Bijlagen bij de toelichting_Bijlage 3 Verkennend bodemonderzoek
Tekst van het document
Verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) (NEN 5740 en NEN 5707/NEN 5897) Lambertusweg 15 in Middelaar
ONDERDEEL VAN ORTAGEO GROEP
WWW.ORTAGEO.NL
Envita Almelo B.V. Einsteinstraat 12a 7601 PR ALMELO Tel. +31(0)546 - 53 20 74 info@envita-almelo.nl www.envita-almelo.nl IBAN NL89 RABO 0368 8801 41 K.v.K. nr. 08153381 BTW-nr. NL 8173.16.851.B.01
Envita Nijmegen B.V. Metaalweg 18 6551 AD WEURT Tel. +31(0)24 - 397 57 62 info@envita-nijmegen.nl www.envita-nijmegen.nl IBAN NL83 RABO 0132 4716 55 K.v.K. nr. 09176867 BTW-nr. NL 8187.94.239.B.01
204358-10 - Lambertusweg 15 Middelaar 190250 416760 0 - lopend 3-7-2014 3-7-2014 Geen bijzonderheden bij dit project. VMBO-5740 PART ENN - MHE MHE heer H.L.J. Hendriks De heer de heer H.L.J. Hendriks D1282 Mook 0 06-54337651 De heer H.L.J. Hendriks Cuijksesteeg 2 6585 VB MOOK http://www. NL Cuijksesteeg 2 MOOK 6585 VB NL TOAN H.L.J. Eric - 06-54337651 e.hendriks.911@gmail.com heer Hendriks Envita Nijmegen B.V. mevrouw W.C.J. Hendriks mevrouw W.C.J. Hendriks verkennend bodemonderzoek NEN 5740, Lambertusweg 15 in Middelaar verkennend bodemonderzoek NEN 5740 W.C.J. Miriam Hendriks mevrouw m.hendriks@envita-nijmegen.nl 06-39715140 projectleider W.C.J. Miriam Hendriks mevrouw m.hendriks@envita-nijmegen.nl 06-39715140 projectleider mevrouw W.C.J. (Miriam) Hendriks mevrouw W.C.J. (Miriam) Hendriks
Verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) (NEN 5740 en NEN 5707/NEN 5897) Lambertusweg 15 in Middelaar
Opdrachtgever:
De heer H.L.J. Hendriks Cuijksesteeg 2 6585 VB MOOK
Rapportnummer:
204358-10/R01
Status rapport: Datum:
31 juli 2014
Ingenieursbureau voor ruimtelijke ontwikkeling, bodem, water & milieu
Rapport_VO_ASBO_20130605_V2f
Envita Nijmegen B.V. Metaalweg 18 6551 AD WEURT Tel: 024 - 3975762 Fax: 024 - 3977295 E-mail: info@envita-nijmegen.nl
Definitief
Verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) Lambertusweg 15 in Middelaar
Inhoudsopgave 1 2
Inleiding ............................................................................................................................................1 Kader van het onderzoek ................................................................................................................2 2.1 NEN-normen ..............................................................................................................................2 2.2 Uitvoeringskader ........................................................................................................................2 2.3 Reikwijdte van het onderzoek ....................................................................................................2 2.4 Toetsingskader ..........................................................................................................................3 3 Vooronderzoek .................................................................................................................................5 3.1 Algemeen ...................................................................................................................................5 3.2 Algemene gegevens ..................................................................................................................5 3.3 Bodemgebruik
............................................................................................................................6 3.4 Reeds uitgevoerd bodemonderzoek ..........................................................................................7 3.5 Bodemopbouw en geohydrologie ..............................................................................................7 4 Hypothese en onderzoeksstrategie ...............................................................................................8 4.1 Hypothese ..................................................................................................................................8 4.2 Onderzoeksstrategie ..................................................................................................................8 5 Veldwerkzaamheden..................................................................................................................... 10 5.1 Opzet....................................................................................................................................... 10 5.2 Resultaten ............................................................................................................................... 11 6 Laboratoriumonderzoek ...............................................................................................................
13 6.1 Analyseprogramma ................................................................................................................. 13 6.2 Analyseresultaten ................................................................................................................... 14 6.2.1 Grond ............................................................................................................................... 14 6.2.2 Grondwater ...................................................................................................................... 15 6.2.3 Asbest .............................................................................................................................. 16 6.2.4 Toetsing aan de gestelde hypothesen............................................................................. 16 6.2.5 Toetsing aan de noodzaak tot nader onderzoek ............................................................. 16 7 Samenvatting, conclusies en aanbevelingen ............................................................................ 17
Bijlagen: 1) Regionale ligging onderzoekslocatie 2) Tekening met situering onderzoekspunten 3) Bodemprofielbeschrijvingen 4) Analysecertificaten 5) Overschrijdingstabellen 6) Gegevens vooronderzoek Verantwoording
rapportnummer 204358-10/R01 d.d. 31 juli 2014
Verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) Lambertusweg 15 in Middelaar
1
INLEIDING
In opdracht van de heer H.L.J. Hendriks is door Envita Nijmegen B.V. een verkennend bodemonderzoek conform NEN 5740 en een verkennend onderzoek asbest conform NEN 5707/NEN 5897 uitgevoerd op de locatie Lambertusweg 15 in Middelaar (gemeente Mook en Middelaar). De aanleiding voor de uitvoering van het bodemonderzoek wordt gevormd door de voorgenomen aankoop en bestemmingswijziging van het onroerend goed door de opdrachtgever. De opdrachtgever is voornemens om op de locatie een mini-camping te realiseren. Het doel van het onderzoek is om middels het bepalen van de actuele bodemkwaliteit vast te stellen of er als gevolg van een eventuele bodemverontreiniging consequenties zijn voor de voorgenomen transactie. Verder heeft het onderzoek tot doel vast te stellen of de locatie geschikt is voor het beoogde gebruik. Voorliggend rapport beschrijft het kader van het onderzoek in hoofdstuk 2 en geeft de resultaten van het vooronderzoek weer in hoofdstuk 3. In hoofdstuk 4 zijn de hypothese en de onderzoekstrategie beschreven. De veldwerkzaamheden zijn in hoofdstuk 5 en het laboratoriumonderzoek is in hoofdstuk 6 beschreven. Het rapport wordt besloten met de aan het onderzoek te verbinden conclusies en aanbevelingen die in samenvatting zijn weergegeven (hoofdstuk 7).
rapportnummer 204358-10/R01 d.d. 31 juli 2014
1/19
Verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) Lambertusweg 15 in Middelaar
2
KADER VAN HET ONDERZOEK
In dit hoofdstuk wordt kort ingegaan op de verschillende kaders die van toepassing zijn op bodemonderzoek. 2.1
NEN-normen
Bij het bepalen van de onderzoeksstrategie en het vaststellen van het onderzoeksprogramma is uitgegaan van de volgende NEN-normen: "bodem - landbodem – strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader onderzoek" (Nederlandse Norm 5725: januari 2009); "bodem - landbodem – strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek – onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond" (Nederlandse norm 5740: januari 2009); "bodem - Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem en partijen grond" (Nederlandse Norm 5707: mei 2003); "Monsterneming en analyse van asbest in onbewerkt bouw- en sloopafval en granulaat" (Nederlandse Norm 5897: december 2005). 2.2
Uitvoeringskader
Het bodemonderzoek is uitgevoerd conform de wettelijke KWALIBO-regeling (Kwaliteitsborging bij bodemintermediairs). Dit betekent dat het veldwerk is uitgevoerd onder erkenning op basis van BRL SIKB 2000 en de daarbij behorende protocollen 2001 (plaatsen handboringen en peilbuizen), 2002 (nemen van grondwatermonsters) en 2018 (locatie-inspectie en monsterneming van asbest in bodem). Waar tijdens het onderzoek is afgeweken van de normen en de protocollen, is dat vermeld in dit rapport. Het laboratoriumonderzoek is uitgevoerd door een laboratorium dat is geaccrediteerd op basis van de criteria in NEN-EN-ISO/IEC 17025:2000 en op basis van AS3000. Op de analysecertificaten is aangegeven welke laboratoriumverrichtingen onder de genoemde accreditaties zijn uitgevoerd. Voor zover de veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd op basis NEN 5897 zijn BRL SIKB 2000 en protocol 2018 niet van toepassing. Na de laatste bijlage is de verantwoording van het uitgevoerde onderzoek opgenomen, waaronder verwijzingen naar informatiebronnen, literatuur, wet- en regelgeving en kwaliteitsborging. 2.3
Reikwijdte van het onderzoek
Het verkennend bodemonderzoek is alleen bedoeld om inzicht te krijgen in de actuele milieuhygiënische kwaliteit van grond en grondwater op de onderzoekslocatie ten behoeve van het beoogde doel. De uitvoering van de werkzaamheden door Envita vindt op zorgvuldige wijze plaats volgens de algemeen gebruikelijke inzichten en methoden bij onderzoek naar bodemverontreiniging. Het verkennend bodemonderzoek beoogt een waarheidsgetrouw beeld te geven van de bodemkwaliteit van de onderzoekslocatie op het moment van de monstername. Vanwege het steekproefsgewijze karakter van het onderzoek waarbij de monstername op (deels) willekeurig bepaalde locaties plaatsvindt, kan niet worden uitgesloten dat binnen de onderzoekslocatie lokaal een verontreiniging (puntbron) aanwezig is die niet wordt aangetroffen in dit onderzoek. Tevens wordt erop gewezen dat het uitgevoerde onderzoek een momentopname betreft. De onderzoeksresultaten worden minder representatief voor de actuele bodemkwaliteit naarmate meer activiteiten op de locatie plaatsvinden en de verstreken periode sinds de uitvoering van het onderzoek langer wordt.
