Houtskool
Overig
Opmerkingen
3
1 2
2
2
1 1
2 1 1 1
2 1 4
zaadje
1 1
1
1 1 1 1
1
24
Boring 65 66 67 67 68 69 69 70 73 73 74 74
Monster 2 1 1 2 1 1 2 1 1 2 1 2
Glas
Schelp 5
Dierlijk bot
Vuursteen
Houtskool
Overig
Opmerkingen
1 1 1
2 1
1 1 1
1 2
25
Boorstaten
26
boring: 10000-1 beschrijver: LJOL, datum: 22-12-2020, X: 133.100, Y: 448.693, precisie locatie: 1 m, coördinaatsysteem: Rijksdriehoeksmeting, kaartblad: 38F, hoogte: 0,43, precisie hoogte: 1 cm, referentievlak: Normaal Amsterdams Peil, methode hoogtebepaling: GPS, boortype: Avegaar 145 mm, doel boring: archeologie - kartering, provincie: Utrecht, gemeente: Nieuwegein, plaatsnaam: Nieuwegein, opdrachtgever: BPD Ontwikkeling, uitvoerder: Transect b.v.
0 cm -Mv / 0,43 m +NAP Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, matig grof, kalkloos
50 cm -Mv / 0,07 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: erosief (<0,3 cm) Lithologie: klei, matig siltig, matig humeus, lichtgrijs, kleibrokken, kalkloos
125 cm -Mv / 0,82 m -NAP Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, kleibrokken, kalkloos
188 cm -Mv / 1,45 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: klei, matig zandig, grijs, kalkloos
263 cm -Mv / 2,20 m -NAP Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, matig grof, kalkloos
438 cm -Mv / 3,95 m -NAP Lithologie: veen, mineraalarm, donkerbruin, kalkloos Opmerking: M1
475 cm -Mv / 4,32 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, matig humeus, donkerbruingrijs, kalkloos Opmerking: M1
Einde boring op 500 cm -Mv / 4,57 m -NAP
1
boring: 10000-2 beschrijver: LJOL, datum: 22-12-2020, X: 133.113, Y: 448.695, precisie locatie: 1 m, coördinaatsysteem: Rijksdriehoeksmeting, kaartblad: 38F, hoogte: 0,44, precisie hoogte: 1 cm, referentievlak: Normaal Amsterdams Peil, methode hoogtebepaling: GPS, boortype: Avegaar 145 mm, doel boring: archeologie - kartering, provincie: Utrecht, gemeente: Nieuwegein, plaatsnaam: Nieuwegein, opdrachtgever: BPD Ontwikkeling, uitvoerder: Transect b.v.
0 cm -Mv / 0,44 m +NAP Lithologie: klei, matig zandig, bruin, enkele zandlagen, spoor plantenresten, kalkloos Bodemkundig: veel Fe-vlekken
50 cm -Mv / 0,06 m -NAP Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, matig fijn, kalkloos Bodemkundig: veel Fe-vlekken
138 cm -Mv / 0,94 m -NAP Lithologie: veen, mineraalarm, donkerbruin, kalkloos Bodemkundig: veel Fe-vlekken Opmerking: M1
Einde boring op 163 cm -Mv / 1,19 m -NAP
2
boring: 10000-3 beschrijver: LJOL, datum: 22-12-2020, X: 133.125, Y: 448.698, precisie locatie: 1 m, coördinaatsysteem: Rijksdriehoeksmeting, kaartblad: 38F, hoogte: 0,43, precisie hoogte: 1 cm, referentievlak: Normaal Amsterdams Peil, methode hoogtebepaling: GPS, boortype: Avegaar 145 mm, doel boring: archeologie - kartering, provincie: Utrecht, gemeente: Nieuwegein, plaatsnaam: Nieuwegein, opdrachtgever: BPD Ontwikkeling, uitvoerder: Transect b.v.
