CConstaterende datNeder-Betuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 - Watervergunning

Beeldvormende avond ('Het Beeld') 17 juni 2021, gemeente Neder-BetuweBij agendapunt: Verklaring van geen bedenkingen voor Zonnepark Hemmen II4.876 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bezoekadres De Blomboogerd 1, 4003 BX Tiel Postadres Postbus 599, 4000 AN Tiel T (0344) 64 90 90 F (0344) 64 90 99 E info@wsrl.nl I www.waterschaprivierenland.nl Bank IBAN NL93 NWAB 0636 7572 69 BIC NWABNL2G

Zonnepark Hemmen B.V. t.a.v. de heer F van Lynden Dorpsstraat 1 6672 LC HEMMEN

Datum:

Uw kenmerk:

Ons kenmerk:

Behandeld door:

19 oktober 2020

200612 Watervergunning Hemmen / OLO: 5238735

2020077974/2020121925

A. den Heijer

Onderwerp: Vergunning

Doorkiesnummer / e-mail: (0344) 64 9494 / vergunningen@wsrl.nl

Geachte heer Van Lynden, Op 12 juni 2020 hebben wij uw aanvraag ontvangen. De aanvraag betreft het uitvoeren van diverse werkzaamheden voor het ontwikkelen van een zonnepark ter plaatse van de locatie gelegen tussen het Stationspad en Leigraafseweg te Hemmen. Ons besluit Wij hebben besloten u de gevraagde vergunning te verlenen. Deze vergunning treft u als bijlage aan. Het besluit en de voorschriften die wij aan de vergunning verbinden, kunt u lezen in deel 1 van de vergunning. De aangevraagde activiteiten en onze overwegingen die hebben geleid tot dit besluit kunt u lezen in deel 2 van de vergunning. Met welke aandachtspunten u verder rekening moet houden en op welke wijze u bezwaar tegen dit besluit kunt maken, kunt u lezen in deel 3 van de vergunning. Start activiteiten U moet ons vooraf op de hoogte stellen van de start van de activiteiten. Als wij niet weten wanneer u begint, loopt u het risico dat u de uitgevoerde werken achteraf moet aanpassen. In voorschrift 1.1 van de vergunning staat hoe u ons op de hoogte moet brengen. De in de voorschriften genoemde toezichthouder is R. Romein, bereikbaar via telefoonnummer 06 290 255 84 of e-mailadres: TeamGBB@wsrl.nl. Leges Voor het in behandeling nemen van uw aanvraag moet u leges betalen. U ontvangt hiervoor van ons apart een aanslag legeskosten.

Opmerkingen - Mogelijk hebt u behalve deze vergunning nog andere vergunningen, ontheffingen en/of (privaatrechtelijke) toestemmingen nodig voor de vergunde activiteiten. U moet hiervoor zelf contact opnemen met de mogelijk overige bevoegde gezagen en/of overige belanghebbenden. - Als het werk aansluit op een openbare weg, of in de berm van de openbare weg ligt (bijvoorbeeld het maken of veranderen van een uitrit of het leggen van een kabel), dan moet vergunning of toestemming worden gevraagd aan de wegbeheerder.

W ater s c hapRivier en l an d Ons kenmerk: 2020077974/2020121925 Pagina 2 van 11

- Als de door ons gestelde voorschriften of (uitvoerings-)eisen strijdig zijn met die van andere overheden, moet de vergunninghouder zorgdragen voor overleg tussen de diverse partijen over de wijze waarop de werkzaamheden kunnen worden voortgezet. - Als de werkzaamheden klaar zijn, zal het waterschap een controle uitvoeren. Van deze controle wordt een schriftelijk verslag gemaakt. De vergunning is pas definitief opgeleverd, als controle aan de hand van de revisietekeningen heeft plaatsgevonden. - Voor de kwalitatieve aspecten van de lozing van hemelwater zijn de Algemene regels van het Activiteitenbesluit (artikel 3.3) van toepassing. - Bij de uitvoering van de werkzaamheden is mogelijk ook de Wet natuurbescherming van toepassing. Dit betekent dat de vergunninghouder schade aan planten en/of dieren en hun directe leefomgeving zoveel mogelijk moet voorkomen. - Grond welke als gevolg van de werkzaamheden wordt verontreinigd, moet door de vergunninghouder worden verwijderd en afgevoerd. - Het Besluit bodemkwaliteit stelt voorwaarden aan het toepassen van grond, baggerspecie en bouwstoffen in het oppervlaktewater. Als er bouwstoffen, grond of baggerspecie worden toegepast moet de vergunninghouder dit melden via het Meldpunt bodemkwaliteit. Via het meldsysteem kan ook eenmalig de toepassingslocatie van een werk van meer dan 50 m³ schone grond worden gemeld.

