A - Bijlage 10 - Aanmeldnotitie m.e.r.
Tekst van het document
Rapport 2500210.3300.r01 Woningbouwplan Broedershof Echteld Aanmeldnotitie m.e.r-beoordeling
www.SPAWNP.nl
Rapport 2500210.3300.r01
IN
25 november 2025 Whoon Grondbank B.V. De heer ing. M. de Witte
DENKKRACHT
Datum : Opdrachtgever : Behandeld door : Adviseur en Goedgekeurd :
BOUW - MILIEU - RUIMTE
Woningbouwplan Broedershof Echteld Aanmeldnotitie m.e.r-beoordeling
De heer ing. D.J. Hobert
Klinkenbergerweg 30a | 6711 MK EDE | 0318 614 383 Vrijlandstraat 33-c | 4337 EA MIDDELBURG | 0118 227 466 Ceresstraat 13| 4811 CA BREDA | 076 303 00 17
| ISO 9001:2015 | kvk 0909.2661 | btw NL8053.02.530.B01 | info@SPAWNP.nl | www.SPAWNP.nl
SPA WNP ingenieurs
2500210.3300.r01
INHOUD
PAGINA
1
INLEIDING 1.1 Aanleiding 1.2 M.e.r.-beoordeling Omgevingsbesluit 1.3 Doel m.e.r.-beoordeling 1.4 Criteria m.e.r-beoordelingsplicht 1.5 Procedure
3 3 3 3 4 5
2
KENMERKEN VAN HET PROJECT 2.1 Omvang en het ontwerp van het project 2.2 Cumulatie met andere bestaande en/of goedgekeurde projecten 2.3 Gebruik van natuurlijke hulpbronnen 2.4 Productie van afvalstoffen 2.5 Verontreiniging en hinder 2.6 Risico van zware ongevallen en/of rampen 2.7 Risico’s voor de menselijke gezondheid 2.8 Conclusie kenmerken van het project
5 5 7 7 7 7 8 8 9
3
LOCATIE VAN HET PROJECT 3.1 Bestaand en goedgekeurd landgebruik 3.2 Relatieve rijkdom natuurlijke hulpbronnen 3.3 Opnamevermogen van het natuurlijke milieu 3.4 Conclusies locatie van het project
9 9 10 10 13
4
SOORT EN KENMERKEN VAN HET POTENTIELE EFFECT 4.1 De orde van grootte en het ruimtelijk bereik van de effecten 4.2 De aard van het effect 4.3 Grensoverschrijdende karakter van het effect 4.4 Intensiteit en complexiteit van het effect 4.5 Waarschijnlijkheid van het effect 4.6 Aanvang, duur, de frequentie en de omkeerbaarheid van het effect 4.7 Cumulatie van effecten met de effecten van andere bestaande en/of goedgekeurde projecten 4.8 Mogelijkheid om de effecten doeltreffend te verminderen 4.9 Conclusie kenmerken van het potentiële effect
13 13 13 13 13 13 13
CONCLUSIE
14
5
13 14 14
BIJLAGEN 1 2 3
Onderzoek Stikstofdepositie Ecologisch onderzoek Archeologisch behouds/beheerplan
Dit document is eigendom van de opdrachtgever en mag door hem/haar worden gebruikt voor het doel waarvoor het is opgesteld. Niets uit dit document mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever en/of van SPA WNP ingenieurs. Kwaliteit en verbetering van product en proces zijn bij SPA WNP ingenieurs gewaarborgd middels een kwaliteitsmanagementsysteem dat is gecertificeerd volgens NEN-EN-ISO 9001:2015.
Pagina 2
SPA WNP ingenieurs
1
INLEIDING
1.1
Aanleiding
2500210.3300.r01
Het voorgenomen project Broedershof bestaat uit de realisatie van maximaal 43 woningen langs de Ooiestraat in Echteld. De beoogde ontwikkeling past niet binnen het geldende omgevingsplan. Om de beoogde ontwikkeling mogelijk te maken zal een planologische procedure gevolgd worden. Voor een voorgenomen project dat aanzienlijke milieuffecten kan hebben, is het verplicht een procedure voor de milieueffectrapportage (m.e.r.-procedure) te doorlopen en een milieueffectrapport (MER) op te stellen. Het voorliggende rapport vormt de mededeling ten behoeve van de m.e.r.-beoordeling. 1.2
M.e.r.-beoordeling Omgevingsbesluit De milieueffectrapportage (m.e.r.) is een hulpmiddel om bij diverse procedures het milieubelang een volwaardige plaats in de besluitvorming te geven. De wetgeving rond de milieueffectrapportage is opgenomen in afdeling 16.4 Omgevingswet en in hoofdstuk 11 en bijlage V bij het Omgevingsbesluit. Er is sprake van een m.e.r.-plicht of m.e.r.-beoordelingsplicht, wanneer het te realiseren project wordt genoemd in Bijlage V van het Omgevingsbesluit. Bijlage V bevat een overzicht van de projecten (kolom 1), waarvoor een directe mer-plicht geldt (kolom 2) of waarvoor een merbeoordelingsplicht geldt (kolom 3) en de relevante besluiten die van toepassing zijn (kolom 4). Het voorgenomen project van de initiatiefnemer valt onder de volgende categorie van Bijlage V: Tabel 1: Categorie Bijlage V Nr.
Project
Gevallen waarin de
(kolom 1)
mer-plicht geldt (kolom 2)
J11
Stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra en de aanleg van parkeerterreinen
Niet van toepassing
Gevallen waarin de merbeoordelingsplicht geldt (kolom 3)
Besluiten als bedoeld in artikel 11.6, derde lid, onder c, van dit besluit (kolom 4)
Aanleg, wijziging of uitbreiding
Het omgevingsplan
Uit bovenstaande tabel blijkt dat er geen sprake is van een mer-plicht (kolom 2). Wel is de m.e.r.-beoordelingsplicht (kolom 3) van toepassing. Hiervoor dient nagegaan te worden of er met het voorgenomen project sprake kan zijn van aanzienlijke milieueffecten. 1.3
Doel m.e.r.-beoordeling In een m.e.r.-beoordeling wordt getoetst of er bij het project aanzienlijke milieueffecten kunnen optreden. Hierbij het is mogelijk dat aanzienlijke milieueffecten niet uitgesloten zijn. Dan volgt een m.e.r.-procedure en moet een milieueffectrapport (MER) worden gemaakt. Of het is mogelijk dat aanzienlijke milieueffecten uitgesloten zijn. Dan is er geen m.e.r.-procedure nodig en hoeft er geen MER opgesteld te worden.
Pagina 3
SPA WNP ingenieurs
1.4
2500210.3300.r01
Criteria m.e.r-beoordelingsplicht In deze aanmeldnotitie wordt informatie verstrekt op basis waarvan het bevoegd gezag kan beoordelen of sprake is van aanzienlijke milieueffecten, die het noodzakelijk maken om een milieueffectrapport (MER) op te stellen. Om volledige toetsing mogelijk te maken, zijn hierin alle ten opzichte van de referentiesituatie te wijzigen activiteiten betrokken. Dit betreffen nadelige gevolgen, maar ook eventuele positieve gevolgen. De aanmeldnotitie geeft de milieueffecten aan, die kunnen ontstaan als gevolg van het voorgenomen project. Hierbij moet aandacht worden besteed aan alle criteria, die zijn opgenomen in Europese richtlijn 2011/92/EU (Bijlage III). Deze criteria zijn in de hoofdstukken 2, 3 en 4 van dit rapport per paragraaf uitgewerkt. Kenmerken van het project (Hoofdstuk 2) Bij de kenmerken van het project moet in overweging worden genomen: · · · · · · ·
de omvang en ontwerp van het gehele project; de cumulatie met andere projecten; het gebruik van natuurlijke hulpbronnen; de productie van afvalstoffen; verontreiniging en hinder; risico van zware ongevallen en/of rampen; risico voor de menselijke gezondheid.
