Raadsvoorstel 3365 - Kaderbrief 2025 Uitvoeringsorganisatie Breedband Rivierenland
Tekst van het document
Datum raadsvergadering Inlichtingen bij Raadnummer
8 februari 2024 Griffie (griffie@nederbetuwe.nl) /RAAD/23/03365
Raadsvoorstel Onderwerp
Kadernota 2025 GR Uitvoeringsorganisatie Breedbandnetwerk Rivierenland
Ingediend door
College van burgemeester en wethouders (portefeuillehouder Van Someren)
Samenvatting
In de Kadernota 2025 van Gemeenschappelijke Regeling (GR) Uitvoeringsorganisatie Breedbandnetwerk Rivierenland (UBR) zijn de uitgangspunten voor de exploitatie en de balans plus de financiële doorrekeningen voor de periode 2025 tot en met 2029 opgenomen. De raad wordt in de gelegenheid gesteld een zienswijze in te dienen op de Kadernota 2025 van UBR. Het Algemeen Bestuur van de GR UBR weegt die zienswijze mee bij de vaststelling van de Kadernota 2025. De Kadernota 2025 bevat geen nieuw beleid en heeft geen financiële gevolgen voor Gemeente Neder-Betuwe. Wij stellen u voor geen zienswijze in te dienen.
Voorgesteld besluit
1.
Geen zienswijze in te dienen op de Kadernota 2025 van de GR UBR.
Inleiding De Gemeenschappelijke Regeling (GR) Uitvoeringsorganisatie Breedbandnetwerk Rivierenland (UBR) verzorgt de aanleg, en daarop volgend het beheer, van een breedbandnetwerk voor breedband internet (glasvezel) in het buitengebied van zeven gemeenten, te weten Culemborg, Maasdriel, Neder-Betuwe, Tiel, West-Betuwe, West Maas en Waal en Zaltbommel. Op 13 november 2023 ontvingen de gemeenten de Kadernota 2025 van de GR UBR. De Kadernota is behandeld door het Algemeen Bestuur (AB) van GR UBR in de vergadering van 30 november 2023. De gemeente wordt uitgenodigd om hier, indien zij dit wenst, een zienswijze op in te dienen. In navolging van het informatieprotocol verzoekt het AB van GR UBR de raad om de zienswijze uiterlijk 1 maart 2024 in te dienen. Zodat de zienswijze in de vergadering van het AB van UBR van 28 maart 2024 behandeld kan worden. Beoogd effect Een doeltreffende en financieel stabiele regionale samenwerking, voor de uitrol van een netwerk voor breedband internet in het buitengebied van zeven gemeenten. Waarop de raad invloed kan uitoefenen door het inbrengen van een zienswijze op de Kadernota 2025, indien zij dit wenst. Argumenten 1.1 Voldoende inkomsten vanuit netwerk voor sluitende begroting Oorspronkelijk was de aanleg van het breedbandnetwerk gepland in 2020-2021. Door omstandigheden is de aanleg pas later van start gegaan. De planning is hierop aangepast.
Eind 2023 is 91% van de aangemelde adressen (ca. 8.880) aangesloten op het netwerk. De resterende adressen zijn: dijkversterkingsadressen en/of adressen die wachten op een toestemmingsverklaring van een omliggend perceel (privé grond derden). De resterende adressen worden in 2024 aangesloten. Daarna wordt een plan gemaakt voor het aansluiten van de adressen in het buitengebied van de regio die nog niet zijn aangemeld (ca. 1.500). Vanaf 2025 komt de UBR van de aanlegfase in de beheerfase. Doordat het grootste deel van het netwerk al is aangelegd, en het deelnamepercentage goed is, kan UBR vanuit de verhuur van vezelparen voldoende inkomsten genereren voor een sluitende begroting. 1.2 Tariefwijziging past binnen landelijke bandbreedte KPN en voorziet in goed huishoudboekje UBR De meerjarenbegroting voorziet in een jaarlijkse indexering van 1,5% voor de kosten en opbrengsten. Om de stijging van kosten door inflatie op te vangen voert UBR in 2024 een tariefwijziging van 3,75% bij KPN. Postbus 20 | 4043 ZG Opheusden | Burgemeester Lodderstraat 20 | 4043 KM Opheusden | telefoon 14 0488 |www.nederbetuwe.nl | info@nederbetuwe.nl
De tariefwijziging past binnen de landelijke bandbreedte van KPN. De kosten voor consumenten in het buitengebied van de 7 deelnemende gemeenten blijven in lijn met de kosten voor consumenten elders. Mede dankzij de tariefwijziging voorziet UBR in de behoefte van gemeente Neder-Betuwe aan financieel verantwoord bestuur. Het huishoudboekje van UBR blijft op orde. 1.3 De Kadernota 2025 heeft geen financiële gevolgen voor de gemeente In de Kadernota 2025 wordt, voor de periode van 2025 tot en met 2029, door GR UBR een sluitende begroting gepresenteerd. De opbrengsten via de verhuur van vezelparen nemen toe: van € 1,5 miljoen in 2025 tot € 1,6 miljoen in 2029. De kosten nemen af door een lagere afschrijving en lagere rentelasten. Het verwachte resultaat vóór belastingen neemt jaar-op-jaar toe van € 0,1 miljoen in 2025 tot € 0,4 miljoen in 2029. Hierdoor heeft de Kadernota 2025 geen financiële gevolgen voor de gemeente NederBetuwe. 1.4 De Kadernota 2025 voldoet aan de kaderbrief van het college van B&W van 23 oktober 2023 Op 23 oktober 2023 heeft het college van B&W via een brief aandachtspunten meegegeven aan alle gemeenschappelijke regelingen bij het opstellen van de Kadernota 2025.
