Bijlage 3e - Bijlage 6 bij de toelichting - Voortoets stikstofdepositie
Tekst van het document
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden Gemeente Neder-Betuwe
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
1
Gegevens over het plan: Plannaam: Datum: Projectnummer Buro SRO:
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden 11-01-2024 16.30.41
Gegevens projectbetrokkenen: Opdrachtgever: Contactpersoon opdrachtgever:
Karens Vastgoed dhr. A. Karens
Gegevens Buro SRO: Bezoekadres vestiging Arnhem: Telefoon: E-mail: Internet:
Sweerts de Landasstraat 50 6814 DG te Arnhem 026 – 35 23 125 arnhem@buro-sro.nl www.Buro-SRO.nl
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
2
Inhoudsopgave Hoofdstuk 1
Inleiding ................................................................................................................................. 5
1.1
Doelstelling onderzoek .......................................................................................................................... 5
1.2
Projectbeschrijving ................................................................................................................................ 5
1.3
Maatgevende Natura 2000-gebieden.................................................................................................... 6
Hoofdstuk 2
Wettelijk kader ...................................................................................................................... 7
2.1
Landelijke wet- en regelgeving .............................................................................................................. 7
2.2
Voortoets ............................................................................................................................................... 7
2.3
Intern salderen ...................................................................................................................................... 8
2.4
Passende beoordeling ........................................................................................................................... 8
Hoofdstuk 3
Berekeningssystematiek ......................................................................................................... 9
3.1
Gebruikt rekenmodel............................................................................................................................. 9
3.2
Input rekenmodel .................................................................................................................................. 9
3.2.1 Referentiesituatie................................................................................................................................... 9 3.2.2 Toekomstig gebruik .............................................................................................................................. 10 3.2.3 Aanlegfase ............................................................................................................................................ 11 Hoofdstuk 4
Resultaten berekening .......................................................................................................... 13
4.1 Referentiesituatie........................................................................................................................................ 13 4.2 Gebruiksfase ................................................................................................................................................ 14 4.3 Aanlegfase ................................................................................................................................................... 17 Hoofdstuk 5
Conclusies ............................................................................................................................. 21
Bijlagen
.............................................................................................................................................. 29
Bijlage 1: Toelichting uitgangspunten aanlegfase ............................................................................................. 31 Bijlage 2: AERIUSberekening gebruiksfase ........................................................................................................ 33 Bijlage 3: AERIUSberekening aanlegfase ........................................................................................................... 35
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
3
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
4
Hoofdstuk 1 1.1
Inleiding
Doelstelling onderzoek
Aan de Smachtkamp 60 te Opheusden worden 12 woningen gebouwd. Doel van dit onderzoek is toetsing van mogelijke (negatieve) effecten op Natura 2000-gebieden, als gevolg van de activiteiten die het vergunning mogelijk maakt, aan de Wet natuurbescherming. Ten behoeve van een voortoets in het kader van de Wet natuurbescherming is de toekomstige gewenste situatie gemodelleerd op basis van de aangeleverde gegevens door de opdrachtgever, ervaringscijfers en kengetallen. De depositie is op de omliggende Natura 2000-gebieden berekend en getoetst of het plan (mogelijke) significant negatieve effecten veroorzaakt op de instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000gebieden. Voorliggende rapportage geeft een overzicht van de gehanteerde uitgangspunten en rekenmethodiek, de berekende resultaten en de conclusie.
1.2
Projectbeschrijving
Het plangebied is gelegen aan de Smachtkamp 60 te Opheusden. Onderstaande afbeelding toont de ligging van het plangebied in de omgeving.
Ligging van het plangebied In het gebied wordt 1 bestaande woning, een kas en schuur gesloopt. Tezamen is dit 305 m2. In plaats van deze bebouwing worden 12 nieuwe woningen gebouwd: 6 vrijstaand, 2 twee onder een kap en 4 rijwoningen. Daarnaast wordt er 525m2 verhard t.b.v. parkeerplaatsen en toegankelijkheid van de woningen.
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
5
1.3
Maatgevende Natura 2000-gebieden
Voor het uitvoeren van de stikstofdepositieberekening moet rekening gehouden worden met Natura 2000gebieden. AERIUS toetst automatisch aan alle Natura 2000-gebieden in Nederland en aan nabijgelegen buitenlandse Natura 2000-gebieden. Het meest nabijgelegen en maatgevende Natura 2000-gebied voor dit project is Rijntakken. Deze ligt op een afstand van ca. 970 meter van het project. Op de afbeelding hieronder zijn het plangebied en de betreffende Natura 2000-gebieden weergegeven.
Ligging plangebied in relatie tot de maatgevende Natura 2000-gebieden
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
6
Hoofdstuk 2 2.1
Wettelijk kader
Landelijke wet- en regelgeving
In het kader van de toets aan de Wet Natuurbescherming wordt bepaald of een project of plan (mogelijke) significant negatieve effecten veroorzaakt op de instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000-gebieden. Voor plannen en projecten dient middels een voortoets, eventueel gevolgd door een passende beoordeling, getoetst te worden of het plan mogelijk significant negatieve effecten kan hebben op gevoelige habitattypen die gelegen zijn binnen omliggende Natura 2000-gebieden. De beoordeling van plannen, projecten en andere handelingen is uitgewerkt in paragraaf 2.3 van de Wet natuurbescherming. Met het verdwijnen van het Programma Aanpak Stikstof is de ontwikkelingsruimte en standaard grenswaarde voor projecten niet meer beschikbaar. Op 16 juni 2020 hebben provincies de geldende beleidsregels voor intern en extern salderen vastgesteld. Dit vormt het nieuwe beleid op basis waarvan de vergunningverlening binnen de Wet natuurbescherming met betrekking tot stikstofdepositie plaatsvindt.
2.2
Voortoets
Een voortoets heeft tot doel te onderzoeken of er sprake kan zijn van significante gevolgen voor beschermde Natura 2000 gebieden. De significantie van de gevolgen voor een gebied als gevolg van een plan worden afgezet tegen de instandhoudingsdoelstellingen van een Natura 2000-gebied. De instandhoudingsdoelstellingen zijn neergelegd in het aanwijzingsbesluit en zijn uitgewerkt in het beheerplan voor dat gebied. Wanneer een plan of project gevolgen heeft voor het gebied, maar de instandhoudingsdoelstellingen daarvan niet in gevaar brengt, zijn significante gevolgen uitgesloten. Bij de voortoets wordt bekeken of het bestemmingsplan afzonderlijk of in combinatie met andere plannen of projecten significante gevolgen kan hebben. In hoeverre stikstofdepositie voor significante gevolgen op Natura 2000-gebieden kan zorgen, wordt in eerste instantie bepaald door te bezien of de ontwikkelingen die het plan mogelijk maakt tot een toename van stikstofdepositie leiden. Hierbij mag een vergelijking worden gemaakt met het bestaande gebruik (referentiesituatie) binnen het project zelf (intern salderen) of mag met het stoppen van een stikstofuitstotende activiteit elders worden gecompenseerd (extern salderen).
