CConstaterende datNeder-Betuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 - Zienswijzennota

Raadsvergadering 25 april 2024, gemeente Neder-BetuweBij agendapunt: Bestemmingsplan ‘Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek’2.285 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

ZIENSWIJZENNOTA Ontwerpbestemmingsplan ‘Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek’

12 maart 2024

1

Zienswijzennota ontwerpbestemmingsplan ‘Uitbreiding Bedrijventerrein De Walenhoek’ 1. Inleiding Het bestemmingsplan ‘Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek’ is voorbereid om de uitbreiding van het bestaande bedrijventerrein De Walenhoek aan de oostzijde mogelijk te maken. De uitbreiding is noodzakelijk voor de bedrijfsvoering van de reeds gevestigde bedrijven Ojah en Fruitylline.

2. Ontwerpbestemmingsplan Het ontwerpbestemmingsplan heeft ingevolge het bepaalde in artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) van 2 november 2023 tot en met 13 december 2023 ter inzage gelegen bij de receptie in het gemeentehuis en was tegelijkertijd raadpleegbaar via www.ruimtelijkeplannen.nl. De terinzagelegging is op 1 november 2023 bekend gemaakt in Hét Gemeentenieuws en op officielebekendmakingen.nl, waarbij een ieder in de gelegenheid is gesteld mondeling of schriftelijk zijn/haar zienswijze omtrent het ontwerpplan kenbaar te maken.

3. Zienswijzen Van de mogelijkheid tot het kenbaar maken van een schriftelijke zienswijze is gebruik gemaakt door: 1. Zienswijze 1, Waterschap Rivierenland Postbus 599, Tiel 2. Zienswijze 2, De Lorijn raadgevers o.g. namens indieners zienswijze 2. Er zijn geen mondelinge zienswijzen naar voren gebracht.

4. Ontvankelijkheid van de zienswijzen De schriftelijke zienswijzen zijn binnen de wettelijke termijn ingediend en zijn ontvankelijk.

5. Inhoudelijke behandeling van de zienswijzen De inhoud van de zienswijzen wordt hierna per zienswijze (via een uitgebreide samenvatting) weergegeven. Daarna zal er per zienswijze een inhoudelijke beantwoording worden gegeven. A. Zienswijze 1, Waterschap Rivierenland, Postbus 599, Tiel 1. Het Waterschap maakt er bezwaar tegen dat het vooroverleg niet op de juiste wijze is verwerkt in het bestemmingsplan. De uitwerking van de landschappelijke inrichting lijkt leidend voor de eindsituatie en borging in verbeelding en regels. De landschappelijke inrichting is echter op een aantal belangrijke punten in tegenspraak met de gemaakte afspraken over water. Gevraagd wordt om de gemaakte afspraken in het vooroverleg (tussen initiatiefnemer en Waterschap) te verwerken in het bestemmingsplan en daar waar van toepassing de verbeelding en regels daarmee in overeenstemming te brengen. Voor een nadere duiding van deze afspraken ziet het Waterschap graag de toelichting aangepast. Tussen betrokken ambtenaren van gemeente en Waterschap is afgesproken om voorafgaand aan de vaststelling van het bestemmingsplan hierover in overleg te gaan. Beantwoording De aanleiding van deze zienswijze is met name gelegen in een wijziging van de onderhoudsroute van de nieuwe A-watergang(en).

Deze was eerst grotendeels voorzien via de westzijde van de nieuwe watergang maar is uiteindelijk aan de oostzijde (dus de planzijde) geprojecteerd. Hierover was tussen initiatiefnemer en Waterschap overeenstemming bereikt. Nadien is het inrichtingsplan gewijzigd en is de onderhoudsroute op eigen terrein geprojecteerd. Er heeft overleg plaatsgevonden tussen initiatiefnemer en adviseurs, gemeente en Waterschap over deze aanpassing. Dit heeft tot een definitieve oplossing geleid waarmee het Waterschap heeft ingestemd. Hierna zullen wij op deze en andere punten van de zienswijzen ingaan.

