Beantwoording technische vragen
Tekst van het document
Beantwoording technische vragen 1e bestuursrapportage 2026 Onderstaand zijn alle technische vragen beantwoord die naar aanleiding van de 1e bestuursrapportage 2026 gesteld zijn. De vragen zijn gesorteerd op paginanummer.
Nummer
Fractie
Pagina Vraag
Antwoord
1
Gemeentebelangen
1 Waardoor wordt het structurele nadeel op taakveld 0.1 Bestuur van €25.000 in 2026 en € 30.000 vanaf 2027 precies veroorzaakt?
In de financiële verordening is bepaald dat afwijkingen beneden de € 50.000 niet toegelicht hoeven te worden.
2
VNB
13 Wat is de actuele bezetting van wijkagenten in NederBetuwe ten opzichte van de norm?
Er zijn 4 wijkagenten actief in Neder-Betuwe. Deze worden ondersteund door één andere agent. Conform de norm 1 wijkagent op 5000 inwoners zou Neder-Betuwe recht hebben op minimaal 5 wijkagenten. De norm wordt dus niet behaald.
3
Gemeentebelangen
14 Hoeveel wijkagenten zijn momenteel feitelijk beschikbaar voor Neder-Betuwe en hoe verhoudt dit zich tot de landelijke norm?
Zie het antwoord op vraag 2.
4
PRO Neder-Betuwe
14 Basisnorm politie is niet haalbaar, welke acties zet de politie in om dit wel te gaan behalen. Voor NB is er verbetering zichtbaar, waar uit zich dat in?
5
Gemeentebelangen
15 Kan het college een specificatie geven van de geraamde kosten voor de actualisatie van het evenementenbeleid (€20.000)?
De basisnorm is niet haalbaar vanwege financiële tekorten bij de politie. Hierdoor is de eenheid Oost-Nederland tot een aanpak gekomen waarmee wordt toegewerkt naar een verantwoorde verlaging van de bezetting om zo een besparing te realiseren. De verlaging geldt niet voor Gebiedsgebonden Politie en de tactische opsporing. Wel zullen de basisteams moeten zorgen dat zij binnen het gestelde budget blijven en betaalbaar zijn. Hierdoor zijn er geen mogelijkheden om de basisnorm te gaan behalen. Voor Neder-betuwe is er een verbetering zichtbaar als het gaat om de capaciteit van de wijkagenten. Inmiddels zijn er 4 wijkagenten actief in NederBetuwe, waar dit het afgelopen jaar minder was. Voor de actualisatie van het evenementenbeleid maken we gebruiken van externe expertise die op het proces en de inhoud ondersteunen nu deze expertise intern niet aanwezig is. De kosten worden gemaakt om een proces van onderzoek naar het huidige en gewenst beleid, participatie en vertaling in evenementenbeleidsregels te faciliteren.
6
Gemeentebelangen
7
VVD
8
PRO Neder-Betuwe
9
PRO Neder-Betuwe
10
Gemeentebelangen
15 Hoe is de structurele bijdrage aan de Dierenambulance Tiel van €16.000 opgebouwd en wat was de bijdrage in 2025?
De dierenambulance werkt met hele lage bedrijfskosten en voornamelijk met vrijwilligers. Daarnaast heeft de dierenambulance te maken met stijgende (brandstof)kosten. Samen met de gemeenten Tiel, Buren en West-Betuwe is gekeken naar een reële bijdrage voor hun wettelijke taken. Na onderzoek zijn we met ingang van 1 januari 2026 uitgekomen op een vergoeding van € 1,40 per inwoner. Op basis van 26.000 inwoners komt dit neer op een bedrag van € 36.400, per jaar. 15 Kunt u uitleggen waarom het in vaste dienst nemen van de Conform de motie van uw raad en begrotingsbesluit n.a.v. de jeugd BOA lijdt tot lagere lasten in 2026 en 2027? Hoeveel evaluatie van de jeugdboa is er een bedrag gereserveerd in de FTE jeugd BOA is er feitleijk als we kijken naar 2028 en begroting van €115.000,-. Daarbij was uitgegaan van verder lijkt het bedrag niet erg hoog te zijn. (voortzetting van) de inhuur van een externe boa. Gelet op de duur van nog eens 2 jaar en de mogelijkheid die zich voordeed, is besloten de jeugdboa in vaste dienst te nemen. Dit heeft naar verwachting tevens een gunstig effect op de binding en kwaliteit met lokale netwerken. Nu de loonkosten aanzienlijk onder het uurtarief van inhuur uitkomen wordt deze wijziging voorgesteld. De gemeente Neder-Betuwe heeft één jeugdboa (1 FTE) die met haar specialisatie onderdeel uitmaakt van het team boa's.