Van plannen die ten opzichte van de feitelijke situatie geen toename van de stikstofdepositie veroorzaken op Natura 2000-gebieden met stikstofgevoelige gebieden waarvan de Kritische Depositie Waarde (KDW) wordt overschreden of bijna wordt overschreden (achtergrondwaarde 70 mol/ha/j onder de KDW), zijn significante gevolgen met zekerheid uit te sluiten. In dat geval hoeft geen passende beoordeling te worden opgesteld. In het geval uit de voortoets blijkt dat: de ontwikkeling wel kan leiden tot een toename van stikstofdepositie op één of meer in het kader van Natura 2000 beschermde stikstofgevoelige gebieden; van deze stikstofgevoelige gebieden de KDW al wordt overschreden of door de toename van de stikstofdepositie kan worden overschreden; dient een volgende stap gezet te worden. Op dat moment wordt door middel van een ecologische voortoets onderzocht of ecologische significante effecten uitgesloten kunnen worden. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om kleine deposities en/of deposities voor een korte tijd. Mocht dat laatste ook niet het geval zijn dan is een passende beoordeling en een vergunning in het kader van de Wet natuurbescherming (Wnb) noodzakelijk. Voor het opstellen van deze voortoets is gebruik gemaakt van de Handreiking Voortoets (februari 2021), een hulpmiddel dat zowel door het Rijk als de provincies wordt onderschreven.
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
7
2.3
Intern salderen
Om te bepalen wat de referentiesituatie is waarmee intern mag worden gesaldeerd, is het in eerste instantie van belang de referentiedatum te bepalen. Dit betreft de datum van het definitieve aanwijzingsbesluit van het desbetreffende Natura 2000-gebied of diens voorganger Vogelrichtlijngebied of Habitatrichtlijngebied. Vervolgens is het voor de referentiesituatie bepalend welke ruimtelijke procedure gevolgd wordt: is er sprake van een plan of een project? Bij een berekening in het kader van een bestemmingsplanprocedure (een plan) is de feitelijke en planologisch legale situatie ten tijde van de vaststelling van het nieuwe bestemmingsplan de referentiesituatie. In het geval van een vergunningsprocedure (een project) is een geldige natuurvergunning of natuurtoestemming de referentiesituatie. Als er geen natuurvergunning of natuurtoestemming is, is de milieuvergunning of milieumelding, die gold op de referentiedatum bepalend voor de referentiesituatie. Als na de referentiedatum een milieutoestemming is verleend, die minder stikstofuitstoot mogelijk maakt dan de vergunning die gold op de referentiedatum, bepaalt dat de referentiesituatie. Is er ook geen milieumelding of milieuvergunning, dan geldt de activiteit die op de referentiedatum was toegestaan en sindsdien onafgebroken aanwezig is geweest als referentiesituatie.
2.4
Passende beoordeling
Wanneer een plan significante negatieve gevolgen kan hebben, moet het bestuursorgaan ingevolge de Wet natuurbescherming een passende beoordeling opstellen vóórdat het plan kan worden vastgesteld. Deze passende beoordeling moet de zekerheid geven dat de natuurlijke kenmerken van het betreffende gebied niet worden aangetast. Het bestemmingsplan zal rekening moeten houden met de in het aanwijzingsbesluit voor het betrokken gebied vastgestelde instandhoudingsdoelstellingen en de wijze waarop deze zijn uitgewerkt in het voor het gebied vastgestelde beheerplan. Als het bevoegd gezag (in veel gevallen Provinciale Staten) op grond van de passende beoordeling niet de vereiste zekerheid heeft verkregen dat een plan de natuurlijke kenmerken niet zal aantasten, kan het plan in beginsel niet worden vastgesteld. Dat is alleen anders als er geen alternatieve oplossingen beschikbaar zijn, sprake is van dwingende redenen van openbaar belang en compenserende maatregelen worden getroffen, dan kan een plan toch worden vastgesteld.
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
8
Hoofdstuk 3 3.1
Berekeningssystematiek
Gebruikt rekenmodel
In deze voortoets is gerekend met de AERIUS Calculator. De rekenkern van AERIUS wordt gevormd door het Operationeel Prioritaire Stoffen model (OPS) van het RIVM. Dit model berekent de verspreiding van stikstof door de lucht en de depositie. OPS houdt daarbij rekening met verschillende factoren die de verspreiding en depositie van stikstof beïnvloeden, bijvoorbeeld de windrichting en -kracht, de ruwheid van het terrein en de hoogte van de vegetatie. Voor wegverkeer wordt gebruikt gemaakt van Standaard Rekenmethode 2 (SRM2). Daarmee sluit AERIUS aan op de modellering in het Nationaal Samenwerkingsverband Luchtkwaliteit.
3.2
Input rekenmodel
Belangrijk voor elk rekenmodel is de kwaliteit van de input. In deze paragraaf wordt voor elk onderdeel de bijbehorende uitgangspunten beschreven en onderbouwd.
3.2.1 Referentiesituatie Voor het berekenen van de gevolgen van de voorgenomen ontwikkeling op de beschermde natuurgebieden is het noodzakelijk de referentiesituatie te modeleren. Omdat sprake is van een plan is de feitelijke en planologisch legale situatie ten tijde van de vaststelling van het nieuwe plan de referentiesituatie. In navolgende tabel is voor elk natuurgebied dat relevant is voor deze voortoets stikstofdepositie de aanwijzingsdatum gegeven. Naam gebied Afstand tot plangebied Rijntakken 970 meter Maatgevende Natura 2000 gebieden
Datum aanwijzing 24-3-2000
Van bovenstaande gebieden wordt in dit rapport in beeld gebracht wat de bijdrage van de voorgenomen ontwikkeling is op de stikstofdepositie. De functie van het plangebied is gebaseerd op de opgave van de initiatiefnemer en gecontroleerd met behulp van luchtfoto’s en indien van toepassing de aanwezige vergunningen. Waar geen uitstootgegevens beschikbaar waren is aansluiting gezocht bij de input die ook gebruikt is voor het rekenmodel AERIUS. Verkeersbewegingen Met betrekking tot het beoogde plan is het van belang te kijken naar het aantal verkeersbewegingen in de referentiesituatie. Voor het bepalen van de verkeersbewegingen in de referentiesituatie is uitgegaan van 8 verkeersbewegingen van licht verkeer per woning per dag. Er is sprake van 1 woning waardoor het aantal verkeersbewegingen in de referentiesituatie circa 8 zal bedragen. Deze verkeersbewegingen bestaan enkel uit licht verkeer. Verkeersbewegingen worden in AERIUS als lijnbronnen weergegeven. Deze lijnbronnen worden ingetekend van de woning tot het punt waar de verkeersbewegingen opgaan in het algemene verkeersbeeld. Om die reden is het verkeer opgegaan in het algemene verkeersbeeld op de Smachtkamp en de Parallelweg vanaf het punt waar het verkeer op snelheid is gekomen. Voor de lengte van de segmenten is aangesloten bij de ‘Vuistregel lengte van lijnbronnen wegverkeer in AERIUS’.
