2022-429 Rvs. kadernota VRU- 2024.pdf
Tekst van het document
Gemeenteraad
Onderwerp Datum
Kadernota VRU 2024
29 november 2022
Raadsvoorstel
2022-429
Afdeling E-mailadr es opst eller k.otten@nieuwegein.nl Portefeuilleh ouder
Frans Backhuijs
Onderwerp Kadernota 2024 VRU
Gevraagd besluit 1. Een zienswijze in te dienen bij het dagelijks bestuur van de Veiligheidsregio Utrecht (VRU), met de strekking dat de gemeente Nieuwegein instemt met de kadernota 2024.
Inleiding De kadernota 2024 heeft betrekking op het eerste jaar van de nieuwe beleidsperiode 2024-2027. De voorliggende kadernota bevat geen mutatie van de gemeentelijke bijdrage, anders dan de actualisatie van de ijkpuntscores en de reguliere loon- en prijsaanpassing. Daarnaast bevat de kadernota 2024 een overzicht van actuele ontwikkelingen en risico’s die (op termijn) van invloed kunnen zijn op de gemeentelijke bijdrage. De gemeenten worden in de gelegenheid gesteld om hun zienswijze over de algemene financiële en beleidsmatige kaders naar voren te brengen. Alle zienswijzen worden betrokken bij het opstellen van de begroting van 2024. De begroting 2024 wordt in het voorjaar van 2023 opgesteld. Voordat het bestuur de begroting 2024 definitief vaststelt, wordt deze eveneens voor zienswijzen aan de gemeenten aangeboden. De gemeenten heeft daarmee twee maal de gelegenheid om invloed uit te oefenen op de begroting van de VRU. Als het ontwerp-wijzigingsbesluit GR-VRU doorgaat, zal dit het laatste jaar zijn dat de kadernota voor zienswijze wordt aangeboden. Om de informatiepositie in stand te houden, zal dan wel een kaderbrief naar de raden worden toegestuurd. Eventuele financiële effecten worden pas in de ontwerpbegroting verwerkt, nadat daar expliciete besluitvorming door het algemeen bestuur over heeft plaatsgevonden.
De gemeenteraden worden via de zienswijzeprocedure op de ontwerpbegroting in de gelegenheid gesteld om daarop een zienswijze te geven.
Bladnummer 2/5 Raadsvoorstel 29 november 2022
Gewenst effect Zorgen dat een financiële gezonde Veiligheidsregio Utrecht uitvoering kan geven aan een adequate risico/ en crisisbeheersings- en brandweerorganisatie en daarmee bijdraagt aan een veilige leefomgeving in Nieuwegein.
Argumenten 1.1 De mutaties van het financiële kader hebben voor het grootste deel betrekking op de loon- en prijsaanpassing In de kadernota ligt de nadruk op de ontwikkelingen die effect hebben op de hoogte van de gemeentelijke bijdrage. In totaal wordt er een bedrag van € 96,3 miljoen aan gemeentelijke bijdragen gevraagd voor 2024. Ten opzichte van de begroting 2023 bedraagt de stijging € 6,6 miljoen (7,3%). De stijging is enkel het gevolg van de reguliere loon- en prijsaanpassing. Hiervoor worden dezelfde percentages gehanteerd als waarmee de uitkering aan gemeenten via het gemeentefonds wordt geïndexeerd. De gemeenten worden hiervoor dus indirect via het gemeentefonds gecompenseerd. Voor de jaren 2023 en 2024 is een stelpost voor loonontwikkeling opgenomen, omdat de CAO 2023-2024 nog niet bekend is. 1.2 Bijstelling ijkpuntscores gemeentefonds De individuele bijdrage per gemeente in de kadernota VRU 2024 is gebaseerd op de nieuwe verdeling van het gemeentefonds. De nieuwe ijkpuntscores zijn bij het opstellen van de kadernota VRU 2024 toegepast in het verdeelmodel voor de gemeentelijke bijdrage voor het gezamenlijk basistakenpakket. Mutaties in het gemeentefonds hebben geen effect op de totale omvang van de gemeentelijke bijdrage aan de VRU; de ijkpuntscores worden alleen gebruikt om de onderlinge verdeling te bepalen.