rapportnummer 204358-10/R01 d.d. 31 juli 2014
2/19
Verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) Lambertusweg 15 in Middelaar
Indien grond van de locatie vrijkomt, moet er rekening mee worden gehouden dat deze niet zonder meer elders toepasbaar is. Op hergebruik van grond is het Besluit bodemkwaliteit van toepassing. De toepassing van grond elders moet worden gemeld via het “meldpunt bodemkwaliteit” van Agentschap NL. Het onderzoek is, mits anders aangegeven, niet van toepassing op puin- of andere lagen waarin de fractie aan bodemvreemd materiaal groter is dan 50%. Deze lagen betreffen formeel geen bodem en hierop is de Wet bodembescherming niet van toepassing. 2.4
Toetsingskader
Om de mate waarin sprake is van bodemverontreiniging te kunnen beoordelen, worden de analyseresultaten van de grond- en grondwatermonsters getoetst aan het toetsingskader dat landelijk (generiek) is vastgesteld. Gemeenten kunnen daarnaast voor hun grondgebied gebiedsspecifiek beleid vaststellen. Voor de beoordeling van de analyseresultaten van de grond- en grondwatermonsters wordt gebruik gemaakt van de achtergrondwaarden grond zoals opgenomen in de Regeling bodemkwaliteit, de streefwaarden grondwater en interventiewaarden grond en grondwater zoals opgenomen in de Circulaire bodemsanering. Bij concentraties aan verontreinigende stoffen tussen het niveau van de streef- of achtergrondwaarde en de interventiewaarde, geldt in het algemeen dat een nader onderzoek noodzakelijk is als de gemeten concentraties de halve som van streef- of achtergrondwaarde en interventiewaarde overschrijden ((S+I)/2). Deze waarde wordt ook wel aangeduid als tussenwaarde. In onderstaande tabel worden deze referentiewaarden en de daarbij gehanteerde terminologie toegelicht. Tabel 1: Toelichting op referentiewaarden Referentiewaarde
Afkorting
Betekenis
Terminologie bij overschrijding
achtergrondwaarde
Aw
generieke waarde voor schone grond (AW2000waarde)
> Aw: licht verhoogd / verontreinigd
tussenwaarde
T
toetsingswaarde voor nader onderzoek ((Aw + I) / 2)
> T: matig verhoogd / verontreinigd
interventiewaarde
I
waarde voor sanering(sonderzoek)
> I: sterk verhoogd / verontreinigd
streefwaarde
S
generieke waarde voor een schoon grondwater
> S: licht verhoogd / verontreinigd
tussenwaarde
T
toetsingswaarde voor nader onderzoek ((S-waarde + I-waarde) / 2)
> T: matig verhoogd / verontreinigd
interventiewaarde
I
waarde voor sanering(sonderzoek)
> I: sterk verhoogd / verontreinigd
grond
grondwater
De referentiewaarden voor verontreinigende stoffen in grond zijn mede afhankelijk gesteld van de percentages aan lutum (fractie <2 m) en organische stof. Dit betekent dat bij elk bodemonderzoek locatiespecifieke referentiewaarden worden berekend. Sinds de inwerkingtreding van de Regeling bodemkwaliteit en Circulaire bodemsanering zijn op basis van voortschrijdend inzicht voor specifieke stoffen aanvullende toetsnormen opgesteld of toetsregels vastgesteld. Voor zover bij de uitvoering van voorliggend bodemonderzoek hiervan sprake is zal bij de interpretatie hier nader op worden ingegaan.
rapportnummer 204358-10/R01 d.d. 31 juli 2014
3/19
Verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) Lambertusweg 15 in Middelaar
Voor asbest is een interventiewaarde vastgesteld van 100 mg/kg d.s. De restconcentratienorm (hergebruikswaarde) is gelijk gesteld aan de interventiewaarde. Het gehalte aan asbest wordt bepaald aan de hand van onderstaande formule. Hierbij vindt voor gehalten in de grond van gaten of sleuven een correctie plaats naar de inhoud van de sleuf. gewogen gehalte asbest = gehalte serpentijnasbest + (10 * gehalte amfiboolasbest) Voor asbest geldt dat, ongeacht de hoeveelheid, er sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging indien de interventiewaarde van 100 mg/kg d.s wordt overschreden.
rapportnummer 204358-10/R01 d.d. 31 juli 2014
4/19
Verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) Lambertusweg 15 in Middelaar
3
VOORONDERZOEK
Ten behoeve van de uitvoering van het verkennend bodemonderzoek is een "standaard" vooronderzoek uitgevoerd. Doel van het vooronderzoek is het achterhalen van (potentieel) bodemverontreinigende activiteiten die nu plaatsvinden of in het verleden hebben plaatsgevonden op of in de directe omgeving van de onderzoekslocatie. 3.1
Algemeen
In onderstaande tabel zijn de in het kader van het vooronderzoek geraadpleegde bronnen opgesomd. Tabel 2: Geraadpleegde bronnen nr.
Bron
Verwijzing
1
topografische kaart, schaal 1 : 12.500 (Kadaster)
bijlage 1
2
uittreksel kadastrale kaart en kadastrale berichten
bijlage 6
3
mondelinge / schriftelijke informatie van opdrachtgever
door de opdrachtgever aangeleverde onderzoeksrapporten (zie bronnen 7, 8 en 9)
4
gemeente Mook en Middelaar
dossieronderzoek op 8 juli 2014
5
internetbronnen: a luchtfoto’s en straatoverzichten b bodemloket (dossiervermelding onderzoek en sanering) c historische topografische kaarten d TNO-NITG (gegevens bodemopbouw en grondwater) e informatie hoogteligging
google earth en maps.google.nl www.bodemloket.nl, zie bijlage 6 www.watwaswaar.nl, zie bijlage 6 www.dinoloket.nl www.ahn.nl
6
locatiebezoek, foto's onderzoekslocatie
uitgevoerd d.d. 10 juli 2014 (gecombineerd met uitvoering veldwerk); foto’s opgenomen onder bijlage 6
7
rapport "Verkennend bodemonderzoek Lambertusweg 15, Middelaar”
P & J Milieuservices B.V, kenmerk: 0731801A, 20 juni 2007
8
rapport “Asbestinventarisatie (volledige Inventarisatie typeA) na brand in woonboerderij voor sloop van woning en renovatie staldeel aan de Lambertusweg 15 te Middelaar
ÖkoCare, projectcode: RP10653a, 11 juni 2012
9
rapport “Asbestinventarisatie Type A (volledig), Lambertusweg 15 in Middelaar, gehele gebouw of object
Analyse Bureau Safety Inventarisatie b.v., projectnummer: 130610.2, 14 juni 2013
3.2
Algemene gegevens
De onderzoekslocatie bevindt zich zuidwestelijk van de Lambertusweg tussen de dorpskernen van Mook (noordwestelijk) en Middelaar (zuidoostelijk). Direct noordoostelijk van de onderzoekslocatie bevindt zich het “Mooks Kanaal” dat een verbinding vormt tussen de Maas en de Mookerplas (Grote Siep). Gegevens over de locatie zijn weergegeven in de volgende tabel. De regionale ligging van de locatie is grafisch weergegeven in bijlage 1. In bijlage 2 is een situatietekening van de onderzoekslocatie opgenomen. Tabel 3: Locatiegegevens adres
Lambertusweg 15 in Middelaar
kadastrale situatie
gemeente Mook en Middelaar, sectie C, nummers 1518 en 1519
eigenaar
Katerbosch b.v.
