Bijlage 2b - anonieme zienswijzen.pdf
Tekst van het document
From: Sent: To: Cc: Subject:
j.l.m. theunissen <theunissen2@icloud.com> Sunday, January 8, 2023 1:44:52 PM Gemeente Mook en Middelaar theunissen@sedeko.nl Gemeente Bezwaar Molenhoek zuid. Ref. vereniging van eigenaren Rijksweg 35 tm 35F. Theunissen-Sedeko
7-1-2023 Geachte heer mevrouw, Hierbij wil ik mijn / ons bezwaar kenbaar maken over het plan “ Molenhoek zuid”. - Aansluiting op Rijksweg dmv rotonde zoals nu gesitueerd is niet doordacht en praktisch onmogelijk. Hoe moet een vrachtwagen met aanhanger van de rotonde ons industrie terrein opdraaien. Dit is onmogelijk in de huidige voorgestelde situatie en dus voorgestelde bebouwing situatie. - Maximale Geluidsnorm verhogen om bebouwing mogelijk te maken kan natuurlijk helemaal niet. Dit ruikt naar onbehoorlijk bestuur en zal grote beroering met zich mee brengen tov andere bouwprojecten waar wel aan de bestaande maximum norm moet/moest voldaan worden en hun kosten.! Nu gemeente belang speelt in € gaan we de regels veranderen. Dit klopt niet. Ik stel voor/verwacht een gesprek op korte termijn. Met ons als belanghebbende. ( vereniging van eigenaren Rijksweg 35 t/m 35F ) Dit voorkomt eventuele verdere stappen te ondernemen die met een gesprek misschien niet nodig zijn. Ik ben per mail en per telefonisch te bereiken en stel voor maximaal binnen 14 dagen een terugkoppeling. - mail: theunissen@sedeko.nl - Tel: 06-53.74.6.118 Met vriendelijke groet. Dhr. J. Theunissen. Rijksweg 35F 6525 AA Molenhoek Vereniging van eigenaren Rijksweg 35 t/m 35F
Secretariaat Afdeling Nijmegen e.o.: L.H.W. ten Hag Lorkenstraat 14 6523 DR Nijmegen Tel 06 30363100 email lhwtenhag@planet.nl
Gemeente Mook en Middelaar Postbus 200 6585 ZK Mook Email: gemeente@mookenmiddelaar.nl
Datum: Betreft:
13 januari 2023 Zienswijze Ontwerp bestemmingsplan Molenhoek Zuid
Geacht college, Hierbij dienen wij een zienswijze in op het ontwerp bestemmingsplan Molenhoek Zuid. De AWN – Nederlandse Archeologievereniging verenigt en ondersteunt vrijwilligers en professionels in de archeologie, die zich inzetten voor het beschermen en behouden van het archeologisch erfgoed in Nederland. De landelijke organisatie telt ca. 2000 leden, verspreid over 24 afdelingen. De AWN-afdeling 16 Nijmegen en omstreken omvat het gebied van het Rijk van Nijmegen, het oostelijk deel van de Betuwe, Noordoost Brabant en Noord-Limburg (zie: https://www.awn-archeologie.nl/ en AWN Regio Nijmegen – Archeologie Afdeling 16). Het bestuur van AWN-afdeling Nijmegen e.o. kan daarmee in deze worden aangemerkt als belanghebbende. Het afdelingsbestuur heeft kennis genomen van het ontwerp bestemmingsplan MolenhoekZuid en deelt via deze zienswijze haar grote zorg over de wijze waarop het verplichte archeologisch onderzoek heeft plaatsgevonden en de conclusie die daaruit is getrokken. Om die reden hebben we ook een afschrift van deze zienswijze verzonden naar de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) en de Provinciaal archeoloog van Limburg. Onze zienswijze richt zich primair op de twee archeologische onderzoeken die in het plangebied zijn uitgevoerd (Bijlage 12 Bureauonderzoek Archeologie en Bijlage 13 Verkennend booronderzoek).
