CConstaterende datNieuwegein
Koppel je AI →
Document · PDF

2021-505 Rvs. Kadernota VRU 2023 en Ontwerpbesluit VRU deelname Stichting Risicobeheer Veiligheidsregio's.pdf

Raadsvergadering 27 januari 2022, gemeente NieuwegeinBij agendapunt: Voorstel over Kadernota Veiligheidsregio Utrecht (VRU) 2023 en Ontwerpbesluit VRU deelname Stichting Risicobeheer Veiligheidsregio's1.941 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeenteraad

Onderwerp

Kadernota 2023 VRU/ Ontwerpbesluit VRU

Datum

30 november 2021

deelname Stichting Risicobeheer Veiligheidsregio’s

Raadsvoorstel

2021-505

Afdeling E-mailadr es opst eller k.otten@nieuwegein.nl Portefeuilleh ouder

Frans Backhuijs

Onderwerp Kadernota 2023 VRU/ Ontwerpbesluit VRU deelname Stichting Risicobeheer Veiligheidsregio’s.

Gevraagd besluit 1. Een zienswijze in te dienen bij het dagelijks bestuur van de Veiligheidsregio Utrecht (VRU), met de strekking dat de gemeente Nieuwegein instemt met de kadernota 2023. 2. Geen wensen en bedenkingen kenbaar te maken ten aanzien van de oprichting en deelname aan de Stichting Risicobeheer Veiligheidsregio’s.

Inleiding De kadernota 2023 heeft betrekking op het laatste jaar van de beleidsperiode 2020-2023 en bevat naast de reguliere bijstelling van het financiële kader een overzicht van ontwikkelingen en risico’s die op termijn mogelijk van invloed zijn op de ontwikkeling van de gemeentelijke bijdrage. De kadernota bevat geen mutatie van de gemeentelijke bijdrage, anders dan de actualisatie van de ijkpuntscores en de reguliere loon- en prijsaanpassing. In de vastgestelde jaarlijkse systematiek start het gesprek met het algemeen bestuur VRU over de begroting in november. In die vergadering wordt de kadernota besproken en vastgesteld, om aansluitend voor zienswijze te worden verzonden aan de gemeenteraden. Op deze wijze wordt invulling gegeven aan de wens van het algemeen bestuur om de kadernota in het voltallige bestuur te behandelen. De gemeenten worden in de gelegenheid gesteld om hun zienswijze over de algemene financiële en beleidsmatige kaders naar voren te brengen. Alle zienswijzen worden betrokken bij het opstellen van de programmabegroting van 2023. Voordat het bestuur de programmabegroting 2023 definitief

Bladnummer 2/6 Raadsvoorstel 7 december 2021

vaststelt, wordt deze eveneens voor zienswijzen aan de gemeenten aangeboden. De gemeenten hebben op deze manier tweemaal de gelegenheid om invloed uit te oefenen op de programmabegroting van de VRU. De Raad van Commandanten en Directeuren Veiligheidsregio’s (RCDV) is enige tijd aan de slag met het thema ‘Goedwerkgeverschap na dienstongevallen’. Als gevolg van een aantal interne en externe ontwikkelingen is een toenemend bewustzijn bij veiligheidsregio’s ontstaan over de aard en hoogte van aanspraken van medewerkers als gevolg van ongevallen tijdens het werk. Gebleken is dat de dekking van de ongevallenverzekering niet in alle gevallen (meer) aansluit bij de verwachting die zowel de veiligheidsregio als ook de medewerker hebben. Daarnaast is sprake van een ‘verharding’ van de verzekeringsmarkt, hetgeen inhoudt dat het aantal aanbieders afneemt, premies stijgen en voorwaarden versoberd worden met als gevolg dat de verzekerbaarheid onder druk komt te staan. Daarnaast is gebleken dat de verzekeringsfunctie binnen de veiligheidsregio’s veelal kwetsbaar is ingevuld. Door onderling samen te werken en verbindingen te leggen met externe expertise in bestuurlijke context kan deze kwetsbaarheid worden verminderd. Een van de doelen hierbij is het oprichten van een (landelijk) expertisebureau dat kan adviseren en bemiddelen.