Plaats van het project (Hoofdstuk 3) Bij de mate van kwetsbaarheid van het milieu in de gebieden, waarop het project van invloed kan zijn, moet in het bijzonder in overweging worden genomen: · het bestaand en goedgekeurd landgebruik; · de relatieve rijkdom aan natuurlijke hulpbronnen; · opnamevermogen van het natuurlijk milieu met betrekking tot de volgende typen gebieden: a. wetlands, oeverformatie en riviermondingen; b. kustgebieden en het mariene milieu; c. berg- en bosgebieden; d. reservaten en natuurparken; e. (beschermde) gebieden, aangewezen in nationale wetgeving; f. speciale beschermingszones door de lidstaten aangewezen (Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn) g. gebieden waar vastgestelde milieukwaliteitsnormen reeds worden overschreden; h. gebieden met een hoge bevolkingsdichtheid; i. landschappen van historisch, cultureel of archeologisch belang.
Pagina 4
SPA WNP ingenieurs
2500210.3300.r01
Kenmerken van het potentiële effect (Hoofdstuk 4) Bij de potentiële aanzienlijke milieueffecten van het project moeten - in samenhang met de criteria met betrekking tot de kenmerken en plaats van het project - in het bijzonder in overweging worden genomen: · · · · · · · · 1.5
ordegrootte en bereik van het effect; aard van het effect; grensoverschrijdende karakter van het effect; intensiteit en complexiteit van het effect; de waarschijnlijkheid van het effect; de duur, de frequentie en de omkeerbaarheid van het effect; cumulatie effect met effecten bestaande en/of goedgekeurde projecten; mogelijkheid om de effecten doeltreffend te verminderen.
Procedure Het bevoegd gezag wordt gevormd door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Neder-Betuwe. De beoordeling, of een milieueffectrapport (MER) moet worden gemaakt, vindt plaats nadat deze aanmeldnotitie als mededeling aan het bevoegd gezag kenbaar is gemaakt. Het bevoegd gezag dient binnen zes weken een m.e.r.-beoordelingsbesluit te nemen.
2
KENMERKEN VAN HET PROJECT
2.1
Omvang en het ontwerp van het project Referentiesituatie In de aanmeldnotitie wordt het voornemen beoordeeld op doelbereik en milieueffecten. Daartoe worden de (milieu)effecten van het voorgenomen project vergeleken met de situatie waarin dat niet gebeurt. De situatie zonder het voornemen is de referentiesituatie. Deze bestaat uit de huidige vergunde situatie en de autonome ontwikkeling. Tot de autonome ontwikkeling behoren alle relevante ontwikkelingen die op basis van het omgevingsplan zijn toegestaan en waar de realisatie van aannemelijk is. In dit geval zijn er geen ontwikkelingen voorzien die van invloed kunnen zijn. De referentiesituatie in deze effectbeoordeling bestaat om die reden uit de huidige situatie. Toelichting van voorgenomen activiteiten (het project) De beoogde ruimtelijke ontwikkeling betreft het realiseren van maximaal 43 woningen aan de Ooisestraat in Echteld. Binnen het plan is sprake van een aanbod aan verschillende woningtypes, met levensloopbestendige woningen, rijwoningen, beneden-bovenwoningen en vrijstaande woningen. In het plan worden ook wadi’s, hagen en bomen gerealiseerd voor een groene buffer richting de nabijgelegen boomgaarden. Het plangebied krijgt een ontsluiting op de Ooisestraat. Er wordt een aftakking centraal in het plangebied gerealiseerd naar een parkeerterrein aan de noordoostzijde van het plangebied.
De overige parkeerplaatsen worden gerealiseerd aan de andere zijde van de nieuwe ontsluitingsweg, ten zuiden van de woningen.
Pagina 5
SPA WNP ingenieurs
2500210.3300.r01
Afbeelding 1: Ligging plangebied
Afbeelding 2: Ontwerp toekomstige situatie
Kavel met maximaal twee woningen
Pagina 6
SPA WNP ingenieurs
2.2
2500210.3300.r01
Cumulatie met andere bestaande en/of goedgekeurde projecten Cumulatie met andere projecten in de nabijheid van het plangebied is niet aan de orde. Er zijn geen andere ontwikkelingen of activiteiten in de omgeving die de milieueffecten vanuit het initiatief beïnvloeden en omgekeerd.
2.3
Gebruik van natuurlijke hulpbronnen Natuurlijke hulpbronnen worden gebruikt tijdens de bouw en het gebruik van de functies. Het betreft hier natuurlijke hulpbronnen, als energie, water en grondstoffen. Dit zou echter op elke willekeurige locatie het geval zijn. De gevolgen hiervan zijn dusdanig beperkt van omvang, dat hierdoor geen beslag wordt gelegd op natuurlijke hulpbronnen. Door het gebruik van duurzame energie wordt tijdens de gebruiksfase het gebruik van natuurlijke hulpbronnen beperkt. Wat betreft dit onderwerp is er geen aanleiding tot het verlangen van een milieueffectrapport.
2.4
Productie van afvalstoffen Het ontstaan van afval tijdens de bouw is vanzelfsprekend. Het bouwafval wordt zoveel mogelijk hergebruikt of afgevoerd naar een erkende verwerker. Het afval van de toekomstige bewoners zal volgens de geldende regelgeving worden gerecycled/verwerkt. Dit zou op elke locatie het geval zijn. Er is geen aanleiding om dit aspect nader te onderzoeken.
2.5
Verontreiniging en hinder Algemeen Op basis van de Handreiking Bedrijven en milieuzonering van de VNG (2009) kan vooraf een inschatting worden gemaakt van de te verwachten milieuhinder. Deze wordt in de handreiking uitgedrukt in richtafstanden tot gevoelige objecten, zoals woningen. Voor de beoogde woningen gelden geen richtafstanden omdat er geen sprake is van de realisatie van milieubelastende functies. In de rest van deze paragraaf wordt nader ingegaan op de te verwachten effecten per milieu-thema. Geluid Door de ontwikkeling ontstaat geen relevante geluidhinder naar de omgeving. Trillingen Tijdens de nieuwbouw kunnen trillingen ontstaan. Dit zou op elke willekeurige locatie het geval zijn. De gevolgen zijn dusdanig beperkt door de kleinschalige omvang van het initiatief, dat de effecten van de trillingen verwaarloosbaar zijn. Geur Er vinden bij de voorgenomen activiteiten in de bouw- en gebruiksfase geen relevante geur veroorzakende werkzaamheden plaats.
Pagina 7
SPA WNP ingenieurs
2500210.3300.r01
Verkeersbewegingen en luchtkwaliteit Voor het bepalen van eventuele hinder door de verkeersaantrekkende werking is een berekening uitgevoerd van de huidige en verwachte verkeersgeneratie. De berekening is uitgevoerd op basis van CROW kentallen. Voor de ligging binnen de gemeente is uitgegaan van een ligging rest bebouwde kom binnen een stedelijk gemeente. Tabel 2: Verkeersgeneratie referentiesituatie Beoogde ontwikkeling Hoofdgroep
Wonen
Type
Vrijstaand, tweekapper, rijwoningen
Kengetal
8,2, 7,8 en 7,4
Motorvoertuigbewegingen per weekdag
35*7,4 + 6*7,8 + 2*8,2 = 322
Voor de toekomstige situatie is de verkeersgeneratie berekend op 322 motorvoertuigbewegingen per etmaal. Er is sprake van een toename omdat de huidige agrarische functie geen verkeersbewegingen genereert. Deze toename wordt opgevangen in het heersende verkeersbeeld en draagt niet in betekend mate bij aan de luchtverontreiniging. Op basis van voorgaande is er geen aanleiding om dit aspect nader te laten onderzoeken in het kader van het opstellen van een milieueffectrapport. Bodem(kwaliteit) Met het initiatief is geen sprake van bodembedreigende activiteiten. Er zijn dus geen belemmeringen voor de beoogde ontwikkeling vanuit het aspect bodem. (Afval)water Bij de bouw van het plan wordt geen gebruik gemaakt van uitlogende materialen. Als gevolg van het plan ontstaat voornamelijk huishoudelijk afvalwater, afkomstig uit de woningen, maar dat zou op elke planlocatie het geval zijn. Energie Tijdens de bouw van het woningbouwplan wordt vanzelfsprekend energie gebruikt. Dit zou echter op elke willekeurige locatie het geval zijn. In de gebruiksfase wordt zoveel als mogelijk gebruik gemaakt van duurzame energie. De woningen worden niet aangesloten op het aardgasnetwerk. 2.6
Risico van zware ongevallen en/of rampen Met de ontwikkeling wordt geen functie gerealiseerd, waar gevaarlijke stoffen worden opgeslagen of worden gebruikt. Ook worden zware ongevallen niet verwacht door de ontwikkeling. Het plaatsgebonden risico vormt om die reden geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling.
