CConstaterende datNieuwegein
Koppel je AI →
Document · PDF

2021-407 Bijlage 2 DEF. Evaluatie resultaten werkteam_ maatregelenmix participatie aug'21.pdf

Raadsvergadering 25 november 2021, gemeente NieuwegeinBij agendapunt: Voorstel over eindrapport evaluatie innovatieagenda WIL-gemeenten6.115 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

2021-407 Bijlage 2

Resultaten lokaal werkteam Nieuwegein en evaluatie Maatregelenmix participatie Bijlage bij evaluatie Innovatieagenda WIL-gemeenten Inhoudsopgave

pagina

1. Inleiding

2

1.1. Ondersteuning en de maatregelenmix participatie

2

1.2. Lokaal handgeld

3

2. Uitgangspunten maatregelenmix

3

3. Werkervaringstrajecten

3

3.1. Voorbeelden van werkervaringstrajecten 4. Leerwerktrajecten

3 5

4.1. Voorbeelden van leerwerktrajecten

5

5. Individueel maatwerk

6

5.1. Voorbeelden van individueel maatwerk

6

6. Ondersteuning bij zelfstandig ondernemerschap

7

6.1. Voorbeelden van ondersteuning bij ZZP

8

7. Projecten lokaal werkteam

9

7.1. Voorbeelden projecten lokaal werkteam

9

8. Integrale aanpak

12

9. Resultaten tot nu toe

13

9.1. Resultaten lokaal werkteam

14

10. Conclusies maatregelenmix participatie en resultaten lokaal werkteam 10.1 Vooruitblik

14 15

“We hebben de overtuiging dat het hebben van werk en het deelnemen aan de maatschappij, de ervaren kwaliteit van leven verhoogt en het beroep op zorg op de lange termijn verlaagt ”.

Augustus 2021 Olette Koops Projectleider Meedoen naar vermogen Gemeente Nieuwegein

1

1. Inleiding Vanaf september 2019 werken de gemeente Nieuwegein, WIL en Geynwijs met een lokaal werkteam, dat integrale ondersteuning biedt op het gebied van participatie. Het werkteam is onderdeel van de Innovatieagenda WIL-gemeenten. Binnen het lokaal werkteam werken de diverse professionals integraal samen om inwoners zo goed mogelijk te ondersteunen bij het zetten van stappen richting participatie. Naast de begeleiding bij het verkrijgen van betaald of onbetaald werk, leggen de professionals ook verbinding met ondersteuning op andere leefgebieden, zoals WMO, Jeugdhulp, schuldhulpverlening, welzijn. Al deze leefgebieden kunnen invloed hebben op het wel of niet succesvol meedoen binnen onze samenleving. Nieuwe diagnose-indeling In samenwerking met WIL hebben we in 2020 de ‘oude’ klantgroepindeling losgelaten. We kijken nu niet meer naar de mate van afstand tot de arbeidsmarkt, maar naar de mogelijkheden van de inwoner voor werk, participatie en ontwikkeling. Er is gekozen voor een indeling die in veel gemeenten wordt gehanteerd, met een werkfitanalyse en een hieraan gekoppelde conclusie arbeidsbemiddeling (A tot en met D). Voor 1 januari 2021 zijn alle inwoners opnieuw ingedeeld.

In november 2020 hebben we de volgende tussenstand gemeten met de verdeling van inwoners: Werkfit regulier (A1) Werkfit banenafspraak/beschut werk (A2) Kansrijk voor plaatsing (B1) Op weg naar werk (B2) Activering en overige (C) Geen mogelijkheden voor activering(D) Totaal w.v. met Participatiewet-uitkering w.v. zonder Participatiewet-uitkering Werk Wsw Totaal

66 74 57 614 586 232 1629 1591 38 115 1744

Tabel: totaal aantal inwoners dat een beroep doet op het werkteam d.d. nov. 2020, inclusief in - en uitstroom van bijstandsgerechtigden, niet-uitkeringsgerechtigden en inwoners die gesubsidieerd werken.

1.1. Ondersteuning en de maatregelenmix participatie Om inwoners goed te kunnen ondersteunen in het zetten van stappen richting participatie, met als hoogste haalbare het verkrijgen van betaalde arbeid, ondersteunen wij ze hierbij op diverse manieren. Dat kan zijn door het inzetten van een sollicitatietraining, of het behalen van een praktische cursus die nodig is om betaald werk te mogen uitvoeren. Zoals het behalen van een heftruckcertificaat of een veiligheidscursus. Maar soms is er sprake van een langere afstand tot de arbeidsmarkt en kan het helpen om eerst weer arbeidsritme op te doen en om werknemersvaardigheden te leren. Hiervoor zetten we trajecten in bij lokale partijen in de stad, zoals zorgaanbieders die een werkervaringstraject aanbieden. Hier ontvangen inwoners ondersteuning en begeleiding en doen ze tevens werkervaring op. Binnen het lokaal werkteam hebben we een breed aanbod van externe ondersteuning die professional kunnen inzetten, dit aanbod noemen we de maatregelenmix participatie.

2

1.2. Lokaal handgeld Vanuit het participatiebudget hebben we zogenaamde lokale handgeld ter financiering van de maatregelenmix. Er zijn financiële afspraken gemaakt met de externe partijen die voor ons de ondersteuning, begeleiding en trajecten verzorgen. Voor elk jaar wordt er vooraf een begroting gemaakt welke ondersteuning we verwachten nodig te hebben en welk budget we daarvoor nodig hebben. De professionals binnen het lokaal werkteam hebben de vrijheid om zelf trajecten en ondersteuning in te zetten tot een bedrag van €2.500,--. Boven dit bedrag is er toestemming van de teamleider nodig.

