CConstaterende datNeder-Betuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel 2992 - Verordening nadeelcompensatie

Raadsvergadering 24 februari 2022, gemeente Neder-BetuweBij agendapunt: Omgevingswet: verordening nadeelcompensatie1.953 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel

Zaaknr.: Z/21/078744/RAAD/21/02992

Raadsvergadering d.d.

:

24 februari 2022

Inlichtingen bij : Griffie

Agendapunt

:

10

Telefoonnr.

: 14 0488

Portefeuillehouder

:

Wethouder van Wolfswinkel

E-mailadres

: griffie@nederbetuwe.nl

Onderwerp: Verordening Nadeelcompensatie Neder-Betuwe 2022

Voorgesteld besluit U wordt voorgesteld: 1. de “Verordening nadeelcompensatie Neder-Betuwe 2022” vast te stellen.

Samenvatting voorstel: Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet ontstaat de noodzaak om een verordening vast te stellen die aanvragen om schadevergoeding/nadeelcompensatie procedureel in goede banen leidt. Dit is feitelijk de opvolger van de “procedureverordening planschade”.

Inleiding: Naar verwachting treedt op 1 juli 2022 de nadeelcompensatieregeling, titel 4.5 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb), in werking. In die regeling worden bestaande regelingen voor nadeelcompensatie in verschillende wetten en buitenwettelijke regelingen samengevoegd en geharmoniseerd. Titel 4.5 van de Awb voorziet in een algemene regeling in de Awb van de vergoeding (of tegemoetkoming) van schade door rechtmatig overheidshandelen. Daarbij kan worden gedacht aan verzoeken wegens winst- of inkomstenderving, gederfde huurinkomsten, of de lagere opbrengst bij de verkoop van een bedrijf of een onroerende zaak. Op datzelfde moment treedt waarschijnlijk ook de Omgevingswet (hierna: Ow) in werking. In de Ow is een nadeelcompensatieregeling opgenomen die aansluit op de generieke regeling uit de Awb (hoofdstuk 15 van de Ow). Beoogd effect: Een actuele verordening te hebben die toeziet op verzoeken om nadeelcompensatie. Argumenten: 1.1 wettelijke noodzaak om een verordening inzake nadeelcompensatie vast te stellen De nieuwe Omgevingswet noopt om zaken op het gebied van nadeelcompensatie nader te regelen, zoals een bepaling van het verschuldigde recht en de werkwijze van de adviescommissie. Dit is voor een groot deel nu geregeld in de Procedureverordening planschade (m.b.t. planologische besluiten) en een separate verordening m.b.t. het verschuldigde recht.

Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet kunnen die voor nieuwe situaties niet meer worden gebruikt.

Pagina 1 van 6

*ZA8FB32DD24*

1.2 inhoudelijk is gebruik gemaakt van de modelverordening VNG en Neder-Betuwse procedureverordening planschade Inhoudelijk is zoveel mogelijk aangesloten op de modelverordening van de VNG in combinatie met de “oude” procedureverordening planschade. Hiermee is een werkbaar en compleet document vervaardigd. 1.3 We kiezen voor een verordening in plaats van een beleidsregel We kiezen ervoor om nadeelcompensatie uit te werken in een afzonderlijke verordening en niet in een beleidsregel. Reden hiervoor is dat het heffen van een recht bij wettelijk voorschrift moet (zie artikel 4:128, eerste lid, van de Awb) en dat de adviescommissie zo een solide basis krijgt. In deze verordening is dan ook het heffen van een recht en het instellen van een adviescommissie geregeld. Het is niet wenselijk om het heffen van dit recht op te nemen in de legesverordening. In artikel 229 van de Gemeentewet wordt gesproken over het heffen van rechten. Daarbij worden ‘door het gemeentebestuur verstrekte diensten’ genoemd. Bij het heffen van het recht bij een aanvraag om nadeelcompensatie gaat het echter niet om een dienst, maar om gemeentelijke aansprakelijkheid. Er is namelijk geen sprake van een belastingheffing, maar van een financiële drempel om lichtvaardige aanvragen om schadevergoeding tegen te gaan.

Een adviescommissie zou wel in beleidsregels geregeld kunnen worden, maar omdat het heffen van een recht bij wettelijk voorschrift moet en dus niet in een beleidsregel kan worden opgenomen, geeft het duidelijkheid om alle artikelen over nadeelcompensatie bij elkaar te houden en daarmee te kiezen voor een verordening nadeelcompensatie. Zo is het ook kenbaar voor de burgers in welke gevallen en welke vorm de adviescommissie wordt betrokken bij de afhandeling van aanvragen om schadevergoeding. Een andere reden om de adviescommissie in de verordening te regelen (en niet per afzonderlijke beleidsregel) is dat daarmee afdeling 3.3 van de Awb wordt binnengehaald. Die afdeling gaat immers over adviseurs die bij of krachtens wettelijk voorschrift zijn belast met adviseren. Kanttekeningen: 1.1 Bij nadeelcompensatie geldt altijd een normaal maatschappelijk risico De overheid is niet verplicht is om iedere schade die zij in de rechtmatige uitoefening van haar publieke taken veroorzaakt, in zijn geheel te vergoeden. Dat overheidsingrijpen voor sommige burgers en ondernemingen nadelige gevolgen kan hebben, is namelijk onvermijdelijk. Tot op zekere hoogte moeten deze gevolgen dus worden geaccepteerd (normaal maatschappelijk risico (hierna: nmr)).