0 cm -Mv / 0,43 m +NAP Lithologie: zand, zwak siltig, bruingrijs, kleibrokken, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
50 cm -Mv / 0,07 m -NAP Lithologie: klei, matig siltig, blauwgrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
125 cm -Mv / 0,82 m -NAP Lithologie: klei, matig siltig, blauwgrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
150 cm -Mv / 1,07 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, grijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
213 cm -Mv / 1,70 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, bruingrijs, enkele zandlagen, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: geband
300 cm -Mv / 2,57 m -NAP Lithologie: veen, sterk kleiig, donkerbruingrijs, amorf veen, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: M1
325 cm -Mv / 2,82 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, matig humeus, donkergrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: M1
338 cm -Mv / 2,95 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, grijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
413 cm -Mv / 3,70 m -NAP Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, matig fijn, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
Einde boring op 425 cm -Mv / 3,82 m -NAP
3
boring: 10000-4 beschrijver: LJOL, datum: 22-12-2020, X: 133.138, Y: 448.700, precisie locatie: 1 m, coördinaatsysteem: Rijksdriehoeksmeting, kaartblad: 38F, hoogte: 0,42, precisie hoogte: 1 cm, referentievlak: Normaal Amsterdams Peil, methode hoogtebepaling: GPS, boortype: Avegaar 145 mm, doel boring: archeologie - kartering, provincie: Utrecht, gemeente: Nieuwegein, plaatsnaam: Nieuwegein, opdrachtgever: BPD Ontwikkeling, uitvoerder: Transect b.v.
0 cm -Mv / 0,42 m +NAP Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, kleibrokken, matig grof, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
125 cm -Mv / 0,83 m -NAP Lithologie: zand, zwak siltig, matig grindig, kleibrokken, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
163 cm -Mv / 1,21 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, grijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
263 cm -Mv / 2,21 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, zwak humeus, grijs, spoor plantenresten, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: M1
300 cm -Mv / 2,58 m -NAP Lithologie: veen, sterk kleiig, donkerbruingrijs, amorf veen, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: M1
325 cm -Mv / 2,83 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, matig humeus, donkerbruingrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
363 cm -Mv / 3,21 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, grijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
375 cm -Mv / 3,33 m -NAP Lithologie: zand, zwak siltig, zwak humeus, grijs, matig fijn, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
Einde boring op 413 cm -Mv / 3,71 m -NAP
4
boring: 10000-5 beschrijver: LJOL, datum: 22-12-2020, X: 133.151, Y: 448.702, precisie locatie: 1 m, coördinaatsysteem: Rijksdriehoeksmeting, kaartblad: 38F, hoogte: 0,49, precisie hoogte: 1 cm, referentievlak: Normaal Amsterdams Peil, methode hoogtebepaling: GPS, boortype: Avegaar 145 mm, doel boring: archeologie - kartering, provincie: Utrecht, gemeente: Nieuwegein, plaatsnaam: Nieuwegein, opdrachtgever: BPD Ontwikkeling, uitvoerder: Transect b.v.
0 cm -Mv / 0,49 m +NAP Lithologie: zand, zwak siltig, kleibrokken, matig fijn, kalkloos Bodemkundig: veel Fe-vlekken
125 cm -Mv / 0,76 m -NAP Lithologie: klei, matig siltig, blauwgrijs, kalkloos Bodemkundig: veel Fe-vlekken
188 cm -Mv / 1,39 m -NAP Lithologie: veen, zwak kleiig, donkerbruin, amorf veen, spoor plantenresten, kalkloos Bodemkundig: veel Fe-vlekken
225 cm -Mv / 1,76 m -NAP Lithologie: veen, mineraalarm, donkerbruin, amorf veen, kalkloos Bodemkundig: veel Fe-vlekken
250 cm -Mv / 2,01 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, matig humeus, kalkloos Bodemkundig: veel Fe-vlekken Opmerking: vega, M1
275 cm -Mv / 2,26 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, grijs, kalkloos Bodemkundig: veel Fe-vlekken
331 cm -Mv / 2,82 m -NAP Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, matig fijn, kalkloos Bodemkundig: veel Fe-vlekken
Einde boring op 394 cm -Mv / 3,45 m -NAP
5
boring: 10000-6 beschrijver: LJOL, datum: 22-12-2020, X: 133.164, Y: 448.705, precisie locatie: 1 m, coördinaatsysteem: Rijksdriehoeksmeting, kaartblad: 38F, hoogte: 0,55, precisie hoogte: 1 cm, referentievlak: Normaal Amsterdams Peil, methode hoogtebepaling: GPS, boortype: Avegaar 145 mm, doel boring: archeologie - kartering, provincie: Utrecht, gemeente: Nieuwegein, plaatsnaam: Nieuwegein, opdrachtgever: BPD Ontwikkeling, uitvoerder: Transect b.v.
