Bijlage 3 Overzicht wijzigingen was-wordt centrumregeling
Tekst van het document
Actualisering Centrumregeling beschermd wonen en maatschappelijke opvang regio Nijmegen en Rivierenland, was-wordt tabel Was
De licht paarse tekst vervalt (doorgehaald)
Centrumregeling beschermd wonen en maatschappelijke opvang regio Nijmegen en Rivierenland
Wordt
De blauwe tekst is nieuw
Centrumregeling beschermd wonen en maatschappelijke opvang regio Rijk van Nijmegen en Rivierenland 2026 Deze centrumregeling heeft betrekking op de samenwerking tussen 13 gemeenten uit de regio Rijk van Nijmegen en regio Rivierenland op het terrein van beschermd wonen, maatschappelijke opvang, openbare geestelijke gezondheidszorg en verslavingszorg.
De colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten Berg en
Dal, Beuningen, Buren, Culemborg, Druten, Heumen, Mook en Middelaar, Neder-Betuwe, Nijmegen, Tiel, West Betuwe, West Maas en Waal, en Wijchen, ieder voor zover het zijn bevoegdheid betreft Overwegende dat
-
de 13 gemeenten in de regio Nijmegen en Rivierenland de wens hebben uitgesproken om samen te werken op het gebied van beschermd wonen, beschermd thuis, maatschappelijke opvang, Openbare Geestelijke Gezondheidszorg, verslavingszorg en de centrale toegang voor beschermd wonen en maatschappelijke opvang;
-
daarnaast het rijk gemeenten verplicht op bepaalde gebieden In het kader van de Wmo 2015 regionaal samen te werken;
-
de gemeente Nijmegen bereid is om in het kader van deze
samenwerking als centrumgemeente te fungeren voor een aantal in
De colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten Berg en Dal, Beuningen, Buren, Culemborg, Druten, Heumen, Mook en Middelaar, Neder-Betuwe, Nijmegen, Tiel, West Betuwe, West Maas en Waal, en Wijchen, ieder voor zover het zijn bevoegdheid betreft; Overwegende dat: -
-
de 13 gemeenten in de regio’s Rijk van Nijmegen en Rivierenland sinds september 2021 samenwerken op basis van de centrumregeling beschermd wonen en maatschappelijke opvang regio Rijk van Nijmegen en Rivierenland: deze samenwerking in 2024 in opdracht van de portefeuillehouders beschermd wonen en maatschappelijke opvang is geëvalueerd en de centrumregeling op basis hiervan is geactualiseerd; de verwachting is dat de doordecentralisatie beschermd wonen met ingang van 1 januari 2027 of later zal plaatsvinden:
deze regeling benoemde uitvoeringstaken;
1/19
-
het in dat kader, uit het oogpunt van kwaliteit, solidariteit, borging
-
van continuïteit en verhoging van efficiency, gewenst is te komen
tot een samenwerkingsverband tussen genoemde regiogemeenten;
-
Nijmegen bereid is de in deze regeling genoemde taken uit te
voeren op een zo efficiënt mogelijke wijze, waardoor de kosten
voor de regiogemeenten zo laag mogelijk blijven, ook bij uittreding
-
of opheffing;
-
de regiogemeenten meerwaarde willen behalen uit deze
samenwerking. Hiertoe werken zij concrete acties en doelen uit op basis van bestuurlijk geformuleerde ambities;
-
de regiogemeenten investeren in het vergroten van commitment en gezamenlijkheid in deze samenwerking;
-
-
de regiogemeenten gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor een
-
ontwikkelen, waar nodig, een strategische agenda ter
-
strakke en procesmatige bewaking van de regionale visie. Zij ondersteuning;
-
de regiogemeenten de centrumgemeente daarbij helderheid bieden over de rollen, taken en verantwoordelijkheden voor alle partijen, zowel bestuurlijk als ambtelijk;
-
een efficiënte overleg- en besluitvormingsstructuur wordt geborgd; het voornemen bestaat om de samenwerking te formaliseren in een centrumregeling en een aantal uitvoeringstaken van de
regiogemeenten op te dragen aan de centrumgemeente; Gelet op
hoofdstuk 1 van de Wet gemeenschappelijke regelingen, afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht,
de door de gemeenteraden van Berg en Dal, Beuningen, Buren, Culemborg, Druten, Heumen, Mook en Middelaar, Neder-Betuwe, Nijmegen, Tiel, West Betuwe, West Maas en Waal, en Wijchen verleende toestemming,
overeenkomstig artikel 1, tweede lid, van de Wet gemeenschappelijke
-
los van de datum van ingang van de daadwerkelijke doordecentralisatie de samenwerking te continueren op de terreinen beschermd wonen, maatschappelijke opvang en de regionale taken op het gebied van openbare geestelijke gezondheidszorg en verslavingszorg. de samenwerking in de vorm van een lichte gemeenschappelijke regeling; een enkelvoudige centrumregeling (zonder openbaar lichaam en gemeenschappelijk orgaan) hiervoor de meest geschikte vorm blijft; de gemeente Nijmegen als centrumgemeente voor beschermd wonen, maatschappelijke opvang, openbare geestelijke gezondheidszorg en verslavingszorg heeft gefungeerd; dit wil voortzetten voor beschermd wonen, maatschappelijke opvang, openbare geestelijke gezondheidszorg en verslavingszorg; de geactualiseerde centrumregeling die ingaat met ingang van …....
2026 waarmee de regio Rijk van Nijmegen en Rivierenland een niet vrijblijvende governance geregeld hebben, die voldoet aan de Norm van Opdrachtgeverschap en voldoet aan de verplichting om regionaal samen te werken in het kader van de Wmo 2015: zij daarom deze centrumregeling willen voortzetten waarin aan de gemeente Nijmegen het mandaat wordt verleend om als centrumgemeente beschermd wonen, maatschappelijke opvang, openbare geestelijke gezondheidszorg en verslavingszorg in te kopen, te subsidiëren, contract- en accountmanagement uit te voeren, te monitoren, te declareren en te betalen, kwaliteitsbewaking en handhaving uit te voeren.
