Bijlage 1 - Erfgoedbeleid
Tekst van het document
Om die omgevingsvergunning te krijgen moet aangetoond worden dat de cultuurhistorische waarden niet onevenredig worden aangetast c.q. worden ingepast, wat kan worden vastgelegd in planregels. De initiatiefnemer moet in zijn plannen en de toelichting daarop onderbouwen hoe er met de geconstateerde waarden omgegaan wordt. Het is daarnaast van belang dat de waardenkaart ook binnen de gemeentelijke organisatie gebruikt gaat worden, bijvoorbeeld als het gaat om het vervangen of aanplanten van openbaar groen in het buitengebied.
RAAP-rapport 5390 / versie 28-10-2021
[38]
Een rijke erfenis voor de toekomst; erfgoedbeleid van de gemeente Neder-Betuwe
Planregels De te formuleren planregels zijn er vooral op gericht om onevenredige aantasting van de cultuurhistorische waarden tegen te gaan. Regels kunnen worden gesteld aan het wijzigen van de openheid, het verwijderen of aanplanten van houtige gewassen, het oprichten van bouwwerken, het dempen van watergangen en het graven in c.q. opbrengen van grond.
4.1.3 Bouwkunst en stedenbouw Inleiding Bij het gebouwde erfgoed wordt er een soortgelijke verplichting gekoppeld aan individuele gebouwen: voor het wijzigen van een gemeentelijk monument of een karakteristiek pand in het omgevingsplan is een omgevingsvergunning noodzakelijk. Voor het stedenbouwkundig erfgoed wordt een regeling opgenomen dat nieuwe ontwikkelingen de bestaande waarden niet onevenredig mogen aantasten. Te denken valt aan het ontwikkelingen met gebruikmaking van bestaande karakteristieken, zoals rooilijnen, kapvormen en nokhoogtes. Bij ingrijpende verbouwingen van gemeentelijke monumenten of in het omgevingsplan beschermde bouwkunst kan een bouwhistorisch onderzoek worden verlangd. Zo’n bouwhistorisch onderzoek bevordert een optimale plantoetsing en geeft input voor het ontwerp. Daarnaast worden waarden die eventueel verloren gaan gedocumenteerd. De kosten voor het bouwhistorisch onderzoek komen ten laste van de ontwikkelaar. Gemeentelijke monumentenlijst De gemeente Neder-Betuwe heeft op basis van de gemeentelijke erfgoedverordening de mogelijkheid om nieuwe monumenten of gemeentelijke beschermde gezichten aan te wijzen. De kosten, personele inzet en lasten zijn hoger naarmate er meer monumenten of gezichten aangewezen worden. Daarbij bestaat dus voor de gemeente veel vrijheid om keuzes te maken, afhankelijk van bijvoorbeeld beschikbare middelen.
Met de vaststelling van dit beleid zijn er dus nog geen monumenten aangewezen. Daarvoor is een aanvullende procedure noodzakelijk, die is vastgelegd in de erfgoedverordening. Daarin is ook ruimte voor het indienen van een zienswijze door eigenaren / belanghebbenden. Na een formeel besluit door B&W bestaan de reguliere mogelijkheden voor bezwaar zoals vastgelegd in de Algemene Wet Bestuursrecht. De gemeente kiest met vaststelling van deze beleidsnota voor een nader onderzoek naar de 19 panden die een zeer hoge indicatieve waarde gekregen hebben en de 67 panden die een hoge indicatieve waarde gekregen hebben, met het oog op een eventuele toekomstige bescherming als gemeentelijk monument. Ook voor de 13 gemeentelijke monumenten die een (te) lage indicatieve score hebben gekregen wordt een onderzoek ingesteld met het oog op het eventueel afvoeren van de gemeentelijke monumentenlijst. Vóórdat de onderzoeken voor aanwijzing gaan starten, zal het college nog een oordeel vormen over de lijst met definitief te onderzoeken panden.
RAAP-rapport 5390 / versie 28-10-2021
[39]
Een rijke erfenis voor de toekomst; erfgoedbeleid van de gemeente Neder-Betuwe
4.1.4 Integrale ensembles (‘Parels van de gemeente’) De integrale ensembles vormen een optelsom van landschappelijke en gebouwde waarden. De bescherming van deze gebieden is dus deels al sectoraal geregeld, zoals hiervoor is toegelicht. Daarbij gaat het om een landschappelijke bescherming via het omgevingsplan, een bescherming van bouwkunst als gemeentelijk monument, en/of een bescherming van stedenbouwkundige ensembles als beschermd gezicht en/of in het omgevingsplan. Die delen van de integrale ensembles die nog geen sectorale bescherming genieten, krijgen een aanvullende planologische bescherming op basis van de ligging in een integraal ensemble. De meeste integrale ensembles zullen daarmee straks beschermd worden via een kern als gemeentelijk beschermd gezicht en een schil daaromheen met een bescherming via het omgevingsplan.
4.1.5 Toetsing De toetsing wordt ambtelijk afgehandeld, ondersteund door de Omgevingsdienst Rivierenland. Dat is een voortzetting van de huidige praktijk. Daarnaast is er ook een rol weggelegd voor de gemeentelijke adviescommissie. Deze krijgen een adviserende rol bij ontwikkelingen, naast bij rijks- en gemeentelijke monumenten in het bijzonder bij via het omgevingsplan beschermd (landschappelijk) erfgoed. Op basis van de adviezen van omgevingsdienst en commissie neemt het college van B&W een besluit, waarin naast het inhoudelijke advies ook het belang van de gebruiker wordt meegewogen. Daarbij moet naar aspecten van redelijkheid en billijkheid worden gekeken.
4.2 Financiële aspecten 4.2.1 Inleiding Bij het inzoomen op de financiële aspecten van het erfgoedbeleid moet onderscheid gemaakt worden tussen de incidentele en de structurele kosten. In de huidige situatie zijn er structurele kosten voor: - de toetsing van vergunningaanvragen voor 39 rijksmonumenten en 112 gemeentelijke monumenten; - de toetsing van vergunningaanvragen voor één gemeentelijk beschermd gezicht; - de toetsing van vergunningaanvragen in verband met de enkel- en dubbelbestemmingen t.a.v. de bescherming van het landschap; In de volgende paragrafen gaan we in op de kosten bij realisatie van de hiervoor besproken beleidsvoornemens.
