Raadsvoorstel 2855 - Reclamebeleid
Tekst van het document
Raadsvoorstel
Zaaknr.: Z/19/061335/RAAD/21/02855
Raadsvergadering d.d.
:
Agendapunt
:
Portefeuillehouder
:
23 september 2021 Wethouder van Someren
Inlichtingen bij : Griffie Telefoonnr.
: 14 0488
E-mailadres
: griffie@nederbetuwe.nl
Onderwerp: Reclamebeleid: lichtreclame (LED) en reclamezuilen
Voorgesteld besluit U wordt voorgesteld: 1. de Algemene Plaatselijke Verordening als volgt te wijzigen: a. in de Algemene Plaatselijke Verordening artikel 4:16 op te nemen dat luidt: "Het is verboden om zonder omgevingsvergunning van het college verlichte handelsreclame te maken of te voeren die vanaf de weg zichtbaar is." b. aan artikel 1:1 APV de volgende definitie toe te voegen: "Definitie “verlichte handelsreclame: Elke vorm van verlichte handelsreclame die op of aan (de gevel van) een onroerende zaak is bevestigd." c. aan de toelichting bij de APV toe te voegen: "Artikel 4:16". "Het is in onze gemeente niet nodig om voor alle handelsreclame een vergunningplicht in te stellen. De gemeente Neder-Betuwe acht het wel wenselijk om verlichte handelsreclame vergunningplichtig te stellen vanwege het belang van de (verkeers-)veiligheid en de woon- en leefomgeving. Bij verlichte handelsreclame denken we bijvoorbeeld aan lichtbakken en LED-schermen. Een vergunningplicht ontstaat wanneer in of op het reclameobject een lichtinstallatie wordt aangebracht die is aangesloten op een voorziening voor elektriciteit vanaf het aansluitpunt tot en met de verlichtingsarmatuur. Onder verlichte reclame wordt dus niet verstaan het aanlichten van onverlichte handelsreclame door middel van lampen. De gemeente wil lichthinder voorkomen en de verkeersveiligheid waarborgen.
Hierbij sluiten we aan bij de Richtlijn Lichthinder van de Nederlandse Stichting voor Verlichtingskunde. De eisen voor het verkrijgen van een vergunning en de weigeringsgronden worden uitgewerkt in een beleidsregel."; 2. in de tarieventabel bij de legesverordening bij artikel 2.3.14 Handelsreclame een tarief opnemen ad € 173,78; 3. het planologisch mogelijk te maken dat er op vijf locaties in de gemeente een reclamezuil mogelijk wordt; 4. reclamezuilen op gemeentegrond bij voorkeur in eigendom van de gemeente te houden.
Samenvatting voorstel: Dit voorstel is een voorzetting van een eerder raadsvoorstel over de herziening van het reclamebeleid. Er wordt niet langer een algehele herziening van het reclamebeleid voorgesteld. Wel stellen we enkele aanpassingen voor. We willen tegemoet komen aan verzoeken van ondernemers om gebruik te kunnen maken van de nieuwe mogelijkheden van LED-reclame. Om daarbij hinder voor de leefomgeving te voorkomen en de verkeersveiligheid te kunnen waarborgen wordt een vergunningplicht voorgesteld voor LED-/lichtreclame.
Pagina 1 van 7
*ZA8DAD63247*
Daarnaast doet u een algemene uitspraak of u het wenselijk vindt dat er op een vijftal locaties, vooral op bedrijventerreinen, in de gemeente reclamezuilen komen.
