2020-500 Rvs. Afwegingscriteria voor het winnen van aardwarmte.pdf
Tekst van het document
2020-500 Gemeenteraad
Onderwerp Datum
Afwegingscriteria winnen van aardwarmte
1 december 2020
Raadsvoorstel
Afdeling Ruimtelijk Domein Portefeuilleh ouder Marieke Schouten
Onderwerp Afwegingscriteria voor het winnen van aardwarmte.
Gevraagd besluit 1. De afwegingscriteria voor de winning van aardwarmte in bijlage 1 vast te stellen, met criteria voor de volgende thema’s: a. Veiligheid b. Duurzaamheid c. Maatschappelijke aanvaardbaarheid d. Ruimtelijke kwaliteit e. Functionaliteit locatie f. Vergunningen proces g. Inrichting boor locatie h. Lokale betrokkenheid boren en testen i. Lokale betrokkenheid in winningsfase j. Opruimplicht 2. Deze afwegingscriteria te hanteren bij het beoordelen van het LEAN-project van Warmtebron Utrecht (WBU) en haar voorkeurslocaties voor dit project: de hoek Zuidstede en Tramremise West. 3. Een samenwerkingsovereenkomst (SOK) met Warmtebron Utrecht te hanteren als juridisch construct voor het maken van nadere afspraken over: a.
hoe om te gaan met de ruimtelijke kwaliteit;
b. de mogelijke compensatie maatregelen en de financiering; c.
de maximale betrokkenheid van de gemeente Nieuwegein bij de uitwisseling en de beoordeling van informatie over:
omgevingsvergunning(en);
de impact op grond- en drinkwater;
winningsvergunning en winningsplan en impact op seismiciteit en bodemdaling, en risico op veiligheid en schade;
de voorbereiding van de boorfase, het boren en testen en het participatietraject met omwonenden in deze fase;
de inrichting van een periodiek omgevingsoverleg voor monitoring van de winning;
de planvorming, het opruimingsplan en de herinrichting bij de ontmanteling van de locatie en planvorming voor nieuwe inrichting.
Bladnummer 2/8 Raadsvoorstel 1 december 2020
Inleiding Nieuwegein wil in 2040 energieneutraal zijn. Om dat te bereiken is het noodzakelijk om over te schakelen op duurzame energiebronnen. Warmtebron Utrecht (WBU) is, voor haar project LEAN, in Nieuwegein op zoek naar een geschikte locatie om door middel van boren te onderzoeken of uit diepe aardlagen warm water kan worden opgepompt om de stadsverwarming van warmte te voorzien. Bij een positieve uitkomst kan aardwarmte een duurzame vervanging zijn van aardgas als warmtebron voor de stadsverwarming. De toewijzing van een locatie en vervolgens het realiseren van het aardwarmteproject vraagt om een zorgvuldig, stapsgewijs afwegingsproces. In een haalbaarheidsstudie heeft WBU een inventarisatie gedaan van potentiële locaties en een beoordeling gegeven van hun (functionele) geschiktheid voor het aardwarmteproject. De rapportage hierover is de gemeente Nieuwegein medio juli aangeboden. De studie trechtert naar een shortlist van 5 locaties die als meest haalbaar worden beschouwd, 4 daarvan liggen in Nieuwegein. Het betreft de volgende locaties:
Rand A12/Galecopperdijk;
Tramremise West (grond is eigendom provincie Utrecht);
Warmteoverdrachtstation (WOS) aan de Symfonielaan;
Hoek Zuidstede;
Nedereindseweg.
Op basis van nader onderzoek heeft WBU in september besloten om de eerste twee van deze locaties definitief van de shortlist te schrappen. Per saldo zijn er nu 3 locaties waaruit WBU een keuze wil maken om met het verdere onderzoek en de vergunningaanvraag van het project te kunnen beginnen. Daarbij is voor WBU de voorkeursvolgorde: 1. Hoek Zuidstede, 2. Tramremise West en 3. Nedereindseweg. De eerste twee zijn gelegen in Nieuwegein de laatste in Utrecht. Op basis van aanvullend onderzoek bepaalt WBU een voorkeurslocatie en presenteert deze aan de gemeente. De gemeente besluit vervolgens of ze al dan niet gefaseerd medewerking wil verlenen aan de ontwikkeling van een aardwarmte-installatie op deze locatie en geeft eventueel aanvullende randvoorwaarden mee. Het college wil de besluitvorming over de mogelijke winning van aardwarmte in Nieuwegein en de locatievoorkeur van WBU vormgeven in twee stappen:
Als eerste stap stelt u de bijgevoegde afwegingscriteria vast;
Zo spoedig mogelijk hierna neemt u het besluit of u wilt instemmen met medewerking aan het LEAN-project op basis van een toetsing van een, door WBU voorgestelde, locatie aan deze afwegingscriteria.
