CConstaterende datNeder-Betuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel 3130 - Belastingverordeningen 2023

Raadsvergadering 15 december 2022, gemeente Neder-BetuweBij agendapunt: Belastingverordeningen 20233.764 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel

Zaaknr.: Z/22/084658/RAAD/22/03130

Raadsvergadering d.d.

:

15 december 2022

Inlichtingen bij : Griffie

Agendapunt

:

18

Telefoonnr.

: 14 0488

Portefeuillehouder

:

Wethouder Klein

E-mailadres

: griffie@nederbetuwe.nl

Onderwerp: Belastingverordeningen 2023

Voorgesteld besluit U wordt voorgesteld: 1. de Verordening op de heffing en invordering van onroerendezaakbelasting 2023 vast te stellen; 2. de Verordening op de heffing en de invordering van hondenbelasting 2023 vast te stellen; 3. de Verordening op de heffing en de invordering van riool- en waterzorgheffing 2023 vast te stellen; 4. de Verordening op de heffing en de invordering van forensenbelasting 2023 vast te stellen; 5. de Verordening op de heffing en de invordering van verblijfsbelasting 2023 vast te stellen; 6. de Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting 2023 vast te stellen; 7. de Verordening op de heffing en de invordering van lijkbezorgingsrechten 2023 vast te stellen; 8. de Verordening regelende de tarieven voor van gemeentewege bedrijfsmatig verstrekte diensten 2023 vast te stellen; 9. de Verordening op de heffing en de invordering van leges 2023 (inclusief tarieventabel) vast te stellen; 10. de Marktgeldverordening 2023 vast te stellen; 11. de begrotingswijziging 2 van 2023 vast te stellen

Samenvatting voorstel: Als gevolg van de vaststelling van de begroting 2023 door de gemeenteraad dienen diverse belastingverordeningen opnieuw te worden vastgesteld. Voorgestelde verordeningen sluiten aan op de bestuurlijke doelstellingen van onze gemeente zoals verwoord in de begroting 2023. Daarom stellen wij u voor deze verordeningen vast te stellen. Alle belastingen, uitgezonderd de onroerende zaakbelasting en de wettelijke tarieven, worden verhoogd met het inflatiepercentage van 3,0% conform de meicirculaire 2022 en zoals verwerkt in het kostendekkendheidsonderzoek voor de leges 2023.

Inleiding: Als gevolg van de vaststelling van de begroting 2023 door de gemeenteraad dienen diverse belastingverordeningen te worden vastgesteld. Artikel 216 van de Gemeentewet bepaalt dat de raad besluit tot het invoeren, wijzigen of afschaffen van de gemeentelijke belastingen door het vaststellen van een belastingverordening. De verdere uitwerking hiervan is geregeld in de artikelen 217-258. Elke verordening bevat een verwijzing naar het (de) corresponderende artikel(en) in de Gemeentewet. Uiteraard vormen ook onze lokale regels en beleidskaders een belangrijke basis voor de belastingverordeningen. Ons beleid ten aanzien van lokale heffingen is vastgelegd in de begroting 2023 (paragraaf 1 ‘Lokale heffingen’). Bijgevoegd vindt u per verordening een conceptbesluit. Pagina 1 van 11

*ZA96F54484D*

Beoogd effect: Adequate tarieven en correcte juridische grondslagen waarmee wordt aangesloten op de bestuurlijke doelstellingen van onze gemeente zoals verwoord in de Begroting 2023. Argumenten: 1.1 De tarieven in de belastingverordeningen zijn gebaseerd op de beleidskaders zoals opgenomen in de Paragraaf Lokale Heffingen in de Begroting 2023. Enkele afwijkingen hierop die nog niet bekend waren ten tijde van het samenstellen van de begroting zijn verwerkt in de begrotingswijziging 2 van 2023. 1.2 Het streven is voor de leges gerelateerde producten ten hoogste 100% kostendekkend te zijn. Hiermee wordt voldaan aan de opbrengstnorm van artikel 229 b van de Gemeentewet. 1.3 De verordeningen zijn gebaseerd op de meest recente modelverordeningen van de VNG. Voor zover van toepassing zijn de voorgeschreven wijzigingen in de verordeningen opgenomen. 1.4 Voor de Onroerende zaakbelasting is bij de vaststelling van de tarieven rekening gehouden met het aangenomen amendement “Onroerendezaakbelasting” bij de begrotingsbehandeling 2023. Om de belastingdruk terug te brengen naar 100% zijn de ozb tarieven niet verhoogd met het inflatiepercentage van 3%. Doordat bij de berekening van de deze tarieven rekening gehouden moet worden met de forse waardestijging van het onroerend goed en de geraamde ozb opbrengsten in de begroting komt dit niet tot uiting in de tarieven maar wel in de opbrengsten.

