Raadsvoorstel 2872 - Regionale (klimaat)adaptatiestrategie (RAS) en samenwerkingsagenda regio Rivierenland
Tekst van het document
Raadsvoorstel
Zaaknr.: Z/18/059979/RAAD/21/02872
Raadsvergadering d.d.
:
30 juni 2021
Inlichtingen bij : Griffie
Agendapunt
:
9
Telefoonnr.
: 14 0488
Portefeuillehouder
:
Wethouder van Someren
E-mailadres
: griffie@nederbetuwe.nl
Onderwerp: Regionale (klimaat)adaptatiestrategie (RAS) en samenwerkingsagenda regio Rivierenland.
Voorgesteld besluit U wordt voorgesteld: 1. in te stemmen met bijgevoegde Regionale Adaptatie Strategie “Rivierengebied Klimaatbestendig, samen aan de slag!”; 2. in te stemmen met bijgevoegde Regionale Samenwerkingsagenda “Rivierengebied Klimaatbestendig, samen aan de slag!”.
Samenvatting voorstel: De effecten van klimaatverandering houden niet op bij de gemeentegrenzen, ze zijn gebied overstijgend, en daarom werken negen gemeenten, de provincie Gelderland, Waterschap Rivierenland en tal van stakeholders samen om de regio Rivierenland klimaatbestendig en waterrobuust te maken. Om dit te bereiken hebben deze partijen samen een Regionale (klimaat) Adaptatie Strategie (RAS) Rivierenland opgesteld. In deze RAS zijn verschillende opgaven geformuleerd en die opgaven zijn vertaald naar negen speerpunten waar we de komende drie jaar (2021-2023) samen mee aan de slag gaan. De negen speerpunten zijn vastgelegd in de Samenwerkingsagenda regio Rivierenland. In de samenwerking laten we zien wat de regio de komende drie jaar (2021-2023) op regionaal niveau op het gebied van klimaatbestendigheid gaat doen.
Inleiding: Het klimaat verandert en wij worden steeds vaker geconfronteerd met de gevolgen hiervan, zoals extreme droogte, hitte, wateroverlast en overstromingen. Nederland is als dichtbevolkt en grotendeels laaggelegen land kwetsbaar voor de gevolgen van extreem weer en klimaatverandering. We moeten maatregelen nemen om de schade door klimaatverandering zoveel mogelijk te beperken. Door de leefomgeving beter bestand te maken tegen klimaatverandering en extreme weerssituaties nemen de risico’s door klimaatverandering af en kunnen we eventuele schade beperken. De inrichting en het beheer van zowel de openbare als private ruimte vallen onder de verantwoordelijkheid van veel partijen. Daarom moeten overheden, maatschappelijke organisaties, inwoners en bedrijven nauw samenwerken om deze ambitie te bereiken. Om deze samenwerking te versnellen, concretiseren en te intensiveren is in 2018 het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (DPRA) ontwikkeld, waarbij Nederland in 45 landsdekkende werkregio’s is verdeeld. Het gebied van de gemeenten Buren, Culemborg, Lingewaard, Maasdriel, Neder Betuwe, Overbetuwe, Tiel, West Betuwe en Zaltbommel vormt de werkregio Klimaat Actief Rivierenland (KAR). Samen met de provincie Gelderland, het waterschap Rivierenland en tal van stakeholders werken we toe naar een klimaatbestendig en waterrobuust Rivierenland.