2.7
Risico’s voor de menselijke gezondheid De risico’s voor de menselijke gezondheid, als gevolg van de voorgenomen activiteit, zijn van beperkte omvang. De ontwikkeling betreft geen risicovolle inrichting.
Pagina 8
SPA WNP ingenieurs
2500210.3300.r01
Bij een ongeval, als brand, ontstaan naast ‘reguliere’ rookgassen geen (zeer) gevaarlijke verbrandingsproducten die de gezondheid van omwonenden in gevaar kan brengen. De normale voorzorgsmaatregelen (ramen en deuren van woningen dicht) zijn afdoende ter bescherming van de gezondheid. 2.8
Conclusie kenmerken van het project Gelet op alle kenmerken van het project ten opzichte van de referentiesituatie, kan worden uitgesloten dat het verschil tussen de milieueffecten van het nieuwe plan en de milieueffecten van de referentiesituatie aanzienlijke gevolgen voor het milieu kan hebben.
3
LOCATIE VAN HET PROJECT
3.1
Bestaand en goedgekeurd landgebruik Voor het plangebied en omgeving geldt sinds 1 januari 2024 het Omgevingsplan van de gemeente Neder-Betuwe. Dit omgevingsplan betreft een omgevingsplan van rechtswege. Een omgevingsplan van rechtswege bestaat uit een tijdelijk en nieuw deel. Het tijdelijke deel bestaat uit bestaande ruimtelijke besluiten, zoals alle op 1 januari 2024 geldende bestemmingsplannen niet nog vastgestelde en in werking getreden bestemmingsplannen. Het nieuwe deel is ten tijde van het opstellen van deze toelichting nog leeg. Dit betekent dat er op grond van de Omgevingswet (nog) geen specifieke regels voor het plangebied en de omgeving zijn opgenomen in het omgevingsplan. Als gevolg hiervan geldt voor de relevante omgeving van het plangebied als planologisch kader het bestemmingsplan ‘Buitengebied Dodewaard en Echteld’, vastgesteld op 30 mei 2013. In dit geldende bestemmingsplan zijn aan de gronden in het plangebied de bestemmingen ‘Agrarisch’ en ‘Water’ en de dubbelbestemmingen ‘Leiding – Hoogspanningsverbinding’, ‘Waterstaat – Beheerszone watergang’, ‘Waarde – Archeologie 3, ‘Waarde – Archeologie 4’, ‘Waarde – Archeologie 5’ toegekend. Daarnaast liggen binnen het plangebied de gebiedsaanduidingen ‘milieuzone – spuitzone’ en ‘vrijwaringszone – weg’.
Op basis van Parapluregeling Archeologie (vastgesteld 27 september 2018) geldt voor het gebied dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 1’. Daarnaast geldt dubbelbestemming ‘Waarde – Integraal ensemble Echteld’ op basis van parapluplan 2023 (vastgesteld 4 juli 2024).
Pagina 9
SPA WNP ingenieurs
2500210.3300.r01
Afbeelding 3: Uitsnede bestemmingsplan ‘Buitengebied Dodewaard en Echteld’
3.2
Relatieve rijkdom natuurlijke hulpbronnen Onder natuurlijke hulpbronnen wordt verstaan alle van nature aanwezige stoffen die van economisch nut kunnen zijn. Binnen het plangebied is weinig tot geen noemenswaardige sprake van rijkdom aan natuurlijke hulpbronnen. Dit aspect is daarom niet relevant.
3.3
Opnamevermogen van het natuurlijke milieu Wetlands, kustgebieden, berg- en bosgebieden Doordat in de directe omgeving van het plangebied geen wetlands, kustgebieden, berg- en bosgebieden zijn, is er geen sprake van invloed op het opnamevermogen. Natuurreservaten- en parken, vogel- en habitatrichtlijnen Gebiedsbescherming Ter plaatse van natuurgebieden in de omgeving is de stikstofdepositie, als gevolg van de beoogde ontwikkeling, berekend. Hieruit volgt dat er geen stikstofdepositie is te verwachten ter plaatse van de Natura 2000-gebieden. In bijlage 1 is het onderzoek stikstofdepositie opgenomen. Het plangebied maakt geen deel uit van een beschermd gebied. Met een afstand van 800 meter tot aan het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied (Rijntakken), kan worden gesteld dat van het plan geen (negatieve) effecten zijn te verwachten, zoals verstoring door trillingen, geluid, licht, bodem of grondwater.
Pagina 10
SPA WNP ingenieurs
2500210.3300.r01
Soortenbescherming Op basis van de quickscan ecologie (bijlage 2) blijkt dat verdiepend onderzoek duidelijkheid kan geven of er wegens ingrepen in het plangebied geen schade zal worden verricht aan beschermde soorten. De uitkomsten van de quickscan geven namelijk aanleiding tot verdiepend onderzoek voor de soorten steenuil, kleine marterachtigen, de rugstreeppad en vleermuizen. Verder geldt de algemene zorgplicht. Gebieden met hoge bevolkingsdichtheid Het betreft geen gebied met een hoge bevolkingsdichtheid. Er is geen invloed op het opnamevermogen van het gebied. Landschappen van historische, cultureel of archeologisch belang Archeologie Voor het bouwplan is een archeologisch behoud- en beheersplan opgesteld. Het plan is opgenomen in bijlage 3 van deze toelichting. Conform huidige wet- en regelgeving is er een bureau- en karterend (inventariserend) booronderzoek uitgevoerd, gevolgd door een waarderend proefsleuvenonderzoek. Het eerste onderzoek is uitgevoerd door BAAC, het proefsleuvenonderzoek door het ACVU/HBS. Het onderzoek heeft een behoudenswaardige vindplaats met sporen van de Romeinse Tijd tot en met de Vroege en Volle Middeleeuwen opgeleverd. Het ‘archeologisch behoud- of beheersplan’ dient, nadat het is goedgekeurd, te worden opgenomen in het omgevingsplan waarmee een correcte omgang met deze vindplaats wordt gewaarborgd.
In 2016 is door A=M een archeologische behoud- en beheersplan opgesteld op basis van de toenmalige voorgenomen ontwikkelingen, deze zijn dusdanig veranderd in de tussentijd dat een aangepast behoud- en beheersplan is opgesteld. Met het archeologisch behoud- en beheersplan is aangegeven op welke wijze de archeologische vindplaats tijdens de ontwikkeling beschermd kan worden (in- en ex-situ). Cultuurhistorie Op 27 januari 2022 stelde de gemeenteraad van Neder-Betuwe het nieuwe erfgoedbeleid van de gemeente Neder-Betuwe vast. Hierin zijn zogeheten integrale ensembles opgenomen, gebieden waar belangrijke landschaps-, stedenbouwkundige en cultuurhistorische waarden bij elkaar komen. In de volgende afbeelding is het integrale ensemble voor de kern Echteld weergegeven. Voor het plangebied is een zichtlijn relevant, vanaf de boomgaarden richting de Sint Jan de Doper-kerk en het kasteel Wijenburg. In het planontwerp is ruimte vrijgehouden waardoor de zichtlijnen naar deze objecten behouden blijven en beleefbaar worden gemaakt binnen deze nieuwe woonomgeving (zie afbeelding hierna). De woningen in het gebied bevatten kenmerken van de oorspronkelijke voorkomende agrarische architectuur, waarmee wordt aangesloten op de gebouwen in de bestaande omgeving.
