CConstaterende datNeder-Betuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

D - Zienswijzennota (geanonimiseerd)

Raadsvergadering 2 juli 2026, gemeente Neder-BetuweBij agendapunt: TAM-omgevingsplan ‘Broedershof, Echteld’997 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

ZIENSWIJZENNOTA Ontwerp TAM-omgevingsplan ‘Echteld, Broedershof’ (Hoofdstuk 22r Omgevingsplan Neder-Betuwe)

Datum: 7 april 2026

1

Zienswijzennota ontwerp TAM-omgevingsplan ‘Echteld, Broedershof’ 1. Inleiding Het TAM-omgevingsplan ‘Echteld, Broedershof, is voorbereid ten behoeve van de ontwikkeling van 43 woningen, met de bijbehorende openbare ruimte, aan de Ooisestraat in Echteld. 2. Ontwerp TAM-omgevingsplan Het ontwerp TAM-omgevingsplan ‘Echteld, Broedershof’ heeft ingevolge het bepaalde in artikel 16.30 van de Omgevingswet van 18 december 2025 tot en met 29 januari 2026 ter inzage gelegen bij de receptie in het gemeentehuis en was tegelijkertijd raadpleegbaar via het Omgevingsloket. De ter inzagelegging is bekend gemaakt in Hét Gemeentenieuws en het Gemeenteblad van Neder-Betuwe van 17 december 2025, waarbij eenieder in de gelegenheid is gesteld mondeling of schriftelijk zijn/haar zienswijze over het ontwerp TAM-omgevingsplan binnen de termijn kenbaar te maken. 3. Zienswijzen Van de mogelijkheid tot het kenbaar maken van een zienswijze is gebruik gemaakt door: A. Zienswijze A. B. Zienswijze B De zienswijzennota die ter kennisneming en vaststelling aan de gemeenteraad wordt aangeboden is niet geanonimiseerd, aangezien het voor een goede belangenafweging noodzakelijk is om kennis te hebben van de adressen van indieners zienswijzen. Er is daarnaast een geanonimiseerde versie voor het openbare besluitvormingstraject. 4. Inhoudelijke behandeling van de zienswijzen Ad A. Zienswijze A 1.

Rekening houden met belangen indiener zienswijzen Indiener zienswijze is eigenaar van het perceel ten zuiden van het plangebied Broedershof. Indiener zienswijze vindt dat het nieuwe plan met woningen, watergangen en groenvoorziening geen extra belemmeringen mag opleveren voor de (agrarische) mogelijkheden van het perceel van indiener zienswijze. Verzocht wordt om hiermee rekening te houden. Overwegingen n.a.v. zienswijze Ten behoeve van de ontwikkeling Broedershof, is er onderzoek gedaan naar de verschillende omgevingsaspecten zoals het gebruik van agrarische percelen in de omgeving, alsmede de inrichting van het gebied i.v.m. een goede waterhuishouding. Uit deze onderzoeken volgt dat het plan uitvoerbaar is. Wij zijn van mening dat de belangen van omliggende grondeigenaren derhalve voldoende is betrokken bij de opstelling (en vaststelling) van het TAM-Omgevingsplan. Ad B Zienswijze B 1. Spuitzone Het bestemmingsplan Broedershof is eerder vernietigd vanwege spuitzonering. Kennelijk wordt er in dit nieuwe ontwerp (TAM-omgevingsplan Broedershof) vanuit gegaan dat het aanhouden van een spuitvrije zone van 50 meter tussen de hoogstamboomgaard van indiener zienswijze en de beoogde woningen en tuinen in alle planologische procedures voldoende is. Het is echter geen vaste wettelijke regel dat de afstand 50 meter moet zijn.

Het is een vuistregel waar vanwege locatiespecifieke omstandigheden van afgeweken kan worden. Dit betekent niet alleen dat locatiespecifieke omstandigheden een kortere afstand kunnen rechtvaardigen.

