CConstaterende datNieuwegein
Koppel je AI →
Document · PDF

2022-225 Bijlage Kadernota 2023.pdf

Raadsvergadering 7 juli 2022, gemeente NieuwegeinBij agendapunt: Eerste termijn Algemene Beschouwingen3.655 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Postbus 1 3430 AA

Bezoekad res Stadsplein 1 3431 LZ

www.nieuwegein.nl

2022-225 Bijlage

Kadernota 2023

Raadsnummer Datum

1 juni 2022

Auteur

Marloes Klooster - Steinmeijer

Postbus 1 3430 AA

Bezoekad res Stadsplein 1 3431 LZ

www.nieuwegein.nl

Inhoudsopgave

1

Bestuurlijk perspectief .................................................................................. 3

2

Financieel perspectief ................................................................................... 4

3

2.1

Meerjarenperspectief ............................................................................ 4

2.2

Ontwikkelingen vanuit het Rijk ............................................................... 4

2.3

Nieuw perspectief ................................................................................. 6

2.4

Groei van de stad ................................................................................. 6

2.5

Indexeringen ....................................................................................... 6

Ontwikkelingen ............................................................................................ 7 3.1

Gemeenschappelijke regelingen ............................................................. 7

3.2

Inhoudelijke ontwikkelingen .................................................................. 7

3.3

Gevolgen voor meerjarenperspectief ...................................................... 10

3.4

Overige ontwikkelingen / risico’s ........................................................... 10

Kadernot a 2023 Raadsnummer

1

D atum 25 mei 2022

Bestuurlijk perspectief

Voor u ligt de Kadernota 2023. Een kadernota die in een bijzondere periode is opgesteld. Mondiale, landelijke en lokale ontwikkelingen, maken dat er sprake is van veel onzekerheden. Als gevolg van mondiale ontwikkelingen, loopt de inflatie enorm op. Dit heeft gevolgen voor onze inwoners. Zo verwachten we dat schuldenproblematiek onder inwoners gaat toenemen. Ook binnen onze organisatie worden de effecten van de hoge inflatie steeds meer merkbaar. Inkoop wordt duurder, aanbestedingstrajecten komen soms ver boven de beschikbare budgetten uit en nieuwe contracten vallen hoger uit. Tegelijkertijd zien we dat er schaarste is op verschillende markten, die naast een prijsopdrijvend effect, ook effect op de planningen hebben. Over hoe we om willen gaan met de effecten van deze lopende inflatie, wordt aan de raad gelijktijdig met deze kadernota een voorstel aangeboden. In het regeerakkoord Rutte IV is een aantal besluiten genomen, die direct de inkomsten van onze gemeente raken. Voor de jaren tot en met 2025 laat het regeerakkoord een stijging zien van de algemene uitkering. Echter voor 2026 en verder is er sprake van grote onzekerheden. Zo is het afschaffen van de opschalingskorting niet doorgevoerd en wordt er gesproken over een nieuwe normeringssystematiek.

Daarnaast zijn er sinds de totstandkoming van het Regeerakkoord, naast de oplopende inflatie, een aantal ontwikkelingen geweest, die de omvang van het gemeentefonds beïnvloeden. Eind mei wordt de meicirculaire door het rijk uitgebracht. We verwachten dat we hiermee zicht krijgen op de compensatie vanuit het rijk voor de gestegen lonen en prijzen. Over de meicirculaire en de gevolgen hiervan voor het meerjarenperspectief, wordt de raad voorafgaand aan de behandeling van de kadernota geïnformeerd. Tot slot, bevinden we ons, ten tijde van het opstellen van de kadernota, in een periode van coalitievorming. Dit betekent dat deze kadernota, in tegenstelling tot andere jaren, geen nieuwe beleidsontwikkelingen bevat. We beperken ons in deze kadernota tot de gevolgen van autonome en onvermijdelijke ontwikkelingen, en de financiële gevolgen van reeds genomen besluiten. De vertaling van het coalitieakkoord vindt plaats in de begroting 2023-2026, die u in november in de raad wordt behandeld. Met inachtneming van deze onzekerheden is deze kadernota opgesteld. De kadernota bevat het perspectief voor de komende jaren (2023-2026) en bouwt voort op het financieel beleid dat de afgelopen periode is gevoerd. De afgelopen raadsperiode is een aantal besluiten genomen over grote investeringen en gebiedsontwikkelingen, die ook voor de lange termijn effect hebben.