De groeninrichting van het gebied met hagen, gazon, solitaire bomen en groene speelelementen sluit aan op de karakteristieke bomenrij aan de Ooiestraat. Hiermee sluit het planontwerp aan op de waarden van het Integrale Ensemble Echteld. Binnen het plangebied zijn geen cultuurhistorische waarden aanwezig. De ontwikkeling heeft geen invloed op de cultuurhistorische waarden van Echteld
Pagina 11
SPA WNP ingenieurs
2500210.3300.r01
Afbeelding 4: Zichtlijnen in planopzet
Afbeelding 5: Integrale ensemble Echteld (plangebied rood gearceerd)
Pagina 12
SPA WNP ingenieurs
3.4
2500210.3300.r01
Conclusies locatie van het project De realisatie van het project heeft geen negatieve gevolgen voor flora en fauna met inachtneming van het in uitvoering zijnde ecologisch vervolgonderzoek, eventuele mitigerende maatregelen en een eventuele ontheffing, geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling, de natuurlijke kenmerken van Natura-2000 gebieden en/of invloed op waardevolle structuren of elementen in het gebied.
4
SOORT EN KENMERKEN VAN HET POTENTIELE EFFECT
4.1
De orde van grootte en het ruimtelijk bereik van de effecten Het bereik van deze milieuaspecten (geografisch en naar grootte van de bevolking gemeten) is lokaal van aard en beperkt. De effecten zijn van een gangbare omvang. Er is geen aanleiding het bereik van het effect, in het kader van het opstellen van een milieueffectrapport, nader te onderzoeken.
4.2
De aard van het effect De aard van de effecten zijn in het voorgaande omschreven en zijn zodanig gering dat aanzienlijke effecten voor het milieu zijn uit te sluiten. In een nader onderzoek naar de aard van de effecten, in het kader van een milieueffectrapport, zien wij geen toegevoegde waarde.
4.3
Grensoverschrijdende karakter van het effect Gezien de ligging van het plangebied en de effectafstanden is geen sprake van een grensoverschrijdend karakter.
4.4
Intensiteit en complexiteit van het effect Voor zover beoordeeld kan worden, zijn er geen complexe, onoverzichtelijke effecten te verwachten. De intensiteit en complexiteit van de effecten zijn beperkt en worden voldoende ondervangen.
4.5
Waarschijnlijkheid van het effect Het optreden van effecten is zeer waarschijnlijk. De effecten tijdens de realisatiefase zijn tijdelijk van aard. De andere effecten treden op bij het gebruik van de woningen en de daarbij gepaard gaande verkeersgeneratie. Deze effecten zijn niet onomkeerbaar, maar wel marginaal.
4.6
Aanvang, duur, de frequentie en de omkeerbaarheid van het effect De initiatiefnemer is voornemens in 2026 te starten met het bouwen van het initiatief, om deze voor onbepaalde tijd te gebruiken.
4.7
Cumulatie van effecten met de effecten van andere bestaande en/of goedgekeurde projecten Er is geen relevante bijdrage van stikstofdepositie op het Natura 2000-gebied Rijntakken. Met de ontwikkeling is geen sprake van cumulatie van belangrijke nadelige effecten met overige in de omgeving milieubelastende activiteiten/projecten.
Pagina 13
SPA WNP ingenieurs
4.8
2500210.3300.r01
Mogelijkheid om de effecten doeltreffend te verminderen Zoals beschreven zijn de verwachte effecten (geluid en luchtkwaliteit) verwaarloosbaar. Voor de beschermde diersoorten is een nader onderzoek in uitvoering en worden indien nodig mitigerende maatregelen getroffen en een ontheffing aangevraagd. Er is geen aanleiding mogelijkheden te onderzoeken om effecten doeltreffend te verminderen.
4.9
Conclusie kenmerken van het potentiële effect Uit de hiervoor genoemde kenmerken en effecten, waaronder de diverse genoemde onderzoeken, kan geconcludeerd worden dat er, als gevolg van de voorgenomen ontwikkelingen, geen aanzienlijke effecten naar de omgeving ontstaan.
5
CONCLUSIE Deze beoordeling gaat in op de vraag of er bijzondere omstandigheden zijn, vanwege de aard van het voornemen de kenmerken van de omgeving of de impact van het voornemen op de omgeving, die aanleiding geven om een m.e.r.-procedure te doorlopen voor de ruimtelijke procedure voor realisatie van maximaal 43 woningen aan de Ooisestraat in Echteld. Het bevoegd gezag moet voor de beantwoording van deze vraag nagaan of er aanzienlijke milieueffecten zijn. Bij een mer-beoordelingsplicht gaat het om een toetsing aan de voorkant van het planproces. Deze beoordeling richt zich primair op het effect van de voorgenomen ontwikkeling op de aanwezige kwaliteiten binnen het plangebied en de omgeving. Er is gekeken naar het effect van een activiteit op het milieu door de activiteit zelf en door de kwetsbaarheid van het gebied en haar omgeving. Conform de Europese criteria voor m.e.r.-beoordeling is daarbij gekeken naar het effectgebied, waarschijnlijkheid en de duur, frequentie en omkeerbaarheid van het effect. In de voorliggende vormvrije m.e.r. beoordeling zijn deze aspecten belicht. Gezien de kenmerken van de potentiële effecten van het voornemen, in combinatie met de kenmerken/gevoeligheid van de omgeving, waarin deze optreden, zijn er geen aanzienlijke milieueffecten te verwachten.
Gelet op de kenmerken van het project, de locatie van het project en de kenmerken van de effecten van het project, moet worden geconcludeerd dat het project niet leidt tot milieueffecten van dusdanige omvang dat er sprake kan zijn van ‘aanzienlijke milieueffecten’. Ook zijn er geen significante effecten te verwachten op een Natura-2000 gebied, waardoor het opstellen van een passende beoordeling niet noodzakelijk is. Gelet op het voorgaande en in deze rapportage beschouwende, is de conclusie gerechtvaardigd dat ‘aanzienlijke milieueffecten’ als gevolg van het voorgenomen project zijn uitgesloten en dat een m.e.r.-procedure, en daarmee het opstellen van een MER, niet nodig is.