Gelet op: - hoofdstuk 1 van de Wet gemeenschappelijke regelingen; - afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht; - de door de raden van voornoemde gemeenten aan hun colleges van burgemeester en wethouders verleende toestemming tot het aangaan van deze samenwerking en het vaststellen van deze 2/19
regelingen, aan hun colleges van burgemeester en wethouders voor het aangaan van de samenwerking en het treffen van deze regeling.
regeling overeenkomstig artikel 1, tweede lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen.
te treffen Centrumregeling Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang Regio Nijmegen en Rivierenland
Besluiten: Vast te stellen de Centrumregeling beschermd Wonen en maatschappelijke opvang regio Rijk van Nijmegen en Rivierenland 2026
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Artikel 1 Begrippen
Artikel 1 Begrippen In deze gemeenschappelijke regeling wordt verstaan onder: 1. Beschermd wonen en maatschappelijke opvang regio: gemeenten uit de regio Rijk van Nijmegen en de regio Rivierenland, exclusief Maasdriel en Zaltbommel en inclusief Mook en Middelaar; 2. centrumgemeente: gemeente als bedoeld in artikel 8, vierde lid van de Wet gemeenschappelijke regelingen, zijnde gemeente Nijmegen; 3. de gemeenten: Berg en Dal, Beuningen, Buren, Culemborg, Druten, Heumen, Mook en Middelaar, Neder-Betuwe, Nijmegen, Tiel, West Betuwe, West Maas en Waal en Wijchen; 4. de regiogemeenten: de gemeenten exclusief gemeente Nijmegen. 5. bestuurlijk kernteam: drie portefeuillehouders, één vanuit de gemeente Nijmegen, één vanuit de regio Rijk van Nijmegen en één vanuit de regio Rivierenland.
Besluit
In deze gemeenschappelijke regeling wordt verstaan onder: 1. centrumgemeente: gemeente als bedoeld in artikel 8, vierde lid
van de Wet gemeenschappelijke regelingen, zijnde gemeente Nijmegen; 2. de gemeenten: Berg en Dal, Beuningen, Buren, Culemborg,
Druten, Heumen, Mook en Middelaar, Neder-Betuwe, Tiel, West Betuwe, West Maas en Waal, en Wijchen_
Artikel 2 Doel en belang 1. Het belang van deze regeling is het vorm geven van de
samenwerking tussen de regiogemeenten op het terrein van: Beschermd
wonen, Beschermd thuis, Maatschappelijke opvang, Openbare Geestelijke Gezondheidszorg (OGGz), Verslavingszorg, Centrale toegang beschermd wonen en maatschappelijke opvang.
2. Deze regeling heeft tot doel te komen tot een doelmatige
uitvoering van de aan de centrumgemeente opgedragen taken.
Artikel 2 Doel van de centrumregeling In deze centrumregeling zijn de afspraken vastgelegd tussen 13 gemeenten uit de regio Rijk van Nijmegen en regio Rivierenland inclusief Mook en Middelaar - over de uitvoering van de taken
3/19
rondom beschermd wonen, maatschappelijke opvang inclusief regionale taken op het gebied van openbare geestelijke gezondheidszorg en verslavingszorg. De gemeenten gaan daartoe de komende jaren een onderlinge samenwerking aan met als doel het zorgdragen voor een kwalitatief goede ondersteuningsstructuur voor de doelgroep van beschermd wonen, maatschappelijke opvang en de regionale taken op het gebied van openbare geestelijke gezondheidszorg en verslavingszorg. Hierdoor wordt het behalen van schaalvoordelen, het stimuleren van de samenwerking tussen de gemeenten, de spreiding van voorzieningen, de beheersing van de middelen en eventuele besparingen of aanvullende kosten en de verevening van risico’s geregeld. Artikel 3 Uitgangspunten voor samenwerking 1. De gemeenten sluiten bij het uitvoeren van de taken binnen de samenwerking aan bij de regionale beleidskaders Samen Dichtbij, de evaluaties van Samen Dichtbij, het regioplan en andere aanverwante regionale beleids- en visiedocumenten of beleid wat hiervoor in de plaats komt. 2. Strategische beleidskaders en beleidsuitgangspunten blijven regionaal gelijk. Daarbinnen heeft elke gemeente ruimte voor lokale ambities, -beleidsontwikkeling, -processen en -uitvoering mits deze niet van invloed zijn op de regiobegroting beschermd wonen en maatschappelijke opvang. 3.
De gemeenten vullen hun rol in de zin van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning 2015 in. 4. De gemeenten werken regionaal samen aan de regionale beleidsopgaven. Iedere gemeente levert minimaal 0,2 fte ambtelijke beleidscapaciteit om de regionale opgaven te realiseren. 5. De gemeenten geven invulling aan de transformatie van beschermd wonen in intramurale voorzieningen naar beschermd wonen thuis in de samenleving door meer in te zetten op ambulante 4/19
ondersteuning en uiteenlopende woonvarianten verspreid in de regio. 6. De gemeenten zijn zelf verantwoordelijk om de lokale sociale basis voor inwoners op orde te brengen zoals benoemd in de regionale beleidskaders, zodat inwoners kunnen meedoen en zo lang mogelijk zelfstandig, al dan niet met ondersteuning, kunnen wonen. Zwaardere zorg en/of een beroep op beschermd wonen en maatschappelijke opvang en verslavingszorg wordt daardoor alleen ingezet als het echt nodig is. 7 Om de uitstroom te bevorderen van zowel de dag- en nachtopvang als de 24-uursopvang zetten gemeenten zich in om meer voorzieningen te realiseren in beide regio’s. Hoofdstuk 2 Centrumgemeente Artikel 3 Aanwijzing centrumgemeente Nijmegen wordt aangewezen als centrumgemeente.