In 2019 zijn via stresstesten de regionale kwetsbaarheden voor overstroming, droogte, hitte en wateroverlast in kaart gebracht. Daarna zijn in 2019 en 2020 (risico)dialogen gehouden met diverse regionale Pagina 1 van 6
*ZA8DF3CCE27*
stakeholders. Vanuit de stresstesten en (risico)dialogen is de Regionale Adaptatie Strategie (RAS), vanuit de werkregio in samenwerking met regionale stakeholders, in de zomer van 2020 tot stand gekomen. De RAS verwoordt de gezamenlijke ambities, strategie en opgaven in de regio Rivierenland voor klimaatadaptatie. Wij hebben u deze RAS op 6 juli 2020 al eens ter instemming en kennisname aangeboden. De inhoud van de RAS is in de afgelopen periode verder uitgewerkt naar negen speerpunten waar we de komende drie jaar (2021-2023) als regio samen mee aan de slag gaan. De negen speerpunten zijn vastgelegd in de Samenwerkingsagenda regio Rivierenland. Wij vragen u nu de RAS en de Samenwerkingsagenda vast te stellen. Beide documenten zijn toegevoegd als respectievelijk bijlage 1 en bijlage 2. Relevante beleidsvelden Klimaatadaptatie is geen losstaande ontwikkeling, maar hangt samen met andere opgaven gericht op het versterken van de leefbaarheid, veiligheid, gezondheid, economie, de land- en tuinbouw, natuur en landschap, stedelijke ontwikkeling, toerisme en recreatie en de energietransitie.
Op regionaal niveau gaat daarbij om lopende programma’s en projecten zoals het Programma Integraal Riviermanagement (IRM), het Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP), de Regiodeal Fruitdelta Rivierenland, de Regionale Energietransitie (RES) Fruitdelta Rivierenland, de Strategische Gebiedsagenda voor Rivierenland en het Deltaplan Agrarisch Waterbeheer (DAW). Waar dat kan sluiten we aan bij deze opgaven en lopende trajecten. Op lokaal niveau is er een sterke link naar diverse beleidsvelden, waaronder ruimtelijke ordening, riolering, water, groen en landelijk gebied. Het is daarom ook van belang dat we het thema klimaatadaptatie in de Omgevingsvisie verweven. Lokale Adaptatiestrategie Naast het regionale spoor (RAS) gaan we ook werken aan het lokale spoor, de Lokale Adaptatie Strategie (LAS). Daarin geven we op lokaal niveau vorm en inhoud aan de klimaatadaptatie opgave. Hierbij sluiten we aan bij de speerpunten zoals deze in het Regionale Adaptatie Strategie en Samenwerkingsagenda zijn benoemd. Veel van deze opgaven moeten immers uiteindelijk verankerd worden in lokaal beleid en werkprocessen. Voor wat betreft wateroverlast hebben wij dit al in het GRP opgenomen, incl. een maatregelenpakket. De thema’s droogte en hitte moeten we nog nader uitwerken. De LAS leggen wij in een separaat voorstel aan u voor.
Beoogd effect: Vanaf 2020 klimaatadaptief handelen en in 2050 klimaatadaptief ingericht zijn. Bewustwording van klimaatverandering en de urgentie tot klimaatadaptatie bij alle betrokkenen vergroten. Argumenten: 1.1 We moeten ons aanpassen aan het klimaat. Ook in de regio Rivierenland hebben we steeds vaker te maken met de effecten van klimaatverandering. Op basis van de uitgevoerde regionale stresstesten in de regionale klimaateffectatlas (Werkregio Klimaatactief Rivierenland) en de risicodialogen is de constatering dat Rivierenland gevoelig tot zeer gevoelig is voor wateroverlast, droogte, hitte en overstroming. Dit vraagt dat wij (overheden, stakeholders, inwoners en ondernemers) ons aanpassen, met het oog op een vitale en toekomstbestendige regio met een fijn leef- en werkklimaat. De RAS beschrijft niet alleen de effecten waar wij als regio mee worden geconfronteerd, maar ook de ambities en opgaven waar we voor staan. De strategie richt zich op de opgaven die binnen onze eigen invloedssfeer liggen en waar we iets aan kunnen doen in termen van voorkomen of reguleren. De Samenwerkingsagenda beschrijft wat we in de regio gaan doen om de komende jaren (2021-2023) beter bestand te zijn tegen de negatieve effecten van klimaatverandering.