Met deze wijziging kan de jeugdboa tot en met 2029 onderdeel kan blijven uitmaken van dit team. 15 Actualisatie evenementenbeleid; waarom zijn de kosten voor Zie het antwoord op vraag 5. actualisatie zo hoog geraamd, waar zit hem dit in? 15 Dierenambulance; wat wordt door de organisatie zelf gedaan De dierenambulance werkt met hele lage bedrijfskosten en om kosten te beperken of om financiële middelen binnen te voornamelijk met vrijwilligers. Daarnaast heeft de halen? dierenambulance te maken met stijgende (brandstof)kosten. Samen met de gemeenten Tiel, Buren en West-Betuwe is gekeken naar een reële bijdrage voor hun wettelijke taken. Na onderzoek zijn we met ingang van 1 januari 2026 uitgekomen op een vergoeding van € 1,40 per inwoner. Op basis van 26.000 inwoners komt dit neer op een bedrag van € 36.400, per jaar. 17 Welke alternatieven zijn onderzocht om het aanbod van Er zijn geen alternatieve monitoringsmethoden onderzocht. vrijesectorwoningen alsnog te kunnen monitoren? Omdat er geen centrale registratie van verhuurtransacties in de vrije sector beschikbaar is, ontbreekt een betrouwbare gegevensbron om het aanbod structureel te monitoren.
11
PRO Neder-Betuwe
17 Als het monitoren van het aanbod in de vrije sector niet mogelijk is, waarom wordt deze doelstelling dan toch als beoogd resultaat in het beleid opgenomen? Is het college bereid deze doelstelling te herformuleren of anders te operationaliseren, zodat deze wel meetbaar en controleerbaar wordt binnen de bestaande informatievoorziening?
De doelstelling is opgenomen vanuit de wens om meer inzicht te verkrijgen in de ontwikkelingen binnen de vrije huursector. In de praktijk is gebleken dat de benodigde gegevens niet beschikbaar zijn, waardoor de doelstelling niet uitvoerbaar en niet meetbaar is.
12
PRO Neder-Betuwe
17 Voortgang haalbaarheidsonderzoek SMR komen we niet tegen.
13
PRO Neder-Betuwe
17 Wat is de impact van de herhaaldelijke vertragingen in projecten op de kwaliteit en veiligheid van de openbare ruimte, en welke structurele maatregelen neemt het college om verdere vertraging te voorkomen?
14
PRO Neder-Betuwe
17 Waarom worden incidentele financiële voordelen door vertragingen gepresenteerd als ‘voordeel’, terwijl dit in feite betekent dat onderhoud en investeringen in de openbare ruimte worden uitgesteld?
15
VNB
17 Welke gegevensbronnen zijn onderzocht voordat werd geconcludeerd dat monitoring van de vrije sector niet mogelijk is?
Dat klopt. De deelname aan het haalbaarheidsonderzoek naar een SMR is pas na de deadline van de 1e berap besloten. Vanaf de volgende P&C documenten wordt hierover gerapporteerd. Uiteraard houden wij u op de hoogte van ontwikkelingen via informatiebrieven en de collegeinformatieavonden. De kwaliteit en veiligheid zijn geborgd binnen het beheer- en onderhoud en de kaders IBOR. Projecten in de openbare ruimte vragen tijd, afstemming en overleg met stakeholders en netbeheerders. Deze afstemming wordt geïntensiveerd om te komen tot voorbereiding en vervolgens uitvoering. De benodigde capaciteit in de ambtelijke organisatie om de projecten in voorbereiding en naar uitvoering te brengen is een aandachtspunt. De term 'voordeel' heeft uitsluitend betrekking op het begrotingsjaar waarop wordt gerapporteerd. Het betreft uitgestelde uitgaven als gevolg van vertraging in de uitvoering. Wij onderkennen dat dit inhoudelijk niet als een voordeel kan worden gezien, omdat onderhoud en investeringen later worden gerealiseerd. Financieel leidt dit echter in het verslagjaar wel tot lagere uitgaven dan begroot. Er zijn geen bruikbare gegevensbronnen beschikbaar waarmee het aanbod in de vrije sector volledig en betrouwbaar kan worden gemonitord. Omdat verhuur plaatsvindt via diverse marktpartijen en er geen registratiesysteem bestaat, ontbreekt een centrale bron voor deze informatie.
16
Gemeentebelangen
18 Welke concrete capaciteitsknelpunten hebben geleid tot vertraging bij de inventarisatie van arbeidsmigranten en de realisatie van verblijfplaatsen?
Door ziekteverzuim en personeelswisselingen was onvoldoende capaciteit beschikbaar om deze werkzaamheden eerder op te pakken. Inmiddels zijn met initiatiefnemers nieuwe afspraken ingepland.
17
Gemeentebelangen
18 Welke belemmeringen zijn ontstaan bij de voorgenomen locaties voor de 13 nieuwe woonwagenstandplaatsen?
Uit onderzoek is gebleken dat de voorgenomen locaties ruimtelijke en milieutechnische belemmeringen met zich meebrengen.
18
Gemeentebelangen
20 Wat is de omvang van het genoemde nadeel bij het beheer van de begraafplaatsen als gevolg van de btw-systematiek en te laag geraamde budgetten?
De overschrijding bedraagt 21% van het totale beschikbare en bestede budget.
19
Gemeentebelangen
20 Wanneer verwacht het college volledig inzicht te hebben in Er wordt een brief gestuurd naar AVRI met het verzoek voor 8 de frictiekosten van de overdracht van beeldbepalende taken juli te reageren. Wij vragen daarin wederom om de cijfers snel van AVRI naar de gemeente? aan te leveren.