oppervlakte
perceel 1518: 8.435 m² en perceel 1519: 4.480 m2
bebouwing
boerderij met stallen en (kap)schuren
terreinverharding
-inrit: asfalt -terreindeel tussen werktuigenloods en boerderij: halfverharding van gebroken (baksteen)puin en -grind -strook voorzijde boerderij: asfalt -overige deel erf en inpandig: beton
rapportnummer 204358-10/R01 d.d. 31 juli 2014
totaal: 12.915 m2
5/19
Verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) Lambertusweg 15 in Middelaar
3.3
Bodemgebruik
In onderstaande tabel zijn de beschikbare gegevens over het historisch, huidig en toekomstig gebruik van de onderzoekslocatie en de directe omgeving weergegeven. Tabel 4: Gegevens bodemgebruik Bodemgebruik onderzoekslocatie huidig activiteiten / gebruik locatie
Op de locatie vinden thans geen bedrijfsactiviteiten plaats. De bebouwing staat leeg. De locatie is dicht begroeid met gras en onkruid
potentieel bodembedreigende activiteiten en situaties
geen
historisch activiteiten / gebruik locatie
Het kanaal noordoostelijk van de onderzoekslocatie is in de jaren ’50 van de vorige eeuw gegraven. De uitkomende grond is gebruikt voor ophoging van een deel van de onderzoekslocatie. Zo ligt het oostelijke deel van de onderzoekslocatie circa 1,5 à 2 meter hoger dan het westelijke deel. De huidige boerderij dateert van omstreeks 1955. Vanaf deze periode tot omstreeks 1980 was de locatie in eigendom van de familie G. van Duijnhoven. De locatie was in gebruik als boerderij voor varkens, koeien en kippen. In 1980 is de boerderij overgenomen door de familie G.M. Theunissen. De locatie was destijds in gebruik als melkveehouderij tot omstreeks 2008. In 2008 is de locatie aangekocht door de huidige eigenaar “Katerbosch b.v.”. De activiteiten met betrekking tot de veehouderij zijn in 2008 beëindigd. In juni 2012 is het woongedeelte van de boerderij uitgebrand. Vanwege de voorgenomen sloop van het woongedeelte heeft een asbestinventarisatie van de woning en de daarachter liggende stal plaatsgevonden (bron 8). Het woongedeelte is volledig gesloopt waarbij asbesthoudend materiaal is verwijderd. De stal is nog aanwezig. Hierin bevinden zich nog een asbesthoudend staldeurtje en twee asbesthoudende ventilatiebuizen. In juni 2013 heeft in een gedeelte van de ligboxenstal een brand gewoed.
Vanwege de aanwezigheid van asbesthoudend materiaal heeft in juni 2013 een asbestinventarisatie in en rondom de ligboxenstal plaatsgevonden (bron 9).
voormalige potentieel bodembedreigende activiteiten en situaties
bovengrondse dieseltank in de paardenstal/opslagruimte; was- spoelplaats westelijk van de werktuigenloods; zink- en waterputten nabij de woning; mogelijk asbest als gevolg van brand in de woning en ligboxenstal; asbest in halfverharding van puin.
toekomstig activiteiten / gebruik locatie
mini-camping
potentieel bodembedreigende activiteiten en situaties
geen
Bodemgebruik omgeving onderzoekslocatie huidig activiteiten / gebruik omgeving
agrarische- en recreatieve doeleinden
potentieel bodembedreigende activiteiten en situaties
voor zover bekend geen
historisch activiteiten / gebruik omgeving
Het kanaal noordoostelijk van de onderzoekslocatie is in de jaren ‘50 van de vorige eeuw gegraven. De uitkomende grond is gebruikt voor ophoging van omringende gebieden. De omgeving van de onderzoekslocatie heeft een van oudsher agrarische bestemming.
vml. potentieel bodembedreigende activiteiten/situaties
voor zover bekend geen
rapportnummer 204358-10/R01 d.d. 31 juli 2014
6/19
Verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) Lambertusweg 15 in Middelaar
3.4
Reeds uitgevoerd bodemonderzoek
In 2007 heeft ter plaatse van de onderzoekslocatie een verkennend bodemonderzoek plaatsgevonden (bron 7). Het onderzoek is uitgevoerd in opdracht van CODA door P & J Milieuservices BV. De aanleiding van het onderzoek werd gevormd door de voorgenomen onroerend goed transactie. Uit het laboratoriumonderzoek van de zandige bovengrond van het oostelijke terreindeel zijn licht verhoogde gehalten ten opzichte van de achtergrondwaarden voor minerale olie en PAK gebleken. In de zandige bovengrond met een bijmenging van puin zijn overschrijdingen van de achtergrondwaarden voor zink en PAK vastgesteld. In de bovengrond ter plaatse van de bovengrondse dieseltank is geen verontreiniging met aardolieproducten aangetroffen. In de kleiige bovengrond is geen verontreiniging aangetoond. In de zandige ondergrond is een verhoogd gehalte ten opzichte van de achtergrondwaarde voor PAK aangetoond. In de kleiige ondergrond is geen verontreiniging gebleken. In het grondwater op het lager gelegen westelijke deel is een overschrijding van de streefwaarde voor chroom aangetroffen. Op het hoger gelegen oostelijke deel is geen grondwateronderzoek uitgevoerd. De resultaten van het onderzoek vormden geen aanleiding tot uitvoering van een nader bodemonderzoek. 3.5
Bodemopbouw en geohydrologie
Tectonisch gezien ligt de onderzoekslocatie in de Slenk van Venlo. Deze slenk wordt aan de zuidwestzijde begrensd door de Tegelenbreuk en aan de noordoostzijde door de Grensbreuk. Beide breuken zijn noordwest-zuidoost gericht. De locatie bevindt zich precies boven een begeleidende storing. Het eerste watervoerend pakket heeft een dikte van ± 50 m en wordt gevormd door de Formatie van Waalre. De Formatie van Waalre (afkorting: WA) bestaat uit fluviatiele zanden en kleien uit het Reuverien (vanaf 3,6 miljoen jaar geleden, Laat-Plioceen) tot het Menapien (Vroeg Pleistoceen, tot 1 miljoen jaar geleden). De Formatie van Waalre wordt onderverdeeld in een aantal laagpakketten: het Laagpakket van Tegelen (sideriethoudende klei met zandige laagjes); het Laagpakket van Hoogerheide (micahoudend zand met bovenop een siltige kleilaag) en het Laagpakket van Woensdrecht (fijn micahoudend zand met bovenop een venige kleilaag). De gemiddelde stand van het freatisch grondwater bedraagt ± 8 m +NAP, waardoor het grondwater zich op ± 3 m -mv zou bevinden. De grondwaterstromingsrichting is westelijk gericht (richting de Maas).