4.2.2 Bescherming Landschap Incidentele kosten De aanpassing van de bescherming van het historisch cultuurlandschap brengt zowel incidentele als structurele kosten met zich mee. Incidenteel is het (extern) opstellen van redengevende omschrijvingen voor de te beschermen deellandschappen, waarbij gekozen kan worden voor eenvoudige omschrijvingen in tabelvorm (ca € 5.000 – 10.000 ex btw) en uitgebreidere omschrijvingen (ca € 25.000
RAAP-rapport 5390 / versie 28-10-2021
[40]
Een rijke erfenis voor de toekomst; erfgoedbeleid van de gemeente Neder-Betuwe
- 30.000 ex btw 11), al naar gelang de mate van informatie die de gemeente aan de initiatiefnemer ter beschikking wil stellen. Intern gaat het om het opstellen van dit onderdeel voor het omgevingsplan. De kosten daarvoor zijn gering (opstellen planregels, toevoegen aan plankaart). Structurele kosten Structurele kosten zijn voor de gemeente de toetsing van vergunningaanvragen in de beschermde gebieden en voor de beschermde elementen buiten die gebieden. Het percentage te beschermen landschap stijgt van 41% naar 55%. Of het aantal aanvragen in dezelfde mate meestijgt hangt sterk af van de ruimtelijke dynamiek in de te beschermen gebieden ten opzichte van de oude situatie. Bouwkunst Inleiding Ook bij de nadere bescherming van de bouwkunst hebben we te maken met incidentele en structurele kosten. De incidentele kosten hebben vooral betrekking op een tweetal aspecten: - nader onderzoek en eventueel afvoeren van (maximaal) 13 gemeentelijke monumenten; - nader onderzoek en eventueel plaatsen van 19 nu niet-beschermde, zeer hoog gewaardeerde panden; - nader onderzoek en eventueel plaatsen van 67 nu niet-beschermde, hoog gewaardeerde panden. Incidentele kosten De incidentele kosten hebben vooral betrekking op de fase waarin de monumenten worden aangewezen c.q. afgevoerd. Daarbij vallen de kosten uiteen in externe kosten en interne uren/kosten.
Ten aanzien van de externe kosten maken daar de volgende onderdelen van uit: - Literatuur- en bouwdossieronderzoek, indien relevant - Organisatie: het maken van bezoekafspraken met de eigenaars/bewoners - Veldwerk: inventarisatie exterieur en zo nodig interieur - Samenstellen redengevende omschrijvingen (incl. aanleveren concepten ter beoordeling, corrigeren concepten en aanleveren definitieve documenten) Uitgaande van een redengevende omschrijving van een gemiddelde lengte (maar andere formats zijn mogelijk) bedragen de kosten voor het uitvoeren van onderzoek naar en opstellen van redengevende omschrijvingen: - voor 19 zeer hoog gewaardeerde panden € 8.585,- excl. BTW - voor 67 hoog gewaardeerde panden € 27.535,- excl. BTW
11
Indicatieve schatting voor 55% van het gemeentelijk grondgebied (76 deelgebieden) zoals opgenomen in het geografisch informatiesysteem van de cultuurhistorische waardenkaart, variërend van een klein kasteelterrein tot een groter stuk oeverwal, uitgaand van een vast formulier / vaste tekstopzet met bijbehorend beeldmateriaal.
RAAP-rapport 5390 / versie 28-10-2021
[41]
Een rijke erfenis voor de toekomst; erfgoedbeleid van de gemeente Neder-Betuwe
Deze kosten zijn exclusief overleg / besprekingen / toelichtingen. De externe kosten voor het onderzoek i.v.m. de herijking van 13 gemeentelijke monumenten bedragen € 2.160,- excl. BTW. Daarvoor worden een kort veldbezoek (na afspraak met de eigenaar) afgelegd en een quickscandocument monumentale waardenbepaling opgesteld. Het document wordt afgesloten met een advies over de monumentwaarde en het al dan niet handhaven op de gemeentelijke monumentenlijst. De interne (ambtelijke) kosten voor het begeleiden van de aanwijzings- en de afvoerprocedure van 86 panden worden geschat op € 49.450,- excl. BTW. Structurele kosten Structurele kosten hebben in de eerste plaats betrekking op de toetsing van vergunningaanvragen. Bij de aanwijzing van alleen de zeer hoog gewaardeerde panden en afvoering van het maximaal aantal panden met een lage indicatieve waardering levert dat +6 gemeentelijke monumenten op. Op het totaal van 118 gemeentelijke monumenten is de verhoging van de toetsingskosten beperkt. Bij aanwijzing van nog eens 67 hoog gewaardeerde panden komt het totaal uit op 185. De toetsing kan door de leges worden gedekt. Op basis van de huidige monumentenlijst worden circa 50 aanvragen per jaar behandeld. Per aanvraag wordt leges geheven (legesverordening 2021: € 577,- excl. BTW per aanvraag).
Als er 86 panden worden toegevoegd, zullen er procentueel 28 aanvragen per jaar bijkomen (circa € 16.000,- excl. BTW aan leges). Daarnaast zijn er structurele kosten ten aanzien van de gemeentelijke tegemoetkoming richting de monumenteigenaren. De wens bestaat om dat vorm te geven als een budget voor advisering en ondersteuning van monumenteneigenaren, bijvoorbeeld op het gebied van duurzaamheid. Te denken valt aan een abonnement op de Monumentenwacht, die inspecties van panden uitvoert en kan aangeven waar wanneer onderhoud noodzakelijk is. Eén en ander dient nog nader ingevuld te worden. Stedenbouw Incidentele kosten Ook hier vallen de kosten uiteen in incidentele en structurele kosten. De incidentele kosten hebben vooral betrekking op de aanwijzingsprocedure c.q. de beschrijving. Het gaat om het onderzoek voor 5 zeer hoog gewaardeerde, als beschermd dorpsgezicht te beschermen gebieden en het onderzoek voor 10 hoog gewaardeerde, (lichter) planologisch in het omgevingsplan te beschermen gebieden (zie § 3.3.4). Door het verschil in waarde en aard van de gebieden krijgen de 10 hoog gewaardeerde gebieden een lichtere bescherming dan de 5 zeer hoog gewaardeerde. Uitgaande van 5 nieuwe beschermde dorpsgezichten bedragen de externe kosten voor het onderzoek en de beschrijving € 13.170,- excl.