Gewenst effect Met behulp van de afwegingscriteria kunnen de door WBU voorgestelde voorkeurslocatie(s) van het LEAN-project worden beoordeeld en kan worden bepaald aan welke voorwaarden eventuele volgende besluiten in het proces moeten voldoen. Op deze wijze realiseren we een zorgvuldig afwegingsproces.
Bladnummer 3/8 Raadsvoorstel 1 december 2020
Argumenten 1.1 Voor de gemeente Nieuwegein en haar bewoners staat veiligheid op nummer 1. Het rijk is het bevoegde gezag voor de vergunningverlening en het toezicht op de veiligheid. Het project moet de veiligheid overtuigend aantonen aan het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) en de door haar ingeschakelde deskundige instanties zoals het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) en TNO. Lokaal wordt ook de Veiligheidsregio betrokken en om advies gevraagd. Als gemeente Nieuwegein willen we, namens onze inwoners, bij het treffen van veiligheidsmaatregelen ook maximaal geïnformeerd en betrokken worden. Dit zal worden geborgd in de SOK tussen gemeente en WBU. 1.2 Het onderzoek naar aardwarmte past in het streven om in 2040 energieneutraal te zijn Van de Nieuwegeinse woningen is 51% aangesloten op het warmtenet van Eneco, hiervoor is aardwarmte een van de mogelijkheden die kansrijk is. Daarnaast is het mogelijk dat in de toekomst nieuwe warmtenetten worden aangelegd, door Eneco of andere warmtebedrijven. Het verduurzamen van een collectieve voorziening middels een warmtenet bij bestaande bouw voorziet een grotere groep gebruikers die niet noodzakelijkerwijs de financiële middelen heeft om individuele verduurzamingsoplossingen toe te passen.
De winning van aardwarmte zal maximaal moeten bijdragen aan de verduurzaming van het warmtenet; een aardwarmtebron kan 3.000-5.000 huizen verwarmen. In alle vervolgstappen van het project zal duurzaamheid een criterium zijn waaraan wordt getoetst, waarbij CO2 neutraliteit het uitgangspunt is. Hierover zullen ook afspraken worden opgenomen in de SOK. 1.3 De afwegingscriteria zijn ondersteunend voor de draagvlakvorming Omwonenden en andere belanghebbenden worden vanaf het allereerste begin nauw betrokken bij een aardwarmteproject. Gedurende het proces van voorbereiding, rond beslismomenten, en het vervolg, zal de gemeente inzichtelijk maken hoe met vragen en zorgen van inwoners wordt omgegaan en op welke wijze deze verwerkt worden. De initiatiefnemer WBU moet een participatieplan opstellen voor de omgeving. De gemeente zal hier nauw bij betrokken zijn. De raad kan toetsen of de initiatiefnemer een zorgvuldig participatieproces heeft uitgevoerd. Ook hierover kunnen afspraken worden gemaakt in de SOK, onder andere over een schadeprotocol (als onderdeel van het veiligheidsplan). 1.4 Op basis van de afwegingscriteria kan de geschiktheid van de voorkeurslocatie(s) van WBU worden beoordeeld Bij het kiezen van een geschikte locatie zijn allereerst de functionele vereisten vanuit de ondergrond en bovengrond van belang.
