CConstaterende datMook en Middelaar
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 - Beantwoording schriftelijke vragen en opmerkingen aan college n.a.v. 9 april 2025

Raadsvergadering 12 juni 2025, gemeente Mook en MiddelaarBij agendapunt: Raadsvoorstel Resultaten voorverkenning gebiedsontwikkeling Maasdal2.340 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beantwoording Schriftelijke vragen/opmerkingen aan college n.a.v. 9 april 2025 DGP 1.

Vraag Hoe zou er omgegaan zijn met het planten van de maasheggen zonder het Theunissen project? Want dat was toen nog niet bekend. Toen we de subsidie kregen wisten we toch dat we de heggen moesten planten. Is daar toen niet over nagedacht? Er moet toen toch al een plan zijn geweest. Wat is daarmee gebeurd?

Antwoord Bij de aanvraag voor de subsidie in het kader van het Maasheggenproject is inderdaad uitgegaan van het realiseren van nieuwe heggen. Op dat moment was het initiatief Maasdal nog niet in beeld. Er was een plan op hoofdlijnen, maar niet alle uitvoeringsdetails waren toen uitgewerkt. In de subsidieaanvraag is expliciet benoemd dat één van de risico’s ligt bij het verkrijgen van een waterwetvergunning van Rijkswaterstaat en eventuele noodzakelijke compensatie. Hoe hiermee om te gaan, was op dat moment nog niet uitgewerkt, omdat de compensatieopgave nog niet in beeld was. Indien we geen compensatie kunnen verkrijgen uit het Maasdal-initiatief en wel de volledige doelstelling vanuit Maasheggen BGMM willen realiseren, moet alle opstuwing boven de 1mm waterstandsverhoging op een andere manier gecompenseerd worden. Bijvoorbeeld door opstuwende objecten/elementen in het gebied te verwijderen.

GroenLinks: 2.

3.

Vraag Pagina 13: Zand noodzakelijk voor woningbouw. De overheid heeft als ambitie om in 2050 volledig circulair te zijn en in 2030 op 50% te willen zitten. Zand als nieuwe grondstof moeten we afremmen en liever een push voor circulair bouwen creëren. Als het eerste zand hier uit de grond komt zitten we al in 2035 en hopelijk op weg naar een andere manier van ontwerpen en bouwen met hergebruik als uitgangspunt. Wat is de visie van het college hierop?

Antwoord De gemeenteraad heeft in 2024 het duurzaamheidsbeleid vastgesteld waarin de gemeente zich committeert aan de landelijke doelstellingen uit het klimaatakkoord. Als college volgen wij de lijn die door de raad is vastgesteld. We zijn ons er van bewust dat de transitie naar een circulaire samenleving een proces is dat tijd vergt.

Wat zijn de consequenties voor het Maasheggenproject dat we samen met Gennep en Bergen uitvoeren als er geen zandwinning komt? Zowel voor de samenwerking met de andere gemeenten als voor de subsidie die we van de provincie hebben gekregen?

Het Maasheggenproject dat we samen met de gemeenten Gennep en Bergen uitvoeren, loopt gewoon door – ongeacht of er wel of geen zandwinning plaatsvindt. In dit project zetten we ons gezamenlijk in om landschappelijke versterking, biodiversiteit en cultuurhistorie in het Maasdal te behouden en te versterken. Ook zonder zandwinning blijven we binnen dat project zoeken naar mogelijkheden om het

Pagina 1 van 6

maximale te realiseren voor natuur en landschap. Tegelijkertijd moeten we constateren dat juist in het deelgebied van Mook en Middelaar de ruimte beperkt is. Compensatie voor Maasheggen in Mook en Middelaar moet ook daadwerkelijk in onze gemeente worden gevonden. Een rivierverruiming heeft alleen bovenstrooms effect (dus stroomopwaarts). Zonder aanvullende gebiedsontwikkeling wordt het erg lastig om de kwantitatieve doelstellingen van het project te behalen. De samenwerking met de andere gemeenten blijft belangrijk, maar de mogelijkheden om in Mook en Middelaar substantieel bij te dragen, zouden zonder gebiedsontwikkeling beperkter zijn. 4.

5.

