Beantwoording technische vragen
Tekst van het document
Technische vragen bestemmingsplannen beeldvormende avond 11 april 2024 Bestemmingsplan:
Partij:
Vragen:
Antwoord:
3b. MFC Dodewaard
PvdA
In het raadsvoorstel wordt onder stikstof gesteld dat de effecten op beschermde diersoorten nog niet uitgesloten kunnen worden. Hier wordt aanvullend onderzoek naar uitgevoerd. Wanneer en wat zijn de mogelijke consequenties voor de vaststelling van dit plan?
3b. MFC Dodewaard
PvdA
Onder flora en fauna is opgenomen dat op dit moment aanvullend onderzoek naar beschermde soort wordt uitgevoerd. Wanneer onderzoeken zijn afgerond worden de resultaten vervolgens in dit plan opgenomen. Op welke wijze gebeurt dit in welk stuk?
3b. MFC Dodewaard
PvdA
In de nadere regels (blz. 61 ) is onder ‘maatschappelijke uitvoerbaarheid’ beperkt melding gemaakt van inspraak en overleg. Graag inzage in de omgevingsdialoog door de verslaglegging van de bijeenkomst op 14 september 2022 en 11 oktober 2023.
De tekst opgenomen in het raadsvoorstel is afkomstig vanuit het collegevoorstel voorontwerp. Inmiddels is het aanvullend onderzoek afgerond en de conclusie hiervan in het plan verwerkt. Onder 4.5 ecologie (pagina 33) wordt dit nader toegelicht. Op pagina 38 wordt geconcludeerd dat er geen sprake is van negatieve effecten op beschermde natuurgebieden. De tekst in het raadsvoorstel wordt aangepast. De tekst opgenomen in het raadsvoorstel is afkomstig vanuit het collegevoorstel voorontwerp. Inmiddels is het aanvullend onderzoek afgerond en de conclusie hiervan in het plan verwerkt. Onder 4.5 ecologie (pagina 33) wordt dit nader toegelicht. Op pagina 38 wordt geconcludeerd dat er voor de Steenmarter en Gewone Vleermuis eventueel een plan van aanpak/ontheffing Wnb benodigd is. Dit plan van aanpak is inmiddels in gang gezet en er is geconcludeerd dat ten tijde van de bouwvergunning een ontheffing aangevraagd moet worden voor de Gewone Vleermuis. Benodigde maatregelen (het plaatsen van nestkastjes en opnemen van nieuwe nestkastjes in het plan) zijn hiervoor ook al haalbaar bevonden. De tekst in het raadsvoorstel wordt aangepast. Deze zijn toegevoegd aan de stukken.
3d. Parapluplan
GB
Streekproducten: wij begrijpen dat het parapluplan een verruiming biedt voor de verkoop van producten bij agrarische bedrijven en tuincentra in het buitengebied. Naast eigen geteelde en geproduceerde goederen mogen agrariërs nu ook streekproducten verkopen en voor tuincentra in het buitengebied ontstaat de
Onder “geproduceerde goederen” wordt alles verstaan wat op een agrarisch bedrijf wordt geproduceerd, afhankelijk van het soort bedrijf. Dat kan dus inderdaad ook eieren en vlees betreffen. Dit is overigens niet anders dan de huidige regeling in de geldende bestemmingsplannen Buitengebied (Kesteren en Dodewaard-Echteld). Overigens merken we op dat ten 1
Technische vragen bestemmingsplannen beeldvormende avond 11 april 2024
3d. Parapluplan
GB
mogelijkheid om voortaan ook streekproducten te verkopen. Wat wordt allemaal verstaan onder ‘geproduceerde goederen’? Bijvoorbeeld eieren of ook vlees? Aangegeven is dat de verkoopvloeroppervlakte niet meer dan 100m2 voor eigen producten mag beslaan. Verkoop van streekproducten van eveneens niet meer dan 100m2 aan verkoopvloeroppervlakte betreffen. Gesteld wordt dat dit een beperkte toename is van het eerder vastgestelde 25m2 aan verkoopruimte in de detailhandelstructuurvisie, ter bescherming en bevordering van verkoop in de centrums. 1. Betekent dit dan dat een agrariër die zowel eigen als streekproducten gaat verkopen in totaal 200m2 aan verkoopvloeroppervlakte mag hebben? 2. Vindt u een verruiming van 25m2 naar 200m2 en een flinke toename van de (mogelijke) verkooplocaties, nu tuincentra ook mogen verkopen, daadwerkelijk een “beperkte toename”? 3. Hoe verhoudt dit plan zich met het ‘fruitstalletjesbeleid’? Dit was vooral om de fruitteler de mogelijkheid te geven om toerisme aan te trekken. Wat gebeurt er nu met het fruitstalletjesbeleid? 4. Betekent dit dat er dus geen extra verkoopruimte aangevraagd/vergund mag worden? Hoe verhoudt zich dit met de aanvraag die is gedaan voor de Provincialeweg 2a in Kesteren? Daar is expliciet een bouwvergunning aangevraagd voor de bouw van een nieuwe verkoopruimte. Is dit dan in strijd met dit plan? Hoe kijkt het college hiertegen aan? 5.
Wat betekent dit voor nieuwe agrarische bedrijven of tuincentra?
aanzien van “streekproducten” er een definitie in de begripsbepalingen is opgenomen (artikel 1.4). 1. Nee, de totale verkoopvloeroppervlakte mag niet meer bedragen dan 100 m2 (zie artikel 3.2 onder a). Dit betreft dus zowel de verkoop van eigen producten als streekproducten. Ook in de toelichting is dit duidelijk uitgelegd. Dit betekent dus dat dit bestemmingsplan wel een uitbreiding van assortiment, maar niet van het totale verkoopvloeroppervlakte, tot gevolg heeft. 2. Zie ook onder 1. Aangezien het niet gaat om een verruiming van het aantal m2, maar slechts van het toegestane assortiment, beschouwd het college dit als een “beperkte toename”. Daarbij komt dat het aantal aanwezige tuincentra in Neder-Betuwe uiterst beperkt is. 3. Het fruitstalletjesbeleid wijzigt niet met dit bestemmingsplan. 4. Provincialeweg 2a kan worden beschouwd als een specifieke horecavoorziening met tevens verkoop van fruit/streekproducten, passend in het gemeentelijk beleid inzake recreatie en toerisme. Hiervoor heeft op basis van een concrete aanvraag een afweging plaatsgevonden. 5. Voor nieuwe agrarische bedrijven en tuincentra geldt dezelfde regeling als voor bestaande bedrijven. E.e.a. zal op termijn ook worden overgenomen in het Omgevingsplan, onderdeel Buitengebied.
2 Technische vragen bestemmingsplannen beeldvormende avond 11 april 2024