Met een uitgebreide geologische analyse, welke wordt getoetst door EZK en de haar adviserende gespecialiseerde instanties (TNO, SodM), toont de initiatiefnemer aan waar in de ondergrond een geschikt reservoir kan worden aangeboord. Vanuit de bovengrond is de potentiële afname een belangrijke bepalende factor: waar is een goede verbinding te maken met een warmtenet? De aardwarmteinstallatie vormt uiteindelijk bovengronds één functioneel systeem met het warmtenet en zal om efficiency-redenen (voorkomen warmteverlies) zo dicht
Bladnummer 4/8 Raadsvoorstel 1 december 2020
mogelijk bij een warmte overdracht station (WOS) geplaatst moeten zijn. De plaatsing van de aardwarmte-installatie in de nabijheid van een WOS voorkomt tevens de langdurige overlast voor de omgeving van de aanleg van een ondergrondse warmtetransportleiding. Voor de weging door de gemeente is bepalend dat de aardwarmte-installatie voor minimaal 30 jaar onderdeel zal zijn van de ruimtelijke structuur van de stad. Een zorgvuldige ruimtelijke inpassing door de initiatiefnemer is een vereiste, waarbij de gemeente toetst aan dezelfde criteria als bij andere nieuwe functies, zoals woningen of bedrijfspanden. Het initiatief zal worden getoetst op de afwegingscriteria ten behoeve van een door de gemeenteraad aan het bevoegd gezag (EZK) af te geven ‘verklaring van geen bedenking’. 1.5 Er zijn ook criteria opgenomen voor de fase van het boren (ca. 3- 6 maanden) Naast de eisen met betrekking tot de ruimtelijke inpassing tijdens de fase van winning en exploitatie (minimaal 30 jaar) stelt de gemeente ook de eis dat tijdens de fase van het boren en het bouwen van de aardwarmte-installatie (ca. 3 – 6 maanden) de overlast voor de omgeving tot een minimum wordt beperkt en de veiligheid maximaal wordt geborgd. De initiatiefnemer zal hiervoor passende maatregelen treffen en een plan opstellen.
Dit plan zal behalve door het bevoegd gezag (EZK) en de toezichthouder (SodM) ook door de gemeente zelf worden getoetst. Tijdens de werkzaamheden houdt de toezichthouder periodiek inspecties. 2.1 De afwegingscriteria maken het mogelijk een zorgvuldige afweging te maken. Het overzicht met afwegingscriteria specificeert per fase van het project aan welke criteria de gemeente vervolgbesluiten toetst of aan het ministerie van Economische Zaken en Klimaat vraagt om een vervolgstap te toetsen: is de vervolgstap wenselijk en verantwoord? 2.2 De afwegingscriteria vormen een afspiegeling wat de bewoners van Nieuwegein belangrijk vinden Afgelopen zomer is het onderzoek ‘Nieuwegein aardgasvrij’ gehouden. Inwoners konden hun mening geven, ideeën delen en aangeven hoe ze betrokken willen worden als het gaat om duurzame oplossingen voor een aardgasvrij Nieuwegein in het algemeen en het onderzoek naar aardwarmte in het bijzonder. Dit onderzoek had een respons van 1.140 deelnemers, representatief voor heel Nieuwegein. Conclusies:
Men is overwegend positief over aardwarmte;
64% vindt het belangrijk dat aardwarmte wordt onderzocht;
45% vindt het belangrijk dat aardwarmte wordt gebruikt voor verduurzamen stadsverwarming.
In de inwonersconsultatie zijn inwoners bevraagd welke achterliggende redenen hun gevoel en opvatting ten opzichte van aardwarmte bepalen. Uit de toelichtingen die inwoners geven komt een genuanceerd beeld over de zorgen en kansen rondom aardwarmte naar voren. Vooral de veiligheid (bijvoorbeeld aardbevingen of aantasting van grondwater) zijn zorgen die door inwoners
Bladnummer 5/8 Raadsvoorstel 1 december 2020
worden genoemd. Bewoners geven aan dat hun houding ten opzichte van aardwarmte afhankelijk is van de uitkomst van onderzoek(en) en de locatie die wordt gekozen voor het project. Onder inwoners bleek een grote informatiebehoefte te bestaan. Hierop is ingespeeld tijdens de Nieuwegeinse Warmteweken (28 sept – 16 okt). Via online-bijeenkomsten hebben wij met inwoners van Nieuwegein gesprekken gevoerd over mogelijke oplossingen om onze huizen en gebouwen duurzaam te verwarmen en te isoleren. De warmteweken hebben geleid tot een groot aantal bewonersvragen; de vragen en de antwoorden zijn gepubliceerd op de website www.ikbennieuwegein.nl. Hier zijn ook verslagen te vinden. Ongeveer 450 mensen hebben aan de online bijeenkomsten deelgenomen; nog eens 360 mensen hebben de ‘uitzendingen’ via de website teruggekeken. Met deze opkomst hebben we een beeld gekregen wat deelnemers belangrijk vinden als het gaat om aardwarmte. Op 22 oktober heeft het college u over de eerste uitkomsten geïnformeerd tijdens een avond voor de raad. Ook met diverse belangengroepen is gesproken over de voornemens van Warmtebron Utrecht om te onderzoeken of ze aardwarmte kunnen winnen in Nieuwegein. Er is structureel overleg met het Bewonerscollectief Aardwarmte (BAN). De inzichten uit deze gesprekken zijn verwerkt in de afwegingscriteria.