Met het duurzaam financieel evenwicht hebben we stappen gezet om meer inzicht te hebben in de financiële ontwikkeling voor de lange(re) termijn en een aantal voorstellen gedaan om ook voor de toekomst toe investeringen betaalbaar te houden. Dit betekent dat, los van de hiervoor benoemde onzekerheden, sprake is van een meerjarenperspectief dat houvast biedt voor de komende begrotingsperiode en waarin de komende 3 jaar ruimte is voor incidentele intensiveringen.

3 (11)

Kadernot a 2023 Raadsnummer

D atum 25 mei 2022

2

Financieel perspectief

2.1

Meerjarenperspectief

4 (11)

Het financieel perspectief is gebaseerd op de meerjarenbegroting 2022-2025 (2021410), aangevuld met de 1e nota Technische wijziging (2022-099). Het jaar 2026 is nieuw in het meerjarenperspectief ten opzichte van de begroting 2022. Een belangrijke ontwikkeling daarin is de toename van de kapitaallasten als gevolg van investeringen in de nieuwbouw van scholen. Dit betreft een voorlopige inschatting. In hoeverre er daadwerkelijk extra kapitaallasten in dat jaar zijn, is vooral afhankelijk van welke nieuwbouw in 2025 in gebruik wordt genomen. Indien de nieuwbouw in 2025 nog niet in gebruik is genomen, schuiven de kapitaallasten op. * € 1 mln

2023

2024

2025

2026

Stand begroting 2022-2025

0,9

0,0

0,2

-0,7

1e nota TW

-0,4

-0,4

-0,4

-0,4

Meerjarenperspectief

0,5

-0,4

0,2

-1,1

2.2

Ontwikkelingen vanuit het Rijk

Ontwikkeling accres Zoals altijd, baseren we ons op de laatste bekende gegevens over de algemene uitkering in de volgende jaren. Op dit moment is dat de septembercirculaire 2021. Deze vullen we aan met de inschatting van de effecten van het Centraal Economisch Plan (CEP) van maart 2022. De gevolgen van de meicirculaire zijn op dit moment nog niet bekend. Over de meicirculaire en de gevolgen hiervan voor het meerjarenperspectief, informeren wij u voorafgaand aan de raadsbehandeling van deze kadernota. In de meicirculaire worden ook de gevolgen van de Voorjaarsnota van het Rijk verwerkt. Risico onderuitputting door het Rijk De omvang van het accres beweegt mee met de uitgaven van het rijk (trap op – trap af systematiek). De groei van het accres is dan ook gebaseerd op de toename van de uitgaven, als gevolg van de plannen uit het regeerakkoord Rutte IV. Het is echter de vraag of het kabinet in staat zal zijn om alle plannen uit te voeren in deze periode, onder meer als gevolg van krapte op de arbeidsmarkt. Om, als gevolg hiervan, een eventuele daling van het accres op te kunnen vangen, nemen wij in het meerjarenperspectief een buffer op voor het risico van onderuitputting door het rijk. De omvang hiervan bedraagt 20% van het extra beschikbare accres.

