Bijlage 1 - Toelichting en regels
Tekst van het document
62
Kesteren, Hoofdstraat 99
Artikel 2
Wijze van meten
2.1 Algemeen Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1.1 afstand van een gebouw tot de perceelsgrens: de afstand van een gebouw tot de perceelsgrens wordt bepaald door het buitenwerks meten van de kortste afstand van een gevel van het gebouw tot de perceelsgrens; 2.1.2 bouwhoogte van een bouwwerk: vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen; 2.1.3 dakhelling: langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak; 2.1.4 goothoogte van een bouwwerk: vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot c.q. de druiplijn, het boeiboord of daarbij gelijk te stellen constructiedeel; 2.1.5 inhoud van een bouwwerk: tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen; 2.1.6 oppervlakte van een bouwwerk: tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk; 2.1.7 peil: a.
voor gebouwen, waarvan de hoofdtoegang van het perceel aan een weg grenst, mits het gebouw op een afstand van niet meer dan 12 m van die weg is gelegen: 35 cm boven de kruin van die weg ter plaatse van de hoofdtoegang van het perceel; b. in andere gevallen bij gebouwen: de gemiddelde bestaande hoogte van het aan het gebouw grenzende terrein; c. voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde: de gemiddelde bestaande hoogte van het aan het bouwwerk grenzende terrein. 2.2 Ondergeschikte bouwdelen Bij toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen worden ondergeschikte bouwdelen zoals plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, gevel- en kroonlijsten, luifels, erkers, balkons en overstekende daken buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding niet meer bedraagt dan 0,5 m.
Kesteren, Hoofdstraat 99
63
Hoofdstuk 2 Artikel 3
Bestemmingsregels Wonen
3.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen; b. niet-publieksgerichte aan huis verbonden beroeps- of bedrijfsactiviteiten conform het bepaalde in 7.3; c. nutsvoorzieningen; d. waterhuishoudkundige voorzieningen; een en ander met de daarbij behorende voorzieningen. 3.2 Bouwregels 3.2.1 Situering gebouwen Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. De voorgevel van een hoofdgebouw wordt in of achter de aanduiding 'gevellijn' gebouwd. b. bijbehorende bouwwerken zijn toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen', mits deze op niet minder dan 3 meter achter de voorgevellijn van het betreffende hoofdgebouw worden gebouwd. 3.2.2 Hoofdgebouwen en bijbehorende bouwwerken Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende regels: a. het bestaande aantal woningen mag niet toenemen, met dien verstande dat indien de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden' is opgenomen, het aantal woningen niet meer mag bedragen dan aangegeven; b. de goot- en bouwhoogte mogen niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)' is aangegeven; c. voor de bouwwijze van woningen geldt het volgen de: 1. ter plaatse van de aanduiding 'vrijstaand' zijn uitsluitend vrijstaande woningen toegestaan; d. de bouwdiepte van de woningen bedraagt maximaal 15 m; e.
de afstand tot de zijdelingse perceelsgrenzen bedraagt minimaal 3 m; f. de breedte van de voorgevel mag niet meer bedragen dan 15 m. g. bij een woning mogen bijbehorende bouwwerken worden gebouwd conform het bepaalde in 6.4. 3.2.3 Erkers Erkers mogen worden gebouwd voor de aanduiding 'gevellijn' en buiten de aanduiding 'bijgebouwen' onder de volgende voorwaarden: a. de bouwdiepte, gemeten vanaf de gevel waar tegenaan wordt gebouwd, mag niet meer bedragen dan 1,5 m; b. de breedte mag niet meer bedragen dan 2/3 van de breedte van de gevel waar tegenaan wordt gebouwd, met dien verstande dat de breedte niet meer mag bedragen dan 4 m; c. indien de erker in de zijtuin wordt gebouwd, mag de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens niet minder bedragen dan 2 m; d. de afstand tot het openbare gebied mag niet minder bedragen dan 3 m. 3.2.4 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, geldt het bepaalde in 6.6.