- Wij zijn voornemens de wijzigingen van de betrokken waterstaatswerken in lengte, diepte, breedte of ligging, als gevolg van de vergunde werkzaamheden, op te nemen in de legger. Als het nodig is, zullen we dan ook de beschermingszones aanpassen. - Deze vergunning geldt ook voor eventuele rechtsopvolgers. De vergunninghouder moet hen van deze vergunning op de hoogte stellen. Contact Voor vragen over deze brief en de vergunning kunt u contact opnemen met bovengenoemde contactpersoon. Wij verzoeken u bij alle correspondentie over deze vergunning ons kenmerk te vermelden.

Hoogachtend, namens het college van dijkgraaf en heemraden van Waterschap Rivierenland, de teamleider Vergunningen, Toezicht en Handhaving,

V.C. Vulto

Bijlage(n): Besluit Afschrift: -

W ater s c hapRivier en l an d Ons kenmerk: 2020077974/2020121925 Pagina 3 van 11

Deel 1 Besluit en voorschriften Aanhef Het college van dijkgraaf en heemraden van Waterschap Rivierenland heeft op 12 juni 2020 een aanvraag ontvangen van Zonnepark Hemmen B.V. om een vergunning te verlenen. Besluit Gelet op de bepalingen van de Waterwet, de Keur Waterschap Rivierenland 2014, de Algemene wet bestuursrecht en de in deel 2 vermelde overwegingen, besluit het college van dijkgraaf en heemraden als volgt: 1. aan Zonnepark Hemmen B.V. en rechtverkrijgende(n) vergunning als bedoeld in artikel 3.2 en 3.4 van de Keur Waterschap Rivierenland 2014 te verlenen voor het uitvoeren van werkzaamheden voor het ontwikkelen van zonnepark Hemmen en het hierbij: dempen van 1935 m² oppervlaktewater; het aanbrengen van 1617 m² verhard oppervlak; het ter compensatie van de demping en toename verhard oppervlak graven van 6455 m² oppervlaktewater; ter plaatse van de locatie gelegen tussen het Stationspad en Leigraafseweg te Hemmen; 2. de volgende gewaarmerkte tekeningen deel te laten uitmaken van deze vergunning: - tekening Zonnepark Hemmen “profielen/ grondbalans” d.d. 9 juni 2020; - tekening Zonnepark Hemmen “omgeving station Hemmen” d.d. 9 juni 2020; - tekening Zonnepark Hemmen “profielen + detail” d.d. 9 juni 2020; - tekening Zonnepark Hemmen “” wijzigingen sloten” d.d.

9 juni 2020; - principetekening 12: Dam met duiker in B- of C-water; - principetekening 13: NVO (Natuurvriendelijke oever); 3. aan de vergunning de in deel 1 opgenomen voorschriften te verbinden.

Tiel, 19 oktober 2020 Besluitnummer: 2020077974/2020121925 Het college van dijkgraaf en heemraden van Waterschap Rivierenland, namens deze, de teamleider Vergunningen, Toezicht en Handhaving,

V.C. Vulto

W ater s c hapRivier en l an d Ons kenmerk: 2020077974/2020121925 Pagina 4 van 11

Voorschriften 1.

Algemene voorschriften

1.1

Minstens 5 werkdagen voordat met de werkzaamheden wordt begonnen, moet dit per email worden gemeld bij de in de begeleidende brief genoemde toezichthouder.

1.2

Als de uitvoering van de werken waarvoor deze vergunning is verleend niet uiterlijk drie jaar na dagtekening van deze watervergunning is gestart, kunnen wij deze vergunning geheel of gedeeltelijk intrekken.

1.3

Als de vergunninghouder, of degene die de werkzaamheden uitvoert, met het werk bezig is, moet de vergunning (of een kopie ervan) op het werk aanwezig zijn. De vergunninghouder moet ervoor zorgen dat degene die de werkzaamheden uitvoert, op de hoogte is van de voorschriften in deze vergunning.

1.4

De vergunninghouder is verplicht de redelijkerwijs mogelijke maatregelen te nemen om schade aan eigendommen van het waterschap en/of derden, als gevolg van het gebruik van deze vergunning, te voorkomen.

