2022-371 Rvs. Participatie voor buitenplanse activiteiten.pdf
Tekst van het document
Gemeenteraad
Onderwerp Verplichte participatie Datum
Raadsvoorstel
2022-371
Afdeling E-mailadres opsteller m.pater@nieuwegein.nl Portefeuillehouder
Marieke Schouten
Onderwerp Verplichte participatie buitenplanse omgevingsplanactiviteiten Omgevingswet
Gevraagd besluit 1. Het afwegingskader voor verplichte participatie in het kader van de omgevingswet vast te stellen, waarbij: Participatie verplicht is bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten waarbij onderscheid is gemaakt in de zwaarte van de participatie op basis van veel/weinig impact op de omgeving. 2. De uitgangspunten na 2 jaar te evalueren op basis van opgedane ervaringen. 3. Het afwegingskader bedoeld in beslispunt 1, in werking te laten treden op het moment dat de Omgevingswet in werking treedt.
Inleiding De Omgevingswet stimuleert vroegtijdige participatie. Daarmee kunnen overheden op tijd belangen, meningen en creativiteit op tafel krijgen. Bij het aanvragen van een omgevingsvergunning is de aanvrager verantwoordelijk voor het naleven van de participatie regels. Hij moet aangeven of, en zo ja hoe, hij de omgeving betrokken heeft bij zijn plan en wat de resultaten hiervan zijn. Het bevoegd gezag betrekt deze informatie bij de integrale belangenafweging. De wet biedt de gemeenteraad ook de mogelijkheid participatie verplicht te stellen voor specifieke gevallen (Artikel 16.88 lid 2 onder de Ow). Met voorliggend voorstel wordt u voorgesteld een lijst van verplichte gevallen vast te stellen en kennis te nemen van de participatieleidraad voor initiatiefnemers die we hebben opgesteld als uitwerking van de participatienota.
Bladnummer 2/5 Raadsvoorstel 31 mei 2022
Gewenst effect
Het onder de Omgevingswet vergroten van de betrokkenheid van inwoners bij ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving.
Zorgvuldige besluitvorming met inachtneming van de positie van de belanghebbenden.
Het ook in de toekomst zeker stellen dat participatie heeft plaatsgevonden bij ruimtelijke ontwikkelingen die mogelijk een gemiddelde of grote invloed heeft op de omgeving.
Argumenten 1.1
Dit voorstel maakt het mogelijk om participatie verplicht te stellen, bij buitenplanse omgevingsplan-activiteiten.
De wet stelt dat participatie alleen verplicht gesteld kan worden bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten. Dit zijn activiteiten die nog niet mogelijk zijn gemaakt in het omgevingsplan. Op basis van een afweging van alle betrokken belangen (zowel ruimtelijk als maatschappelijk) besluit de gemeente of een vergunning wordt verleend of geweigerd. Bij binnenplanse activiteiten is een aanvrager alleen verplicht aan te geven dat er participatie heeft plaatsgevonden. De impact van binnenplanse activiteiten is feitelijk al meegewogen bij het vaststellen van het omgevingsplan (waar participatie op plaatsvindt). 1.2
Indien Nieuwegein geen actie onderneemt is participatie bij de omgevingsvergunning in geen enkel geval verplicht.
In dat geval moet de initiatiefnemer enkel aangeven of, en zo ja hoe, hij de omgeving betrokken heeft bij zijn plan en wat de resultaten hiervan zijn. 1.3
De participatieplicht richt zich op buitenplanse initiatieven met een gemiddelde of hoge impact op de omgeving
Nieuwegein hanteert een afwegingskader met twee categorieën op basis van een aantal uitgangspunten: Categorie 1: activiteit met lage impact: in de huidige situatie hanteren we hier ook geen participatieverplichting, omdat de impact op de aangrenzend percelen minimaal is en in soortgelijke gevallen al is afgewogen (precedent). Bijvoorbeeld: Hoge schutting of schuurtje Categorie 2: activiteit met gemiddelde en grote impact en gemeentelijke projecten (participatieverplichting) Bijvoorbeeld: transformatie kantoor naar woning of nieuwe bedrijfsbebouwing. Voor categorie 2 geldt de participatieplicht. De gemeente biedt een leidraad voor participatie voor initiatieven. De vorm van participatie gebeurt in overleg met de gemeente, maar kan niet verplicht worden gesteld. De uitgangspunten die Nieuwegein hanteert zijn hieronder opgesomd:
Bladnummer 3/5 Raadsvoorstel 31 mei 2022
De maatschappelijke economische behoefte. Hierbij wordt naar verschillende gebieden gekeken, zoals wonen, welzijn, duurzaamheid en werkgelegenheid.
De verwachte maatschappelijke gevoeligheid. Is het redelijkerwijs aan te nemen dat de activiteit maatschappelijk gevoelig is. Is er de verwachting dat het initiatief veel aandacht krijgt bij bijvoorbeeld de politiek, bij belangen- of actiegroepen of bij de pers?