64
Kesteren, Hoofdstraat 99
3.3 specifieke gebruiksregels 3.3.1 Voorwaardelijke verplichting landschappelijke inpassing Het gebruik van de als wonen aangewezen gronden als bedoeld in artikel 3.1 is uitsluitend toegestaan indien de landschappelijke inpassing is aangelegd en in stand wordt gehouden conform het 'Schetsontwerp' dat als bijlage 1 van het bestemmingsplan is bijgevoegd. 3.3.2 Voorwaardelijke verplichting parkeren a. Een omgevingsvergunning voor het bouwen binnen de bestemming wordt slechts verleend, indien bij de aanvraag wordt aangetoond dat voorzien wordt in voldoende parkeergelegenheid op eigen terrein en veilig gesteld is dat deze parkeergelegenheid in stand wordt gehouden. b. Van voldoende parkeergelegenheid is sprake, indien wordt voldaan aan de Nota Parkeernormen of de nadien gewijzigde beleidsregels met betrekking tot parkeren, zoals die gelden ten tijde van de indiening van de aanvraag om een omgevingsvergunning voor het bouwen.
Artikel 4
Waterstaat - Waterlopen
4.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Waterstaat - Waterlopen' aangewezen gronden zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor aanleg en onderhoud van een watergang.
4.2 Bouwregels Op de gronden als bedoeld in 4.1 zijn uitsluitend toegestaan bouwwerken, geen gebouwen zijnde, die ten dienste staan van deze bestemming.
4.3 Afwijken van de bouwregels 4.3.1 Afwijking Het bevoegd gezag kan met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 4.2 om het oprichten van gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van de op deze gronden liggende andere bestemming(en) toe te staan, mits hierbij uit hoofde van de bescherming van de watergang geen bezwaar bestaat. 4.3.2 Advies beheerder watergang Alvorens te beslissen over een omgevingsvergunning wint het bevoegd gezag advies in bij de beheerder van de watergang.
Kesteren, Hoofdstraat 99
65
Hoofdstuk 3 Artikel 5
Algemene regels Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
Artikel 6
Algemene bouwregels
6.1 Bestaande situatie Ongeacht het in deze regels bepaalde ten aanzien van de situering en de maximale maten van bebouwing, geldt voor bestaande legale bebouwing dat, indien de bestaande situering en/of maten afwijken van de ingevolge deze regels toegestane situering en/of maten, de bestaande situering tevens en/of bestaande maten als maximaal toegestaan worden beschouwd. 6.2 Ondergronds bouwen Voor het bouwen van ondergrondse gebouwen gelden de volgende regels: a. ondergrondse gebouwen (kelders) zijn uitsluitend toegestaan binnen het fictieve bouwvlak en daar waar bijbehorende bouwwerken zijn toegestaan; b. ondergrondse gebouwen zijn uitsluitend toegestaan in één bouwlaag. 6.3 Ondergeschikte bouwdelen Bij toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen binnen bouwgrenzen en bestemmingsgrenzen worden ondergeschikte bouwonderdelen, als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, liftschachten, gevel- en kroonlijsten, luifels, balkons en overstekende daken buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van bouwgrenzen of bestemmingsgrenzen niet meer dan 1 m bedraagt. 6.4 Bijbehorende bouwwerken bij woningen 6.4.1 Algemeen Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken bij (bedrijfs)woningen gelden de volgende regels: a.
ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen' geldt voor de bebouwde oppervlakte van bijbehorende bouwwerken per bouwperceel het volgende: Oppervlakte bouwperceel < 200 m2 200 - 400 m2 400 - 600 m2 600 - 800 m2 > 800 m2 b. c.
d.
66
Toegestane oppervlakte aan bijbehorende bouwwerken 60 m2 90 m2 100 m2 110 m2 120 m2
in aanvulling op het bepaalde onder a geldt dat van de gronden ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen' niet meer dan 50% mag worden bebouwd; in afwijking van het bepaalde onder a geldt dat, indien de aanduiding 'bijgebouwen' vóór de voorgevel is gesitueerd, de bebouwde oppervlakte ter plaatse van de aanduiding voor de voorgevel niet meetelt bij de bebouwde oppervlakte zoals genoemd onder a; de goothoogte mag niet meer bedragen dan 3 m. Indien het hoofdgebouw bestaat uit één bouwlaag met kap, mag de goothoogte van aangebouwde bijbehorende bouwwerken niet meer bedragen dan de goothoogte van het hoofdgebouw, maar nooit meer dan 5 m;
Kesteren, Hoofdstraat 99
e.
de bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 5 m;
6.4.2 Carports In afwijking van het bepaalde in 6.4.1 mogen carports tevens voor het hoofdgebouw en buiten de aanduiding 'bijgebouwen' worden gebouwd, waarbij de volgende regels gelden: a. een carport mag uitsluitend worden gebouwd op het bouwperceel behorende bij een (bedrijfs)woning; b. de carport mag de voorgevelrooilijn niet overschrijden; c. de bouwhoogte van de carport mag niet meer bedragen dan 3,25 m; d. de bebouwde oppervlakte van de carport mag niet meer bedragen dan 20 m2; e. het aantal carports buiten het fictieve bouwvlak en 'bijgebouwen' mag niet meer bedragen dan één. 6.5 Zwembaden Voor het bouwen van een zwembad gelden de volgende regels: a. een zwembad is uitsluitend toegestaan bij een (bedrijfs)woning; b. het aantal zwembaden mag niet meer bedragen dan één per (bedrijfs)woning; c. een zwembad is uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen'; d. de bouwhoogte niet meer bedragen dan 1,2 m; e. de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens mag niet minder bedragen dan 3 m. 6.6 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van erf- of terreinafscheidingen voor zover gelegen voor de voorgevelrooilijn van het dichtst bij de weg gesitueerde gebouw op het bouwperceel mag niet meer bedragen dan 1 m; b.
de bouwhoogte van erf- of terreinafscheidingen voor zover gelegen achter de voorgevelrooilijn van het dichtst bij de weg gesitueerde gebouw op het bouwperceel mag niet meer bedragen dan 2 m; c. de bouwhoogte van speeltoestellen mag niet meer bedragen dan 4 m; d. de bouwhoogte van vlaggenmasten mag niet meer bedragen dan 6 m; e. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 3 m.
Artikel 7
Algemene gebruiksregels
7.1 Mantelzorg Het gebruik van een deel van een (bedrijfs)woning en/of bijbehorende bouwwerken ten behoeve van mantelzorg is toegestaan. 7.2 Strijdig gebruik Onder strijdig gebruik wordt in ieder geval begrepen het gebruiken of laten gebruiken van de gronden en/of bouwwerken ten behoeve van: a. de uitoefening van een publieksgerichte aan huis verbonden beroeps- of bedrijfsactiviteit in een (bedrijfs)woning en/of bijbehorende bouwwerken; b. het gebruik van vrijstaande bijbehorende bouwwerken ten behoeve van zelfstandige bewoning en afhankelijke woonruimte; c. kamerbewoning; d. seksinrichtingen; e. internetverkoop, waarbij de te koop aangeboden goederen worden opgeslagen, tentoongesteld en/of kunnen worden afgehaald anders dan op gronden en in bouwwerken waar detailhandel, niet zijnde ondergeschikte detailhandel, is toegestaan; f. de verkoop van motorbrandstoffen.
Kesteren, Hoofdstraat 99
67
7.3 Niet-publieksgerichte aan huis verbonden beroeps- en bedrijfsactiviteiten Het gebruik van een deel van een (bedrijfs)woning en/of de aangebouwde bijbehorende bouwwerken ten behoeve van de uitoefening van een niet-publieksgerichte aan huis verbonden beroeps- of bedrijfsactiviteit is toegestaan, mits wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: a. maximaal 50 m² van het vloeroppervlak van de woning (begane grond + verdiepingen) met inbegrip van aangebouwde en vrijstaande bijbehorende bouwwerken, mag worden gebruikt voor een aan huis verbonden beroeps- of bedrijfsactiviteit; b. degene die de activiteiten in de woning of het daarbij behorende bijbehorende bouwwerken zal uitvoeren, is tevens de bewoner van de woning; c. activiteiten die vergunningplichtig zijn krachtens de Wet milieubeheer zijn niet toegestaan; d. detailhandel mag niet plaatsvinden, uitgezonderd een beperkte verkoop als ondergeschikte activiteit en uitsluitend in verband met die activiteit.