2. Uitgangspunten Maatregelenmix Uitgangspunten: •

De inwoner staat centraal.

• • • • •

We kijken naar alle leefgebieden en doen wat nodig is. We focussen op mogelijkheden en kansen en niet op beperkingen. We zetten maatwerk in. We handelen naar doelmatigheid en niet naar rechtmatigheid. We brengen diverse expertises bij elkaar.

•

De trajecten zijn toegankelijk voor deelnemers uit alle Lekstroomgemeenten. Interne verrekening loopt via WIL en het lokale handgeld.

•

Er is geen plafond per project, wel voor het budget handgeld dat beschikbaar is.

3. Werkervaringstrajecten Hierbij gaat het om een werkervaringsplek zonder baanintentie bij een aanbieder. Dit betreft geen reguliere werkgever. Deze trajecten worden ingezet als het nodig is om een inwoner werknemersvaardigheden te laten ontwikkelen en om arbeidsritme op te doen. Er worden binnen een werkomgeving ook echte werkzaamheden uitgevoerd ter voorbereiding op de stap naar een reguliere werkgever. Voor de start van een traject wordt samen met de inwoner een plan van aanpak opgesteld. Hierin staan duidelijke en concrete doelen beschreven, maar ook bijvoorbeeld zaken waaraan gewerkt moet worden. De meerwaarde van dit traject is dat er inzicht wordt gekregen in welke mogelijkheden een inwoner heeft, of welke begeleiding nodig is om de volgende stap te kunnen zetten richting de arbeidsmarkt. Een werkervaringsplektraject duurt minimaal 3 maanden en maximaal 1 jaar. De ervaring is dat de meeste deelnemers een traject van gemiddeld 6 maanden volgen en dan klaar zijn voor een volgende stap.

3.1. Voorbeelden van werkervaringstrajecten: WederX www.wederkeer.nl •

Werkzaamheden op een was- en strijkafdeling en op een inpakafdeling.

Reinaerde www.reinaerde.nl •

Werkzaamheden binnen het groen en op een kinderboerderij.

3

Kringloop Nieuwe Vorm www.kringloopnieuwevorm.nl •

Werkzaamheden binnen de winkel, het magazijn en in de logistiek.

De Ruilfabriek www.deruilfabriek.nl •

Werkzaamheden in de detailhandel en als gastvrouw/-heer.

De Ambachtsschool www.stadskraan.nl •

Werkzaamheden binnen de bouw en techniek.

Taal op de werkvloer Werkwijss www.werkwijss.nl •

Werkzaamheden in de logistiek/magazijn en binnen de productie.

Wij 3.0. www.wij30.nl •

Werkzaamheden binnen de verhuis- en recycle service.

LaCaza/Lister* •

Werkzaamheden binnen de horeca en dienstverlening.

*Lister bood in buurthuis LaCaza werkervaringstrajecten aan. In het voorjaar 2021 heeft Lister besloten om te stoppen met deze trajecten omdat ze niet meer pasten binnen de huidige visie van de organisatie. De nog lopende trajecten van inwoners zijn ondergebracht bij andere aanbieders.

Casus van werkervaringstraject Taal op de werkvloer Een inwoner van 26 jaar woont samen met zijn vrouw en 3 kleine kinderen. Toen meneer eind 2019 een uitkering heeft aangevraagd is hij ook gestart met inburgering. Hij heeft voor zijn komst naar Nederland al 6 jaar in de bouw gewerkt, maar vindt het nu erg lastig om weer opnieuw te moeten beginnen. Taal is de grootste barrière. Vaak komt hij niet naar de inburgeringslessen omdat het gezin ook privé wat moeilijkheden heeft. Er zijn financiële problemen, maar ook heeft het gezin het zoontje van de zus van meneer in huis genomen. Binnen het gezin is er sprake van multiproblematiek. De werkcoach is met meneer aan de slag gegaan en heeft de mogelijkheden voor een passend traject onderzocht. Dit leidde tot de aanmelding van het traject Taal op de werkvloer, met als belangrijkste doelen: -opdoen van werknemersvaardigheden -beheersing van de Nederlandse taal -opdoen van werkervaring Meneer is binnen het traject werkzaam op metaalafdeling van Werkwijss. Dit sluit ook het beste aan bij zijn eerdere werkervaring. Binnen deze volwaardige werkomgeving doet hij nieuwe ervaring op met lascabines, metaaldraaibanken en metaalvouwmachines. Daarnaast worden er ook inpakwerkzaamheden verricht waarbij er naast het verpakken ook geteld moet worden.

Meneer werkt hier twee dagen per week en volgt op de andere dagen scholing ten behoeve van zijn inburgering. Op de vrijdagochtend wordt er binnen het traject van Werkwijss Nederlandse les gegeven gericht op de werkzaamheden en op praktische situaties binnen de werkomgeving. Naast de praktische begeleiding bij Werkwijss, legt de werkcoach van het werkteam ook de verbinding met relevante partners binnen het sociale domein om meneer te ondersteunen bij de zaken op de andere levensgebieden.

4

Inmiddels heeft meneer aangegeven te willen stoppen met het traject bij Werkwijss omdat hij op eigen kracht een baan heeft gevonden. Vooralsnog gaat hij parttime aan de slag binnen de horeca, met de mogelijkheid dat hij op termijn fulltime kan gaan werken. Inwoner heeft zelf met SVS een nieuwe cursus voor de inburgering afgesloten, dus op deze wijze zal hij zijn Nederlandse lessen blijven volgen. Door het traject is meneer zelfredzamer geworden en is meer in beweging gekomen. Hij volgt de Nederlandse lessen en gaat binnenkort zijn Inburgering afronden. Daarnaast is zijn communicatie sterk verbeterd. Het traject bij Werkwijss heeft positief bijgedragen aan het toekomstperspectief van deze inwoner.

