Bijlage 8 legesverordening 2026
Tekst van het document
voor de beoordeling van een akoestisch rapport o.a. betreffende de interne en externe geluidwering of nagalm van een bouwwerk:
Pagina 33 van 42
€ 316,30
Raadsbesluit
f.
voor de beoordeling van een ecologisch
€ 316,30
onderzoeksrapport: g.
voor de beoordeling van een milieueffectrapportage
€ 1.791,30
(MER): h.
voor de beoordeling van een
€ 316,30
natuurcompensatierapport: i.
voor de beoordeling van een onderzoeksrapport naar
€ 316,30
stikstof: j.
voor de beoordeling van een onderzoeksrapport
€ 316,30
externe veiligheid: k.
voor de beoordeling van een rapport volwaardigheid
€ 316,30
bedrijven: l.
voor de beoordeling van een brandveiligheidsrapport
€ 316,30
m.
voor de beoordeling van een bouwveiligheidsrapport
€ 189,80
n.
voor de beoordeling van een sloopveiligheidsplan
€ 189,80
o.
voor de beoordeling van een niet in de voorgaande
€ 316,30
onderdelen genoemd rapport: Artikel 2.50 Advies 1.
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een daartoe aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet:
a.
voor een advies van de gemeenteraad:
b.
voor een advies van de gemeentelijke adviescommissie als bedoeld in de Adviescommissie Omgevingskwaliteit Mook en Middelaar 2024 dat uitsluitend betrekking heeft op redelijke eisen van welstand, als bedoeld in de gemeentelijke beleidsregels bedoeld in artikel 4.19 van de Omgevingswet worden de door de gemeentelijke adviescommissie gefactureerde kosten doorberekend.
c.
voor een advies van de gemeentelijke adviescommissie als bedoeld in de Adviescommissie Omgevingskwaliteit Mook en Middelaar 2024 in andere gevallen dan bedoeld in onderdeel b worden de door de gemeentelijke adviescommissie gefactureerde kosten doorberekend.
Pagina 34 van 42
€ 379,55
Raadsbesluit
d.
voor een advies in andere gevallen dan bedoeld in de onderdelen a tot en met c: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.
2.
Als een begroting als bedoeld in het eerste lid, onderdeel d, is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.
Artikel 2.51 Instemming 1.
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet betrekking heeft op een activiteit waarvoor de beslissing op de aanvraag op grond van artikel 16.16 van de Omgevingswet instemming behoeft van een bestuursorgaan:
a.
als de gemeenteraad moet besluiten over de instemming:
b.
als een ander bestuursorgaan moet besluiten over de instemming: het bedrag dat dit bestuursorgaan aan rechten zou heffen als het voor de activiteit waarvoor instemming wordt verzocht zelf bevoegd gezag zou zijn.
2.
Het bedrag bedoeld in het eerste lid, onder b, wordt voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeeld. De aanvraag wordt dan in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop het verschuldigde bedrag aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.
Paragraaf 2.13 Vermindering Artikel 2.52 Vermindering na omgevingsoverleg
Pagina 35 van 42
€ 379,55
Raadsbesluit
1.
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning bedoeld
100,000%
in artikel 2.2, aanhef en onderdeel b, en zoals nader omschreven in de paragrafen 2.3 tot en met 2.8, is voorafgegaan door een aanvraag om omgevingsoverleg als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel a, en zoals nader omschreven in paragraaf 2.2, waarop de aanvraag om de omgevingsvergunning betrekking heeft, bestaat onder de in het tweede lid genoemde voorwaarden aanspraak op vermindering van de voor het in behandeling nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning verschuldigde leges. De vermindering bedraagt: van de voor het vooroverleg geheven leges. 2.
Voor de toepassing van het eerste lid wordt de aanvraag om een omgevingsvergunning gedaan: voor dezelfde activiteit of activiteiten als waarop het omgevingsoverleg betrekking had; in overeenstemming met de uitkomsten van het vooroverleg; en binnen 12 maanden na het laatste vooroverleg of, als het vooroverleg volgens afspraak leidt tot de betreffende omgevingsvergunning aan de aanvrager.
3.
Bij leges voor een principeverzoek is geen vermindering mogelijk.