Herijking gemeentefonds Er wordt al enige tijd gesproken over de herijking van de verdeelmodellen die worden gebruikt voor het gemeentefonds. De minister heeft besloten om de herijking met ingang van 2023 door te voeren. Het betreft een herijking voor 3 jaar, omdat het Rijk heeft aangegeven dat in 2026 een hele nieuwe verdeelsystematiek moet worden ingevoerd. Nieuwegein is een nadeelgemeente. Dit betekent dat er sprake is van een verlaging van de uitkering uit het gemeentefonds. Het herverdeeleffect is gemaximaliseerd en is voor 2023 € 7,50 per inwoner en voor 2024 en 2025 € 15 per inwoner per jaar. Dit

Kadernot a 2023 Raadsnummer

D atum 25 mei 2022

verwerken wij in het meerjarenperspectief. Ook hiervoor geldt dat de daadwerkelijke effecten in de meicirculaire worden verwerkt. Jeugdzorg Het kabinet heeft begin mei in een brief aan de 2e kamer aangegeven dat de aanvullende besparing op de Jeugdzorg (oplopend tot € 511 miljoen in 2025) een Rijksverantwoordelijkheid is. Dit betekent dat de Rijksoverheid maatregelen gaat nemen die tot deze besparing leiden. Welke maatregelen dit zijn en welke gevolgen dit heeft voor de taakuitvoering van gemeenten is nog niet bekend. Financieel betekent dit dat ten opzichte van de aflopende reeks die in de begroting 2022 is opgenomen, de aanvullende besparing vervalt. Ook deze maatregel wordt naar verwachting financieel in de meicirculaire verwerkt. Het jaar 2026 Zoals hiervoor ook aangegeven, is het jaar 2026 nieuw in het perspectief. Het kabinet heeft de meeste nieuwe plannen (en ook het extra accres) alleen doorgerekend tot en met 2025. Vanaf 2026 staan in de startnota van het rijk op deze onderdelen dan ook lagere bedragen dan in het jaar ervoor. Strikt geredeneerd betekent dit, dat de bedragen in de jaren ervoor alleen incidenteel in het perspectief verwerkt kunnen worden en dat er in 2026 sprake is van een forse verlaging van de algemene uitkering.

Dit wordt onder andere veroorzaakt door het voornemen om te komen tot een herziening van de financiële verhoudingen, met mogelijk een verruiming van het lokale belastinggebied, die het kabinet in 2026 wil invoeren, en de opschalingskorting, die de afgelopen jaren geschrapt is, voor 2026 weer ingeboekt is. Omdat het accres van het gemeentefonds in principe structureel is, zou het onbehoorlijk zijn van het kabinet om, afgezien van eventuele “trap op-trap af” effecten, het accres in 2026 lager zou vaststellen dan in 2025. Daarom trekken we voor het jaar 2026 de lijn voor de omvang van het accres 2025 door. Dit geldt ook voor de opschalingskorting. Er is geen inhoudelijke onderbouwing waarom deze korting in 2026 nog wel zou moeten worden doorgevoerd. Tegelijkertijd betekent dit, om consequent te zijn, dat we het negatieve effect van de herverdeling voor 2026 wel meenemen. Dit betekent dat we er rekening mee houden, dat als er een nieuw stelsel wordt ingevoerd, de ingroei naar het nieuwe verdeelmodel door blijft werken.

5 (11)

Kadernot a 2023 Raadsnummer

2.3

D atum 25 mei 2022

6 (11)

Nieuw perspectief

Als we bovenstaande verwerken in het huidige perspectief, dan ontstaat het volgende beeld: * € 1 mln

2023

2024

2025

2026

Meerjarenperspectief

0,5

-0,4

-0,2

-1,1

Verwachte ontwikkeling

5,7

7,9

7,1

7,1

Vervallen korting Jeugd

1,4

1,3

1,2

0,8

Risico buffer

-0,6

-1,0

-1,2

-1,2

Effecten herverdeling

-0,5

-1,4

-2,4

-3,4

Nieuw perspectief

6,5

6,4

4,5

2,2

algemene uitkering

2.4

Groei van de stad

In de nota Duurzaam Financieel Evenwicht is vastgelegd dat de inkomsten die we vanuit het rijk ontvangen als gevolg van de hogere groei van het aantal inwoners ten opzichte van de landelijke maatstaven, apart inzichtelijk wordt gemaakt en als volgt verdeeld wordt: •

20% wordt beschikbaar gesteld voor het inlopen van achterstanden / schaalsprong wordt ingezet voor investeringen in nieuwe voorzieningen en mobiliteitsaanpassingen die als gevolg van de groei noodzakelijk zijn.