Wij hebben deze onderzoeksverslagen bestudeerd en komen, in tegenstelling tot de stellers van de onderzoeken, tot de conclusie dat het archeologisch vrijgeven van Molenhoek-Zuid onvoldoende is onderbouwd en het plangebied dus niet archeologisch vrijgegeven kan worden. 1
Er wordt in de uitgevoerde archeologische onderzoeken ten onrechte voorbij gegaan aan drie archeologische perioden, waarvan de kans op aanwezige restanten in het plangebied zeer aannemelijk is. Het gaat om de archeologische periode 1940-1945 (Tweede Wereldoorlog), de Slag op de Mookerheide van 1574 en de Romeinse tijd. Daarnaast is onduidelijk van welke informatiebronnen er gebruik is gemaakt, zijn lokale amateurarcheologen en heemkundekringen niet geraadpleegd en is onvoldoende rekening gehouden met de resultaten van archeologisch onderzoek direct grenzend aan het plangebied. Ook is geen inzicht gegeven in de diepte van verstoringslagen cq. de aanwezigheid van nog intacte lagen. Voor een uitgebreide toelichting van onze analyse verwijzen we naar de bijlage. Tot slot moet het ons van het hart dat de digitale toegankelijkheid naar het ontwerp bestemmingsplan zodanig ingewikkeld is gemaakt dat het van ons het etiket ‘klantonvriendelijk’ krijgt opgeplakt. Wij zien met belangstelling uit naar uw reactie.
Hoogachtend, J. Jansen, Voorzitter AWN Afdeling Nijmegen e.o. j.jansen919@upcmail.nl
Afschrift naar: ./. RCE, dhr. F. Brounen ./. Provinciaal archeoloog, dhr. B. Moonen
2
Bijlage Toelichting zienswijze ontwerp bestemmingsplan Molenhoek-Zuid, gemeente Mook en Middelaar AWN Nijmegen e.o. heeft, gezien haar werkgebied, belang bij een zorgvuldige afweging van de archeologische belangen van het plangebied Molenhoek-Zuid. In dit kader zijn beide archeologische onderzoeken (bureauonderzoek en booronderzoek) die in het plangebied zijn uitgevoerd bestudeerd (zie eind van deze zienswijze). Op basis van daarvan komt het afdelingsbestuur van de AWN-Nijmegen e.o. tot de conclusie, dat er op grond van het onderzoek onvoldoende aannemelijk is gemaakt, dat Molenhoek-Zuid goed onderbouwd archeologisch vrijgegeven kan worden. Het bureauonderzoek Het bureauonderzoek heeft wel de goede conclusie getrokken: Deels hoge verwachting in het plangebied, maar afhankelijk van het aanwezig zijn van intacte grondlagen. Wel mogen bij dit onderzoek enkele opmerkingen geplaatst worden: 1. De zone die geen archeologisch verwachting heeft, het opgehoogde stuk waar nu de volkstuinen zijn, verdient de nodige aandacht. Dit gebied is niet eind 20 e eeuw opgehoogd, maar in het laatste kwart van de 19e eeuw. Over de mogelijke verstoring wordt gezegd: Hoewel het voornamelijk om ophogingen gaat is het denkbaar dat hier de onderliggende bodem in enige mate verstoord is geraakt (bijvoorbeeld door afgraving/egalisatie voorafgaande aan de ophogingen).
Het is denkbaar dat de ondergrond verstoord is, maar het is ook denkbaar, dat dit niet het geval is. Bovendien blijkt uit de kaarten van bijlage 15 van het bestemmingsplan,(niet gesprongen explosieven) dat er in het plangebied, met name op deze verhoging in 1944/1945 een aantal geschutstellingen en loopgraven (figuur 1) zijn aangelegd. Er wordt in het bureauonderzoek geen gewag gemaakt van de periode 1940-1945, toen binnen het plangebied troepen gelegerd zijn en er geschutstellingen en loopgraven zijn aangelegd. Aangezien op de RAF-foto’s uit die tijd grondverzet duidelijk zichtbaar is, zouden van de toentertijd aangelegde geschutstellingen en loopgraven nog resten aanwezig kunnen zijn in de ondergrond. Ook deze periode valt tegenwoordig onder archeologie.