Deze vuistregel luidt: Binnen de bebouwde kom: 50 meter voor personenauto’s en 150 m voor vrachtverkeer.
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
9
Buiten de bebouwde kom: 80 meter voor personenauto’s en 250 m voor vrachtverkeer.
Hierop worden de volgende uitzonderingen gehanteerd: Als het verkeer binnen de bovengenoemde afstand een kruising of splitsing bereikt, dan geldt die kortere afstand tot die splitsing. Als een weg (vrijwel) uitsluitend gebruikt wordt door één bedrijf of enkele bedrijven (bijvoorbeeld een toegangsweg van een steenfabriek in de uiterwaarden), dan wordt de hele toegangsweg meegenomen plus de afstand die hierboven is genoemd. Iedere andere redelijke uitzondering. In dit geval is er geen aanleiding gebruik te maken van een uitzondering. Gasverbruik woningen De bestaande woning gebruikt gas voor o.a. de verwarming. Om de stikstofuitstoot van de woning te bepalen is gebruik gemaakt van de gegevens die Aerius hanteert voor stikstofuitstoot van oudere vrijstaande woningen: een uitstoot NOx van 3,59 kg/j per woning.
3.2.2 Toekomstig gebruik Verkeersbewegingen Met betrekking tot het beoogde plan is het van belang te kijken naar de verwachte toename van het aantal verkeersbewegingen. Voor het bepalen van de extra verkeersbewegingen is worst case uitgegaan van 8 verkeersbewegingen van licht verkeer per woning per dag. Het plan gaat uit van 12 woningen waardoor het aantal verkeersbewegingen in de toekomstige situatie circa 96 zal bedragen. Deze verkeersbewegingen bestaan enkel uit licht verkeer. Verkeersbewegingen worden in AERIUS als lijnbronnen weergegeven. Deze lijnbronnen worden ingetekend van de woningen tot het punt waar de verkeersbewegingen opgaan in het algemene verkeersbeeld. Om die reden is het verkeer opgegaan in het algemene verkeersbeeld op de Smachtkamp vanaf het punt waar het verkeer op snelheid is gekomen. Voor de lengte van de segmenten is aangesloten bij de ‘Vuistregel lengte van lijnbronnen wegverkeer in AERIUS’. Deze vuistregel luidt: Binnen de bebouwde kom: 50 meter voor personenauto’s en 150 m voor vrachtverkeer. Buiten de bebouwde kom: 80 meter voor personenauto’s en 250 m voor vrachtverkeer. Hierop worden de volgende uitzonderingen gehanteerd: Als het verkeer binnen de bovengenoemde afstand een kruising of splitsing bereikt, dan geldt die kortere afstand tot die splitsing.
Als een weg (vrijwel) uitsluitend gebruikt wordt door één bedrijf of enkele bedrijven (bijvoorbeeld een toegangsweg van een steenfabriek in de uiterwaarden), dan wordt de hele toegangsweg meegenomen plus de afstand die hierboven is genoemd. Iedere andere redelijke uitzondering. In dit geval is er geen aanleiding gebruik te maken van een uitzondering. De woningen worden conform het Bouwbesluit gasloos uitgevoerd. Daarmee is er geen sprake van een verbrandingsinstallatie in het huis. Mogelijke stikstofuitstoot door de toekomstige woningen en bijgebouwen is
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
10
kleinschalig en incidenteel en daardoor niet modelleerbaar, zoals ook beargumenteerd in de Handreiking woningbouw en AERIUS van de Rijksoverheid (januari 2020).
3.2.3 Aanlegfase Naast het toekomstig gebruik is ook de stikstofuitstoot tijdens de aanlegfase van het project van belang. Bij de realisatie van de woningen zijn gedurende korte tijd werktuigen en machines van de bouwer in het plangebied aanwezig. Ook de verkeersbewegingen van de werklieden van en naar de bouwplaats geven een korte toename van stikstof emissie. Van een deel van de machines (handgereedschap, snelbouwkranen, liften) wordt ervan uit gegaan dat deze elektrisch zijn en dus geen stikstofuitstoot veroorzaken. Voor de daadwerkelijke aanleg is nog geen bestek gemaakt. Daarom is er op basis van vergelijkbare projecten en ervaringen elders een zo goed mogelijke raming gemaakt van de activiteiten die zorgen voor stikstofuitstoot tijdens de aanlegfase. In deze berekening is ervan uitgegaan dat de aanlegfase van het project maximaal 1 jaar duurt. Dit is een ‘worst case’ aanname, gezien de omvang van het project en de activiteiten die plaatsvinden is een minimale aanlegfase van 1,5 jaar – 2 jaar Verkeersbewegingen Tijdens de aanlegfase zal er sprake zijn van verkeersbewegingen door de werklieden die met de bouw van de woningen bezig zijn. Bij de gemaakte inschatting van het aantal verkeersbewegingen van licht verkeer is er rekening mee gehouden dat werklieden met werkbusjes arriveren, waarbij er meerdere werklieden in één werkbus zitten.
Daarnaast zorgen de aan- en afvoer van materiaal en de mobiele werktuigen voor verkeersbewegingen door middelzwaar en zwaar vrachtverkeer. De schatting van de verkeersbewegingen in de aanlegfase is weergegeven in onderstaande tabel. Type verkeer Licht Middel zwaar Zwaar
Gem. aantal per jaar 2418 252 489
Verkeersbewegingen worden in AERIUS als lijnbronnen weergegeven. Deze lijnbronnen worden ingetekend van de woningen tot het punt waar de verkeersbewegingen opgaan in het algemene verkeersbeeld. Om die reden is het verkeer opgegaan in het algemene verkeersbeeld op de Smachtkamp vanaf het punt waar het verkeer op snelheid is gekomen. Voor de lengte van de segmenten is aangesloten bij de ‘Vuistregel lengte van lijnbronnen wegverkeer in AERIUS’. Deze vuistregel luidt: Binnen de bebouwde kom: 50 meter voor personenauto’s en 150 m voor vrachtverkeer. Buiten de bebouwde kom: 80 meter voor personenauto’s en 250 m voor vrachtverkeer. Hierop worden de volgende uitzonderingen gehanteerd: Als het verkeer binnen de bovengenoemde afstand een kruising of splitsing bereikt, dan geldt die kortere afstand tot die splitsing. Als een weg (vrijwel) uitsluitend gebruikt wordt door één bedrijf of enkele bedrijven (bijvoorbeeld een toegangsweg van een steenfabriek in de uiterwaarden), dan wordt de hele toegangsweg meegenomen plus de afstand die hierboven is genoemd. Iedere andere redelijke uitzondering. In dit geval is er geen aanleiding gebruik te maken van een uitzondering. Mobiele werktuigen Er zijn mobiele werktuigen nodig voor het realiseren van de woningen.