Artikel 4 Taken
1. De colleges van de regiogemeenten dragen in de
dienstverleningsovereenkomst, aan het college van Nijmegen, taken op ter verwezenlijking van het doel.
2. De samenwerking zal zich in ieder geval richten op de inkoop of
subsidiëring, declareren en betalen, contract- en relatie management, monitoren, kwaliteitsbewaking en handhaving van beschermd wonen,
beschermd thuis, maatschappelijke opvang, OGGz en verslavingszorg in het kader van de Wmo 2015.
3. Nijmegen kan als centrumgemeente nog andere taken uitvoeren
voor de regiogemeenten, vast te leggen in de Dienstverleningsovereenkomst
Hoofdstuk 2 Centrumgemeente Artikel 4 Aanwijzing centrumgemeente Nijmegen wordt aangewezen als centrumgemeente voor deze Centrumregeling. Artikel 5 Taken 1. De colleges van de regiogemeenten dragen in de dienstverleningsovereenkomst, aan het college van Nijmegen, taken op ter verwezenlijking van het doel zoals omschreven in artikel 2 van deze centrumregeling. 2. De taken richten zich in ieder geval op de inkoop of subsidiëring, declareren en betalen, contract- en relatiemanagement, monitoren, kwaliteitsbewaking en handhaving van beschermd wonen, maatschappelijke opvang, regionale taken op het gebied van openbare geestelijke gezondheidszorg en verslavingszorg in het kader van de Wmo 2015. 3. Nijmegen kan als centrumgemeente nog andere taken uitvoeren voor de regiogemeenten, vast te leggen in de dienstverleningsovereenkomst.
5/19
4. Nijmegen zal haar rol als centrumgemeente in de zin van de Wmo
4.
2015 in de geest van deze regeling invullen. De centrumgemeente krijgt van de regiogemeenten de ruimte om deze rol in te vullen.
5. Voor beschermd thuis geldt een ontwikkelpad met een duur van 7
5.
tot 10 jaar. De uitvoering van dit ontwikkelpad kan gevolgen hebben voor de invulling van de taken.
6.
Artikel 5 Bevoegdheden colleges 1. Ter verwezenlijking van het doel, kunnen de colleges van de
regiogemeenten aan het college van Nijmegen taken opdragen en bevoegdheden mandateren.
2. De bevoegdheden die ter uitvoering van deze regeling worden
gemandateerd, worden in een mandaatregeling opgenomen. De
mandaatregeling wordt vastgesteld en gewijzigd door eensluidende
besluiten van de colleges en burgemeesters van de regiogemeenten. 3. Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op het verlenen van
volmacht door de burgemeesters tot het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen door Nijmegen namens de regiogemeenten.
4. Nijmegen wordt aangewezen als centrumgemeente voor wat
betreft de taken die aan Nijmegen worden opgedragen.
Artikel 6 Financiën
1. Voor de taakuitvoering, ontvangt Nijmegen van iedere deelnemer
een nader te bepalen bedrag gebaseerd op een raming van de kosten voor de uitvoering van de taken. De raming van de uitvoeringskosten en de
Nijmegen zal haar rol als centrumgemeente in de zin van de Wmo 2015 in de geest van deze regeling invullen. De centrumgemeente krijgt van de regiogemeenten de ruimte om deze rol in te vullen. Bij onvoorziene omstandigheden en urgente kwesties die vragen om slagvaardigheid en doorzettingskracht zal centrumgemeente Nijmegen het bestuurlijk kernteam van de regio beschermd wonen en maatschappelijke opvang raadplegen voor advies. Dit binnen de aangegeven beleids- en inkoop en regiobegroting kaders. De leden van het bestuurlijk kernteam, worden door de portefeuillehouders van de deelnemende gemeenten voorgedragen voor een periode van twee jaar.
Artikel 6 Bevoegdheden colleges 1. Ter verwezenlijking van het doel, kunnen de colleges van de regiogemeenten aan het college van Nijmegen taken opdragen en bevoegdheden mandateren begrensd door wetgeving, jurisprudentie en de financiële kaders van de regiobegroting beschermd wonen en maatschappelijke opvang. 2. De bevoegdheden die ter uitvoering van deze regeling worden gemandateerd, worden in een mandaatregeling opgenomen. De mandaatregeling wordt vastgesteld en gewijzigd door eensluidende besluiten van de colleges en burgemeesters van de regiogemeenten. 3. Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op het verlenen van volmacht door de burgemeesters tot het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen door Nijmegen namens de regiogemeenten. 4. Nijmegen wordt aangewezen als centrumgemeente voor wat betreft de taken die aan Nijmegen worden opgedragen. Hoofdstuk 3 Financiering, begroting en verantwoording Artikel 7 Financiering Beschermd wonen.
6/19
bijdrage per deelnemer wordt nader uitgewerkt in de te sluiten dienstverleningsovereenkomst.
2. Voor de kosten van de voorzieningen zelf ontvangt Nijmegen van
1. 2.
iedere deelnemer een nader te bepalen bedrag gebaseerd op een raming van de aantallen voorzieningen, vast te leggen in de dienstverleningsovereenkomst.
3. Voor de taken beschermd wonen en beschermd thuis ontvangt
Nijmegen van iedere deelnemer periodiek een voorschot, dat bestaat uit een in de dienstverleningsovereenkomst te bepalen percentage van het benodigde budget.
4. De bedragen, zoals bedoeld in lid 1 en 2, tezamen vormen het
totaalbedrag wat jaarlijks door de deelnemers aan de centrumgemeente Nijmegen wordt betaald.
5. Vanaf 2023 worden de centrumgemeentemiddelen die Nijmegen
voor Beschermd Wonen en Maatschappelijk Opgaven ontvangt eerst volledig uitgenut alvorens een bijdrage van regiogemeenten wordt gevraagd.