  

Het tarief in artikel 5 lid 1 sub a is gewijzigd van 0,1668% in 0,1737%. Het tarief in artikel 5 lid 1 sub b onder 1 is gewijzigd van 0,1360% in 0,1234%. Het tarief in artikel 5 lid 1 sub b onder 2 is gewijzigd van 0,2277% in 0,2405%

2.1 Voor de hondenbelasting zijn de tarieven gewijzigd en enkele teksten aangepast. Ten opzichte van de huidige verordening zijn de tarieven met de inflatiecorrectie van 3,0% verhoogd. Verder zijn er enkele tekstuele aanpassingen gedaan. a. In artikel 3 is lid f. toegevoegd waarmee wordt vastgelegd dat personen die tijdelijk in de gemeente verblijven met een hond niet onterecht aangeslagen kunnen worden voor hondenbelasting. b. In artikel 8 is lid 4 toegevoegd waarmee wordt vastgelegd dat er indien er geen wijzigingen worden doorgegeven ten aanzien van het aantal honden er belasting kan worden geheven over hetzelfde aantal honden als het jaar ervoor in de heffing werd betrokken. c. Artikel 10 is toegevoegd waarmee wordt vastgelegd dat er geen kwijtschelding wordt verleend voor meer dan één hond. d. Artikel 11 is toegevoegd met nadere regels omtrent de aan- en afmeldplicht van honden. e. Artikel 12 is toegevoegd waarmee het college van burgemeester en wethouders nadere regels kan geven voor de heffing en de invordering van hondenbelasting. f. Het bestaande artikel 10 de overgangsbepaling is dientengevolge vernummerd naar nummer 13. 3.1 Voor de riool- en waterzorgheffing is het tarief verhoogd. Ten opzichte van de huidige verordening is het tarief met de inflatiecorrectie van 3,0% verhoogd naar € 240,50.

4.1 Voor de forensenbelasting is het tarief verhoogd en zijn twee tekstuele aanpassingen gedaan.

Pagina 2 van 11

Ten opzichte van de huidige verordening is het tarief met de inflatiecorrectie van 3,0% verhoogd naar € 269,26. Verder zijn de volgende tekstuele aanpassingen gedaan. a. Artikel 9 is toegevoegd hierin wordt aangegeven dat er geen kwijtschelding mogelijk is b. Artikel 10 is toegevoegd waarmee het college van burgemeester en wethouders nadere regels kan geven voor de heffing en de invordering van forensenbelasting. 5.1 Voor de verblijfsbelasting is het tarief verhoogd en zijn tekstuele aanpassingen gedaan. Ten opzichte van de huidige verordening is het tarief met de inflatiecorrectie van 3,0% verhoogd naar € 1,29. Daarnaast zijn tekstuele aanpassingen gedaan. a. De naam van de heffing wordt per 1 januari 2023 gewijzigd van ‘toeristenbelasting’ naar ‘verblijfsbelasting’ omdat de term verblijfsbelasting meer passend is om met de opbrengsten hiervan de extra kosten die het verblijf van niet-ingezeten van onze gemeente met zich meebrengt te kunnen dekken. b. Artikel 5 ‘forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing’ vervalt.

