Bijlage 2a - Notitie teruggave precario
Tekst van het document
Fiscale (on)mogelijkheden teruggave precariobelasting Gemeente Neder-Betuwe
Hardinxveld-Giessendam, 22 juni 2022
Inhoudsopgave 1
Aanleiding ..................................................................................................................... 3
2
Aan wie komt de korting toe?........................................................................................... 3 2.1 Tegemoetkoming aan de gebruikers .......................................................................... 3 2.2 Tegemoetkoming aan de eigenaren ........................................................................... 3
3
Hoe kan de korting worden verwerkt? ............................................................................... 3 3.1 Verlaging van het tarief ............................................................................................ 4 3.2 Kortingsbedrag als regel op het aanslagbiljet .............................................................. 4 3.3 Samengevat ........................................................................................................... 4 3.4 Welke andere keuzes moeten worden gemaakt?.......................................................... 5
4
Conclusie....................................................................................................................... 5
2 (van 5)
1
Aanleiding
In de vergadering van 9 december 2021 is de motie “Budget onderzoek leefbaarheidsfonds en heffingskorting middels precariogelden“ aangenomen. In de motie is aangegeven dat de tijdelijke commissievoorbereiding inzet precariogelden1 (‘commissie precario’) heeft gezocht naar goede mogelijkheden om dit doel te vervullen. Na overleg is gebleken dat zowel het instellen van een leefbaarheidsfonds als korting op gemeentelijke heffingen het meest in aanmerking komen voor het vervullen van dit doel. In de motie wordt het college verzocht onderzoek te doen naar deze twee mogelijkheden. De onderhavige notitie is een startnotitie voor de bespreking van de mogelijkheden voor een korting op de gemeentelijke heffingen. In het eerste deel van deze notitie gaan wij in op de vraag of het verlenen van een korting fiscaal gezien mogelijk is. In het tweede deel zullen wij onderzoeken welke heffing hier ons inziens het meest geschikt voor is.
2
Aan wie komt de korting toe?
De eerste vraag die moet worden beantwoord is aan wie de korting toe moet komen. De precariobelasting is geheven via de nota van de energiemaatschappij. Dat betekent dat de gebruikers van onroerende zaken de precariobelasting hebben opgebracht. Het ligt derhalve voor de hand om de gebruikers van onroerende zaken van de korting te laten profiteren (en niet de eigenaren). Dit is echter een politieke keuze. Wij werken in deze notitie beide opties uit. Om de korting op een aanslag op te kunnen nemen, moet deze worden ‘gekoppeld’ aan het bestand van belastingplichtigen die een aanslag krijgen. In de uitvoering geldt dan dat de belastingplichtige die een aanslag krijgt opgelegd, de tegemoetkoming krijgt. Dat klinkt op het eerste gezicht eenvoudig, maar een dergelijke korting moet ook uitvoerbaar zijn. Hoe meer kosten er verloren gaan bij de uitvoering, hoe minder kan worden uitgekeerd. 2.1
Tegemoetkoming aan de gebruikers
Het tegemoetkomen aan de gebruikers van woningen en niet-woningen moet via de gebruikersbelastingen. De enige mogelijkheid daartoe is te koppelen aan de OZB-gebruikersheffing (gebruikers van niet-woningen) en aan de afvalstoffenheffing (gebruikers van woningen). De afvalstoffenheffing vraagt hierbij wat extra onderzoek, omdat dit een heffing is van de AVRI (via BSR). AVRI moet in dat geval opdracht krijgen de korting te verwerken voor de huishoudens. 2.2
Tegemoetkoming aan de eigenaren
Indien de gemeente de tegemoetkoming helemaal zelf in de hand wil houden, dan kan er ook voor worden gekozen de korting tegemoet te doen komen aan de eigenaren van woningen en niet-woningen. Dat kan via de OZB of via de rioolheffing. Nadeel hiervan is dat niet iedere eigenaar van een pand ook de gebruiker is. Hier landt de tegemoetkoming dus in sommige gevallen niet bij degene die de precariobelasting heeft voldaan. Denk bijvoorbeeld aan de woningstichting; de huurders hebben voor deze woningen de precariobelasting betaald via de energienota.
3
Hoe kan de korting worden verwerkt?
De korting kan op twee manieren worden doorgevoerd; door een verlaging van het tarief en door het opnemen van een losse regel op het aanslagbiljet.
1
Ingesteld bij de Verordening tijdelijke commissie voorbereiding inzet precariogelden 2020.