6. Ieder jaar worden per deelnemer de voorschotten verrekend met
de daadwerkelijk gerealiseerde kosten. Het tekort of overschot wordt conform de afspraken in de dienstverleningsovereenkomst met de deelnemers verrekend.
3.
De regionale taak beschermd wonen wordt bekostigd uit de rijksmiddelen die centrumgemeente Nijmegen hiervoor ontvangt. Wanneer de financiële doordecentralisatie van beschermd wonen ingaat ontvangen alle gemeenten – naast het rijksbudget welke de centrumgemeente ontvangt voor beschermd wonen –middelen voor beschermd wonen en worden deze middelen voor de regiobegroting beschermd wonen en maatschappelijke opvang geoormerkt door de deelnemende gemeenten. Met ingang van de financiële doordecentralisatie worden de lokaal ontvangen rijksbudgetten beschermd wonen doorbetaald naar de centrumgemeente voor bekostiging van de regionale taken beschermd wonen. De afspraken hierover worden vastgelegd in de dienstverleningsovereenkomst.
Artikel 8 Financiering maatschappelijke opvang en de regionale taken voor openbare geestelijke gezondheidszorg en verslavingszorg 1. De financiële middelen van maatschappelijke opvang en de regionale taken voor verslavingszorg en openbare geestelijke gezondheidszorg gaan via de rijksbudgetten welke de centrumgemeente Nijmegen ontvangt. 2. De kosten voor het verlenen van zorg, de personele en overhead kosten voor het uitvoeren van regionale taken op het gebied van maatschappelijke opvang, openbare geestelijke gezondheid en verslavingszorg worden betaald vanuit de regiobegroting beschermd wonen en maatschappelijke opvang. Artikel 9 Regiobegroting Beschermd wonen, maatschappelijke opvang en de regionale taken openbare gezondheidszorg en verslavingszorg 1. De rijksmiddelen die worden ontvangen voor beschermd wonen (lokaal en centrumgemeente), maatschappelijke opvang, openbare geestelijke gezondheidszorg en verslavingszorg vormen samen met de Eigen Bijdragen (beschermd wonen en maatschappelijke
7/19
2. 3. 4.
opvang) het regiobudget beschermd wonen en maatschappelijke opvang. Het regiobudget beschermd wonen en maatschappelijke opvang, is het financieel kader voor besteding en leidend voor de taken zoals benoemd onder lid 1 van dit artikel. Alle regiogemeenten geven de centrumgemeente het mandaat om de (meerjaren-)regiobegroting te laten vaststellen, met in achtneming van 4b, hieronder. Bij besteding van middelen en het opstellen van de regiobegroting beschermd wonen en maatschappelijke opvang gelden de volgende afspraken: a. De centrumgemeente stelt jaarlijks, in overleg met regiogemeenten, een regionale meerjarenbegroting beschermd wonen en maatschappelijke opvang op basis van benodigde inkoop, subsidies, innovaties en actuele ontwikkelingen op. De personele en overhead kosten voor het uitvoeren van de regionale taken worden betaald vanuit het regiobudget. b. De regiobegroting beschermd wonen en maatschappelijke opvang wordt voorgelegd aan de portefeuillehouders beschermd wonen en maatschappelijke opvang van de deelnemende gemeenten voor bestuurlijke overeenstemming. c. Jaarlijks wordt er verantwoording afgelegd op doelrealisatie aan de portefeuillehouders beschermd wonen en maatschappelijke opvang van de deelnemende gemeenten. Dit om gezamenlijk te kunnen blijven sturen op de beweging, transformatie en realisatie in de regio als geheel. d.
Jaarlijks worden per deelnemer de voorschotten verrekend met de daadwerkelijk, in het voorgaande jaar, gerealiseerde kosten. Het tekort of overschot wordt conform de afspraken in de dienstverleningsovereenkomst met de deelnemers verrekend. e. De rijksmiddelen die de gemeenten in regio Rijk van Nijmegen en Rivierenland ontvangen voor beschermd wonen, maatschappelijk opvang, en openbare gezondheidszorg (voor de regionale taken) en
8/19
verslavingszorg worden eerst volledig uitgenut alvorens een bijdrage van regiogemeenten wordt gevraagd.
Artikel 7 Dienstverleningsovereenkomst Ongewijzigd
Artikel 8 Voorzitter/ regionale procesmanager Ongewijzigd
Hoofdstuk 3 Wijziging, toetreding, uittreding en opheffing
Artikel 10 Dienstverleningsovereenkomst Ongewijzigd
Artikel 11 Voorzitter/ regionale procesmanager Ongewijzigd
Hoofdstuk 3 Wijziging, toetreding, uittreding en opheffing
Artikel 9 Wijziging van de regeling
Artikel 12 Wijziging van de regeling Ongewijzigd
Artikel 10 Toetreding tot de regeling
Artikel 13 Toetreding tot de regeling 1. Iedere potentiële nieuwe deelnemer kan een voorstel doen tot toetreding van een gemeente aan deze regeling. 2. Bij toetreding van een gemeente maken de deelnemers afspraken over een herschikking van de financiële bijdragen. 3. De toetreding, zoals bedoeld in het vorige lid, wordt pas voorgelegd aan de gemeenteraden van de deelnemers, indien alle deelnemers met de toetreding akkoord zijn. 4. De toetreding vindt niet plaats dan na verkregen toestemming van de gemeenteraden van de deelnemers en de gemeenteraad van de toetredende gemeente. 5. Toetreding tot deze regeling door andere gemeenten is gedurende het eerste jaar na het treffen van deze regeling niet mogelijk.
Ongewijzigd
1. Iedere potentiële nieuwe deelnemer kan een voorstel doen tot
toetreding van een college aan deze regeling.
2. Bij toetreding van een college maken de deelnemers afspraken
over een herschikking van de financiële bijdragen.