Het afschaffen van het forfaitaire bedrag is wenselijk om te voorkomen dat hier oneigenlijk gebruik van wordt gemaakt door eigenaren van chalets waar (meerdere) arbeidsmigranten overnachten en waar door het gebruik hiervan maar een fractie van de verblijfsbelasting wordt betaald van hetgeen er op basis van het daadwerkelijke aantal overnachtingen in rekening zou worden gebracht. Ook is een forfaitair bepaalde heffingsgrondslag toegestaan, zolang een gemeente de rekensleutels voor de forfaitaire berekeningswijze onderbouwd heeft met een lokaal onderzoek dat in statistische zin de zekerheid biedt dat het forfait niet meer dan 25% afwijkt van de werkelijkheid. Met zo’n statistisch verantwoorde onderbouwing houdt een forfait in beginsel stand, maar ontbreekt de onderbouwing of voldoet die niet aan de eisen, dan wordt de verordening met onverbindendheid bedreigd. Het uitvoeren van een dergelijk onderzoek is tijdrovend en kostbaar en levert slechts een ‘administratieve’ werkelijkheid op die in het beste geval de onderkant van de waarheid van het aantal overnachtingen toont. Daargelaten het risico dat een uitgevoerd onderzoek voor de belastingrechter geen stand houdt. c. In artikel 4 ‘maatstaf van de heffing’ is toegevoegd dat het aantal overnachtingen wordt gesteld op het aantal overnachtende personen vermenigvuldigd met het aantal nachten dat zij verblijf houden. d.

Artikel 7 (voorheen artikel 8) is uitgebreid met lid 2 en 3 waarmee de mogelijkheid ontstaat een ambtshalve aanslag op te leggen ; e. Artikel 11 is toegevoegd waarmee de aanmeldingsplicht is vastgelegd; f. Artikel 12 is toegevoegd waarmee de registratieplicht is vastgelegd; g. Artikel 13 is toegevoegd waarmee de aangifteplicht is vastgelegd; h. Artikel 14 is toegevoegd waarmee het college van burgemeester en wethouders nadere regels kan geven voor de heffing en de invordering van verblijfsbelasting i. Het voorheen artikel 12 is vernummerd naar artikel 15 door de bovenstaande toevoegingen. De wijzigingen van de verordening verblijfsbelasting zijn grotendeels gebaseerd op de evaluatie van de registraties van arbeidsmigranten die het college dit jaar heeft uitgevoerd. 6.1 Het tarief voor de precariobelasting is verhoogd. Het opgenomen tarief voor het houden van een kermis of circus is verhoogd met het inflatiepercentage van 3,0%. 7.1 Het tarief voor de lijkbezorgingsrechten is verhoogd. De kostendekkendheid van de lijkbezorgingsrechten bedraagt 90%. De tarieven worden verhoogd met het inflatiepercentage van 3,0% conform de meicirculaire. Een overzicht van de berekeningen is opgenomen in bijlage 2. Pagina 3 van 11

8.1 De tarieven voor bedrijfsmatig verstrekte diensten zijn niet aangepast Ten opzichte van de huidige verordening zijn deze door te belasten tarieven zoals genoemd in artikel 1 sub d opgenomen conform opgave van de AVRI. Aangegeven is dat deze niet verhoogd moeten worden. 9.1 De verordening op de heffing en invordering leges is op 4 punten tekstueel aangepast en de tarieven zijn, met uitzondering van de wettelijke tarieven, met 3% verhoogd. De verordening is op 4 punten aangepast: a. In titel 1 Hoofdstuk 1 zijn in de artikelen 1.1.2.1 en 1.1.2.2 zijn er aanpassingen gedaan om de actuele trouwlocaties met de juiste tenaamstelling weer te geven. b. In titel 1 Hoofdstuk 18 is in artikel 1.18.5 betreffende de gehandicaptenparkeerkaart ‘het verstrekken van een duplicaat’ toegevoegd. c. In titel 1 Hoofdstuk 3 is artikel 1.3.3 toegevoegd. Hiermee wordt verduidelijkt dat een rijbewijs onder inlevering van een geldig certificaat Alcohol en Verkeerscursus gratis wordt verstrekt in tegenstelling tot een reguliere aanvraag van een rijbewijs. d. In titel 3 Hoofdstuk 7 is bij artikel 3.7.5 de titel ‘overige’ toegevoegd hetgeen een verduidelijking met zich meebrengt. 10.1 De tarieven in de marktgeldverordening zijn verhoogd. Ten opzichte van de huidige verordening zijn de tarieven verhoogd met het inflatiepercentage van 3,0%. 11.1 Kostendekkendheid van de leges is voor 2023 onderzocht.

