CConstaterende datNeder-Betuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel 2856 - Plan van aanpak transitieperiode omgevingsplan

Raadsvergadering 30 juni 2021, gemeente Neder-BetuweBij agendapunt: Plan van aanpak transitieperiode omgevingsplan3.094 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel

Zaaknr.: Z/21/075101/RAAD/21/02856

Raadsvergadering d.d.

:

30 juni 2021

Inlichtingen bij : Griffie

Agendapunt

:

11

Telefoonnr.

: 14 0488

Portefeuillehouder

:

Wethouder van Wolfswinkel

E-mailadres

: griffie@nederbetuwe.nl

Onderwerp: Plan van aanpak transitieperiode omgevingsplan

Voorgesteld besluit U wordt voorgesteld: 1. Het plan van aanpak transitieperiode vast te stellen en daarmee het volgende te besluiten: a. In de nota van uitgangspunten die voor het maken van een omgevingsplan voor een deelgebied wordt opgesteld een afweging te maken over het gebruik van lagen van regulering en open normen waarbij het uitgangspunt is dat de omzetting van de huidige regels naar het omgevingsplan beleidsneutraal plaatsvindt; b. De volgende wijzigingen van het omgevingsplan te delegeren aan het college en te bepalen dat dit besluit in werking treedt met ingang van de dag waarop de Omgevingswet in werking treedt: 1. Het omzetten van onherroepelijke omgevingsvergunningen naar het omgevingsplan 2. Het corrigeren van kennelijke omissies, verschrijvingen en verkeerde verwijzingen van technische aard 3. Wijzigingen in de toelichting 4. Het verwerken van wijzigingen in wetgeving en instructieregels (Rijk en Provincie) 5. Het in overeenstemming brengen van het omgevingsplan met beleid dat is voorgelegd aan de gemeenteraad c. Een strategie te maken over hoe om te gaan met initiatieven die afwijken van het geldende bestemmingsplan (voor en na de inwerkingtreding van de Omgevingswet); d. Bij de verhuizing naar het Permanente omgevingsplan gebruik te maken van de transitieperiode van 8 jaar; e.

Het tijdelijke omgevingsplan gebiedsgericht om te zetten naar het permanente omgevingsplan in de volgende volgorde: Kernen, Buitengebied en Bedrijventerreinen; f. De verordeningen thematisch om te zetten in 2027 of per verordening op een natuurlijk moment; g. De bruidsschat per thema/groep regels in 2027 of mogelijk eerder indien kan worden aangesloten bij voorstellen uit de regio; Samenvatting voorstel: Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet op, zover nu bekend, 1 juli 2022 krijgen gemeenten van rechtswege de beschikking over een tijdelijk omgevingsplan. Dit omgevingsplan moet binnen 8 jaar na de inwerkingtreding van de wet worden omgezet naar een permanent omgevingsplan. Met de vaststelling van het plan van aanpak wordt de strategie bepaald op welke wijze het tijdelijke omgevingsplan wordt omgebouwd tijdens de transitieperiode. Verder besluit de gemeenteraad tot delegatie van wijzigingen van het omgevingsplan aan het college voor wijzigingen waarvoor geen beleidsafweging nodig is.