Inwoners krijgen te maken met overlast, hoe dan ook en dat jarenlang. Hoe wordt de overlast en de daling van woongenot voor de aanwonenden voorkomen? Of gecompenseerd? De woningen aan de VeerstraatCuijksesteeg zullen de eerste jaren in waarde dalen: hoe worden aanwonenden die dan hun huis willen of moeten verkopen gecompenseerd? En welke andere maatregelen worden genomen? Participatieplan Wij maken ons zorgen over de transparantie van het participatieproces indien Teunessen de opdrachtgever en uitvoerende partij is. Immers wie betaald bepaald. Wij willen onderzocht hebben of deze taak niet beter bij de gemeente kan liggen. (vraag voor college)

Als college erkennen wij dat een grootschalige gebiedsontwikkeling, zoals een zandwinning mogelijke gevolgen zou kunnen hebben voor de directe omgeving. Bij de (mogelijke) vervolgfasen worden deze gevolgen expliciet in kaart gebracht, mede via een omgevings- en milieueffectrapportage.

Vraag Als de onlangs vastgestelde omgevingsvisie door het college als kader wordt gebruikt voor een omgevingsplan dan is er toch geen plaats voor een recreatieplas met camping en jachthaven? Graag motivatie en redenen waarom het college een ander mening is toegedaan?

Antwoord Hoewel de huidige omgevingsvisie geen ruimte biedt voor een recreatieplas met camping en jachthaven, is het gebruikelijk om binnengekomen initiatieven te wegen. Door open te staan voor verkenning en dialoog beoordeelt het college zorgvuldig of zo’n ontwikkeling, al dan niet met planwijziging, wenselijk en haalbaar is.

Als college hechten wij er grote waarde aan om omwonenden actief te betrekken en maatwerkoplossingen te zoeken waar nodig. Als college begrijpen wij de zorgen over de onafhankelijkheid van het participatieproces en hechten veel waarde aan transparantie en een gelijkwaardige positie van alle betrokkenen. Tegelijkertijd past het binnen het stelsel van de Omgevingswet dat initiatiefnemers verantwoordelijk zijn voor het organiseren van participatie rond hun eigen plan. Dat betekent echter niet dat zij daarin vrij spel hebben. De gemeente stelt duidelijke kaders aan het participatieproces middels het participatie- en communicatieplan, toetst de opzet en uitvoering daarvan en houdt toezicht op de kwaliteit en openheid van het proces.

PvdA 6.

Pagina 2 van 6

7.

Is het college het met ons eens dat met de afgravingen die er in het verleden in de gemeente hebben plaatsgevonden, waaronder de Mookerplas en diverse andere zandafgravingen, onze gemeente al genoeg heeft bijgedragen aan het nationaal belang van zandwinning?

Als college erkennen wij dat in het verleden, met onder andere de Mookerplas en andere zandafgravingen, de gemeente heeft bijgedragen aan de zandwinning in Nederland. Tegelijkertijd wordt bij nieuwe initiatieven gekeken naar de actuele maatschappelijke opgaven, lokale belangen en de bredere context van ruimtelijke ontwikkeling. Of verdere zandwinning passend is, zal onderdeel zijn van de brede verkenning en de afweging van alle belangen. Een afweging die uiteindelijk bij verschillende go/no-go-momenten door uw raad zal moeten worden gemaakt.

8.

Uit burgerparticipatie is gebleken dat een meerderheid van onze inwoners alleen vormen van extensieve recreatie in het Maasdal wil. Dit standpunt is ook opgenomen in de onlangs door de gemeenteraad vastgestelde omgevingsvisie. Toch is in de startnotitie nog steeds sprake van onder meer een zomercamping en jachthaven met allerlei watersportactiviteiten. In welke mate staat het college in het kader hiervan achter de onlangs vastgestelde omgevingsvisie en/of wat zijn de redenen van het college om daar nu al van af te wijken?

Als college staan wij achter de uitgangspunten van de recent vastgestelde omgevingsvisie, waaronder het uitgangspunt van extensieve recreatie in het Maasdal. Tegelijkertijd biedt de startnotitie van de initiatiefnemers bewust ruimte voor een brede verkenning, zodat álle opties zorgvuldig onderzocht en afgewogen kunnen worden. Dit betekent nog geen beleidskeuze of besluit, maar stelt ons als gemeente in staat om samen met inwoners en belanghebbenden tot een goed onderbouwde richting te komen. Eventuele afwijkingen van de omgevingsvisie kunnen alleen na een zorgvuldige participatie en besluitvorming plaatsvinden.

9.

Vindt het college het van belang om de archeologische waarde van het Maasdalgebied gebied te beschermen en te behouden? Hoe gaat het college hierin de wetgeving actief toepassen?