Vanwege de wijzigingen die voortvloeien uit het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV), met name de berekening van de overhead, is de kostendekkendheid van de leges voor het belastingjaar 2023 opnieuw onderzocht. Het totale kostendekkendheidspercentage is 78%. Dit betekent dat wordt voldaan aan de opbrengstnorm van artikel 229 b van de Gemeentewet. Een uitgebreide toelichting en een overzicht van de berekeningen zijn opgenomen in bijlage 2. Kanttekeningen: 1.1 Voor niet alle tarieven in de legesverordening is het uitgangspunt “100% kostendekkendheid” van toepassing. Voor zover de argumenten daarvoor hierboven spelen maatschappelijke en politieke voorkeuren en keuzes uit het verleden een rol bij het loslaten van de 100% kostendekkendheidsnorm. Te denken valt hierbij aan bij voorbeeld de tarieven voor de gehandicaptenparkeerkaart en de leges aanvraag kinderopvang en gastouderschap. 5.1

Op dit moment gebruiken voornamelijk de eigenaren van recreatiechalets waar arbeidsmigranten verblijven het forfaitaire bedrag voor verblijfsbelasting. Daarom heeft de gemeente geen belang bij het in stand houden van het forfaitaire bedrag en alle kosten die gemoeid zijn met het juridisch waarborgen hiervan. Het opleggen van aanslagen op basis van het werkelijke aantal overnachtingen genereert een hogere opbrengst verblijfsbelasting dan nu het geval is.

5.2

Er is een gerede kans dat eigenaren van recreatiechalets die nachtverblijf verschaffen aan arbeidsmigranten zonder forfaitair bedrag geen aangifte meer doen. Dit is een risico voor de belastingplichtige. Gemeente heeft het recht om een ambtshalve grondslag te bepalen en de aanslag daarop te baseren. Zelfs bij bewoning van een chalet door één persoon komt de heffingsaanslag hoger uit dan nu het geval is met het forfaitaire bedrag.

Pagina 4 van 11

Financiën: Bij de begroting 2023 is aangegeven dat de formatie-uitbreiding in de uitwerking van de urencalculatie en kostendekkendheidsonderzoek leges niet is meegenomen. De formatie-uitbreiding is zodoende bij de begroting 2023 ‘geparkeerd’ op taakveld overhead. Dit heeft ermee te maken dat enerzijds de onderliggende werkzaamheden voor de urencalculatie en kostendekkendheid leges tijdig waren afgerond en anderzijds de besluitvorming inzake de formatie-uitbreiding op een zeer laat moment in het begrotingsproces heeft plaatsgevonden. Een aangepaste urencalculatie en onderzoek kostendekkendheid leges heeft nu alsnog plaatsgevonden en de financiële effecten hiervan zijn verwerkt in bijgevoegde begrotingswijziging. Over het algemeen kan gesteld worden dat de formatie-uitbreiding nu is toegeschreven naar de taakvelden waar het direct betrekking op heeft. Hoofdzakelijk is derhalve sprake van het verschuiven van bedragen van taakveld overhead naar alle overige taakvelden waar de uitbreiding van de ambtelijke organisatie betrekking op heeft. Zodoende is het financieel effect hiervan zeer beperkt. Per saldo is sprake van een positief financieel effect van structureel € 37.130 en wordt met name veroorzaakt doordat een klein deel van de ambtelijke uitbreiding wordt verwerkt in de terugverdiencapaciteit van diverse projecten.

Hierbij kunt u denken aan grondexploitaties en overige initiatieven van derden waarbij ambtelijke kosten in rekening worden gebracht. Voor het overige zijn er geen financiële effecten aangezien bij de begroting 2023 aan de batenkant reeds rekening is gehouden met de nieuwe tarieven zoals deze nu voorgesteld worden inclusief een indexering met 3%. De formatie-uitbreiding is vervolgens meegenomen in de kostendekkendheidsonderzoeken van onze leges. Aangezien hoofdzakelijk sprake is van hogere directe ambtelijke lasten en overhead heeft dit geresulteerd in een lichte bijstelling naar beneden van de kostendekkendheid percentages. In de bijlage kunt u de aangepaste kostendekkendheid percentages terugzien. In de begroting 2023 in de paragraaf lokale heffingen is een kostendekkendheid leges opgenomen van in totaliteit 79% en deze is nu bijgesteld naar 78%. De kostendekkendheid lijkbezorgingsrechten is verlaagd van 95% naar 90%. De kostendekkendheid marktgelden is verlaagd van 76% naar 72%. De kostendekkendheid van de rioolheffing is gehanteerd op 100% vanwege het gesloten systeem principe waarbij per saldo tekorten of overschotten geëgaliseerd worden middels de voorziening GRP. Bij de vaststelling van de tarieven onroerende zaakbelasting is rekening gehouden met het aangenomen amendement “Onroerendezaakbelasting” bij de begrotingsbehandeling 2023.