Door de herijking van het gemeentefonds kunnen de verschuivingen per gemeente dit jaar groter zijn. Deze verschuivingen hangen echter samen met de uitkering die de gemeenten ontvangen via het gemeentefonds: een stijging van de gemeentelijke bijdrage aan de VRU is dus het gevolg van een hogere uitkering in het gemeentefonds voor het onderdeel Brandweer en Rampenbestrijding en andersom.
Kanttekeningen 1.1 Ontwikkelingen en risico’s zijn in deze kadernota zonder financieel effect op de bijdrage voor het gemeentelijk basistakenpakket verwerkt De voorliggende kadernota heeft betrekking op het eerste jaar van de nieuwe beleidsperiode 2024-2027. Voor de periode vanaf 2024 wordt de gewenste beleidsontwikkeling opgenomen in de bestuursagenda VRU 2024-2027. Het regionale risicoprofiel vormt de basis voor de bestuursagenda. Op dit moment worden de reacties van de raden op de eerste versie van het regionale risicoprofiel verzameld en wordt input gevraagd op het te voeren beleid voor de komende beleidsperiode. De focus in deze kadernota ligt op actuele ontwikkelingen en risico’s die (op termijn) van invloed kunnen zijn op de gemeentelijke bijdrage. De ontwikkelingen en risico’s zijn in deze kadernota
Bladnummer 3/5 Raadsvoorstel 29 november 2022
zonder financieel effect op de bijdrage voor het gemeentelijk basistakenpakket verwerkt. Eventuele financiële effecten worden komend voorjaar betrokken bij het opstellen van de bestuursagenda voor de beleidsperiode 2024-2027 en/of de begroting 2024. 1.2 Concessievergoeding openbaar meldsysteem (OMS) Tijdens het algemeen bestuur van 29 maart 2021 is ingestemd met het instellen van het OMS-fonds. Dit fonds voorkomt een stijging van de gemeentelijke bijdrage voor het gezamenlijk basistakenpakket (GBTP) als gevolg van het wegvallen van de OMS-opbrengsten in de beleidsperiode 20202023. In de meerjarenraming van de vastgestelde begroting stijgt vervolgens de gemeentelijke bijdrage voor het gezamenlijk basistakenpakket (GBTP) vanaf 2024 met € 1,1 miljoen. Bij zienswijzen op de begroting 2022 is door een aantal gemeenten gevraagd om het wegvallen van de OMS-opbrengsten structureel op te vangen binnen de begroting van de VRU. In het algemeen bestuur is naar aanleiding daarvan afgesproken om in aanloop naar de nieuwe beleidsperiode de bestuurlijke afweging te maken of de daling van de OMSopbrengsten vanaf 2024 via een bezuiniging moet worden opgevangen en zo ja, welke keuzes dit vergt in de taakuitvoering.
Concrete voorstellen hiervoor worden voorbereid, zodat de bestuurlijke afweging in het voorjaar van 2023 gelijktijdig met de bestuursagenda voor de komende beleidsperiode (20242027) kan plaatsvinden. De uitkomst van deze afweging wordt verwerkt in de begroting 2024 die net als de bestuursagenda voor een zienswijze wordt voorgelegd aan de gemeenteraden alvorens deze wordt vastgesteld in juli 2023. 1.3 Omgevingswet Tussen het Rijk en de bestuurlijke partners zijn afspraken gemaakt over het monitoren en evalueren van de financiële gevolgen van de stelselherziening Omgevingswet. De inzet is dat de wet budgetneutraal kan worden ingevoerd, waarbij de minister heeft afgesproken op zoek te gaan naar oplossingen als uit de financiële evaluatie blijkt dat de invoeringskosten substantieel hoger zijn dan eerder voorzien. De invoering van de Omgevingswet is wederom uitgesteld. Het rijk heeft nu als beoogde invoeringsdatum 1 juli 2023 aangekondigd. De ontwikkelingen met betrekking tot de invoering van de omgevingswet worden nauwlettend gevolgd en de verwachte consequenties voor de VRU worden indien nodig bijgesteld bij de eerstvolgende kadernota en begroting van de VRU.