20
VVD
20 3.2.3.9 u heeft aan dat speelplaatsen die voor 2025 op de agenda stonden, nu in 2026 worden afgerond. Welke effecten heeft dit voor de realisatie van speelplekken die in 2026 gepland stonden.
Het effect is dat ook een deel van deze speelplekken in 2027 worden gerealiseerd. Dat zijn de speelplekken waar we zorgvuldig met inwoners willen participeren over de inrichting
21
VVD
20 In het geval dat de AVRI niet meewerkt aan het verschaffen van duidelijkheid omtrent de kosten, welke grens kan de gemeente dan stellen? Kunt u, of heeft u, een uiterste datum aangeven waarvoor de verrekening dient te hebben plaatsgevonden?
Zie antwoord op vraag 19.
22
Gemeentebelangen
21 Welke gevolgen heeft het faillissement van S-Tec voor de planning, resultaten en financiële bijdrage van de pilot Energie Expertteam Rivierenland?
23
VNB
De activiteiten liggen momenteel stil. Initiatiefnemers VNONCW en Energie Samen Rivierenland beraden zich momenteel over vervolgacties. Als initiatiefnemers zijn zij momenteel aan zet en beoordelen wij een eventueel verzoek. 24 Kunt u het incidentele nadeel op taakveld 7.5 Het niet kunnen verrekenen van btw via het btwBegraafplaatsen (€ 75.000) uitsplitsen in het deel dat compensatiefonds leidt in 2026 tot een nadeel van € 55.000. samenhangt met de btw-veronderstelling, het deel dat De overige overschrijding van € 20.000 wordt veroorzaakt door samenhangt met de contractafspraken met de aannemer en onvoorziene werkzaamheden, zoals het herstel van eventuele overige oorzaken? Kunt u daarbij ook aangeven of verschillende hekwerken op de begraafplaatsen en de kosten een eventuele systeemcorrectie doorwerkt naar latere jaren? voor de actualisatie van het begraafplaatsbeleid. Bij de actualisatie van het beleid zullen wij de begroting opnieuw beoordelen en aanpassen, zodat deze beter aansluit bij de werkelijke uitgaven. Op basis van de huidige kostenontwikkeling betekent dit dat de begroting met minimaal 21% moet worden verhoogd.
24
VNB
24 Bij taakveld 8.3 Wonen en bouwen is sprake van een incidenteel voordeel en nadeel van € 847.000 in 2026. Kunt u het bruto verloop van deze boeking toelichten (onttrekking uit derdengelden, verwerking in de exploitatie en betaling aan Energieloket Rivierenland) en aangeven wat hiervan het netto-effect op het begrotingssaldo is?
Het netto effect is nul. Het gaat hier om een administratieve handeling over 2 boekjaren heen.
25
VNB
24 Kunt u specificeren welke investeringen/kapitaalgoederen leiden tot de voordelen op taakveld 2.1 Verkeer en vervoer (€ 105.000 in 2026; € 62.000 in 2027; € 65.000 in 2028; € 40.000 in 2029) en 5.7 Openbaar groen (€ 112.000 in 2026; € 92.000 in 2027; € 78.000 in 2028; € 75.000 in 2029), inclusief de oude en nieuwe uitvoerings- of activeringsplanning per investering?
Op pagina 24 wordt het totaal weergegeven van de actualisatie van de kapitaalgoederen. Uiteraard ligt hier een specificatie aan ten grondslag, maar deze is te gedetailleerd voor opname in de P&C documenten.
26
PRO Neder-Betuwe
33 De komende periode wordt er verwacht dat er samenwerking tussen regiogemeenten plaats gaat vinden om tot een regionaal plan te komen m.b.t. de spreidingswet. Waarom nemen we zelf niet de regie en blijven we afwachten?
27
PRO Neder-Betuwe
34 Wat wordt bedoeld met autonome groei van het aantal jeugdigen in de gemeente m.b.t. de tekorten?
De Spreidingswet gaat uit van een gezamenlijke verantwoordelijkheid binnen de provincie, waarbij gemeenten in regionaal verband afspraken maken over de verdeling van opvangplekken. Onze gemeente maakt daarbij onderdeel uit van de subregio Rivierenland, waarbinnen de verdeling en afstemming plaatsvindt in samenwerking met de regiogemeenten. Regionale samenwerking is niet alleen een wettelijke verplichting, maar biedt ook meerwaarde. Door gezamenlijk op te trekken kunnen we bijvoorbeeld voorzieningen zoals onderwijs, zorg en begeleiding efficiënter organiseren. Wij nemen actief deel aan het regionale proces en brengen daarin onze eigen verantwoordelijkheid en opgave in. Binnen de subregio is iedere gemeente zelf verantwoordelijk voor de realisatie van de eigen taakstelling. Met autonome groei van het aantal jeugdigen wordt bedoeld dat het aantal kinderen en jongeren in de gemeente toeneemt als gevolg van demografische ontwikkelingen. Waar landelijk in veel gemeenten sprake is van een dalend geboortecijfer en een afname van het aandeel jeugdigen op de totale lokale bevolking, zien we in gemeente Neder-Betuwe juist een groei van het aantal jeugdigen. Een deel van de jeugdigen doet gedurende zijn of haar jeugd een beroep op ondersteuning of jeugdhulp. Wanneer het aantal jeugdigen in de gemeente toeneemt, neemt daardoor ook het aantal jeugdigen met een ondersteuningsvraag toe.