0 cm -Mv / 0,55 m +NAP Lithologie: zand, zwak siltig, matig grof, kalkloos Bodemkundig: Fe-concreties
50 cm -Mv / 0,05 m +NAP Lithologie: klei, matig siltig, blauwgrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
75 cm -Mv / 0,20 m -NAP Lithologie: klei, matig siltig, blauwgrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
150 cm -Mv / 0,95 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, matig humeus, bruin, spoor plantenresten, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: M1
175 cm -Mv / 1,20 m -NAP Lithologie: veen, sterk kleiig, donkerbruin, amorf veen, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: M1
238 cm -Mv / 1,83 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, matig humeus, donkerbruin, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: M1
250 cm -Mv / 1,95 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, grijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
288 cm -Mv / 2,33 m -NAP Lithologie: klei, matig siltig, enkele zandlagen, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
313 cm -Mv / 2,58 m -NAP Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, matig fijn, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
Einde boring op 488 cm -Mv / 4,33 m -NAP
6
boring: 10000-7 beschrijver: LJOL, datum: 22-12-2020, X: 133.109, Y: 448.680, precisie locatie: 1 m, coördinaatsysteem: Rijksdriehoeksmeting, kaartblad: 38F, hoogte: 0,35, precisie hoogte: 1 cm, referentievlak: Normaal Amsterdams Peil, methode hoogtebepaling: GPS, boortype: Avegaar 145 mm, doel boring: archeologie - kartering, provincie: Utrecht, gemeente: Nieuwegein, plaatsnaam: Nieuwegein, opdrachtgever: BPD Ontwikkeling, uitvoerder: Transect b.v.
0 cm -Mv / 0,35 m +NAP Lithologie: klei, matig siltig, lichtgrijs, zandbrokken, matig grof, kalkloos Bodemkundig: Fe-concreties
38 cm -Mv / 0,03 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, zwak humeus, donkergrijs, zandbrokken, kalkloos Bodemkundig: Fe-concreties
50 cm -Mv / 0,15 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, grijs, kalkloos Bodemkundig: Fe-concreties
125 cm -Mv / 0,90 m -NAP Lithologie: klei, sterk zandig, grijs, enkele zandlagen, kalkloos Bodemkundig: Fe-concreties
188 cm -Mv / 1,53 m -NAP Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, matig fijn, kalkloos Bodemkundig: Fe-concreties
313 cm -Mv / 2,78 m -NAP Lithologie: veen, mineraalarm, donkerbruin, amorf veen, spoor hout, kalkloos Bodemkundig: Fe-concreties Opmerking: M1
338 cm -Mv / 3,03 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, zwak humeus, grijs, spoor plantenresten, kalkloos Bodemkundig: Fe-concreties Opmerking: M1
375 cm -Mv / 3,40 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, grijs, kalkloos Bodemkundig: Fe-concreties Opmerking: geband
438 cm -Mv / 4,03 m -NAP Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, matig fijn, kalkloos Bodemkundig: Fe-concreties
Einde boring op 563 cm -Mv / 5,28 m -NAP
7
boring: 10000-8 beschrijver: LJOL, datum: 22-12-2020, X: 133.122, Y: 448.682, precisie locatie: 1 m, coördinaatsysteem: Rijksdriehoeksmeting, kaartblad: 38F, hoogte: 0,40, precisie hoogte: 1 cm, referentievlak: Normaal Amsterdams Peil, methode hoogtebepaling: GPS, boortype: Avegaar 145 mm, doel boring: archeologie - kartering, provincie: Utrecht, gemeente: Nieuwegein, plaatsnaam: Nieuwegein, opdrachtgever: BPD Ontwikkeling, uitvoerder: Transect b.v.