Financiële aspecten Als gevolg van de wijzigingen opgenomen in de kadernota 2024 van de VRU zal de gemeentelijke bijdrage toenemen naar € 4.038.000. Zoals bovenstaand vermeld wordt de stijging ten opzichte van 2023 hoofdzakelijk veroorzaakt door loon -en prijsaanpassingen. De hogere Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR) van het Rijk aan de VRU en herijking van het gemeentefonds - waardoor de gemeente Nieuwegein relatief een lagere
Bladnummer 4/5 Raadsvoorstel 29 november 2022
verdelingsgrondslag heeft – zorgen voor een afname van de gemeentelijke bijdrage. In totaal neemt de gemeentelijke bijdrage met € 154.000 toe. In de gemeentelijke begroting is reeds rekening gehouden met de loon- en prijsaanpassingen, waardoor de verwachte bijdrage aan de VRU zoals gepresenteerd in deze kadernota past binnen de huidige ramingen. In deze kadernota zijn echter enkel de technische ontwikkelingen van het financieel kader verwerkt. De nieuwe agenda voor de beleidsperiode 20242027 staat nog niet vast en is daarmee ook nog niet financieel vertaald. Andere ontwikkelingen waaronder het wegvallen van de concessievergoeding voor het openbaar meldsysteem (OMS) en invoering van de omgevingswet leiden mogelijk ook tot extra (structurele) kosten indien deze niet binnen de eigen begroting van de VRU opgevangen kunnen worden. Bij de Bestuursagenda VRU 2024-2027 en de programmabegroting 2024 van de VRU wordt hierover meer duidelijk.
Communicatie aspecten De gemeenten worden in de gelegenheid gesteld om hun zienswijze over de algemene financiële en beleidsmatige kaders naar voren te brengen. Alle zienswijzen worden betrokken bij het opstellen van de begroting van 2024. De begroting 2024 wordt in het voorjaar van 2023 opgesteld. Voordat het bestuur de begroting 2024 definitief vaststelt, wordt deze eveneens voor zienswijzen aan de gemeenten aangeboden.
Uitvoering •
Op 31 oktober 2022 zijn de gemeentelijke adviseurs voorafgaand aan de verzending van de stukken geïnformeerd over de onderwerpen in de kadernota.
•
De Kadernota is behandeld in het Algemeen Bestuur van 7 november 2022 bestaande uit alle burgemeesters van de provincie Utrecht. Daarbij zijn de adviezen van de bestuurlijke adviescommissie Bedrijfsvoering en Financiën van de VRU en de adviescommissie Gemeentesecretarissen Veiligheid betrokken.
•
Gemeenten worden verzocht om hun reacties uiterlijk 2 februari 2023 kenbaar te maken aan het bestuur van de VRU.
•
De zienswijzen worden besproken in de vergadering van het algemeen bestuur op 6 februari 2023.
•
De uitkomst van de bespreking van de zienswijzen in het algemeen bestuur op 6 februari 2023 wordt betrokken bij het opstellen van de ontwerpbegroting 2024 die voorligt in het algemeen bestuur op 27 maart 2023.
•
De ontwerpbegroting wordt voor zienswijzen voorgelegd aan de gemeenteraden, waarna het algemeen bestuur de begroting 2024 op 3 juli 2023 vaststelt.
Bladnummer 5/5 Raadsvoorstel 29 november 2022
Bijlagen 1.
Aanbiedingsbrief.
2.
Kadernota VRU 2024.
burgemeester en wethouders,
Ellie Liebregts
Frans Backhuijs
secretaris
burgemeester