Dit leidt tot een grotere vraag naar jeugdhulp en daarmee tot hogere uitgaven. Om deze autonome groei op te vangen, wordt bij de begroting rekening gehouden met de verwachte ontwikkeling van het aantal
28
PRO Neder-Betuwe
29
PRO Neder-Betuwe
jeugdigen. Het budget voor jeugdhulp wordt daarom jaarlijks structureel bijgesteld, zodat de gemeente ook bij een groeiende jeugdpopulatie voldoende middelen beschikbaar heeft om passende ondersteuning te bieden. 35 Tijdens de informatieavond is aangegeven dat het De werkelijke uitgaven aan jeugdhulp bedroegen in 2024 € 9,5 structurele tekort van € 1,7 mln is gebaseerd op de miljoen. Over 2025 zijn de definitieve uitgaven inmiddels verwachte uitgaven 2025 van circa € 11,8 mln. Kan een bekend en deze komen uit op € 11,8 miljoen. Ten opzichte van cijfermatige aansluiting worden verstrekt tussen 2024 betekent dit een stijging van € 2,3 miljoen. Deze gerealiseerde kosten 2024, verwachte kosten 2025, kostenstijging was al zichtbaar bij de tweede prijsindexatie, autonome groei en overige volumegroei, zodat bestuursrapportage 2025. Omdat destijds nog onvoldoende inzichtelijk wordt hoe de structurele budgetverhoging van € duidelijk was in hoeverre sprake was van een structurele 2,381 mln exact is opgebouwd? ontwikkeling, is toen slechts € 0,8 miljoen structureel verwerkt. Inmiddels is gebleken dat het volledige tekort een structureel karakter heeft. Daarom is het resterende bedrag van circa € 1,6 miljoen structureel opgenomen in de eerste bestuursrapportage 2026.
Aan deze kostenstijging liggen verschillende ontwikkelingen ten grondslag, die per taakveld zijn toegelicht in de tweede bestuursrapportage 2025 (pagina 56 t/m 58). Daarnaast worden in de eerste bestuursrapportage 2026 twee andere structurele posten verwerkt. Ten eerste wordt vanaf 2026 rekening gehouden met autonome volumegroei. In Neder-Betuwe neemt het aantal jeugdigen nog steeds toe, in tegenstelling tot de landelijke trend. Daarom wordt het jeugdhulpbudget vanaf 2026 jaarlijks structureel verhoogd met 0,6%. Voor 2026 komt dit neer op circa € 70.000. Ten tweede wordt € 0,6 miljoen aan prijsindexatie verwerkt. Deze indexatie vloeit voort uit contractuele afspraken met aanbieders van jeugdhulp. De indexatie wordt jaarlijks bij de eerste bestuursrapportage verwerkt en grotendeels gedekt vanuit de stelpost prijsstijgingen. Voor 2026 bedraagt de indexatie tussen de 5,06% en 5,13%. Naast deze structurele aanpassingen worden incidenteel middelen gevraagd voor de verdere ontwikkeling van een stevig lokaal team en de uitwerking van scenario's voor kostenbeheersing binnen het jeugddomein. 35 Welke omvang heeft de autonome groei als gevolg van De structurele budgetverhoging van € 2,4 miljoen is niet bevolkingsgroei afzonderlijk binnen de structurele uitsluitend toe te schrijven aan bevolkingsgroei en budgetverhoging van € 2,381 mln en welk deel wordt prijsindexatie.
De ontwikkeling van de jeugdhulpkosten wordt veroorzaakt door prijsindexatie respectievelijk volumegroei? beïnvloed door meerdere factoren, waaronder demografische ontwikkelingen, veranderingen in de aard en zwaarte van de ondersteuningsvragen, maatschappelijke ontwikkelingen en het gebruik van jeugdhulpvoorzieningen. Zie voor een verdere toelichting het antwoord op vraag 28.
30
PRO Neder-Betuwe
31
VNB
32
VNB
35 Voor de lopende beheersmaatregelen jeugdzorg wordt aangegeven dat financiële effecten pas op langere termijn zichtbaar worden. Is per maatregel een verwacht financieel effect opgenomen en zo ja, wat is de verwachte besparing per jaar vanaf 2027?
In de huidige begroting zijn al twee stelposten opgenomen van in totaal € 750.000. Dit betreft een lokale stelpost van € 300.000, opgenomen naar aanleiding van het ombuigingstraject 2025 vanaf 2027, en een stelpost van € 450.000 als gevolg van de korting op het gemeentefonds vanaf 2028 in relatie tot de financiële afspraken uit de Hervormingsagenda Jeugd. De verwachting is dat met de eerste set beheersmaatregelen circa 2/3 van deze opgave kan worden gerealiseerd (zie ook de raadsinformatiebrief van 3 juli 2025 Z/25/110069/249247). Omdat de maatregelen momenteel nog worden geïmplementeerd, zal het volledige besparingspotentieel waarschijnlijk nog niet in 2027 zichtbaar zijn. Daarnaast geldt voor een relatief kleine gemeente als Neder-Betuwe dat de kostenontwikkeling sterk kan worden beïnvloed door een beperkt aantal cliënten met hoge zorgkosten. Dit kan het uiteindelijke financiële effect beïnvloeden. 35 Kunt u het structurele nadeel op de jeugdbudgetten (€ Aan de structurele tekorten op de jeugdhulpbudgetten liggen 2.380.503 in 2026 oplopend naar € 2.497.903 in 2029) verschillende factoren ten grondslag.