0 cm -Mv / 0,40 m +NAP Lithologie: klei, matig zandig, blauwgrijs, zandbrokken, kalkloos Bodemkundig: Fe-concreties
5 cm -Mv / 0,35 m +NAP Lithologie: klei, matig zandig, blauwgrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
88 cm -Mv / 0,48 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, zwak humeus, donkergrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: M2
125 cm -Mv / 0,85 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, grijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
213 cm -Mv / 1,73 m -NAP Lithologie: veen, zwak kleiig, donkerbruingrijs, amorf veen, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
225 cm -Mv / 1,85 m -NAP Lithologie: klei, zwak zandig, grijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
250 cm -Mv / 2,10 m -NAP Lithologie: veen, sterk kleiig, donkerbruingrijs, amorf veen, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: M1
288 cm -Mv / 2,48 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, matig humeus, donkergrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: M1
300 cm -Mv / 2,60 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, blauwgrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
325 cm -Mv / 2,85 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, lichtgrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
413 cm -Mv / 3,73 m -NAP Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, matig grof, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
Einde boring op 475 cm -Mv / 4,35 m -NAP
8
boring: 10000-9 beschrijver: LJOL, datum: 22-12-2020, X: 133.134, Y: 448.684, precisie locatie: 1 m, coördinaatsysteem: Rijksdriehoeksmeting, kaartblad: 38F, hoogte: 0,45, precisie hoogte: 1 cm, referentievlak: Normaal Amsterdams Peil, methode hoogtebepaling: GPS, boortype: Avegaar 145 mm, doel boring: archeologie - kartering, provincie: Utrecht, gemeente: Nieuwegein, plaatsnaam: Nieuwegein, opdrachtgever: BPD Ontwikkeling, uitvoerder: Transect b.v.
0 cm -Mv / 0,45 m +NAP Lithologie: zand, zwak siltig, bruingrijs, kleibrokken, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
75 cm -Mv / 0,30 m -NAP Lithologie: klei, matig siltig, blauwgrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
100 cm -Mv / 0,55 m -NAP Lithologie: klei, matig siltig, zwak humeus, donkergrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: M2
138 cm -Mv / 0,93 m -NAP Lithologie: klei, matig siltig, grijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
238 cm -Mv / 1,93 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, donkerbruingrijs, amorf veen, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
263 cm -Mv / 2,18 m -NAP Lithologie: veen, sterk kleiig, donkerbruin, amorf veen, spoor hout, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
325 cm -Mv / 2,80 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, sterk humeus, donkergrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
338 cm -Mv / 2,93 m -NAP Lithologie: veen, sterk kleiig, donkerbruin, amorf veen, spoor hout, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: M1
363 cm -Mv / 3,18 m -NAP Lithologie: klei, zwak zandig, lichtgrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: M1
388 cm -Mv / 3,43 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, grijs, enkele zandlagen, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
413 cm -Mv / 3,68 m -NAP Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, matig grof, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
Einde boring op 525 cm -Mv / 4,80 m -NAP
9
boring: 10000-10 beschrijver: LJOL, datum: 22-12-2020, X: 133.147, Y: 448.686, precisie locatie: 1 m, coördinaatsysteem: Rijksdriehoeksmeting, kaartblad: 38F, hoogte: 0,51, precisie hoogte: 1 cm, referentievlak: Normaal Amsterdams Peil, methode hoogtebepaling: GPS, boortype: Avegaar 145 mm, doel boring: archeologie - kartering, provincie: Utrecht, gemeente: Nieuwegein, plaatsnaam: Nieuwegein, opdrachtgever: BPD Ontwikkeling, uitvoerder: Transect b.v.