Inleiding: De concrete aanleiding voor het concept-reclamebeleid uit november 2020 zijn de nieuwe vormen van reclame die in de buitenruimte ontstaan. Bestond in 2010 slechts 1% van de reclame uit LED-schermen, inmiddels is dat toegenomen tot 25%.1 Met deze nieuwe vormen ontstaat enerzijds een behoefte. We ontvangen aanvragen van ondernemers die graag van deze nieuwe mogelijkheden gebruik zouden willen maken, bijvoorbeeld door het plaatsen van een LED-scherm op een reclamezuil. Concreet zijn aanvragen ontvangen van het Babypark Kesteren en later ook van de Ondernemersvereniging Opheusden. Hoe gaan we om met deze verzoeken? Anderzijds kunnen de nieuwe vormen van reclame ook hinder veroorzaken. Een voorbeeld hiervan zijn de klachten over de lichtreclame van de Aldi in Ochten. Met dit voorstel zoeken we naar manier om nieuwe ontwikkelingen wel mogelijk te maken zonder dat dit hinder veroorzaakt voor de omgeving. Beoogd effect: Dit voorstel geeft duidelijkheid over hoe de gemeente omgaat met nieuwe vormen van lichtreclame zoals LEDschermen én het voorkomen van hinder door lichtoverlast of (verkeers)onveilige situaties. Argumenten: 1.1 Dit voorstel is een beperkte aanpassing van het huidige reclamebeleid Tot nog toe zijn de regels over reclame versnipperd over verschillende regelingen.
Waar we het hebben over reclamebeleid moet een onderscheid gemaakt worden tussen de reclame-uiting zelf (daar gaat het reclamebeleid over) en de ondergrond waar de reclame op bevestigd is. Dat komt omdat reclame zich op veel verschillende manieren kan manifesteren in de openbare ruimte: op gebouwen, (vlaggen-)masten, reclamezuilen, driehoeksborden, spandoeken etc. Wij hadden beoogd om deze samen te vatten in één allesomvattend nota over reclame-uitingen. Vorig jaar, op 30 juni 2020, heeft u onze conceptnota Reclamebeleid in de beeldvormende avond van de gemeenteraad behandeld. Behandeling van de reclamenota in de gemeenteraadsvergadering van november 2020 heeft echter niet plaatsgevonden. U heeft deze van de agenda van raad gehaald, omdat u het nieuwe reclamebeleid te veelomvattend vond. Wij hebben het voorstel teruggenomen. Naar aanleiding hiervan hebben wij u in een raadsinformatiebrief laten weten: de twee beoogde reclamemasten als mogelijkheid in te trekken; een nieuw voorstel te focussen op de digitale/lichtreclame en uitsluitend deze reclamevormen vergunning- en legesplichtig te maken. We stellen u daarom geen allesomvattend reclamebeleid meer voor. 1.2 We willen LED-/lichtreclame mogelijk maken, maar wel kunnen reguleren.
Hoe zit het precies? De vergunningplicht voor reclame wordt geregeld via de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) én de Algemene Plaatselijke Verordening (APV). De Wabo omvat een groot aantal vergunningplichtige activiteiten, zoals de activiteiten bouwen, slopen, inrit, reclame, kappen van bomen of wijziging van een monument. Afhankelijk van het uit te voeren project kan een omgevingsvergunning bestaan uit toestemmingen voor één of meer activiteiten. Indien in de lokale APV een vergunningplicht voor licht/LED-reclame is opgenomen, wordt daar bij een aanvraag voor een omgevingsvergunning aan getoetst. 1 Bron: Nationaal Advies Bureau Buitenreclame (NABB)
Pagina 2 van 7
*ZA8DAD63247*
De huidige situatie in onze gemeente Neder-Betuwe kent op dit moment geen vergunningplicht voor reclame. Na een deregulering in 2007 geldt alleen voor hinderlijke of gevaarlijke handelsreclame een verbod (artikel 4:15 APV). Er is geen voorafgaande vergunningaanvraag meer nodig. De toelichting van onze APV motiveert dit als volgt: “De gedachte daarachter is dat voor een reclame van enige omvang of betekenis doorgaans een bouwvergunning nodig is, waardoor al aan de welstand kan worden getoetst. Een reclame waardoor het verkeer in gevaar wordt gebracht of overlast wordt veroorzaakt voor omwonenden komt relatief zo weinig voor dat het moeilijk valt te rechtvaardigen om voor die gevallen een vergunningplicht voor alle reclames in stand te houden.” Voor de tot nog toe bekende vormen van handelsreclame werkt dat in het algemeen goed. Mocht er toch sprake zijn van hinderlijke of gevaarlijke reclame dan is er wel de mogelijkheid voor de gemeente om achteraf handhavend op te treden. Voor reclamezuilen is er voor het bouwwerk een omgevingsvergunning nodig, voor de (licht)reclame op het bouwwerk op dit moment niet. Nieuwe vormen van reclame vragen meer aandacht Waarom zouden we nu wél een vergunningplicht voor lichtreclame, zoals LED-schermen, in willen voeren? In algemene zin is er geen behoefte bij uw raad om een vergunningplicht in te voeren voor handelsreclame.