In de tweede uitsplitsen per taakveld (6.752, 6.762, 6.763, 6.821, 6.822 en bestuursrapportage 2025 is per taakveld toegelicht welke 6.92) en per oorzaak (volumeontwikkeling, tarief/indexatie, ontwikkelingen hebben geleid tot deze financiële nadelen zwaardere casuïstiek en overige oorzaken)? (bladzijde 56 - 58). Hoewel ten tijde van de tweede bestuursrapportage nog niet met voldoende zekerheid kon worden vastgesteld dat deze tekorten volledig structureel van aard waren, blijkt uit de jaarrekening dat hiervan wel sprake is. Om die reden zijn de tekorten volledig als structureel aangemerkt en verwerkt in de eerste bestuursrapportage 2026. Een nadere toelichting op de oorzaken en de omvang van de tekorten is opgenomen op pagina’s 56 tot en met 58 van de tweede bestuursrapportage 2025. Hoewel de specifieke oorzaken en de mate waarin deze zich voordoen per jaar kunnen verschillen, is de verwachting dat de onderliggende ontwikkelingen die bijdragen aan de tekorten in lijn zullen liggen met de in de tweede bestuursrapportage 2025 beschreven oorzaken. 35 Welk deel van het genoemde structurele tekort vanuit 2025 € 0. Ten tijde van het opstellen van de begroting 2026 bestond (€ 1.614.703) is al verwerkt in de primaire begroting 2026 en nog onvoldoende duidelijkheid over de financiële welk deel wordt via deze eerste bestuursrapportage alsnog ontwikkelingen binnen het jeugddomein.
Deze ontwikkelingen structureel bijgeraamd? zijn daarom slechts gedeeltelijk verwerkt in de tweede bestuursrapportage 2025 en zijn pas volledig opgenomen in de eerste bestuursrapportage 2026.
33
SGP
36 Uitvoering bestuursopdracht. Wat voor keuzes kan een extra Het gaat niet om een extra manager, maar om een manager helder maken die huidige (ervaren) ambtenaren projectleider. Gezien de urgentie van dit vraagstuk willen we de niet op papier kunnen krijgen? uitvoering versnellen. De projectleider ondersteunt de ervaren medewerker bij de projectmatige werkzaamheden en bewaakt de voortgang. Hierdoor krijgt de beleidsadviseur meer ruimte voor de inhoudelijke uitwerking. Zo combineren we de expertise die al in huis is met extra uitvoeringskracht.
34
VVD
36 U stelt: Daarom wordt eerst een visie ontwikkeld, gevolgd door een uitvoeringsagenda en implementatie. Kunt u uitleggen waarom een extra visie echt noodzakelijk is op de bestaande visies die er al zijn als het gaat om zorg en jeugd? Past dit niet binnen de bestaande visies. Welke concrete verbeterpunten zijn er?
35
PRO Neder-Betuwe
36 Groei jeugdigen; waardoor vraag naar ondersteuning toeneemt. Wat wordt er aan de voorkant gedaan of ingezet om die vraag naar ondersteuning te beperken?
We beschikken inderdaad over visies en beleidskaders binnen het sociaal domein, zoals de Nota Sociaal Domein. De aanvullende visie op toegang en lokale teams is dan ook niet nodig vanwege een gebrek aan beleid, maar vanwege het verschil tussen beleidskaders en de uitvoeringsstructuur. De bestaande nota’s geven vooral richting aan de inhoudelijke doelen, terwijl de ontwikkeling naar Stevige Lokale Teams vraagt om een nadere uitwerking van de inrichting van de toegang, de positionering en rol van het Kernpunt en de werkwijze in de uitvoering. Daarnaast vraagt de landelijke ontwikkeling om één samenhangend kader en een expliciete verbinding met landelijke ontwikkelingen. De nieuwe visie vormt daarom een verbindende schakel tussen bestaand beleid en de uitvoeringsagenda richting 2028. Het gaat daarbij niet om het vervangen van bestaande visies, maar om het samenbrengen en operationaliseren daarvan in het licht van de huidige landelijke hervormingen en de doorontwikkeling richting 2028. Aan de voorkant zetten we samen met onze samenwerkingspartners in op het versterken van de directe leefomgeving van jeugdigen. Dit betreft onder meer goed onderwijs, toegang tot (sport)verenigingen, jongerenwerk en een groot aanbod van collectieve en preventieve voorzieningen.
Ook een toegankelijke en laagdrempelige publieke infrastructuur is hierbij van belang, omdat deze jeugdigen en ouders ondersteunt om mee te doen en vragen over opvoeden en opgroeien in het dagelijks leven bespreekbaar te maken. Hieraan draagt de realisatie van een Stevig Lokaal Team bij. Het versterken van de sociale basis vormt daarmee, naast het gedachtegoed normaliseren, een belangrijk onderdeel van het preventieve jeugdbeleid. Dit neemt niet weg dat een stijging van het aantal jeugdigen met een ondersteuningsvraag in de gemeente waarschijnlijk blijft doorzetten. Niet alle ondersteuningsvragen kunnen immers worden opgevangen binnen het voorliggend veld.