3
Figuur 1. Stellingen en loopgraven in het plangebied
2. Verder wordt er in het bureauonderzoek niet gesproken over de slag op de Mookerheide. Zie: https://geopaden.nl/portal/stuwwal/index.php/nl/cultuurhistorie/98-meulleners-1893
Het blijkt dat de zone ten westen van Mook op 14 april 1574 het toneel van een veldslag is geweest. In het verslag van Meulleners kunnen we lezen dat de Spaanse troepen zich hebben opgesteld in de uiterwaarden tussen de spoorbrug en het Spijk (de grens tussen 4
Mook en Heumen). De Staatse troepen hebben in alle haast ten westen van Mook een verdedigingswal aangelegd, van de Maas tot de stuwwal. Deze wal is inzet geweest van hevige gevechten, waarbij Spaanse en Staatse troepen zich om beurten meester hebben gemaakt van deze verdedigingslinie. Het is goed mogelijk dat er sporen van deze slag, zoals deze wal, begravingen van gesneuvelde soldaten, kogels en verloren gegane uitrustingstukken aanwezig zijn binnen het plangebied. De lokale bevolking kreeg opdracht na de veldslag de ruim 3000 gesneuvelden te begraven. Dat gebeurde slordig en waarschijnlijk in de omgeving waar de doden lagen. Eerder zijn er zulke slordige graven en grafkuilen met meerdere personen aangetroffen op het Hoeveveld en op twee plaatsen langs de Middelweg. 3. De archeologische waarnemingen en onderzoeken binnen het onderzoeksgebied zijn wel opgenomen, maar regelmatig wordt vermeld dat deze niet via reguliere digitale bronnen beschikbaar zijn. Betekent dit, dat ze niet zijn bekeken? De uitkomsten van deze waarnemingen en onderzoeken zullen waarschijnlijk bij de gemeente wel aanwezig zijn, of hadden mogelijk anders bij de instanties die deze hebben uitgevoerd opgevraagd kunnen worden. 4.
Het raadplegen van plaatselijke amateurarcheologen en heemkundekringen is weliswaar niet verplicht, maar vaak wel een goede gewoonte bij een bureauonderzoek, maar van deze informatiebronnen is geen gebruik gemaakt. 5. Van bijvoorbeeld zaakid 3004210100 worden een weefgewicht, een bronzen radnaald en een afslag vuursteen vermeld. Het onderzoek dat daar heeft plaatsgevonden staat ook op de website van de AWN, jaarverslag 1995: https://www.awnregionijmegen.nl/wpcontent/uploads/2018/01/awnjv1995.pdf#page=9. Als deze wordt geraadpleegd dan blijkt de samenvatting een wel erg summiere vermelding. Het betreft het gebied pal tegenover de Gelmo, grenzend aan de Rijksweg op enkele meters van het plangebied. De bouwput voor de aanleg van een hal (Eurobloem) is - onder begeleiding van de toenmalige Rijksdienst voor het Oudheidkundig Bodemonderzoek (nu Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed - RCE) gedeeltelijk archeologisch onderzocht. In dit beperkte stuk zijn de sporen van een ijzertijdboerderij, een afvalkuil uit de late bronstijd/vroege ijzertijd, een middenbronstijd Radnaald, een Romeinse munt, diepe greppelsporen uit de bronstijd en een laat-paleolithische (Federmesser) werkplaats aangetroffen. De greppels uit de bronstijd en de Federmesservindplaats bevonden zich op ruim 1,4 m onder het maaiveld in het ogenschijnlijk ongestoorde zand.