4. Leerwerktrajecten Binnen een leerwerktraject is het doel het leren van een gericht vak, werkervaring opdoen en dit vaak in combinatie met het volgen van een opleiding. Zowel de Ambachtsschool als Wijkleerbedrijf IJsselstein werken hierin samen met het ROC MN. De deelnemers geven aan dat zij de praktische aanpak van leren en werken als erg prettig ervaren. Ook omdat deze projecten zich binnen een kleinschalige omgeving bevinden waarbij er veel aandacht is voor individuele begeleiding en maatwerk. Vooral de Ambachtsschool levert geen standaard traject, maar kijkt naar wat een inwoner nodig heeft waarna een traject op maat gemaakt wordt. Deze leerwerktrajecten passen goed bij jonge inwoners tot 27 jaar, maar ook voor een wat hogere leeftijd is er voldoende aansluiting. 4.1. Voorbeelden van Leerwerktrajecten: De Ambachtsschool www.stadskraan.nl •

Leerwerktraject binnen de bouw en techniek.

De Bouwloods www.stichtingbouwloods.nl •

Leerwerktraject binnen de ambachtelijke houtbewerking.

Geïntegreerd taaltraject www.rocmn.nl/geintegreerd-traject-opleidingen-met-extra-nederlandsl •

Vakopleiding en taal voor jonge statushouders

5

Casus van leerwerktraject De Ambachtsschool Het betreft hier een vriendelijke en spontane jongeman van 24 jaar, nog woonachtig bij zijn ouders. Hij heeft zijn school niet af kunnen maken als gevolg van een angststoornis. Hij heeft daardoor een laag zelfbeeld ontwikkeld, twijfelt aan alles en komt moeilijk zijn afspraken na. Zijn wens is om op korte termijn op zichzelf te gaan wonen. De werkcoach heeft in overleg met deze inwoner een traject bij De Ambachtsschool ingezet om zijn laatste schooljaar hier af te maken. Dit traject bij De Ambachtsschool wordt gecombineerd met de opleiding Hout en Meubilering bij het ROC die hij op deze manier kan afronden. De werkcoach heeft samen met de inwoner voorafgaand aan het traject de leerdoelen bepaald, zoals: - Het opdoen van arbeidsritme. - Het verkrijgen van een goede dag invulling. - De opleiding aan het ROC verder afronden. - Het opdoen van werknemersvaardigheden binnen een arbeidsproces. Deze jongeman heeft tijdens het traject een enorme vooruitgang geboekt en voelt zich veel beter in zijn vel zitten. Tijdens het traject is wel duidelijk geworden dat er sprake is van een arbeidsbeperking, die consequenties heeft voor het vinden van een baan. De werkcoach zal hem daarom begeleiden bij het vinden en behouden van passend werk.

Als hij aan de slag gaat binnen een nieuwe werkomgeving zal er een jobcoach worden ingezet om hem ook op de werkvloer te ondersteunen. De jongeman komt nu afspraken na en ontwikkelt zich ook in zijn sociale contacten. Hij is nog niet op het punt geplaatst te worden bij een werkgever voor een betaalde baan.

5. Individueel maatwerk Naast de genoemde trajecten kan het soms ook nodig zijn om andere ondersteuning in te zetten, waarmee een inwoner stappen kan zetten naar participatie. Bijvoorbeeld het doen van een medisch belastbaarheidsonderzoek wanneer een inwoner aangeeft wegens zijn lichamelijke situatie niet te kunnen werken. Maar bijvoorbeeld ook ondersteuning in de vorm van jobcoaching wanneer iemand na lange tijd weer aan de slag gaat en daarbij hulp nodig heeft. Jobcoaching kan worden ingezet voor elke inwoner, niet alleen voor inwoners met een indicatie voor garantiebaan of beschut werk. Deze instrumenten kunnen het verschil maken bij het verkrijgen of het behouden van een baan. Werkgevers die positief staan tegenover het in dienst nemen van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, hebben meestal behoefte aan ondersteuning en willen daarbij vooral ontzorgd worden. Dan kan bijvoorbeeld door het inzetten van een jobcoach op de werkvloer, maar ook door het geven van een financiële prikkel zoals het inzetten van loonkostensubsidie. 5.1. Voorbeelden van individueel maatwerk: •

Jobcoaching

•

Loonwaardemeting

•

Loonkostensubsidie

•

Medisch belastbaarheidsonderzoek

•

Sollicitatietraining 6

•

Korte cursus/opleiding (bv een veiligheids- of heftruckcertificaat)

•

Psychodiagnostisch onderzoek

Casus aanpak individueel maatwerk Situatie: Het betreft een jongeman van achter in de twintig met een vorm van autisme en ADHD, hij woont nog thuis bij zijn moeder en heeft geen eigen inkomen. Inmiddels zit hij al een jaar thuis en het lukt zijn moeder niet om haar zoon in beweging te krijgen. Haar inkomen is te laag om voor beiden in het onderhoud te voorzien en er beginnen schulden te ontstaan. Moeder heeft aan de generalist van WIL gevraagd of zij haar kon helpen. Aanpak: De generalist WIL heeft samen met de sociaal professional Geynwijs contact proberen te leggen met deze jongeman en het is ze gelukt om een gesprek aan te gaan. Vanuit de gedachte van mobility mentoring is er afgesproken dat één professional de jongeman bij alle te nemen stappen kan ondersteunen en beschikbaar is in geval dit nodig is. Samen is er eerst een participatiewet uitkering aangevraagd. Daarnaast heeft de sociaal professional de aanbieder Abrona ingeschakeld voor individuele ondersteuning. Ondertussen heeft de WIL-generalist stappen gezet om te komen tot werk. De jongeman is onlangs voorgesteld bij een werkgever en mocht aan de slag op een werkervaringsplek voor de duur van 2 maanden. Als alles goed gaat, dan krijgt hij van de werkgever na deze periode een vast contract aangeboden.