BTW, uitgaande van het format zoals dat ook voor het gemeentelijk beschermd gezicht aan de Boveneindsestraat in Kesteren is gebruikt. De externe kosten voor het beschrijven van de overige 10 gebieden met een hoge waarde ten behoeve van het omgevingsplan bedragen € 5.400,- excl. BTW.12
12
Deze kosten zijn exclusief de uren voor redactie, concept en bespreking.
RAAP-rapport 5390 / versie 28-10-2021
[42]
Een rijke erfenis voor de toekomst; erfgoedbeleid van de gemeente Neder-Betuwe
Naar aanleiding van het nadere onderzoek worden de definitieve grenzen van de gebieden bepaald, met die kanttekening dat de grenzen zoals die nu zijn opgenomen (zie figuur 12) eventueel alleen nog op details zullen worden gewijzigd. Daarnaast zijn er interne kosten ter hoogte van € 2.875,- excl. BTW voor het begeleiden van de aanwijzingsprocedure van de 5 zeer hoog gewaardeerde gebieden. Structurele kosten De structurele kosten veranderen door het instellen van dorpsgezichten niet. Deze kosten hebben namelijk betrekking op een aanvraag verandering of verbouwen van een monument. Dit wordt ondervangen door het heffen van leges op een aanvraag. Zie de paragraaf structurele kosten bouwkunst hierboven. Integrale ensembles (‘Parels van de gemeente’) Incidentele kosten Voor de integrale ensembles moeten redengevende omschrijvingen worden opgesteld. De kosten daarvan zijn heel beperkt, omdat hiervoor geput kan worden uit de informatie zoals die voor de landschappen en stedenbouwkundige ensembles beschikbaar komt. Het opstellen van deze redengevende omschrijving zal daarom vooral een redactieslag zijn, met plaatselijk wat aanvullingen.
Structurele kosten Zoals ook voor de incidentele kosten geldt, zijn de meerkosten voor de toetsing van de integrale ensembles heel beperkt, omdat het merendeel van de oppervlakte van de integrale ensembles ook al een hoge of zeer hoge landschappelijke of stedenbouwkundige waardering heeft gekregen, en daarmee ook sectoraal beschermd wordt.
4.2.3 Kansen van erfgoed De genoemde kansen zijn op dit moment niet van bedragen voorzien, omdat zij eerst verder moeten worden geconcretiseerd / uitgewerkt voordat hierover iets zinnigs te zeggen is. Ten aanzien van de webviewer / erfgoedregister is al wel een richting te geven. Afhankelijk van wat er in de viewer dient te worden opgenomen (bijvoorbeeld beeldmateriaal, koppelingen naar redengevende omschrijvingen, etc.), kan worden gedacht aan een bedrag tussen € 7.500 ex btw en € 12.500 ex btw.
RAAP-rapport 5390 / versie 28-10-2021
[43]
Een rijke erfenis voor de toekomst; erfgoedbeleid van de gemeente Neder-Betuwe
Figuur 22. In combinatie met de aantrekkingskracht van de Blauwe Kamer en de bijzondere uitstraling van het Veerhuis bestaan er allerlei mogelijkheden rondom het Opheusdens Veer (foto: RAAP, 30 november 2019).
RAAP-rapport 5390 / versie 28-10-2021
[44]
Een rijke erfenis voor de toekomst; erfgoedbeleid van de gemeente Neder-Betuwe
5 Vervolgacties Uit de hiervoor beschreven voornemens komen de volgende vervolgacties voort:
5.1 Bescherming Landschap - het opstellen van redengevende omschrijvingen voor de planologisch te beschermen cultuurlandschappen; - opnemen van de zeer hoge en hoge landschapswaarden in het omgevingsplan. Bouwkunst Actualiseren van de gemeentelijke monumentenlijst t.b.v. een logische en betrouwbare lijst: - het opstellen van 19 redengevende omschrijvingen voor de als gemeentelijk monument te beschermen zeer hoog gewaardeerde, niet-beschermde panden; - het opstellen van 67 redengevende omschrijvingen voor de als gemeentelijk monument te beschermen hoog gewaardeerde, niet-beschermde panden; - het uitvoeren van nader onderzoek ten behoeve van het eventueel afvoeren van 13 gemeentelijke monumenten; - het in gang zetten van het proces tot plaatsing c.q. afvoer van objecten op/van de gemeentelijke monumentenlijst; Stedenbouw - het opstellen van redengevende omschrijvingen voor de als gemeentelijk beschermd gezicht te beschermen zeer hoog gewaardeerde, niet-beschermde stedenbouwkundige gebieden; - het opstellen van redengevende omschrijvingen voor de in het omgevingsplan te beschermen hoog gewaardeerde, niet-beschermde stedenbouwkundige gebieden; - het in gang zetten van het proces tot plaatsing van een aantal gebieden op de lijst met gemeentelijk beschermde gezichten; - het planologisch borgen van de overige hierboven benoemde gebieden.
Integrale ensembles (‘Parels van de gemeente’) - het opstellen van redengevende omschrijvingen voor de planologisch te beschermen integrale ensembles; - het planologisch borgen in omgevingsvisie en omgevingsplan van integrale (landschap, bouwkunst, stedenbouw) ensembles.