2.3 De afwegingscriteria vormen een opvolging van de uitgebrachte onafhankelijke adviezen van het ICO Het onafhankelijke Informatie- en Consultatieorgaan Aardwarmte (ICO) heeft inzake het LEAN-project inmiddels drie adviezen uitgebracht (zie icoaardwarmte.nl). In het eerste advies (februari) deed het ICO aanbevelingen voor de onderlinge samenwerking tussen bewoners, WBU en gemeente. In het tweede advies (juni) heeft het ICO advies gegeven op een concept-versie van het haalbaarheidsonderzoek van WBU. Deze adviezen zijn in de definitieve versie van het haalbaarheidsonderzoek verwerkt. In haar laatste advies (oktober) heeft het ICO een onafhankelijke beoordeling gegeven van de haalbaarheidsstudie van WBU. Ondanks kritische kanttekeningen, is het ICO positief over de geologische onderbouwing en argumentatie. De gemeente wordt geadviseerd kritisch te beoordelen of inschattingen en beoordelingen die WBU heeft gedaan om te komen tot een voorkeurslocatie realistisch en haalbaar zijn en daarover zelfstandig een standpunt in te nemen. Door het besluitvormingsproces in te richten in twee stappen geeft het college uitvoering aan dit advies.
2.4 De afwegingscriteria vormen een uitwerking van de adviezen van het advocatenkantoor AKD Gegeven de complexiteit van het onderwerp en de processen die daarbij horen, heeft het college advocatenkantoor AKD gevraagd inzichtelijk te maken wat de sturingsmogelijkheden en bevoegdheden zijn van de gemeente met betrekking tot de vraag of en waar winning in Nieuwegein kan plaatsvinden. De aanbevelingen van AKD zijn in het overzicht met afwegingscriteria verwerkt en het opgestelde overzicht is door de advocaat getoetst. 3.1 Met het oog op de lokale, Nieuwegeinse belangen zijn aanvullende (privaatrechtelijke) afspraken nodig
Bladnummer 6/8 Raadsvoorstel 1 december 2020
De besluitbevoegdheden liggen hoofdzakelijk bij het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) als bevoegd gezag, met uitzondering van de bevoegdheid om een verklaring van geen bedenkingen (VVGB) te verlenen. Ingeval EZK besluit medewerking aan het project te verlenen, heeft de gemeente beperkt mogelijkheden om dit te verhinderen of af te dwingen dat zij bij de verdere projectuitvoering wordt betrokken. AKD adviseert daarom aanvullende privaatrechtelijke afspraken te maken. Deze privaatrechtelijke afspraken kunnen worden vormgegeven als een samenwerkingsovereenkomst (SOK). In de SOK kunnen specifieke onderwerpen worden geregeld tussen WBU en de gemeente. Hiermee wordt beoogd dat de gemeente maximaal betrokkenheid kan houden bij de diverse stadia van het traject. 3.2 Hiermee wordt bestuurlijk draagvlak bij de raad gecreëerd Dit beslispunt is bedoeld om bestuurlijk draagvlak bij de gemeenteraad te krijgen voor het vervolgproces. Het college is bevoegd om te besluiten de Samenwerkingsovereenkomst aan te gaan (art. 160 Gemeentewet).