Parallel aan deze activiteiten hebben de professionals ook schuldhulpverlening voor moeder en zoon ingezet, waarbij de zoon tevens ondersteuning zal krijgen op het gebied van zelfredzaamheid en andere zaken waar hij tegenaan kan gaan lopen in zijn weg naar (economische) zelfstandigheid.

6. Ondersteuning naar zelfstandig ondernemerschap Als een inwoner aangeeft graag als zelfstandig ondernemer aan de slag te gaan, dan wordt deze in eerste instantie doorverwezen naar Bureau Zelfstandige in Utrecht. Als iemand een goed ondernemersplan heeft en een levensvatbaar idee dan is het mogelijk om met een uitkering als zelfstandig ondernemer te starten. Een inwoner valt dan onder de BBZ-regeling (besluit bijstandsverlening zelfstandigen). Maar niet iedereen is er klaar voor om direct als zelfstandig ondernemer aan de slag te gaan en kan daar wel wat hulp bij gebruiken. In dat geval biedt de organisatie StekUp een goed aanbod. Zij begeleiden toekomstige ondernemers in hun stappen naar zelfstandigheid.

7

6.1. Voorbeelden van ondersteuning bij ZZP: StekUp www.stekup.nl •

StekUp is een sociale coöperatie en ondersteunt inwoners met een afstand tot de arbeidsmarkt in het starten van een eigen onderneming. StekUp biedt ondersteuning in de vorm van coaching en training, maar ook een werkomgeving waar de inwoner zijn activiteiten kan starten.

De zomerondernemer https://www.zomerondernemer.nl/succesverhalen/escape-it/ •

Zomerondernemer is een project vanuit Economische Zaken en lokale ondernemers voor jongeren van 15 tot 22 jaar. Of ze nu schoolgaand zijn of niet, of een uitkering ontvangen, dit maakt niet uit. Voorwaarde om deel te nemen is dat de jongeren woonachtig zijn in gemeenten Nieuwegein, Stichtse Vecht of Vijfheerenlanden. Deze gemeenten hebben zich gecommitteerd aan dit project. De deelnemers aan de Zomerondernemer worden binnen een aantal weken klaargestoomd om te gaan ondernemen en krijgen hulp van businesscoaches uit het bedrijfsleven. Dit zijn ondernemers die ondersteunen bij bijvoorbeeld het opzetten van een bedrijfsplan, een begroting, bij het netwerken en de marketingactiviteiten. In 2021 zijn er helaas te weinig aanmeldingen en wordt het project verschoven tot na de herfstvakantie.

Casus traject StekUp Een mevrouw van 40 jaar heeft al meer dan 10 jaar een bijstandsuitkering. Zij woonde eerst 7 jaar in Utrecht en de laatste 3 jaar in Nieuwegein. Zij is alleenstaand en heeft weinig sociale contacten. Wel is mevrouw verbonden aan een Evangelische kerkgemeente waar zij veel waarde aan hecht. Thuis houdt ze zich vooral bezig met het maken van kleding en andere attributen van stof. In eerste instantie is zij begeleid met als doel het verkrijgen van algemeen geaccepteerd werk en uiteindelijk terecht gekomen in een magazijn als administratief medewerker. Door conflicten op de werkvloer met collega’s is zij daar al snel weggegaan. Zij geeft aan dat ze het liefste alleen werkt en ook bij voorkeur vanuit huis. Ze vertelde de werkcoach dat zij af en toe kledingstukken voor anderen maakt en daar dan haar dag mee vult. Samen met de werkcoach is gekeken of zij meer maatschappelijk actief kan worden en zo ook sociale contacten op kan doen. Tevens is er een persoonlijkheidsonderzoek ingezet om uit te zoeken wat mevrouw belemmerde om goed te functioneren op de werkvloer en om werk vol te kunnen houden. Uit het onderzoek kwam naar voren dat zij sociale angst heeft, wat vooral wordt toegeschreven aan taalproblematiek. De werkcoach heeft een traject bij StekUp voorgesteld aan mevrouw.

In dit traject kan zij maatschappelijk actief en betrokken worden en van haar hobby haar werk maken. Binnen het traject wordt zij begeleid door StekUp om volwaardig kledingmaakster te worden. StekUp zorgt voor een werkplek in de kringloopwinkel waar zij haar producten kan verkopen. Tegelijkertijd wordt zij geholpen met het financiële aspect: wat voor prijzen kan zij vragen en hoe werkt het met de belastingafdracht? Van het geld wat zij verdient kan zij investeren in een nieuw soort naaimachine of een cursus om nog beter te worden. Gedurende het traject bij StekUp is er gewerkt aan het versterken van haar sociale vaardigheden en het leren ondernemen. Zo heeft zij geleerd klanten aan te spreken in de kringloopwinkel en open te staan voor andere oplossingen dan datgene wat zij in eerste instantie in haar hoofd had.

