Bijlage - Toelichting - Bijlage 6 - Rapportage stikstofberekening realisatie- en sloopfase
Tekst van het document
Rapportage Beoordeling Stikstofeffecten ten behoeve van het agrarische bedrijf op de locatie Kalkestraat 91 te Dodewaard
Initiatiefnemer:
Dhr. B. Meijer
Initiatieflocatie:
Kalkestraat 91 6669 CN Dodewaard
Datum:
15-2-2021
Rapportage:
Definitief, versie 1
Kenmerk:
CV-Kalkestraat 91
INHOUDSOPGAVE Rapportage beoordeling stikstofeffecten voor de realisatie van een nieuw te bouwen loods aan de Kalkestraat 91 te Dodewaard. ALGEMENE GEGEVENS INITIATIEFNEMER ........................................................................................... 1 1.
INLEIDING ....................................................................................................................................... 2
2.
LIGGING PLANLOCATIE T.O.V. NATURA 2000-GEBIEDEN .......................................................... 3
3.
TOEGEPASTE METHODE ................................................................................................................ 4
4.
REALISATIEFASE ............................................................................................................................. 5
5.
CONCLUSIE...................................................................................................................................... 7
ALGEMENE GEGEVENS INITIATIEFNEMER Initiatiefnemer:
Dhr. B. Meijer Kalkestraat 91 6669 CN Dodewaard
Initiatieflocatie:
Kalkestraat 91 6669 CN Dodewaard
Soort activiteit:
sloop en nieuwbouw loods
KvK:
KVK 11054735//Vestigingsnr. 000004786920
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Kalkestraat 91 1
1.
INLEIDING
Middels onderhavige memo wordt inzicht gegeven dat het project op het perceel ‘Kalkestraat 91’ geen gevolgen heeft waarbij significante negatieve effecten op Natura 2000-gebieden optreden. Het doel van onderhavig plan is de realisatie van loods. In onderhavige memo is naast de realisatiefase (bouw) tevens de sloopfase inzichtelijk gemaakt. Daar beide situaties niet gelijktijdig plaats vinden zijn voor beide fases afzonderlijke berekeningen gemaakt.
Afbeelding, planlocatie Kalkestraat 91 (31-7-2020)
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Kalkestraat 91 2
2.
LIGGING PLANLOCATIE T.O.V. NATURA 2000GEBIEDEN
Afbeelding, ligging plangebied t.o.v. N2000 gebieden.
De planlocatie is gelegen op een afstand van ca. 80 meter van het meest dichtbij gelegen Natura 2000-gebied, betreffende ‘Rijntakken’. Gelet op de forse dijk tussen tot het eerste beschermde Natura 2000-gebied (circa 80 meter) is reëel te veronderstellen dat uitsluitend het aspect stikstof relevant is. Er zal geen sprake zijn van overige effecten. Activiteiten met betrekking tot geluid, trillingen, licht, enzovoorts, hebben een verwaarloosbare invloed op het Natura 2000-gebied.
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Kalkestraat 91 3
3.
TOEGEPASTE METHODE
De stikstofdepositie op stikstofgevoelige habitattypen in Natura 2000-gebieden is berekend met het programma AERIUS® Calculator. Hierbij is de meest recente versie gebruikt, daterend van 24 november 2020. AERIUS Calculator dient gebruikt te worden om de stikstofdepositie van een bouwplan of project te bepalen op stikstofgevoelige habitats in Natura 2000-gebieden. Het toepassingsbereik van het programma erkend het gebruik van het programma voor onderhavige situatie. De AERIUS-berekeningen kunnen als worst case-situaties beschouwd worden. De ingevoerde emissies zijn namelijk ruim aangehouden en zullen in de praktijk lager uitvallen. Voorts voorziet het programma niet in de mogelijkheid van een broninvoer over een tijdelijke periode, en betrekt in de berekeningen de stikstofuitstoot gedurende een heel jaar. Dit aspect is met name bij de berekening van de realisatiefase relevant.
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Kalkestraat 91 4
4.
REALISATIEFASE
In de realisatiefase zal de bouw/aanleg van de
loods plaatsvinden. Daarnaast zijn de
sloopwerkzaamheden alsmede de grondwerkzaamheden opgenomen. Er zal vervoer van personen plaatsvinden (o.a. timmermannen, metselaars, elektriciens) alsmede aanvoer van bouwmateriaal (o.a. spanten, stenen) en werktuigen (o.a. hijskranen, graafmachines). De rijroute van het verkeer is opgenomen vanaf de beoogde loods tot waar het verkeer opgaat in het heersende verkeersbeeld. Hierbij geldt dat één voertuig gelijk staat aan twee bewegingen, er is namelijk telkens een heenrit en een terugrit. Naast de transportbewegingen naar de bouwplaats toe zullen er ook mobiele werktuigen op de locatie zelf in gebruik zijn. Verder zullen er vrachtwagens laden en lossen op de bouwplaats (b.v. bouwmaterialen en bouwafval). De inzet van de mobiele werktuigen alsmede de verkeersbewegingen van het bouwverkeer zijn berekend conform onderstaande waarden. Hierbij is als uitgangspunt genomen dat zowel de bouwfase als de sloopfase gelijktijdig zal plaatsvinden. Dit betreft uiteraard een worstcasescenario daar sloop en bouwwerkzaamheden elkaar zullen opvolgen. Echter, gelet op mogelijke overlap van grondwerkzaamheden, zijn beide activiteiten gezamenlijk meegenomen in de berekening. Voor het slopen van de bestaande loods is gerekend met 2 uur graaf/puinwerkzaamheden. Dit gebeurd met een graafmachine. Verder zal de sloop met handgereedschap verlopen. De constructie wordt verplaatst met een hijskraan.
