Bijlage 11 - Stand van zaken natuuronderzoek
Tekst van het document
Memo - stand van zaken natuuronderzoek aan:
gemeente Overbetuwe
van:
SAB
projectnr.:
200462
datum:
20 september 2021
betreft:
stand van zaken aanvullend natuuronderzoek randweg Opheusden
Inleiding De gemeente Neder-Betuwe wil een nieuwe ontsluitingsweg aanleggen voor de kern van Opheusden. Om deze aanleg mogelijk te maken is een bestemmingsplanherziening nodig. Voor de vaststelling van een nieuw bestemmingsplan is het noodzakelijk dat de haalbaarheid ervan wordt aangetoond. Er dient daarom vanuit de ecologie onderzocht te worden of met de ruimtelijke ontwikkelingen die het plan toestaat, sprake is van overtreding van de geldende natuurwet- en regelgeving. In dit kader heeft SAB reeds een quick scan natuur (SAB 2021) uitgevoerd Uit de quick scan natuur blijkt, dat de aanwezigheid van verschillende beschermde diersoorten niet kan worden uitgesloten en dat aanvullend onderzoek nodig is. Een deel van dit aanvullende natuuronderzoek is dit voorjaar gestart. Niet al het geadviseerde aanvullende onderzoek kon van start gaan. Op verschillende plekken zal daarom in de toekomst nog aanvullend natuuronderzoek nodig zijn. Hieronder de stand van zaken. Lopend natuur onderzoek Naar verschillende diersoorten vindt aanvullend onderzoek plaats. In de tabel hieronder zijn de resultaten van dit aanvullende onderzoek samengevat. Daarna volgt per soort een beschrijving van de stand van zaken.
pagina 1 van 3
Overzicht stand van zaken van het lopende aanvullende natuuronderzoek Soort Ringslang
Werkwijze Inspecties bij natuurlijke oevers
Poelkikker
Luisteren en schepnetinventarisaties Luisteren Controle aanwezigheid rupsen bij waardplanten e-DNA meten in watermonsters Onderzoek m.b.v cameravallen
Rugstreeppad Theunisbloempijlstaart Grote modderkruiper Marterachtigen
Vleermuizen, verblijfplaats boom Vleermuizen, leefgebied Linge
Veldbezoeken in zomer en nazomer Veldbezoeken in zomer
Conclusie Onderzoek loopt nog, tot dusver niet aangetroffen. Niet aangetroffen Niet aanwezig Niet aanwezig Onderzoek loopt nog Mitigerende maatregelen nodig om leefgebied van steenmarter en wezel te sparen. Mogelijk ontheffing Wet natuurbescherming nodig Onderzoek loopt nog, tot dusver geen verblijfplaats aangetoond Geen essentiële vliegroute aanwezig maar wel essentieel foerageergebied. Mitigerende maatregelen nodig om foerageergebied te sparen. Mogelijk ontheffing Wet natuurbescherming nodig.
Ringslang. Op verschillende plekken, bij watergangen met natuurlijke oevers, wordt gecontroleerd of deze soort aanwezig is. Tot dusver is deze soort nog niet waargenomen. Deze maand worden de laatste veldbezoeken uitgevoerd. Poelkikker. Het onderzoek naar deze soort is dit voorjaar en deze zomer uitgevoerd. Hierbij werd ’s avonds geluisterd, om te horen of roepende mannetjes aanwezig waren. Op plekken waar mogelijk roepende mannetjes aanwezig waren zijn met een schepnet kikkers gevangen om te zien of poelkikkers aanwezig waren. Poelkikkers werden daarbij niet aangetroffen. Rugstreeppad. Het onderzoek naar deze soort is dit voorjaar uitgevoerd, waarbij ’s avonds werd geluisterd of roepende mannetjes aanwezig waren in of bij het plangebied. Rugstreeppadden werden nergens gehoord. Theunisbloempijlstaart. Deze beschermde nachtvlindersoort gebruikt als waardplant Theunisbloemen, maar ook de plantensoorten harig wilgenroosje, basterdwederik en kattenstaart. Deze zomer is gezocht naar deze waardplanten binnen het plangebied. De waardplanten zijn gecontroleerd op de aanwezigheid van rupsen van de Theunisbloempijlstaart. Deze rupsen waren niet aanwezig. Grote modderkruiper. Deze beschermde vissoort kan onder meer leven in verlandende slootjes. Een goede manier om te onderzoeken of de soort aanwezig is, is onderzoeken of DNA aanwezig is in watermonsters.
Afgelopen week zijn op verschillende plekken met verlandende slootjes watermonsters verzameld. Deze monsters worden de komende weken in een laboratorium geanalyseerd, waarna duidelijk wordt of leefgebied van deze soort aanwezig is in het plangebied. Marterachtigen (steenmarter, bunzing, hermelijn, wezel). Om te onderzoeken of in het plangebied leefgebied aanwezig is van deze marters, werden gedurende 6 weken op verschillende plekken cameravallen geplaatst. Op één locatie werd verschillende keren een steenmarter gefotografeerd. Op een andere locatie bleek de wezel voor te komen. Andere martersoorten werden niet waargenomen. Vanwege de aanwezigheid van leefgebied van marterachtigen (steenmarter en wezel), zijn waarschijnlijk maatregelen nodig om ervoor te zorgen dat voor deze soorten het leefgebied behouden blijft. Mogelijk is voor de aanleg van de weg op deze locaties een ontheffing van de Wet natuurbescherming nodig.
pagina 2 van 3
Vleermuizen; verblijfplaats boom. Bij een boom met enkele holten vindt vleermuisonderzoek plaats, om te zien of de holten als verblijfplaats door vleermuizen gebruikt worden. Het onderzoek loopt nog, maar tot dusver is bij de boom geen verblijfplaats vastgesteld. Vleermuizen; vliegroute Linge. Om te onderzoeken of de Linge door vleermuizen gebruikt wordt als vliegroute, werden daar in de zomer twee veldbezoeken uitgevoerd. Een essentële vliegroute lijkt niet aanwezig, maar wel bleek dat op de plek waar de rondweg de Linge zal kruisen, door zeer veel vleermuizen wordt gefoerageerd. Vanwege deze functie als foerageergebied, zijn bij de toekomstige brug over de Linge maatregelen nodig om te zorgen dat dit foerageergebied behouden blijft. Mogelijk is voor de aanleg van de brug op deze locatie een ontheffing van de Wet natuurbescherming nodig.
Nog uit te voeren aanvullend onderzoek Naar de volgende soorten is nog aanvullend onderzoek nodig:
Steenuil. Uit gegevens in de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) blijkt dat bij de Parallelweg territoria van steenuilen aanwezig zijn. Onderzocht dient te worden of deze dieren ook het plangebied als leefgebied gebruiken. Gierzwaluw en huismus. Verschillende gebouwen in het plangebied zijn geschikt als verblijfplaats voor deze soorten en bij één gebouw werd een invliegende gierzwaluw waargenomen. Onderzoek is nodig te onderzoeken of bij de gebouwen nesten van deze soorten aanwezig zijn. Vleermuizen. Verschillende gebouwen in het plangebied zijn geschikt als verblijfplaats voor vleermuizen. Onderzoek is nodig te onderzoeken of in de gebouwen verblijfplaatsen van vleermuizen aanwezig zijn.
pagina 3 van 3