1.5

Het werk moet worden uitgevoerd conform de tekeningen: tekening Zonnepark Hemmen “profielen/ grondbalans” d.d. 9 juni 2020; tekening Zonnepark Hemmen “omgeving station Hemmen” d.d. 9 juni 2020; tekening Zonnepark Hemmen “profielen + detail” d.d. 9 juni 2020; tekening Zonnepark Hemmen “” wijzigingen sloten” d.d. 9 juni 2020; principetekening 12: Dam met duiker in B- of C-water; principetekening 13: NVO (Natuurvriendelijke oever).

1.6

De vergunninghouder moet de werkzaamheden zonder onderbreking uitvoeren. Daarbij moeten alle aanwijzingen, gegeven door de toezichthouder, onmiddellijk worden opgevolgd.

1.7

Als het werk klaar is, moet dit per e-mail worden gemeld bij de eerdergenoemde toezichthouder.

1.8

Om aan te kunnen tonen dat de werken conform deze vergunning zijn aangelegd, moet de vergunninghouder revisiegegevens van de betreffende werken zowel analoog als digitaal aanleveren. Het gaat hierbij om gegevens over de aangelegde hoogten en afmetingen, de exacte ligging en de toegepaste materialen. De manier waarop de gegevens moeten worden aangeleverd, is te lezen in het “Meetprotocol Waterstaatswerken Waterschap Rivierenland”. Dit protocol is te downloaden van de website van het waterschap (www.wsrl.nl). De revisiegegevens, voorzien van het nummer van deze vergunning, moeten per e-mail worden gestuurd naar de in de begeleidende brief genoemde toezichthouder.

W ater s c hapRivier en l an d Ons kenmerk: 2020077974/2020121925 Pagina 5 van 11

Algemene voorschriften specifiek voor wateren 1.8

Het uitvoeren van het werk mag de doorstroming van het water niet hinderen.

1.9

Als de werkzaamheden worden uitgevoerd in een watervoerende watergang, dan moet deze, voordat de werkzaamheden beginnen, worden afgedamd met damwanden of schotten, tenzij de toezichthouder aangeeft dat dit niet nodig is.

1.10

Als het water (watergang) moet worden afgedamd, dan moet de wateraan- en -afvoer worden geborgd, bijvoorbeeld door middel van een pompinstallatie met een voldoende capaciteit. Bij onverwacht hogere aan- of afvoerdebieten moet opnieuw contact worden gezocht met de toezichthouder.

1.11

De vergunninghouder is aansprakelijk voor eventuele gebreken aan het werk. Als de bodem of de taluds van wateren worden beschadigd als gevolg van de werkzaamheden of het werk, moet dit direct worden hersteld. Aanwijzingen van de toezichthouder moeten hierbij direct worden opgevolgd.

1.12

Als er tijdens het werken grond of materiaal en dergelijke in het water terechtkomt, moet dit direct worden verwijderd.

2.

Bijzondere voorschriften Het dempen en compenseren van wateren

2.1

Voordat de demping wordt uitgevoerd en verhard oppervlak wordt aangebracht, moet de compensatie van het bergingsverlies zijn gemaakt conform de hieronder vermelde voorschriften.

2.2

Het verlies aan waterberging als gevolg van de demping en de toename van verhard oppervlak moet worden gecompenseerd door het verbreden van bestaande wateren en het graven van nieuwe wateren.

2.3

Het bestaande water dat wordt verbreed en het nieuw te graven water dient te worden gegraven conform de profielen en ligging zoals weergegeven op de onder voorschrift nummer 1.5 van dit besluit vermelde tekeningen.

2.4

De bodem en het talud van het te vergraven en te verbrede water moet onder strak profiel worden afgewerkt.

2.5

Het doorstroomprofiel van het te verbreden en te vergraven nieuwe water (van insteek tot insteek) moet door vergunninghouder vrij van obstakels worden opgeleverd, behalve als er obstakels volgens dit besluit zijn toegestaan.

2.6

De vergunninghouder en rechtverkrijgende is verantwoordelijk voor het onderhoud van de oorspronkelijke helft en het verbrede stuk.

W ater s c hapRivier en l an d Ons kenmerk: 2020077974/2020121925 Pagina 6 van 11

2.7

Als ter plaatse van een te (ver)graven water kabels en/of leidingen aanwezig zijn, moeten deze voorafgaand aan het (ver)graven van het water minimaal 1,00 meter uit het te realiseren profiel (bodem en taluds) van het te (ver)graven water worden gelegd.

2.8

Voordat een nieuw gegraven of vergraven water een voor de waterhuishouding van belang zijnde wateraan- of -afvoerende functie krijgt, moet het water worden goedgekeurd door de toezichthouder.