Deze rijke vindplaats, direct grenzend aan het plangebied, zou een indicatie kunnen geven voor de periodes die in die zone van het plangebied verwacht kunnen worden. 6. Er is bij het bureauonderzoek niet gekeken naar de diepte van de verstoring ter hoogte van de te slopen gebouwen, of de diepte van de mogelijke verstoring ter hoogte van de parkeerplaats tussen de bebouwing. Er wordt verondersteld dat deze hele hoek dusdanig diep verstoord is, dat er geen intacte lagen meer aanwezig zijn, maar de bouwtekeningen 5
zijn niet opgevraagd. De strook langs de Rijksweg wordt wel meegenomen in de planning voor het booronderzoek en ook in de open ruimte tussen de te slopen bebouwing zijn boringen gepland. 7. Op de AHN hillshade is binnen het plangebied een opvallende, enkele meters brede, kaarsrechte verhoging van zuidwest naar noordoost (figuur 2) te zien, die zeker door de mens is gemaakt. Het is mogelijk een deel van de linie uit 1584, een oude weg of mogelijk zelfs de oversteek naar Katwijk uit de Romeinse tijd. Van deze verhoging is geen gewag gemaakt in het onderzoek.
Figuur 2. AHN-hillshade van het plangebied. De Romeinse weg – waarvan bekend is dat hij ter hoogte van de spoorbrug aan de Katwijkse kant een oversteek maakt naar de Mookse kant – is in 1850 door Hermans al vastgelegd bij de Heumense Molen en loopt over - of in de directe omgeving van het plangebied. Dit wordt niet vermeld in het bureauonderzoek. Ook het grote Romeinse grafveld, gevonden bij de aanleg van de spoorbrug en verder onderzocht bij het weggraven van de oude dijk wordt niet genoemd. Een groot deel van de Mookse 6
vondsten die aanwezig zijn bij het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden zijn eind 1800 gevonden bij de opgravingen in dit grafveld. Het booronderzoek Na voltooiing van het bureauonderzoek zijn de daarin staande conclusies getoetst door middel van een booronderzoek. Teneinde vast te stellen of en in hoeverre de ondergrond onder de bouwvoor is verstoord, waren er verdeeld over het hele plangebied 43 grondboringen gepland. Nu zijn boringen een goede indicator om vast te stellen in hoeverre er gestoorde of ongestoorde bodems aanwezig zijn, maar het zijn geen goede indicatoren om vindplaatsen uit het verre verleden of zelfs de Tweede Wereldoorlog vast te stellen als bij het boren geen archeologische indicatoren worden aangetroffen. De kans op het aanboren van sporen in de ondergrond is klein. Voor het opsporen van grafvelden, steentijdkampementen of zelfs huisplattegronden is deze methode volkomen ongeschikt. Dat wordt in het booronderzoek ook aangegeven: 3.3.2 Archeologie Er zijn tijdens het veldonderzoek geen archeologische indicatoren aangetroffen. Het gaat hier echter wel om een verkennende fase van het inventariserend veldonderzoek door middel van boringen. Het doel van de verkennende fase van het veldonderzoek is het in kaart brengen van de bodemopbouw en het aantonen van eventuele bodemverstoringen.
De afwezigheid van archeologische indicatoren kan dan ook niet worden beschouwd als indicatie voor de afwezigheid van een archeologische vindplaatsen Er waren 43 boringen gepland, er zijn er maar 31 uitgevoerd, waarvan er 4 ondiep zijn gestaakt. Dat betekent, dat van de beoogde informatie uit het booronderzoek maar 27/43 deel is verkregen, dat is maar 63 %. Van een substantieel deel van het gebied, langs de Rijksweg , onder/tussen de gebouwen en het meest oostelijk deel van het volkstuincomplex zijn de boringen niet uitgevoerd en is er totaal geen informatie over de opbouw van de grondlagen verzameld. Volgens de bodemkaart zouden in deze zone onder andere enkeerdgronden te vinden zijn. Juist deze zone is op de archeologische verwachtingenkaart van de gemeente Mook en Middelaar gemarkeerd als een zone met een hoge archeologische verwachting. De wel uitgevoerde boringen laten voor een groot gebied een intact bodemprofiel zien. Op meerdere plaatsen zien we onder de bouwvoor een bruine laag van soms wel een meter dik. Wanneer het plangebied zijn huidige bodemopbouw gekregen heeft is niet duidelijk. De stroomrugafzettingen en terrasvlakten zijn meestal gevormd na de laatste ijstijd. Ze kunnen duizenden jaren oud zijn en kunnen dus ook heel goed archeologische vindplaatsen bevatten.