De aangewezen rechtsvorm voor het expertisebureau risicobeheer is een stichting.

Gewenst effect Zorgen dat een financiële gezonde Veiligheidsregio Utrecht uitvoering kan geven aan een adequate crisisbeheersings- en brandweerorganisatie en daarmee bijdraagt aan een veilige leefomgeving in Nieuwegein. De RCDV is het Project Risicomanagement & Verzekeringen gestart om via landelijke samenwerking, antwoord te vinden op bovenstaande ontwikkeling.

Argumenten 1.1 De mutaties van het financiële kader hebben voor het grootste deel betrekking op de loon- en prijsaanpassing In de kadernota ligt de nadruk op de ontwikkelingen die effect hebben op de hoogte van de gemeentelijke bijdrage. In totaal wordt er een bedrag van € 88,6 miljoen aan gemeentelijke bijdragen gevraagd voor 2023. Ten opzichte van de begroting 2022 bedraagt de stijging € 2,8 miljoen (3,3%). De mutaties van het financiële kader hebben voor het grootste deel betrekking op de loon en prijsaanpassing, inclusief de stelpost voor de loonontwikkeling 2023. Hiervoor worden dezelfde percentages gehanteerd als waarmee de uitkering aan gemeenten via het gemeentefonds wordt geïndexeerd. De laatste Cao Gemeenten is geldend tot en met 2020. Er is nog geen Cao voor de situatie vanaf 2021 en daarmee is de loonontwikkeling onbekend. In de voorliggende kadernota is daarom een stelpost opgenomen voor de loonontwikkeling voor de jaren 2021-2023.

Bladnummer 3/6 Raadsvoorstel 7 december 2021

Het financiële effect van de loon- en prijsaanpassing zoals opgenomen in de kadernota 2023 van de VRU, wordt volgens de huidige systematiek van het gemeentefonds indirect gecompenseerd via de algemene uitkering die gemeenten van het Rijk ontvangen. 1.2 Er is met betrekking tot de lasten voor het FLO-overgangsrecht er geen aanleiding het huidig meerjarig financieel kader bij te stellen Met betrekking tot de lasten voor het FLO-overgangsrecht is er geen aanleiding het huidig meerjarig financieel kader bij te stellen. De budgetten voor FLO worden alleen verhoogd met de reguliere loon- en prijsaanpassing. De mutatie van de lasten FLO-overgangsrecht kan worden opgevangen door inzet van de bestemmingsreserve ‘Lasten FLO-overgangsrecht 1.3 de beleidsontwikkeling voor het OMS is verwerkt in de Kadernota In de kadernota 2023 is de beleidsontwikkeling opgenomen ten aanzien van het OMS. De financiële effecten van deze ontwikkeling zijn al verwerkt in de begroting 2022, waardoor dit geen financieel effect heeft op de gemeentelijke bijdrage 2023. 2.1 Dekking kosten uit bestaande begroting van de VRU De kosten voor de stichting worden in de aanloop geraamd op een bedrag per veiligheidsregio van € 22.500 inclusief BTW. Dit bedrag wordt uit de bestaande begroting van de VRU gedekt.