2.9

De lengte van de demping op maaiveldniveau mag niet meer zijn dan zoals weergegeven op de onder voorschrift nummer 1.5 van dit besluit vermelde tekeningen.

2.10

Bij de uiteinden van het te dempen water moet de slappe specie worden verwijderd. Tevens moet aan de zijde van de aanvulling een betuining worden geplaatst en moet het talud worden opgezet met stapelzoden.

2.11

Eventueel aanwezige afvoeren van aanliggende percelen die (hemel)water lozen op het te dempen water moeten zodanig worden aangepast dat deze hun functie volledig behouden.

2.12

De vergunninghouder is verplicht tot aan de oplevering het water in goede staat te onderhouden en eventueel in het water opkomende houtige gewassen tijdig te verwijderen.

2.13

De vergunninghouder en/of de rechtverkrijgende moeten eventuele verzakkingen die optreden binnen 1 jaar na de oplevering van werkzaamheden, op eerste aanzegging door of namens het waterschap herstellen.

2.14

De bodem en het talud van het nieuwe water moet onder strak profiel worden afgewerkt.

2.15

Het doorstroomprofiel van het nieuwe water (van insteek tot insteek) moet door vergunninghouder en/of de rechtverkrijgenden vrij van obstakels worden opgeleverd, behalve als er obstakels volgens dit besluit zijn toegestaan.

2.16

Als ter plaatse van een te graven water kabels en/of leidingen aanwezig zijn, moeten deze voorafgaand aan het graven van het water minimaal 1,00 meter uit het te realiseren profiel (bodem en taluds) van het te graven water worden gelegd.

2.17

Het nieuwe water moet in overleg met de toezichthouder op een deugdelijke wijze worden aangesloten op het oppervlaktewatersysteem. Voordat het nieuwe water wordt aangesloten, moet dit worden goedgekeurd door de toezichthouder.

2.18

De vergunninghouder is verplicht tot aan de oplevering het nieuwe water in goede staat te onderhouden. Onder goed onderhoud wordt hier verstaan: het verwijderen van begroeiingen, (opgaande hout-) beplantingen en afval uit het water; het maaien van de oevers en de taluds.

2.19

De vergunninghouder en/of de rechtverkrijgenden moeten eventuele verzakkingen die optreden binnen 1 jaar na de oplevering van werkzaamheden, op eerste aanzegging door of namens het waterschap herstellen.

W ater s c hapRivier en l an d Ons kenmerk: 2020077974/2020121925 Pagina 7 van 11

Het plaatsen van een dam met duiker in wateren 2.20

De duikerbuizen moeten worden gelegd op een verdicht zandbed van 0,30 meter of gelijkwaardig.

2.21

De vrije doorstroming (ruimte in de duiker boven het waterpeil) moet 200 mm boven het vast peil van NAP +6,10 m worden aangebracht. Voorafgaand aan het plaatsen van de duiker moet de hoogtemaat door de toezichthouder zijn goedgekeurd.

2.22

De duiker moet zijn samengesteld uit betonnen buizen van het type MS of gelijkwaardig materiaal en moet daarnaast voldoen aan de NEN 7126 en van kwaliteit I zijn.

2.23

De dammen met duikers moeten worden aangebracht zoals op principetekening 12 is aangegeven. Daarbij rekening houdend met de maximale lengte en de minimale diameter van de duikerbuis.

2.24

De duikerbuizen moeten in een rechte lijn in het midden van het water (de watergang) worden gelegd en waterdicht op elkaar worden aangesloten.

2.25

Te leggen duikerbuizen mogen niet uitsteken in andere wateren. Duikers die haaks op een ander water uitkomen, moeten met het talud mee worden afgeschuind. Hierbij mag als laatste element geen (inge)korte duikerbuis worden gebruikt.

2.26

De onderzijden van de uiteinden van de duiker mogen niet uitsteken in het water.

2.27

De aanvulling van de dam moet vanaf het zandbed tot halverwege de buishoogte worden gemaakt van zand, daarna van gebiedseigen grond tot 0,20 meter boven de bovenkant van de duiker en vervolgens grond, zand of verharding.

2.28

De taluds aan de uiteinden van de duiker moeten worden opgezet onder een helling van ten minste 1:1 en als volgt worden afgewerkt: - bekleding met klei, die moet worden ingezaaid met bermgras óf - taludbescherming tot op de bodem van het water, zoals grasbetonstenen, die wordt opgevangen door een betuining.

2.29

De dam met duiker mag niet binnen een straal van 10,00 meter van een ander kunstwerk zoals een duiker of een brug worden geplaatst.