8

Een voorbeeld hiervan is dat zij bij StekUp is begonnen met het verkopen van zelfgemaakte kleding en dat ze haar werkzaamheden heeft uitgebreid naar kledingreparatie. Het uiteindelijke doel is dat mevrouw als zelfstandig onderneemster aan de sl ag kan en financieel onafhankelijk is van een bijstandsuitkering. De werkcoach is zeer positief dat mevrouw dit doel ook gaat behalen en zij na meer dan 10 jaar uit de bijstand komt.

7. Projecten Lokaal werkteam Sommige inwoners hebben andere of meer specifieke ondersteuning nodig om mee te kunnen doen binnen onze samenleving. Dit is te zien bij 50-plussers, statushouders, jongeren en bij inwoners waarbij de motivatie om aan het werk te gaan wat verder is afgenomen. Voor deze inwoners hebben we specifieke projecten opgezet die aansluiten bij de ondersteuningsvraag en bij de mogelijkheden op de arbeidsmarkt. Binnen deze projecten werken we samen met externe partners, maar ook met lokale ondernemers als het gaat om het opdoen van werkervaring. We vinden het belangrijk dat alle inwoners een kans krijgen om mee te doen. Een voorbeeld daarvan zijn inwoners die vrijstelling hebben gekregen van de arbeidsplicht, maar wel actief mee willen doen als vrijwilliger binnen de buurt. Vaak weet men niet hoe bepaalde zaken aan te pakken of welke mogelijkheden er allemaal zijn. Wij bieden daarbij ondersteuning en verbinden inwoners aan de juiste partijen. We hebben regelmatig gezien dat ook vrijwilligerswerk een opstap kan zijn naar betaald werk. 7.1. Voorbeelden van projecten lokaal werkteam De Energiebox De gemeente Nieuwegein heeft een aantal projecten gestart rondom duurzame energie om inwoners meer bewust te maken van hun energieverbruik.

Een van die projecten is de Energiebox: een box die inwoners gratis ontvangen met advies hoe ze kunnen besparen op energieverbruik en op kosten. De Energiebox wordt uitgevoerd door stichting JMA, zij verzorgen de werving en selectie van de adviseurs en nemen ze ook in dienst voor de duur van een jaar. Na dit jaar kijken ze naar mogelijkheden voor werk binnen de stichting, of daarbuiten. Voor de functie van adviseur hebben we inwoners met een uitkering vanuit de Participatiewet voorgesteld. Vooral voor mensen die wat langer uit het arbeidsproces zijn geweest, of met een wat hogere leeftijd, bood dit project een goede mogelijkheid om aan de slag te gaan. De adviseurs starten met een opleiding van een maand en worden daarnaast goed begeleid. Zij kunnen beginnen met een werkweek van een aantal uren en bouwen dit geleidelijk op tot 28 uur of meer. Resultaten Eind januari 2020 zijn we vanuit het lokaal werkteam gestart met de selectie van kandidaten. In februari en maart jl. zijn er 3 inwoners geselecteerd die langdurig werkloos waren en zijn begonnen met de opleiding. Deze positieve resultaten hebben geleid tot een dienstverband als adviseur bij de stichting.

9

Werkteam Muntenbuurt Dit project is een onderdeel van de Betere Buurten Muntenbuurt, binnen het thema Participatie. Dit project wordt uitgevoerd door het lokaal werkteam. We bieden ondersteuning aan inwoners met een p-wetuitkering, woonachtig binnen de Muntenbuurt en ingedeeld binnen categorie C en D van de klantindeling van WIL. Dit zijn inwoners met een grote afstand tot de arbeidsmarkt en/of armoedeproblematiek. Deze ondersteuning heeft als doel om inwoners stappen te laten zetten richting participatie of werk, of op een andere manier deel te nemen aan de samenleving. Beoogd resultaat Eind 2021 hebben we minstens 75 inwoners gesproken over hun over hun ondersteuningsbehoefte, waarvan 50 inwoners een individueel traject (maatwerk) hebben gekregen op het gebied van betaald/onbetaald werk of van armoede- en schuldenproblematiek. Tevens is, waar nodig en gewenst, verbinding gelegd met het zorg- en welzijnsveld. Iedereen in beeld In 2019 zijn we van start gegaan met een project om inzicht te krijgen in de ondersteuningsbehoefte van inwoners binnen klantgroep 4 van WIL (nu categorie C en D). Door de positieve resultaten van deze aanpak hebben we het vervolgproject Iedereen in beeld opzet. Er is een grote groep inwoners met een uitkering vanuit de Participatiewet die vallen onder de diagnose indeling C en D binnen WIL.

Voor de categorie D geldt dat dit inwoners zijn met een ontheffing van de arbeidsplicht omdat zij geen mogelijkheden hebben op participatie naar betaald of onbetaald werk. Bij categorie C gaat het om inwoners met een uitkering, maar waarbij belemmeringen aanwezig zijn waardoor op dit moment alleen nog activering naar vrijwilligerswerk of sociale activiteiten tot de mogelijkheden behoort. Mogelijk zijn deze belemmeringen weg te nemen en kunnen inwoners worden geactiveerd. Momenteel bestaat categorie C uit 451 inwoners en categorie D uit 340 inwoners. Van 64 inwoners is de categorie nog niet vastgesteld. Totaal hebben we het over 855 inwoners. Doel is dat deze inwoners aandacht krijgen om waar nodig ondersteuning in te zetten. Zeker omdat we uit ervaring weten dat er bij deze inwoners vaak problemen op meerdere levensgebieden spelen. Naast het bieden van de juiste ondersteuning, valt te denken aan diverse vormen van participatie, zoals het inzetten van vrijwilligerswerk of aan arbeidsmatige activering. Met deze aanpak willen we bevorderen dat alle inwoners mee kunnen doen naar vermogen en de mogelijkheid krijgen om te participeren binnen onze samenleving. Niemand hoeft ten slotte aan de zijlijn te staan. Beoogd resultaat Eind december 2021 zijn alle inwoners met een p-wet uitkering binnen het lokaal werkteam in beeld.