Lichtreclame echter is momenteel bezig om in een snel tempo te digitaliseren. De LED-schermen stellen adverteerders in staat om met dynamische effecten interactief met hun doelgroepen en omgeving te communiceren. Met de toename van LED-schermen nemen ook de zorgen met betrekking tot hinder en overlast toe. De lichtdichtheid wordt door veel burgers als te hoog ervaren (NSVV, Richtlijn lichthinder) Reclame (en zeker opvallende reclame) vraagt aandacht van de weggebruiker en dit kan risicoverhogend werken. Voor de relatie tussen reclame en verkeersveiligheid is het dan ook niet de vraag of een reclameobject aandacht trekt, maar of het (te) lang de aandacht trekt. Dit heeft te maken met hoe het eruit ziet, wat en op welke wijze content getoond wordt en in welke context het reclameobject staat. Snelle beeldwisselingen en beweging trekken meer de aandacht en zorgen dus voor meer afleiding.2 Als we klachten ontvangen over reclame betreft dat lichtreclame. Achteraf toetsen op hinder of gevaarlijke reclame biedt onvoldoende mogelijkheden LED-schermen, zeker grote LED-schermen, zijn dure voorzieningen. Achteraf aangebrachte voorzieningen moeten verwijderen stuit op weerstand bij de ondernemer, omdat er dan forse investeringen zijn gedaan. Daarom is het minder kapitaalvernietiging als we aan de voorkant de gewenste LED-schermen toetsen.
Een vergunningplicht voor licht-/LED-reclame biedt de mogelijkheid om vooraf de buurt te consulteren, zodat buurtbewoners hun inbreng kunnen geven over hun leefomgeving. De aan te brengen voorziening kan daarop worden aangepast. Opnemen van een nieuw artikel 4:16 in de Algemene Plaatselijke Verordening Zoals aangehaald en toegelicht in argument 1.2 willen we verlichte reclamebeelden mogelijk maken, maar wel reguleren om overlast te voorkomen. Dit kan worden gerealiseerd door een vergunningplicht in te stellen voor LED-/lichtreclame. Hiermee wordt beoogd lichthinder te voorkomen en de veiligheid en woonen leefomgeving voor omwonenden en het verkeer te waarborgen. Het voorgestelde artikel 4:16 stelt dat het verboden is om zonder omgevingsvergunning verlichte handelsreclame te maken of te voeren.
2 Bron: CROW publicatie Reclame langs wegen, mei 2017
Pagina 3 van 7
Ook wordt de definitie “verlichte reclame’ toegevoegd aan artikel 1:1 APV: “elke vorm van lichtgevende handelsreclame die op of aan (de gevel van) een onroerende zaak is bevestigd.” In de toelichting zullen we opnemen dat het nadrukkelijk alleen de bedoeling is om lichtreclame die zelf licht uitstraalt vergunningplichtig is. Dat betekent dat reclame die aangelicht is daar niet onder valt. 1.3 Pilot reclamezuil bij ’t Panhuis in Kesteren is positief verlopen In 2019 is een pilot uitgevoerd voor het plaatsen van een led-reclamezuil op de locatie Hoek Industrieweg/ Tielsestraat in Kesteren. Hierbij heeft het Babypark Kesteren een tijdelijke omgevingsvergunning ontvangen voor het plaatsen van een LED-reclamezuil ter hoogte van 5 meter. Duur van de pilot was 2 jaar. Bijzonder aan deze pilot is dat de reclamezuil geplaatst kon worden op het eigen terrein van de aanvrager, waardoor de stroomvoorziening, maar ook de eigendomssituatie eenvoudig lag. Het doel van de pilot is om een beeld te krijgen van de impact van deze nieuwe vorm van reclame op de omgeving. Gekeken is naar de effecten op het verkeer (weggebruikers, de omgeving (lichthinder) en vorm (licht, geluid en beweging). De pilot is geëvalueerd. Uit de evaluatie van deze pilot is gebleken dat er geen bezwaren zijn tegen het plaatsen van reclamezuilen bezien vanuit de behartiging van het openbaar belang.