2.30

De vergunninghouder is verplicht de dam met duiker én het water over een lengte van 1,00 meter aan weerszijden van de dam met duiker, in goede staat te onderhouden en schoon te houden. Dit betekent in ieder geval dat eventueel aanwezige baggerspecie en/of begroeiing regelmatig moet worden verwijderd en dat beschadigingen en/of verzakkingen van de dam met duiker met bijbehorende werken én van het talud direct moeten worden hersteld. Ook moet begroeiing op de dam met duiker en obstakels in het water en/of duikerbuizen die de berging, doorstroming en/of doorvaart kunnen belemmeren, door vergunninghouder worden verwijderd. Vooraf moet contact worden opgenomen met de toezichthouder. Zijn aanwijzingen moeten worden opgevolgd.

2.31

Als de dam met duiker naar het oordeel van het waterschap geen functie meer vervult, dan moet de dam met duiker worden verwijderd. Het plaatselijke profiel van het water moet dan worden hersteld en worden ingezaaid met bermgras.

W ater s c hapRivier en l an d Ons kenmerk: 2020077974/2020121925 Pagina 8 van 11

Het verwijderen van een dam met duiker 2.32

De bestaande dam met duiker moet volledig worden verwijderd, inclusief bijbehorende werken en landhoofden.

2.33

Nadat de dam met duiker is verwijderd, moet het plaatselijke profiel van het water (de watergang) worden hersteld.

2.34

Eventueel in de te verwijderen dam met duiker aanwezige kabels en leidingen moeten minimaal 1,00 meter onder het leggerprofiel van het water worden gelegd (bij het ontbreken van een leggerprofiel moeten de vaste bodem en taluds van het water als uitgangspunt worden gehanteerd).

2.35

Het talud ter plaatse van de verwijderde dam met duiker moet worden ingezaaid met bermgras.

2.36

Bij eventuele verzakkingen tijdens of na de werkzaamheden moet, op aanwijzing van de toezichthouder, een betuining worden geplaatst en het talud worden hersteld. Het aanleggen en behouden van een natuurvriendelijke oever

2.37

De natuurvriendelijk oever aan het A-water moet worden uitgevoerd conform de profielen en ligging zoals weergegeven op onder punt 1.5 genoemde tekeningen.

2.38

Om verlanding tegen te gaan moet de natuurvriendelijke oever jaarlijks worden onderhouden door het afgestorven gewas te verwijderen.

2.39

De natuurvriendelijke oever moet toegankelijk zijn en blijven voor onderhoudsmateriaal.

2.40

Drijfvuil dat zich verzameld in de zone van de natuurvriendelijke oever moet onmiddellijk worden verwijderd.

W ater s c hapRivier en l an d Ons kenmerk: 2020077974/2020121925 Pagina 9 van 11

Deel 2 Aanvraag en overwegingen Aanleiding De aanvragen wenst een gebied waterstaatkundig aan te passen om het plaatsen van een zonnepark mogelijk te maken ter plaatse van de locatie gelegen tussen het Stationspad en Leigraafseweg te Hemmen. Activiteiten waarvoor vergunning wordt aangevraagd De aanvraag betreft het volgende: - het dempen van oppervlaktewater; - het aanbrengen van verhard oppervlak; - het graven van oppervlaktewater ter compensatie van het verlies aan waterberging; - het aanbrengen van dammen met duikers; - het realiseren van een natuurvriendelijke oever in een A-water. Het uitvoeren van diverse werkzaamheden voor het ontwikkelen van zonnepark te Hemmen. Procedure De aanvraag is ontvangen op 12 juni 2020 en geregistreerd onder nummer 2020077974. Toetsing van de aanvraag De aanvraag is getoetst aan de doelstellingen van de Waterwet en de Keur Waterschap Rivierenland 2014. Deze doelstellingen en belangen vormen de basis voor vergunningverlening en zijn vastgelegd in wettelijk vastgestelde normen en aanvullend beleid. Overwegingen - De aanvraag is getoetst aan de algemene toetsingscriteria van de Beleidsregels behorende bij de Keur Waterschap Rivierenland 2014 en aan waterhuishoudkundige uitgangspunten.