0 cm -Mv / 0,51 m +NAP Lithologie: zand, zwak siltig, zwak grindig, grijs, kleibrokken, matig grof, kalkloos
125 cm -Mv / 0,74 m -NAP Lithologie: klei, matig siltig, grijs, kalkloos
188 cm -Mv / 1,37 m -NAP Lithologie: veen, mineraalarm, donkerbruin, amorf veen, spoor hout, kalkloos
238 cm -Mv / 1,87 m -NAP Lithologie: veen, sterk kleiig, donkerbruingrijs, amorf veen, spoor hout, kalkloos Opmerking: M1
263 cm -Mv / 2,12 m -NAP Lithologie: klei, zwak zandig, zwak humeus, donkergrijs, kalkloos Opmerking: M1
275 cm -Mv / 2,24 m -NAP Lithologie: klei, zwak zandig, grijs, kalkloos
325 cm -Mv / 2,74 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, grijs, enkele zandlagen, kalkloos
375 cm -Mv / 3,24 m -NAP Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, matig grof, kalkloos
Einde boring op 500 cm -Mv / 4,49 m -NAP
10
boring: 10000-11 beschrijver: LJOL, datum: 22-12-2020, X: 133.160, Y: 448.689, precisie locatie: 1 m, coördinaatsysteem: Rijksdriehoeksmeting, kaartblad: 38F, hoogte: 0,47, precisie hoogte: 1 cm, referentievlak: Normaal Amsterdams Peil, methode hoogtebepaling: GPS, boortype: Avegaar 145 mm, doel boring: archeologie - kartering, provincie: Utrecht, gemeente: Nieuwegein, plaatsnaam: Nieuwegein, opdrachtgever: BPD Ontwikkeling, uitvoerder: Transect b.v.
0 cm -Mv / 0,47 m +NAP Lithologie: zand, zwak siltig, grijsbruin, zandbrokken, kalkloos Opmerking: rbsbr
100 cm -Mv / 0,53 m -NAP Lithologie: klei, matig siltig, blauwgrijs, kalkloos
138 cm -Mv / 0,91 m -NAP Lithologie: veen, zwak kleiig, donkerbruin, amorf veen, spoor hout, kalkloos
163 cm -Mv / 1,16 m -NAP Lithologie: veen, zwak kleiig, donkerbruingrijs, amorf veen, spoor hout, kalkloos Opmerking: M1
213 cm -Mv / 1,66 m -NAP Lithologie: klei, sterk siltig, matig humeus, donkergrijs, kalkloos Opmerking: M1
238 cm -Mv / 1,91 m -NAP Lithologie: klei, sterk siltig, grijs, spoor hout, kalkloos
275 cm -Mv / 2,28 m -NAP Lithologie: klei, zwak zandig, grijs, enkele zandlagen, kalkloos
313 cm -Mv / 2,66 m -NAP Lithologie: klei, sterk zandig, grijs, enkele zandlagen, kalkloos
350 cm -Mv / 3,03 m -NAP Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, matig grof, kalkloos
Einde boring op 463 cm -Mv / 4,16 m -NAP
11
boring: 10000-12 beschrijver: LJOL, datum: 22-12-2020, X: 133.173, Y: 448.691, precisie locatie: 1 m, coördinaatsysteem: Rijksdriehoeksmeting, kaartblad: 38F, hoogte: 0,54, precisie hoogte: 1 cm, referentievlak: Normaal Amsterdams Peil, methode hoogtebepaling: GPS, boortype: Avegaar 145 mm, doel boring: archeologie - kartering, provincie: Utrecht, gemeente: Nieuwegein, plaatsnaam: Nieuwegein, opdrachtgever: BPD Ontwikkeling, uitvoerder: Transect b.v.