Ja, als college hechten wij grote waarde aan de bescherming en het behoud van de archeologische waarden in het Maasdalgebied. Deze waarden maken integraal deel uit van het cultuurhistorisch erfgoed van de gemeente. Bij ruimtelijke ontwikkelingen passen wij als college de geldende wet- en regelgeving toe. Concreet betekent dit dat bij initiatieven in archeologisch waardevolle gebieden archeologisch onderzoek verplicht wordt gesteld en eventuele vondsten of risico’s meegewogen worden in de besluitvorming. Zo wordt zorgvuldig omgegaan met het erfgoed in het gebied.

10.

Deskundigen geven aan dat het realiseren van een ontzandingsplas kan leiden tot een toegenomen risico bij hoogwater, met name voor de kern Mook. Hoe schat het college dit risico in en hoe gaat het dit toegenomen risico beoordelen en welke maatregelen moeten er genomen worden (verhoging en verlenging kademuren!)?

Waterveiligheid is een zwaarwegend criterium in de beoordeling van ruimtelijke ontwikkelingen. In de mogelijke vervolgfasen zal daarom expliciet aandacht worden besteed aan hydrologische effecten en mogelijke risico’s bij hoogwater. Dit gebeurt in nauwe samenwerking met onder andere het waterschap en Rijkswaterstaat. Een objectieve beoordeling door waterdeskundigen is daarbij noodzakelijk. Als

Pagina 3 van 6

blijkt dat er sprake is van een verhoogd risico, zullen compenserende of beschermende maatregelen worden meegenomen in de planvorming. Pas bij een aantoonbaar waterveilig plan kan verdere besluitvorming plaatsvinden. 11.

In de raadsvergadering van 12 juni zal de gemeenteraad besluiten of de voorverkenning overgaat in de verkenningsfase. Wat zijn de kosten waarvoor onze gemeente dan daarmee aan de lat staat? Hoeveel ambtelijke capaciteit gaat op in de verkenningsfase?

Als de gemeenteraad op 12 juni besluit om over te gaan van de voorverkenning naar de verkenningsfase, zal opnieuw een overeenkomst worden gesloten met de initiatiefnemers (net als voor de voorverkenning). In die overeenkomst wordt o.a. vastgelegd dat de inzet van gemeentelijke capaciteit financieel wordt gecompenseerd. De gemeente draagt de kosten dus niet zelf, maar zorgt ervoor dat de inzet wordt bekostigd vanuit de initiatiefnemers.

12.

Wat is het effect van een mogelijke plas van 50 hectare in het Maasdal op de waterhuishouding (drinkwaterwingebied WML) op de Mookerheide? Hoe worden negatieve effecten tegengegaan. (De ontzanding van de Mookerplas leidde tot verdroging van de Jansberg).

De initiatiefnemers zullen deze effecten in de mogelijke vervolgfasen grondig (laten) onderzoeken door hydrologisch deskundigen. Hierbij wordt specifiek gekeken naar mogelijke grondwaterstromen, invloed op kwel en verdroging van natuurgebieden. Indien risico’s worden geconstateerd, worden mitigerende maatregelen overwogen, zoals het aanpassen van de diepte, vorm of ligging van de plas, of compenserende wateraanvoer. Bescherming van het drinkwater en de natuur is een randvoorwaarde voor verdere planvorming.

13.

Wat is de invloed op de leefbaarheid voor de inwoners van Mook en Middelaar wanneer er een natuurplas komt en als er een camping met jachthaven etc. komt.?

De invloed op de leefbaarheid voor inwoners van Mook en Middelaar verschilt sterk afhankelijk van de aard en omvang van de ontwikkeling. Als college willen wij deze effecten zorgvuldig in beeld laten brengen in de mogelijke vervolgfasen, waarbij input van inwoners en experts van groot belang is. Leefbaarheid vormt een belangrijk weegpunt in de uiteindelijke besluitvorming.

14.

Welk financieel voordeel is er direct voor de gemeente wanneer er alleen een waterplas wordt gerealiseerd? Aan welke afdracht per ton wordt gedacht?

Dit moet onderzocht worden in de (mogelijke) vervolgfasen.

15.

Hoe kijken Rijkswaterstaat en de waterschappen tegen deze beoogde gebiedsontwikkeling aan?

Rijkswaterstaat en het waterschap zijn belangrijke partners bij een (mogelijke) gebiedsontwikkeling in het Maasdal. Zij beheren respectievelijk de rivier zelf en het regionale watersysteem, en bewaken onder meer de waterveiligheid, ecologie en waterkwaliteit. Zij zullen vanaf de verkenning actief betrokken worden en hun standpunten en beleidskaders inbrengen.