- De aanvraag getoetst aan de volgende beleidsregels:  beleidsregel 5.1: “Werkzaamheden in oppervlaktewaterlichamen”;  beleidsregel 5.6: “Het plaatsen van dammen met duikers in oppervlaktewaterlichamen”;  beleidsregel 5.14: “Het (ver)graven van (nieuwe) oppervlaktewaterlichamen”;  beleidsregel 5.16 : “Nieuwe lozingen vanaf verhard oppervlak”;  beleidsregel 3.3.3: “Natuurvriendelijke oevers”. - Volgens de beleidsregels mag de aan- en afvoer- en bergingscapaciteit niet worden verminderd door de werkzaamheden. - Uit de aanvraag blijkt dat de aanvrager van plan is om 1935 m2 aan wateroppervlak te dempen en 1617 m² verhard oppervlak aan te brengen. - De aanvraag voorziet in het graven van 6455 m2 aan wateroppervlak. Hiermee wordt aan de compensatieverplichting voldaan. - Uit de toetsing blijkt dat de overige werkzaamheden binnen deze aanvraag voldoen aan de toetsingscriteria, daarom kunnen wij de gevraagde vergunning, onder het stellen van de in deel 1 genoemde voorschriften, verlenen.

W ater s c hapRivier en l an d Ons kenmerk: 2020077974/2020121925 Pagina 10 van 11

Ten aanzien van beheer en onderhoud. - Natuurvriendelijke oever De natuurvriendelijke oever die wordt aangelegd door de aanvrager krijgt bij een eerstvolgende leggerwijziging een B-status, hetgeen betekent dat het beheer en onderhoud door de vergunninghouder moet worden uitgevoerd. - Nieuw te graven oppervlaktewater Al het nieuw te graven oppervlaktewater krijgt bij een eerstvolgende leggerwijziging een Cstatus. De vergunninghouder is daarmee verantwoordelijk voor het beheer en (dagelijks en groot) onderhoud van de watergang. Conclusie De in de vergunning opgenomen voorschriften waarborgen dat de doelstellingen van het waterbeheer voldoende worden beschermd. Op grond van de overwegingen bestaan daarom voor Waterschap Rivierenland geen bezwaren tegen het verlenen van de gevraagde vergunning.

W ater s c hapRivier en l an d Ons kenmerk: 2020077974/2020121925 Pagina 11 van 11

Deel 3 Bezwaar en aandachtspunten Bezwaar Wij wijzen u op de mogelijkheid om op grond van artikel 7:1 van de Awb bezwaar te maken tegen ons besluit door het indienen van een bezwaarschrift. De termijn voor het indienen van een bezwaarschrift bedraagt zes weken vanaf de dag na verzenddatum van dit besluit. Het bezwaarschrift moet bevatten uw naam en adres, de dagtekening, een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht en de gronden van het bezwaar. Ook moet het bezwaarschrift ondertekend zijn. U kunt het bezwaarschrift sturen aan het college van dijkgraaf en heemraden van Waterschap Rivierenland, Postbus 599, 4000 AN Tiel. U kunt uw bezwaarschrift ook digitaal indienen via het daartoe bestemde formulier. Daarvoor moet u beschikken over een elektronische handtekening (DigiD). Wij verwijzen u daarbij naar onze website onder het kopje “Regelen en aanvragen”. Naast het indienen van een bezwaarschrift kan op grond van artikel 8:81 Awb een verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening worden gedaan bij de Voorzieningenrechter van de rechtbank Gelderland, Team bestuursrecht, postbus 9030, 6800 EM Arnhem. U kunt ook digitaal een voorlopige voorziening aanvragen bij genoemde rechtbank via http://loket.rechtspraak.nl/bestuursrecht. Daarvoor moet u wel beschikken over een elektronische handtekening (DigiD). Kijk op de genoemde site voor de precieze voorwaarden.

Aandachtspunten 1. Tegen dit besluit kan ook door andere belanghebbenden bezwaar worden gemaakt. De bezwaartermijn voor het indienen van een bezwaarschrift bedraagt zes weken vanaf de dag na verzenddatum van dit besluit. Wij wijzen u erop dat uitvoering van de vergunde activiteiten binnen de bezwaartermijn geheel voor eigen risico is. 2. Het hebben van deze vergunning ontslaat de houder niet van de verplichting om alle redelijkerwijs mogelijke maatregelen te treffen teneinde te voorkomen dat derden of Waterschap Rivierenland ten gevolge van het gebruik maken van de vergunning schade lijden. 3. Als gedurende drie achtereenvolgende jaren geen gebruik is gemaakt van deze vergunning kunnen wij deze vergunning geheel of gedeeltelijk intrekken.