0 cm -Mv / 0,54 m +NAP Lithologie: klei, sterk zandig, grijs, zandbrokken, kalkloos
38 cm -Mv / 0,16 m +NAP Lithologie: klei, matig siltig, blauwgrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
88 cm -Mv / 0,34 m -NAP Lithologie: klei, matig siltig, grijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
188 cm -Mv / 1,34 m -NAP Lithologie: veen, mineraalarm, donkerbruin, amorf veen, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
213 cm -Mv / 1,59 m -NAP Lithologie: veen, sterk kleiig, donkerbruin, amorf veen, spoor hout, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: M1
250 cm -Mv / 1,96 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, matig humeus, donkergrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: M1
263 cm -Mv / 2,09 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, grijs, spoor plantenresten, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
300 cm -Mv / 2,46 m -NAP Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, matig grof, spoor plantenresten, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
Einde boring op 400 cm -Mv / 3,46 m -NAP
12
boring: 10000-13 beschrijver: LJOL, datum: 22-12-2020, X: 133.108, Y: 448.665, precisie locatie: 1 m, coördinaatsysteem: Rijksdriehoeksmeting, kaartblad: 38F, hoogte: 0,31, precisie hoogte: 1 cm, referentievlak: Normaal Amsterdams Peil, methode hoogtebepaling: GPS, boortype: Avegaar 145 mm, doel boring: archeologie - kartering, provincie: Utrecht, gemeente: Nieuwegein, plaatsnaam: Nieuwegein, opdrachtgever: BPD Ontwikkeling, uitvoerder: Transect b.v.
0 cm -Mv / 0,31 m +NAP Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, kleibrokken, schelpengruis, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
125 cm -Mv / 0,94 m -NAP Lithologie: klei, matig siltig, blauwgrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
138 cm -Mv / 1,07 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, grijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: M1
200 cm -Mv / 1,69 m -NAP Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, matig fijn, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
338 cm -Mv / 3,07 m -NAP Lithologie: veen, mineraalarm, donkerbruin, amorf veen, spoor hout, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
350 cm -Mv / 3,19 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, grijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: geband
475 cm -Mv / 4,44 m -NAP Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, matig grof, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
Einde boring op 513 cm -Mv / 4,82 m -NAP
13
boring: 10000-14 beschrijver: LJOL, datum: 22-12-2020, X: 133.118, Y: 448.666, precisie locatie: 1 m, coördinaatsysteem: Rijksdriehoeksmeting, kaartblad: 38F, hoogte: 0,39, precisie hoogte: 1 cm, referentievlak: Normaal Amsterdams Peil, methode hoogtebepaling: GPS, boortype: Avegaar 145 mm, doel boring: archeologie - kartering, provincie: Utrecht, gemeente: Nieuwegein, plaatsnaam: Nieuwegein, opdrachtgever: BPD Ontwikkeling, uitvoerder: Transect b.v.
0 cm -Mv / 0,39 m +NAP Lithologie: zand, zwak siltig, bruingrijs, kleibrokken, matig grof, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
50 cm -Mv / 0,11 m -NAP Lithologie: klei, matig siltig, blauwgrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
113 cm -Mv / 0,74 m -NAP Lithologie: klei, sterk siltig, zwak humeus, grijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: M2
138 cm -Mv / 0,99 m -NAP Lithologie: klei, sterk siltig, lichtblauwgrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
213 cm -Mv / 1,74 m -NAP Lithologie: klei, matig siltig, zwak humeus, grijs, weinig plantenresten, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
238 cm -Mv / 1,99 m -NAP Lithologie: veen, mineraalarm, donkerbruin, amorf veen, spoor hout, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
263 cm -Mv / 2,24 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
300 cm -Mv / 2,61 m -NAP Lithologie: veen, sterk kleiig, donkerbruingrijs, amorf veen, spoor hout, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: M1
338 cm -Mv / 2,99 m -NAP Lithologie: klei, matig zandig, grijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
388 cm -Mv / 3,49 m -NAP Lithologie: klei, sterk zandig, grijs, enkele zandlagen, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
463 cm -Mv / 4,24 m -NAP Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, matig grof, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
Einde boring op 525 cm -Mv / 4,86 m -NAP
14
boring: 10000-15 beschrijver: LJOL, datum: 22-12-2020, X: 133.131, Y: 448.668, precisie locatie: 1 m, coördinaatsysteem: Rijksdriehoeksmeting, kaartblad: 38F, hoogte: 0,47, precisie hoogte: 1 cm, referentievlak: Normaal Amsterdams Peil, methode hoogtebepaling: GPS, boortype: Avegaar 145 mm, doel boring: archeologie - kartering, provincie: Utrecht, gemeente: Nieuwegein, plaatsnaam: Nieuwegein, opdrachtgever: BPD Ontwikkeling, uitvoerder: Transect b.v.