SPA WNP ingenieurs
Pagina 14
BIJLAGEN
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.1
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.2
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.3
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.4
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.5
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.6
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.7
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.8
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.9
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.10
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.11
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.12
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.13
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.14
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.15
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.16
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.17
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.18
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.19
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.20
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.21
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.22
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.23
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.24
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.25
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.26
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.27
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.28
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.29
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.30
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.31
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.32
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.33
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.34
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.35
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.36
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.37
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.38
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.39
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - onderzoek stikstof - Bijlage 1.40
2500210
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - quickscan ecologie - Bijlage 2.1
2500210
Quickscan Fysieke Leefomgeving Activiteit flora en fauna Ooisestraat onb, Echteld Kadastraal perceel Gemeente Neder-Betuwe, ETD00-I-1028
Omgevingswet, Besluit activiteit leefomgeving Omgevingsverordening Provincie Gelderland Omgevingsplan Gemeente Neder-Betuwe
Veldbiologische Werken Ecologisch onderzoek en advies VBW r 2025-084 r
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - quickscan ecologie - Bijlage 2.2
2500210
Colofon Opdrachtgever
Van Wanrooij Projectontwikkeling b.v. Magistratenlaan 24 5223 MD ‘s-Hertogenbosch
Locatieonderzoek
Leon Timmer
Datum uitvoering veldonderzoek
28 april 2025
Rapportage
V. van Marrewijk
Status rapportage
versie 1.0
Datum rapportage
16 mei 2025, aangepast 31 augustus 2025
Rapportnummer
VBW r 2025-084 r
Aantal pagina’s
44 (inclusief bijlagen)
Foto’s/Afbeeldingen
Leon Timmer
2de Lezing
R.K. van Ast
Rapportage citeren
QUICKSCAN FYSIEKE LEEFOMGEVING: ACTIVITEIT FLORA EN FAUNA
OMGEVINGSVERORDENING GELDERLAND PERCEEL ETD00-I-1028, ECHTELD RAPPORT VBW R 2025-084 R - VELDBIOLOGISCHE WERKEN
Administratieve bedrijfsinformatie Veldbiologische Werken v.o.f. Contactpersoon Adres Mobiel: Email: http:
Coen Knotters (ing. J.C. Knotters) Nieuwe Markt 65 C, 4701 AD ROOSENDAAL 06-20431422 info@veldbiologischewerken.eu www.veldbiologischewerken.eu
BTW-nummer: KVK-nummer:
NL863126182B01 84188812
Veldbiologische Werken is een ecologisch onderzoeks- en adviesbureau dat werkt conform de werkwijzen welke voorgeschreven worden in Kennisdocumenten, Soortenprotocollen en onderzoeksrichtlijnen Netwerk Groene Bureaus. Veldbiologische Werken werkt objectief en consequent, is natuurlijk praktisch en pragmatisch met oog voor communicatie en educatie ten behoeve van bescherming, behoud, beheer en ontwikkeling van onze levende natuur. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee dit rapport is samengesteld, zijn Veldbiologische Werken V.O.F. en de auteurs niet aansprakelijk voor eventuele fouten of onvolkomenheden en eventueel daaruit voortvloeiende schade.
Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-084 r
Quickscan Natuur, Ooisestraat onb, Echteld
2 van 44
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - quickscan ecologie - Bijlage 2.3
2500210
Inhoud 1
2
Inleiding .................................................................................................................................................. 4 1.1
Aanleiding Quickscan Omgevingswet Fysieke Leefomgeving - Natuur ............................................ 4
1.2
Voorgenomen ingreep plangebied .................................................................................................... 4
1.3
Doel Quickscan Omgevingswet ......................................................................................................... 5
Wettelijk kader ........................................................................................................................................ 6 2.1
Omgevingswet................................................................................................................................... 6
2.2
Beschermde gebieden Gelderland .................................................................................................... 6
2.3
Soortenbescherming Gelderland ...................................................................................................... 6
3
Methoden van onderzoek ....................................................................................................................... 8
4
Omschrijving plangebied ........................................................................................................................ 9
5
Resultaten Quickscan ............................................................................................................................ 14 5.1
Vaatplanten...................................................................................................................................... 14
5.2
Mossen en kostmossen ................................................................................................................... 14
5.3
Zoogdieren....................................................................................................................................... 15
5.4
Vogels .............................................................................................................................................. 18
5.5
Reptielen .......................................................................................................................................... 23
5.6
Vissen en Amfibieën ........................................................................................................................ 23
5.7
Libellen en dagvlinders, dag-actieve nachtvlinders ........................................................................ 24
5.8
Overige ongewervelden .................................................................................................................. 24
5.9
Houtopstand, te kappen bomen, struweel ....................................................................................... 25
5.10 Invasieve exoten .............................................................................................................................. 25 6
Gebiedsbescherming ............................................................................................................................ 26
7
Conclusies en aanbevelingen ............................................................................................................... 27
7
7.1
Resultaten toetsing omgevingsloket ............................................................................................... 27
7.2
Resultaten Gebiedsbescherming ..................................................................................................... 27
7.3
Resultaten Soortenbescherming ..................................................................................................... 27
7.4
Passende preventieve maatregelen................................................................................................. 28
7.5
Conclusie en samenvatting.............................................................................................................. 28
Bronnen................................................................................................................................................. 30 7.1
Bronnen ........................................................................................................................................... 30
Bijlage 1 - Wettelijk kader .............................................................................................................................. 31 Bijlage 2 – BeSi formulier .............................................................................................................................. 33 Bijlage 3 – Weerrapport ................................................................................................................................. 40 Bijlage 4 – Lijst van beschermde soorten genoemde in bijlage IX a en b van het Besluit activiteiten leefomgeving................................................................................................................................................. 41 Bijlage 5 – Lijst van soorten bijlage X waarvoor administratieplicht bestaat (exoten) ................................. 43 Bijlage 6 – Inrichtingsplan Broedershof, Echteld........................................................................................... 44
Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-084 r
Quickscan Natuur, Ooisestraat onb, Echteld
3 van 44
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - quickscan ecologie - Bijlage 2.4
1
Inleiding
1.1
Aanleiding Quickscan Omgevingswet Fysieke Leefomgeving - Natuur
2500210
Veldbiologische Werken v.o.f. heeft van SPA Ingenieurs b.v. opdracht ontvangen voor het uitvoeren van een Quickscan Omgevingswet Fysieke Leefomgeving – Natuur ten behoeve van voorgenomen inrichting van het kadastrale perceel ETD00-I-1028 aan de Ooisestraat te Echteld. Het betreft een onbebouwd perceel. Het is de opdrachtgever voornemens om het perceel gereed te maken voor woningbouw. Binnen het plangebied worden 42 woningen en 93 parkeerplaatsen gerealiseerd. Aangezien de voorgenomen aanpassingen tot ruimtelijke ontwikkeling behoren en daarmee mogelijk (negatief) effect kan hebben op de omgeving en daar mogelijk voorkomende (beschermde) plant- en diersoorten, dient formeel te worden aangetoond dat ter plaatse geen beschermde soorten aanwezig zijn, dan wel redelijkerwijs kunnen worden uitgesloten. Deze soorten kunnen verstoord worden door de geplande ingreep. Door middel van deze quickscan zal inzichtelijk worden gemaakt of beschermde soorten gebruik maken van het plangebied en of de geplande ingrepen in overtreding van de wet is ten aanzien van de Omgevingswet. Met deze quickscan wordt tevens een advies gegeven ten aanzien van ecologisch waardevolle componenten in het plangebied en indien mogelijk om deze te consolideren en te versterken.
1.2
Voorgenomen ingreep plangebied
Voor het plangebied aan de Ooisestraat te Echteld betreffende het kadastrale perceel ETD00-I-1028, Gemeente Neder-Betuwe, provincie Gelderland is de initiatiefnemer van zins het perceel te bebouwen door middel van het realiseren van het ontwikkelingsplan ‘Broedershof’. Het ‘Broederhof’ gaat ruimte bieden aan 6 seniorenwoningen, 19 rij-/hoekwoningen, 8 benedenwoningen en 8 bovenwoningen. De voorgenomen ingrepen in het plangebied betreffen puntsgewijs: 1. Bouwklaar maken; 2. Funderingen 3. Nieuwbouw; 4. Aanleg verharde rijbaan, drempel, trottoir en parkeerplekken; 5. Groeninrichting (met kenmerkende soorten van het Gelders oeverwallenlandschap)
Foto 1a: Impressie huidige plangebied. [BRON: GOOGLE EARTH STREETVIEW, OPNAMEDATUM MAART 2025]
Foto 1b: Situatieschets inrichting plangebied. [BRON: SPA INGENIEURS BV]
Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-084 r
Quickscan Natuur, Ooisestraat onb, Echteld
4 van 44
SPA WNP ingenieurs
1.3
Aanmeldnotite m.e.r - quickscan ecologie - Bijlage 2.5
2500210
Doel Quickscan Omgevingswet
Voor activiteiten, zoals de initiatiefnemer in het plangebied voornemens is, dient conform Nationale en Europese wet- en regelgeving eerst onderzoek gedaan te worden naar aanwezigheid of potentiële aanwezigheid van beschermde flora en fauna. Hiervoor is deze Quickscan Omgevingswet Fysieke Leefomgeving - Natuur uitgevoerd. De quickscan bestaat uit een bronneninventarisatie en locatieonderzoek naar aanwezigheid of potentiële aanwezigheid van beschermde flora- en faunasoorten. Voor de volledigheid wordt de Omgevingswet, Besluit activiteiten leefomgeving, Omgevingsverordening en -plan Provincie Gelderland en Gemeente Neder-Betuwe getoetst. Indien beschermde flora en fauna aanwezig is, of in potentie aanwezig kan zijn, is nader onderzoek nodig naar mogelijk negatieve effecten van de voorgenomen activiteiten op deze soorten (verstorings-/verslechteringstoets). Tevens wordt dan onderzocht of de voorgenomen activiteiten mogelijke overtreding van de Omgevingswet en/of Omgevingsverordening en -plan Provincie Gelderland, Gemeente Neder-Betuwe inhouden. Ook wordt onderzocht voor welke soorten specifieke zorgplicht nodig is. De quickscan kan tevens aanleiding zijn voor verdiepend onderzoek naar (functioneel gebruik van) soorten. Negatieve effecten op nabijgelegen beschermde gebieden wordt meegenomen in de toetsing voor deze quickscan, dan wel of er een nadere toetsing in dit kader nodig is.