3. De toetreding, zoals bedoeld in het vorige lid, wordt pas
voorgelegd aan de gemeenteraden van de deelnemers, indien alle deelnemers met de toetreding akkoord zijn.
4. De toetreding vindt niet plaats dan na verkregen toestemming van
de gemeenteraden van de deelnemers en de gemeenteraad van het toetredende college.
5. Toetreding tot deze regeling door andere colleges is gedurende
het eerste jaar na het treffen van deze regeling niet mogelijk.
9/19
6. Op toetreding tot deze regeling is artikel 16 van deze regeling van
6.
overeenkomstige toepassing.
Op toetreding tot deze regeling is artikel 19 van deze regeling van overeenkomstige toepassing.
Artikel 11 Uittreding uit de regeling 1 t/m7 ongewijzigd
Artikel 14 Uittreding uit de regeling 1 t/m7 ongewijzigd
8. Naar aanleiding van de uittreding wijzigen de overige deelnemers de regeling, conform artikel 9, of heffen zij de regeling op, conform artikel 12. 9. Op uittreding uit deze regeling is artikel 16 van deze regeling van overeenkomstige toepassing.
8.
Artikel 12 Opheffing van de regeling Ongewijzigd
Artikel 15 Opheffing van de regeling Ongewijzigd
Hoofdstuk 4 Overige bepalingen
Hoofdstuk 4 Overige bepalingen
Artikel 13 Evaluatie en doorontwikkeling
Artikel 16 Evaluatie en doorontwikkeling Ongewijzigd
Ongewijzigd
Artikel 13a. – Participatie van ingezetenen Ongewijzigd Artikel 14 Duur Ongewijzigd.
9.
Naar aanleiding van de uittreding wijzigen de overige deelnemers de regeling, conform artikel 14, of heffen zij de regeling op, conform artikel 15. Op uittreding uit deze regeling is artikel 19 van deze regeling van overeenkomstige toepassing.
Artikel 16a Participatie van ingezetenen Ongewijzigd Artikel 17 Duur Ongewijzigd
Artikel 15 Geschillen Ongewijzigd
Artikel 18 Geschillen Ongewijzigd
Artikel 16 Inzending en bekendmaking 1. Het college van Nijmegen zendt deze regeling aan Gedeputeerde Staten van Gelderland
Artikel 19 Inzending en bekendmaking 1. Het college van Nijmegen zendt deze regeling aan Gedeputeerde Staten van Gelderland en van Limburg. 10/19
Verder Ongewijzigd
Lid 2 en 3 Ongewijzigd
Artikel 17 Archivering
Artikel 20 Archivering Ongewijzigd
Ongewijzigd
Artikel 18 Privacy Ongewijzigd
Artikel 21 Privacy Ongewijzigd
Artikel 22 Klachten Artikel 19 Klachten
Ongewijzigd
Ongewijzigd
Artikel 20 Inwerkingtreding Ongewijzigd Artikel 21 Intrekking bestaande regelingen en mandaten
Met de inwerkingtreding van deze regeling vervallen eventuele bestaande
regelingen en mandaten met betrekking tot de domeinen van deze regeling.
Artikel 22 Citeerwijze
Deze regeling wordt aangehaald als: centrumregeling ‘Centrumregeling Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang Regio Nijmegen en Rivierenland’.
Artikel 23 Inwerkingtreding Ongewijzigd
Artikel 24 Intrekking bestaande regelingen en mandaten Met de inwerkingtreding van deze regeling vervallen eventuele bestaande regelingen en mandaten met betrekking tot de domeinen beschermd wonen en maatschappelijke opvang van deze regeling. Artikel 25 Citeerwijze Deze regeling wordt aangehaald als: centrumregeling ‘Centrumregeling Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang Regio Rijk van Nijmegen en Rivierenland’.
Aldus vastgesteld in de collegevergadering
Aldus vastgesteld in de collegevergadering van De gemeentesecretaris,
De gemeentesecretaris,
De Burgemeester,
11/19
De Burgemeester,
Toelichting bij Centrumregeling Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang Regio Rijk van Nijmegen en Rivierenland
Artikelsgewijze toelichting 1.1
Inleiding
Voor wat betreft de verplichte samenwerkingstaken uit de Wmo 2015 op het gebied van bescherm wonen en opvang vervult Nijmegen de verplichte rol van centrumgemeente voor regionale samenwerking.
Gelet op de verwachtte schaalvoordelen van regionale samenwerking en de
verdere verplichting van rijkswege tot samenwerking binnen de Wmo 2015 is besloten om samenwerking te formaliseren in de vorm van een
centrumregeling op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr).
Artikelsgewijze toelichting 1.1 Inleiding Voor wat betreft de verplichte samenwerkingstaken uit de Wmo 2015 op het gebied van beschermd wonen en maatschappelijke opvang vervult Nijmegen de verplichte rol van centrumgemeente voor regionale samenwerking. Gelet op de schaalvoordelen van regionale samenwerking en de verdere verplichting van rijkswege tot samenwerking binnen de Wmo 2015 is in 2021 besloten om samenwerking te formaliseren in de vorm van een centrumregeling op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Met de geactualiseerde centrumregeling is een niet vrijblijvende governance geregeld, die voldoet aan de Norm van Opdrachtgeverschap en voldoet aan de verplichting om regionaal samen te werken in het kader van de Wmo 2015. 1.2 Centrumregeling Ongewijzigd
1.2
Aangaan centrumregeling
1.3
Deelnemers
Ongewijzigd
Aan de centrumregeling nemen de colleges van burgemeester en wethouders deel van alle gemeenten in Regio Nijmegen en Rivierenland: -
Berg en Dal
-
Buren
-
Beuningen
1.3 Deelnemers Aan de centrumregeling nemen de colleges van burgemeester en wethouders deel van alle gemeenten in regio Rijk van Nijmegen en Rivierenland: - Berg en Dal - Beuningen - Buren - Culemborg
12/19
-
Culemborg
-
Heumen
-
Druten
Mook en Middelaar Neder-Betuwe Nijmegen Tiel
West Betuwe
West Maas en Waal Wijchen
De gemeente Nijmegen wordt aangewezen als centrumgemeente. Hiermee is sprake van een enkelvoudige centrumregeling. Wanneer er meer gemeenten zijn die taken uitoefenen voor andere deelnemers is er sprake van een
meervoudige centrumregeling. Het ligt voor de hand om Nijmegen aan te
wijzen als centrumgemeente, aangezien deze de rol als centrumgemeente op grond van de Wmo BW en MO al vervult. Uit efficiency oogpunt is er voor gekozen om taakuitvoering waar mogelijk te concentreren bij één centrumgemeente.