Inleiding: Pagina 1 van 7

*ZA8DB6A65F7*

Zover nu bekend treedt de Omgevingswet op 1 juli 2022 in werking. Op dat moment krijgen alle gemeenten van rechtswege de beschikking over een Tijdelijk Omgevingsplan (TOP). Het TOP bestaat uit alle geldende bestemmingsplannen, enkele verordeningen en de bruidsschat (voormalige rijksregels op het gebied van bouwen en milieu). Gemeenten krijgen na de inwerkingtreding van de wet, 8 jaar de tijd om het TOP en enkele andere gemeentelijke verordeningen om te zetten naar een Permanent Omgevingsplan (POP). Deze periode wordt de transitieperiode genoemd. Vorig jaar zijn we gestart met een pilot omgevingsplan voor de kern IJzendoorn. Deze pilot was met name bedoeld om te gaan oefenen met het nieuwe instrument omgevingsplan. Door de pilot is er meer gevoel ontstaan bij dit instrument en is er meer inzicht gekregen in wat er allemaal komt kijken bij het maken van een omgevingsplan. Duidelijk is dat het een behoorlijke opgave is om alle regels met betrekking tot fysieke leefomgeving samen te brengen en om te bouwen naar één omgevingsplan. Ook de ombouw naar de nieuwe digitale standaard (STOP/TPOD) is complex en tijdrovend. Mede op basis van de inzichten uit de pilot is er een plan van aanpak gemaakt voor de ombouw van een TOP naar een POP in de transitieperiode.

In dit plan van aanpak wordt geduid voor welke opgaven de gemeente staat om te komen tot één POP, welke route hiervoor wordt voorgesteld en welke keuzemogelijkheden er zijn. Dit wordt gekoppeld aan een globale planning en een geschat kostenplaatje. Beoogd effect: Een gestructureerde en haalbare aanpak voor de ombouw van het TOP in een POP. Argumenten: 1.a.1. In een nota van uitgangspunten kan een goede en weloverwogen afweging worden gemaakt In het kader van het omgevingsplan voor de kern IJzendoorn (de pilot) zijn de mogelijkheden en wenselijkheden van het gebruik van lagen van regulering en open normen verkend. De keuze voor het gebruik van een bepaalde laag of open norm heeft nogal wat consequenties voor de regeling in het omgevingsplan, voor initiatiefnemers en belanghebbenden maar ook voor bijvoorbeeld de inzet van vergunningverlening en toezicht en legesinkomsten. Een nota van uitgangspunten wordt gemaakt voorafgaand aan het opstellen van een permanent omgevingsplan voor een deelgebied en wordt vastgesteld door de gemeenteraad. Door de keuze voor de lagen van regulering en het gebruik van open normen door te schuiven naar de nota van uitgangspunten, kan een goede en weloverwogen afweging worden gemaakt door de voor- en nadelen en de consequenties van keuzes in beeld te brengen. 1.a.2.

In principe uitgaan van een beleidsneutrale omzetting van de huidige bestemmingsplanregels om de opgave van de omzetting van TOP naar POP niet nog groter te maken Vanwege de enorme opgave die er ligt om te komen van een TOP naar een POP is het uitgangspunt zoveel mogelijk de huidige regels van het bestemmingsplan beleidsneutraal om te zetten. Dit betekent dat we niet met een blanco vel beginnen maar dat we het bestaande beleid en de bestaande manier van regelen als uitgangspunt nemen. Maar het is zeker niet de bedoeling alle huidige regels één op één over te zetten naar het omgevingsplan. Gewijzigde beleidsinzichten, nieuw beleid (in bijvoorbeeld de Omgevingsvisie) of veranderende wetgeving moet worden door vertaald naar het omgevingsplan en verder zullen in de nota van uitgangpunten conform argument 1.a.1. afwegingen worden gemaakt en voorstellen worden gedaan voor mogelijke aanpassingen van de planologische regels. 1.b.1. Op basis van artikel 2.8 Omgevingswet kan de gemeenteraad specifiek besluit delen van het omgevingsplan te delegeren aan het college van B&W De bevoegdheid om een omgevingsplan vast te stellen rust bij de gemeenteraad. De gemeenteraad heeft op grond van artikel 2.8 Omgevingswet de mogelijkheid om de bevoegdheid voor het vaststellen van delen van het Pagina 2 van 7