Kaart 2: Ligging en grootte van kadastraal perceel ETD00-I-1028 te Echteld (blauw gearceerd). [BRON: KADASTRALEKAART.COM]
Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-084 r
Quickscan Natuur, Ooisestraat onb, Echteld
5 van 44
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - quickscan ecologie - Bijlage 2.6
2
Wettelijk kader
2.1
Omgevingswet
2500210
Per 1 januari 2024 is de Omgevingswet ingegaan. Deze wet bundelt veel verschillende wetten betreffend de leefomgeving. Voor het aspect natuur toetst Veldbiologische Werken de kerninstrumenten van rijk, provincie, gemeente en indien nodig van het waterschap van het gebied waarbinnen het plangebied gesitueerd is. De volgende kerninstrumenten worden getoetst in het kader van Natuur en worden verwerkt in het bureauonderzoek voor deze Quickscan Fysieke Leefomgeving – Natuur. Niet alle instanties hebben alle documentatie gereed, zij hebben nog tot 2030 de tijd om deze in te vullen, maar daar waar ze voorhanden zijn, worden deze meegenomen in het bureauonderzoek voor deze Quickscan.
2.2
Beschermde gebieden Gelderland
Natura-2000 Natura 2000 is een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden. In deze Natura 2000-gebieden worden bepaalde dieren, planten en hun natuurlijke leefomgeving beschermd om de biodiversiteit (soortenrijkdom) te behouden. Deze richtlijnen bestaan uit twee delen: soortenbescherming en gebiedsbescherming. Alle EU-lidstaten wijzen beschermde gebieden aan voor specifieke (leefgebieden van) (vogel-)soorten. De onder beide richtlijnen aangewezen beschermde gebieden vormen het Natura 2000-netwerk. Specifieke leefgebieden voor specifieke soorten worden beschermd in de Habitatrichtlijn, en vogelsoorten worden beschermd in de Vogelrichtlijn. Gelders NatuurNetwerk Voor de Provincie Gelderland geldt het Gelders NatuurNetwerk (GNN), dit netwerk is onderdeel van het NatuurNetwerk Nederland. Het is een netwerk van deels bestaande en deels nieuwe natuurgebieden die door ecologische verbindingszones met elkaar verbonden zijn. Hierdoor kunnen dieren zich makkelijker verplaatsen tussen verschillende natuurgebieden. Zo wordt de biodiversiteit (het totaal aan planten en dieren) bevorderd. Ter realisatie van ecologische verbindingen zijn planologisch beschermde gebieden aangewezen en vervat in het NatuurNetwerk Nederland – NNN (voorheen de Ecologische Hoofdstructuur (EHS). Dit NatuurNetwerk Nederland bestaat uit een netwerk van natuurgebieden en met ecologische verbindingszones.
Dit netwerk van verbindingszones mag niet door een ingreep worden aangetast. Effecten van een geplande ingreep of activiteit binnen het Gelders NatuurNetwerk moeten worden getoetst. Ten aanzien van invulling van het Gelders NatuurNetwerk is de Provincie waarin het plangebied valt het bevoegd gezag. Vaak is samen met het Gelders NatuurNetwerk ook de stikstofbelasting voor een bepaald gebied in kaart gebracht. Opgemerkt moet worden dat Veldbiologische Werken de stikstofberekening niet heeft betrokken in de uitvoering van deze Quickscan tenzij anders wordt aangegeven. Groene ontwikkelzone De Groene ontwikkelzone is een zone in de Provincie Gelderland met aangewezen gebieden die tussen en rondom natuurgebieden liggen. Hierin liggen onder andere de ecologische verbindingszones, de verbindende schakels tussen de natuurgebieden. De kernkwaliteiten van deze groene ontwikkelzones zijn meestal gelijk aan het gelders natuurnetwerk in de nabijheid. De groene ontwikkelzone draagt bij aan het versterken van landschap en natuur.
2.3
Soortenbescherming Gelderland
In de Omgevingswet staan verbodsbepalingen. Zo zijn activiteiten die schadelijk zijn voor beschermde dier- en plantsoorten verboden. Ten opzichte van de voormalige Wet natuurbescherming is dus nauwelijks sprake van een wijziging in verboden activiteiten. Wel zijn de zorgplichten concreter uitgewerkt in het Besluit activiteit leefomgeving (Bal) beschrijft het Bal regels voor ongewone voorvallen en gelijkwaardige maatregelen, een mogelijkheid die niet in de Wet natuurbescherming bestond. Let wel op! Verstoren zonder voorafgaand goed onderzoek naar beschermde soorten, blijft strafbaar!
Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-084 r
Quickscan Natuur, Ooisestraat onb, Echteld
6 van 44
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - quickscan ecologie - Bijlage 2.7
2500210
Vergunningsvrije handeling soorten bij ruimtelijke ordening en bestendig beheer en onderhoud – Gelderland, bijlage artikel 4.4, versie 25 april 2025 Soort Aardmuis Bosmuis Bruine kikker Dwergmuis Dwergspitsmuis Egel Gewone bosspitsmuis Gewone pad Haas Huisspitsmuis Kleine watersalamander Konijn Meerkikker Middelste groene kikker Ondergrondse woelmuis Ree Rosse woelmuis Tweekleurige bosspitsmuis Veldmuis Vos Woelrat
Toegestaan middel Vangkooi Vangkooi Schepnet Vangkooi Vangkooi Vangkooi Vangkooi Schepnet Vangkooi Vangkooi Schepnet Vangkooi Schepnet Schepnet Vangkooi Vangkooi Vangkooi Vangkooi Vangkooi Vangkooi Vangkooi
Toelichting Bij nieuwe, ruimtelijke ontwikkelingen of bij gebruikelijk beheer en onderhoud kan het nodig zijn dieren te vangen om te voorkomen dat ze bij het uitvoeren van werkzaamheden worden gedood of verwond. Daarbij moet de zorgplicht, genoemd in artikel 11.27 van het Besluit activiteiten leefomgeving, altijd in acht worden genomen. In de bijlage Voorwaarden vergunningsvrije flora-en fauna-activiteit ruimtelijke inrichting of ontwikkeling en bestendig beheer en onderhoud wijst de Provincie een aantal soorten aan die met het aangegeven middel zonder omgevingsvergunning mogen worden gevangen. Na het vangen dienen de dieren zo snel mogelijk in de directe omgeving te worden losgelaten. Het gaat om algemeen voorkomende soorten, die niet in hun voortbestaan worden bedreigd of gevaar daarop lopen. Voor het vangen van soorten die niet vallen onder de 'vergunningsvrije gevallen' moet een omgevingsvergunning voor de flora- en fauna-activiteit worden aangevraagd. In bijlage 1 vindt u een uitgebreide uitleg over de Omgevingswet.
Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-084 r
Quickscan Natuur, Ooisestraat onb, Echteld
7 van 44
SPA WNP ingenieurs
3
Aanmeldnotite m.e.r - quickscan ecologie - Bijlage 2.8
2500210
Methoden van onderzoek
Op 28 april 2025 is het plangebied gelegen aan de Ooisestraat te Echteld door de heer Leon Timmer van Veldbiologische Werken v.o.f. onderzocht. Weercondities waren gunstig (weerrapport zie Bijlage 2). Op deze datum is het gehele plangebied onderzocht in het kader van deze quickscan. De volgende materialen (standaard aanwezig bij uitvoeren veldonderzoek Quickscan Omgevingswet Fysieke Leefomgeving – Natuur: te gebruiken indien wenselijk) en methoden van onderzoek/werkwijzen zijn gebruikt: -
Inventarisatie te velde van de in het plangebied voorkomende ruimtelijke structuren en ecotopen met behulp van (indien noodzakelijk): ✓ verrekijker; ✓ zaklamp; ✓ fotocamera. x verzamelpotjes (voor samples ter nadere determinatie van faeces o.a. muizen/vleermuizen); x endoscoop/holtecamera/spouwcamera; x bat-detector (Petterson D400 hetrodyne met time expansion); x warmtebeeldcamera; x spiegelstok (voor zicht in/achter holtes);
-
Samples/laboratorium determinaties: x Determinaties faeces (o.a. muizen/vleermuizen) uit samples m.b.v. Euromex binoculair. x Indien gewenst via e-DNA bemonstering Literatuuronderzoek/bronnenonderzoek: ✓ Check van (recente) waarnemingen van beschermde flora en fauna in de omgeving van het plangebied met behulp van de NDFF-ecogrid.nl of Quickscanhulp/BeSI; ✓ Check van (recente) waarnemingen vermeldt in verspreidingsatlassen; ✓ Check van (recente) waarnemingen op websites. Onderzoek ligging plangebied ten opzichte van nabijgelegen beschermde gebieden, zoals Natura 2000, Natuurnetwerk Nederland (voorheen Ecologische Hoofdstructuur) en Gebiedsprofielen. Aanwezigheid van (nabije) beschermde landschappen, nationale parken, Natura-2000 gebied, Nederlands Natuurnetwerk, Gebiedsprofielen worden meegenomen in de veldinventarisatie indien nodig, zodat kernkwaliteiten van het plangebied kunnen worden meegewogen De Flora- en fauna activiteit is getoetst aan de Omgevingsverordening en -plan Provincie Gelderland. De Flora- en fauna activiteit is getoetst aan de Omgevingsplan van de Gemeente Neder-Betuwe. Naar aanleiding van de inventarisatie in het veld en het literatuur/bronnenonderzoek is een inschatting gemaakt van het (mogelijke) voorkomen van beschermde flora en fauna en de (mogelijke) functies voor deze in het plangebied.
Op basis van deze voorgenomen ingreep is een inschatting gemaakt van de (redelijkerwijs) te verwachten negatieve effecten op de (potentieel) aanwezige beschermde soorten en functies. Mogelijke negatieve effecten zijn getoetst aan de Omgevingswet. Vaststellen leemtes/onduidelijkheden. Hiermee is bepaald of negatieve effecten op beschermde gebieden op voorhand zijn uit te sluiten of dat nog een aanvullende toetsing noodzakelijk is.
-
-
-
-
Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-084 r
Quickscan Natuur, Ooisestraat onb, Echteld
8 van 44
SPA WNP ingenieurs
4
Aanmeldnotite m.e.r - quickscan ecologie - Bijlage 2.9
2500210
Omschrijving plangebied
Het plangebied ligt juist buiten de bebouwde kom van Echteld, zie kaart 4. Het ligt in provincie Gelderland ten noorden van de Waal. Het plangebied is een onbebouwd en onverhard perceel begroeid met gras. Het perceel bestaat voor 100% uit groen. Ten noord(west) van het plangebied bevindt zich bebouwing en de voetbalvereniging van Echteld. Ten zuiden van het plangebied bevindt aanliggend een boerenperceel met enkele wilgenbomen. Ook liggen er enkele fruitteeltbomen en akkers ten zuidoosten van het plangebied. Kaart 3 toont een globaal overzicht van de locatie van het plangebied in het streekgebied. Kaart 4 toont een meer gedetailleerd beeld van de ligging van het plangebied en de nabije omgeving. Kaart 5 toont de ligging ten opzichte van de bebouwde kom van Echteld.
Kaart 3: Luchtfoto locatie plangebied in omgeving. [BRON: GOOGLE EARTH]
Kaart 4: Locatie plangebied (rode kader), Echteld [BRON: PDOK.NL]
Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-084 r
Kaart 5: Bebouwde kom Echteld. Rode kader. [BRON: LOKALEREGELGEVING.OVERHEID.NL]
Quickscan Natuur, Ooisestraat onb, Echteld
9 van 44
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - quickscan ecologie - Bijlage 2.10
2500210
Foto 1: Perceel plangebied.
Foto 2: Noordoostgrens plangebied.
Foto 3: Zuidoostgrens plangebied.
Foto 4: Aanliggend perceel.
Foto 5: Platter gras op perceel.
Foto 6: Wilg aanliggend perceel.
Foto 7: Zuidoostgrens plangebied.
Foto 8: Perceel plangebied noord.
Foto 9: Kapotte eierschaal.
Foto 10: Gegraven grond plangebied.
Foto 11: Open plek plangebied.
Foto 12: Haag noordzijde plangebied.
Foto 13: Kleefkruid plangebied.
Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-084 r
Foto 14: Oostzijde plangebied.
Foto 15: Holtes wilg aanliggend perceel.
Quickscan Natuur, Ooisestraat onb, Echteld
10 van 44
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - quickscan ecologie - Bijlage 2.11
2500210
Beschermde gebieden in de omgeving Natura 2000-gebieden zijn in de nabije omgeving van het plangebied aanwezig. De meest dichtbij gelegen Natura 2000-gebieden betreffen: • • • •
Rijntakken (afstand ca. 1,8 km. ten zuiden van het plangebied); Kolland & Overlangbroek (afstand ca. 11 km. ten noorden van het plangebied); Binnenveld (afstand ca. 12 km. ten noordoosten van het plangebied); Veluwe (afstand ca. 14,5 km. ten noordoosten van het plangebied).
Kaart 6: Natura 2000-gebieden in de omgeving van het plangebied [BRON: NATURA2000.EEA.EUROPA.EU]
Kaart 7: Locatie plangebied in relatie tot Gelders Natuurnetwerk. [BRON: ATLASLEEFOMGEVING.NL]
Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-084 r
Quickscan Natuur, Ooisestraat onb, Echteld
11 van 44
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - quickscan ecologie - Bijlage 2.12
2500210
Kaart 8: Gelders natuurnetwerk met groene ontwikkelzones zichtbaar in legenda. De rode stip geeft de ligging van het plangebied aan. [BRON: GELDERLAND.MAPS.ARCGIS.COM]
Andere kwetsbare gebieden
Wat is een Nationaal Landschap? Een Nationaal Landschap is geen museum, maar een gebied waar mensen wonen, werken en recreëren. De Nationale Landschappen zijn gebieden met specifieke kenmerken zoals flora en fauna, beekdalen, terpen, landbouw en waterbeheersing. In diverse regelingen is vastgelegd dat nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen in deze gebieden alleen mogelijk zijn als deze kernkwaliteiten van het landschap behouden blijven of doorontwikkeld worden. De provincies zijn verantwoordelijk voor het aanhouden van grenzen en de kernkwaliteiten. Bron: Atlas leefomgeving.nl
Het Nationaal Landschap genaamde ‘Rivierengebied’, een gebied met duidelijke kenmerken van de aanwezigheid van de rivier, is het gebied ten noorden van de spoorlijn, ten noorden van Echteld. Echteld of het plangebied zijn niet opgenomen in dit gebied. Zie kaart 9.