RAAP-rapport 5390 / versie 28-10-2021
[45]
Een rijke erfenis voor de toekomst; erfgoedbeleid van de gemeente Neder-Betuwe
Adviescommissie - vaststellen van een verordening op de adviescommissie (op basis van de modelverordening) vóór 1 juli 2022.
5.2 Kansen van erfgoed Ruimtelijke ontwikkeling - Het integreren van de omgang met cultuurhistorische waarden in de gemeentelijke processen; - Het uitwerken van een steviger plek van cultuurhistorie in ruimtelijke ontwikkeling in gemeentelijk ruimtelijk beleid, bijvoorbeeld ten aanzien van natuur en landschap; - Het uitwerken van een concreet plan ten aanzien van de toekomstige inrichting van het landelijk gebied tussen Kesteren en Opheusden; - De Betuwelinie als ‘lijn van kansen’ stevig verankeren in de ruimtelijke ontwikkelingen; Waterberging - Het integreren van de omgang met cultuurhistorische waarden in projecten ten aanzien van waterstaatkundige projecten, zoals dijkversterkingen en waterberging; - Het genereren van aandacht voor meekoppelkansen in waterstaatkundige projecten; Educatie, cultuur, toerisme, recreatie - Het verankeren van het in kaart gebrachte erfgoed in toeristisch-recreatieve projecten, onder meer door het benoemen en uitwerken van een aantal cultuurhistorische kernthema’s van de gemeente; - Het benoemen en verdiepen van de boomteelt als erfgoedthema; - Het uitwerken van een plan en opvragen van een offerte voor het bouwen van een erfgoedregister of webviewer voor de gemeentelijke website; - Het leggen van koppelingen tussen digitale erfgoedtoepassingen en plekken in de gemeente, zoals qr-codes; - Actief toeristisch-recreatief uitbouwen van het
buitendijks gebied tussen De Spees en het Opheusdens Veer; - Het leggen van de koppeling tussen kunst en cultuur enerzijds en het erfgoedveld anderzijds, bijvoorbeeld door het verbinden van kunstenaars en musici aan lokale erfgoedpartijen.
RAAP-rapport 5390 / versie 28-10-2021
[46]
Een rijke erfenis voor de toekomst; erfgoedbeleid van de gemeente Neder-Betuwe
Literatuur Bade, T. & G. Smid, z.j. Eigen haard is goud waard. Over de economische baten van cultuurhistorisch erfgoed. Triple E Productions, Arnhem. Brouwer, J., E. Ruijgrok & R. Abma, 2012. Historische buitenplaatsen en landgoederen. In stand houden loont! Economische betekenis van historische buitenplaatsen en landgoederen in de provincies Utrecht, Overijssel en Gelderland. Witteveen + Bos, Deventer. Div. auteurs, 2009. Het cultuurhistorisch argument. Projectbureau Belvedere, Utrecht. Dommelen, S. van & C.-J. Pen, 2013. Cultureel erfgoed op waarde geschat. Economische waardering, verevening en erfgoedbeleid. Platform 31/Vrije Universiteit/Universiteit Twente. Keunen, L.J., C.J. Frank & N.W. Willemse, 2020. ‘… daar slingert zich de zware dijk door de vruchtbare weiden en akkers met kloeke hofsteden bezaaid …’. Een cultuurhistorische waardenkaart van de gemeente Neder-Betuwe. RAAP-rapport 4219. RAAP, Weesp. Ruijgrok, E., 2004. Economische waardering van cultuurhistorie. Casestudie Tieler- en Culemborgerwaard. Witteveen + Bos, Rotterdam.
RAAP-rapport 5390 / versie 28-10-2021
[47]
Een rijke erfenis voor de toekomst; erfgoedbeleid van de gemeente Neder-Betuwe
RAAP-rapport 5390 / versie 28-10-2021
[48]
Een rijke erfenis voor de toekomst; erfgoedbeleid van de gemeente Neder-Betuwe
Overzicht van figuren, tabellen, bijlagen en appendices Figuren: Figuur 1. Voorbeeld bijschrift figuur.
5
Figuur 2. Zonsopkomst aan de Waal (foto: RAAP, 30 november 2019).
6
Figuur 3. Grenzen van de gemeente Neder-Betuwe.
7
Figuur 4. Naar een betere regeling van de omgeving (bron: rijksoverheid.nl).
8
Figuur 5. Participatie met een rijke oogst: de Schatkist van Neder-Betuwe.
10
Figuur 6. Waardevolle bouwkunst in een fraai landschap: kasteel De Wijenburg in Echteld (foto: RAAP, 30 november 2019).
12
Figuur 7. Uitsnede van de kenmerkenkaart van het historisch cultuurlandschap, met landschappen en daarin voorkomende elementen.
13
Figuur 8. Uitsnede van de waarderingskaart van het historisch cultuurlandschap en de landschapselementen daarin. In de legenda zijn de klassen van de landschapswaardering opgenomen.
14
Figuur 9. Uitsnede uit de kenmerkenkaart bouwkunst & stedenbouw, met in kleuren de verschillende typen bouwkunst (kleine vlakken) en stedenbouw (grote vlakken).
15
Figuur 10. Het dorpsbeeld van Kesteren. Kerken dragen sterk bij aan de gebiedsidentiteit van Neder-Betuwe (foto: RAAP, 30 november 2019).
16
Figuur 11. De karakteristieke Voorstraat in Echteld (foto: RAAP, 30 november 2019).
17
Figuur 12. Uitsnede uit de kaart met de waardering van bouwkunst en stedenbouw.
18
Figuur 13. Dijken vormen de ‘as van ontwikkeling’ van Neder-Betuwe (foto: RAAP, 30 november 2019).
20
Figuur 9. De verschillende rollen van de Erfgoedwet en Omgevingswet in een schema (bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed).
21
Figuur 14. Gebieden met een bescherming voor cultuurhistorie of cultuurlandschap in de huidige bestemmingsplannen voor het buitengebied.
24
Figuur 15. Landschappen met een zeer hoge (donkeroranje) en hoge (oranje) waarde. De elementen zijn omwille van de leesbaarheid niet in dit kaartbeeld opgenomen.