rapportnummer 204358-10/R01 d.d. 31 juli 2014
7/19
Verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) Lambertusweg 15 in Middelaar
4
4.1
HYPOTHESE EN ONDERZOEKSSTRATEGIE
Hypothese
Verkennend bodemonderzoek NEN 5740 Binnen de onderzoekslocatie is sprake van verdachte deellocaties die in onderstaande tabel zijn weergegeven. Tabel 5: (verdachte) deellocaties Oppervlakte (m2)
Deellocatie
2
Verdachte parameters
1
was- en spoelplaats, westelijk van de werktuigenloods
ca. 30 m
minerale olie, zware metalen
2
zinkputten nabij de voormalige woning
ca. 2 m2 per put
minerale olie, zware metalen
3
overig “onverdacht” terrein
12.915 m2
-
De locatie van de bovengrondse dieseltank is in 2007 reeds onderzocht. Hierbij is geen verontreiniging met aardolieproducten aangetroffen. Op basis hiervan wordt deze locatie niet meer als verdacht met betrekking tot aardolieproducten aangemerkt. Verkennend onderzoek asbest NEN 5707/NEN 5897 Vanwege de brand in 2012 (woning) en 2013 (deel ligboxenstal) alsmede de aanwezigheid van een halfverharding van puin op een klein deel van het erf, wordt de locatie als “verdacht” aangemerkt ten aanzien van verontreiniging met asbest. 4.2
Onderzoeksstrategie
Verkennend bodemonderzoek NEN 5740 In onderstaande tabel is per (verdachte) deellocatie de strategie weergegeven. Ook is weergegeven voor welke parameters de deellocatie verdacht is. Tabel 6: Onderzoeksstrategie verdachte deellocaties Deellocatie
Strategie
Verdachte parameters
1
was- en spoelplaats, westelijk van de werktuigenloods
VEP
minerale olie, zware metalen
2
zinkputten nabij de voormalige woning
VEP
minerale olie, zware metalen
3
overig “onverdacht” terrein
ONV
-
VEP:
onderzoeksstrategie voor verdachte locatie met een plaatselijke bodembelasting met een duidelijke verontreinigingskern
ONV
onderzoeksstrategie voor een onverdachte locatie
Door gerichte bepaling van de boringen wordt specifiek aandacht besteed aan de locatie van de voormalige bovengrondse dieseltank. Dit ter verificatie van het onderzoek uit 2007. De bovengrond wordt geanalyseerd op minerale olie. Verkennend bodemonderzoek asbest NEN 5707/NEN 5897 Op basis van de hypothese wordt de locatie onderzocht conform NEN 5707 ”verdachte locatie met een diffuse bodembelasting, heterogeen verdeeld”. Hierbij wordt het erf en het gebied rondom de 2 bebouwing als onderzoekslocatie beschouwd. De oppervlakte van dit gebied bedraagt circa 7.000 m . Het weiland wordt niet in het onderzoek betrokken.
rapportnummer 204358-10/R01 d.d. 31 juli 2014
8/19
Verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) Lambertusweg 15 in Middelaar
Op basis van de hypothese wordt de locatie waar halfverharding aanwezig is (inrit en deel van het erf) 2 onderzocht conform NEN 5897, “halfverhardingslagen”. Hierbij wordt een oppervlakte van circa 200 m aangehouden. In aanvulling op NEN 5707 worden van de geroerde bovengrond mengmonsters samengesteld en geanalyseerd op asbest. Conform NEN 5707 volstaat een visuele inspectie, maar de praktijk wijst uit dat dit vaak niet afdoende is omdat asbest niet altijd visueel waarneembaar is (zeker in vezelvorm). Het eventueel aan te treffen asbestverdacht materiaal wordt separaat bemonsterd en geanalyseerd op asbest.
rapportnummer 204358-10/R01 d.d. 31 juli 2014
9/19
Verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) Lambertusweg 15 in Middelaar
5
5.1
VELDWERKZAAMHEDEN
Opzet
Algemeen In onderstaande tabel zijn de uitvoeringsdata en de verantwoordelijke monsternemers aangegeven voor de verschillende uitvoeringsfasen van het veldonderzoek. De onderzoekspunten zijn weergegeven op de tekening in bijlage 2. Tabel 7: Uitvoeringsgegevens Datum Werkzaamheden 10-07-2014
18-07-2014
Beoordelingsrichtlijn/ protocol
Erkende organisatie
Verantwoordelijk medewerker
uitvoeren handboringen, plaatsen peilbuizen, maken boorbeschrijvingen, nemen grondmonsters en inmeten
2000/2001
Envita Nijmegen B.V.
F. Regeling
locatie-inspectie en monsterneming van asbest in bodem
2000/2018
Envita Nijmegen B.V.
F. Regeling
nemen van grondwatermonsters
2000/2002
Envita Nijmegen B.V.
H.H. Wolters
De onderzoekslocatie is deels bebouwd en verhard. Voor deze terreindelen heeft geen maaiveldinspectie naar het voorkomen van asbest plaatsgevonden. Op het overige terrein is een maaiveldinspectie naar het voorkomen van asbest uitgevoerd. Hierbij is dit terreindeel systematisch afgezocht op asbestverdacht (plaat)materiaal. In verband met de aanwezigheid van hoge begroeiing (gras/onkruiden) is de inspectie-efficiëntie zeer laag geschat: 10%-30%. In het veld is de vrijgekomen grond beoordeeld op de texturele samenstelling. Daarnaast is gelet op het voorkomen van puin, slakken, kolengruis en dergelijke en op kleurafwijkingen, die kunnen duiden op de aanwezigheid van bodemverontreiniging. De opgeboorde grond ter plaatse van de voormalige was- en spoelplaats en de voormalige bovengrondse dieseltank is met behulp van de olie-waterreactie beoordeeld op de aanwezigheid van olie-achtige stoffen. In de volgende tabel is een overzicht van het uitgevoerde veldwerkprogramma weergegeven. Tabel 8: Overzicht boorprogramma Aantal
Diepte (m –mv)
Nummers
boringen
2
2,0
8 en 9
proefgaten (i.c.m. boringen)
3
2,0
7, 8, 9
peilbuis
1
3,6-4,6
7
boringen
2
1,0 à 1,5
16, 17
proefgaten (i.c.m. boringen)
1
1,5
17
boringen
2
1,0 à 1,5
22, 23
proefgaten (i.c.m. boringen)
1
0,5
23
peilbuis
1
3,7-4,7
21
16
0,9 à 1,0
1, 3, 4, 5, 6, 10, 12, 13, 18, 20, 24, 26, 27, 28, 29, 30
Onderdeel locaties zinkputten rondom de woning
voormalige bovengrondse dieseltank
voormalige was- en spoelplaats
overig deel van de locatie boringen
rapportnummer 204358-10/R01 d.d. 31 juli 2014
10/19
Verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) Lambertusweg 15 in Middelaar
Tabel 8: Overzicht boorprogramma Onderdeel
Aantal
Diepte (m –mv)
Nummers
7
2,0 à 2,1
2, 11, 14, 15, 19, 25, 31
8
0,5
4, 5, 10, 13, 18, 20, 24
6
2,0
2, 11, 14, 15, 19, 25
proefgaten (i.c.m. boringen)
Afwijkingen ten opzichte van BRL SIKB 2000 In afwijking op protocol 2018 heeft geen adequate maaiveldinspectie kunnen plaatsvinden. Dit in verband met de aanwezigheid van bebouwing, verharding en begroeiing. Verder is bij de uitvoering van de veldwerkzaamheden niet afgeweken van de BRL SIKB 2000. De veldwerkzaamheden ter plaatse van de halfverharding zijn uitgevoerd op basis van NEN 5897 (uitvoering proefgaten). Voor deze werkzaamheden zijn BRL SIKB 2000 en protocol 2018 niet van toepassing. 5.2
Resultaten
In bijlage 3 zijn de uitgetekende bodemprofielen weergegeven. Bodemopbouw In onderstaande tabel is weergegeven hoe de bodem op de onderzoekslocatie tot de maximaal onderzochte diepte van 5,0 m –mv globaal is opgebouwd. Tabel 9: Gemiddelde bodemopbouw Diepte (m- mv)
Hoofdbestanddeel
Nadere omschrijving
0 – 0,4 à 2,0
zand
matig fijn, matig siltig, zwak humeus, plaatselijk zwak grindig
0,4 à 2,0 – 2,1 à 3,2
zand
matig fijn tot matig grof, zwak siltig
2,1 à 3,2 – 3,5
zand
matig fijn tot matig grof, zwak siltig, zwak tot matig grindig
3,5 – 3,9 (t.p.v. peilbuis 7)
grind
grind, matig grof, zwak zandig
3,5 à 3,9 – 5,0
zand
zeer grof, zwak siltig, zwak tot matig grindig
Het meest westelijke terreindeel ligt circa 1,5 meter lager dan het overige terrein (boringen 27, 28 en 29). Op de boorlocaties 27 en 28 is matig tot sterk zandige klei aanwezig tot een diepte van tenminste 1 m-mv. In de ondergrond op de boorlocaties 11, 15 en 30 zijn eveneens matig tot sterk zandige kleilagen aangetroffen. Visueel waargenomen bijzonderheden Op het maaiveld van de locatie en aan de uitkomende grond zijn de volgende waarnemingen gedaan: de boringen 2, 3 en 24 zijn ter plaatse van de inrit/het erf uitgevoerd. Op deze boorlocaties is tot een diepte van 0,4 m-mv een halfverhardingslaag aanwezig bestaande uit gebroken baksteenpuin en grind. In deze laag is een bijmenging van zand aanwezig; ter plaatse van de boringen 1, 2, 3, 7, 10, 14, 15, 18, 19, 20, 22, 24, 26 en 30 zijn bodemvreemde stoffen in de vorm van puindeeltjes aangetroffen. Sprake is van een (zeer) lichte bijmenging van deze bodemvreemde stof; bij de uitvoering van de boringen ter plaatse van de was/spoelplaats (21, 22 en 23) en ter plaatse van de voormalige bovengrondse tank (boringen 16 en 17) zijn zintuiglijk geen waarnemingen gedaan die een aanwijzing vormen voor de aanwezigheid van een bodemverontreiniging met aardolieproducten.