Artikel 2.53 Vermindering bij meervoudige aanvraag Gereserveerd Paragraaf 2.14 Teruggaaf Artikel 2.54 Teruggaaf bij aanvraag en oordeel geen omgevingsvergunning nodig Als het college van burgemeester en wethouders op grond van een aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning oordeelt dat voor de voorgenomen activiteit geen omgevingsvergunning is vereist, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges met een minimum van € 400,00 dat altijd verschuldigd blijft. Artikel 2.55 Teruggaaf als aanvraag verder buiten behandeling wordt gelaten
Pagina 36 van 42
75,000%
Raadsbesluit
Als na toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet
50,000%
bestuursrecht een aanvraag buiten behandeling wordt gelaten, bestaat aanspraak op teruggaaf. De teruggaaf bedraagt: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges. Artikel 2.56 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij reguliere procedure Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: a.
bij gehele of gedeeltelijke intrekking binnen vier
50,000%
weken na de indiening van de aanvraag: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; Artikel 2.57 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij uitgebreide voorbereidingsprocedure Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: a.
bij gehele of gedeeltelijke intrekking binnen zes weken
50,000%
na de indiening van de aanvraag: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; b.
bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf zes weken tot achttien weken na de indiening van de aanvraag:
Pagina 37 van 42
30,000%
Raadsbesluit
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; c.
bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip
25,000%
vanaf achttien weken na de indiening van de aanvraag: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges. Artikel 2.58 Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw- of milieubelastende activiteiten Als het college van burgemeester en wethouders een verleende omgevingsvergunning voor een bouw- of milieubelastende activiteit intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is ingediend binnen 2 jarenna verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges. Artikel 2.59 Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor bouw- of milieubelastende activiteiten Gereserveerd Artikel 2.60 Geen teruggaaf legesdeel modaliteiten In afwijking van de voorgaande artikelen van deze paragraaf wordt geen teruggaaf verleend van het legesdeel dat betrekking heeft op de modaliteiten genoemd in paragraaf 2.12. Artikel 2.61 Minimumbedrag voor teruggaaf Een bedrag minder dan € 150,00 wordt niet teruggegeven.
Pagina 38 van 42
20,000%
Raadsbesluit
Hoofdstuk 3 Europese dienstenrichtlijn Artikel
Omschrijving
Verkooptarief
Paragraaf 3.1 Horeca Artikel 3.1 Exploitatie openbare inrichting 1.
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag
€ 361,85
voor een exploitatievergunning op grond van artikel 2:28 van de Algemene Plaatselijke Verordening 2.
Het tarief bedraagt indien de ontheffing als bedoeld in 2:29 van de Algemene plaatselijke verordening een geldigheidsduur van een kalenderjaar heeft en betrekking heeft op het eerste uur na het in de Algemene Plaatselijke Verordening vastgestelde sluitingsuur, geldig voor:
1.
één dag per week
€ 120,60
2.
twee dagen per week
€ 150,70
3.
drie dagen per week
€ 180,95
4.
meer dan drie dagen per week
€ 241,15
3.
Het tarief bedraagt indien de ontheffing als bedoeld in 2:29 van de Algemene plaatselijke verordening een geldigheidsduur van een kalenderjaar heeft en betrekking heeft op het tweede uur na het in de Algemene Plaatselijke Verordening vastgestelde sluitingsuur geldig voor:
a.
één dag per week
€ 93,70
b.
twee dagen per week
€ 120,60
c.
drie dagen per week
€ 150,70
d.
meer dan drie dagen per week
€ 180,95
Artikel 3.2 Uitoefenen horeca- of slijtersbedrijf 1.
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag
€ 248,35
tot het verkrijgen van een vergunning op grond van artikel 3 van de Alcoholwet 2.
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een melding als
€ 124,05
bedoeld in artikel 30 van de Alcolholwet 3.
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Alcoholwet
4.
Het tarief bedraagt voor van het in behandeling nemen van een aanvraag om een ontheffing van het tijdstip van sluiting van een voor het publiek toegankelijke inrichting (cafés, restaurants e.d.):
Pagina 39 van 42
€ 124,05
Raadsbesluit
a.
voor het eerste uur na het in de Algemene Plaatselijke Verordening
€ 62,05
vastgestelde sluitingsuur, per dag b.
voor ieder volgend uur per dag
€ 12,40
Paragraaf 3.2 Seksbedrijven Artikel 3.3 Vergunning en verlenging vergunning seksbedrijf 1.
Een vergunning als bedoeld in artikel 3:3 van de Algemene Plaatselijke
€ 2.792,90
Verordening (seksinrichting of escortbedrijf) voor de periode van één jaar 2.