³ ³ ³ ³

Behoort bij besluit van het college van dijkgraaf en heemraden van Waterschap Rivierenland d.d. 19-10-2020 Besluit nummer: 2020077974/2020121925 Goedgekeurd door dhr. V.C. Vulto

Behoort bij besluit van het college van dijkgraaf en heemraden van Waterschap Rivierenland d.d. 19-10-2020 Besluit nummer: 2020077974/2020121925 Goedgekeurd door dhr. V.C. Vulto

datum 10-7-2019 dossiercode 20190710-9-20960 Samenvatting In deze paragraaf worden puntgewijs de resultaten van de toetsing samengevat. Tekenen: Heeft u een toetslaag geraakt? ja In welke gemeente ligt uw plangebied? Neder-Betuwe Vragen: Gaat het plan uitsluitend over functiewijziging van bestaande bebouwing zonder fysieke aanpassingen van de bebouwing en de ruimte? nee Gaat het ruimtelijk plan over activiteiten anders dan woningen, bedrijven of kleinschalige infrastructuur? nee Is uw totale plangebied groter dan 3500 m² ? ja Verwacht u een toename van verharding in het plan groter dan 500 m² in stedelijk gebied of 1500 m² in landelijk gebied? nee Afbeeldingen geraakte toetslagen

Afbeeldingen geraakte signaleringskaarten

www.dewatertoets.nl

datum 10-7-2019 dossiercode 20190710-9-20960 Uitgangspuntennotitie WSRL U heeft een digitale watertoets uitgevoerd via de website www.dewatertoets.nl. Op basis van deze toets volgt u de normale watertoetsprocedure. Dit betekent dat er nader overleg plaats moet vinden met Waterschap Rivierenland. Als start voor dit overleg ontvangt u deze uitgangspuntennotitie die automatisch is opgesteld met de door u ingevulde antwoorden op vragen en het door u ingetekende plangebied. De notitie bevat de voor uw plan relevante waterhuishoudkundige uitgangspunten en randvoorwaarden van Waterschap Rivierenland. Deze notitie kunt u gebruiken bij het ruimtelijk laten meewegen van het waterbelang en bij het opstellen van een waterhuishoudkundige onderbouwing van uw plan. Voor overleg kunt u contact opnemen met de accountmanager van Waterschap Rivierenland. Contactinformatie staat aan het einde van deze uitgangspuntennotitie. LET OP: het is mogelijk dat uw plan op basis van alleen het oppervlak van het plangebied in de normale procedure terecht is gekomen. Is dit het geval en worden er in deze notitie geen aandachtspunten aangereikt, dan is overleg met de accountmanager niet nodig. Uw plan is dan niet relevant voor de belangen van het waterschap (watertoetsadvies). Algemene projectgegevens Projectomschrijving: Aanleg van een zonnepark in oost-west opstelling met grondeigenaar als initiatiefnemer.

De watergangen/sloten blijven grotendeels intact. De C-watergang in oost-west gelegen richting wordt gedempt en de A watergangen rondom plangebied worden verbreed en voorzien van natuurvriendelijke oever. De enige grondafdekking zal door enkele trafohuisjes zijn, onder de panelen blijft de grond vrij en ongeroerd afgezien van de paaltjes waarop de installatie rust. Oppervlakte plangebied: 93605 Adres: Stationspad (ten zuiden) 2, Hemmen Gemeente: Neder-Betuwe Het plan is ingediend door: Jan Jaap Wesselink Zonnepark Hemmen BV Op basis van de door u verstrekte informatie zijn de volgende wateraspecten van belang in het plangebied. Beleid waterschap Rivierenland Met ingang van 27 november 2015 is het Waterbeheerprogramma 2016-2021 Koers houden, kansen benutten bepalend voor het waterbeleid. Dit plan gaat over het waterbeheer in het hele rivierengebied en het omvat alle watertaken van het waterschap: waterkeringen, waterkwantiteit, waterkwaliteit en waterketen. Daarnaast beschikt het Waterschap Rivierenland over een verordening: de Keur voor waterkeringen en wateren. Hierin staan de geboden en verboden die betrekking hebben op watergangen en waterkeringen. Voor het uitvoeren van werkzaamheden kan een vergunning nodig zijn. De werkzaamheden in of nabij de watergangen en waterkeringen worden getoetst aan de beleidsregels.