Deze hijskraan wordt gedurende 30 minuten opgebouwd en gestationeerd op een vaste locatie waar hij na opbouw volledig elektrisch zal gaan hijsen. Het zelfde geldt voor het afbouwen van de hijskraan. Het bouwrijp maken van de loods wordt uitgevoerd door een graafmachine die voor 11 uur grondwerkzaamheden uitvoert. De vrijgekomen grond wordt met een vrachtwagen afgevoerd. Hiervoor zijn circa 10 ritten nodig waarbij de vrachtwagen 4 uur met draaiende motor op het terrein aanwezig is. De overige transportbewegingen zullen bestaan uit aanvoer van machines, beton en bouwmaterialen. Er is 2 uur laad en lostijd gerekend voor vrachtwagens met een draaiende motor. Overige machines zoals hoogwerkers en heftrucks zullen elektrisch worden aangedreven. De machines met een verbrandingsmotor zijn als volgt ingevoerd:
Interne vervoersbewegingen · aanlegfase
Totale emissie per jaar (in kg):
NOx:
1,95
emissiefactor NO
emissiefactor
NH3:
0,03
NH3 emissiefactor
NH3 emissiefactor
Brandstof
Vermogen (kW)
Belasting (%)
(gram/kWh)
(kg/jaar)
graafmachines 100 kW, bouwjaar vanaf 2020
Diesel
100
69%
236
13
0,8
0,72
0,00235806
0,00
kipper, bouwjaar vanaf 2014
Diesel
330
24%
224
4
2,5
0,79
0,069
0,02
kiepbakken 200 kW, bouwjaar vanaf 2019
Diesel
200
84%
222
2
0,9
0,30
0,00222597
0,00
hijskranen 200 kW, bouwjaar vanaf 2019
Diesel
200
69%
260
1
1
0,14
0,00260699
0,00
Totaal:
1,95
Totaal:
0,03
Type werktuig
Efficiëntie (gram/kWh)
NO
Draaiuren
X X (gram/kWh) (kg/jaar)
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Kalkestraat 91 5
Externe vervoersbewegingen · aanlegfase Per jaar
Vervoersmiddel Licht verkeer
360
personenauto's, bestelbusjes, etc.
Middelzwaar verkeer
0
kleine tractoren, bakwagens, etc.
Zwaar vrachtverkeer
40
tractoren, vrachtauto's, etc.
Een voertuig veroorzaakt twee vervoersbewegingen, er is steeds sprake van een heenrit en terugrit. Echter, niet elke dag is er een beweging van ieder type voertuig.
Navolgend zijn de belangrijkste resultaten uit de uitvoer van de AERIUS-calculatie van de realisatiefase weergegeven:
De volledige AERIUS-berekening is weergegeven in bijlage 1.
Uit de berekening van de realisatiefase blijkt dat er geen rekenresultaten boven de 0,00 mol/ha/j verkregen worden op stikstofgevoelige habitattypen in Natura 2000-gebieden. De verkeersbewegingen en mobiele werktuigen verband houdende met de realisatiefase zullen dan ook geen significante toename van stikstofgevoelige habitattypen in Natura 2000-gebieden tot gevolg hebben. Negatieve significante effecten op Natura 2000-gebieden in de nabije omgeving als gevolg van de realisatiefase zijn dan ook uitgesloten.
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Kalkestraat 91 6
5.
CONCLUSIE
Gelet op minimale werkzaamheden zijn er geen factoren die leiden tot een negatief effect op het dichtstbijzijnde, en daarmee maatgevende, Natura 2000-gebied. Uit de AERIUS-berekeningen blijkt dat in de toegepaste ‘worst-case’ benadering de stikstofdepositie niet leidt tot significant negatieve effecten op stikstofgevoelige habitattypen in Natura 2000-gebieden. Dit geldt voor zowel de realisatie- als sloopfase. Derhalve kan op voorhand worden uitgesloten dat er bij onderhavig project sprake zal zijn van significant negatieve effecten. Wij vertrouwen er op u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Mochten er nog vragen zijn dan kunt u uiteraard contact opnemen.
VanWestreenen B.V.
Dhr C.H.B Veelers – E-mail: veelers@vanwestreenen.nl
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Kalkestraat 91 7
Bijlage 1 AERIUS-BEREKENING REALISATIEFASE
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Kalkestraat 91 8