De olie-waterreactie van de gecontroleerde bodemlagen is negatief; ter plaatse van de zink- en waterputten (boringen 7, 8 en 9) zijn eveneens geen waarnemingen gedaan die een aanwijzing vormen voor de aanwezigheid van een bodemverontreiniging;
rapportnummer 204358-10/R01 d.d. 31 juli 2014
11/19
Verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) Lambertusweg 15 in Middelaar
in het ontgraven materiaal uit de proefgaten (grond én puin) is visueel geen asbestverdacht materiaal aangetroffen.
Grondwater Tijdens de bemonstering van het grondwater zijn visueel waarnemingen gedaan en metingen verricht. De resultaten daarvan zijn weergegeven in onderstaande tabel. De zuurgraad en het geleidingsvermogen zijn als normaal te beschouwen voor de onderzochte locatie. Tabel 10: Grondwaterstanden, zuurgraad, geleidingsvermogen en troebelheid Peilbuis
Filterstelling (m –mv)
Visuele waarnemingen
Grondwaterstand (m –mv)
Zuurgraad (pH)
Geleidingsvermogen (S/cm)
Troebelheid NTU
7
3,6-4,6
geen bijzonderheden
3,0
7,4
352
62,3
21
3,7-4,7
geen bijzonderheden
3,5
7,4
281
12,8
rapportnummer 204358-10/R01 d.d. 31 juli 2014
12/19
Verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) Lambertusweg 15 in Middelaar
6
6.1
LABORATORIUMONDERZOEK
Analyseprogramma
Verkennend bodemonderzoek (NEN 5740) Op basis van de visuele waarnemingen (textuur, kleur, bodemvreemd materiaal e.d.) en de ruimtelijke verdeling van de boringen, zijn mengmonsters samengesteld. De aangetroffen halfverhardingslaag (puin en grind) ter plaatse van boringen 2, 4 en 23 (oprit/erf) wordt niet als bodem beschouwd. In aanvulling op de onderzoeksopzet is van deze puinlaag een mengmonster samengesteld (M3). Hoewel puin is het mengmonster geanalyseerd op het zogenaamde standaardpakket voor grondmonsters. Op basis van de resultaten kan indicatief worden aangegeven of de puinlaag voor hergebruik als bouwstof in aanmerking komt. In de volgende tabel is een overzicht van de samenstelling van de (meng)monsters en het uitgevoerde analyseprogramma weergegeven.
Tabel 11: Samenstelling (meng)monsters en analyseprogramma Monstercode
Samenstelling monsters
Traject (m -mv)
Omschrijving / visuele waarnemingen
Analysepakket
geen olie-water reactie
minerale olie
voormalige bovengrondse dieseltank bovengrond M1
16-1; 17-2
0,1 - 1,0
was-/spoelplaats westelijk van de werktuigenloods boven- en ondiepe ondergrond M2
22-1; 22-2
0,4 - 1,4
bodemlaag direct onder de standaardpakket grond1 betonverharding centraal in de was/spoelplaats / sporen puin, geen olie-water reactie
-
3,7 - 4,7
geen bijzonderheden
standaardpakket grondwater2
grondwater 21
overig “onverdacht” terrein bovengrond M4
01-1; 18-1; 19-1; 21-1; 24-1; 25-1; 26-1; 30-1
0,0 - 0,5
humeuze bovengrond noordelijk terreindeel / sporen tot zwak puinhoudend, geen olie-water reactie
standaardpakket grond
M5
05-1; 07-1; 09-1; 10-1; 13-1; 14-1; 15-1; 28-1; 29-1
0,0 - 0,5
humeuze bovengrond zuidelijk terreindeel / sporen puin
standaardpakket grond
M6
11-1; 12-1; 17-1; 20-1; 31-1
0,1 - 0,5
humusarme zandlaag direct onder de betonverharding / sporen puin, geen olie-water reactie
standaardpakket grond
M73
02-3; 08-2; 09-3; 14-2; 15-3; 19-3; 21-3; 25-4
0,5 - 1,9
humeuze ondergrond / sporen baksteen, geen olie-water reactie
standaardpakket grond
M83
03-2; 06-2; 07-4; 08-4; 11-3; 13-2; 21-4; 29-2; 31-4
0,4 - 2,0
humusarme ondergrond / sporen puin, geen olie-water reactie
standaardpakket grond
-
3,6-4,6
nabij zinkput / geen bijzonderheden
standaardpakket grondwater
ondergrond
grondwater 7
rapportnummer 204358-10/R01 d.d. 31 juli 2014
13/19
Verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) Lambertusweg 15 in Middelaar
Tabel 11: Samenstelling (meng)monsters en analyseprogramma halfverhardingslaag (puin en grind) inrit/erf M3
02-1; 04-1; 23-1
0,0 - 0,4
baksteenpuin en grind met een standaardpakket grond bijmenging van zand, geen oliewater reactie
1
grond
metalen (Ba, Cd, Co, Cu, Hg, Pb, Mo, Ni, Zn), PCB, PAK, minerale olie, lutum, organische stof en droge stofgehalte
2
grondwater
metalen (Ba, Cd, Co, Cu, Hg, Pb, Mo, Ni, Zn), vluchtige aromatische koolwaterstoffen (BTEXN en styreen), vluchtige gehalogeneerde koolwaterstoffen en minerale olie (GC)
3
ter plaatse van zink- en waterputten (boringen 7, 8 en 9) zijn geen afwijkende bodemlagen ten opzichte van het overige terrein aangetroffen. Naar aanleiding hiervan zijn de deelmonsters van deze boringen betrokken in de mengmonsters M7 en M8
Verkennend onderzoek asbest (NEN 5707/NEN 5897) In de volgende tabel is het analyseprogramma voor asbest weergegeven. Tabel 12: Samenstelling (meng)monsters en analyseprogramma NEN 5707/NEN 5897 Monstercode
Proefgaten
Traject (m –mv)
Visuele waarnemingen / omschrijving
Analysepakket
grond MM2
5, 8, 9, 10, 11, 14, 17, 19, 20, 25
0,0 - 0,5
visueel geen asbest aangetroffen
asbest in grond
1, 4, 23
0,0 - 0,4
visueel geen asbest aangetroffen
asbest in puin
puin MM1
6.2
Analyseresultaten
De analysecertificaten van de laboratoriumanalyses zijn opgenomen in bijlage 4. De toetsingstabellen zijn opgenomen in bijlage 5. De referentiewaarden (toetsingswaarden) zijn vastgesteld op basis van de analytisch vastgestelde percentages aan lutum en organische stof. 6.2.1 Grond De toetsingsresultaten van de grondanalyses zijn in onderstaande tabel samengevat weergegeven waarbij overschrijdingen van de (plaatselijke) achtergrondwaarden, tussenwaarden of interventiewaarden zijn weergegeven evenals de eventuele bodemvreemde bijmengingen in het monster. Tabel 13: Toetsing analyseresultaten grond(meng)monsters Monstercode
Visuele Waarnemingen
Analysepakket
Overschrijding van de Achtergrondwaarde
Tussenwaarde
Interventiewaarde
minerale olie
-
-
-
standaardpakket grond
zink, minerale olie, PAK, PCB
-
-
voormalige bovengrondse dieseltank bovengrond M1
geen olie-water reactie
was-/spoelplaats westelijk van de werktuigenloods boven- en ondiepe ondergrond M2
centraal in de was/spoelplaats / sporen puin, geen olie-water reactie
overig “onverdacht” terrein bovengrond M4
humeuze bovengrond noordelijk terreindeel / sporen tot zwak puinhoudend, geen olie-water reactie
standaardpakket grond
lood, zink, PAK, PCB
-
-
M5
humeuze bovengrond zuidelijk terreindeel / sporen puin
standaardpakket grond
zink, minerale olie, PCB
-
-
M6