Impact op de omgeving. Wat betekent de fysieke verandering voor de omgeving? Welke positieve en negatieve effecten heeft de fysieke verandering voor de omgeving?
Voor gemeentelijke initiatieven geldt dat we voor buitenplanse activiteiten altijd de hoogste categorie hanteren voor participatie. 1.4
Een aanvraag kan buiten behandeling worden gelaten indien niet aan participatieverplichting is gedaan.
Participatie is een aanvraagvereiste wat betekent dat bij de vergunningsaanvraag moeten worden aangegeven of, en zo ja hoe, participatie heeft plaatsgevonden. Het antwoord van de aanvrager kan ‘nee’ zijn en dan heeft de gemeente geen wettelijke grondslag om de aanvraag wegens onvolledigheid buiten behandeling te laten. De uitzondering hierop is de raadsbevoegdheid waar met dit voorstel invulling aan wordt gegeven. Uit het gegeven dat het een participatieverplichting betreft volgt dat die participatie dan ook een bepaalde inhoud moet hebben. De leidraad is bedoeld om daar sturing aan te geven. Overigens doorlopen de initiatieven met meer impact in de praktijk (nagenoeg) altijd een voortraject. Participatie zal vooral daar vorm krijgen, zodat de resultaten betrokken kunnen worden bij het principebesluit dat aan de vergunningaanvraag vooraf gaat. 2.1
Het afwegingskader kan naar aanleiding van de evaluatie worden
aangepast. We evalueren na twee jaar. Voor de evaluatie dienen we een minimale hoeveelheid ervaring opgedaan te hebben. We achten een periode van twee jaar passend. Dit is ook in lijn met het evaluatiemoment over de lijst met adviesrecht van de raad.
Kanttekeningen 1.1 Verplichte participatie kan invloed hebben op de snelheid waarmee een activiteit kan worden uitgevoerd. Afhankelijk van de vorm van participatie, kan de duur van participatie verschillen van enkele uren tot misschien wel maanden. Dit kan een vertragende invloed hebben op de planning van de initiatiefnemer. Echter, door vooraf uitgebreid te participeren, kan op een ander moment in het proces, tijd bespaard worden. 1.2 Er mogen geen specifieke eisen aan de vorm, het proces of de uitkomst van participatie worden gesteld. Hoewel de gemeenteraad bepaalt voor welke activiteiten participatie verplicht is, kan de gemeente de aanvrager niet verplichten tot een bepaalde vorm van participatie, een bepaald proces of een bepaalde uitkomst. Uit het gegeven dat
Bladnummer 4/5 Raadsvoorstel 31 mei 2022
het een participatieverplichting betreft volgt echter dat die participatie dan ook een bepaalde inhoud moet hebben. De leidraad is bedoeld om daar sturing aan te geven. De verwachting is dat op dit onderwerp de nodige jurisprudentie zal ontstaan die meegenomen kan worden bij de evaluatie. 1.3 Dit afwegingskader hoort onder de paraplu van algemene participatie en de inspraakverordening, maar die verordening is er nog niet De reden hiervoor is dat de wijziging van artikel 150 van de Gemeentewet (Wet versterking participatie op decentraal niveau) op dit punt nog niet in werking is getreden. Het college is voornemens om de nieuwe participatie- en inspraakverordening aan de raad ter besluitvorming voor te leggen zodra de Wet versterking participatie op decentraal niveau in werking is getreden.
Financiële aspecten Dit besluit heeft geen directe financiële gevolgen.
Communicatie aspecten Hoewel de gemeente geen eisen kan stellen aan hoe de participatie plaatsvindt, maar enkel dat participatie plaatsvindt, is een leidraad opgesteld voor initiatiefnemers, ook als de gemeente zelf initiatiefnemer is. Daarin wordt toegelicht welke manier van participatie het best past bij welk initiatief en hoe deze kan worden vormgegeven. Voor elke categorie is in de leidraad een stappenplan opgenomen over hoe de participatie nader ingevuld moet worden. Deze informatie wordt actief gedeeld met initiatiefnemers en maakt onderdeel uit van de basisinformatie op de website.
Uitvoering Na dit besluit zal het afwegingskader verplichte participatie en de participatieleidraad op de gebruikelijke wijze worden gepubliceerd en binnen de organisatie worden toegelicht. Bijlage 1 en 2 bevatten ter informatie de leidraad zoals die voor initiatiefnemers en collega’s is opgesteld. In de praktijk zijn initiatieven met grotere impact al in beeld voorafgaand aan de vergunningaanvraag. Participatie is onderdeel van het voortraject (principeaanvraag met omgevingstafel) dat onder begeleiding van een gemeentelijke procesmanager wordt doorlopen.
Bijlagen 1. Raadsbesluit 2. Leidraad voor initiatieven in de fysieke leefomgeving 3. Leidraad voor gemeentelijke initiatieven in de fysieke leefomgeving 4. Leidraad voor initiatieven in de fysieke leefomgeving TXT
Bladnummer 5/5 Raadsvoorstel 31 mei 2022
burgemeester en wethouders,
Ellie Liebregts
Frans Backhuijs
secretaris
burgemeester