2

2. De wens van de initiatiefnemer is om de bestaande A-watergang te verleggen naar de buitenzijde van het plangebied. Het Waterschap stemt daarmee in, onder een aantal voorwaarden, die deels nog nader uitgewerkt zouden worden. Eén van de voorwaarden is dat het (toekomstige) watersysteem veilig kan worden onderhouden. Nadere uitwerking van met name de zuidelijke watergang zou getoetst worden bij verlening van de watervergunning. Het uitgewerkte voorstel van de initiatiefnemer leidt tot een onderhoudspad tussen 2 belangrijke watergangen; de Linge en de te verleggen A-watergang. Voorgesteld is een relatief smal onderhoudspad. Op deze locatie brengt dit profiel te veel risico's met zich mee. Om op verantwoorde wijze het onderhoud te kunnen uitvoeren is een breder onderhoudspad nodig. Beantwoording De breedte van het onderhoudspad tussen de Linge en de A-watergang is gewijzigd in een breedte van (ten minste) 5 meter. Deze breedte is akkoord bevonden door het Waterschap. 3. Een tweede voorwaarde is dat de te verleggen A-watergang voldoende capaciteit heeft om het achterliggend gebied te kunnen bedienen. Om dit te bepalen moet een modelstudie worden uitgevoerd. Met name aan de zuidzijde is niet zeker of het voorgestelde profiel voldoende doorstroomoppervlak heeft. Nieuwe A-watergangen moeten overigens minimaal voldoen aan het standaardprofiel, ook dit is nu niet het geval.

Bovenstaande leidt ertoe dat in elk geval aan de zuidzijde meer ruimte nodig is voor watergang en onderhoud. Verzocht wordt om de bestemming Water te verbreden en deze op te schuiven naar het noorden, en de dubbelbestemming Waterstaat-Waterlopen daarmee in overeenstemming te brengen. Een en ander conform nadere uitwerkingen waarmee het Waterschap kan instemmen Beantwoording Naar aanleiding van het eerste overleg met het Waterschap heeft Bureau Boot een onderzoek gedaan naar de opstuwing in watergangen rondom de uitbreiding van bedrijventerrein De Walenhoek. Uit de berekening blijkt dat het nieuw aan te brengen waterprofiel ter plaatse van de zuidelijke A-watergang, met daarbij de minimaal benodigde afmetingen, een positief effect heeft op de afvoercapaciteit en opstuwing ten opzichte van de huidige situatie. De wijzigingen in het plangebied hebben dus een positieve invloed op de stuwing ter hoogte van de duiker onder de A15. 4. Voor de landschappelijke inrichting is een grondwal bedacht die deels wordt gerealiseerd op grond van het Waterschap. Deze strook grond van ca. 4 m breed ligt aan de zuidzijde van het bedrijventerrein, tussen de huidige A- watergang het bedrijventerrein Walenhoek. Slechts een klein deel van deze ruimtelijke inrichting ligt binnen de plangrenzen van voorliggend bestemmingsplan.

Het Waterschap is van mening dat de ruimtelijke inrichting in zijn totaliteit bepalend is voor het verlenen van medewerking aan het bestemmingsplan. Voor de volledigheid wordt daarom aangegeven dat het Waterschap niet kan instemmen met de grondwal op deze locatie. Reden hiervoor is het garanderen van de hiervoor genoemde veilige onderhoudsroute. Verwacht wordt dat het nodig is om ook deze A-watergang te verleggen richting het bedrijf Walenhoek. Dit is in de huidige situatie eenvoudiger te realiseren. Verzocht wordt om ermee rekening te houden dat de voorgestelde grondwal niet conform het voorgestelde inrichtingsplan kan worden gerealiseerd. Beantwoording Deze zienswijze ziet op een strook grond van het Waterschap die is gelegen buiten het onderhavige plangebied (ter hoogte van het bestaande bedrijventerrein De Walenhoek. In het overleg met het Waterschap is afgesproken dat de landschappelijke inrichting volledig op eigen terrein wordt gerealiseerd. Het Landschappelijk inrichtingsplan is daarop deels aangepast. Op de strook van 4 meter waarover in deze zienswijze wordt gesproken is overigens al een grondwal gerealiseerd. Op dit deel zullen echter geen werkzaamheden plaatsvinden en zullen geen extra bomen worden aangeplant. Hiermee is er nog steeds sprake van een robuuste groene afronding van bestaande en nieuwe bedrijventerrein. 5. In paragraaf 2.2 ‘Planopzet' en in bijlage 3.