humusarme zandlaag direct onder de betonverharding / sporen puin, geen
standaardpakket grond
-
-
-
rapportnummer 204358-10/R01 d.d. 31 juli 2014
14/19
Verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) Lambertusweg 15 in Middelaar
Tabel 13: Toetsing analyseresultaten grond(meng)monsters Monstercode
Visuele Waarnemingen
Analysepakket
Overschrijding van de Achtergrondwaarde
Tussenwaarde
Interventiewaarde
olie-water reactie ondergrond
-
M7
humeuze ondergrond / sporen baksteen, geen olie-water reactie
standaardpakket grond
-
-
-
M8
humusarme ondergrond / sporen puin, geen olie-water reactie
standaardpakket grond
-
-
-
= geen parameters in gehalten/concentraties boven de betreffende toetsingswaarden aangetroffen
De verhoogde gehalten aan zware metalen, PAK en PCB zijn waarschijnlijk te relateren aan het voorkomen van bodemvreemde stoffen. De gehalten minerale olie zijn marginaal verhoogd ten opzichte van de desbetreffende achtergrondwaarden. Uit onderlinge vergelijking van de gehalten aan minerale olie, PAK en PCB blijken slechts geringe verschillen in gemeten gehalten. Hieruit kan worden geconcludeerd dat de lichte verontreinigingen met deze componenten homogeen op het terrein aanwezig zijn. Deze verontreinigingen zijn mogelijk veroorzaakt door de in de jaren ’50 van de vorige eeuw opgebrachte grond uit het kanaal noordoostelijk van de onderzoekslocatie. Indicatief onderzoek halfverhardingslaag Ten behoeve van het vaststellen van de kwaliteit van de halfverhardingslaag ter plaatse van de inrit/het erf is een mengmonster samengesteld van de boringen 2, 4 en 23 (M3). Het mengmonster is geanalyseerd op een standaardpakket grond. De analyseresultaten zijn getoetst aan de samenstellingswaarden zoals opgenomen in de Regeling Bodemkwaliteit. Alleen voor de kritieke organische parameters minerale olie, PCB en PAK zijn samenstellingwaarden vastgesteld. Uit de analyseresultaten blijkt dat de kritieke organische parameters in gehalten onder de maximale samenstellingswaarden liggen.
Op basis van het indicatief onderzoek komt het materiaal van de halfverhardingslaag, mits civieltechnisch geschikt, in aanmerking voor hergebruik als bouwstof. 6.2.2 Grondwater De toetsing van de grondwateranalyses is in onderstaande tabel samengevat weergegeven. Tabel 14: Toetsing analyseresultaten grondwatermonsters Monstercode
Visuele Waarnemingen
Analysepakket
Overschrijding van de Streefwaarde
Tussenwaarde
Interventiewaarde
standaard pakket grondwater
barium
-
-
standaard pakket grondwater
barium zink
-
-
locatie zink- en waterputten op zuidelijk terreindeel peilbuis 7
geen bijzonderheden
was/spoelplaats noordelik terreindeel peilbuis 21
geen bijzonderheden
Aangezien er geen directe relatie is tussen de licht verhoogde concentraties aan barium en zink en het gebruik van de locatie en er geen bron aanwezig is in de directe omgeving, zijn de verhoogde concentraties waarschijnlijk van nature in het grondwater aanwezig.
rapportnummer 204358-10/R01 d.d. 31 juli 2014
15/19
Verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) Lambertusweg 15 in Middelaar
6.2.3 Asbest Uit het analyseresultaat van mengmonster MM2 van de grond blijkt asbest niet te zijn aangetoond. In het mengmonster van de puinlaag (MM1) blijkt asbest eveneens niet te zijn aangetoond.
6.2.4 Toetsing aan de gestelde hypothesen Verkennend bodemonderzoek (NEN 5740) De hypothese 'verdachte locatie' voor de was/spoelplaats blijkt een correcte hypothese te zijn geweest omdat er verontreinigende parameters zijn aangetoond in gehalten boven de betreffende achtergrondwaarde en in concentraties boven de betreffende streefwaarde. De hypothese wordt aangenomen. De hypothese ‘verdachte locatie’ voor de zink- en waterputten kan worden verworpen aangezien in de ondergrond geen verontreinigde parameters zijn aangetoond. De hypothese “onverdachte locatie” voor het overige terrein blijkt niet correct te zijn en wordt verworpen doordat in de grond metalen, PAK, minerale olie en PCB’s zijn aangetoond in verhoogde gehalten en in het grondwater zink en barium zijn aangetoond in verhoogde concentraties. De gevolgde onderzoeksstrategie geeft echter een representatief inzicht in de bodemkwaliteit. Verkennend onderzoek asbest (NEN 5707/NEN 5897) De hypothese “verdachte locatie” blijkt niet correct te zijn en wordt verworpen omdat geen asbest is aangetoond in de bodem en de halfverhardingslaag. 6.2.5
Toetsing aan de noodzaak tot nader onderzoek
Er zijn in de grond en in het grondwater geen parameters aangetoond in gehalten / concentraties boven de tussenwaarden. Ook is er geen asbest aangetoond in de bodem en in de halfverhardingslaag. Dit houdt in dat er op basis van de Wet bodembescherming geen aanleiding is voor het uitvoeren van nader onderzoek en/of sanerende maatregelen.
rapportnummer 204358-10/R01 d.d. 31 juli 2014
16/19
Verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) Lambertusweg 15 in Middelaar
7
SAMENVATTING, CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
In opdracht van de heer H.L.J. Hendriks is door Envita Nijmegen B.V. in juli 2014 een verkennend bodemonderzoek conform NEN 5740 en een verkennend onderzoek asbest conform NEN 5707/NEN 5897 uitgevoerd op de locatie Lambertusweg 15 in Middelaar (gemeente Mook en Middelaar). Aanleiding en doel De aanleiding voor de uitvoering van het bodemonderzoek wordt gevormd door de voorgenomen aankoop en bestemmingswijziging van het onroerend goed door de opdrachtgever. De opdrachtgever is voornemens om op de locatie een mini-camping te realiseren. Het doel van het onderzoek is om middels het bepalen van de actuele bodemkwaliteit vast te stellen of er als gevolg van een eventuele bodemverontreiniging consequenties zijn voor de voorgenomen transactie. Verder heeft het onderzoek tot doel vast te stellen of de locatie geschikt is voor het beoogde gebruik. Wettelijk kader Het onderzoek is uitgevoerd conform de vigerende NEN-normen, richtlijnen en protocollen en voldoet aan de wet- en regelgeving betreffende de kwaliteit van de uitvoering van werkzaamheden in het bodemwerkveld. In afwijking op protocol 2018 heeft geen adequate maaiveldinspectie kunnen plaatsvinden. Dit in verband met de aanwezigheid van bebouwing, verharding en begroeiing. Verder is bij de uitvoering van de veldwerkzaamheden niet afgeweken van de BRL SIKB 2000.