Pagina 2 van 6
1.2 De regionale aanpak zorgt ervoor dat we klimaatadaptatie lokaal sneller kunnen implementeren. Klimaatverandering houdt geen rekening met gemeentegrenzen en gelet op de schaal waarop de effecten merkbaar zijn, is het logisch om klimaatadaptatie vanuit een regionale aanpak aan te vliegen. Bij de uitvoering en bijsturing van de Samenwerkingsagenda 2021-2023 ligt de nadruk op het op regionaal niveau oppakken van een aantal onderwerpen, de speerpunten, om op die onderwerpen door organisaties binnen de hele regio versnelling en verdieping te kunnen bereiken. Voordelen van deze regionale aanpak hebben te maken met efficiëntie (tijd en financiën), een sterke(re) onderhandelingspositie, inspiratie en het delen van kennis en de goede voorbeelden (kwaliteit). Uiteraard kennen deze op onderdelen ook een lokale uitwerking. We pakken regionaal op waar het kan en waar het efficiënt is en zorgen voor verbindingen met de lokale aanpakken. Zo hoeven individuele overheden en stakeholders niet steeds zelf het wiel uit te vinden, maar maken we gebruik van elkaars kennis en ervaringen. Met deze regionale aanpak versterken we de maatregelen van de individuele overheden en stakeholders. Via het lokale spoor geven wij deze regionale strategie verder vorm en inhoud via de Lokale Adaptatie Strategieën met een uitvoerings- en investeringsagenda.
1.3 Klimaatbewustzijn moet een vanzelfsprekend onderdeel worden van al ons beleid en handelen. Op korte termijn richten wij ons op bewustwording en het vergroten van de urgentie tot klimaatadaptatie. Dit moet er toe leiden dat we klimaatadaptatie verankeren in ons beleid en ons concrete handelen. We vraagt om een andere manier van denken en samenwerken. Samen naar beste weten beslissingen durven nemen, op basis van beperkte kennis en in de wetenschap dat de toekomst onvoorspelbaar is. We richten ons daarbij op de korte termijn eerst op de meest urgente opgaven en de makkelijke oplossingen (“laaghangend fruit”). We koppelen klimaatadaptatie aan kansen op meerdere andere terreinen. 2.1 Het opstellen van de RAS & Samenwerkingsagenda is een eerste stap. De uitwerking van de opgaven en maatregelen bepaalt of wij er in slagen om ons aan te passen aan klimaatverandering. De volgende stap in het proces rondom deze RAS is de Samenwerkingsagenda. In deze agenda geven we aan wat wij in de regio in de komende 3 jaar (2021 – 2023) gaan doen als overheden en stakeholders. Daarmee versnellen we dat onze regio zich aanpast aan het veranderende klimaat. De Samenwerkingsagenda behandelt onder andere de aanleiding en landelijk kader, de stap van RAS naar Samenwerkingsagenda, de speerpunten en financiering en monitoring. 2.2 Overheden zorgen voor agendering en coördinatie.
Vanuit de werkregio Klimaat Actief Rivierenland (KAR) zorgen we als negen gemeenten, het Waterschap Rivierenland en de provincie Gelderland gezamenlijk voor agendering, afstemming en waar nodig regie. Dit doen we in een stuurgroep met alle wethouders en bestuurders die klimaat óf water in de portefeuille hebben. De stuurgroep bepaalt jaarlijks de inzet en middelen voor de Samenwerkingsagenda en bewaakt de regionale voortgang. Deze vormt het aanspreekpunt voor het Rijk. De stuurgroep wordt gevoed door de regionale netwerkgroep KAR, bestaande uit medewerkers van de betrokken overheden. Hierin zorgt het Waterschap samen met de gemeente West-Betuwe voor de ambtelijke coördinatie. Jaarlijks wordt er een voortgangspresentatie, bijsturingsoverleg en indien wenselijk een geactualiseerde samenwerkingsagenda opgeleverd/georganiseerd. 2.3 Samen met stakeholders. De overheden kunnen het niet alleen. Stakeholders zoals woningcorporaties, ontwikkelaars en bouwers, bedrijven, de land- en tuinbouwsector, natuur- en landschapsorganisaties, de GGD, onderwijs- en kennisinstellingen, drinkwaterbedrijven, hoveniers en de Veiligheidsregio zijn stuk voor stuk onmisbaar bij het werken aan klimaatadaptatie. Veel partijen zijn al actief op dit terrein en we gaan gezamenlijk verder met de uitvoering. Er wordt een adviesgroep gevormd bestaande uit de meest betrokken stakeholders.