Veiligheid In het plangebied is geen kern en beschermingszone van een waterkering gelegen. Grondwater (algemeen) Het plangebied wordt gekenmerkt door een bepaalde grondwaterstand. De drooglegging van het gebied is hiervoor medebepalend. Drooglegging is de maat waarop het maaiveld, het straatniveau of het bouwpeil boven het oppervlaktewaterpeil ligt. Doorgaans geldt voor het maaiveld een drooglegging van 0,70 meter, voor het straatpeil een drooglegging van 1 meter en voor het bouwpeil een drooglegging van 1,3 meter. Voldoende drooglegging is nodig om grondwateroverlast te voorkomen. In gebieden waar grondwateroverlast bekend is of gebieden met hoge grondwaterstanden adviseren wij om hier nader onderzoek naar te doen. Bij hoge rivierwaterstanden kunnen gebieden gelegen nabij de rivieren overlast ondervinden van kwel. Eventuele maatregelen zijn het ophogen van het maaiveld of kruipruimteloos bouwen. Waterberging Voor dit plan is de toename van het verhard oppervlak kleiner dan 500 m² in het stedelijk gebied of kleiner dan 1500 m² in het landelijk gebied. Eventueel kan gebruik worden gemaakt van een eenmalige vrijstelling. Hiervoor kunt u contact opnemen met de afdeling vergunningen van het waterschap. In alle andere gevallen dient u compenserende maatregelen te treffen.

In dit geval zult u na het doorlopen van planologische traject in het kader van de watervergunning nadere afspraken moeten maken.

Watergangen

Binnen het plangebied ligt een beschermingszone van een A-watergang. Binnen het plangebied ligt een B-watergang of een beschermingszone van een B-watergang. Binnen het plangebied ligt geen A-watergang. Werkzaamheden in de watergang of de bijbehorende beschermingszone zijn vergunning -en of meldingsplichtig omdat deze invloed hebben op de water aan- en afvoer, de waterberging of het onderhoud. Een onderhoudsstrook is een obstakelvrije strook die als beschermingszone in de legger is aangewezen. Met deze zone wordt handmatig en/of machinaal onderhoud van de watergang vanaf de kant mogelijk gemaakt. Voor A-watergangen is die strook 4 meter breed (in de Alblasserwaard en Vijfheerenlanden en in het Land van Heusden en Altena geldt een breedte van 5 meter), gemeten uit de insteek. Voor B-watergangen is de strook 1 meter breed. C-watergangen hebben geen beschermingszone. Verbeelding Op de Verbeelding van het bestemmingsplan worden A-watergangen opgenomen met de bestemming Water. De beschermingszone van de watergangen wordt niet bestemd. De boezemgebieden of het winterbed krijgt de dubbelbestemming Waterstaat - Waterberging.

Waterkwaliteit (algemeen) Hieronder volgen een aantal algemene aandachtpunten die gelden voor verschillende ruimtelijke ontwikkelingen: ●

Bij de herstructurering van bestaande woonwijken of herbouw van woningen is er de kans om het rioolsysteem zodanig aan te passen dat hemelwater wordt afgekoppeld. Het uitgangspunt is dat er minimaal tot aan de erfgrens een gescheiden stelsel wordt aangelegd. ●

Bij nieuwbouw is het uitgangspunt dat hemelwater van het verhard oppervlak voor 100% gescheiden wordt afgevoerd. Het waterschap gaat bij nieuwbouw van woningen uit van een (duurzaam) gescheiden rioleringsstelsel. Hemelwater van terreinverhardingen stroomt bij voorkeur niet direct af op het oppervlaktewater, maar wordt eerst voorgezuiverd door een berm wadi of bodempassage. ●

Bij bedrijventerreinen wordt gestreefd om het hemelwater van het verhard oppervlak gescheiden van het vuilwaterriool af te voeren. Bij risico's voor waterverontreiniging wordt gestreefd naar een verbeterd gescheiden rioleringsstelsel.

Riolering en zuiveringswerken Het rioolstelsel valt onder de verantwoordelijkheid van de gemeente. U kunt met uw gemeente contact op te nemen voor het aansluiten van (nieuwe) woningen en bedrijven. In het plangebied ligt geen rioolwaterpersleiding van het waterschap.

Vervolgtraject Voor het verdere proces is het van belang om de accountmananger van het waterschap te betrekken bij het plan en rekening te houden met de in dit document aangegeven uitgangspunten en adviezen. Wij verzoeken u ons te informeren over de wijze waarop het plan verder zal worden voorbereid. Accountmanager Neder-Betuwe Mark Elzerman telefoon: 0344-649242 e-mailadres: m.elzerman@wsrl.nl © Digitale Watertoets - www.dewatertoets.nl Dit document is gegenereerd via de website http://www.dewatertoets.nl// op basis van door u ingevulde gegevens. U bent akkoord gegaan met de door u ingevulde gegevens. Dit digitale advies heeft een geldigheid van 2 jaar. www.dewatertoets.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10199580/1