Een verlenging van een vergunning als bedoeld in artikel 3:11 van de
€ 1.395,45
Algemene Plaatselijke Verordening (seksinrichting of escortbedrijf) Artikel 3.4 Wijzigen vergunning seksbedrijf Een wijziging van een vergunning in verband met wijziging van beheer
€ 1.395,45
als bedoeld in artikel 3:15 van de Algemene Plaatselijke Verordening (seksinrichting of escortbedrijf) Paragraaf 3.3 Winkeltijdenwet Artikel 3.5 Ontheffing winkeltijden Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag: a.
voor een ontheffing in het kader van de Winkeltijdenwet of het
€ 84,80
Vrijstellingenbesluit Winkeltijdenwet b.
tot het verlenen van toestemming om een in artikel 3.5 onder a
€ 42,40
bedoelde ontheffing over te dragen aan een ander c.
tot het intrekken of wijzigen van een in artikel 3.5 onder a bedoelde
€ 42,40
ontheffing Paragraaf 3.4 Organiseren evenementen of markten Artikel 3.6 Organiseren evenement Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning voor het organiseren van een evenement als bedoeld in artikel 2.25, eerste lid van de Algemene plaatselijke verordening (evenementenvergunning), indien het betreft: a.
Een commercieel evenement
€ 301,55
b.
Een niet-commercieel evenement
€ 120,60
c.
Een buurtbarbecue of straatfeest die niet voldoet aan de eisen bedoeld
€ 60,30
in artikel 2.25, tweede lid, van de Algemene plaatselijke verordening Artikel 3.7 Gereserveerd
Pagina 40 van 42
Raadsbesluit
Paragraaf 3.5 Standplaatsen Artikel 3.8 Gereserveerd Artikel 3.9 Losse standplaatsen Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om: 1.
Een standplaatsvergunning als bedoeld in als bedoeld in artikel 5:18 van
€ 158,15
de Algemene Plaatselijke Verordening: 2.
In afwijking van het bepaalde in lid 1 bedraagt het tarief terzake van het
€ 100,15
innemen van een standplaats ten behoeve van de verkoop tijdens de jaarlijkse Vierdaags van Nijmegen voor iedere dag waarop de standplaats krachtens de vergunning mag worden ingenomen Paragraaf 3.6 Overige op basis van de APV Artikel 3.10 Overige aanvragen op basis van de APV 1.
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag ter verkrijging van:
a.
Een ontheffing als bedoeld in artikel 4:6 van de Algemene Plaatselijke
€ 59,15
Verordening (produceren geluid) b.
Van een vergunning voor het houden van snuffelmarkten als bedoeld in
€ 56,50
artikel 5:22 van de Algemene Plaatselijke Verordening 2.
Een vergunning als bedoeld in artikel 2:10 van de Algemene Plaatselijke
€ 74,75
Verordening (voorwerpen op, boven of aan de weg) Paragraaf 3.7 Luchtvaart Artikel 3.11 Verklaring van geen bezwaar luchtvaart Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een verklaring van geen bezwaar op grond van artikel 8a.50 lid 2 Wet Luchtvaart juncto 18 lid 2 van de Regeling burgerluchthavens voor het opstijgen en/of landen van een luchtballon, schermzweeftoestellen, zeilvliegtuigen en gemotoriseerde schermvliegtuigen: a.
Voor het eenmalig opstijgen / landen
€ 86,45
b.
Voor het meermaals opstijgen / landen gedurende één jaar
€ 216,15
Paragraaf 3.8 Kinderopvang Artikel 3.12 Registratie kinderopvang Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot registratie kinderopvang bedraagt:
Pagina 41 van 42
Raadsbesluit
a.
Voor een kinderdagverblijf, buitenschoolse opvang, peuterspeelzaal of
€ 934,55
gastouderbureau b.
Voor een voorziening voor gastouderopvang
€ 467,25
c.
Voor een voorziening voor gastouderopvang indien sprake is van een
€ 350,25
verkorte inspectie van de GGD (indien sprake is van een reeds geregistreerde gastouder en de laatste inspectie na 1-1-2014 heeft plaatsgevonden) Paragraaf 3.9 Wet op de lijkbezorging Artikel 3.13 Opgraven Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag
€ 349,00
voor een vergunning zoals bedoeld in artikel 29, lid 1 van de Wet op de lijkbezorging Paragraaf 3.10 In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking Artikel 3.14 Aanvragen overige vergunningen, ontheffingen of beschikkingen Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking
Pagina 42 van 42
€ 150,80