De Kadernota 2025 van GR UBR is in lijn met de meegegeven aandachtspunten in de brief: er wordt geen beroep gedaan op financiële middelen van de gemeente, de Kadernota 2025 bevat geen nieuw beleid, er is een passende inflatiecorrectie doorgevoerd, de GR UBR houdt rekening met de P&C-cyclus van de gemeente. Kanttekeningen 1.1 De cijfers in de Kadernota 2025 zijn gebaseerd op ramingen De Kadernota 2025 is gebaseerd op ramingen van GR UBR. Dit betekent dat de exploitatiecijfers van de UBR in de praktijk hoger of lager kunnen uitvallen. Om het risico van financiële tegenvallers te ondervangen hanteert UBR een behoudende begrotingssystematiek. Zo wordt bijvoorbeeld gerekend met een deelnamepercentage van 70% (op dit moment is het deelnamepercentage 87%). 1.2 De gemeente staat garant voor een lening Om het breedbandnetwerk aan te leggen is GR UBR een lening van € 35,0 miljoen aangegaan bij de Bank voor Nederlandse Gemeenten (BNG). De 7 deelnemende gemeenten staan ieder garant, voor een breukdeel, van de lening. Dit is een risico voor de gemeenten. Het aandeel van de gemeente NederBetuwe bedroeg in 2023 circa € 7,1 miljoen. Dit aandeel zal door de jaren heen afnemen. Op dit moment heeft UBR voldoende geld in kas, circa € 0,5 miljoen, om eventuele tegenvallers zelf op te vangen. Het beleid van UBR is er op gericht het solvabiliteitsratio en het weerstandsvermogen te verbeteren.
1.3 Vanaf 2025 in de begroting ook rekening houden met degeneratiekosten In de Kadernota 2025 wordt aangegeven dat vanaf 2025 ook rekening gehouden dient te worden met degeneratiekosten. Dit zijn kosten die ontstaan door omlegging van kabels door ruimtelijke projecten. Bijvoorbeeld de aanleg van een rotonde. De netbeheerder, in dit geval UBR, draait zelf op voor deze kosten. Vanaf 2025 wordt hiervoor een post opgenomen in de begroting. De impact van degeneratiekosten op de begroting is naar verwachting te overzien. Het betreft, naar inschatting van UBR, een stelpost van enkele tienduizenden euro’s per jaar. Dit valt op te vangen binnen de huidige begroting. Financiën De Kadernota 2025 heeft geen financiële gevolgen voor Gemeente Neder-Betuwe. Communicatie Na vaststelling van het raadsbesluit, wordt het besluit om geen zienswijze in te dienen via een brief kenbaar gemaakt aan het AB van GR UBR. Vervolgstappen De Kadernota 2025 wordt door GR UBR behandeld in de AB vergadering van 28 maart 2024. Met inachtneming van de brief van de raad.
Pagina 2 van 4
/RAAD/23/03365
Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders van Neder-Betuwe, {{esl:signer1:Capture:size(150,40)}} Nicolien de Geus secretaris
{{esl:signer2:Capture:size(150,40)}} Jan Kottelenberg burgemeester
Bijlagen 1. Brief aan GR UBR betreffende (geen) zienswijze vanuit Neder-Betuwe op Kadernota 2025 2. Kadernota 2025
Pagina 3 van 4
/RAAD/23/03365
Raadsbesluit De raad van de gemeente Neder-Betuwe gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders; gelet op het bepaalde in het informatieprotocol voor gemeenschappelijke regelingen in regio Rivierenland; B E S L U I T: geen zienswijze in te dienen bij het Algemeen Bestuur van de GR UBR over de Kadernota 2025.
Aldus vastgesteld in de raadvergadering van 8 februari 2024 de griffier,
de voorzitter,
{{esl:signer3:Capture:size(150,40)}} /signer1/ Erwin van der Neut
{{esl:signer2:Capture:size(150,40)}}
Pagina 4 van 4
Jan Kottelenberg
/RAAD/23/03365