Voor het invoeren van de mobiele werktuigen is een inschatting gemaakt van de STAGE klassen van de werktuigen, het brandstofverbruik, het aantal draaiuren van een werktuig en mits van toepassing het AdBlue verbruik, waarmee de uitstoot NOx en
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
11
NH3 door AERIUS is bepaald. Het brandstofverbruik is bepaald op basis van een inschatting van het totale aantal draaiuren (belast en stationair) van het werktuig. De uitstoot van de mobiele werktuigen wordt in AERIUS als een vlakbron ingetekend, op de locatie van de werkzaamheden. De overige machines zoals vrachtwagens voor de aan- en afvoer van materieel vallen onder de verkeersbewegingen. In de Aeriusberekening in bijlage 3 is te zien wat de uitgangspunten voor de aanlegfase zijn per bron. In bijlage 1 is toegelicht hoe tot de uitgangspunten voor de aanlegfase is gekomen.
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
12
Hoofdstuk 4
Resultaten berekening
4.1 Referentiesituatie In het model is de referentiesituatie ingevoerd. Op navolgende uitsnedes zijn de bronnen weergegeven die van invloed zijn op de stikstofdepositie in de referentiesituatie. Bron 1 betreft verwarming van de bestaande woning. Bron 2 tot en met 4 betreft de verkeersbewegingen in de huidige situatie. De volledige Aeriusberekening is opgenomen in de bijlage.
Afbeelding ingevoerde bronnen AERIUS referentiesituatie
Bron 2
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
13
Bron 3
Bron 4 Totale emissie referentiesituatie Uit de berekening volgt dat in de referentiesituatie de uitstoot van NOx 3.6 kg/j bedraagt en de uitstoot van NH3 5,4 g/j.
4.2 Gebruiksfase In het model is de beoogde situatie ingevoerd. Op navolgende uitsnede zijn de bronnen weergegeven die van invloed zijn op de stikstofdepositie van het initiatief. Bron 1 t/m 3 betreffen de verkeersbewegingen.
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
14
De volledige Aeriusberekening is opgenomen in de bijlage.
Afbeelding ingevoerde bronnen AERIUS gebruiksfase
Bron 1
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
15
Bron 2
Bron 3 Totale emissie gebruiksfase Uit de berekening volgt dat als gevolg van het toekomstig gebruik de uitstoot van NOx 1,5 kg/j bedraagt en de uitstoot van NH3 0,1 kg/j. Stikstofdepositie op de Natura 2000-gebieden De uitstoot van NOx als gevolg van het toekomstig gebruik zorgt niet voor een bijdrage hoger dan 0,00 mol/ha/j op (bijna) overbelaste hexagonen van Natura 2000-gebieden.
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
16
4.3 Aanlegfase Op navolgende uitsnede zijn de bronnen weergegeven die van invloed zijn op de stikstofdepositie van het initiatief tijdens de aanlegfase. Bron 4 tot en met 8 betreft de verkeersbewegingen, bron 1 tot en met 3 betreft de mobiele werktuigen. De volledige Aeriusberekening is opgenomen in de bijlage.
Afbeelding ingevoerde bronnen AERIUS aanlegfase
Bron 4
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
17
Bron 5
Bron 6
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
18
Bron 7
Bron 8 Totale emissie aanlegfase Uit de berekening volgt dat in de aanlegfase de uitstoot van NOx 48,7 kg/j bedraagt en de uitstoot van NH3 1,9 kg/j.
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
19
Stikstofdepositie de Natura 2000-gebieden De uitstoot van NOx als gevolg van de verkeersbewegingen en de mobiele werktuigen in de aanlegfase zorgt ten opzichte van de referentiesituatie voor een bijdrage hoger dan 0,00 mol/ha/j op (bijna) overbelaste hexagonen van Natura 2000-gebieden.
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
20
Hoofdstuk 5
Beoordeling significante effecten
Uit de berekening uitgevoerd in Aerius en weergegeven in hoofdstuk 4 blijkt dat er mogelijk tijdens de aanlegfase een tijdelijke depositie van stikstof optreedt op een aantal stikstofgevoelige gebieden. Het betreft in dit geval de effecten op Natura 2000-gebied Rijntakken. In dit hoofdstuk wordt onderzocht of op basis van de instandhoudingsdoelstellingen op voorhand significante effecten uitgesloten kunnen worden. Bij overschrijding van de kritische depositiewaarde bestaat een kans op negatieve gevolgen op deze instandhoudingsdoelen. Significante gevolgen zijn uit te sluiten indien er sprake is van een (kleine) toename van depositie, maar dat deze toename niet resulteert in meetbare of merkbare gevolgen voor instandhoudingsdoelstellingen.
5.1
Effecten vermesting (stikstofdepositie)
In deze paragraaf wordt nader ingegaan op hoe de effectenbeoordeling op doelsoorten plaatsvindt. Effecten van stikstofdepositie werken indirect via de bodem en de vegetatie in op de kwaliteit van leefgebieden en op de overlevingskans en het broedsucces van vogelsoorten, maar ook van habitatsoorten. Diersoorten hebben vooral te lijden van de verminderde beschikbaarheid van prooidieren door wijziging van het microklimaat. Vermesting leidt tot een verhoging van de biomassaproductie. In voedselarme systemen leiden grotere planten en een dichtere vegetatie tot afname van de dichtheid aan insecten van zonnige, warme en droge standplaatsen. De dieren van dergelijke standplaatsen zijn vaak juist op deze insecten gespecialiseerd. Afname van de dichtheid aan insecten betekent dat minder voedsel beschikbaar is en de overlevingskans van de jongen afneemt. Dieren ondervinden effecten van stikstofdepositie via een afname van het prooiaanbod, door verandering in het microklimaat, bereikbaarheid van prooidieren en verdwijnen van geschikt habitat voor de prooidieren. De leefgebieden van de doelsoorten vallen vaak, maar niet altijd, samen met habitattypen. Voor de leefgebieden waar dat niet voor geldt, zijn nu aanvullende herstelstrategieën geschreven. Dit zijn de leefgebieden (LG) en de zoekgebied leefgebieden (ZGLG).