Communicatie: De door de raad vast te stellen belastingverordeningen zullen voor rechtsverkrijging worden gepubliceerd. Vervolgstappen: Publicatie van de verordeningen.

Pagina 5 van 11

Overzicht vast te stellen verordeningen: Naam bijlage Verordening op de heffing en de invordering van onroerende zaakbelasting 2023 Verordening op de heffing en de invordering van hondenbelasting 2023 Verordening op de heffing en de invordering van riool- en waterzorgheffing 2023 Verordening op de heffing en de invordering van forensenbelasting 2023 Verordening op de heffing en invordering van verblijfsbelasting 2023 Verordening op de heffing en invordering van precariobelasting 2023 Verordening op de heffing en invordering van lijkbezorgingsrechten 2023 Verordening regelende de tarieven voor van gemeentewegen verstrekte diensten 2023 Marktgeldverordening 2023 Verordening op de heffing en invordering van leges 2023

Burgemeester en wethouders van Neder-Betuwe, de secretaris, de burgemeester,

mr. G.S. Stam

Pagina 6 van 11

A.J. Kottelenberg

Documentnummer RAAD/22/03131 RAAD/22/03132 RAAD/22/03133 RAAD/22/03136 RAAD/22/03137 RAAD/22/03140 RAAD/22/03138 RAAD/22/03139 RAAD/22/03134 RAAD/22/03135

Bijlagen: 1. Begrotingswijziging 2 van 2023

Pagina 7 van 11

2. Kostendekkendheid 2023 Recapitulatie kostendekkendheid leges 2023 gemeente Neder-Betuwe Totale kosten Totaal Titel 1 Hoofdstuk 1 Hoofdstuk 2 Hoofdstuk 3

Opbrengsten

€ 1.748.959 € 1.367.707 Algemene dienstverlening € 632.111 € 425.729 Burgelijke stand € 249.619 € 144.220 Reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart € 86.542 € 62.995 Rijbewijzen € 119.816 € 99.153 Verstrekkingen in het kader van de basisregistratie personen € 14.334 € 3.025 Hoofdstuk 4 Hoofdstuk 9 Overige publiekszaken € 9.257 € 4.989 Hoofdstuk 16 Kansspelen € 1.041 € 509 Hoofdstuk 17 Kabels en leidingen Telecommunicatie € 71.440 € 71.278 Hoofdstuk 18 Verkeer en vervoer € 16.219 € 9.427 Hoofdstuk 19 Naturalisatie en optie € 45.897 € 21.344 Hoofdstuk 20 Diversen € 17.946 € 8.788 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/ Titel 2 (Wabo) € 1.068.207 € 910.044 omgevingsvergunning Hoofdstuk 2 Vooroverleg/beoordeling conceptaanvraag € 87.385 € 79.310 Hoofdstuk 3 Omgevingsvergunning € 869.730 € 748.074 Hoofdstuk 6 Intrekking omgevingsvergunning € 846 € 846 Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging € 1.269 € 1.269 Hoofdstuk 7 project Hoofdstuk 8 Bestemmingswijzigingen zonder activiteiten € 105.204 € 83.143 Hoofdstuk 9 Gedoog verklaringen €0 €0 Hoofdstuk 10 Overige en in deze titel niet benoemde beschikkingen € 3.773 € 1.121 Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn en niet € 48.642 vallend onder € 31.934 titel 2 Hoofdstuk 1 Horeca € 13.232 € 7.918 Hoofdstuk 2 Organiseren evenementen € 4.705 € 2.999 Hoofdstuk 5 Marktstandplaatsen €

8.290 € 5.862 In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere € 22.414 € 15.156 Hoofdstuk 7 beschikking