omgevingsplan te delegeren aan B&W. Dit moet gebeuren door middel van een delegatiebesluit waarin de gemeenteraad de bevoegdheid omschrijft die wordt overgedragen aan B&W. 1.b.2. Bij de voorgestelde te delegeren wijzigingen van het omgevingsplan behoeft geen beleidsafweging te worden gemaakt Het gaat om de volgende wijzigingen: 1. Het omzetten van onherroepelijke omgevingsvergunningen naar het omgevingsplan. (Dit betreft een administratieve handeling omdat een verleende vergunning één op één wordt overgezet naar het omgevingsplan) 2. Het corrigeren van kennelijke omissies, verschrijvingen en verkeerde verwijzingen van technische aard. (Betreft een administratieve handeling) 3. Wijzigingen in de toelichting. (Betreft een aanvulling/verduidelijking van de toelichting van het omgevingsplan) 4. Het verwerken van wijzigingen in wetgeving en instructieregels (Rijk en Provincie). (Voor zover de wijziging van het omgevingsplan voortvloeit uit een instructieregel van het Rijk of de provincie en de instructieregel aan de gemeenteraad geen afwegingsruimte biedt kan deze door het college worden verwerkt in het omgevingsplan) 5. Het in overeenstemming brengen van het omgevingsplan met beleid dat is voorgelegd aan de gemeenteraad.

(Het beleid is vastgelegd en voor de omzetting naar het omgevingsplan behoeft derhalve geen beleidsafweging meer te worden gemaakt) Bij de delegatie van genoemde wijzigingen wordt de gemeenteraad niet onnodig belast met wijzigingen van het omgevingsplan waarvoor geen beleidsafweging behoeft te worden gemaakt. Zodra er enige beleidsafweging noodzakelijk is zullen de wijzigingen van het omgevingsplan altijd ter vaststelling aan de gemeenteraad worden aangeboden. De gemeenteraad kan in de B&W besluitenlijsten zien welke besluiten tot wijziging van het omgevingsplan door het college zijn genomen. 1.c.1. Er moet duidelijkheid zijn bij gemeente en initiatiefnemers over de wijze van afhandeling van initiatieven Het overgangsrecht van de Omgevingswet zorgt ervoor dat alleen ontwerp bestemmingsplannen die voor de invoeringsdatum van de wet ter inzage zijn gelegd, kunnen worden afgehandeld overeenkomstig het huidige wettelijk stelsel. Omdat bestemmingsplantrajecten vanaf de initiatieffase tot het ter inzage leggen van een ontwerp veelal 5 tot 6 maanden in beslag nemen, is het vanaf 5 maanden voor de invoeringsdatum niet meer mogelijk om ontwerpbestemmingsplannen in behandeling te nemen. Voor (Voorontwerp)bestemmingsplannen waarbij eerst inspraak moet worden georganiseerd is het vanaf heden praktisch gezien onmogelijk om tijdig een ontwerpplan ter inzage te krijgen.

Welke alternatieven zijn er voorhanden om na de deadlines toch ruimtelijke initiatieven mogelijk te maken? Door ons college wordt een protocol ruimtelijke initiatieven voorbereid die duidelijkheid moet geven aan initiatiefnemers over het gebruik van de ruimtelijke instrumenten tot aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet. De gemeenteraad zal via een Raadsinformatiebrief worden geïnformeerd over de strategie. Verder kent de Omgevingswet nieuwe instrumenten (b.v. buitenplanse omgevingsplanactiviteit en omgevingsplan) voor de afhandeling van ruimtelijke initiatieven. Hoe verhouden deze nieuwe instrumenten zich tot elkaar en welke mogelijkheden bieden deze instrumenten en welke beperkingen zijn er? In het kader van het bindend adviesrecht waarvoor u in de loop van dit jaar een voorstel kunt verwachten wordt deze problematiek met u verder verkend en worden voorstellen gedaan. 1.d.1.Het overgangsrecht biedt voldoende ruimte voor een gefaseerde verhuizing naar het Permanente Pagina 3 van 7