Artikel 1. Begrippen Ongewijzigd
Artikel 2. Doel en belang
Artikel 10, eerste lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr)
bepaalt dat het belang ter behartiging waarvan de regeling is getroffen in de regeling staat vermeld.
Artikel 3. Centrumgemeente
De vorm voor samenwerking binnen het sociale domein in de provincie Gelderland is een centrumregeling op grond van artikel 8 lid 3 Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Dit is de meest lichte –
- Druten - Heumen - Mook en Middelaar - Neder-Betuwe - Nijmegen - Tiel - West Betuwe - West Maas en Waal - Wijchen De gemeente Nijmegen wordt aangewezen als centrumgemeente. Hiermee is sprake van een enkelvoudige centrumregeling. Wanneer er meer gemeenten zijn die taken uitoefenen voor andere deelnemers is er sprake van een meervoudige centrumregeling. Het ligt voor de hand om Nijmegen aan te wijzen als centrumgemeente, aangezien deze de rol als centrumgemeente op grond van de Wmo voor de taken beschermd wonen en maatschappelijke opvang vervult. Uit efficiency oogpunt is in 2021 ervoor gekozen om taakuitvoering waar mogelijk te concentreren bij één centrumgemeente. Artikel 1 Begrippen Ongewijzigd
Artikel 2 Doel van de centrumregeling Artikel 10, eerste lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) bepaalt dat het belang ter behartiging waarvan de regeling is getroffen in de regeling staat vermeld. De vorm voor samenwerking binnen het sociale domein in de provincie Gelderland is een centrumregeling op grond van artikel 8 lid 3 Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Dit is de meest lichte –
geformaliseerde – publieke samenwerkingsvorm die mogelijk is voor 13/19
geformaliseerde – publieke samenwerkingsvorm die mogelijk is voor overheden. In tegenstelling tot bijvoorbeeld een gemeenschappelijk
openbaar lichaam, wordt bij een centrumregeling geen nieuwe organisatie met rechtspersoonlijkheid in het leven geroepen.
Ook kent een centrumregeling geen formeel besluitvormend orgaan zoals een algemeen of dagelijks bestuur of bestuurscommissie. Bij een
centrumregeling kan worden bepaald dat daarin omschreven bevoegdheden van bestuursorganen of van ambtenaren van de aan de regeling
deelnemende gemeenten (regiogemeenten), voortaan in mandaat kunnen
worden uitgeoefend door bestuursorganen of ambtenaren van een van de deelnemende gemeenten (de centrumgemeente).
De basis voor deze vorm van samenwerking wordt gelegd in de tekst van de centrumregeling. Per deelnemer kunnen er vervolgens in een
dienstverleningsovereenkomst nadere afspraken worden gemaakt.
overheden. In tegenstelling tot bijvoorbeeld een gemeenschappelijk openbaar lichaam, wordt bij een centrumregeling geen nieuwe organisatie met rechtspersoonlijkheid in het leven geroepen. Ook kent een centrumregeling geen formeel besluitvormend orgaan zoals een algemeen of dagelijks bestuur of bestuurscommissie. Bij een centrumregeling kan worden bepaald dat daarin omschreven bevoegdheden van bestuursorganen of van ambtenaren van de aan de regeling deelnemende gemeenten (regiogemeenten), voortaan in mandaat kunnen worden uitgeoefend door bestuursorganen of ambtenaren van een van de deelnemende gemeenten (de centrumgemeente). De gemeenten in Gelderland-Zuid hebben aan de centrumgemeente een mandaat afgegeven. De basis voor deze vorm van samenwerking wordt gelegd in de tekst van de centrumregeling. Per deelnemer kunnen er vervolgens in een dienstverleningsovereenkomst nadere afspraken worden gemaakt. Artikel 3 Uitgangspunten voor de samenwerking De centrumregeling regelt de juridische samenwerkingsvorm. De uitgangspunten die aan deze samenwerking ten grondslag liggen zijn opgenomen in dit artikel. Hierin geven we ook aan wat de bronnen zijn waar deze uitgangspunten in zijn vastgelegd.
In dit artikel wordt Nijmegen aangewezen als centrumgemeente. Artikel 4. Taken
De taken die gedefinieerd zijn onder deze regeling worden beschouwd als een minimum pakket dat gelijk is voor alle deelnemende gemeenten. In
onderling overleg kan het takenpakket worden uitgebreid of aangepast; dat kan gezamenlijk door aanpassing van het handvest of tussen betreffende regiogemeente en Nijmegen door aanpassing van de
dienstverleningsovereenkomst. Nijmegen zal haar rol als centrumgemeente
Artikel 4 Aanwijzing centrumgemeente In dit artikel wordt Nijmegen aangewezen als centrumgemeente. Artikel 5 Taken De taken die gedefinieerd zijn onder deze regeling worden beschouwd als een minimumpakket dat gelijk is voor alle deelnemende gemeenten. In onderling overleg kan het takenpakket worden uitgebreid of aangepast; dat kan gezamenlijk door aanpassing van het handvest of tussen betreffende regiogemeente en Nijmegen door aanpassing van de dienstverleningsovereenkomst. Nijmegen zal haar rol als centrumgemeente
14/19
in de zin van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) in de geest van deze regeling invullen. Het gaat daarbij zowel om de wettelijke taken: Beschermd wonen, Beschermd thuis, Maatschappelijke opvang,
Daklozenopvang, OGGz, Verslavingszorg . Daarnaast gaat het om de
organisatie van de centrale toegang beschermd wonen en maatschappelijke opvang.
