2021-466 Bijlage 3 Kostenonderbouwing tarief rioolheffing 2022_.pdf
Tekst van het document
2021-466 Bijlage 3 Kostenonderbouwing tarief rioolheffing 2022 (behoort bij Verordening rioolheffing 2022) Samenstelling kosten De kosten zijn opgesplitst over drie hoofdtaken: de zorg voor (opvang en afvoer van) afvalwater, hemelwater en grondwater. Dit vloeit voort uit de Wet verankering en bekostiging van gemeentelijke watertaken. Hoofdindeling: Vervanging/aanleg/verbetering Onderhoud en reparatie Begeleiding en opdrachtgeving Overig BTW-component Totaal
Afvalwater
Hemelwater
Drainage
592.000
291.000
17.000
Totaal 900.000
1.532.000
169.000
49.000
1.750.000
950.000
125.000
60.000
1.135.000
1.455.000
-
400.000
40.000
20.000
1.455.000 460.000
4.929.000
625.000
146.000
5.700.000
Onder Overig zijn de kosten opgenomen van straatreiniging, perceptiekosten (BGHU) en kwijtschelding. Straatreiniging: het dient meerdere doelen, te weten een fris en schoon straatbeeld (beheer openbare ruimte), verkeersveiligheid (gladheid, natte bladeren), afvalinzameling (verkeerd aangeboden huishoudelijke afvalstoffen) en riolering (voorkomen verstopping straatkolken/riolering). Aangenomen wordt dat toerekening van 50% van de totale kosten van straatreiniging aan de rioolheffing een reële inschatting is. Perceptiekosten: de integrale kosten van heffing en inning, inclusief de kosten van bezwaar en beroep tegen de aanslagen, worden in rekening gebracht. De belastingheffing wordt sinds 1 januari 2015 verzorgd door de BghU, er is hier sprake van gemengde kosten. Naast de rioolheffing verzorgt de BghU ook de OZB, RZB, precariobelasting en afvalstoffenheffing. Van de totale kosten wordt een toerekening van 14% aan de rioolheffing reëel geacht. Verhoudingsgewijs vraagt de OZB veel meer tijd en kosten dan de afvalstoffen- en rioolheffing. Voorziening rioolheffing: de stand zal begin 2022 naar verwachting € 425.000 zijn, en in 2022 wordt het saldo van de exploitatie toegevoegd aan de voorziening. In 2022 zal een bedrag van € 480.000 worden onttrokken t.b.v. de uitvoering baggerwerkzaamheden.
Voor 2022 wordt het tarief met 1,6% verhoogd, wat leidt tot een kostendekking van afgerond 101%. Beleidskeuzes: Mate van kostendekkendheid: Uitgangspunt is een kostendekking van 100%, waarbij de voorziening rioolheffing actief wordt aangewend, om geen grote schommelingen ineens te veroorzaken. Maatstaf van heffing: De gebruiker van het op de riolering aangesloten perceel is de belastingplichtige. Reden voor deze keuze is dat het waterverbruik medebepalend is voor de hoogte van de heffing en dat is iets dat wordt beïnvloed door de gebruiker en niet door de eigenaar. Er wordt een combinatie van vastrecht en waterverbruik gehanteerd. Tot en met het gebruik van 300 m² water geldt een vastrecht, daarboven wordt bovendien een bedrag per m² gehanteerd. Om het watergebruik te bepalen wordt uitgegaan van de meest
actuele opgaaf van het waterbedrijf voorafgaand aan het belastingjaar. In de praktijk is dat het waterverbruik tot 1 oktober. Er is bewust niet voor gekozen om alles onder het waterverbruik te brengen, omdat het totale waterverbruik van een fors aantal woningen niet goed te bepalen is. Een aanzienlijk deel van het woningbestand is aangesloten op de stadsverwarming, waarvan ook water wordt afgenomen. De bestanden van stadsverwarming en waterbedrijf zijn technisch moeilijk te koppelen. Daarnaast heeft een aantal woningen een gezamenlijke watermeter, zodat niet het verbruik per woning kan worden bepaald. Daarom is gekozen voor een vast bedrag tot 300 m². Slechts een klein percentage van de aangesloten percelen valt onder het grootverbruik, daaraan worden handmatig aanslagen opgelegd. Om bij de huishoudens toch een bepaalde differentiatie toe te kunnen passen is er een tarief voor éénpersoonshuishoudens ingevoerd dat 70% bedraagt van het tarief voor meerpersoonshuishoudens en bedrijven. Kwijtschelding: Bij het bepalen van het benodigde kostendekkende tarief wordt rekening gehouden met kwijtscheldingen. Dat wil zeggen dat bij de berekening van het tarief wordt uitgegaan van het daadwerkelijk betalende aantal huishoudens.