Omgevingsplan Op basis van artikel 22.4 Omgevingswet krijgen gemeenten na inwerkingtreding van de wet, 8 jaar de tijd om het TOP en enkele andere gemeentelijke verordeningen om te zetten naar een Permanent Omgevingsplan (POP). 1.d.2. De transitie van TOP naar POP is een enorme grote en complexe opgave waarvoor veel capaciteit nodig is De enorme omvang van de opgave van de transitie van een TOP naar een POP en de gecompliceerdheid van de materie maakt dat het onmogelijk is om binnen een hele korte termijn een omgevingsplan voor het hele grondgebied van de gemeente te maken. De transitie wordt beter beheersbaar door de opgave uit te smeren over de transitieperiode van 8 jaar die door de wetgever wordt geboden. De druk op de organisatie is beter te managen, en de financiële inzet en de druk op de bestuurlijke agenda wordt over een langere periode verspreid. 1.e.1 Op deze wijze wordt één integrale regeling voor een gebied met een duidelijke ruimtelijke samenhang gemaakt zoals ook nu bij bestemmingsplannen De meest logische keuze is om bestemmingsplannen gebiedsgericht om te zetten. Op deze wijze kan er per deelgebied één integraal plan worden opgesteld. Door de verhuizing op te pakken aan de hand van de indeling in de deelgebieden Kernen, Buitengebied en Bedrijventerreinen wordt aangesloten bij de huidige indeling van de bestaande bestemmingsplannen.

Deze gebiedsindeling wordt in Neder-Betuwe al heel lang gehanteerd en is gekozen vanwege de ruimtelijke samenhang en het karakter per deelgebied. 1.e.2. Het bestemmingsplan Kernen kan het meest eenvoudig worden omgezet naar het omgevingsplan De omzetting van het bestemmingsplan naar omgevingsplan kan relatief snel en beleidsneutraal (één op één) als er een recent bestemmingsplan ligt. Dit kost meer tijd en vraagt meer (bestuurlijke) afwegingen indien er geen recent bestemmingsplan ligt. Voor de volgorde van de verhuizing van de bestemmingsplannen wordt er derhalve voorgesteld te beginnen met het meest eenvoudige deelgebied, de Kernen. Voor de kernen ligt er een recent bestemmingsplan waardoor de omzetting naar omgevingsplan relatief gezien eenvoudiger is dan de andere deelgebieden. Op deze wijze kan in eerste instantie worden geconcentreerd op de techniek, het proces en de procedure van het nieuwe instrument. 1.e.3. De omzetting van het bestemmingsplan Buitengebied is urgenter dan het bestemmingsplan Bedrijventerreinen Na de verhuizing van de Kernen wordt het Buitengebied verhuisd naar het omgevingsplan.

In het Buitengebied doen zich namelijk meer initiatieven voor dan in het derde deelgebied ‘de Bedrijventerreinen’ en daarnaast zijn er voor het Buitengebied meer nieuwe beleidsinzichten (mede volgend uit de in ontwikkeling zijnde omgevingsvisie) die verankerd moeten worden in het omgevingsplan. De verhuizing van de planologische regels wordt afgesloten met het deelgebied Bedrijventerreinen. 1.f.1. De verordeningen zijn thematisch opgesteld en kunnen op deze wijze het meest eenvoudig worden omgezet Het meest praktisch is het om de verordeningen thematisch over te zetten naar het Permanente Omgevingsplan omdat deze ook thematisch zijn opgesteld. Wel is het natuurlijk zaak om bij de omzetting een integrale afweging en inpassing te laten plaatsvinden in het omgevingsplan. Bij verordeningen is geen sprake van urgentie anders dan dat zij na afloop van de transitieperiode in het Permanente Omgevingsplan moeten staan. Derhalve wordt er voorgesteld om de verordeningen op een natuurlijk moment, bijvoorbeeld wanneer er sprake is van een actualisatie door wijzigingen in beleid of wetgeving, om te zetten naar het Permanente Omgevingsplan. De verordeningen waar nog geen natuurlijk moment voor is geweest, worden vanaf begin 2027 verhuisd. 1.g.1 De bruidsschat betreft thema’s/groepen regels en kunnen per thema het eenvoudigst worden omgezet Pagina 4 van 7