De taken die krachtens de centrumregeling worden opgedragen aan de
centrumgemeente, worden door de colleges bijgehouden in een register. Dit is in lijn met artikel 27 Wgr. Artikel 5. Bevoegdheden Per deelnemende gemeente moet een mandaatregeling worden gemaakt, waarin de relevante bevoegdheden van het college aan het college van
Nijmegen wordt gemandateerd. Ook dient een volmacht te worden verstrekt voor het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen.
Bevoegdheden die niet worden overgedragen blijven bij het bestuursorgaan dat de bevoegdheden bezit.
De centrumgemeente kan door inkoop- of subsidie opgedragen taken laten uitvoeren. Bij inkoop in een samenwerkingsverband speelt
aanbestedingsrecht een belangrijke rol. Een aankoopcentrale is een
mogelijkheid op basis van de Aanbestedingswet 2012 (artikel 2.11) waarmee publieke organisaties gezamenlijk kunnen inkopen zonder tegen aanbestedingsrechtelijke problemen aan te lopen.
in de zin van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) in de geest van deze regeling invullen. Het gaat daarbij zowel om de wettelijke taken: beschermd wonen, maatschappelijke opvang, openbare geestelijke gezondheidszorg en verslavingszorg. Voorbeelden van onvoorziene omstandigheden voor het bestuurlijk kernteam zijn calamiteiten, publicitaire zaken, opschalen winteropvang en acute wijzigingen van het budget binnen de vastgestelde regiobegroting. Artikel 6 Bevoegdheden Per deelnemende gemeente is een mandaatregeling gemaakt, waarin de relevante bevoegdheden van het college van burgemeester en wethouders aan het college van burgemeester en wethouders van Nijmegen zijn gemandateerd. Ook is een volmacht verstrekt voor het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen. Bevoegdheden die niet worden gemandateerd blijven bij het bestuursorgaan dat de bevoegdheden bezit. De centrumgemeente kan de opgedragen taken door inkoop- of subsidie laten uitvoeren. Bij inkoop in een samenwerkingsverband speelt aanbestedingsrecht een belangrijke rol. De inkoop of subsidiëring en de onderhandelingen geschiedt door de centrumgemeente Nijmegen – onder voorbehoud van instemming deelnemers – binnen de afgesproken kaders.
Een aankoopcentrale plaatst opdrachten en sluit overeenkomsten op eigen naam, en hanteert daarbij de verplichtingen die de Europese
aanbestedingsrichtlijnen opleggen. Bij gebruikmaking van een
aankoopcentrale kunnen aanbestedende diensten […] zonder toepassing van
een procedure hun producten of diensten bestellen bij die aankoopcentrale.1 Er is voor gekozen om de gemeente Nijmegen voor alle opgedragen taken
aan te wijzen als aankoopcentrale. Dit betekent niet dat er altijd sprake moet
15/19
zijn van inkoop, er is ook ruimte om te kiezen voor subsidie. De deelnemers bepalen gezamenlijk welke zorg wordt ingekocht of gesubsidieerd. De
inkoop of subsidiëring en de onderhandelingen hierover geschieden door de centrumgemeente Nijmegen – onder voorbehoud van instemming deelnemers – binnen de afgesproken kaders.
Bij deze manier van inkopen, zijn maximale efficiencyvoordelen te behalen. Door grotere volumes, zal er sprake zijn van een sterkere
onderhandelingspositie die tot kostenbesparingen en betere voorwaarden kan leiden. Ook kunnen voordelen (financieel en op het gebied van
kennisopbouw) behaald worden door het centraliseren en standaardiseren
van de inkoopprocessen en organisatie. 1 MvT, Kamerstukken 32440, nr. 3,
Bij deze manier van inkopen, zijn maximale efficiencyvoordelen te behalen. Door grotere volumes, zal er sprake zijn van een sterkere onderhandelingspositie die tot kostenbesparingen en betere voorwaarden kan leiden. Ook kunnen voordelen (financieel en op het gebied van kennisopbouw) behaald worden door het centraliseren en standaardiseren van de inkoopprocessen en organisatie.
p. 43.
Daarnaast richt de samenwerking zich op overleg en afstemming tussen de
deelnemende gemeenten met betrekking tot het sociale domein. Verbetering van kwaliteit en het benutten van schaalvoordeel is leidend.
Daarnaast richt de samenwerking zich op overleg en afstemming tussen de deelnemende gemeenten met betrekking tot het sociale domein. Verbetering van kwaliteit en het benutten van schaalvoordeel is leidend. Artikel 7 en 8 Financiële middelen De regionale taken op het gebied van beschermd wonen, maatschappelijke opvang, verslavingszorg en openbare gezondheidszorg worden bekostigd uit de rijksmiddelen die de centrumgemeente ontvangt. Met ingang van de financiële doordecentralisatie van deze middelen aan de individuele gemeenten, stellen deze gemeente dit beschikbaar voor de bekostiging van de regionale taken. Deze baten vormen samen de regiobegroting beschermd wonen en maatschappelijke opvang.
Artikel 6. Financiën
De kostenverdeling bestaat uit twee componenten:
˜ Een onderdeel voor de technische uitvoering van de inkoop en subsidie
(lid 1).
Artikel 9 Regiobegroting De kostenverdeling bestaat uit twee componenten: - Een onderdeel voor de technische uitvoering van de inkoop en subsidie (lid 4).
16/19
˜ Een onderdeel voor de vergoeding van het daadwerkelijke gebruik van zorg (lid 2).