0 cm -Mv / 0,47 m +NAP Lithologie: zand, zwak siltig, bruingeel, zandbrokken, matig grof, schelpfragment, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
100 cm -Mv / 0,53 m -NAP Lithologie: klei, matig siltig, blauwgrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
138 cm -Mv / 0,91 m -NAP Lithologie: klei, matig siltig, donkergrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
163 cm -Mv / 1,16 m -NAP Lithologie: klei, matig siltig, grijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
213 cm -Mv / 1,66 m -NAP Lithologie: veen, sterk kleiig, grijsbruin, amorf veen, spoor hout, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
238 cm -Mv / 1,91 m -NAP Lithologie: veen, sterk kleiig, donkerbruingrijs, amorf veen, spoor hout, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
263 cm -Mv / 2,16 m -NAP Lithologie: klei, sterk siltig, matig humeus, donkergrijs, weinig plantenresten, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: venig, M1
288 cm -Mv / 2,41 m -NAP Lithologie: klei, uiterst siltig, grijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
325 cm -Mv / 2,78 m -NAP Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, matig grof, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
Einde boring op 488 cm -Mv / 4,41 m -NAP
15
boring: 10000-16 beschrijver: LJOL, datum: 22-12-2020, X: 133.143, Y: 448.670, precisie locatie: 1 m, coördinaatsysteem: Rijksdriehoeksmeting, kaartblad: 38F, hoogte: 0,36, precisie hoogte: 1 cm, referentievlak: Normaal Amsterdams Peil, methode hoogtebepaling: GPS, boortype: Avegaar 145 mm, doel boring: archeologie - kartering, provincie: Utrecht, gemeente: Nieuwegein, plaatsnaam: Nieuwegein, opdrachtgever: BPD Ontwikkeling, uitvoerder: Transect b.v.
0 cm -Mv / 0,36 m +NAP Lithologie: zand, zwak siltig, grijsbruin, kleibrokken, matig grof, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
100 cm -Mv / 0,64 m -NAP Lithologie: klei, matig siltig, blauwgrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
125 cm -Mv / 0,89 m -NAP Lithologie: klei, matig siltig, zwak humeus, donkerbruingrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: M2
150 cm -Mv / 1,14 m -NAP Lithologie: klei, matig siltig, grijs, spoor plantenresten, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: M2
200 cm -Mv / 1,64 m -NAP Lithologie: klei, sterk siltig, zwak humeus, bruingrijs, weinig plantenresten, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
225 cm -Mv / 1,89 m -NAP Lithologie: veen, sterk kleiig, donkerbruingrijs, amorf veen, spoor hout, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
250 cm -Mv / 2,14 m -NAP Lithologie: veen, zwak kleiig, donkerbruin, amorf veen, spoor hout, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: M1
275 cm -Mv / 2,39 m -NAP Lithologie: klei, matig siltig, matig humeus, donkergrijs, spoor plantenresten, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: M1
300 cm -Mv / 2,64 m -NAP Lithologie: klei, uiterst siltig, grijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
325 cm -Mv / 2,89 m -NAP Lithologie: klei, sterk siltig, grijs, spoor plantenresten, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
375 cm -Mv / 3,39 m -NAP Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, matig grof, spoor plantenresten, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
388 cm -Mv / 3,52 m -NAP Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, matig grof, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
Einde boring op 513 cm -Mv / 4,77 m -NAP
16
boring: 10000-17 beschrijver: LJOL, datum: 22-12-2020, X: 133.156, Y: 448.673, precisie locatie: 1 m, coördinaatsysteem: Rijksdriehoeksmeting, kaartblad: 38F, hoogte: 0,49, precisie hoogte: 1 cm, referentievlak: Normaal Amsterdams Peil, methode hoogtebepaling: GPS, boortype: Avegaar 145 mm, doel boring: archeologie - kartering, provincie: Utrecht, gemeente: Nieuwegein, plaatsnaam: Nieuwegein, opdrachtgever: BPD Ontwikkeling, uitvoerder: Transect b.v.