Het eerder genoemde onderzoek bij Eurobloem wees uit, dat aan die zijde van de Rijksweg ongestoorde lagen van zo’n 9000 tot 10.000 jaar oud intact aanwezig zijn. Eindadvies na het booronderzoek: Conclusie booronderzoek In het plangebied is een verkennend booronderzoek uitgevoerd waarbij is aangetoond dat de aangetroffen afzettingen in een dynamisch rivierlandschap zijn afgezet en dat er nauwelijks bodemvorming heeft plaatsgevonden en dat er geen 7
vegetatiehorizonten of laklagen zijn waargenomen. Evenmin zijn er gestuwde afzettingen (stuwwal) en gerijpte oeverwallen van fossiele stroomgordels aangetroffen. Op basis van de boorresultaten is de kans op de aanwezigheid van intacte archeologische resten als laag ingeschat. Het advies luidt dan ook om zonder verder archeologisch onderzoek uit te voeren de voorgenomen ontwikkeling mogelijk te maken. Conclusie Wij zijn van mening, dat het uitgevoerde booronderzoek onvoldoende aanleiding geeft om het gebied zonder verdere beperking of zonder verder onderzoek vrij te geven. De archeologen die door ons over dit onderzoek geraadpleegd zijn (drs. Jacob Schotten, archeologisch adviseur voor Venlo, Bergen en Gennep en Dr. Harry van Enckevort, senior KNA-archeoloog, Gemeente Nijmegen) delen onze zienswijze. Ofschoon we geen uitspraak doen over de daadwerkelijke aanwezigheid van archeologische vindplaatsen in Molenhoek-Zuid, is de kans aanwezig dat er in het gebied Molenhoek-Zuid sporen en vindplaatsen (steentijdkampementen, Romeinse weg dan wel linie uit 1574, restanten van de slag om de Mookerheide, restanten uit de Tweede Wereldoorlog) onopgemerkt verloren gaan, als dit gebied op grond van het bureau en booronderzoek wordt vrijgegeven. Daarom maakt het bestuur van AWN Afdeling Nijmegen e.o.
bezwaar tegen het zonder verdere beperking of onderzoek (een archeologische proefsleuvenonderzoek) vrijgeven van het plangebied voor de ontwikkeling van Molenhoek-Zuid. ___________________________________________________________________________ Plan: Molenhoek Zuid, gemeente Mook en Middelaar Status : ontwerp Plantype: bestemmingsplan IMRO-idn NL.IMRO.0944.BPMOLENHOEKZUID-OWO1 Betreft:
Bijlage 12 Bureauonderzoek Archeologie Bijlage 13 Verkennend booronderzoek
8
betreft: zienswijze ontwerp bestemmingsplan Molenhoek Zuid dato 14/01/2023
Geacht college, geachte raad van de gemeente Mook en Middelaar, Werkgroep Natuurlijk Bouwen is een jonge beweging in de gemeente Mook en Middelaar. Wij staan voor een ecologische manier van bouwen. De traditionele wijze van bouwen is niet meer houdbaar in tijden van klimaatcrisis als gevolg van te hoge stikstof- methaan en co2 uitstoot. Natuurlijk Bouwen is voor het oplossen van de huidige woningnood en doet dat door zich hard te maken voor de totstandkoming van ecologische, circulaire, natuurinclusieve en kleinschalige woningen. Zo verkleinen we de ecologische voetafdruk van de mens en maken we het zelfs mogelijk om deze voetafdruk klimaatpositief te maken. Natuurlijk Bouwen is voor het bouwen van meer ecologische , circulaire sociale huurwoningen en betaalbare ecologische circulaire koopwoningen voor starters, nieuwkomers en gezinnen. We komen daarom in verzet tegen het ontwerp bestemmingsplan omtrent de bebouwing van Molenhoek Zuid. In een eerdere brief dato 5 oktober 2022, wezen wij u reeds op het belang van ecologisch en natuurinclusief bouwen. Ook nu benadrukken wij wederom dat de gemeente Mook en Middelaar een flater slaat wanneer zij akkoord gaat met het ontwerp bestemmingsplan zoals dat nu ter inzage aangeboden is. Maar liefst 250 woningen worden in dit plan niet ecologisch noch klimaatpositief noch circulair noch natuurinclusief gebouwd .Een gemiste kans.
