Bijlage 2b Beschouwingen DGP
Tekst van het document
Betoog DGP m.b.t. de Kaderbrief 2024
Voorzitter, leden van de raad, college en toehoorders, En ineens is het weer juli 2023 en staan we vlak voor de zomervakantie. Voor ons ligt de Kaderbrief met daarin de beleidsmatige en financiële uitgangspunten die gebruikt worden voor het opstellen van de Programmabegroting 2024, inclusief de meerjarenraming 2025-2027. Het eerste jaar van deze raad en dit college is verstreken en we gaan ons opmaken voor een volgend jaar. Gelukkig blijkt deze raad stabieler dan ons kabinet, dat afgelopen week is gevallen. Als we kijken naar het coalitieprogramma, is het college volgens ons goed op weg. Er wordt al veel gedaan, maar toch hebben wij ook onze zorgen. Zoals in het coalitieakkoord wordt aangegeven wordt er aandacht besteed aan een sluitende begroting, maar de kaderbrief bevestigt een somber perspectief vanaf 2026, door een andere bekostigingssystematiek. Het budget dat is opgenomen in de voorjaarsnota ligt een ton onder de geraamde tekorten. De dividenduitkeringen laten nu een meevaller van een ton zien, maar die kun je niet doortrekken naar 2026 en verder. Stelt het college maatregelen voor om de pijn te verzachten? Op het gebied van de sociale leefomgeving wordt ingezet op preventie. Er wordt een preventieplan opgesteld in het kader van de Brede Speciale Uitkering ook wel SPUK genoemd.
In dit plan zullen activiteiten worden opgenomen die bijdragen aan een verbeterde mentale, fysieke en sociaaleconomische weerbaarheid van onze inwoners. Dat klinkt heel goed. Maar er wordt al meteen aangegeven dat dit SPUK-budget niet toereikend is. Waarop is dit gebaseerd? En moet er dan niet kritisch gekeken worden naar de extra uitgaven? Als DGP vinden wij dat hier niet meer aan kan worden uitgegeven dan dat de SPUK hiervoor beschikbaar stelt.
Hier willen wij aansluitend een motie over indienen. Ook al is het nu zomer, daar trekt armoede zich niets van aan. Voor de inwoners op bijstandsniveau zijn er gelukkig de nodige voorzieningen waar gebruikt van kan worden gemaakt en dit is ook nodig. Maar wij maken ons nog steeds ook zorgen over die groep inwoners die net tussen de wal en het schip vallen. Die aan de onderkant van de middeninkomens zitten. De inflatie en de onzekerheid van de energieprijzen kunnen deze inwoners een nekslag geven. Ze hebben het altijd gered, maar nu gaat het niet meer. We doen niet aan inkomenspolitiek, maar durven we als gemeente hier creatief mee om te gaan? Wat gebeurt er voor deze inwoners bij buurgemeentes? We hoeven niet altijd zelf het wiel uit vinden. Wat kan onze gemeente concreet voor hen doen? Onze gemeente is, zoals al vaker gezegd, goed op weg m.b.t. bouwen, maar de roep om kleinere wooneenheden blijft. Wij zouden het college willen vragen of er onderzoeken bekend zijn waaruit blijkt hoeveel inwoners er echt interesse hebben in Tiny Houses en met de uitkomsten hiervan iets te doen. Nu wordt er vaak geroepen dat Tiny Houses een oplossing zijn, maar is dat wel zo? Kan het college in de Regionale Woonvisie specifiek aandacht besteden aan de woonbehoefte van jongeren? We weten dat de gemeente reeds actief aan participatie doet.
Toch krijgen wij van onze inwoners terug dat zij niet gehoord worden. Dit doet zich met name voor bij situaties waarbij de initiatiefnemers verantwoordelijk zijn voor de participatie. We vragen het college hier meer aandacht aan te besteden. Wat betreft het verminderen van restafval zijn we als gemeente goed bezig en er is cijfermatig ook echt vooruitgang te zien. Verandering vereist ook altijd een tijd van gewenning. Deze tijd moet je zeker ook nemen. Mochten de uitkomsten positiever zijn dan we hadden verwacht, dan zou het afvalstoffenplan eventueel aangepast kunnen worden. Het is goed om een plan als leidraad te hebben, maar het is beter om uiteindelijk de realiteit te volgen. De samenspraak met de focusgroep en de dorps- en wijkraden blijft hierbij belangrijk. Tot nu toe verloopt de participatie voorspoedig. Wij gaan ervan uit dat dit zo blijft en blijven deze ontwikkeling met interesse volgen. Soms wil je iets sneller realiseren dan mogelijk is en ben je afhankelijk van externe partijen. Wat betreft project Energielandgoed Wells Meer in Bergen wil onze gemeente graag deelnemen, maar moeten we de vaststelling van het bestemmingsplan in Bergen afwachten.
Is er ondertussen geen mogelijkheid om toch al wat meer stappen te zetten in onze gemeente m.b.t. duurzaamheid? Besparing van energie is de simpelste vorm om mee te beginnen. De inzet van de energiecoach is hiervoor een goede stap. Voor inwoners die in aanmerking kwamen voor de energietoeslag is hier zelfs een extra arrangement voor met materialen en oplossingen die meteen geregeld en bekostigd worden. Het zou mooi zijn als meer inwoners de weg naar het energiecafé en coaches weten te vinden. Al bijna anderhalf jaar geleden viel Rusland Oekraïne binnen en is het oorlog. De oproep om Oekraïense vluchtelingen te huisvesten klinkt nog steeds. Onze gemeente was van goede wil en had de plannen klaar om hiermee aan de slag te gaan. De realisatie duurt door externe omstandigheden langer dan verwacht. We hebben nu wel alle tijd om ons goed voor te bereiden op hun komst. Ook hierbij is het overleg met de buren heel belangrijk. 1 maart 2025 is de datum dat het schip weer weggaat van onze kade. Het is belangrijk dat het college nu al nadenkt over hoe ze de Oekraïense vluchtelingen dan opvangt. Het realiseren van flexwoningen zal hierbij een belangrijke oplossing kunnen zijn. Afsluitend wil de DGP het college en de betrokken ambtenaren bedanken voor de duidelijke kaderbrief en succes wensen bij de vertaling naar de Begroting 2024.
De fractie van de DGP,
Luc van der Linden (fractievoorzitter) Joseth Mulders Ricardo Eeren Yvonne Janssen Groesbeek-Cremers