Voor een groot deel daarvan is een actief werkplan opgesteld waarbij een traject of een andere activiteit ingezet. Naast de doelstelling, iedereen in beeld, streven we ernaar om voor elke inwoner een passende activiteit of andere ondersteuning in te zetten. Aangezien het om een grote groep inwoners gaat, verwachten wij dat niet voor iedereen een werkplan kan worden opgesteld. Voor deze inwoners doen we een voorstel voor een vervolg in 2022.

Aan de slag! Vanaf december 2018 hebben we een samenwerkingsovereenkomst met een externe partij met ervaring op het gebied van begeleiding en toeleiding van werkzoekenden met motivatieproblematiek. Zij verzorgen het werkgelegenheidsproject Aan de slag! Het doel van dit project is re-integratie van inwoners waarbij geen sprake is van een (functionele) 10

arbeidsbeperking, multiproblematiek of andere zaken die een terugkeer naar de arbeidsmarkt in de weg staan. Feitelijk gaat het om inwoners die niet willen, maar wel kunnen werken. De ingezette activiteiten en trajecten zijn gericht op het vinden van werk en het activeren van kandidaten. Inzet van een traject kan twee kanten op werken; de inwoner voelt zich gesteund en gemotiveerd of voelt het als een verplichting. In beide gevallen is het resultaat dat de inwoner in beweging komt. Deelnemers aan een traject volgen een training werknemersvaardigheden en worden intensief begeleid in de stap richting een werkgever. Wanneer de deelnemer klaar is om aan de slag te gaan, volgt een traject richting betaald werk binnen diverse branches, waaronder in de industrie, logistiek, groenvoorziening, schoonmaak, bouw, reiniging en horeca. Als gevolg van corona hebben de activiteiten in het project even stilgelegen en waren er gedurende deze periode geen nieuwe deelnemers aangemeld. Inmiddels is het project weer gestart en kunnen we over de totale looptijd zeer tevreden zijn over de resultaten die het heeft opgeleverd. Het is gebleken dat het vooral de directe en praktische aanpak is die zeer goed werkt en zijn vruchten heeft afgeworpen. Resultaten De belangrijkste resultaten van het project zijn: •

30 uitkeringen zijn er totaal beëindigd.

•

15 deelnemers zijn uitgestroomd naar betaalde arbeid.

•

6 deelnemers hebben hun uitkering opgezegd en zijn verhuisd.

•

2 deelnemer is als ZZP’er aan de slag gegaan.

•

6 deelnemers waarvan de uitkering is beëindigd omdat er sprake was van onrechtmatigheid.

•

3 inwoners zijn gestart met een ander traject.

•

3 deelnemers zijn aan het werk gegaan, maar zijn binnen de proeftijd weer teruggekomen in de uitkering.

•

1 deelnemer is parttime aan het werk gegaan.

50+ Inwoners vanaf 50 jaar die langer uit het arbeidsproces zijn, kunnen het lastig hebben op de arbeidsmarkt. Sommige werkgevers vinden het zogenaamde “gat” in het CV een bezwaar en de sollicitanten verliezen soms het vertrouwen dat het nog gaat lukken om weer aan de slag te gaan. Deze 50-plussers kunnen dus wel een steuntje in de rug gebruiken. Binnen het project, uitgevoerd in 2020, hebben we gezorgd voor de verbinding met de juiste werkgevers. Dat wil zeggen, werkgevers die 50-plussers de ruimte geven om weer in een werkritme te komen om zo de draad weer op te pakken. Resultaten Er zijn 11 inwoners aangemeld voor het project, waarvan 5 geplaatst bij een werkgever. Met de overige inwoners zijn geen resultaten behaald. We hebben geconstateerd dat de aanmeldingen voor dit project achter bleven bij de verwachtingen. Daarnaast vraagt deze doelgroep om een maatwerkaanpak en dat verschilt niet van andere inwoners met een uitkering, jong of oud. Gebleken is dat onze maatwerkaanpak belangrijker is dan een specifieke aanpak voor leeftijdscategorieën. Vandaar dat we dit project niet hebben voortgezet in 2021.

11

Droomstatus Begin 2019 zijn wij een project gestart met een externe specialistische partij om statushouders toe te leiden naar de arbeidsmarkt. Dit heeft geleid tot de pilot Droomstatus. We hebben een aantal waardevolle lessen geleerd in deze pilot. We kregen een beter beel d van hoe statushouders hun gewenste baan voor zich zien en hoe deze te vertalen naar een realistisch beeld. De training die de organisatie Droomstatus aanbood aan de deelnemers is via een train-detrainersconcept overgedragen aan de werkcoaches binnen het Lokaal Werkteam. Deze insteek is bewust gekozen, passend bij de brede inzet in het kader van Meedoen naar Vermogen en lokaal maatwerk bieden. Op deze manier kunnen de werkcoaches informatie, methoden en kennis uit deze cursus inzetten richting inwoners met een statushouder achtergrond. Positief was de overdracht van expertise over deze doelgroep. Leerpunt was dat de aadwerkelijke uitplaatsing naar lokale ondernemers beter kan worden gedaan door werkcoaches en accountmanagers zelf dan door een extern bureau. Dit maakte dat vanaf het tweede kwartaal 2020 de pilot Droomstatus is beëindigd en de professionals van het werkteam de begeleiding van statushouders naar werk zelf gingen uitvoeren. Resultaten In totaal hebben 42 deelnemers de training van Droomstatus doorlopen.