Sterker nog, een afgang in tijden van klimaatcrisis. Juist nu is het nodig ecologisch en circulair bouwen tot de norm te verheffen. Hier zijn nationale en internationale subsidies voor beschikbaar en veel kennis en ervaring vanuit ecodorpen ecowijken. Uw woonvisie zoals vermeld in punt 3.4.1 vinden wij te vaag. Wij verzoeken u uw woonvisie uit te breiden met de begrippen ecologisch, circulair, biobased, duurzaam, natuurinclusief, biodivers, klimaatadaptief en klimaatpositief. Wij begrijpen en respecteren de woonbehoefte in onze regio. Niettemin vinden wij 250 woningen alleen dan toelaatbaar wanneer deze volledig en radicaal ecologisch, biobased, circulair, klimaatpositief en natuurinclusief worden gebouwd. De bouwsector speelt een belangrijke rol bij het behalen van de klimaatdoelen zoals opgenomen in het Klimaatverdrag van Parijs en het Klimaatakkoord van de Nederlandse overheid. De sector verbruikt de helft van de grondstoffen in ons land, is goed voor 40% van het energieverbruik en een derde van de totale CO2-uitstoot. Stedelijke gebieden zijn zelfs verantwoordelijk voor 75% van de globale co2-uitstoot. Omdat de helft van al het bouwmateriaal beton is, valt dus veel winst te behalen door dat te verduurzamen. Een ton beton veroorzaakt een ton CO2-uitstoot. Er is dringend behoefte en noodzaak aan nieuwe betonsoorten, waarmee de uitstoot met 30 tot 50% kan worden verlaagd.
Geopolymeer en kalkhennep zijn onder meer populaire alternatieve bouwmaterialen . Het voordeel ligt in de circulariteit wat inhoudt dat het bij afbraak weer gewoon terug kan in de natuurlijke kringloop.
Bij ecologisch bouwen ofwel Natuurlijk Bouwen hoort de mogelijkheid tot zelfvoorziening aan de hand van onbespoten biologisch voedsel. We vinden het dan ook ontoelaatbaar wanneer de moestuinen van Middelwaert moeten wijken voor hoogbouw waar deze tuinen het gezicht zouden kunnen zijn van een nieuwe ecologische woonwijk. De grond van moestuinvereniging Middelwaert kan het stralend middelpunt zijn van een de eerste ecowijk in onze gemeente waar moestuin en voedselbos samengaan. In deze tijden is het van het grootste belang woonwijken te voorzien van ecologische en biologische voedseltuinen in het kader van biodiversiteit en een gewenste andere manier van boeren. Wij stellen in dit kader dan ook concreet aan u voor dat de moestuinen van Middelwaert behouden blijven als middelpunt van een nieuwe ecologisch woonwijk. Voorts vinden wij de geplande hoogbouw (4 dijkwoningen) beter passen op het perceel langs de Rijksweg N271. Hoogbouw aan de rand van de weg siert de aanblik van ons dorp met een verzorgde entree en is tevens een geluidsbuffer. Wat ons betreft dienen de de moestuinen behouden te blijven als centrale en gemeenschappelijke tuin in de geplande woonwijk. Uw ontwerp bestemmingsplan rept over energieneutrale woningen. Wij verzoeken u om specificatie van het begrip energieneutraal.