De adviesgroep is gekoppeld aan de stuurgroep en we organiseren minimaal één keer per jaar een brede regionale bijeenkomst. Pagina 3 van 6
Kanttekeningen: 1.1 Eigenaarschap van klimaatadaptatie moet worden verbreed. De laatste jaren laten de perioden van extreme droogte en hitte zien dat klimaatadaptatie verder gaat dan omgaan met wateroverlast en overstromingen. Klimaatadaptatie gaat over het gebruik van het stedelijk en landelijk gebied in de breedste zin. Het heeft gevolgen voor nagenoeg alle beleidsterreinen (wonen, werken, natuur, milieu, sociaal domein). Dit betekent dan ook dat het eigenaarschap van klimaatadaptatie in de organisaties verbreed moet worden naar andere beleidsterreinen. Het is geen ‘klusje’ wat door enkele medewerkers (er bij) gedaan kan worden. De opgave is groot, de impact nog lang niet te overzien en de huidige middelen bij de overheden en stakeholders zijn beperkt. Zo beperkt dat we noodgedwongen slechts een aantal speerpunten oppakken en hierin afgebakende maar relevante stappen te kunnen zetten. Zodat we ondanks de beperkte hoeveelheid tijd en geld toch substantiële vooruitgang kunnen boeken. 2.1 Samenwerking moet worden geborgd. Deze RAS & Samenwerkingsagenda is ontstaan uit een intensieve samenwerking tussen partijen uit de regio, en ook voor de uitvoering is samenwerking een belangrijke voorwaarde. De kracht van veel oplossingsrichtingen zit juist in een gezamenlijke aanpak met alle betrokken stakeholders.
Om met de beperkte middelen toch samen een zo groot mogelijke versnelling van de klimaatadaptatie aanpak in de regio te krijgen, zijn de taken zo veel mogelijk verdeeld. Zo kunnen per speerpunt een klein aantal organisaties met (ingehuurde) ondersteuning activiteiten organiseren en resultaten boeken waar alle partijen hun voordeel me kunnen doen. Per speerpunt is in een factsheet aangegeven welke organisaties zich de komende jaren inzetten voor welke speerpunten en andere taken in het proces. Financiën: Voor de uitvoering van de Samenwerkingsagenda wordt uitgegaan van een gezamenlijk maximum jaarbudget van € 165.000 voor de jaren 2021, 2022 en 2023. Wat gelijk staat aan maximaal €15.000 per jaar per gemeente, het waterschap en de provincie. Jaarlijks wordt in de stuurgroep SNR de gedetailleerde begroting en de jaarrekening ter vaststelling voorgelegd. Voor deze kosten is een krediet opgenomen in het GRP. Bedrijfsvoering Het voorstel heeft geen directe personele gevolgen. De opgave van klimaatadaptatie vraagt wel om een verbreding van eigenaarschap en betrokkenheid binnen de organisatie. Er wordt er uitgegaan van een beperkte ureninzet vanuit de betrokken overheden. De genoemde ureninzet wordt als een minimum gezien om de genoemde doelen te halen. Er zal hierbij zo mogelijk worden ingezet op efficiëntie door afstemming en samenwerking met andere (regionale) processen.