Aan het eind van het traject zijn er totaal 12 inwoners uitgestroomd naar parttime werk en 4 inwoners zijn uitgestroomd naar een fulltimebaan. Ook zijn er 5 inwoners aan de slag gegaan als vrijwilliger omdat hun taalniveau nog onvoldoende bleek. 8 inwoners kregen een werkervaringsplek, 3 werden begeleid richting een opleidingstraject waarvan er 1 begeleid werd vanuit het Universitair Asiel Fonds (UAF) en 2 inwoners zijn een ander traject gaan volgen. Er waren 8 inwoners die het traject niet succesvol hebben kunnen afronden, veelal als gevolg van gezondheidsklachten.

8. Integrale aanpak De professionals binnen het werkteam focussen op de ondersteuning van inwoners op het gebied van participatie, zoals het verkrijgen van betaald of onbetaald werk. Vaak zien we dat inwoners naast participatie, ook hulp kunnen gebruiken op andere levensgebieden waar zich problemen kunnen voordoen. Zelden komt het voor dat alleen het verkrijgen van werk een probleem vormt en op alle andere gebieden geen zaken spelen die aandacht vragen. Inwoners hebben dus veelal te maken met meervoudige problematiek en dat maakt dat onze aandacht ook verder moet gaan dan alleen participatie. In de gesprekken met inwoners komen daarom ook andere zaken aan bod, zoals het hebben van schulden, gezondheid, laaggeletterdheid, WMO en welzijn. Professionals binnen het werkteam werken daarom ook integraal en leggen de verbinding met andere professionals waar nodig. Dit kan gaan om nieuwe ondersteuning die moet worden ingezet, maar ook in het verbinden van bestaande partijen die betrokken zijn bij een inwoner. Samenwerking kan helpen om een inwoner efficiënter, effectiever en duurzamer te ondersteunen. Naast de samenwerking met de professionals van Geynwijs en WIL, is er ook een verbinding met andere relevante partijen binnen het sociale werkveld in Nieuwegein. De afgelopen jaren zijn de samenwerkende partijen steeds meer tot elkaar gekomen , maar er is een lange weg afgelegd.

Vanaf de start van het lokale werkteam in 2019 was de samenwerking tussen de werkgebieden WMO/Welzijn en Werk en Inkomen nog niet zo vanzelfsprekend. De professionals hebben afgelopen periode kunnen ervaren hoe het is om te werken zonder deze

12

afbakeningen. Een werkcoach kan bijvoorbeeld een WMO-product zoals arbeidsmatige activering inzetten voor zijn of haar inwoner. De lijnen zijn hierdoor korter en een inwoner heeft niet allemaal verschillende contactenpersonen bij de diverse organisaties. De integrale manier van werken is veel effectiever en efficiënter gebleken. Maar vooral voor onze inwoners heeft deze aanpak veel voordelen. Voor een uitgebreider inzicht in de resultaten van het integraal werken in het lokale werkteam, verwijzen we naar het evaluatierapport Innovatieagenda WIL-Gemeenten. Casus van een integrale aanpak Situatie: Een man van 30 jaar is lange tijd verslaafd geweest aan drugs en is bang dat hij zal terugvallen in zijn oude situatie. Bij heeft een uitkering vanuit de Participatiewet en is bij WIL ingedeeld in categorie D, dat wil zeggen dat meneer vrijstelling heeft van de arbeidsplicht. Meneer heeft aangeven ondersteuning te kunnen gebruiken bij zijn huidige situatie om te voorkomen dat hij weer terugvalt. Aanpak: De generalist vanuit WIL heeft samen met de participatiecoach van Vitras een gesprek gehad met meneer en besproken wat ze voor hem kunnen betekenen. Het werd direct duidelijk dat het goed zou zijn als meneer weer actief mee kan doen binnen de samenleving. De participatiecoach heeft contact gelegd met de Kringloop waar hij direct aan de slag kon gaan.

Meneer is erg blij dat hij op deze manier een zinvolle dagbesteding heeft en kijkt er naar uit om volgende stappen te gaan zetten. In de komende maand wordt verder besproken wat een volgende stap kan zijn richting betaald werk, en in hoeverre ondersteuning van Geynwijs nodig is.

9. Resultaten tot nu toe Afgelopen jaren hebben we gezien dat inwoners zijn gaan participeren door de inzet van: •

Vrijwilligerswerk

•

Scholing

•

Arbeidsmatige activering

•

Dagbesteding

•

Trajecten (werkervarings- en leerwerktrajecten)

De professionals binnen het lokaal werkteam hebben kunnen ervaren wat de voordelen zijn om te werken binnen een integraal team met collega’s uit diverse vakgebieden. De huidige groep inwoners met een participatiewet uitkering heeft ondersteuning nodig vanuit meerdere levensgebieden. Daarnaast weten we dat maatwerk in de vorm van individuele aandacht het beste werkt om inwoners in beweging te krijgen en daarmee te laten meedoen naar vermogen. Het resultaat van afgelopen jaren is dan ook dat we hebben mogen ervaren wat goed werkt en wat minder, of helemaal niet werkt. Naast de opgestelde kaders voor een nieuwe manier van werken, zijn we ook aan de slag gegaan met het professionaliseren van zaken rondom de bedrijfsvoering. Er is bijvoorbeeld een belangrijke slag gemaakt in de kwalitatieve verslaglegging, de registratie en opschoning van de bestanden. Dit is van groot belang voor het genereren van juiste sturings- en managementinformatie die lange tijd ontbrak. 13