36
PRO Neder-Betuwe
36 Werkwijze kernpunt; daar zijn ontwikkelpunten. Welke zijn dit De belangrijkste lokale ontwikkelpunten binnen de werkwijze en hoe wordt dit in de toekomst aangepakt en verbetert om van Kernpunt liggen op het gebied van laagdrempelige de kosten te verlagen? toegang, zichtbaarheid en continuïteit van ondersteuning. Een van de uitgangspunten uit het richtinggevend kader voor Stevige Lokale Teams is dat medewerkers van de toegang en de lokale teams dichtbij inwoners staan, goed vindbaar zijn en zichtbaar aanwezig zijn in de verschillende kernen. Op dit moment is deze fysieke aanwezigheid nog onvoldoende geborgd. Daarnaast ligt er een ontwikkelopgave in het versterken van de rol van de lokale teams bij het zelf bieden van (basis)ondersteuning en het behouden van een vaste contactpersoon voor inwoners gedurende het ondersteuningsproces. In de huidige praktijk gebeurt dit nog niet in alle situaties voldoende. De ontwikkeling van Stevige Lokale Teams is een belangrijke randvoorwaarde voor het realiseren van de beheersmaatregelen die in 2025 zijn vastgesteld en de aanvullende scenario's die momenteel worden uitgewerkt. Deze inzet draagt niet alleen bij aan betere ondersteuning voor inwoners, maar ook aan een doelmatiger inzet van middelen en het terugdringen van de afhankelijkheid van specialistische jeugdhulp.
Daarmee levert dit op termijn een bijdrage aan het beheersen en verlagen van de kosten binnen het jeugdhulpbudget. 36 Keuze jeugdhulpbudgetten; wanneer kunnen we die De volledige planning van de scenario’s kostenbeheersing verwachten? 2026 is tijdens de college informatieavond op 21 mei 2026 gecommuniceerd met de raad. De keuzes worden in januari 2027 aan de gemeenteraad voorgelegd.
37
PRO Neder-Betuwe
38
VNB
36 Kunt u voor de Wmo-budgetten (€ 338.141 in 2026 en vanaf 2027 € 224.557 structureel) aangeven welk bedrag ziet op indexatie van huishoudelijke hulp, begeleiding en dagbesteding, en in hoeverre hierin ook volume-effecten zijn opgenomen?
39
PRO Neder-Betuwe
40 Speelplekken; niet alle plekken zijn gerealiseerd, wanneer wordt verwacht dat dit wel het geval is?
40
PRO Neder-Betuwe
41 Vervanging Klaartje; wat wordt er gedaan om hiervoor De initiatiefnemer Stichting Welzijn Senioren (SWO) heeft financiële middelen binnen te halen buiten de gemeente om? diverse fondsen aangeschreven, waar aanvullende inkomsten uit zijn gekomen. Daarnaast ontvangt de SWO sponsoring en
De indexatie van de tarieven van huishoudelijke hulp, begeleiding en dagbesteding is een verplichting binnen de Wmo-contracten. Voor 2026 is het vastgestelde cijfer voor huishoudelijke hulp 5,57%, en voor begeleiding en dagbesteding 5,49%. Het gehele structurele bedrag van € 224.557 betreft de gevolgen van prijsindexatie op basis van de contractafspraken en volume-ontwikkelingen in het voorgaande jaar. De herinrichting van de speelplekken die voor 2026 gepland staan, worden allemaal in het eerste halfjaar 2027 afgerond.
betalen de gebruikers een bijdrage per rit. Samen met de bijdrage van ons als gemeente is de SWO hiermee in staat om de bus te vervangen en de vervoersdienst in stand te houden. 41
VNB
42
VNB
43
SGP
Bij de ombuigingen kadernota 2026 is er een bedrag van € 95.000 afgeraamd op het budget van de Bibliotheek, vanuit de aanname dat dit vanuit het OAB-budget bekostigd kon gaan worden. Echter bleek dat dit grotendeels reeds vanuit OABbudget betaald werd, en er geen dekking op het budget van de Bibliotheek tegenover stond. In 2025 werd er namelijk al ca. €90.000 vanuit OAB bekostigd. In 2026 is binnen de OABgelden een extra bedrag vrijgemaakt waardoor er nu in totaal ca. €120.000 vanuit OAB betaald wordt. Door de extra vrijgemaakte ruimte binnen het OAB-budget resteert er nog een tekort van € 64.355. Dit tekort heeft twee oorzaken. Het grootste deel, ca. € 54.000, is het gevolg van de indexatie die de Bibliotheek aan ons doorberekent. Deze indexatiestijgingen zijn in 2023, 2024 en 2025 niet verwerkt in de gemeentelijke prijsstijgingen. De resterende ca. € 10.000 hangt samen met het inhoudelijke aanbod van de Bibliotheek wat we niet kunnen koppelen aan de doelen vanuit het OAB. 42 Kunt u de provinciale subsidie van € 400.000 voor de De globale verdeling over de jaren is als volgt: € 200.000 in Dorpendeal Dodewaard uitsplitsen naar de jaren 2026-2028 2026 en € 100.000 in zowel 2027 als 2028.