Leefgebieden zijn de gedeelten van het potentiële leefgebied dat bezet leefgebied is voor ten minste 1 soort die in de herstelstrategie bij het betreffende LG-type wordt genoemd. Het gaat daarbij alleen om delen van Natura 2000-gebieden waarin voor de betreffende soort een instandhoudingsdoelstelling geldt. Zoekgebied leefgebieden zijn gedeelten van het potentiële leefgebied dat geen bezet, maar wel mógelijk bezet leefgebied is voor ten minste 1 soort die in de herstelstrategie bij het betreffende LG-type wordt genoemd (Sierdsma et al., 2016)1. Natuurlijke fluctuatie van de stikstofdepositie en effecten De stikstofdepositie binnen het Natura 2000-gebied fluctueert tussen dagen, seizoenen en jaren ten gevolge van een aantal klimatologische en natuurlijke processen en fluctuaties in achtergrondemissie. Hiermee kan de achtergronddepositie ten gevolge van klimatologische processen tot wel 10% fluctueren op jaarbasis (Kleijberg, 20202). Op een achtergronddepositie van circa 1500 mol/ha/jaar is deze fluctuatie circa 150 mol/ha/jaar.
5.2
Analyse stikstofdepositie
Binnen Aerius heeft elk hexagoon een oppervlakte van 1 hectare. Aangezien de begrenzing van de betrokken gebieden niet overeenkomt met de oppervlakte van de betrokken (potentiële) leefgebieden, is de
1
Sierdsema H.et al, 2016. Leefgebiedenkaarten van de Natura 2000-gebieden en PAS-gebieden. Sovon-rapport 2016/21. Sovon Vogelonderzoek Nederland, Nijmegen. 2 Kleijberg, R. 2020. Natura 2000-gebieden rond de Amsterdamse haven. Documentatie over de gevoeligheid van natuurgebieden voor stikstofdepositie.
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
21
daadwerkelijke overlap met het gekarteerde habitattype of leefgebied beperkter. In onderstaande tabel is de tijdelijke toename aan depositie nader geduid. Tabel 5.1: Overzicht betrokken habitatgebieden Code Naam Grootste Betrokken Betrokken hectares KDW Hoogste toename hectares waarvan KDW totale depositie (dreigend) wordt depositie mol/ha/j overschreden (mol/N/ha/Jr) ZGLg08 Nat, matig 0,02 0,35 0,35 1.571,00 1.589,65 voedselrijk grasland Uit voorgaande tabel blijkt dat op de gebieden ZGLg08 slechts beperkt sprake is van een bijdrage aan stikstofdepositie op hexagonen waar de KDW al is overschreden. De KDW is voor ZGLg08 is beperkt overschreden. Sinds 2018 is er een daling in de depositie van stikstof in het (bijna) overschreden gebied (figuur 5.2). Navolgende afbeelding geeft aan om welk hexagonen het gaat (figuur 5.1).
Figuur 5.1 (Bijna) overbelaste hexagonen met toename stikstofdepositie.
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
22
Figuur 5.2 Bovenstaande kaart toont het verschil in depositie tussen 2023 en het basisjaar 2018. De groene kleuren geven een daling weer in kg N. Stikstofeffecten op (potentieel) leefgebied Als een plan of project alleen leidt tot toename van depositie kan uit een Voortoets soms blijken dat significante gevolgen zijn uitgesloten ondanks dat de KDW van de leefgebiedtypen (Lg01, Lg02 etc.) wordt overschreden. Stikstofgevoelige leefgebieden zijn als zodanig niet aangewezen middels het Natura 2000aanwijzingsbesluit. De bescherming van deze leefgebieden loopt via de aangewezen soorten die hierin broeden, foerageren of rusten. Soorten leven vaak in verschillende typen leefgebieden, die niet noodzakelijkerwijs allemaal stikstofgevoelig zijn. Aantasting van de kwaliteit van één van die leefgebieden betekent nog niet noodzakelijk dat ook de instandhoudingsdoelstelling van de soort in gevaar komt. Dit hangt helemaal af van de functie van het betreffende leefgebied voor de soort. Ook kan het zijn dat ondanks overschrijding van de KDW de kenmerken van het leefgebied die voor een bepaalde soort van belang zijn, niet zijn aangetast. Om dit goed in beeld te krijgen is het noodzakelijk om per leefgebied en Natura 2000-gebied nader te beoordelen.
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
23
5.3
ZGLg08 Nat, matig voedselrijk grasland
In dit leefgebied is er sprake van stikstofdepositieverhoging op 2 hexagonen. De totale oppervlakte hiermee gemoeid in dit stikstofgevoelig leefgebied bedraagt maximaal 0,35 ha in het Natura 2000-gebied ‘Rijntakken’. De bijdrage van de beoogde ingreep aan de stikstofdepositie binnen de hexagonen is zeer beperkt en het tijdelijk is (maximaal 0,02 mol N/ha/jaar). De KDW wordt voor dit leefgebied in de huidige situatie beperkt overschreden, te weten met 18,67 mol/ha/j. De extra bijdrage ten gevolge van de beoogde ontwikkeling is fysisch gezien niet te meten. 0,02 mol stikstof is gelijk aan 0,28 gram stikstof. Daar komt bij dat zowel in absolute zin als uitgedrukt in een percentage van de desbetreffende KDW, de toename met maximaal 0,01 mol/ha/jaar de absoluut minimale rekenwaarde is. Het leefgebied ZgLg08 is in potentie geschikt voor meerdere soorten3 die voor het Natura 2000-gebied ‘Rijntakken’ een instandhoudingsdoelstelling hebben (Aanwijzingsbesluit Rijntakken, 2014 4) in tabel 5.3. Door overlap aan het voorkomen van de soorten in de leefgebieden zijn deze soorten grotendeels beoordeeld onder H5.3. Onderstaande effectenbeoordeling richt zich dan ook enkel op de nog niet eerder beoordeelde soort: de watersnip. Daarnaast worden enkele afwijkingen tussen het belang van de soorten ten aanzien van de leefgebieden benoemd. Tabel 5.3
Instandhoudingsdoelstellingen in Natura 2000-gebied de ‘Rijntakken’ waarbij ‘=’ behoud en ‘>’ uitbreiding. De selectie is beperkt tot soorten voorkomend in leefgebied ZgLg08. Omvang leefgebied
Kwaliteit leefgebied
Slaap- en rustplaats en foerageergebied
=
=
Kemphaan
Foerageergebied
=
=
Kievit
Foerageergebied
=
=
Kwartelkoning
Langjarige gemiddelde van het aantal broedparen
>
>
Scholekster
Slaap- en rustplaats en foerageergebied
=
=
Tureluur
Slaap- en rustplaats en foerageergebied
=
=
Watersnip
Langjarige gemiddelde van het aantal broedparen
=
=
Soort
Instandhoudingsdoelstelling
Grutto
Nat, matig voedselrijk grasland komt vooral voor in het Rivierengebied, Laagveengebied, Zeekleigebied en de Afgesloten zeearmen. Ook komt het voor op plekken waar de Hogere zandgronden en de Duinen aan deze regio’s grenzen. Het gebied komt tot ontwikkeling op plaatsen die in winter en voorjaar langdurig onder water
3
Nijssen et al. 2016. Herstelstrategie Nat, matig voedselrijk grasland (leefgebied 8). Staatssecretaris van Economische Zaken, 2014. Aanwijzingsbesluit Natura 2000-gebied Rijntakken. PDN/2014038|038/066-068 4
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
24
staan (veroorzaakt door overstromend oppervlaktewater of onderdijkse kwel). In de zomer vindt overstroming incidenteel plaats en zakt het waterpeil. Voor de watersnip is het behoudt van omvang en kwaliteit van leefgebied voor 17 broedparen de doelstelling. De soort broedt in kleine aantallen langs de Neder-Rijn en incidenteel in de Gelderse Poort en langs de IJssel ten noorden van Deventer. In het grasland nestelt de watersnip alleen vochtige hooilanden en extensief beweide natte graslanden. Het huidig aantal broedparen in de Rijntakken betreft 4 broedparen 5. De afgelopen 12 jaar is er een significante afname van minder dan 5% per jaar. Landelijk gezien is er geen significante aantalsverandering. De grootste bedreiging voor de watersnip betreft de intensivering van agrarisch graslandgebruik met ontwatering, overbemesting, vroeg en frequent maaien, hoge beweidingsdruk en egaliseren van grasland. Het mogelijke effect van stikstofdepositie voor de soort betreft een afname in beschikbaarheid van prooidieren doordat verruiging optreed. Dit kan echter worden ondervangen door in het regulier beheer gebruik te maken van beweiding of maaien. De beweiding of het maaien heeft een sterk mitigerend effect op de verruiging en de beschikbaarheid van prooidieren. In het gebied waar extra stikstofdepositie wordt verwacht zijn geen waarnemingen bekend van de watersnip 6.