Artikel 8
Algemene afwijkingsregels
8.1 Afwijking publieksgerichte aan huis verbonden beroeps- of bedrijfsactiviteiten Het bevoegd gezag kan met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 7.2 sub a om binnen een (bedrijfs)woning en/of bijbehorende aangebouwde bouwwerken de uitoefening van een publieksgerichte aan huis verbonden beroeps- of bedrijfsactiviteit toe te staan. Hierbij dient te worden voldaan aan de volgende voorwaarden: a. maximaal 50 m² van het vloeroppervlak van de woning (begane grond + verdiepingen) met inbegrip van aangebouwde en vrijstaande bijbehorende bouwwerken, mag worden gebruikt voor aan huis verbonden beroeps- of bedrijfsactiviteit; b. degene die de activiteiten in de woning of de aangebouwde bijbehorende bouwwerken zal uitvoeren, dient tevens de bewoner van de woning te zijn; c. het gebruik mag niet leiden tot een onevenredige aantasting van de verkeersontsluitings- en parkeersituatie ter plaatse. d. de activiteit dient qua aard, omvang en uitstraling te passen in een woonomgeving; e. detailhandel mag niet plaatsvinden, uitgezonderd een beperkte verkoop als ondergeschikte activiteit en uitsluitend in verband met die activiteit; 8.2 Afwijking bed & breakfast Het bevoegd gezag kan met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 3.1 om in een (bedrijfs)woning en/of daarbij behorende aangebouwde bouwwerken een bed & breakfast toe te staan.
Hierbij dient te worden voldaan aan de volgende voorwaarden: a. de bed & breakfast is uitsluitend toegestaan in de woning en/of aangebouwde bijbehorende bouwwerken; b. het gebruik ten behoeve van de bed & breakfast is gekoppeld en ondergeschikt aan de woonfunctie van de woning; c. het vloeroppervlak van de bed & breakfast mag in niet meer bedragen dan 25% van het vloeroppervlak van de woning, inclusief aangebouwde bijbehorende bouwwerken, met een maximum van 80 m²; d. er mag tegelijkertijd aan niet meer dan vier personen in maximaal 4 kamers bed & breakfast worden geboden; e. de bed & breakfastvoorziening mag door de bouwkundige opzet, indeling en maatvoering niet kunnen functioneren als een zelfstandige woning. Dit betekent in ieder geval dat een aparte kookgelegenheid bij de voorziening is niet toegestaan; f. als gevolg van de bed & breakfast mogen geen onevenredige nadelige gevolgen ontstaan voor het woonen leefklimaat van omwonenden en de bedrijfsvoering van omliggende bedrijven.
68
Kesteren, Hoofdstraat 99
Artikel 9
Overige regels
9.1 Van toepassing verklaring archeologie Het bestemmingsplan 'Parapluregeling Archeologie' is van toepassing op het plangebied van dit bestemmingsplan.
Kesteren, Hoofdstraat 99
69
Hoofdstuk 4 Artikel 10
Overgangs- en slotregels Overgangsrecht
10.1 Overgangsrecht bouwwerken 10.1.1 Algemeen Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is dan wel gebouwd kan worden krachtens een bouwvergunning, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de bouwvergunning wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. 10.1.2 Afwijking Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het bepaalde in 10.1.1 een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in 10.1.1 met maximaal 10%. 10.1.3 Uitzondering Het bepaalde in 10.1.1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 10.2 Overgangsrecht gebruik 10.2.1 Algemeen Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet.
10.2.2 Strijdig gebruik Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in 10.2.1, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. 10.2.3 Onderbroken gebruik Indien het gebruik, bedoeld in 10.2.1, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. 10.2.4 Uitzondering Het bepaalde in 10.2.1 is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
Artikel 11
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan Kesteren, Hoofdstraat 99.
70
Kesteren, Hoofdstraat 99
Bijlagen bij de regels
Kesteren, Hoofdstraat 99
71
Bijlage 1
72
Schetsontwerp
Kesteren, Hoofdstraat 99