9.1. Resultaten lokaal werkteam Activiteit inwoner Regulier werk Part time werk Garantie baan Scholing Werkervaringsplek Vrijwilligerswerk Arbeidsmatige activering

Januari 2020 27 37 26 11 33 46 29

Juni 2021 44 92 53 24 51 103 18

verschil + 17 + 55 + 27 + 13 + 18 + 63 -11

Uitstroom naar betaald werk en studie in periode Innovatieagenda (1-1-‘19 tot 30-4-‘21): 185 Toelichting resultaten In het overzicht is te zien dat meer inzet van werkcoaches vanuit het lokale handgeld heeft geleid tot meer deelname aan werk, scholing en werkervaringsplekken. Opvallend is dat er veel meer inwoners actief zijn in vrijwilligerswerk. Dit heeft mede te maken met de intensivering van de gesprekken met inwoners in categorie C en D. Het aantal inwoners dat een traject arbeidsmatige activering heeft gevolgd, is achtergebleven in vergelijking met de eerdere periode. Als gevolg van de lockdown-periode tijdens de coronacrisis hebben diverse aanbieders de trajecten van arbeidsmatige activering noodgedwonen stil moeten leggen. Er is nog wel geprobeerd om inwoners op afstand activiteiten te laten doen en digitaal te begeleiden, maar dat is niet voor elke inwoner passend.

10. Conclusies maatregelenmix en resultaten lokaal werkteam In de afgelopen periode is het gebleken dat: •

Inwoners door middel van passende ondersteuning, stappen maken richting werk en participatie.

•

Ondersteuning in de vorm van maatwerk succesvol is.

•

Nieuwe samenwerkingen met lokale ondernemers en aanbieders tot stand zijn gekomen .

•

De ondersteuningsvraag van inwoners leidend is bij het aanbod van de maatregelenmix.

De maatregelenmix Participatie is de afgelopen jaren ontwikkeld als een palet van mogelijkheden voor inwoners om hun kansen op betaald of onbetaald werk te vergroten. We weten inmiddels dat een mix nodig is om maatwerk te kunnen bieden. Ook hebben we gezien dat in de loop van de periode nieuwe activiteiten door aanbieders of ondernemers werden ontwikkeld, of werden afgebouwd. De deelname van inwoners was afhankelijk van wat voor de inwoner op dat moment passend was. We zien dat dit een goede werkwijze is voor de toekomst. Als er bij meerdere inwoners een vraag ontstaat, ontwikkelen we een activiteit die daarbij past. Ondernemers en aanbieders worden hierdoor uitgenodigd om passende trajecten te blijven bieden, afhankelijk van de arbeidsmarkt en ontwikkelingsvraag van inwoners. We verwachten dat de maatregelenmix participatie op die manier toekomstbestendig is.

14

10.1 Vooruitblik In 2021 hebben we extra ingezet op het in beeld krijgen van alle inwoners met een Participatiewet-uitkering. Vooral de groep uit categorie C en D was onvoldoende inzichtelijk. Eind december 2021 zijn alle inwoners in beeld. Voor een groot deel daarvan is een actief werkplan opgesteld en een traject of een andere activiteit ingezet. Deze activiteiten zullen gemonitord moeten worden en inwoners begeleid naar een volgende stap. Daarnaast is het van groot belang dat we alle gesproken inwoners ook in beeld houden en opvolging geven aan gemaakte afspraken. De inwoners die in beeld zijn gebracht zullen worden ondergebracht in de caseloads van de werkcoaches. Hoe groot de benodigde inzet is op de voortkomende activiteiten vanuit deze verdeling weten we nog niet precies. Wel is de verwachting dat hiervoor extra inzet nodig zal zijn. De dekking van deze inzet vindt plaats uit het lokale handgeld van het werkteam, dat als Participatiebudget is opgenomen in de begroting van WIL. Dit wordt verder uitgewerkt in het jaarplan werkteam 2022. Het lokaal werkteam heeft de afgelopen jaren goede resultaten behaald als we kijken naar de participatie van inwoners. Tegelijkertijd zaten we nog in een opbouwende fase met een nieuw team en een andere aanpak en werkwijze. Inmiddels hebben we de opgedane ervaringen en kennis ingezet voor de verdere professionalisering van het werkteam.

Hier bouwen we de komende jaren op voort. Alhoewel er inhoudelijk al veel is bereikt zijn we nog niet klaar. Het komende jaar moet de beleidsmatige, juridische, bedrijfsmatige en organisatorische verankering plaatsvinden van het lokale werken in samenhang met de regionale uitvoeringsorganisatie voor werk en inkomen (WIL). Het raadsvoorstel ‘eindrapport evaluatie innovatieagenda WIL-gemeenten’ geeft hierin nader inzicht. Voor de periode die voor ons ligt is het belangrijk dat wij ons netwerk met relevante samenwerkingspartners verder gaan verstevigen en vooral kijken waar ieders expertises liggen. De samenwerking moet aanvullend zijn en toegevoegde waarde hebben, voor overlap van dienstverlening moeten we waken. Vanaf 2022 zal er veel aandacht zijn voor de verdere doorontwikkeling van de professionals binnen het werkteam. Vanuit de methodiek van Krachtwerk zullen de professionals ondersteund worden in de veranderende rol, de aanpak en het resultaat dat er van hen gevraagd wordt.

15

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nieuwegein&id=e4f5dd2b-afda-4d52-bb54-7c45a5503e07