Kaart 9: Nationaal Landschap ‘Rivierengebied’, grijze vlak
Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-084 r
Quickscan Natuur, Ooisestraat onb, Echteld
12 van 44
SPA WNP ingenieurs
Aanmeldnotite m.e.r - quickscan ecologie - Bijlage 2.13
2500210
Locatie
Bescherming Natura 2000-gebied
Grootte (ha)
Afstand
Rijntakken
Vogelrichtlijn & Habitatrichtlijn
23.048
Ca. 1,8 km
Kolland & Overlangbroek
Habitatrichtlijn
107
Ca. 4,5 km
Binnenveld
Habitatrichtlijn
111
Ca. 12 km
Veluwe
Habitatrichtlijn
88.378
Ca. 14,5 km
Locatie
Gelders natuurnetwerk
Afstand
Ten noordoosten van het plangebied
Gelders natuurnetwerk/Groene ontwikkelzone
109 meter
Groene ontwikkelzone
860 meter
Gelders natuurnetwerk
1.529 meter
Kernkwaliteit: Midden Betuwe Ten zuiden van het plangebied Kernkwaliteit: Noordoever Waal Lent-Echteld Ten zuiden van het plangebied Kernkwaliteit: Noordoever Waal Lent-Echteld
Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-084 r
Quickscan Natuur, Ooisestraat onb, Echteld
13 van 44
SPA WNP ingenieurs
5
Aanmeldnotite m.e.r - quickscan ecologie - Bijlage 2.14
2500210
Resultaten Quickscan
Aangezien de voorgenomen ingreep valt onder de categorie ruimtelijke ordening wordt hier voor beschermde soorten uit Omgevingswet en Omgevingsverordeningen van Provincie en Gemeente een nadere beoordeling gemaakt. Op basis van de aanwezige ecotopen, het veldonderzoek en het literatuuren bronnenonderzoek is een inschatting gemaakt van (mogelijk) in het plangebied voorkomende beschermde soorten. Uitgaande van de bevindingen van het veldonderzoek, het literatuur- en bronnenonderzoek en de te verwachten effecten van de ingreep is een toetsing aan de Omgevingswet en de Omgevingsverordening Provincie Gelderland en Gemeente Neder-Betuwe uitgevoerd. Deze toetsing geeft aan welke (mogelijke) negatieve effecten te verwachten zijn voor beschermde soorten. De toetsing geeft ook aan of aanvullende onderzoeken wenselijk zijn. Tevens geeft de toetsing aan of een vergunning in het kader van de Omgevingswet dan wel de Omgevingsverordening Provincie Gelderland vereist is. De toetsing richt zich ook op het uitsluiten van negatieve effecten op omliggende beschermde gebieden (Omgevingswet). Of, indien negatieve effecten op omliggende beschermde gebieden niet zijn uit te sluiten, het wenselijk is hiernaar nader onderzoek te doen. De algemene zorgplicht wordt geacht bekend te zijn. Daar waar er sprake is van een specifieke zorgplicht zal deze worden vermeld.
5.1
Vaatplanten
Brononderzoek: Uit verspreidingsgegevens (verspreidingsatlassen) en andere externe bronnen zijn aanwijzingen dat er géén beschermde vaatplanten voorkomt binnen of in de nabijheid (0-2 km.) van het plangebied. Rodelijst soorten zijn wel waargenomen nabij of op enige afstand van het plangebied, namelijk: korenbloem, bolderik en gladde ereprijs. Alle andere waargenomen soorten behoren tot de basissoorten landelijk gebied of tot generalisten stedelijk en landelijk gebied.
Veldonderzoek: Binnen het perceel zijn geen strikt beschermde vaatplanten aangetroffen. Het perceel bestaat uit intensief beheerd agrarisch grasland en biedt geen geschikt biotoop voor beschermde vaatplanten door verrijking van het grasland met meststoffen. Ook in de randen van het perceel zijn geen strikt beschermde soorten aangetroffen tijdens het veldonderzoek. Plangebied
Ooisestraat onb, Echteld
•
5.2
Beschermde vaatplanten Aangetroffen
Uit te sluiten
Soort
Aanvullend onderzoek
Nee
Ja
Rode lijst soorten
Nee, zorgplicht
De voorgenomen ingreep zal geen overtreding Omgevingswet dan wel overtreding van de Omgevingsverordening Provincie Gelderland/ Omgevingsplan Gemeente Neder-Betuwe veroorzaken voor beschermde vaatplanten.
Mossen en kostmossen
Brononderzoek Uit verspreidingsgegevens en andere externe bronnen zijn er aanwijzingen dat er géén strikt beschermde mossen en/of korstmossen groeien binnen het plangebied. Wel is in de nabijheid van het plangebied (op naburig kerkje), maar niet binnen, een rodelijstsoort aangetroffen, namelijk: Kerkmosterdkorst, voor deze soort geldt de zorgplicht.
Veldonderzoek Binnen het perceel zijn geen strikt beschermde mossen of korstmossen aangetroffen tijdens het veldbezoek. Er zijn geen rodelijstsoorten aangetroffen.
Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-084 r
Quickscan Natuur, Ooisestraat onb, Echteld
14 van 44
SPA WNP ingenieurs
5.3
Aanmeldnotite m.e.r - quickscan ecologie - Bijlage 2.15
2500210
Zoogdieren
(Spits)Muizen
Brononderzoek Uit verspreidingsgegevens (verspreidingsatlas of NDFF) en andere externe bronnen zijn er géén aanwijzingen dat er beschermde, rode lijst of kenmerkende (spits)muizen voorkomen binnen een straal van 0-1 km, binnen en nabij het plangebied.
Veldonderzoek: Het plangebied heeft geen kenmerken van biotoop van in Nederland voorkomende beschermde muizen of spitsmuizen. Tijdens het veldonderzoek zijn er geen exemplaren, uitwerpselen of sporen van (spits)muizen aangetroffen. Het leefgebied voor beschermde (spits)muizen ontbreekt in het plangebied. Algemene soorten zijn mogelijk aan te treffen. Plangebied
Ooisestraat onb, Echteld
•
Beschermde (spits)muizen Aangetroffen
Uit te sluiten
Nee
Ja
Soort
Aanvullend onderzoek Nee
De voorgenomen ingreep in het plangebied zal geen overtreding Omgevingswet dan wel de Omgevingsverordening Provincie Gelderland, Omgevingsplan Gemeente Neder-Betuwe voor (spits)muizen veroorzaken.
(Kleine) Marterachtigen
Brononderzoek Uit verspreidingsgegevens (verspreidingsatlassen) en andere externe bronnen blijkt dat binnen een afstand van 0-1 km van het plangebied geen marterachtigen zijn waargenomen. Binnen een afstand van 5 km zijn waarnemingen bekend van hermelijn en steenmarter. Binnen en in de omgeving van het plangebied zijn geen andere marterachtigen waargenomen.
Veldonderzoek Tijdens het veldonderzoek zijn geen exemplaren, sporen of uitwerpselen van marterachtigen waargenomen Geschikt biotoop voor marterachtigen is aanwezig in de vorm van corridors: greppels langs het wegtalud, slootkanten, struweel, ruigtekruidenranden vormen goede verbindingen met ander leefgebied dat aanwezig is in het omliggend agrarisch gebied, waar poelen en verschillend erven geschikt leefgebied vormt voor verschillende prooidieren van (kleine)marterachtigen. Verdiepend onderzoek naar de functie van het plangebied voor marterachtigen kan verduidelijken of het gebied in gebruik is als structureel leefgebied. Plangebied