Kanttekeningen 1.1
Sommige inwoners vrezen dat bij het winnen van aardwarmte aardbevingen kunnen ontstaan
Aardwarmtewinning is niet te vergelijken met gaswinning. Bij gaswinning wordt gas onttrokken aan de diepere bodemlagen, waardoor lege ruimtes overblijven. Door druk van bovenliggende aardlagen kan instorting ontstaan; iets dergelijks is in Groningen gebeurd. Bij aardwarmte wordt water opgepompt en weer terug geïnjecteerd – er zijn geen lege ruimtes, maar er ontstaat een gesloten systeem waarin water circuleert. Niettemin zijn er risico’s die door onderzoek vooraf zo goed mogelijk worden voorkomen en tijdens boring en winning door een groot aantal van maatregelen worden beheerst. Het ministerie van EZK en namens haar een gespecialiseerde instelling als het Staatstoezicht op de Mijnen zien toe op de naleving van d ie maatregelen. 1.2
Het risico op bevingen en schade aan huizen is niet voor 100% uit te sluiten
Het grootste deel van de in de afwegingscriteria genoemde maatregelen – vergunningen, toezicht door SodM, de samenwerkingsovereenkomst met de gemeente, etc. - is bedoeld om de veiligheidsrisico’s voor de omgeving te voorkomen of beheersen. Onvoorziene ongelukken zijn echter nooit volledig uit te sluiten. Om die reden eist de gemeente van Warmtebron Utrecht dat, voordat de boring start, een schadeprotocol wordt ingesteld. 2.1 De gemeente kan het project niet verhinderen of randvoorwaarden stellen De publiekrechtelijke bevoegdheid van de gemeenteraad bij aardwarmtewinning is beperkt tot het afgeven van een verklaring van geen bedenking (VVGB) inzake (de afwijking van) het bestemmingsplan. Op basis van het advies van advocatenkantoor AKD specificeert het overzicht met afwegingscriteria aspecten waarover aanvullend privaatrechtelijke afspraken zullen worden gemaakt met WBU in een SOK.
Bladnummer 7/8 Raadsvoorstel 1 december 2020
Op de eerste voorkeur van WBU, de Zuidstede-locatie, is de grond eigendom van de gemeente; de SOK zal dan worden gesloten in samenhang met de benodigde huurovereenkomst. Op deze wijze kan de gemeente aan nietnaleving van de SOK eventueel consequenties verbinden met betrekking tot de huurovereenkomst. Deze directe koppeling is niet mogelijk op de tweede voorkeurslocatie, de Tramremise West, waar de provincie de grondeigenaar is. In dat geval zullen we over de consequenties van niet-naleving parallelle afspraken maken met de provincie.
Financiële aspecten Bij de afwegingscriteria zijn vooralsnog geen financiële gevolgen van toepassing. In de SOK zullen zo nodig afspraken worden opgenomen over de ambtelijke inzet en de kosten hiervan.
Communicatie aspecten Voor een goede indruk wat de stad belangrijk vindt, zijn de opbrengsten uit het onderzoek ‘Aardgasvrij Nieuwegein’, de Nieuwegeinse Warmteweken en gesprekken met diverse belangengroepen, waaronder het Bewonerscollectief Aardwarmte (BAN), gebruikt. Om zoveel mogelijk inwoners en andere belanghebbenden te bereiken, is zowel voor het onderzoek als de Nieuwegeinse Warmteweken volop ingezet op de communicatie. Uit het onderzoek blijkt dat burgers vooral goed en zo vroeg mogelijk in het proces geïnformeerd willen worden, nog voordat er een locatie gekozen is. In alle fasen zal de gemeente volop inzetten op heldere communicatie over de besluitvorming en bijbehorende processen. Het onderhavige raadsvoorstel betreft het vaststellen van een afwegingskader. In een volgend raadsvoorstel zal aan de raad gevraagd worden om een principebesluit te nemen tot medewerking aan vervolgonderzoek op de voorkeurslocatie op basis van het afwegingskader en het starten van een omgevingstraject. De gemeente zal aan Warmtebron Utrecht vragen hiervoor een communicatie- en participatieplan op te stellen. In de bijlage is een overzicht opgenomen van informatie- en participatiemomenten die tot nu toe hebben plaatsgevonden (Bijlage 2).
Uitvoering WBU zal haar definitieve locatievoorkeur bekend maken en zal dan de gemeente verzoeken om medewerking te verlenen aan de vervolgstappen in het project: het verrichten van nader onderzoek op de gekozen locatie en het aanvragen van de vergunningen benodigd voor realisatie. Een instemmingsbesluit van de raad zal worden gebaseerd op de toetsing van een door WBU voorgestelde locatie aan de afwegingscriteria aardwarmte, naar verwachting uiterlijk op 1 april. Tevens zal dan een omgevingsproces worden gestart. Een globale planning is bijgevoegd (bijlage 3).
Bijlagen 1. Overzicht afwegingscriteria aardwarmte winning Nieuwegein 2. Overzicht communicatie en participatie
Bladnummer 8/8 Raadsvoorstel 1 december 2020
3. Globale planning vervolgstappen
burgemeester en wethouders,
Ellie Liebregts
Frans Backhuijs
secretaris
burgemeester