3 (van 5)
3.1
Verlaging van het tarief
De korting kan worden verleend door de opbrengst van de precariobelasting in mindering te brengen op de geraamde opbrengst van de OZB (in variant 1 en variant 2). In dat geval kan het tarief dalen. Dit is dan echter niet direct zichtbaar op de aanslag. Daarbij komt dat de vermindering dan meeloopt met de WOZ-waarde. Objecten met een hogere waarde profiteren meer van een daling van het tarief dan objecten met een lagere waarde. Bij de afvalstoffenheffing is een verlaging van het tarief niet mogelijk, omdat dit een heffing van AVRI is. Bij de rioolheffing is een verlaging van het tarief mogelijk, maar vereist dit wel een nader onderzoek naar de kostendekking van de rioolheffing2. 3.2
Kortingsbedrag als regel op het aanslagbiljet
De korting kan ook worden verleend via een kortingsregel (een negatief bedrag) op het aanslagbiljet. De wet stelt weinig eisen aan een aanslagbiljet. De wettelijke eisen zijn: een dagtekening3 de betalingstermijn4 de bezwaarmogelijkheid5 de motivering van de aanslag6 naam, adres, woonplaats bedrag betalingsgegevens.7 De Hoge Raad heeft in de uitspraak van 17 april 20098 in het kader van de tariefsvermelding van een aanslag ingezetenenomslag aangegeven9 dat sprake is van een aanslag die op rechtmatige wijze is vastgesteld indien het bedrag daarvan voldoende duidelijk blijkt uit andere, gelijktijdig en in samenhang met het aanslag uitgereikte of verzonden informatie.10 Deze uitspraak geeft voldoende ruimte om te stellen dat het verwerken van kortingen op een aanslagbiljet is toegestaan mits uit het aanslagbiljet voldoende blijkt wat het te betalen bedrag is. Naar onze mening moet het mogelijk zijn om het aanslagbiljet hieraan te laten voldoen. De korting als regel op het aanslagbiljet is mogelijk bij de OZB, bij de rioolheffing en bij de afvalstoffenheffing. 3.3
Samengevat
De voorgaande keuzes kunnen als volgt worden samengevat
Begunstigden Heffing Vormgeving Gebruikers NW OZB NW Tariefverlaging of losse regel Gebruikers W Afvalstoffenheffing Losse regel Eigenaren NW en W OZB W en NW Tariefverlaging of losse regel Eigenaren NW en W Rioolheffing Tariefverlaging of losse regel
Uitvoering gemeente AVRI gemeente gemeente
Hof Amsterdam 2 november 2001, ECLI:NL:GHAMS:2001:AD7681. Art. 5 lid 1 AWR. 4 Art. 5 lid 3 AWR. 5 Art. 3:45 Awb. 6 Art. 3:47 Awb. De motivering is beperkt omdat de aanslag uit de verordening voortvloeit. 7 HR 30 september 1998, ECLI:NL:HR:1998:AA2304. 8 HR 17 april 2009, ECLI:NL:HR:2009:BG4766. 9 Rechtsoverwegingen 3.3 – 3.5. 10 vlg. HR 30 september 1998, nr. 33 264, BNB 1998/379 2 3
4 (van 5)
3.4
Welke andere keuzes moeten worden gemaakt?
De korting vereist een raadsbesluit. De raad kan hierbij kaders stellen voor de toewijzing van de korting. Naast de keuze voor de begunstigde, moet ook de wijze van verlening van de korting worden bepaald (via een tariefsverlaging of een losse regel op het biljet). Indien wordt gekozen voor een losse regel komen er nog andere keuzes bij, zoals bijvoorbeeld: wat er moet gebeuren bij verhuizingen van of naar de gemeente. Krijgen nieuwe inwoners de korting ook, of alleen zij die in de betreffende jaren in de gemeente woonden? En krijgen nieuwe inwoners de korting voor het aantal maanden dat ze in de gemeente wonen, of in zijn geheel? En moeten mensen die in de loop van het jaar verhuizen naar buiten de gemeente de korting deels terug betalen? hoe moet worden omgegaan met natuurlijke personen die geen gemeentelijke belastingen betalen, omdat zij kwijtschelding krijgen? hoe kan worden voorkomen dat belastingplichtigen die niet gedupeerd zijn, omdat ze geen precariobelasting doorbelast hebben gekregen via de energienota, toch een teruggave krijgen. Een voorbeeld hiervan is een eigenaar of gebruiker van een stuk braakliggende grond. Deze heeft geen precariobelasting doorbelast gekregen en hoeft dus ook geen teruggave te krijgen. Deze keuzes kunnen gevolgen hebben voor de uitvoerbaarheid.
4
Conclusie
Het is mogelijk een korting te verlenen op de gemeentelijke heffingen. Dit kan via een algemene tariefdaling, of via een afzonderlijke regel op het aanslagbiljet. Indien wordt gekozen voor een afzonderlijke regel op het aanslagbiljet, dan moeten verschillende keuzes worden gemaakt. Zo moet een keuze worden gemaakt voor de begunstigde, hoe om te gaan met verhuizingen, hoe om te gaan met kwijtschelding en hoe kan worden voorkopen dat niet-gedupeerden toch tegemoet worden gekomen. Dit moet worden vastgelegd in een raadsbesluit. Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.
5 (van 5)