25
Figuur 16. Zeer waardevolle (Z) en waardevolle (H) bouwkunst. De kaart geeft zowel de onbeschermde objecten als de bestaande rijks- en gemeentelijke monumenten weer.
28
Figuur 17. Stedenbouw met een zeer hoge of hoge waarde in de gemeente Neder-Betuwe.
30
Figuur 18. Parels van de gemeente Neder-Betuwe.
31
Figuur 19. Versterken van de (Neder-)Betuwse identiteit, zoals de aanplant van hoogstamboomgaarden, is een belangrijke kans bij ontwikkelingen (foto: RAAP, 30 november 2019).
33
Figuur 20. Kolken als parels langs de dijk (foto: RAAP, 30 november 2019).
35
Figuur 21. Het bieden van informatie in het veld kan op allerlei manieren, analoog en digitaal, traditioneel of modern. De klassieke ANWB-borden zijn daarvan de voorgangers (foto: RAAP, 30 november 2019).
36
Figuur 22. In combinatie met de aantrekkingskracht van de Blauwe Kamer en de bijzondere uitstraling van het Veerhuis bestaan er allerlei mogelijkheden rondom het Opheusdens Veer (foto: RAAP, 30 november 2019).
RAAP-rapport 5390 / versie 28-10-2021
44
[49]
Een rijke erfenis voor de toekomst; erfgoedbeleid van de gemeente Neder-Betuwe
Tabellen: Tabel 1. Huidige aantallen objecten met een monumentenstatus.
27
Tabel 2. Resultaat van de inventarisatie en waardering.
27
Tabel 3. Handelingen naar aanleiding van het resultaat van de inventarisatie en waardering.
28
Tabel 4. Huidige aantallen beschermde gebieden.
29
Tabel 5. Resultaat van de inventarisatie en waardering.
29
Bijlagen: Bijlage 1. Begrippenlijst Bijlage 2. Wetgeving en huidig beleid Bijlage 3. Tijdschaal
Appendices n.v.t.
RAAP-rapport 5390 / versie 28-10-2021
[50]
Een rijke erfenis voor de toekomst; erfgoedbeleid van de gemeente Neder-Betuwe
Bijlage 1. Begrippenlijst Archeologie
Wetenschap die zich bezig houdt met de overblijfselen van de menselijke cultuur die onder het aardoppervlak bewaard gebleven zijn.
Beschermd gezicht
Een gebied dat op basis van de cultuurhistorische waarde via de Erfgoedverordening of het bestemmings- danwel omgevingsplan wordt beschermd.
Bouwkunst
Gebouwde objecten, waaronder zowel panden als kleine stenen objecten vallen.
Criterium
Beslissend kenmerk, vaak gebruikt om een waardering te kunnen uitspreken. Daarvoor worden dan meerdere criteria gebruikt.
Cultuurhistorie
Verzamelbegrip voor de verschillende sectoren die zich met erfgoed bezig houden. Archeologie wordt soms zelfstandig benoemd, soms tot cultuurhistorie gerekend.
Cultuurlandschap
Landschap zoals dat door een wisselwerking van mens en natuur tot stand gekomen is.
Ensemble
Samenspel / optelsom van verschillende waarden, elkaar versterkend, in een ruimtelijk beperkt gebied.
Erfgoed
Datgene wat aan materiële en immateriële zaken uit het verleden aan onze generatie is overgeleverd, bestaande uit deelaspecten als aardkunde, archeologie, landschap, bouwkunst en stedenbouw.
Indicatieve waarde
Waarde, die op basis van een eerste beoordeling op hoofdlijnen is vastgesteld.
Integraal ensemble
Gebieden waar zowel landschappelijke als gebouwde waarden in hoge mate samenkomen en elkaar versterken.
Karakteristiek pand
Een onroerende zaak die op basis van het bestemmingsplan of omgevingsplan is beschermd.
Monument
Een onroerende zaak die op basis van de erfgoedverordening (gemeentelijk monument) of de Erfgoedwet (rijksmonument) juridisch is beschermd.
Monumentenlijst
Lijst of register, waarin is vastgelegd welke objecten bescherming volgens de erfgoedverordening of het omgevingsplan genieten.
Monumentwaardig
Object of gebied dat een dermate hoge cultuurhistorische waarde bezit, dat het gerechtvaardigd zou zijn dit object als monument te beschermen.
Omgevingsplan
Ruimtelijk instrument, waarin per locatie is vastgelegd welke beperkingen er gelden. Het omgevingsplan vervangt onder meer de oude bestemmingsplannen en een deel van de verordeningen.
Omgevingsvisie
Ruimtelijk instrument, waarin op een algemeen niveau de kernkwaliteiten en ontwikkelingslijnen voor het gehele gemeentelijk grondgebied zijn vastgelegd. De omgevingsvisie vervangt de vroegere structuurvisie.
RAAP-rapport 5390 / versie 28-10-2021
[51]
Een rijke erfenis voor de toekomst; erfgoedbeleid van de gemeente Neder-Betuwe
Omgevingswet
Wet, waarin een groot aantal bestaande wetten over de ‘fysieke leefomgeving’ zijn gebundeld, en die naar verwachting op 1 juli 2022 in werking treedt.
Stedenbouw
De ruimtelijke indeling van bebouwing, landschap, wegenstructuur, groen en de daarbij een rol spelende rooilijnen en verkaveling.
Waardering
Het vaststellen van een zo objectief mogelijke waarde, op basis van beslissende kenmerken (criteria) en de scores die daarop gehaald worden.