Kostendekkendheid 78% 67% 58% 73% 83% 21% 54% 49% 100% 58% 47% 49% 85% 91% 86% 100% 100% 79% 0% 30% 66% 60% 64% 71% 68%

Titel 1 algemene dienstverlening Hoofdstuk 1 Burgerlijke stand (kostendekkendheid 58%) De kostendekkendheid van het Hoofdstuk Burgerlijke Stand (H1) komt uit op 58%. De reguliere huwelijken kennen een kostendekkendheid van 49% en die op locatie van 77%. De lage kostendekkendheid wordt mede veroorzaakt door de ruime vergoeding die de BABS ontvangt. Deze krijgt 7 uur per huwelijk vergoed en is ook als begeleider betrokken bij een eventuele externe BABS. Het tarief voor de benoeming van een externe BABS heeft een kostendekkendheid van 56% doordat de eigen BABS hiervoor 3 uur vergoed krijgt en deze inzet als lasten bij de huwelijken met een externe BABS worden meegeteld. In dit hoofdstuk zijn ook tarieven opgenomen voor aktes als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand. Echter, door een uitspraak van het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch is duidelijk geworden dat de baten uit deze akten niet meer in de kostendekkendheidsberekeningen van de leges mogen worden meegeteld. Wel is het toegestaan om deze tarieven in de tarieventabel leges op te nemen (zodat deze kenbaar zijn voor aanvragers). Hoofdstuk 2 Reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart (kostendekkendheid 73%) Hoofdstuk 3 Rijbewijzen (kostendekkendheid 83%) Voor een verhoging van de tarieven in deze hoofdstukken is geen ruimte, omdat deze aan een wettelijk maximum gebonden zijn.

Het aantal rijbewijzen is ingeschat met behulp van het RDW-overzicht. Hoofdstuk 4 Verstrekkingen uit de basisregistratie personen (kostendekkendheid 21%) Het hoofdstuk Verstrekkingen uit de basisregistratie personen kent een laag dekkingspercentage van 21%. Het lage dekkingspercentage op hoofdstukniveau wordt vrijwel geheel verkregen door de extra-comptabel toegevoegde lasten.

Pagina 8 van 11

Hoofdstuk 9 Overige publiekszaken (kostendekkendheid 54%) Onder Overige Publiekszaken, hoofdstuk 9, valt onder meer de verklaring omtrent het gedrag (VOG). Voor de VOG geldt een wettelijk maximum tarief dat reeds door de gemeente in rekening wordt gebracht. De kostendekkendheid van het hoofdstuk bedraagt 54%. Hoofdstuk 16 Kansspelen (kostendekkendheid 49%) Ook het hoofdstuk Kansspelen kent een lage kostendekkendheid van 49%. Er worden hier slechts enkele aanvragen verwacht. Tegelijkertijd zijn de tarieven wettelijk gemaximeerd en de gemeente Neder-Betuwe rekent deze maximale tarieven reeds. Er is dan ook geen ruimte om deze tarieven te verhogen. Hoofdstuk 17 Telecommunicatie (kostendekkendheid 100%) De kostendekkendheid van het hoofdstuk Kabels en leidingen Telecommunicatie is berekend met behulp van de interne tariefcalculatie die de gemeente Neder-Betuwe jaarlijks opstelt. De kostendekkendheid bedraagt 100%. Hoofdstuk 18 Verkeer en vervoer (kostendekkendheid 58%) In dit hoofdstuk is onder meer de uitgifte van Gehandicaptenparkeerkaarten opgenomen. Deze kaarten worden op basis van bestaande bestuurlijke keuzes onder de kostprijs aangeboden. Om maatschappelijke redenen achten wij het niet reëel deze tarieven te verhogen. Een nieuwe kaart word aangeboden tegen 53% kostendekkendheid en een vernieuwing, wijziging of verlenging tegen 74% kostendekking.