Voorts wordt voor de kostenverdeling een solidariteitsprincipe gehanteerd.
- Een onderdeel voor de vergoeding van het daadwerkelijke gebruik van zorg (lid 4). Voorts wordt voor de kostenverdeling een solidariteitsprincipe gehanteerd.
De deelnemers verklaren zich in financiële zin solidair gedurende drie jaar. De zorgvraag laat per regiogemeente jaarlijks grote fluctuatie zien. Door gedurende drie jaar de budgetten samen te besteden, zal de zorgvraag
dichter bij het gemiddelde komen, waardoor de budgetten afdoende moeten zijn.
Artikel 7. dienstverleningsovereenkomst
Binnen de variabelen die binnen de centrumregeling worden vastgelegd, kan de centrumgemeente met afzonderlijke regiogemeenten
dienstverleningsovereenkomsten afsluiten. Het is ook mogelijk om als centrumgemeente met alle regiogemeenten één gezamenlijke
dienstverleningsovereenkomst af te sluiten. Dienstverleningsovereenkomst (artikel 7).
Tussen de colleges wordt een dienstverleningsovereenkomst gesloten waarin nadere uitwerking wordt gegeven aan de regeling. In dit handvest wordt tenminste geregeld:
˜ De uitvoeringskaders;
˜ De kwaliteitseisen waaraan de taakuitoefening door Nijmegen moet voldoen;
˜ De uitwerking van de kostenverdeelsleutel cq.de wijze waarop de
deelnemende gemeenten een financiële bijdrage leveren in de kosten die
Nijmegen maakt voor de uitvoering van de krachtens de regeling opgedragen taken en bevoegdheden;
˜ De informatieplicht en verantwoordingsplicht van het college van de
centrumgemeente Nijmegen aan de overige colleges van de regiogemeenten; ˜ De wijze waarop de colleges van de regiogemeenten elkaar informeren
over het niet nakomen van hun verplichtingen en de gevolgen die zij daaraan verbinden.
Artikel 10 Dienstverleningsovereenkomst Binnen de variabelen die binnen de centrumregeling worden vastgelegd, kan de centrumgemeente met afzonderlijke regiogemeenten dienstverleningsovereenkomsten afsluiten. De centrumgemeente heeft met alle regiogemeenten één gezamenlijke dienstverleningsovereenkomst afgesloten. Tussen de colleges wordt een dienstverleningsovereenkomst gesloten waarin nadere uitwerking wordt gegeven aan de regeling. In dit handvest wordt tenminste geregeld: - De uitvoeringskaders; - De kwaliteitseisen waaraan de taakuitoefening door Nijmegen moet voldoen; - De uitwerking van de kostenverdeelsleutel cq.de wijze waarop de deelnemende gemeenten een financiële bijdrage leveren in de kosten die Nijmegen maakt voor de uitvoering van de krachtens de regeling opgedragen taken en bevoegdheden; - De informatieplicht en verantwoordingsplicht van het college van de centrumgemeente Nijmegen aan de overige colleges van de regiogemeenten; - De wijze waarop de colleges van de regiogemeenten elkaar informeren over het niet nakomen van hun verplichtingen en de gevolgen die zij daaraan verbinden.
17/19
In een dienstverleningsovereenkomst tussen de centrumgemeente Nijmegen en elke andere deelnemer afzonderlijk wordt per taakgebied of per taak nadere uitwerking gegeven aan de regeling. Tevens regelt de DVO het mandaat dat aan de centrumgemeente wordt verleend.
In een dienstverleningsovereenkomst tussen de centrumgemeente Nijmegen en elke andere deelnemer afzonderlijk wordt per taakgebied of per taak nadere uitwerking gegeven aan de regeling. Tevens regelt de DVO het mandaat dat aan de centrumgemeente wordt verleend. Artikel 11 voorzitter Dit artikel behoeft geen toelichting.
Artikelen 9, 10, 11 en 12 – Wijziging, toetreding, uittreding en opheffing Ongewijzigd Artikel 13. Evaluatie
De centrumregeling zal binnen vier jaar na aangaan worden geëvalueerd
onder gezamenlijk opdrachtgeverschap van de deelnemers. De resultaten van deze evaluatie zullen worden verstrekt aan de deelnemende colleges.
Artikelen 12, 13, 14 en 15 Wijziging, toetreding, uittreding en opheffing Ongewijzigd Artikel 16 Evaluatie en doorontwikkeling De centrumregeling zal elke vier jaar worden geëvalueerd onder gezamenlijk opdrachtgeverschap van de deelnemers. De resultaten van deze evaluatie zullen worden verstrekt aan de deel- nemende colleges.
Artikel 14. Duur Ongewijzigd
Artikel 17 Duur Ongewijzigd
Artikel 15. Geschillen
Artikel 18 Geschillen
Ongewijzigd
Ongewijzigd
Artikel 16. Inzending De archivering met betrekking tot de door de centrumgemeente Nijmegen uitgevoerde taken geschiedt op basis van de bepalingen die deze gemeente ook voor haar eigen processen hanteert. Hierbij
Artikel 19 inzending Dit artikel behoeft geen toelichting.
worden in ieder geval de van toepassing zijnde wet- en regelgeving in acht genomen, zoals (maar niet uitsluitend) de bepalingen uit de Archiefwet, de Wet bescherming persoonsgegevens, de Wmo 2015. Artikel 17. Archivering Ongewijzigd
Artikel 20 Archivering Ongewijzigd
18/19
Artikel 21 Privacy Dit artikel behoeft geen toelichting. Artikel 20 Klachten Dit artikel behoeft geen toelichting. Artikel 20. Inwerkingtreding Ongewijzigd
Artikel 23 Inwerkingtreding Ongewijzigd
Artikel 24 Intrekking bestaande regelingen en mandaten Dit artikel behoeft geen toelichting.
19/19