RAAP-rapport 5390 / versie 28-10-2021
[52]
Een rijke erfenis voor de toekomst; erfgoedbeleid van de gemeente Neder-Betuwe
Bijlage 2. Wetgeving en huidig beleid Inleiding Regels op het gebied van cultureel erfgoed zijn niet nieuw. Zoals het woord ‘actualisatie’ al zegt, zijn er nu ook al regels voor de bescherming van erfgoed. Wetten voor de bescherming van het erfgoed bestaan namelijk al tientallen jaren. Denk daarbij maar aan de Monumentenwet 1961, de Monumentenwet 1988, de Wet op de archeologische monumentenzorg (Wamz) uit 2007 en het Besluit ruimtelijke ordening uit 2012. Veel van dit soort wetten komen voort uit Europese afspraken, zoals het Verdrag van Granada 13 (1985) en het Verdrag van Malta 14 (1992). Aandacht voor het erfgoed staat ook de laatste jaren niet stil. Op het moment is er volop aandacht voor. Ook de wetten en regels rondom erfgoed zijn in ontwikkeling. In 2012 stelde het rijk bijvoorbeeld verplicht dat waardevolle landschappen voortaan beschermd moesten gaan worden, en in 2016 kwam er een nieuwe Erfgoedwet. Die verving de oude Monumentenwet en de Wamz. Nu is de Omgevingswet in aantocht, de grootste wetswijziging sinds de invoering van de Grondwet in 1848. Daardoor verandert er veel. Waardevol erfgoed moet daarin als één van de belangrijke onderdelen van de ‘fysieke leefomgeving’ een plek krijgen. Dat betekent dat informatie over dat erfgoed actueel moet zijn en aan bepaalde eisen moet voldoen.
Iemand die een plan wil ontwikkelen, kan dan in het omgevingsplan voor zijn perceel duidelijk zien wat er aan waarden te vinden is. Ook komen daaruit de regels voort. Uiteindelijk wordt er een integrale afweging gemaakt door de gemeente als vergunningverlener. Hieronder komen de regels die nu al gelden aan bod. Eerst schijnen we ons licht op de wetgeving door rijk, provincie en gemeente. Daarna komen andere soorten regels en het geldende beleid aan de orde.
Wetgeving en regels Internationale regelgeving Sinds juli 2021 is de Neder-Germaanse Limes door UNESCO op de Werelderfgoedlijst geplaatst. De gemeente Neder-Betuwe ondersteunde de aanvraag daartoe, maar kent zelf geen sites. Wel gaat er van de provinciale omgevingsverordening regelgeving uit, die bepaalt dat in de bufferzone Limes (w.o. Neder-Betuwe) geen activiteiten mogelijk zijn die de kernkwaliteiten van de Romeinse Limes aantasten (artikel 2.59).
Landelijke wetgeving In de Omgevingswet komen vanaf 1 juli 2022 tientallen wetten op het gebied van de ‘fysieke leefomgeving’ samen. Als die wet ingaat, krijgen alle bestaande regels - bestemmingsplannen en verordeningen – als het ware een ‘nietje’. Dat pakket noemen we dan het ‘tijdelijk omgevingsplan’. Vervolgens hebben gemeenten tot eind 2029 de tijd om dat pakket aan regels om te zetten in een ‘definitief omgevingsplan’ volgens de spelregels zoals vastgelegd in de Omgevingswet. Het
13
De basis voor de borging van cultuurhistorische waarden in de ruimtelijke ordening, vertaald in de aanpassing van het Besluit ruimtelijke ordening (2012). 14 De basis voor de borging van archeologische waarden, vertaald in de W et op de archeologische monumentenzorg (2007).
RAAP-rapport 5390 / versie 28-10-2021
[53]
Een rijke erfenis voor de toekomst; erfgoedbeleid van de gemeente Neder-Betuwe
omgevingsplan bevat de regels op het gebied van cultureel erfgoed. De grote lijnen van het erfgoedbeleid worden vastgelegd in een omgevingsvisie. Naast de Omgevingswet blijft ook de Erfgoedwet bestaan. Daarin zijn enkele algemene zaken vastgelegd die zorgen dat de erfgoedzorg kan functioneren. Denk daarbij aan het instellen van bewaarplaatsen voor opgegraven archeologische resten (‘depots’), de regels rond de bedrijven die mogen opgraven en het aanwijzen van rijksmonumenten. In de Omgevingswet komen juist de regels terecht over de dagelijkse omgang met erfgoed. Denk daarbij aan het vastleggen van regels voor landschappelijk erfgoed in het omgevingsplan en de aanwijzing van gemeentelijke monumenten door de gemeente. De huidige erfgoedverordening wordt onder de Omgevingswet ook een onderdeel van het omgevingsplan.
Provinciale wetgeving Erfgoed heeft een duidelijke plaats gekregen in de Omgevingsverordening van de provincie Gelderland (2018). Daarin zijn bijvoorbeeld de belangrijkste kwaliteiten van de nationale landschappen vastgelegd, en instructieregels hoe een gemeente landschap en molenbiotopen in het bestemmingsplan moet beschermen. Ook komt daarin de bufferzone Limes voor, die regelgeving ten aanzien van de kernkwaliteiten van de Romeinse rijksgrens met zich meebrengt.
Gemeentelijke wetgeving Regels voor het beschermen van erfgoed heeft de gemeente Neder-Betuwe vastgelegd in de Erfgoedverordening gemeente Neder-Betuwe 2017. Daarin is vooral vastgelegd hoe de gemeente omgaat met haar rijksmonumenten, gemeentelijke monumenten en beschermde gezichten. Ook de archeologische regelgeving is in de verordening opgenomen. De gemeentelijke monumentenlijst en voor bepaalde aspecten ook de rijksmonumentenlijst zijn aan deze verordening ‘geknoopt’.