Ruimtelijke inrichting is opgenomen dat het waterschap het onderhoud van de te verleggen A-watergang uitvoert vanaf de planzijde en dat sprake is van varend onderhoud. In het vooroverleg is echter afgesproken dat het Wwaterschap vanaf de buitenzijde van het plan het A-water gaat onderhouden voor maximaal 8 m en dat dit 3

rijdend plaats vindt. Daarbij is afgesproken dat de initiatiefnemer zorgt voor instemming van de betrokken eigenaren en indien nodig maatregelen treft zodat sprake is van een obstakelvrije doorgaande onderhoudsroute. Aan de zijde van het plangebied is de initiatiefnemer verantwoordelijk voor het onderhoud. Afgesproken is dat dit overige deel van de watergangen een B-status krijgt. Daarbij volstaat een beschermingszone van 1 m breed. Verzocht wordt om de dubbelbestemming Waterstaat-Waterlopen in overeenstemming te brengen met deze afspraken. Beantwoording Zoals onder 1. is aangegeven, heeft de initiatiefnemer ervoor gekozen om de onderhoudsroute aan de kant van het plan te situeren. Hierdoor is er sprake van een obstakelvrije (geen bomen) route langs de A-watergang. Naar aanleiding de zienswijze is er uitvoering overleg gepleegd over deze aanpassingen en zijn nog beperkte wijzigingen doorgevoerd zodat de onderhoudsroute volledige aan de eisen van beheer van het Waterschap voldoet. Dit heeft erin geresulteerd dat het Waterschap kan instemmen met de gewijzigde onderhoudsroute.

6. In het vooroverleg is afgesproken dat de watergangen aan de binnenzijde, over 35% van de nieuwe oeverlengte, een natuurvriendelijke oever krijgen met een talud van 1:6 (onderhoud door de initiatiefnemer). Deze afspraak is niet uitgewerkt, uitgegaan wordt van een talud van 1:2. Het talud van 1:6 vraagt extra ruimte en maakt het misschien nodig de verbeelding aan te passen. Verzocht wordt om na te gaan of deze afspraak zou moeten leiden tot meer ruimte voor water of groen en indien nodig de verbeelding daarop aan te passen. Beantwoording Naar aanleiding van meergenoemd overleg, is het landschappelijk inrichtingsplan aangepast, waarin ook de aanleg van natuurvriendelijke oevers is opgenomen. Gezamenlijk is vastgesteld dat er voldoende strekkende meters natuurvriendelijke oever in het plan wordt gerealiseerd, Daarbij is ook de hierna genoemde extra compensatie-eis vanwege ontwikkeling in Walenhoek 1 meegenomen. Tevens is afgesproken dat de aanleg en instandhouding van natuurvriendelijke oevers als voorwaardelijke verplichting in de planregels wordt vastgelegd. Hiervoor zal het bestemmingsplan gewijzigd worden vastgesteld. 7. In 2023 is vergunning verleend voor o.a. de aanpassing van de watergangen voor Walenhoek 1. Deze aanpassingen zijn toegestaan op voorwaarde dat compensatie van water en natuurvriendelijke oevers plaats vindt in voorliggend plan.

Voor de natuuroevers geldt dit bovenop de hierboven aangegeven 35%. Dit is niet in de plannen verwerkt en vraagt daarmee extra ruimte en maakt het misschien nodig de verbeelding aan te passen. Verzocht wordt om na te gaan of deze afspraak zou moeten leiden tot meer ruimte voor water of groen en indien nodig de verbeelding daarop aan te passen. Beantwoording Zie onze reactie onder 6. 1. Zienswijze 2, De Lorijn Raadgevers o.g, namens indieners zienswijze 2. De zienswijze is ingediend namens de VOF die het perceel, waarop de beoogde uitbreiding is voorzien, pacht. Het perceel wordt bedrijfsmatig gebruikt voor de teelt van peren. Het perceel maakt onderdeel uit van het fruitteeltbedrijf van de VOF met een omvang van 35 hectare en is onmisbaar voor hun bedrijfsvoering. Bij het bedrijf werken 4 vaste medewerkers en ± 50 seizoenarbeiders. De pachter moet op termijn ook al pachtgrond afstaan voor de door de gemeente beoogde ontwikkeling van Ochten Oost en door deze ruimtelijke keuze voor “De Walenhoek” wordt de bedrijfsvoering ernstig bedreigd. Er is volgens indiener zienswijze geen sprake van een goede ruimtelijke onderbouwing ten aanzien van het nut en de noodzaak van de beoogde uitbreiding. De uitbreiding van het bedrijventerrein in westelijke richting is niet logisch en doet afbreuk aan de agrarische belangen.