•

80% wordt verdeeld over de begrotingsprogramma’s o.b.v. de relatieve omvang van de begrotingsprogramma’s.

De extra inkomsten als gevolg van de groei van de stad zijn nog niet in bovenstaand perspectief verwerkt. Op basis van de meicirculaire worden deze doorgerekend en verdeeld op basis van bovenstaande uitgangspunten. Vervolgens vindt in de begroting de allocatie plaats aan projecten en programma’s. 2.5

Indexeringen

De begroting 2022 is gebaseerd op een inflatie van 1,9%. Inmiddels moet rekening gehouden worden met 3,8%, uitgaande van de prijs nationale bestedingen. Voor verschillende sectoren van de gemeente zijn de prijsstijgingen in werkelijkheid overigens vele malen hoger. Deze cijfers werken structureel door naar de volgende jaren. Er is echter veel onzekerheid over de ontwikkeling van lonen en prijzen. Gezien deze onzekerheden, nemen we in deze kadernota geen percentages op voor de loonen prijsontwikkeling in 2023. Bij het opstellen van de begroting houden we in eerste instantie rekening met het loon- en prijspeil uit de meicirculaire. Waar het mogelijk is, passen we in de begroting aan op basis van de septembercirculaire. Dit is echter afhankelijk van het moment dat de septembercirculaire beschikbaar komt. In het meerjarenperspectief, zoals hiervoor weergegeven, is het effect van de loon- en prijsontwikkeling nog niet opgenomen. Dit omdat we verwachten dat voor de gevolgen van deze indexering, o.a. in de meicirculaire, compensatie komt.

Kadernot a 2023 Raadsnummer

3

D atum 25 mei 2022

7 (11)

Ontwikkelingen

Zoals in het bestuurlijk perspectief opgenomen, beperken we ons in deze kadernota tot autonome en onvermijdelijke ontwikkelingen en gevolgen van reeds eerder genomen besluiten. Deze worden hieronder toegelicht. 3.1

Gemeenschappelijke regelingen

In deze kadernota worden de (concept-)begrotingen van de gemeenschappelijke regelingen verwerkt. De gemeenschappelijke regelingen waar sprake is van een effect op ons meerjarenperspectief zijn in onderstaande tabel opgenomen: 2023

2024

2025

2026

GGDrU Begroting 2023

-20.000

-21.100

-8.200

-55.400

WIL Begroting 2023

-339.100

-339.100

-343.100

-343.100

VRU

-11.800

0

0

0

Bghu

46.000

43.000

5.000

-16.000

-324.900

-360.200

-351.300

-414.500

Totaal Gemeenschappelijke regelingen 3.2

Inhoudelijke ontwikkelingen

Omgevingswet In de begroting 2022 is eenmalig een bedrag van € 300.000 opgenomen voor de invoering van de Omgevingswet. De veronderstelling was toen nog dat de wet per 1 juli 2022 zou worden ingevoerd en dat voor de jaren na 2022 beter zicht zou bestaan op de kosten. Op dit moment is de invoering van de omgevingswet voorzien op 1 januari 2023. 2023 zien we dan ook als het transitiejaar waar Nieuwegein volgens de wet zal gaan werken en waarin werkwijzen zullen moeten landen of eventueel nog verfijnd moeten worden. Eén van de instrumenten waar in ieder geval nog een aantal jaren extra geld benodigd is, is het omgevingsplan. Het opstellen en uitrollen van het omgevingsplan zal in ieder geval extra inzet van de organisatie vragen t/m 2027. De minister heeft gemeenten de komende vier jaar een bedrag als tegemoetkoming voor de invoeringskosten van de Omgevingswet toegezegd. De verdeling van deze middelen over gemeenten wordt naar verwachting verwerkt in de meicirculaire. Op dit moment wordt gewerkt aan het verder inzichtelijk maken van de kosten voor de implementatie en uitvoeren van de Omgevingswet. Vooralsnog schatten wij in dat voor 2023 een bedrag van in totaal € 500.000 benodigd is voor de Omgevingswet. Op basis van een inschatting, verwachten wij een compensatie vanuit het Rijk van € 300.000.