Burgers die door rechtmatig overheidsoptreden schade lijden die uitgaat boven het nmr en in vergelijking tot anderen onevenredig zwaar worden getroffen, kunnen desgevraagd schadevergoeding ontvangen (artikel 4:126 van de Awb). De hoogte daarvan moet in zo’n geval redelijk zijn. De schadevergoeding dekt dus niet vanzelfsprekend de volledige schade. Een deel van de schade zal altijd voor eigen rekening blijven. Financiën: Op zich heeft het vaststellen van deze verordening geen financiële consequenties. Schadeclaims zelf kunnen uiteraard wel financiële gevolgen hebben. Daarbij dient vermeld te worden dat de gemeente Neder-Betuwe bij private ruimtelijke ontwikkelingen, de financiële gevolgen, waaronder (nadeelcompensatie)claims, zal afwentelen op de initiatiefnemers/ontwikkelaars. Communicatie: Kernboodschap is dat er een verordening wordt vastgesteld die aanvragen om nadeelcompensatie (incl. planschade) procedureel in goede banen leidt. Vervolgstappen: De verordening Nadeelcompensatie Neder-Betuwe 2022 dient op de voorgeschreven manier bekend te worden gemaakt. Pagina 2 van 6

Het is gebruikelijk dat de voorgaande verordening wordt ingetrokken. Echter, de Procedureverordening planschade blijft gelden voor aanvragen voor planschade die onder de Wet ruimtelijke ordening kunnen worden ingediend. Dit zal nog voor minimaal 5 jaar het geval zijn. Nadien kan deze desgewenst worden ingetrokken. Momenteel heeft de gemeente Neder-Betuwe geen verordening nadeelcompensatie. Van het intrekken van voorgaande verordeningen is derhalve nu geen sprake. Burgemeester en wethouders van Neder-Betuwe, de secretaris, de burgemeester,

mr. G.S. Stam

A.J. Kottelenberg

Bijlagen: -artikelsgewijze toelichting bij de verordening nadeelcompensatie Neder-Betuwe 2022

Pagina 3 van 6

Raadsbesluit

Zaaknr.: Z/21/078744/RAAD/21/02992

De raad van de gemeente Neder-Betuwe; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders; gelet op het bepaalde in de artikelen 108 en 149 van de Gemeentewet, titel 4.5 van de Algemene wet bestuursrecht en afdeling 15.1 van de Omgevingswet; BESLUIT: 1. de "Verordening Nadeelcompensatie Neder-Betuwe 2022" vast te stellen.

Verordening nadeelcompensatie Neder-Betuwe 2022 Artikel 1. Toepassingsbereik 1. Deze verordening heeft betrekking op aanvragen om schadevergoeding als bedoeld in artikel 4:126, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, waarvan de aanvrager stelt dat die wordt veroorzaakt door een bestuursorgaan van de gemeente. 2. Deze verordening heeft geen betrekking op aanvragen om schadevergoeding waarop een bijzondere regeling van toepassing is. Artikel 2. Heffen recht Voor het in behandeling nemen van de aanvraag om schadevergoeding wordt een recht van €500,geheven. Artikel 3. Aanvraag 1. De aanvrager van schadevergoeding maakt ter motivering van de aanvraag gebruik van een door het college van burgemeester en wethouders vastgesteld formulier. 2. In aanvulling op artikel 4:127 van de Algemene wet bestuursrecht bevat een aanvraag mede: a. als het schade betreft wegens winst- of inkomstenderving: door de accountant gewaarmerkte jaarrekeningen over het jaar waarin schade is geleden en voor zover van toepassing de drie daaraan voorafgaande jaren, en de aanslagen vennootschapsbelasting of inkomstenbelasting. b. als het schade betreft wegens gederfde huurinkomsten: een afschrift van de huurovereenkomst of gebruiksovereenkomst en een eigendomsakte. Artikel 4. Adviescommissie 1 .