Gemeentelijke ruimtelijke regels Structuurvisie De structuurvisie van de gemeente Neder-Betuwe leunt zwaar op het onderwerp cultuurhistorie en streekeigenheid. In de structuurvisie wordt bijvoorbeeld geconcludeerd dat de aandacht voor streekeigen thematiek, zoals militaire geschiedenis en watererfgoed, toenemen. Erfgoed wordt onder meer in een toeristisch-recreatief kader gezien. Kansen worden gezien bij het zichtbaar maken van wielen en linies. Tegelijk ook wordt er ook vanuit het perspectief van de ruimtelijke ontwikkelingen naar het onderwerp gekeken. Zo wordt het bewaren van de landschappelijke eigenheid van de uiterwaarden genoemd, waaraan alle functies, zoals natuur, landbouw en recreatief medegebruik een bijdrage moeten leveren. Tegelijk wordt breed gerefereerd aan de vele belangrijke cultuurhistorische objecten en het behouden en versterken ervan, zodat de geschiedenis beleefbaar blijft. Ook specifieke toepassingsdoelen komen aan de orde, zoals versterking van cultuurhistorische waarden bij vergroting van de bergingscapaciteit voor water. Concreet benoemde ontwikkelingen zijn onder meer: - Ontwikkelen Linge als landschappelijke drager, inclusief realisatie EHS;
RAAP-rapport 5390 / versie 28-10-2021
[54]
Een rijke erfenis voor de toekomst; erfgoedbeleid van de gemeente Neder-Betuwe
- Versterken landschappelijke structuren en behoud karakteristieke landschapstypen 15, inclusief dijken; - Landschappelijke inpassing kernen; - Opwaarderen verdedigingslinies. Bestemmingsplannen Naast een verordening is er binnen het “oude stelsel” nog één andere mogelijkheid waarop een gemeente bindende regels voor haar burgers kan vastleggen: het bestemmingsplan. De gemeente Neder-Betuwe kent nu nog een lappendeken aan bestemmingsplannen. Elk bestemmingsplan of elke verzameling van bestemmingsplannen kent een eigen manier van het beschermen van erfgoed. Vaak is er een duidelijk verschil tussen bestemmingsplannen voor het buitengebied en voor de oude kernen. In zijn algemeenheid zijn hierin regels opgenomen over behoud van waarden, vaak bijvoorbeeld via een enkel- of dubbelbestemming. Ook is hierin vastgelegd wanneer een initiatiefnemer archeologisch onderzoek moet laten uitvoeren (via een parapluregeling Archeologie). Voor cultuurhistorie wordt bijvoorbeeld gebruik gemaakt van de dubbelbestemmingen Waarde – Cultuurhistorisch karakteristiek en Waarde – Cultuurhistorisch waardevol gebied, en – met name op het gebied van cultuurlandschap – ook de enkelbestemming ‘Agrarisch met waarden’. Op die manier is al een deel van het buitengebied en de daarin aanwezige bebouwing beschermd. De onderbouwing daarvoor ontbreekt echter, zoals onder ‘aanleiding’ al eerder is aangestipt.
De genoemde dubbelbestemmingen hebben vooral betrekking op het cultuurlandschap, maar daarnaast zijn ook karakteristieke panden op deze manier beschermd. Binnen de bestemmingsplannen buitengebied gaat het respectievelijk om 33 objecten (Kesteren) en 134 objecten (Dodewaard-Echteld). Hieronder vallen rijksmonumenten, gemeentelijke monumenten en niet-beschermde panden. Daarnaast is ook het beschermd dorpsgezicht aan de Boveneindsestraat op deze wijze beschermd.
Ruimtelijk beleid Rijksbeleid Door de verkiezingen voor de Tweede Kamer in het voorjaar van 2021 en de formatie van een nieuw kabinet bevindt het erfgoedbeleid van het rijk zich op dit moment in een overgangsfase. Het kabinet Rutte-III legde haar erfgoedbeleid vast in de beleidsbrief Erfgoed telt. Daarin lag de nadruk onder meer op duurzaamheid van erfgoed, op kwetsbaar erfgoed zoals kerken, op kennis en vakmanschap, op erfgoed in grote ruimtelijke opgaven en op vrijwilligers in de erfgoedsector. Het is waarschijnlijk dat een aantal actuele thema’s ook in het nieuwe erfgoedbeleid van het rijk terug zal komen.
Provinciaal beleid Hiervoor benoemden we al de omgevingsverordening. De provincie Gelderland heeft daarnaast in 2020 een nieuw cultuur- en erfgoedbeleid uitgewerkt. De provincie wil vooral jaarlijks flexibel kunnen bepalen waar zij haar energie in steekt, en zich minder vastleggen op plannen voor een langere termijn. Sommige bijdragen van de provincie zijn al in de zogenaamde uitgangspuntenbrief opgenomen. Soms sluiten die aan op het rijksbeleid, zoals de aandacht voor vrijwilligers en vakmensen. In andere 15
Hierbij geldt wel dat in de structuurvisie ook wordt genoemd dat ‘het gehele buitengebied ruimte moet bieden voor de laanboomteelt, andere functies zijn daaraan ondergeschikt’. Eén en ander kan op gespannen voet staan met elkaar.
RAAP-rapport 5390 / versie 28-10-2021
[55]
Een rijke erfenis voor de toekomst; erfgoedbeleid van de gemeente Neder-Betuwe
gevallen zijn het typisch provinciale taken, zoals de ondersteuning van en samenwerking met provinciale organisaties en de uitvoering van wettelijke provinciale taken. Zo’n wettelijke taak is het archeologisch depot van de provincie in Nijmegen. Hier worden archeologische vondsten uit de hele provincie bewaard.
Gemeentelijk beleid Erfgoed De gemeente Neder-Betuwe had nog geen breed erfgoedbeleid, maar heeft wel in 2018-2019 een participatief proces met haar inwoners doorlopen. Daaruit is de ‘Schatkist van Neder-Betuwe’ naar voren gekomen: een boek met de locaties en thema’s waar de inwoners van Neder-Betuwe het meeste belang aan hechten. Doel van het project was het leveren van input voor de omgevingsvisie en daarmee ook vorm te geven aan participatie. De ‘Schatkist’ als informatieverzameling is in de cultuurhistorische waardenkaart geïntegreerd voor zover het ruimtelijke / tastbare objecten waren waar in de zin van de Omgevingswet aandacht voor kon zijn. Daarnaast zijn de resultaten gebruikt voor toeristisch-recreatieve doeleinden. Toerisme en recreatie Eveneens toeristisch-recreatief wordt gebruikt gemaakt van de ‘moderne landschappen’ van de laanboomteelt in een samenwerking met onder meer Tree Centre Opheusden en de gemeenten Buren en Overbetuwe. Welstand Daarnaast komt erfgoed terug in de gemeentelijke welstandsnota uit 2011.