In de begroting wordt op basis van de daadwerkelijke omvang de dekkingsmiddelen en het inzicht in daadwerkelijke kosten een definitief bedrag opgenomen.

Kadernot a 2023 Raadsnummer

D atum 25 mei 2022

Informatiebeveiliging In de digitale onderwereld bestaat een levendige markt voor digitale aanvallen, variërend van het onbereikbaar maken van websites tot gijzelsoftware die organisaties lam leggen met het doel om losgeld te eisen. Ook gemeentes zijn daarvan doelwit, zoals o.a. de geslaagde aanvallen op Hof van Twente en recent de gemeente Buren hebben bewezen. Dit vraagt continue inzet om onze systemen veilig te houden, verdachte bewegingen in en rond onze digitale gemeente in de gaten te houden en snel te kunnen reageren op signalen van partners zoals de informatiebeveiligingsdienst (IBD). Omdat een ongeluk in een klein hoekje schuilt, voert de organisatie permanent campagne om onze medewerkers alert te houden op phishingmails en andere risico’s. Risico gestuurd werken is uitgangspunt in ons informatiebeveiligingsbeleid. Hierbij worden middelen ingezet waar ze hardst nodig zijn. De beschikbare middelen in onze begroting zijn, gelet op de toenemende risico’s en dreigingen en de daaraan gekoppelde noodzaak tot steeds stringentere maatregelen, niet meer toereikend. Daarom wordt in deze kadernota voorgesteld om een bedrag € 425.000 structureel in de begroting te verwerken, aangevuld met een incidenteel bedrag van € 45.000 voor 2023, voor de projectvoorbereidings- en implementatiekosten. Met de structurele middelen wordt op het volgende ingezet: -

Voldoen aan verplichtingen in BIO / Ensia

-

Licenties

-

Tooling, zoals vulnerability scan, toegang en autorisatiebeheer, penetratietesten en monitoring

-

Capaciteit (intern en extern) voor Technische Security, screening, forensische expertise.

Nieuwe inkoopstrategie Jeugdhulp en Wmo: De gemeente is sinds 2015 verantwoordelijk voor het bieden van jeugdhulp en hulp en ondersteuning vanuit de Wmo. Na 7 jaar is de fase aangebroken dat we nieuwe inkoopcontracten sluiten en deze op een nieuwe leest schoeien, gebruikmakend van de ervaringen van de eerste jaren. We doen dit door in te zetten op: o

Meer casusregie

o

Meer verbinding met het voorliggend veld

o

Minder zorgaanbieders

o

Minder administratieve lasten

Er is extra capaciteit nodig voor de inzet op casusregie. Voor de implementatie van de inkoop Wmo zijn de structurele kosten berekend. Deze bedragen vanaf 2023 € 224.000 per jaar. Voor de inkoop van de Jeugdhulp zijn de kosten nog niet bekend. Uiteindelijk moet de nieuwe inkoopstrategie leiden tot een beter resultaat en beheersbare lasten in onze inkoop. De hier gemelde kosten, betreft extra uitgaven voor personeel. Uiteindelijk is het doel dat door meer casusregie in te zetten vanuit het sociaal team dat dit uiteindelijk leidt tot betere resultaten en beheerbare lasten in de open einde regelingen Wmo en Jeugd.