Kanttekeningen 1.1 Er is nog geen rekening gehouden met de effecten van de herijking van het gemeentefonds Conform artikel 4.2 A van de Gemeenschappelijke Regeling vormen de ijkpuntscores van het Gemeentefonds voor het onderdeel Brandweer en Rampenbestrijding de grondslag voor het relatieve aandeel van de gemeenten in de totale bijdrage voor het gemeentelijk basistakenpakket (GBTP). Momenteel wordt in opdracht van het Rijk onderzocht hoe het gemeentefonds opnieuw kan worden verdeeld. Het beoogde moment van invoering van de nieuwe verdeling is 1 januari 2023. De individuele bijdrage per gemeente in de kadernota 2023 is daarmee nog gebaseerd op de huidige verdeling van het gemeentefonds. Zodra de herijkte verdeling van het gemeentefonds definitief is vastgesteld, kunnen de nieuwe ijkpuntscores bij het opstellen van de (geactualiseerde) begroting 2023 worden toegepast in het verdeelmodel voor de gemeentelijke bijdrage. De groei van de stad (woonruimte, bebouwde oppervlakten en inwoneraantallen) zijn van invloed op de ijkpuntscores. 1.2 Uitgangspunt is dat de Omgevingswet budgetneutraal kan worden uitgevoerd Om de (financiële) gevolgen van de stelselherziening als gevolg van de Omgevingswet voor de veiligheidsregio’s goed in beeld te brengen, heeft de voormalige programmaraad Risicobeheersing aan onderzoeksbureau Cebeon gevraagd dit te onderzoeken.

Op basis van het rapport is een inschatting

Bladnummer 4/6 Raadsvoorstel 7 december 2021

gemaakt wat de (financiële) gevolgen zijn voor de VRU. Hierbij wordt een onderscheid gemaakt tussen incidentele en structurele kosten. De inschatting is dat de stelselherziening in de huidige beleidsperiode nog ca. € 100K-€ 200K aan personele capaciteit vraagt. Financiële dekking voor deze incidentele kosten voor 2022 en 2023 wordt gezocht binnen de kaders van de begroting van de VRU met mogelijk de inzet van de ontwikkel- en egalisatiereserve. Structurele kosten voor de VRU worden geschat op ca. 0,5-1,5 miljoen euro. Deze kosten hebben met name betrekking op personeelskosten. Tussen het Rijk en de bestuurlijke partners zijn afspraken over het monitoren en evalueren van de financiële gevolgen van de stelselherziening Omgevingswet. De inzet is dat de wet budgetneutraal kan worden ingevoerd, waarbij de minister heeft afgesproken op zoek te gaan naar oplossingen als uit de financiële evaluatie blijkt dat de invoeringskosten substantieel hoger zijn dan eerder voorzien.

1.3 Taakdifferentiatie brandweer, uitgangspunt is dat de eventuele financiële consequenties als gevolg van wijzigingen in het stelsel door het Rijk worden gecompenseerd De minister van Justitie en Veiligheid en het Veiligheidsberaad hebben laten onderzoeken hoe de brandweervrijwilligers nadrukkelijk en fundamenteel zijn te onderscheiden van de beroepskrachten, zodat wordt voldaan aan de normen uit Europese en internationale regelgeving en jurisprudentie van het Europese Hof van Justitie. Er bestaat een reëel risico dat de kosten voor brandweerzorg als gevolg van de taakdifferentiatie significant stijgen. Er is nog geen duidelijkheid over de omvang en fasering van de eventuele meerkosten als gevolg van de taakdifferentiatie. Uitgangspunt van het Veiligheidsberaad is dat eventuele financiële consequenties als gevolg van wijzigingen in het stelsel door het Rijk worden gecompenseerd.

Financiële aspecten Op basis van de VRU kadernota 2023 zal de gemeentelijke bijdrage voor de Gemeente Nieuwegein € 3.903.000 bedragen. Dit is een stijging van € 126.000 ten opzichte van de bijdrage 2022. Deze stijging wordt deels verklaard door een stijging in het relatieve aandeel ijkpuntscores ten opzichte van andere Utrechtse gemeenten. Het grootste deel van de stijging heeft te maken met loon -en prijsaanpassingen die jaarlijks worden doorgevoerd. In deze loonaanpassing is rekening gehouden met de nieuwe Cao Gemeenten. Echter, omdat deze nog niet bekend is op het moment van opstellen van de VRU kadernota 2023 is hiervoor een stelpost opgenomen. Eventuele positieve/negatieve effecten op basis van de nieuwe Cao zullen in bij de actualisatie van de begroting 2022 en begroting 2023 van de VRU worden verwerkt. Tevens zijn effecten van herijking van het gemeentefonds nog niet meegenomen. Dit gebeurt zodra deze definitief is. De toename van de gemeentelijke bijdrage 2023 is als volgt opgebouwd:

Bladnummer 5/6 Raadsvoorstel 7 december 2021

Bijdrage 2022 (VRU Begroting 2022)

Bijdrage 2023 (VRU Kadernota 2023)

Bijdrage GBTP 2022

Vergoeding IGPP 2022

Totale bijdrage 2022

Bijdrage GBTP 2023

Vergoeding IGPP 2023

Totale bijdrage 2023

3.765.000

12.000

3.777.000

3.890.000

13.000

3.903.000

IGPP: Staat voor individueel gemeentelijk pluspakket. In de meerjarenbegroting 2022-2025 is reeds gedeeltelijk rekening gehouden met een toename van de gemeentelijke bijdrage aan de VRU in 2023. Het verschil tussen de huidige meerjarenbegroting en de VRU kadernota 2023 bedraagt € 30.800, dit verschil zal bij de Kadernota 2023 van de Gemeente Nieuwegein worden verwerkt.

Communicatie aspecten •

Op 1 november 2021 zijn de gemeentelijke adviseurs voorafgaand aan de verzending van de stukken geïnformeerd over de onderwerpen in de kadernota.

•

De Kadernota is behandeld in het Algemeen Bestuur van 8 november 2021 bestaande uit alle burgemeesters van de provincie Utrecht. Daarbij zijn de adviezen van de bestuurlijke adviescommissie Bedrijfsvoering en Financiën van de VRU en de adviescommissie Gemeentesecretarissen Veiligheid verwerkt.

•

De zienswijzetermijn conform de gemeenschappelijke regeling VRU bedraagt 8 weken. Rekening houdend met de feestdagen worden de gemeenten verzocht om hun reacties uiterlijk 3 februari 2022 kenbaar te maken.

•

De zienswijzen worden besproken in de vergadering van het algemeen bestuur op 7 februari 2022.

•

De uitkomst van de bespreking van de zienswijzen in de vergadering van het algemeen bestuur op 7 februari 2022 wordt verwerkt in de ontwerpbegroting 2023. De behandeling van de ontwerpbegroting 2023 vindt plaats in het algemeen bestuur op 28 maart 2022.

•

De ontwerpbegroting wordt voor zienswijzen voorgelegd aan de gemeenteraden, waarna het algemeen bestuur de begroting 2023 op 4 juli 2022 vaststelt.

Uitvoering De zienswijzetermijn conform de gemeenschappelijke regeling VRU bedraagt 8 weken. De gemeentelijke reactie dient uiterlijk op 3 februari 2023 bij de VRU te worden ingediend. Alle zienswijzen samen vormen de input voor het opstellen van de ontwerp programmabegroting van 2023. Voordat het bestuur van de VRU de programmabegroting 2023 definitief vaststelt, wordt deze eveneens voor zienswijzen aan de gemeenten aangeboden. De gemeenten hebben op deze manier twee gelegenheden om invloed uit te oefenen op de programmabegroting van de VRU.

Bladnummer 6/6 Raadsvoorstel 7 december 2021

Ten aanzien van het gestelde onder punt 2 wordt dezelfde deadline gehanteerd als voor de zienswijzen op de kadernota 2023, namelijk 3 februari 2022.

Bijlagen 1.

Aanbiedingsbrief.

2.

Kadernota 2023.

3.

Brief aan gemeenteraden inzake wensen en bedenkingen Stichting Risicobeheer Veiligheidregio’s.

4.

Ontwerpbesluit VRU deelname Stichting Risicobeheer Veiligheidsregio’s.

burgemeester en wethouders,

Ellie Liebregts

Frans Backhuijs

secretaris

burgemeester

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nieuwegein&id=c6edcee7-7b0b-4be0-9f1b-29c7352e3077