2022-314 Bijlage 3, Bijlage 1 bij raadsbesluit wijzigingen BP Politiebureau_.pdf
Tekst van het document
2022-314 Bijlage 3 Bijlage 1bij raadsbesluit: wijzigingen bestemmingsplan Politiebureau Hieronder zijn alle wijzigingen opgesomd die t.o.v. het ontwerpbestemmingsplan in het bestemmingsplan Politiebureau zijn aangebracht.
Wijzigingen: I.
de volgende ambtshalve wijzigingen zijn aangebracht:
A. Toelichting: 1. In de laatste alinea van paragraaf 3.2 onder het kopje “Programma” was nog een geel gemarkeerde tekst/opmerking weergegeven over de gevolgen van het opnemen van Bouwenveloppe 2 voor het aantal parkeerplaatsen. Hierdoor was die alinea nog niet aangepast in het ontwerpbestemmingsplan. Deze omissie is nu hersteld. De laatste alinea luidt nu als volgt: “Met het gevraagde programma zijn er vanuit de gemeentelijke parkeernorm, waarover in paragraaf 4.10 (Verkeer & Parkeren) van deze toelichting meer, 70 parkeerplaatsen nodig. Daarnaast zijn er plekken voor dienstvoertuigen nodig. Vandaar dat in totaal 118 parkeerplaatsen worden gerealiseerd.” 2. Voorgaande omissie werkt ook door in paragraaf 4.10 onder het kopje “Parkeren (autoverkeer)”. In de tweede alinea is daardoor de zin “In totaal zijn voor dienstvoertuigen (op basis van cijfers van de Politie) 67 parkeerplaatsen nodig” geschrapt. De tweede alinea luidt nu als volgt: “Het aantal parkeerplaatsen op basis van de CROW-publicatie en de Politie houdt echter geen rekening met de dienstvoertuigen die ter plaatse aanwezig zullen zijn. Vandaar dat in totaal 118 parkeerplaatsen worden gerealiseerd. Dit aantal parkeerplaatsen zal geheel in het plangebied worden aangelegd.” 3.
Paragraaf 4.11.4 onder het kopje ‘Klimaatadaptatie’ is aangevuld en luidt nu als volgt: “Voor een klimaatbestendig Nieuwegein zet de gemeente in op een groene leefomgeving met veel aandacht voor water van een goede kwaliteit. Dit is verder uitgewerkt in het Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie 2019–2022. Op basis van de handreiking klimaatadaptief bouwen gelden er prestatie eisen voor de beoogde ontwikkeling op het gebied van wateroverlast, droogte en hitte. Het waterschap adviseert voor de aanleg van parkeervoorzieningen halfverharding (bijvoorbeeld grasbetontegels) te gebruiken. Hierbij dient wel rekening te houden met de infiltratiecapaciteit van de bodem (bijvoorbeeld door het aanbrengen van een zandlaag als onderlaag). Ook kan een bovengrondse (o.a. wadi) of ondergrondse infiltratievoorzieningen worden aangelegd. Op basis van de minimale eis van het waterschap en de gemeente bedraagt de benodigde waterberging 60 m³ (1200 m² bebouwde oppervlakte * 0,05 m³/m²) in voorzieningen op privaat terrein of in daarvoor bestemde (extra) voorzieningen in het plangebied. Bij een diepte van bijvoorbeeld 30 cm is dit 200 m². Hiervan zou minimaal 60 m² binnen het plangebied gerealiseerd moeten worden. Daarnaast zal verharding worden gerealiseerd ten behoeve van het parkeren. Ook dit verhard oppervlak dient te worden gecompenseerd.
Naast het realiseren van compenserende waterberging, kan er ook voor worden gekozen om daken van gebouwen (deels) te voorzien van een groen dak en zoals aangegeven parkeerplaatsen te voorzien in halfverharding. Om de waterberging ook daadwerkelijk te realiseren is in de regels een voorwaardelijke verplichting opgenomen (dat bij een hevige bui minimaal 20 mm ter plaatse wordt vastgehouden en geïnfiltreerd).
De gemeente gaat voor deze locatie zelf uit van 100 mm waterberging per m² (ca. 235 m³ berging). Dit is meer dan de gestelde eis, maar er vloeit ook hemelwater af van de bestaande wegen rondom het plan. Verder is een regenwaterpomp opgenomen om in ieder geval te zorgen dat de berging tussen 48 en max 60 uur weer leeg is indien de infiltratiecapaciteit niet toereikend is. De pompcapaciteit is dus inhoud van de berging gedeeld door (tussen) 48 – 60. Hierdoor is een pomp met een capaciteit van 5 m³/u voldoende. Alles wat infiltreert is hierin meegenomen.” 4. In paragraaf 4.11.7 is de 2e zin “In het ontwerp bestemmingsplan zal deze paragraaf worden aangevuld” geschrapt.