Naast de inzet van eigen uren wordt er ingezet op inhuur/organisatie van procesondersteuning en de inhuur van deskundigen. Communicatie: Graag hadden wij alle betrokken gemeenteraden via een fysieke bijeenkomst uitgebreid geïnformeerd. Door het coronavirus vinden we het houden van een dergelijke interactieve bijeenkomst niet verantwoord. U ontvangt daarom een raadsvoorstel met als bijlage de RAS & Samenwerkingsagenda toegevoegd. U wordt naast de lokale communicatiekanalen via een regionale nieuwsbrief periodiek geïnformeerd over de RAS & Samenwerkingsagenda. Aanvullend wordt er een digitale regionale raadsbijeenkomst georganiseerd om de betrokken gemeenteraden nader te informeren. Kernboodschap is dat u middels een digitale regionale raadsbijeenkomst, waarvoor u reeds een uitnodiging heeft ontvangen, en periodiek via een regionale nieuwsbrief geïnformeerd wordt over de RAS & Samenwerkingsagenda. Via het regionale communicatiespoor zullen ook persberichten worden opgesteld om onze inwoners hierover te informeren.
Pagina 4 van 6
Vervolgstappen: De RAS en Samenwerkingsagenda wordt nu aan de verschillende overheden ter besluitvorming voorgelegd om deze voor de zomer vast te laten stellen. Het is onmogelijk om in 2020 een blauwdruk te maken voor de aanpak en uitvoering van klimaatadaptatie tot 2050. Inzichten en omstandigheden veranderen met de tijd. Daarnaast zullen er vanwege de financiële middelen ook prioriteiten gesteld moeten worden in de te nemen maatregelen en volgorde van de maatregelen. We werken in dit proces daarom met de Plan-Do-Check-Act (PDCA) verbetermethode om continue werk, prestaties en de organisatie te verbeteren en op een hoger plan te brengen. De PDCA-cyclus draagt bij aan het structureel oplossen van problematiek: Plan: plannen van activiteiten en stellen van doelen (wie, wat waar, wanneer, waarom en hoe). Jaarlijks actualiseren we de samenwerkingsagenda door actualisatie van de factsheets die bij de speerpunten behoren, zodat we weer met elkaar scherp hebben wat we gaan doen en hoe we dit organiseren. Do: uitvoeren van de geplande activiteiten (actiepunten voor verbetermogelijkheden toepassen). We gaan met de speerpunten aan de slag zoals beschreven in de factsheets die bij de samenwerkingsagenda horen. Check: nagaan in hoeverre de afgesproken doelen zijn gerealiseerd (uitkomsten evalueren).
Jaarlijks evalueren we de voortgang van de speerpunten door het opstellen van een voortgangspresentatie die gedeeld wordt met alle betrokkenen Act: analyse van afwijkingen en aanpassen van het proces (standaardiseren, integreren en bijsturen). Middels één of meerdere regionale bijeenkomsten analyseren we de voortgang en bespreken we gewenste aanpassingen in de komende jaren om de geformuleerde doelen te kunnen halen. Elk jaar doorlopen we bovenstaande stappen en stellen we zo nodig de samenwerkingsagenda bij. Burgemeester en wethouders van Neder-Betuwe, de secretaris, de burgemeester,
mr. G.S. Stam
A.J. Kottelenberg
Bijlagen: 1. Regionale Adaptatie Strategie “Rivierengebied Klimaatbestendig, samen aan de slag!” 2. Samenwerkingsagenda Regionale Adaptatie Strategie
Pagina 5 van 6
Raadsbesluit
Zaaknr.: Z/18/059979/RAAD/21/02872
De raad van de gemeente Neder-Betuwe; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders; BESLUIT: 1. in te stemmen met bijgevoegde Regionale Adaptatie Strategie ‘Rivierengebied Klimaatbestendig, samen aan de slag!’; 2. in te stemmen met bijgevoegde Regionale Samenwerkingsagenda ‘Rivierengebied Klimaatbestendig, samen aan de slag!’.
Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 30 juni 2021 de griffier, de voorzitter,
E. van der Neut
A.J. Kottelenberg