Voor soorten als grutto, kemphaan, kievit, scholekster en tureluur geldt dat het effect van stikstofdepositie voornamelijk effect heeft op de prooibeschikbaarheid, welke afneemt. Tevens geldt voor de kemphaan dat er een koeler en vochtiger microklimaat ontstaat. Voor de kievit en scholekster geldt dat het leefgebied maar van klein belang is 7. Voor de kievit is agrarisch gebied van groot belang en voor de scholekster geldt dat deze soort buiten het broedseizoen gebonden is aan wadgebieden en esturaria 8. De betrokken hexagonen zijn gecontroleerd, en het blijkt dat op twee hexagonen een (dreigende) overschrijding van de KDW vastgesteld is. Voor de aangewezen soorten zijn geen negatieve effecten op de instandhoudingsdoelstellingen te verwachten. De summiere effecten van verruiging worden reeds gemitigeerd door regulier beheer (begrazing en/of maaibeheer). De natuurlijke fluctuatie van stikstofdepositie ligt bij dergelijke systemen in de orde van 150 mol N/ha/j. Omdat er slechts sprake is van de minimaal berekenbare toename van stikstofdepositie (maximaal 0,02 mol N/ha/j) zijn meetbare of merkbare effecten op de instandhoudingsdoelstellingen op voorhand uitgesloten. Tevens wordt de komende jaren een daling verwacht in stikstofdepositie aangaande ZGLg08 (figuur 5.5).
Gezien de huidige omstandigheden zal de kwaliteit en omvang van het huidige leefgebied voor vogels niet worden aangetast. De zeer beperkte toename in stikstofdepositie op het zoekgebied voor leefgebied, leidt derhalve niet tot een merkbaar of meetbaar negatief effect en niet tot aantasting van instandhoudingsdoelstellingen van het leefgebied Nat, matig voedselrijk grasland (ZGLg08) binnen het Natura 2000-gebied ‘Rijntakken’.
5
Sovon, 2023. Natura2000-gebied Rijntakken statistieken. NDFF 2013-2023 7 Nijssen et al. 2016. Herstelstrategie Nat, matig voedselrijk grasland (leefgebied 8). 8 Ministerie LNV, 2008. Natura 2000 profielendocument. 6
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
25
Figuur 5.5 In 2018 was de stikstofdepositie gemiddeld 18,2. Naar verwachting zal er een daling in de stikstofdepositie voor dit habitattype plaatsvinden. In 2030 wordt een gemiddelde stikstofdepositie verwacht van 15,1.
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
26
Hoofdstuk 6
Conclusies
De berekening ten behoeve van de Wet natuurbescherming is uitgevoerd in het kader van een aanpassing van de bestemming. Het plan voorziet in het realiseren nieuwe woningen en de sloop van de huidige bebouwing aan de Smachtkamp 60 te Opheusden. Eindconclusie Als gevolg van de ontwikkelingen in het plangebied waarvoor de berekeningen zijn uitgevoerd neemt de stikstofdepositie op de Natura 2000-gebieden in de gebruiksfase niet toe. Er is dus in de gebruiksfase geen sprake van mogelijke negatieve effecten op beschermde Natura 2000-gebieden. Als gevolg van de bouwactiviteiten waarvoor de berekeningen zijn uitgevoerd neemt de stikstofdepositie op de Natura 2000-gebieden in de aanlegfase tijdelijk toe met maximaal 0,02 mol N/ha/jr op 2 hexagonen waarin de KDW (dreigend) wordt overschreden, met daarin 0,35 hectare gekarteerd leefgebied. Deze toename zorgt echter niet voor significant negatieve effecten op de instandhoudingsdoelstellingen van het Natura 2000gebied. Aangezien significant negatieve effecten zijn uitgesloten, staat de Natura 2000-toets het vaststellen van het plan niet in de weg.
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
27
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
28
Bijlagen
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
29
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
30
Bijlage 1: Toelichting uitgangspunten aanlegfase Onderstaand is toegelicht hoe is gekomen tot de uitgangspunten voor het modelleren van de aanlegfase. STAGE klasse De stageklassen betreffen emissienormen voor mobiele werktuigen en zijn afhankelijk van het bouwjaar en het vermogen van het mobiele werktuig. Voor elk werk wordt door een bouwer normaal gesproken een machine ingezet met het laagste vermogen dat werkbaar is voor de uitvoering. Dit omdat machines met een hoger vermogen meer brandstofverbruik hebben. Bij de selectie van het vermogen is dan ook gekozen voor een gemiddeld vermogen passend bij het werk. Voor wat betreft het bouwjaar is uitgegaan van mobiele werktuigen van Stage klasse IV, in lijn met jurisprudentie9. Als de initiatiefnemer heeft aangegeven oudere of nieuwere mobiele werktuigen te gebruiken, is van de door de initiatiefnemer opgegeven bouwjaren uitgegaan. Brandstofverbruik Om het brandstofgebruik (Diesel) per jaar te schatten is conform de Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator 2022 aangesloten bij de formule die is opgenomen in het TNO rapport 2021 R1230510. De formule is als volgt: Brandstofverbruik [liters/uur] = 0,095 x maximaal vermogen [kW]) + 0,54. De uitkomst hiervan vermenigvuldigen met het aantal draaiuren per jaar levert het brandstofverbruik per jaar op.