8 (11)

Kadernot a 2023 Raadsnummer

D atum 25 mei 2022

Openbare verlichting Het leasecontract voor de openbare verlichting met CityTec loopt in 31/12/2024 af. Om op 1 januari 2025 klaar te staan voor het in eigen beheer nemen van de Openbare Verlichting moeten verschillende stappen worden ondernomen. Om hier uitvoering aan te geven, wordt voorgesteld hiervoor een budget op te nemen van €. 60.000,-- voor 2023 en 2024. Bomen - Kappen van zieke bomen en de herplantplicht We hebben te kampen met een drietal boomziektes: Iepziekte, Essentaksterftezieke en de Kastanje ziekte. Dat maakt dat we de komende jaren aanzienlijke aantallen bomen moeten kappen. De raad zal hierover tijdens een avond van de stad in mei nader worden geïnformeerd. Daar waar de veiligheid, lees aansprakelijkheid van de gemeente, om de hoek komt kijken moeten we ingrijpen. Voor 2023 verwachten we hiervoor een extra budget van ca. €. 130.000,-- nodig te hebben. Handhaving woonbeleid (woonfraude / opkoopbescherming): In de begroting is jaarlijks tot en met 2025 een extra budget van € 70.000 opgenomen om uitvoering te geven aan het woonbeleid en de handhaving van de woonfraude. Dit budget wordt gedekt door een onttrekking uit de reserve ISV. Inmiddels is duidelijk geworden dat de uitvoering niet binnen de huidige budgetten/capaciteit kan plaatsvinden.

Om vertraging in de uitvoering te voorkomen, wordt voorgesteld om voor de periode tot en met 2025 € 50.000 extra per jaar in te zetten voor de handhaving van woonfraude. De middelen die nodig zijn voor de intensivering van de opkoopbescherming worden geïnventariseerd en in de begroting verwerkt. A12 zone Voor de A12 zone wordt de komende jaren gewerkt aan een strategische ruimtelijke visie. In de begroting 2022 zijn eenmalig middelen hiervoor opgenomen. Voorgesteld wordt om voor de komende jaren hier ook middelen voor in de begroting op te nemen. Deze middelen zijn nodig voor de personele inzet, o.a. gericht op strategische advisering op het gebied van mobiliteit, planologie, communicatie en procesmanagement, en voor out of pocket kosten, zoals onderzoeken. Ingeschat wordt dat jaarlijks € 400.000 nodig is. Deze middelen kunnen worden gedekt uit de reserve grondbedrijf.

9 (11)

Kadernot a 2023 Raadsnummer

D atum 25 mei 2022

10 (11)

Samenvatting 2023

2024

2025

2026

-324.900

-360.200

-351.300

-414.500

-200.000

pm

pm

pm

-470.000

-425.000

-425.000

-425.000

-224.000

-224.000

-224.000

-224.000

pm

pm

pm

pm

-60.000

-60.000

-

-

herplant bomen

-130.000

-

-

-

handhaving woonfraude

-50.000

-50.000

-50.000

-

pm

pm

pm

pm

-

-

-

-

-1.458.900

-1.119.200

-1.050.300

-1.063.500

gemeenschappelijke regelingen omgevingswet informatiebeveiliging nieuwe inkoopstrategie Wmo nieuwe inkoopstrategie Jeugd openbare verlichting

opkoopbescherming A12 zone (reserve grondbedrijf)

Totaal 3.3

Gevolgen voor meerjarenperspectief

Als we bovenstaande afzetten tegen het meerjarenperspectief, dan ontstaat het volgende beeld: * € 1 mln

2023

2024

2025

2026

Meerjarenperspectief

6,5

6,4

4,5

2,2

Nieuwe ontwikkelingen

-1,5

-1,1

-1,1

-1,1

Saldo

5,0

5,3

3,4

1,1

Bovenstaande vormt de basis voor het opstellen van de begroting. Zoals hiervoor aangegeven verwachten we dat de meicirculaire meer duidelijkheid verschaft over een aantal onderwerpen. Dit kan invloed hebben op het bovenstaande perspectief. Hierover wordt u via een brief, voorafgaand aan de behandeling van de kadernota in de raad, geïnformeerd. 3.4