Er zijn geen aanwijzingen dat dat de nieuwe verschijningsvorm van reclame voor verkeersonveilige situaties heeft gezorgd. Wel heeft de evaluatie een aantal leerpunten opgeleverd. De ervaringen uit de pilot worden gebruikt voor een op te stellen beleidsregel LED-/lichtreclame horende bij het nieuwe artikel 4:16 APV. 1.4 Na invoering vergunningplicht lichtreclame concept-beleidsregel door ons college Als uw raad instemt met het invoeren van een vergunningplicht voor LED-/lichtreclame ontstaat voor het college de bevoegdheid om hiervoor een vergunning te verlenen of te weigeren. Pas als uw raad een vergunningplicht opneemt in onze APV, ontstaat er een juridische grondslag om een beleidsregel voor deze specifieke vorm van reclame vast te stellen. De beleidsregel geeft dan een motivering hoe het college omgaat met de bevoegdheid om vergunning voor lichtreclame te verlenen. Door middel van een beleidsregel kan dan duidelijkheid worden gegeven waar de LED-/lichtreclame aan wordt getoetst. We voegen een concepttekst van de nieuwe beleidsregel toe aan dit raadsvoorstel. Na inspraak kan de tekst van de beleidsregel nog wijzigen. Het college stelt de beleidsregel daarna vast. 2.1 Invoering van tarief voor vergunning LED-/lichtreclame In de tarieventabel bij onze Legesverordening is onder 2.3.14 een kopje Handelsreclame opgenomen.
Omdat er nu geen vergunningplicht geldt, staat hier geen bedrag opgenomen. Voor het indienen van een aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning die betrekking heeft op handelsreclame met behulp van een LED-/lichtreclame stellen we leges voor ter hoogte van € 173,78. Dit bedrag is gebaseerd op de kosten die de gemeente (de omgevingsdienst) moet maken voor ambtelijke uren voor het toetsen van de activiteit lichtreclame in de Omgevingsvergunning 3.1 We willen ondernemers faciliteren door vijf reclamezuilen toe te staan Naast de pilot van het Babypark Kesteren is ook een aanvraag ontvangen van de ondernemersvereniging in Opheusden. Dit raadsvoorstel gaat niet in op individuele aanvragen, maar beoogd een algemene beleidslijn te maken hoe wij moeten omgaan met deze aanvragen voor reclamezuilen. Een omgevingsvergunning toetst ook aan het vigerende bestemmingsplan. De wens van ondernemersverenigingen van bedrijventerreinen om zichtbaar te zijn begrijpen we. Dynamische LED-reclame geeft de mogelijkheid om relevante en hele actuele informatie aan bezoekers van het gebied te kunnen zenden. Wij hebben daarom het voornemen om een vijftal reclamezuilen in de gemeente toe te staan. Het aantal van 5 is ingegeven door het aantal bedrijventerreinen waar een reclamezuil ons inzien zou passen. Het is een
Pagina 4 van 7
toevoeging aan het aanbod van gemeentelijke voorzieningen. Concreet zou het dan gaan om 5 bedrijventerreinen zijnde: Bonegraaf, ‘t Panhuis, Poort van Ochten/Walenhoek, Heuning en ABC. Als u met deze algemene beleidslijn instemt, moet dit echter nog wel worden uitgewerkt per bedrijventerrein. Wat is een geschikte locatie, ook gelet op het verkeer? Wat zeggen de verschillende bestemmingsplannen en beeldkwaliteitsplannen? Het is ook de vraag of elk bedrijventerrein hier behoefte aan heeft? Om deze reden willen we niet strak vasthouden aan deze vijf bedrijventerreinen, maar een algemene lijn van maximaal 5 reclamezuilen hanteren.. Voor nu ligt de vraag voor of uw raad wil meegaan in deze algemene beleidslijn? Dit wordt dan uitgewerkt in een afzonderlijk project. Immers: voor elke locatie moeten een aantal zaken onderzocht worden. Dat kunnen we niet in dit voorstel regelen. 4.1 Reclamezuilen op bedrijventerreinen in het openbaar gebied houden we bij voorkeur in eigen beheer De behoefte van ondernemers spitst zich toe op reclamezuilen als bouwwerk waarop de dynamische LEDreclame kan worden geplaatst. Maar je kunt ook denken aan (reclame op) abri’s en plattegrondkasten. Het zijn bouwwerken die zich in de openbare ruimte bevinden op gemeentegrond.