Pagina 4 van 6

Waterveiligheid is een zwaarwegend criterium in de beoordeling van ruimtelijke ontwikkelingen. In de mogelijke vervolgfasen zal daarom expliciet aandacht worden besteed aan hydrologische effecten en mogelijke risico’s bij hoogwater. Dit gebeurt in nauwe samenwerking met onder andere het waterschap en Rijkswaterstaat. Een objectieve beoordeling door waterdeskundigen is daarbij noodzakelijk. Als blijkt dat er sprake is van een verhoogd risico, zullen compenserende of beschermende maatregelen worden meegenomen in de planvorming. Pas bij een aantoonbaar waterveilig plan kan verdere besluitvorming plaatsvinden. 16.

Kunnen de verslagen van de verkennende interviews in de voorverkenningsfase met gemeente, Natuurmonumenten en VNC ter beschikking worden gesteld?

De gemeente heeft geen verslagen van deze interviews.

17.

Kan het college een duidelijk beeld geven van de mogelijkheden tot herstel van het landschap zonder zandwinning? Opmerking: Kan er een “groen” plan gemaakt worden door de V.N.C. , Natuurmonumenten en/ of door de “vrienden van het Maasdal”, wel met voldoende (financiële) onderbouwing.

Ook zonder zandwinning blijven we binnen het Maasheggen BGMM project zoeken naar mogelijkheden om binnen beschikbare middelen het maximale te realiseren voor natuur en landschap.

18.

Welke en hoeveel ambtelijke inzet wordt van de kant van de gemeente verwacht in de mogelijke verkenningsfase?

19.

Kan worden aangegeven welke mogelijke consequenties het Programma van het Integraal Riviermanagement (IRM 2.0) heeft en hoe daarmee wordt omgegaan?

Tegelijkertijd moeten we constateren dat juist in het deelgebied van Mook en Middelaar de ruimte beperkt is. Zonder aanvullende gebiedsontwikkeling wordt het erg lastig om de kwantitatieve doelstellingen van het project te behalen. De exacte ambtelijke inzet voor de mogelijke verkenningsfase is op dit moment nog niet volledig duidelijk. We verwachten echter dat de inzet niet minder zal zijn dan wat er momenteel al voor de voorverkenning wordt geleverd. De omvang van de benodigde ambtelijke capaciteit zal dus afhangen van de complexiteit en de inhoud van de verkenning. Het Programma Integraal Riviermanagement (IRM 2.0) heeft als doel om op lange termijn de veiligheid tegen overstromingen, voldoende zoetwater, en een gezonde riviernatuur in balans te brengen. Voor het Maasdal betekent dit dat ruimtelijke initiatieven moeten aansluiten bij de doelen en uitgangspunten van IRM.

Pagina 5 van 6

VVD 20.

Vraag Zekerheid over beslismomenten:

21.

Wij verzoeken om in de startnotitie of het participatieplan helder aan te geven wat de formele beslismomenten zijn. Daarbij moet expliciet worden vermeld dat er op geen enkel moment financiële verplichtingen of schadeclaims voor de gemeente en haar inwoners mogen ontstaan. Voor het college: Wij verzoeken het college om voorafgaand aan elk belangrijk beslismoment alle inwoners per brief te informeren. Daarbij dient duidelijk te worden aangegeven wat het beslispunt inhoudt en op welke wijze inwoners een zienswijze kunnen indienen.

Antwoord Als de gemeenteraad op 12 juni besluit om over te gaan van de voorverkenning naar de verkenningsfase, zal opnieuw een overeenkomst worden gesloten met de initiatiefnemers (net als voor de voorverkenning). In die overeenkomst kunnen dergelijke zaken worden vastgelegd. Dit wordt ook opgenomen in het raadsvoorstel van 12 juni. Deze wijze van communiceren is niet gebruikelijk voor de gemeente. De gemeente heeft verschillende (media)kanalen om alle inwoners te kunnen bereiken ook over wanneer en op welke wijze zij kunnen reageren. Er is door de initiatiefnemers een participatieen communicatieplan voor de volgende fase opgesteld. Indien uw raad daar iets in wil wijzigen, kunt u dat meegeven.

Pagina 6 van 6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=MookenMiddelaar&id=64c5f5fd-23ed-4d9f-a686-ffe6d91cb356