Er is € 140.000 en naar de onderdelen MFC, beweegpark, beschikbaar voor de inrichting van de ontmoetingsruimte van kwartiermaker/procesbegeleider en activiteiten, en het MFC en € 75.000 voor de herinrichting van het bevestigen op welke wijze deze middelen budgettair neutraal beweegpark. Vervolgens is € 90.000 gereserveerd voor de in de exploitatie zijn verwerkt? inzet van een kwartiermaker en € 75.000 voor de inzet van een procesbegeleider. Tot slot is € 20.000 voorzien voor de organisatie van activiteiten gedurende de subsidieperiode van drie jaar. Deze verdeling is onderdeel geweest van de aanvraag bij de provincie. De baten en lasten zijn allebei met € 400.000 verhoogd, waardoor deze dorpendealsubsidie van de provincie budgetneutraal is verwerkt. 42 Kunt u de genoemde dubbele financiële besparing bij de bibliotheek cijfermatig specificeren, inclusief welk deel via OAB-middelen al in de begroting was verwerkt en welk deel daardoor in 2026 leidt tot het structurele nadeel van € 64.355 op taakveld 5.6 Media?
48 Er in een RIB (feb 2026) gesteld dat er een eenmalige investering nodig is. Hier wordt nu een half miljoen voor gevraagd. De onderbouwing lijkt te missen. Graag zien we een nadere onderbouwing over het waarom van dit extra geld.
Om ook in de toekomst invulling te blijven geven aan de opgaven die voor ons liggen is een krachtige organisatie nodig. Om dit te blijven gaan we per 1 september over naar een directiemodel. Om deze omslag op alle onderdelen als strategie, cultuur, mens en bemensing, en systemen en processen te laten slagen is extra capaciteit, budget voor werving en selectie en voor opleiding en training nodig.
44
VVD
48 Een groot deel van de transitiekosten zit in tijdelijke personeelslasten. In hoeverre is er bij de uitwerking van de detailstructuur gekeken naar het schrappen van nietkerntaken om de benodigde formatie vrij te spelen, in plaats van het tijdelijk 'dubbel' bezetten van functies tijdens de overgang? Welke maatregelen zijn genomen om deze kosten binnen de perken te houden? Welke taken kunnen worden geschrapt om dit direct budget neutraal te laten zijn?
45
VNB
48 Kunt u het structurele nadeel op taakveld 0.4 Overhead (€ 224.000 in 2026 oplopend naar € 441.000 in 2029) specificeren naar de belangrijkste componenten, bijvoorbeeld salarissen/CAO, inhuur, formatie, ICT/licenties, huisvesting en overige posten?
46
VNB
47
VNB
49 Kunt u voor taakveld 0.7 Algemene uitkering een aansluiting geven tussen het voordeel uit de decembercirculaire 2025 en de extra lasten die samenhangen met CDOKE op programma 3 en het uitstel van het abonnementstarief Wmo op programma 5, zodat het netto effect per jaar inzichtelijk is? 53 Kunt u een overzicht geven van de in totaal € 983.000 aan aanspraken op de stelpost prijsstijging 2026, uitgesplitst per programma en taakveld, en daarbij aangeven hoe dit zich verhoudt tot de beschikbare middelen en het structurele nadelige saldo van € 670.000?
De feitelijke kosten voor de doorontwikkeling zijn zowel incidenteel als structureel hoger dan de bestaande en aangevraagde middelen. Maar door met de bestaande middelen efficiënt om te gaan wordt formatie vrijgespeeld om de benodigde capaciteit vrij te maken. Dit geldt ook voor veel nieuwe werkzaamheden door nieuwe regelgeving. Waar het kan worden deze nieuwe werkzaamheden binnen de bestaande formatie opgevangen. Voor de efficiencyslag is tijd nodig, waardoor wordt voorgesteld om bestaande ombuigingen op de formatie uit te stellen en tijdelijk middelen beschikbaar te stellen om dit mogelijk te maken. Kortom er kunnen geen taken worden geschrapt en waar we de budgetten efficiënt in kunnen zetten wordt dit al gedaan. Mocht u taken willen schrappen, dan zullen hier inhoudelijke keuzes voor moeten worden gemaakt. Alle componenten met een afwijking van meer dan € 50.000 zijn toegelicht en gespecificeerd onder het kopje taakveld 0.4 overhead.
Per raadsinformatiebrief inzake de algemene uitkering staat opgenomen de toename of afname van de algemene uitkering en daarbij toegevoegd de extra op te nemen lasten en of baten in onze exploitatie. Zodoende kunt u per circulaire in de RIB zien wat het netto effect is op onze financiële positie Voor het jaar 2026 zijn wij gestart met een stelpost prijsstijging ter hoogte van € 480.000, gebaseerd op de septembercirculaire 2025. Bij de start van de 1e bestuursrapportage 2026 resteerde nog een bedrag van € 313.000. Met name via verschillende begrotingswijzigingen voor de verbonden partijen is hier aanspraak op gemaakt. Voor de resterende € 313.000 is in deze bestuursrapportage een aanvullende aanspraak verwerkt van € 983.000. Met name vanuit programma 5 is hier aanspraak op gemaakt. Zie hiervoor pagina 36. Zodoende is per saldo sprake van een nadelig effect van structureel € 670.000 op onze financiële positie.