Strategie Verkennend bodemonderzoek NEN 5740 In onderstaande tabel is per (verdachte) deellocatie de strategie weergegeven. Ook is weergegeven voor welke parameters de deellocatie verdacht is. Tabel 15: Onderzoeksstrategie (verdachte) deellocaties Deellocatie
Strategie
Verdachte parameters
1
was- en spoelplaats, westelijk van de voormalige werktuigenloods
VEP
minerale olie, zware metalen
2
zink- en waterputten rondom de voormalige woning
VEP
minerale olie, zware metalen
3
overig “onverdacht” terrein
ONV
-
VEP:
onderzoeksstrategie voor verdachte locatie met een plaatselijke bodembelasting met een duidelijke verontreinigingskern
De locatie van de voormalige bovengrondse dieselank in een van de schuren is in 2007 reeds onderzocht. Hierbij is geen verontreiniging aangetroffen. Deze locatie is dan ook niet meer als verdacht aangemerkt. Echter door gerichte bepaling van de boringen is aan dit terreindeel specifiek aandacht besteed. De bovengrond is aanvullend geanalyseerd op minerale olie. Verkennend bodemonderzoek asbest NEN 5707/NEN 5897 De locatie is onderzocht conform NEN 5707 ”verdachte locatie met een diffuse bodembelasting, heterogeen verdeeld”. Hierbij is het erf en het gebied rondom de bebouwing als onderzoekslocatie 2 beschouwd. De oppervlakte van dit gebied bedraagt circa 7.000 m . Het weiland is niet in het onderzoek betrokken. De locatie waar halfverharding aanwezig is (inrit en deel van het erf), is onderzocht conform NEN 2 5897, “halfverhardingslagen”. Hierbij is een oppervlakte van circa 200 m aangehouden. Resultaten In onderstaande tabel zijn de resultaten van het bodemonderzoek samengevat weergegeven.
rapportnummer 204358-10/R01 d.d. 31 juli 2014
17/19
Verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) Lambertusweg 15 in Middelaar
Tabel 16: Samenvatting resultaten bodemonderzoek (NEN 5740) Visuele waarnemingen
Overschrijding van de Achtergrondwaarde / Streefwaarde
Tussenwaarde
Interventiewaarde
voormalige bovengrondse dieseltank (alleen analyse op minerale olie)
-
-
-
bodem direct onder de betonverharding t.p.v. was/spoelplaats
zink, minerale olie, PAK, PCB
-
-
humeuze bovengrond noordelijk terreindeel
lood, zink, PAK, PCB
-
-
humeuze bovengrond zuidelijk
zink, minerale olie, PCB
-
-
humusarme zandlaag direct onder de betonverharding t.p.v. erf en bebouwing
-
-
-
humeuze ondergrond
-
-
-
humusarme ondergrond
-
-
-
zuidelijk terreindeel, nabij zink- en waterputten
barium
-
-
noordelijk terreindeel, nabij was/spoelplaats
barium, zink
-
-
bovengrond
ondergrond
grondwater
- = geen parameters in gehalten boven de betreffende toetsingswaarden aangetoond
Conclusies Op basis van het uitgevoerde onderzoek blijkt dat: in de bovengrond ter plaatse van de voormalige bovengrondse dieseltank geen verontreiniging met minerale olie is aangetoond; de bodem direct onder de betonverharding (tot 1,4 m-mv) ter plaatse van de was-/spoelplaats licht verontreinigd is met zink, minerale olie, PAK en PCB; de bovengrond van het noordelijke terreindeel licht verontreinigd is met lood, zink, PAK en PCB; de bovengrond van het zuidelijke terreindeel licht verontreinigd is met zink, minerale olie en PCB; in de humusarme zandlaag direct onder de betonverharding t.p.v. het erf en bebouwing, geen verontreinigde stoffen zijn aangetoond; in de ondergrond geen verontreinigende stoffen zijn aangetoond; het grondwater licht verontreinigd is met zink en/of barium; asbest niet is aangetoond in de bodem; asbest niet is aangetoond in het materiaal van de halfverhardingslaag ter plaatse van de inrit en een gedeelte van het erf. Er zijn geen stoffen in gehalten en/of concentraties boven de tussenwaarde aangetoond. Asbest is in het geheel niet aangetoond. Dit houdt in dat er conform de Wet bodembescherming geen aanleiding is voor het uitvoeren van nader onderzoek en/of sanerende maatregelen.
De bodemkwaliteit, zoals aangetoond op basis van het uitgevoerde bodemonderzoek, levert geen belemmeringen op voor voorgenomen eigendomsoverdracht, bestemmingswijziging en nieuwbouw op de onderzoekslocatie. Indicatief onderzoek halfverhardingslaag Ter plaatse van de inrit en een gedeelte van het erf (verlengde van de inrit) is een halverhardingslaag aanwezig bestaande uit (baksteen)puin en grind. Ten behoeve van het vaststellen van de kwaliteit van deze halfverhardingslaag is het betreffende mengmonster geanalyseerd op een standaardpakket
rapportnummer 204358-10/R01 d.d. 31 juli 2014
18/19
Verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) Lambertusweg 15 in Middelaar
grond. De analyseresultaten zijn indicatief getoetst aan de samenstellingswaarden zoals opgenomen in de Regeling Bodemkwaliteit. Alleen voor de kritieke organische parameters minerale olie, PCB en PAK zijn samenstellingwaarden vastgesteld. Uit de analyseresultaten blijkt dat de kritieke organische parameters in gehalten onder de maximale samenstellingswaarden liggen. Op basis van het indicatief onderzoek komt het materiaal van de halfverhardingslaag in aanmerking voor hergebruik als bouwstof. Aanbevelingen In het kader van kostenefficiëntie adviseren wij om vrijkomende grond zoveel mogelijk binnen de onderzoekslocatie te hergebruiken. Indien grond van de locatie vrijkomt, moet er rekening mee worden gehouden dat deze niet zonder meer elders toepasbaar is. Op hergebruik van grond is het Besluit bodemkwaliteit van toepassing. De toepassing van grond elders moet worden gemeld via het “meldpunt bodemkwaliteit” van Agentschap NL. In bepaalde gemeenten kan daarnaast op grond van overgangsbeleid nog grond worden toegepast op basis van de Ministeriële vrijstellingsregeling grondverzet. Deze toepassingen moeten rechtstreeks aan de betreffende gemeente worden gemeld. Bij eventueel afvoer van het materiaal van de halfverhardingslaag (puin/grind) en asfalt ter plaatse van de inrit en erf dient rekening te worden gehouden met kosten voor afvoer en verwerking hiervan.
rapportnummer 204358-10/R01 d.d. 31 juli 2014
19/19
Verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) Lambertusweg 15 in Middelaar
BIJLAGE 1 Regionale ligging onderzoekslocatie
rapportnummer 204358-10
Omgevingskaart
Klantreferentie: Miriam
0m
125 m
Deze kaart is noordgericht.
625 m
Schaal 1: 12500
Hier bevindt zich Kadastraal object MOOK EN MIDDELAAR C 1519 Lambertusweg 15, 6587 AD MIDDELAAR CC-BY Kadaster.
Verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) Lambertusweg 15 in Middelaar
BIJLAGE 2 Tekening met situering onderzoekspunten
rapportnummer 204358-10
EG
RTUSW LAMBE
6
7
5
8
1 15
2 31
B
9
25 E
3 4
24 21 was-/spoelplaats met goot
11
23
22
10
20 D
BRIGIDAWEG
16
17
26
12
14
C 13
19
A
15
30
18
29
27
28
Legenda boring tot 1,0 m-mv
123
grens verhardingssituatie
A
melkrundveestal
asfalt
B
rundvee- en paardenstal en woonhuis
peilbuis
beton
C
opslag en paardenstal
proefgat asbest
betonklinkers
D
werktuigenloods
onderzoekslocatie
gras
E
werktuigenloods
perceelnummer
grind/puin
kadastrale perceelsgrens
waterloop
5
huisnummer
25 meters
0
gebouwcontouren / muur gebouwcontouren vml. situatie
15
Titel:
Projectnaam:
10
20
Projectnr:
GBKN ondergrond
Bijlage:
Formaat:
2
A3
204358-10
vml. bovengrondse dieseltank (2200L) WP ZP
waterput zinkput
O:\doc\opdracht\204358-10\Tekeningen\204358-10_V1.dwg
Gecontroleerd : Getekend :
NPA
Opdrachtgever :
X:
190250
Y:
416760
De heer H.L.J. Hendriks
Schaal:
1:500
Datum:
31-07-2014
ingenieursbureau voor bodem water en milieu Envita Nijmegen B.V. Metaalweg 18, 6551 AD WEURT
Verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) Lambertusweg 15 in Middelaar
BIJLAGE 3 Bodemprofielbeschrijvingen
rapportnummer 204358-10
Meetpunt: 01
Meetpunt: 02
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
1
braak Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, zwak baksteenhoudend, donkerbruin
0
0
1
40
40
Zand, matig fijn, matig siltig, bruinoranje
-50
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, sporen baksteen, donkerbruin
-50
2
2
100
-100
braak Sterk grindhoudend, sterk puinhoudend, bruin, puin/grindlaag, bijmenging van zand
-100
3
150
-150
Zand, matig grof, zwak siltig, geeloranje 4
200
-200
Meetpunt: 03
Meetpunt: 04
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
braak Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen puin, licht geelbruin
0
0
1
1
braak Sterk puinhoudend, uiterst grindhoudend, bruin, puin/grindlaag, bijmenging van zand
40
-50
Zand, matig grof, zwak siltig, matig grindig, geeloranje
-50 2 2
100
-100
100
-100
Meetpunt: 05
Meetpunt: 06
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
braak Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, zwak grindig, donker oranjebruin
0
0
braak Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, donkerbruin
1
1
40 50
-50
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, donker oranjebruin
Zand, matig fijn, zwak siltig, licht geelbruin
-50 2
2
-100
Projectlocatie:
100
Lambertusweg 15, Middelaar
Opdrachtgever: De heer H.L.J. Hendriks
100
-100
Projectcode: 204358-10 Pagina: 1 / 8
Meetpunt: 07
Meetpunt: 08
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
braak Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, sporen puin, bruinoranje
1
braak Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, donkerbruin
1
50
-50
0
0
Zand, matig fijn, matig siltig, bruinoranje
50
-50
2
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, donkerbruin 2
90
Zand, matig grof, zwak siltig, lichtgeel
-100
-100 110
3
Zand, matig grof, zwak siltig, geeloranje 3
-150
150
-150
4
Zand, matig grof, zwak siltig, lichtgeel 4
-200
200
-200 210
Zand, matig grof, zwak siltig, zwak grindig, geeloranje
-250
-300
-350
350
Grind, matig grof, zwak zandig, grijsgeel
390
Zand, zeer grof, zwak siltig, zwak grindig, geeloranje
-400
-450
-500
Projectlocatie:
500
Lambertusweg 15, Middelaar
Opdrachtgever: De heer H.L.J. Hendriks
Projectcode: 204358-10 Pagina: 2 / 8
Meetpunt: 09
Meetpunt: 10
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
braak Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, donkerbruin
0
0
1
1
50
-50
braak Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, sporen puin, donkerbruin
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, donkerbruin
-50
2
2
-100
100
-100
3
150
-150
Zand, matig fijn, matig siltig, bruinoranje 4
200
-200
Meetpunt: 11
Meetpunt: 12
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
beton
0
0
10
Zand, matig grof, zwak siltig, zwak grindig, geeloranje
Zand, matig grof, zwak siltig, zwak grindig, lichtgeel
1
1 50
-50
60
Volledig beton, lichtgrijs
-50
Klei, sterk zandig, zwak humeus, donkergrijs
2
2
90
Zand, matig grof, zwak siltig, bruinoranje
-100
100
-100
3
-150 4
-200
Projectlocatie:
200
Lambertusweg 15, Middelaar
Opdrachtgever: De heer H.L.J. Hendriks
beton
10
Projectcode: 204358-10 Pagina: 3 / 8
Meetpunt: 13
Meetpunt: 14
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
braak Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, donkerbruin
0
0
1
1
50
-50
Zand, matig grof, zwak siltig, bruinoranje
-50 60
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, bruinoranje
2
2 100
-100
braak Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, sporen puin, donkerbruin
-100
3
150
-150
Zand, matig grof, zwak siltig, lichtgeel 4
200
-200
Meetpunt: 15
Meetpunt: 16
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
braak Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, bruingrijs
0
0
1
Zand, matig grof, zwak siltig, zwak grindig, geen olie-water reactie, lichtgeel
1
-50
-50
2
2
100
-100
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, licht bruingrijs
100
-100
3 140
-150
Klei, sterk zandig, zwak humeus, sporen puin, donker bruingrijs
4 160
Zand, matig grof, zwak siltig, geeloranje 5
-200 210
Projectlocatie:
Lambertusweg 15, Middelaar
Opdrachtgever: De heer H.L.J. Hendriks
beton
10
Projectcode: 204358-10 Pagina: 4 / 8
Meetpunt: 17
Meetpunt: 18
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
beton
0
0
10
Zand, matig grof, zwak siltig, zwak grindig, geen olie-water reactie, lichtgeel
1 50
-50
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak grindig, geen olie-water reactie, lichtbruin
braak Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, sporen puin, donkerbruin
1
-50
2
2
-100
100
-100
3
150
-150
Meetpunt: 19
Meetpunt: 20
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
braak Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, sporen puin, donkerbruin
Zand, matig grof, zwak siltig, zwak grindig, sporen puin, lichtgeel 1
50
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, donker oranjebruin
-50
2
2
-100
100
-100
3
-150 160
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, bruingrijs 4
-200
Projectlocatie:
200
Lambertusweg 15, Middelaar
Opdrachtgever: De heer H.L.J. Hendriks
beton
10
1
-50
0
0
Projectcode: 204358-10 Pagina: 5 / 8
Meetpunt: 21
Meetpunt: 22
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
braak Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, geen olie-water reactie, donker oranjebruin
0
0
1
30 40
-50
1
-100
-100 2
3 140
Zand, matig grof, zwak siltig, geen olie-water reactie, lichtgeel
-150
150
-150
4
-200
-250
-300 320
Zand, zeer grof, zwak siltig, matig grindig, grijsgeel -350
-400
-450
Projectlocatie:
500
Lambertusweg 15, Middelaar
Opdrachtgever: De heer H.L.J. Hendriks
Projectcode: 204358-10 Pagina: 6 / 8
Volledig beton Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, zwak grindig, sporen puin, geen olie-water reactie, donkerbruin
-50
2
-500
braak Put
Meetpunt: 23
Meetpunt: 24
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
1
braak Sterk puinhoudend, sterk grindhoudend, geen olie-water reactie, bruin, puin/grindlaag, bijmenging van zand
0
0
braak Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, sporen puin, donkerbruin
1
40
Zand, matig fijn, matig siltig, geen olie-water reactie, bruinoranje
-50
-50
2 2
100
-100
100
-100
Meetpunt: 25
Meetpunt: 26
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
braak Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, donker oranjebruin
0
0
1
braak Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, sporen puin, donkerbruin
1
-50
-50
2
2
-100
100
-100
3 140
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, bruingrijs
-150 4
200
-200
Meetpunt: 27
Meetpunt: 28
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
braak Klei, sterk zandig, zwak humeus, donker oranjebruin
0
0
1
braak Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, sporen puin, donkerbruin
1 40
Klei, matig zandig, matig roesthoudend, bruinoranje
-50
50
-50
Klei, sterk zandig, zwak humeus, zwak roesthoudend, bruinoranje
2 2 90 100
-100
Projectlocatie:
Lambertusweg 15, Middelaar
Opdrachtgever: De heer H.L.J. Hendriks
Projectcode: 204358-10 Pagina: 7 / 8
Meetpunt: 29
Meetpunt: 30
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak
Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
braak Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, bruinoranje
0
0
1
1
-50
-50 60
60
Zand, matig grof, zwak siltig, geeloranje
2
Klei, matig zandig, zwak humeus, donker bruingrijs 2
100
-100
100
-100
Meetpunt: 31 Datum meting: 10-07-2014 Boormeester: Frank Regeling Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
beton
10
Zand, matig grof, zwak siltig, zwak grindig, lichtgeel 1
-50
2 90
Zand, matig fijn, zwak siltig, bruinoranje
-100
3
-150
4
-200
Projectlocatie:
braak Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, zwak puinhoudend, zwak grindhoudend, donkerbruin
200
Lambertusweg 15, Middelaar
Opdrachtgever: De heer H.L.J. Hendriks
Projectcode: 204358-10 Pagina: 8 / 8
Verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) Lambertusweg 15 in Middelaar
rapportnummer 204358-10
Verkennend bodemonderzoek (incl. asbest) Lambertusweg 15 in Middelaar
BIJLAGE 4 Analysecertificaten
rapportnummer 204358-10
Envita Nijmegen B.V. T.a.v. W.C.J. Hendriks Metaalweg 18 6551 AD Weurt
Analysecertificaat Datum: 18-07-2014
Hierbij ontvangt u de resultaten van het navolgende laboratoriumonderzoek. Certificaatnummer/Versie Uw project/verslagnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Monster(s) ontvangen
2014081170/1 204358-10 Lambertusweg 15, Middelaar 10-07-2014