Het meest praktisch is het om de bruidsschat per thema/groep regels thematisch over te zetten naar het Permanente Omgevingsplan. Evenals bij de verordeningen is het natuurlijk zaak om bij de omzetting een integrale afweging en inpassing te laten plaatsvinden in het omgevingsplan. Ook bij de Bruidsschat is net als bij de verordeningen geen sprake van urgentie anders dan dat zij na afloop van de transitieperiode in het Permanente Omgevingsplan moeten staan. Door de Omgevingsdienst Rivierenland en de gemeenten binnen het werkgebied van de Omgevingsdienst is eind 2020 een analyse gemaakt van de regels in de Bruidsschat. Geconstateerd is dat de uitvoering (vergunningverlening en toezicht door de Omgevingsdienst) gebaat is bij een zo uniform mogelijke verhuizing van de regels naar het Permanente Omgevingsplan van gemeenten. De Omgevingsdienst gaat op basis van deze analyse en een nadere verkenning onder de gemeenten, een advies aan gemeenten geven over de wijze waarop de regels van de Bruidsschat op een zo uniforme wijze kunnen worden verhuisd. Kanttekeningen: 1.d.1. Alvorens met de ombouw van TOP naar POP te kunnen starten is er een raamwerk omgevingsplan nodig Er is bij de inwerkingtreding van de wet één omgevingsplan en dit omgevingsplan moet op een eenduidige, heldere en gestructureerde wijze worden opgebouwd en beheerd.

Dit kan door een raamwerk voor het omgevingsplan te maken waarbij onder andere de opzet en structuur wordt vastgelegd. De overzetting van de bouwstenen bestemmingsplannen, Bruidsschat en verordeningen naar het POP moet binnen dit raamwerk passen. Met dit raamwerk wordt ook een opzet en structuur geboden voor wijzigingsvoorstellen van het omgevingsplan die door derden (initiatiefnemers en/of stedenbouwkundige bureaus) worden gedaan om ruimtelijke initiatieven mogelijk te maken. Het raamwerk omgevingsplan moet 5 maanden voor de inwerkingtreding van de wet gereed zijn omdat vanaf deze datum in principe geen ontwerpbestemmingsplan meer in procedure genomen kunnen worden. Het raamwerk betreft de technische structuur van het omgevingsplan en kan derhalve door het college worden vastgesteld. Via een Raadsinformatiebrief zal de gemeenteraad over het raamwerk worden geïnformeerd. Financiën: De transitieopgave om te komen tot een Permanent Omgevingsplan is groter dan de opgave van de Wet ruimtelijke ordening: het actualiseren en digitaliseren van alle bestemmingsplannen. Deze ‘actualisatieopgave’ heeft in Neder-Betuwe gespeeld van 2008 tot en met 2014 en heeft € 650.000,- gekost.

In vergelijking met deze ‘actualisatieopgave’ geldt voor de transitieopgave om te komen tot een Permanent Omgevingsplan dat: - het instrument omgevingsplan nieuw is en kennis en ervaring met inhoud, techniek en proces moet worden opgebouwd; - naast de bestemmingsplannen ook de verordeningen en de Bruidsschat moeten verhuizen naar het Permanente Omgevingsplan; - de digitale standaarden voor het omgevingsplan het opstellen van een omgevingsplan arbeidsintensiever maken dan het opstellen van een bestemmingsplan of gewone gemeentelijke verordening. - de Omgevingswet naast de wettelijke voorbereidingsprocedure (ter inzage legging van een ontwerp) een participatieplicht kent. De kosten voor het opstellen van een Permanent Omgevingsplan voor het gehele grondgebied van NederBetuwe in de transitieperiode worden geraamd op € 1.000.000,-. In de kadernota 2022 -2025 zullen deze transitiekosten van het omgevingsplan worden opgenomen onder de ambities. Communicatie:

Pagina 5 van 7

Kernboodschap is dat de gemeenteraad een plan van aanpak heeft vastgesteld waarin de strategie is vastgelegd hoe de gemeente in de transitieperiode van 8 jaar na de inwerkingtreding van de Omgevingswet het tijdelijke omgevingsplan wil omzetten naar een permanent omgevingsplan. Vervolgstappen: Het delegatiebesluit met betrekking tot de wijzigingen van het omgevingsplan wordt bekendgemaakt in het Elektronisch gemeenteblad op overheid.nl. Verder zal dit delegatiebesluit moeten worden verwerkt in de bijlage bij het algemeen delegatiebesluit 2015. Ook zal er worden gestart met een raamwerk omgevingsplan. Met dit raamwerk wordt een opzet en structuur gemaakt voor de overzetting van de bouwstenen bestemmingsplannen, Bruidsschat en verordeningen maar belangrijker is dat met het raamwerk een opzet en structuur wordt geboden voor initiatiefnemers en hun stedenbouwkundig bureau. Als het raamwerk staat, kan worden begonnen met de eerste ‘verhuizing’ nl. die van het bestemmingsplan Kernen naar het permanente omgevingsplan. Burgemeester en wethouders van Neder-Betuwe, de secretaris, de burgemeester,

mr. G.S. Stam Bijlagen: 1. Plan van aanpak Transitieperiode

Pagina 6 van 7

A.J. Kottelenberg

Raadsbesluit

Zaaknr.: Z/21/075101/RAAD/21/02856

De raad van de gemeente Neder-Betuwe; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders; gelet op het bepaalde in de artikelen 2.4, 22.4 Omgevingswet; BESLUIT: het plan van aanpak transitieperiode vast te stellen en daarmee het volgende te besluiten: a. in de nota van uitgangspunten die voor het maken van een omgevingsplan voor een deelgebied wordt opgesteld een afweging te maken over het gebruik van lagen van regulering en open normen waarbij het uitgangspunt is dat de omzetting van de huidige regels naar het omgevingsplan beleidsneutraal plaatsvindt; b. de volgende wijzigingen van het omgevingsplan te delegeren aan het college en te bepalen dat dit besluit in werking treedt met ingang van de dag waarop de Omgevingswet in werking treedt: 1. Het omzetten van onherroepelijke omgevingsvergunningen naar het omgevingsplan 2. Het corrigeren van kennelijke omissies, verschrijvingen en verkeerde verwijzingen van technische aard 3. Wijzigingen in de toelichting 4. Het verwerken van wijzigingen in wetgeving en instructieregels (Rijk en Provincie) 5. Het in overeenstemming brengen van het omgevingsplan met beleid dat is voorgelegd aan de gemeenteraad c. een strategie te maken over hoe om te gaan met initiatieven die afwijken van het geldende bestemmingsplan (voor en na de inwerkingtreding van de wet); d.

bij de verhuizing naar het Permanente omgevingsplan gebruik te maken van de transitieperiode van 8 jaar; e. het tijdelijke omgevingsplan gebiedsgericht om te zetten naar het permanente omgevingsplan in de volgende volgorde: Kernen, Buitengebied en bedrijventerreinen; f. de verordeningen thematisch om te zetten in 2027 of per verordening op een natuurlijk moment; g. de bruidsschat per thema/groep regels in 2027 of mogelijk eerder indien kan worden aangesloten bij voorstellen uit de regio.

Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 30 juni 2021 de griffier, de voorzitter,

E. van der Neut

A.J. Kottelenberg

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10299437/1