In de gemeentelijke Omgevingsvisie wordt alleen melding gemaakt van de uitbreiding van het bedrijventerrein in oostelijke richting. Deze is ook logisch gezien de ligging en de bereikbaarheid. De oostelijke uitbreiding is ook een prima alternatief voor initiatiefnemers. Een uitbreiding in westelijke richting wordt in geen enkel

4

gemeentelijk beleidsdocument vermeld en is louter een particulier initiatief, dat kennelijk door het College wordt gesteund. Indiener zienswijze is van mening dat er niet meer landbouwgrond binnen de gemeente verloren mag gaan, dan strikt noodzakelijk. Het dreigende areaalverlies voor de fruitteelt, met deze westelijke uitbreiding van “De Walenhoek”, is niet acceptabel en kan voorkomen worden. Verzocht wordt om tegemoet te komen aan deze zienswijze en af te zien van de vaststelling van onderhavig ontwerp bestemmingsplan. Beantwoording De noodzaak van de voorliggende uitbreiding van het bedrijventerrein De Walenhoek in westelijke richting is uitvoerig onderbouwd in de ‘Laddertoets uitbreiding De Walenhoek Ochten’. Hierin is aangegeven dat de uitbreiding noodzakelijk is vanwege de bedrijfsvoering van de reeds op bedrijventerrein De Walenhoek gevestigde bedrijven Fruity Line en Ojah B.V.. In de laddertoets is daarnaast onderbouwd en aangetoond dat het plan voldoet aan een kwantitatieve en kwalitatieve behoefte binnen het ruimtelijk verzorgingsgebied. Daarnaast is geconcludeerd dat de ruimtelijke effecten aanvaardbaar zijn. Het gaat om een uitbreiding van bestaande bedrijven, waardoor er sprake is van een beperkte toevoeging van nieuw stedelijk gebied. Het gaat om een goede aanvulling op het bestaande productiemilieu en werkgelegenheidsstructuur.

Daarbij is de leegstand in het verzorgingsgebied onder het frictieniveau en voorziet de uitbreiding in kavels van 1-3 ha waarvoor in het verzorgingsgebied een beperkt aanbod is. Nut en noodzaak van de uitbreiding staat dus vast. Een oostelijke uitbreiding is niet gewenst omdat hierdoor niet een aansluitende bedrijfslocatie kan worden gerealiseerd. Daarnaast is ook voor die oostelijke uitbreiding een behoefte-onderzoek door middel van een laddertoets uitgevoerd. Ook voor dat plan is de behoefte aangetoond. Ten overvloede merken we nog op dat de ontwikkeling past binnen het Regionaal Programma Werklocaties (herziening 2023) en dat de provincie Gelderland met het RPW en met de voorliggende ontwikkeling heeft ingestemd. Beleidsmatig biedt de structuurvisie Neder-Betuwe duidelijke aanknopingspunten voor ontwikkeling van het onderhavige bedrijventerrein, aansluitend aan het bestaande Walenhoek en direct gelegen aan de A15. Op basis van het voorgaande moet worden vastgesteld dat aan de realisatie van een uitbreiding van het bedrijventerrein een doorslaggevend belang moet worden toegekend, t.o.v. het behoud van een agrarisch perceel. Daarbij nemen wij nog het volgende in overweging. Naar aanleiding van de zienswijze is overleg gevoerd met de initiatiefnemer van het plan.

Uit de daarop volgende reactie is gebleken dat initiatiefnemer reeds met indiener zienswijze in overleg is getreden over beëindiging van de pachtovereenkomst na de inwerkingtreding van het bestemmingsplan. Daarbij is ook alternatieve pachtgrond aan indiener zienswijze aangeboden. Als een verpachter de verpachte grond geheel of gedeeltelijk wil gaan gebruiken voor niet-agrarische doeleinden, geeft de wet mogelijkheden om de pachtovereenkomst te beëindigen (opzeggen of ontbinden). Daarbij zal de pachter volledig schadeloos gesteld moeten worden. volgens initiatiefnemer is zij bereid om op minnelijke wijze tot overeenstemming te komen met indiener zienswijze over beëindiging van de pacht op de huidige gronden en is hiermee in haar begroting van onderhavige ontwikkeling, rekening gehouden.

5

6.

Aanpassingen

In verband met de zienswijze van het Waterschap worden enkele aanpassingen aan de planstukken voorgesteld. Deze zijn opgenomen in een Nota van wijzigingen ontwerpbestemmingsplan Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek.

Bijlagen Zienswijze Waterschap Zienswijze De Lorijn Raadgevers o.g.

Opheusden, maart 2024

6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13934244/1