AdBlue verbruik Het AdBlue verbruik in liters varieert van 4% tot 7% van het dieselgebruik. Per STAGE klasse is er een maximum aan AdBlue verbruik. Voor het inschatten van het verwachte aantal liter wordt in deze berekening uitgegaan van het normale AdBlue-gebruik dat door TNO gegeven wordt (Ligterink et al TNO_2021_R12305). Voor Stage IV en V werktuigen is dit 6% van het dieselverbruik. Voor Stage III is dit 3% van het dieselverbruik.
9
AbRS 1 september 2021 ECLI:NL:RVS:2021:1960 (Zandzoom) Ligterink et al., 2021. ‘AUB (AdBlue verbruik, Uren, en Brandstofverbruik): een robuuste schatting van NOx en NH3 uitstoot van mobiele werktuigen’. TNO_2021_R12305, p. 26 10
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
31
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
32
Bijlage 2: AERIUSberekening gebruiksfase
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
33
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
34
Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.
Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:
www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers
Projectberekening
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Activiteit
Omschrijving Toelichting
Berekening
Buro SRO Oost Smachtkamp 60, 4043 LP Opheusden Smachtkamp, Opheusden Gebruiksfase
AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie
RbruSQuLFKLZ 04 januari 2024, 11:07 Wnb-rekengrid
Totale emissie
Rekenjaar
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
Resultaten
Hoogste bijdrage
Hexagon
Gebied
Gebruiksfase Smachtkamp, Opheusden - Beoogd Gebruiksfase Smachtkamp, Opheusden - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename Grootste afname
RbruSQuLFKLZ (04 januari 2024)
2023 -
0,1 kg/j
1,5 kg/j
2/7
Projectberekening
Gebruiksfase Smachtkamp, Opheusden (Beoogd), rekenjaar 2023 Emissiebronnen
Verkeersnetwerk
RbruSQuLFKLZ (04 januari 2024)
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
0,1 kg/j
1,5 kg/j
3/7
Projectberekening
Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald
Grootste toename (projectberekening) Grootste afname (projectberekening) Hoogste totaal (achtergrond + projectberekening)
De letters bij de bronlabels op de kaart geven bij welke type situaties de bronnen horen: beoogde situatie (B), referentiesituatie (R) en/of salderingssituatie (S). RbruSQuLFKLZ (04 januari 2024)
4/7
Projectberekening
Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Gebruiksfase Smachtkamp, Opheusden" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd)
Totaal
RbruSQuLFKLZ (04 januari 2024)
-
Hoogste totale Met toename Grootste depositie (mol (ha gekarteerd) toename (mol N/ha/jr) N/ha/jr)
-
-
-
Met afname (ha Grootste afname gekarteerd) (mol N/ha/jr)
-
-
5/7
Projectberekening
Gebruiksfase Smachtkamp, Opheusden, Rekenjaar 2023 1
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 2
Wegverkeer | Weg
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
Max. snelheid
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Bron 3 X:171599,39 Y:437660,47 239,02 m Buitenweg Beide richtingen 1 Normaal 0m Max. snelheid
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
-
-
Aantal voertuigbewegingen
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
24,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal
Bron 2 X:171587,37 Y:437701,41 131,02 m Binnen bebouwde kom (doorstromend) Beide richtingen 1 Normaal 0m
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer
Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
Max. snelheid
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer
3
Bron 1 X:171599,73 Y:437661,82 236,24 m Buitenweg Beide richtingen 1 Normaal 0m
0,4 kg/j 82,0 g/j 38,5 g/j
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
Links Rechts NOₓ 0,7 kg/j Type scherm - - NO₂ 0,1 kg/j Hoogte - - NH₃ 25,5 g/j Afstand tot de weg - -
Aantal voertuigbewegingen
48,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
-
-
Aantal voertuigbewegingen
24,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
0,4 kg/j 82,9 g/j 38,9 g/j
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. RbruSQuLFKLZ (04 januari 2024)
6/7
Projectberekening
Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2023.1_20231207_46ea8e9191 Database versie 2023.1_46ea8e9191_calculator_nl_stable Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/
RbruSQuLFKLZ (04 januari 2024)
7/7
Bijlage 3: AERIUSberekening aanlegfase
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
35
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
36
Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.
Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:
www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers
Projectberekening
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Activiteit
Omschrijving Toelichting
Berekening
Buro SRO Oost Smachtkamp 60, 4043 LP Opheusden Smachtkamp, Opheusden Aanlegfase 1 jaar
AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie
RbruSQyivQEC 04 januari 2024, 11:07 Wnb-rekengrid
Totale emissie
Rekenjaar
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
Resultaten
Hoogste bijdrage
Hexagon
Gebied
4038994
Rijntakken
Referentiesituatie - Referentie Aanlegfase - Beoogd Referentiesituatie - Referentie Aanlegfase - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename Grootste afname
RbruSQyivQEC (04 januari 2024)
2023 2023
0,02 mol/ha/j 0,36 ha 0,00 ha 0,02 mol/ha/j 0,00 mol/ha/j
4,2 g/j 1,9 kg/j
3,7 kg/j 48,7 kg/j
2/11
Projectberekening
Referentiesituatie (Referentie), rekenjaar 2023 Emissiebronnen 1
Wonen en Werken | Woningen | Woonhuis Verkeersnetwerk
RbruSQyivQEC (04 januari 2024)
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
4,2 g/j
3,6 kg/j 63,8 g/j
3/11
Projectberekening
Aanlegfase (Beoogd), rekenjaar 2023 Emissiebronnen 1 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Bouw woningen 2 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Sloop bestaande bebouwing 3 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Aanleg verharding Verkeersnetwerk
RbruSQyivQEC (04 januari 2024)
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
1,8 kg/j 0,1 kg/j 0,0 kg/j 5,9 g/j
43,3 kg/j 3,5 kg/j 1,7 kg/j 0,2 kg/j
4/11
Projectberekening
Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald
Grootste toename (projectberekening) Grootste afname (projectberekening) Hoogste totaal (achtergrond + projectberekening)
De letters bij de bronlabels op de kaart geven bij welke type situaties de bronnen horen: beoogde situatie (B), referentiesituatie (R) en/of salderingssituatie (S). RbruSQyivQEC (04 januari 2024)
5/11
Projectberekening
Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Aanlegfase" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd)
Totaal
0,36
Per gebied
Berekend (ha gekarteerd)
Rijntakken (38)
0,36
RbruSQyivQEC (04 januari 2024)
Hoogste totale Met toename Grootste depositie (mol (ha gekarteerd) toename (mol N/ha/jr) N/ha/jr)
Met afname (ha Grootste afname gekarteerd) (mol N/ha/jr)
Hoogste totale Met toename Grootste depositie (mol (ha gekarteerd) toename (mol N/ha/jr) N/ha/jr)
Met afname (ha Grootste afname gekarteerd) (mol N/ha/jr)
1.589,68
1.589,68
0,36
0,36
0,02
0,02
0,00
0,00
0,00
0,00
6/11
Projectberekening
Referentiesituatie, Rekenjaar 2023 1
Wonen en Werken | Woningen
Naam Woonhuis Uittreedhoogte Locatie X:171569,74 Warmteinhoud Y:437678,52 Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Continue Emissie 2
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer
Bron 2 X:171603,11 Y:437690,84 79,14 m Binnen bebouwde kom (doorstromend) Beide richtingen 1 Normaal 0m
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 3
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 4
1,0 m 0,000 MW
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer RbruSQyivQEC (04 januari 2024)
Max. snelheid
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Bron 3 X:171597,9 Y:437654,02 105,97 m Buitenweg Beide richtingen 1 Normaal 0m Max. snelheid
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Bron 4 X:171598,03 Y:437653,45 106,42 m Buitenweg Beide richtingen 1 Normaal 0m Max. snelheid
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
NOₓ
3,6 kg/j
Links Rechts NOₓ 32,8 g/j Type scherm - - NO₂ 5,2 g/j Hoogte - - NH₃ 1,3 g/j Afstand tot de weg - -
Aantal voertuigbewegingen
4,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
-
-
Aantal voertuigbewegingen
2,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
-
-
Aantal voertuigbewegingen
2,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
15,5 g/j 3,1 g/j 1,4 g/j
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
15,6 g/j 3,1 g/j 1,4 g/j
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
7/11
Projectberekening
Aanlegfase, Rekenjaar 2023 1
Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning
Naam Locatie Oppervlakte Naam
Bouw woningen X:171556,73 Y:437691,92 0,56 ha
Stageklasse
Heistelling 300 kWh
NOₓ NH₃
Brandstofverbruik
Draaiuren AdBlue verbruik
Stof Emissie
96 u/j
167 l/j
Mobiele telescoopkraan Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, 3153 l/j 340 kWh diesel, SCR: ja
96 u/j
189 l/j
Graafkraan 100 kWh
Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, 964 l/j diesel, SCR: ja
96 u/j
58 l/j
15,7 kg/j NH₃ 0,7 kg/j NOₓ 17,6 kg/j NH₃ 0,8 kg/j NOₓ 5,6 kg/j
Minikraan 20 kWh
Stage-IV, 2014-2018, 56-75 kW, 690 l/j diesel, SCR: ja
96 u/j
41 l/j
NH₃ 0,2 kg/j NOₓ 4,4 kg/j
2
Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, 2788 l/j diesel, SCR: ja
43,3 kg/j 1,8 kg/j
NOₓ
NH₃ 0,2 kg/j
Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning
Naam Locatie Oppervlakte Naam
Sloop bestaande bebouwing X:171556,73 Y:437691,92 0,56 ha Stageklasse
Graafmachine 128 Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, kWh diesel, SCR: ja Verreiker 50 kWh
RbruSQyivQEC (04 januari 2024)
Stage-IV, 2014-2018, <= 56 kW, diesel, SCR: nee
NOₓ NH₃
Brandstofverbruik
491 l/j
3,5 kg/j 0,1 kg/j
Draaiuren AdBlue verbruik
38 u/j
29 l/j
Stof Emissie
NOₓ NH₃
21 l/j
4 u/j
NOₓ NH₃
3,1 kg/j 0,1 kg/j 0,4 kg/j 0,0 kg/j
8/11
Projectberekening
3
Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning
Naam Locatie Oppervlakte Naam
Aanleg verharding X:171556,73 Y:437691,92 0,56 ha
Laadschop 48 kWh
NOₓ NH₃
Stageklasse
Stage-IV, 2014-2018, <= 56 kW, diesel, SCR: nee
Brandstofverbruik
21 l/j 56 l/j
Trilplaat/Stamper 10 kWh
5 l/j
4
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 5
Bron 4 X:171599,83 Y:437686,62 120,61 m Buitenweg Beide richtingen 1 Normaal 0m
RbruSQyivQEC (04 januari 2024)
5 u/j
NOₓ
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
3 u/j
Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
Max. snelheid
Max. snelheid
NOₓ
NOₓ NH₃
Bron 5 X:171600,53 Y:437707,61 98,07 m Binnen bebouwde kom (doorstromend) Beide richtingen 1 Normaal 0m
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
4 u/j
Stof Emissie
NH₃
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer
Draaiuren AdBlue verbruik
NH₃
Ruw terrein heftruck 50 Stage-IV, 2014-2018, <= 56 kW, kWh diesel, SCR: nee Stage-IV, 2014-2018, <= 56 kW, diesel, SCR: nee
1,7 kg/j 0,0 kg/j
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
-
-
Aantal voertuigbewegingen
403,0 /jaar 0,0 /jaar 0,0 /jaar 0,0 /jaar
0,4 kg/j 0,0 kg/j 1,1 kg/j 0,0 kg/j 0,1 kg/j 0,0 kg/j 9,7 g/j 1,9 g/j 0,0 kg/j
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
Links Rechts NOₓ 11,2 g/j Type scherm - - NO₂ 1,8 g/j Hoogte - - NH₃ 0,0 kg/j Afstand tot de weg - -
Aantal voertuigbewegingen
403,0 /jaar 0,0 /jaar 0,0 /jaar 0,0 /jaar
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
9/11
Projectberekening
6
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer
Bron 6 X:171582,22 Y:437754,91 198,85 m Binnen bebouwde kom (doorstromend) Beide richtingen 1 Normaal 0m
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 7
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 8
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
Max. snelheid
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Bron 7 X:171566,6 Y:437631,07 291,79 m Buitenweg Beide richtingen 1 Normaal 0m Max. snelheid
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Bron 8 X:171612,93 Y:437619,56 291,80 m Buitenweg Beide richtingen 1 Normaal 0m Max. snelheid
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Links Rechts NOₓ 85,9 g/j Type scherm - - NO₂ 21,9 g/j Hoogte - - NH₃ 1,7 g/j Afstand tot de weg - -
Aantal voertuigbewegingen
0,0 /jaar 42,0 /jaar 81,0 /jaar 0,0 /jaar Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
-
-
Aantal voertuigbewegingen
0,0 /jaar 21,0 /jaar 41,0 /jaar 0,0 /jaar Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
-
-
Aantal voertuigbewegingen
0,0 /jaar 21,0 /jaar 41,0 /jaar 0,0 /jaar
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
52,7 g/j 13,9 g/j 1,4 g/j
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
52,7 g/j 13,9 g/j 1,4 g/j
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. RbruSQyivQEC (04 januari 2024)
10/11
Projectberekening
Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2023.1_20231207_46ea8e9191 Database versie 2023.1_46ea8e9191_calculator_nl_stable Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/
RbruSQyivQEC (04 januari 2024)
11/11
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
37
Voortoets stikstofdepositie Smachtkamp 60, Opheusden
38