Het bestuursorgaan wint slechts advies in bij een adviescommissie voor zover dat naar zijn oordeel noodzakelijk is om op de aanvraag om schadevergoeding te kunnen beslissen. 2 . Advies als bedoeld in het eerste lid, wordt in ieder geval niet ingewonnen als: a . de aanvraag naar het oordeel van het bestuursorgaan kennelijk ongegrond is, omdat zich kennelijk een weigeringsgrond voordoet als bedoeld in artikel 4:126, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht;

b . de schade kennelijk niet kan worden toegerekend aan een door het bestuursorgaan genomen besluit of verrichte handeling; c . de aanvraag naar het oordeel van het bestuursorgaan voldoende gelijkenis vertoont met andere aanvragen waarvoor al advies is uitgebracht; d . de schadevergoeding kennelijk minder bedraagt dan € 500,- voor particulieren of € 1000,- voor bedrijven, of e . naar het oordeel van het bestuursorgaan in de gemeentelijke organisatie voldoende deskundigheid voor de beoordeling van de aanvraag aanwezig is. 3 . Een adviescommissie bestaat uit een of meer deskundigen. 4 . Een adviescommissie kan worden benoemd als: a . vaste commissie, waarbij de leden door burgemeester en wethouders voor een termijn van maximaal vier jaar worden benoemd met de mogelijkheid tot herbenoeming voor maximaal vier jaar, of b . tijdelijke commissie voor advisering met betrekking tot een of meer aanvragen, door het bestuursorgaan dat de aanvragen behandelt. Artikel 5. Procedure 1. Het bestuursorgaan wint advies in bij een adviescommissie binnen 12 weken na ontvangst van de aanvraag. 2. Als advies wordt ingewonnen bij een adviescommissie, informeert het bestuursorgaan de aanvrager en belanghebbenden. 3. Bij de toepassing van de artikelen 4:7 en 4:8 van de Algemene wet bestuursrecht wordt naast de aanvrager voor zover van toepassing betrokken: a.

degene die de activiteit verricht en met wie een overeenkomst als bedoeld in artikel 13.3c, eerste lid, van de Omgevingswet is gesloten, en, b. als sprake is van een schadeveroorzakend besluit naar aanleiding van een aanvraag, zoals geregeld in artikel 13.3d van de Omgevingswet, de aanvrager van dat besluit of degene die de toegestane activiteit verricht, tenzij: 1°. de schadevergoeding redelijkerwijze voor rekening behoort te blijven van het bestuursorgaan, of 2°. de schadevergoeding voldoende op een andere manier is verzekerd. 4. De aanvrager en belanghebbenden kunnen binnen twee weken na de mededeling als bedoeld in art. 5.1 een schriftelijk en gemotiveerd verzoek tot wraking van de adviescommissie bij het bestuursorgaan indienen. 5. Het bestuursorgaan beslist binnen een termijn van 4 weken na de in lid 4 genoemde termijn over het verzoek tot wraking. Artikel 6. Werkwijze adviescommissie 1. De adviescommissie organiseert een hoorzitting, waar de aanvrager, belanghebbenden en het bestuursorgaan in de gelegenheid worden gesteld de aanvraag toe te lichten, onderscheidenlijk de voor de advisering over de aanvraag relevante informatie te verschaffen, danwel een standpunt van de gemeente over de aanvraag kenbaar te maken. 2. De adviescommissie bepaalt het tijdstip waarop de situatie ter plaatse zal worden bezichtigd en nodigt de aanvrager voor de plaatsopneming uit. 3.

Ten behoeve van een taxatie van een bij de aanvraag betrokken onroerende zaak wordt door de adviescommissie met de aanvrager een afspraak gemaakt. 4. Van de in het 1e lid genoemde hoorzitting en de in het 2e lid bedoelde bezichtiging wordt door de adviescommissie een verslag gemaakt, dat onderdeel vormt van het uit te brengen advies. 5. Alvorens een advies uit te brengen, zend de adviescommissie binnen 16 weken na de dagtekening van de opdracht tot advisering een concept daarvan aan de gemeente, de aanvrager en belanghebbenden. De adviescommissie kan deze termijn onder opgaaf van redenen met ten hoogste 4 weken verlengen. 6. De gemeente, de aanvrager en de belanghebbenden worden in de gelegenheid gesteld om binnen een termijn van 4 weken na toezending van het concept advies hier schriftelijk op te reageren.

Pagina 5 van 6

7. In het geval tijdig schriftelijke reacties zijn ingediend, brengt de adviescommissie binnen 4 weken na het verstrijken van de in het 6e lid bedoelde termijn een advies uit aan het bestuursorgaan, waarbij tevens is ingegaan op de ingediende schriftelijke reacties. 8. In het geval geen of niet tijdig schriftelijke reacties zijn ingediend, brengt de adviescommissie binnen 2 weken na het verstrijken van de in het 6e lid genoemde termijn een advies uit aan het bestuursorgaan. Artikel 7. Uitbetaling Bij geheel of gedeeltelijke toewijzing van een aanvraag om schadevergoeding, wordt de toegewezen schadevergoeding uiterlijk betaald bij het onherroepelijk worden van het besluit op de aanvraag. Artikel 8. Inwerkingtreding en citeertitel 1 . Deze verordening treedt in werking gelijktijdig met de inwerkingtreding van de Omgevingswet. 2 . Deze verordening wordt aangehaald als: “Verordening nadeelcompensatie Neder-Betuwe 2022”.

Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 24 februari 2022 de griffier, de voorzitter,

E. van der Neut

Pagina 6 van 6

A.J. Kottelenberg

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11014385/2