Wanneer de gemeente eigenaar is van de grond, dan willen we ook bij voorkeur de zeggenschap houden over de bouwwerken die zich hierop bevinden. Als we dat niet doen, levert dan lastige situaties op als we de weg willen onderhouden, opnieuw bestraten of anderszins aan de weg werken. Je zit ook met de stroomvoorziening, kabels en leidingen etc. Ook de zorg voor de verkeersveiligheid behoort tot de gemeentelijke verantwoordelijkheid. Op privaat eigendom doet zich dat probleem niet voor. De eigenaar is verantwoordelijk voor beheer en onderhoud. Ook stroomvoorziening kan de eigenaar zelf regelen. De ondernemersvereniging Opheusden wil echter graag wel een reclamezuil op gemeentelijke eigendom. Vanuit de ondernemers wordt betoogd dat ze een ondernemersentiteit kunnen oprichten. Het grondgebruik willen zij dan via precario regelen. Omdat we het in dit raadsvoorstel niet over specifieke aanvragen hebben, hoeven we in dit raadsvoorstel hier nog geen concreet antwoord op te hebben. Formeel kan een eigendom van een ander op gemeentegrond via een opstalrecht vastgelegd worden. Wij hebben als college echter de voorkeur voor een eenduidige keuze: de gemeente is eigenaar van het bouwwerk op openbare (gemeente)grond. Ons voorstel is om als algemene lijn te hanteren dat bouwwerken in het gebied met een openbare bestemming ook door de gemeente in eigendom zijn.
Voor wat betreft de reclame-uitingen kan dat aan de markt worden aanbesteed. Kanttekeningen: 4.1 Geen actief onderzoek naar de mogelijkheden onderzoeken om inkomsten te verwerven uit reclame. Bij ons onderzoek hoe gemeenten in Nederland een reclamebeleid voeren zijn we verschillende gemeenten tegengekomen die inkomsten uit reclame verwerven. De gemeente Breda bijvoorbeeld heeft het zelfs als een doelstelling opgenomen bij haar reclamebeleid. De reclame-inkomsten betreffen reclamevlakken, reclamevitrines (MUPI’s), infozuilen, reclamevitrines op abri’s, ICT-zuilen en toiletten. Daarnaast heeft ze 15 billboards met roterende affiches en 185 lichtmastreclames.3 Vanuit de ondernemers is betoogd dat zij dit zien als broodroof en dat een gemeente zich niet op deze reclamemarkt zou moeten begeven. Uw raad heeft zich daarnaast vrij expliciet uitgesproken dat u geen reclamemasten langs de A15 wenst. Ook vanuit de ondernemers is aangeven dat zij daar op dit moment ook geen behoefte meer aan hebben. Financiën: Uw raad hanteert als algemeen uitgangspunt dat de leges onze dienstverlening 100% kostendekkend is.
3 Gemeente Breda, Beleidsplan buitenreclame 2020
Pagina 5 van 7
De Omgevingsdienst Rivierenland heeft desgevraagd aangegeven dat zij verwachten per aanvraag 2 uur werk te hebben aan het toetsen van de activiteit (Licht/LEDreclame). Veelal zal deze activiteit onderdeel uitmaken van een integrale aanvraag omgevingsvergunning waar ook de activiteit bouwen deel vanuit maakt. Het legesbedrag is gebaseerd op de te verwachten kosten die verband houden met de aanvraag. Het uurtarief van de ODR is op dit moment € 86,89. We stellen daarom voor de leges vast te stellen € 173,78. De tarieventabel bij de Legesverordening zal bij een eerstvolgende herziening deze aanpassing opnemen. We verwachten dat het aantal aanvragen beperkt zal zijn. Het gaat alleen om nieuwe aanvragen voor LED/lichtreclames. De baten en lasten zullen verwerkt worden bij de eerstvolgende vaststelling van de Legesverordening (raad van december). Communicatie: Kernboodschap is dat er geen algehele herziening komt van het reclamebeleid. Wel is er voortaan voor licht-/LEDreclame na publicatie van uw raadsbesluit een omgevingsvergunning – activiteit reclame – nodig. Voorts biedt u de mogelijkheid om initiatieven in te dienen voor maximaal vijf reclamezuilen in de gemeente. Elk initiatief moet dan nog afzonderlijk worden beoordeeld als een ruimtelijk initiatief. We hebben het concept raadsvoorstel besproken in het bestuurlijk overleg van 21 juni 2021 met de OVNB.