Overige ontwikkelingen / risico’s

Zoals aangegeven beperkt deze kadernota zich tot onvermijdelijke / autonome ontwikkelingen. Tegelijkertijd zien we een aantal ontwikkelingen, die we graag in deze kadernota willen benoemen, zonder dat er een financiële vertaling plaatsvindt. Programma leefbaarheid & Veiligheid Door het Rijk worden middelen beschikbaar gesteld voor de uitvoering van het programma Leefbaarheid en Veiligheid. Voor de gemeenten binnen dit programma worden ook middelen beschikbaar gesteld voor jongeren in drugscriminaliteit. Onlangs is door het kabinet toegezegd dat jaarlijks 82 miljoen euro beschikbaar wordt gesteld om jongeren te behoeden voor een carrière in de criminaliteit. Hiervoor wordt een plan van aanpak opgesteld, waarmee aanspraak kan worden gemaakt op deze middelen. De verwachting is dat vanuit het programma Leefbaarheid en Veiligheid in de komende jaren meer kansen komen, waar we op in kunnen schrijven.

Kadernot a 2023 Raadsnummer

D atum 25 mei 2022

Personeel De ambtelijke organisatie is de afgelopen jaren meer en meer onder druk komen te staan. Het gevoel van werkdruk in de organisatie is dan ook toegenomen. De maatschappelijke opgaven zijn talrijk en de ambitie van zowel gemeentebestuur als ambtelijke organisatie is hoog, zowel in omvang als in tempo. Als organisatie zijn we in de afgelopen jaren steeds op zoek geweest naar een goede balans tussen het realiseren van dat hoge ambitieniveau en het behouden van een gezonde werkdruk in de organisatie. Een balans die op sommige momenten verstoord wordt door grote en ingrijpende urgente vraagstukken die onverwacht op ons pad komen. Denk daarbij aan de gevolgen van de coronapandemie, of op dit moment de crisis in Oekraïne en de opvang van vluchtelingen, die daaraan verbonden is. Daar bovenop zien wij landelijk in diverse sectoren een groot tekort aan personeel. En ook onze organisatie heeft hinder van de krapte op de arbeidsmarkt. Het invullen van vacatures vraagt veel extra inspanningen en creativiteit. En daarmee lukt het in veel gevallen nog steeds nieuwe medewerkers aan te trekken. Maar in de functies waar schaarste is, lukt het ook ons in toenemende mate niet om vacatures in te vullen. Steeds vaker moeten we daarom noodgedwongen kiezen voor (tijdelijk) inhuur in plaats van vast personeel.

De kosten van inhuur zijn, mede door de ook daar toenemende schaarste, hoger dan die van vaste formatie, waardoor er ofwel spanning ontstaat op het inzetbare aantal uren ofwel op de kosten. Het is, nog meer dan anders, belangrijk om medewerkers aan ons te binden door hen kansen te geven om door te ontwikkelen. We hebben een visie ontwikkeld hoe we medewerkers aan ons kunnen binden door te intensiveren op het leren en ontwikkelen. Deze focus maakt het mogelijk om jonge starters een kans te geven en op te leiden tot de toekomstig ambtenaar die bij onze gemeente past. Daarnaast vergroot het de kansen voor medewerkers die al wat langer in Nieuwegein werken en op die manier behouden kunnen blijven. Naast het behoud van gemotiveerde en goede medewerkers verkleint het ook onze activiteiten op de (al genoemde) krappe arbeidsmarkt. Echter om uitvoering te geven aan deze visie is ook capaciteit nodig.

11 (11)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nieuwegein&id=afd009b9-efd2-4e6a-8c06-4dc756e6fbbc