48
SGP
56 Welke invloed heeft het laten vrijvallen van de projectkosten Gastvrije Waaldijk op de integrale uitvoering van het project; waar ook RIB-7 2023 (Gastvrije Waaldijk) een kritische noot bij plaatst?
49
VNB
3 en 53
Kunt u een cijfermatige aansluiting geven tussen de negatieve bijstelling van € 2,1 miljoen in 2026 op bladzijde 3 en het totaal van € 2,035 miljoen op bladzijde 53, inclusief eventuele afrondingsverschillen en de doorwerking van eerder vastgestelde en concept-begrotingswijzigingen?
50
PRO Neder-Betuwe
3 en 6
Het Rekenkameronderzoek Onderbesteding concludeert dat afwijkingen mede worden veroorzaakt door planningsoptimisme, capaciteitsbeperkingen en vertragingen in uitvoering en investeringen. Kan het college aangeven welke in de 1e Bestuursrapportage 2026 opgenomen afwijkingen direct of indirect aan deze oorzaken zijn toe te schrijven en wat hiervan de financiële omvang is per programma?
51
PRO Neder-Betuwe
35 en Tijdens de informatieavond is aangegeven dat financiële ombuigi effecten van maatregelen vóór 2027 niet realistisch zijn. ngen Waarom is in de meerjarenraming vanaf 2027 reeds een ombuiging van € 300.000 opgenomen en op welke concrete maatregelen is deze gebaseerd?
52
VNB
54-57
Kunt u per investeringskrediet dat in 2026 nog beperkt is gerealiseerd maar wel een substantieel resterend saldo heeft (zoals uniforme schoolzones 2024/2025/2026, aanvullend voorbereidingskrediet Randweg Opheusden en voetgangersbrug Casterhoven) de actuele planning, de oorzaak van vertraging en het verwachte jaar van besteding aangeven?
Op het moment dat deze kosten vrijvallen zal het dijkvak Neder-Betuwe niet conform de inrichting van Gastvrije Waaldijk worden uitgevoerd. De integrale uitvoering van het gehele trace en de financiering daarvan ligt vast in een realisatieovereenkomst (ROK) waar alle betrokken overheden een handtekening hebben gezet, weliswaar met de clausule dat de gemeenteraad het krediet beschikbaar moet stellen. De gemeente zal dan terug moeten naar de ROK partners en moeten aangeven dat we terugkomen op de handtekening onder de ROK. Het bedrag € 2,1 miljoen had afgerond dienen te worden op € 2 miljoen. Dit sluit aan op de tabel op pagina 3 en pagina 53.
Het totaaloverzicht van afwijkingen is in de 1e Bestuursrapportage opgenomen op pagina 53. De volgende positieve afwijkingen (onderbesteding) van meer dan € 50.000 zijn direct of indirect het gevolg van oorzaken als planningsoptimisme, capaciteitsbeperkingen en vertragingen in de uitvoering. In Programma 3: Verkeer en vervoer (€ 105.000) en Openbaar Groen (€ 112.000), totaal € 217.000. In Programma 6: Onderwijshuisvesting (€ 156.000), totaal € 156.000 De Gemeenteraad heeft de keuze gemaakt om deze structurele ombuiging ter hoogte van €300.000 op te nemen in de begroting 2026 op basis van de ombuigingscatalogus 20262029.
Randweg Opheusden: De aanleg start in 2027 en wordt naar verwachting in 2032 afgerond. Uniforme schoolzones: De werkzaamheden zijn/waren voorbereid, maar konden in 2025 niet uitgevoerd worden i.v.m. late leveringen van materialen. Uitvoering is in 2026. Molenstraat-Heuningstraat: de werkzaamheden worden voorbereid, er is nog nadere afstemming nodig i.v.m. busroute. Uitvoering is nu voorzien in 2027. Voetgangersbrug Casterhoven: De uitvoering heeft vertraging opgelopen door vergunningprocedures, afstemming met betrokken partijen en de levertijd van de voetgangersbrug. Momenteel loopt de behandeling van ontvangen bezwaren
tegen de aanleg. De verwachting is dat de resterende middelen naar verwachting in 2026 besteed worden.
53
VNB
Kunt u voor programma 6 toelichten welke concrete investeringen leiden tot de actualisatie van kapitaallasten (-€ 270.000 in 2026, -€ 412.000 in 2027, +€ 26.000 in 2028 en € 108.000 in 2029), met vermelding van de gewijzigde ingebruiknamedatum per investering?
Dit betreft de investeringen in de schoolgebouwen van De Wegwijzer, Het Kompas en Het Palet in Kesteren. In overleg met de betrokken schoolbesturen zijn de beoogde ingebruiknamedata aangepast ten opzichte van de planning in het Integraal Huisvestingsplan (IHP) 2026–2041. Voor De Wegwijzer is de ingebruikname verschoven van de periode 2026–2029 naar 2030. Voor Het Kompas en Het Palet is de ingebruikname naar voren gehaald van de periode 2030–2033 naar 2029. Deze gewijzigde planning is toegelicht tijdens de raadsinformatieavond van 6 november 2025.