Ze hebben kennisgenomen van het raadsvoorstel. Vooral paragraaf 5.1 vormt de lead naar het latere proces van uitvoering met betrekking tot de zuilen. Eigenaarschap en exploitatie zijn gescheiden. De OVNB geeft er de voorkeur aan dat opbrengsten uit exploitatie terugvloeien als inkomsten ten gunste van de gemeenschap/ondernemers. Vervolgstappen: Na opneming van artikel 4:16 in onze APV kan de beleidsregel lichtreclame pas in procedure worden gebracht Na inspraak kan deze door het college worden vastgesteld. De tarieventabel bij de legesverordening moet nog worden aangepast en de baten en lasten verwerkt in onze begroting. De wijzigingen van de APV en de tarieventabel moeten worden gepubliceerd. Eventuele initiatieven voor een lichtreclamezuil zullen als ruimtelijk initiatief daarna kunnen worden ingediend. We streven naar inwerkingtreding van de vergunning voor licht/LED-reclame per 1 januari 2022. Burgemeester en wethouders van Neder-Betuwe, de secretaris, de burgemeester,
mr. G.S. Stam
A.J. Kottelenberg
Bijlagen: 1. De concept-beleidsregel LED-/lichtreclame 2. ..
Pagina 6 van 7
Raadsbesluit
Zaaknr.: Z/19/061335/RAAD/21/02855
De raad van de gemeente Neder-Betuwe; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders; BESLUIT: 1.
2. 3. 4.
de Algemene Plaatselijke Verordening als volgt te wijzigen: a. in de Algemene Plaatselijke Verordening artikel 4:16 op te nemen dat luidt: "Het is verboden om zonder omgevingsvergunning van het college verlichte handelsreclame te maken of te voeren die vanaf de weg zichtbaar is." b. aan artikel 1:1 APV de volgende definitie toe te voegen: "Definitie “verlichte handelsreclame: Elke vorm van verlichte handelsreclame die op of aan (de gevel van) een onroerende zaak is bevestigd." c. aan de toelichting bij de APV toe te voegen: "Artikel 4:16". "Het is in onze gemeente niet nodig om voor alle handelsreclame een vergunningplicht in te stellen. De gemeente Neder-Betuwe acht het wel wenselijk om verlichte handelsreclame vergunningplichtig te stellen vanwege het belang van de (verkeers-)veiligheid en de woon- en leefomgeving. Bij verlichte handelsreclame denken we bijvoorbeeld aan lichtbakken en LED-schermen. Een vergunningplicht ontstaat wanneer in of op het reclameobject een lichtinstallatie wordt aangebracht die is aangesloten op een voorziening voor elektriciteit vanaf het aansluitpunt tot en met de verlichtingsarmatuur. Onder verlichte reclame wordt dus niet verstaan het aanlichten van onverlichte handelsreclame door middel van lampen. De gemeente wil lichthinder voorkomen en de verkeersveiligheid waarborgen.
Hierbij sluiten we aan bij de Richtlijn Lichthinder van de Nederlandse Stichting voor Verlichtingskunde. De eisen voor het verkrijgen van een vergunning en de weigeringsgronden worden uitgewerkt in een beleidsregel."; in de tarieventabel bij de legesverordening bij artikel 2.3.14 Handelsreclame een tarief opnemen ad € 173,78; het planologisch mogelijk te maken dat er op vijf locaties in de gemeente een reclamezuil mogelijk wordt; reclamezuilen op gemeentegrond bij voorkeur in eigendom van de gemeente te houden.
Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 23 september 2021 de griffier, de voorzitter,
E. van der Neut
A.J. Kottelenberg