0 cm -Mv / 0,49 m +NAP Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, kleibrokken, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
63 cm -Mv / 0,14 m -NAP Lithologie: klei, matig siltig, blauwgrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
100 cm -Mv / 0,51 m -NAP Lithologie: klei, sterk siltig, zwak humeus, donkergrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: M2
125 cm -Mv / 0,76 m -NAP Lithologie: klei, sterk siltig, grijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
175 cm -Mv / 1,26 m -NAP Lithologie: klei, sterk siltig, zwak humeus, bruingrijs, spoor plantenresten, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
200 cm -Mv / 1,51 m -NAP Lithologie: veen, mineraalarm, donkerbruingrijs, amorf veen, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: M1
238 cm -Mv / 1,89 m -NAP Lithologie: klei, sterk siltig, matig humeus, donkergrijs, spoor plantenresten, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: M1
250 cm -Mv / 2,01 m -NAP Lithologie: klei, sterk siltig, lichtblauwgrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
300 cm -Mv / 2,51 m -NAP Lithologie: klei, sterk zandig, grijs, enkele zandlagen, matig grof, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
375 cm -Mv / 3,26 m -NAP Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, matig grof, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
Einde boring op 488 cm -Mv / 4,39 m -NAP
17
boring: 10000-18 beschrijver: LJOL, datum: 22-12-2020, X: 133.169, Y: 448.675, precisie locatie: 1 m, coördinaatsysteem: Rijksdriehoeksmeting, kaartblad: 38F, hoogte: 0,46, precisie hoogte: 1 cm, referentievlak: Normaal Amsterdams Peil, methode hoogtebepaling: GPS, boortype: Avegaar 145 mm, doel boring: archeologie - kartering, provincie: Utrecht, gemeente: Nieuwegein, plaatsnaam: Nieuwegein, opdrachtgever: BPD Ontwikkeling, uitvoerder: Transect b.v.
0 cm -Mv / 0,46 m +NAP Lithologie: zand, zwak siltig, zwak grindig, grijsbruin, kleibrokken, schelpfragment, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
88 cm -Mv / 0,42 m -NAP Lithologie: klei, matig siltig, blauwgrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
113 cm -Mv / 0,67 m -NAP Lithologie: klei, matig siltig, zwak humeus, blauwgrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
125 cm -Mv / 0,79 m -NAP Lithologie: klei, matig siltig, grijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
188 cm -Mv / 1,42 m -NAP Lithologie: veen, sterk kleiig, donkerbruin, amorf veen, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
200 cm -Mv / 1,54 m -NAP Lithologie: veen, mineraalarm, donkerbruin, amorf veen, spoor hout, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
275 cm -Mv / 2,29 m -NAP Lithologie: klei, sterk siltig, sterk humeus, donkerbruin, spoor plantenresten, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
288 cm -Mv / 2,42 m -NAP Lithologie: veen, sterk kleiig, donkerbruingrijs, amorf veen, spoor hout, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: M1
313 cm -Mv / 2,67 m -NAP Lithologie: klei, sterk siltig, matig humeus, donkergrijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken Opmerking: M1
338 cm -Mv / 2,92 m -NAP Lithologie: klei, sterk siltig, grijs, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
375 cm -Mv / 3,29 m -NAP Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, matig grof, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken
Einde boring op 488 cm -Mv / 4,42 m -NAP
18
boring: 10000-19 beschrijver: LJOL, datum: 22-12-2020, X: 133.114, Y: 448.650, precisie locatie: 1 m, coördinaatsysteem: Rijksdriehoeksmeting, kaartblad: 38F, hoogte: 0,69, precisie hoogte: 1 cm, referentievlak: Normaal Amsterdams Peil, methode hoogtebepaling: GPS, boortype: Avegaar 145 mm, doel boring: archeologie - kartering, provincie: Utrecht, gemeente: Nieuwegein, plaatsnaam: Nieuwegein, opdrachtgever: BPD Ontwikkeling, uitvoerder: Transect b.v.
0 cm -Mv / 0,69 m +NAP Lithologie: zand, zwak siltig, lichtgrijs, matig grof, schelpengruis, kalkloos Bodemkundig: enkele Fe-vlekken