2

Overwegingen n.a.v. zienswijze Uit vaste rechtspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, volgt dat in het algemeen een afstand van 50 meter tussen gevoelige functies en agrarische bedrijvigheid waarbij gewasbeschermingsmiddelen worden gebruikt, niet onredelijk wordt geacht. Het is toegestaan deze afstand te verkleinen als daaraan een deugdelijke motivering ten grondslag ligt. In het TamOmgevingsplan is expliciet met deze afstand van 50 meter rekening gehouden. Wij achten dat niet onredelijk. 2 Er zijn locatiespecifieke omstandigheden die een grotere afstand rechtvaardigen. Locatiespecifieke omstandigheden kunnen ervoor kunnen zorgen dat een grotere afstand aangehouden moet worden. Dat lijkt hier het geval te zijn. In het overgrote deel van de boomgaarden in Nederland worden de fruitbomen om economische redenen laag gehouden. De vuistregel van 50 meter afstand zal volgens indiener zienswijze op de laagstamteelt gebaseerd zijn. Indiener zienswijze heeft een hoogstamboomgaard, wat in deze tijd een uitzonderlijke situatie is. Dit zal consequenties hebben voor de aan te houden spuitzone. Bedacht moet worden dat hoogstambomen veel hoger zijn dan wat tegenwoordig gangbaar is in de fruitteelt. Dit betekent dat zeer aannemelijk is dat de drift van spuitmiddel ook aanmerkelijk verder zal reiken dan in geval de fruitbomen laag zijn.

Ten onrechte is niet onderzocht of 50 meter wel afdoende afstand is nu het hier gaat om een hoogstamboomgaard. Vooralsnog is het volgens indieners zienswijze aannemelijk dat 50 meter afstand niet afdoende is. Overwegingen n.a.v. zienswijze De Afdeling bestuursrechtspraak maakt in haar rechtspraak geen onderscheid naar teeltvorm. De Afdeling hanteert het generieke uitgangspunt dat 50 meter niet onredelijk is en heeft in haar jurisprudentie niet overwogen dat voor hoogstamboomgaarden een grotere afstand vereist is. Het enkele betoog dat niet is onderzocht of 50 meter in dit geval afdoende is, is onvoldoende om van dit vaste uitgangspunt af te wijken. Daarnaast is in de plantoelichting gemotiveerd op welke manier invulling is gegeven aan het generieke uitgangspunt, door het leggen van gevoelige bestemmingen op voldoende afstand van de bestaande agrarische bestemming. In dit geval wordt een afstand van 50 meter aangehouden tussen de woonbestemming en de agrarische gronden van indiener zienswijze. Daarmee wordt voldaan aan hetgeen in de jurisprudentie als uitgangspunt wordt gehanteerd. Daarnaast is tussen de percelen een watergang gelegen, waardoor feitelijk meer afstand wordt gerealiseerd dan enkel de planologische scheiding tussen wonen en agrarisch gebruik.

Deze watergang betreft een secundaire watergang volgens de legger van Waterschap Rivierenland en kwalificeert als een oppervlaktewaterlichaam in de zin van de Omgevingswet. Op grond van artikel 4.723d van het Besluit activiteiten leefomgeving geldt ter bescherming van oppervlaktewater een teeltvrije zone van ten minste vijf meter bij op- en zijwaarts bespuiten, te meten vanaf de insteek van het oppervlaktewater. Deze werkwijze is door de Raad van State bevestigd 1. Deze teeltvrije zone komt boven op de afstand tot de woonbestemming, zodat feitelijk meer dan 50 meter afstand wordt aangehouden. De afstand die door de Afdeling niet onredelijk wordt beschouwd. Door deze afstand aan te houden kan de bestendige bedrijfsvoering, hoe beperkt die ook is voor de gronden van indieners zienswijze, ongestoord worden voortgezet. Daarnaast is er door het aanhouden van voldoende afstand, sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat ter plaatse van de nieuw te realiseren woningen. 5. Conclusie De zienswijzen geven geen aanleiding om het ontwerp TAM-omgevingsplan ‘Echteld, Broedershof’, te wijzigen. Opheusden, 7 april 2026

1

ABRvS 21 april 2021, ECLI:NL:RVS:2021:851. 3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16887848/1