De totale dekking van dit hoofdstuk, inclusief de verkeersontheffingen bedraagt 58%. Hoofdstuk 19 Naturalisatie en optie verkrijging Nederlanderschap (kostendekkendheid 47%) De tarieven zijn gebonden aan wettelijke maxima en de werkzaamheden nemen veel tijd in beslag wegens de ingevoerde privacywetgeving en de moeizame communicatie met de aanvragers. Hoofdstuk 20 Diversen (kostendekkendheid 49%) In dit hoofdstuk zijn ook de aanvragen in het kader van de kinderopvang opgenomen. Binnen het hoofdstuk worden uitsluitend aanvragen in het kader van de kinderopvang verwacht, zodat het dekkingspercentage van 49% van dit hoofdstuk ook het dekkingspercentage voor de aanvragen in het kader van de kinderopvang is. De tarieven voor deze aanvragen zijn met het inflatiepercentage van 3,0% verhoogd. In 2025 komt er nadere besluitvorming over verhoging leges naar het niveau van de werkelijke kosten of dichter daarbij. Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning De kostendekkendheid voor Titel II komt uit op 85%. Het grootste deel van de werkzaamheden is uitbesteed aan de ODR. De werkzaamheden die nog in eigen beheer worden uitgevoerd, zijn het deel bestemmingswijziging zonder activiteiten, advies over de planologische afwijkingen en worden conceptaanvragen en principeverzoeken beoordeeld.

Hoofdstuk 2 Vooroverleg/beoordeling conceptaanvraag (kostendekkendheid 91%) De dekking van hoofdstuk 2, waar de regiekameroverleggen zijn opgenomen, bedraag 91%, ondanks het feit dat voor behandelingen van vooroverleggen op het gemeentehuis geheel geen legestarief is vastgesteld en ook de tweede bespreking van een principeverzoek op het gemeentehuis gratis is. Bij vooroverleggen dient te worden opgemerkt dat deze als eerste door de ODR worden beoordeeld voordat er een bespreking op het gemeentehuis plaatsvindt en dat daarvoor wel een tarief in rekening wordt gebracht. De keuze om dergelijke overleggen gratis te voeren is dat er dankzij deze overleggen betere uiteindelijke aanvragen voor bouwvergunningen zullen worden ingediend en er dan in dat deel van het traject tijdswinst geboekt kan worden bij de behandeling daarvan. Hoofdstuk 3 Omgevingsvergunning (kostendekkendheid 86%) Ook per 2023 is de verwachting dat er minder bouwprojecten zullen worden aangevraagd en dat de grote bouwprojecten bovendien wat bouwkosten betreft kleiner zullen zijn, wat gevolgen heeft voor de te verwachten baten.

Pagina 9 van 11

Hoofdstuk 8 Bestemmingswijzigingen zonder activiteiten (kostendekkendheid 79%) Dit hoofdstuk heeft een kostendekkendheid van 79%. Dit is inclusief toegerekende lasten vanwege extra milieuadviezen die de ODR geeft tijdens regiekamer-overleggen en bij de bestemmingsplanaanvragen. Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn en niet vallend onder titel 2 De kostendekkendheid voor Titel III komt uit op 66%. Voor belastingjaar 2022 bedroeg het kostendekkendheidspercentage van Titel III nog 61% en per 2021 nog 56%. Binnen deze titel zijn onder meer de belastbare feiten inzake de Alcoholwet, Evenementen en Marktstandplaatsen opgenomen. Daarnaast dient te worden opgemerkt dat voor een groot aantal evenementen geen leges worden geheven, aangezien een vrijstellingsbepaling is opgenomen in de verordening. Dit heeft tot gevolg dat deze lasten ook niet zijn toebedeeld.

Begrote kostendekkendheid lijkbezorgingsrechten 2023 Totaal opbrengsten (rechten) € 253.200 Totaal kosten € 280.106 Dekkingspercentage 90%

Berekening kostendekkendheid marktgelden per 2023 Totaal opbrengsten (rechten)

€ 3.421

Totaal kosten

€ 4.724

Dekkingspercentage

72%

Berekening van kostendekkendheid van de rioolheffing Totaal opbrengsten Totaal kosten Dekkingspercentage

Pagina 10 van 11

€ 2.376.179 € 2.376.179 100%

Raadsbesluit

Zaaknr.: Z/22/084658/RAAD/22/03130

De raad van de gemeente Neder-Betuwe; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders; gelet op het bepaalde in BESLUIT:

Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 15 december 2022 de griffier, de voorzitter,

E. van der Neut

A.J. Kottelenberg

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12061210/2