Cultuurhistorisch waardevolle gebieden behoren tot een welstandsniveau 1, zijnde zware toetsing: - historisch dorpsgebieden van Kesteren, Opheusden en Echteld; - de kern van Ochten; - de historische bebouwingslinten van de grotere kernen en Hien en Wely ; - de historische bebouwingslinten in het buitengebied; - ontwikkelingsgebieden, waaronder het toekomstig woon/werkgebied aan de zuidrand van Kesteren; - het park langs de Rijnbandijk in Kesteren en de begraafplaatsen; - gemeentelijke en Rijksmonumenten en de directe omgeving daarvan; - Kasteel de Wijenburg en omgeving; - toekomstig beschermd dorpsgezicht bij de Boveneindsestraat ten noord-oosten van Kesteren; - buurtschappen, zoals Pottum en Eldik; - beeldbepalende plekken in de kernen of het buitengebied, zoals de kerken, het oude gemeentehuis van Opheusden of fraaie boerderijgroepen;
RAAP-rapport 5390 / versie 28-10-2021
[56]
Een rijke erfenis voor de toekomst; erfgoedbeleid van de gemeente Neder-Betuwe
- cultuurhistorisch waardevolle gebieden, waaronder het gebied ten westen van Dodewaard en de Nieuwe dijk; - natuurgebieden, bijvoorbeeld de buitendijkse uiterwaarden en de wielen; - de dijken met hun bebouwing; - infrastructurele lijnen die belangrijk zijn voor de hoofdstructuur van de gemeente, zoals de Tielsestraat die Kesteren met Opheusden verbindt en de Wijenburgsestraat/Keizerstraat/Heuningstraat tussen Echteld, IJzendoorn en Ochten, die haar vervolg heeft in de Bonengraafseweg richting Dodewaard. Hiertoe behoren ook de spoorlijn en de A15. - de Linge Daarnaast zijn onder welstandsniveau 2 (reguliere toetsing) ook gebieden opgenomen waar cultuurhistorische waarden aan de orde zijn. Groen Een bescherming van bomen is opgenomen in de algemene plaatselijke verordening (APV). Daarbij bestaat wel een groot aantal uitzonderingen, waaronder ook potentieel cultuurhistorisch waardevol groen zoals wegbeplantingen, niet-zijnde knotbomen. Daarnaast heeft de gemeente Neder-Betuwe een Groenbeleidsplan 2017-2021. Cultuurhistorie komt er uitgebreid in aan de orde, vooral als het gaat om kwaliteiten van het bedoelde groen. Gepleit wordt voor extra aandacht voor groen cultuurhistorische objecten (zoals het ensemble met kasteel en kerk in Echteld). Landschap Van betekenis is ook het LandschapsOntwikkelingsPlan van de gemeente Neder-Betuwe uit 2009.
In 2009 is de Landschapsanalyse (deel 1) en de Landschapsontwikkelingsvisie (deel 2) vastgesteld. Deel 3 het Uitvoeringsprogramma, is nog niet vastgesteld en zal in 2022 worden geactualiseerd. Water In het gemeentelijk waterplan is er aandacht voor de verbetering van de ruimtelijke kwaliteit, waaronder de landschappelijke waarden. Klimaat en duurzaamheid Het beleid ten aanzien van duurzaamheid (Nota Duurzaamheid, 2010) komen ‘culturele waarden’ alleen in algemene termen voor. Cultuurhistorische waarden als zodanig worden niet genoemd. In het klimaatbeleid (Klimaatnota 2021-2025) wordt wel aandacht besteed aan de erfgoedwaarden, vooral de landschappelijke. Zo pleit men voor de inpassing van zonne- en windparken langs de A15/Betuweroute omdat daar al aantastingen bestaan. Ook wordt aandacht besteed aan inpassing in het landschap en schaal van het landschap. Erfgoed, cultuurhistorie of monumenten komen op andere manieren niet aan de orde.
RAAP-rapport 5390 / versie 28-10-2021
[57]
Een rijke erfenis voor de toekomst; erfgoedbeleid van de gemeente Neder-Betuwe
RAAP-rapport 5390 / versie 28-10-2021
[58]
Een rijke erfenis voor de toekomst; erfgoedbeleid van de gemeente Neder-Betuwe
RAAP-rapport 5390 / versie 28-10-2021
[59]
Bijlage 3. Tijdschaal Archeologische perioden Datering
Tijdperk
Recente tijd
- 1945
C
Nieuwe tijd
- 1850
B
- 1650
A Laat B Laat A
Vroeg
Middeleeuwen
D: Ottoonse tijd C: Karolingische tijd B: Merovingische tijd
A: Volksverhuizingstijd Laat
Romeinse tijd
Midden Vroeg Laat
IJzertijd
Midden Vroeg Laat
Bronstijd
Midden
Prehistorie
Vroeg
Neolithicum (N ieuwe Steentijd)
Laat Midden Vroeg
Mesolithicum (M idden Steentijd)
Paleolithicum (O ude Steentijd)
Laat Midden Vroeg Laat Jong B Jong A Midden Oud
tabel1_standaard_Archeologisch_RAAP_2014
- 1500 - 1250 - 1050 - 900 - 725 - 525 - 450 - 270 - 70 na Chr. - 15 voor Chr. - 250 - 500 - 800 - 1100 - 1800 - 2000 - 2850 - 4200 - 4900/5300 - 6450 - 8640 - 9700 - 12.500 - 16.000 - 35.000 - 250.000
Bijlage 4. Raadspresentatie 5 november 2020
Colofon Deze beleidsnota werd opgesteld door Luuk Keunen (RAAP), Han Geurts (Gemeente Neder-Betuwe) en CeesJan Frank (Monumenten Advies Bureau). We danken alle betrokken inwoners, organisaties, commissie- en raadsleden en medewerkers van de gemeente voor de bijdrage die zij aan de totstandkoming van deze beleidsnota leverden.