Daarnaast verzoeken wij u om te denken in termen als energiepositief/ klimaatpositief en die waarden te hanteren voor woningbouw. Wij vragen ons af hoe de geplande woonwijk in Molenhoek Zuid garantie kan bieden aan de omgevingsvisie van de provincie Limburg. De provincie staat voor innovatie, toekomstbestendigheid, een duurzame economie en klimaatbestendigheid. In het huidige ontwerp bestemmingsplan staat niet vermeld hoe en of Molenhoek Zuid gebruik maakt van innovaties op het gebied van duurzame energie , noch wordt er uitgelegd hoe men de woonwijk volgens de omgevingsvisie van de provincie denkt te gaan bouwen. Ons advies is: bouw ecologisch en natuurinclusief en geef hiermee een duidelijk signaal en statement naar onze regio. 250 woningen kunnen alleen voldoen aan de provinciale omgevingsvisie en de Europese klimaatdoelen als er ecologsich en natuurinclusief gebouwd wordt. De traditionele bouwsector verbruikt de helft van de grondstoffen in ons land, is goed voor 40% van het energieverbruik en een derde van de totale CO2-uitstoot. Stedelijke gebieden zijn zelfs verantwoordelijk voor 75% van de globale co2-uitstoot. Omdat de helft van al het bouwmateriaal beton is, valt dus veel winst te behalen door dat te verduurzamen. Een ton beton veroorzaakt een ton CO2-uitstoot.
Er is dringend behoefte en noodzaak aan nieuwe betonsoorten, waarmee de uitstoot met 30 tot 50% kan worden verlaagd. Geopolymeer en kalkhennep zijn onder meer populaire alternatieve bouwmaterialen . Het voordeel ligt in de circulariteit wat inhoudt dat het bij afbraak weer gewoon terug kan in de natuurlijke kringloop. De woningbouw in onze gemeente wordt in uw ontwerp bestemmingsplan bij punt 3.2 aangemerkt als ‘provinciaal belang’. Is het belang van de provincie verdere vervuiling agv traditionele woningbouw toe te staan of is het belang van de provincie gelijk aan diens omgevingsvisie ( te weten: innovatie, toekomstbestendigheid, een duurzame economie en klimaatbestendigheid) In het ontwerp bestemmingsplan meent u dat de geplande woningen emissievrij zijn. Hier mist de
onderbouwing op basis van feiten waaruit dit kan worden geconcludeerd. Daar willen wij bij opmerken dat als de woningen niet ecologisch en natuurinclusief worden gebouwd, zij wel degelijk co2 uitstoten agv het gebruik van beton en andere niet biobased bouwmaterialen. Wij verzoeken het college en de gemeenteraad dan ook om 1) meer onderzoek te doen mbt de uitstoot van stikstof, methaan en co2 voor wat betreft de bouwperiode 2) meer onderzoek te doen naar de mogelijkheden van ecologisch, biobased en circulair bouwen 3) onderzoek te doen naar de individuele jaarlijkse uitstoot van toekomstige bewoners in de geplande woonwijk op basis van wel en niet ecologisch wonen. 4) meer onderzoek naar de ‘niet betekenende mate’ van gevaarlijke stoffen in de lucht (bijlage luchtkwaliteit punt 2.c) rekening houdend met de jaarlijkse uitstoot van individuele bewoners en de bouwperiode) Daarbij de onderbouwing waarbij geconcludeerd kan worden dat het aantal gevaarlijke stoffen ‘niet van betekende mate' zal zijn en om welke gevaarlijke stoffen het dan specifiek gaat. Wij (Natuurlijk Bouwen) denken dat het van het uiterste belang is om te benadrukken hoe belangrijk Natuurlijk Bouwen is in deze tijd. En dat sowieso alle sociale huurwoningen klimaatpositief moeten worden gebouwd.
Alle! De gemeente slaat een flater wanneer er niet radicaal (dus niet een beetje voor de bühne maar echt radicaal) wordt ingezet op duurzaamheid in een aankomend grootschalig bouwproject zoals Molenhoek Zuid. Wij verzoeken u om dit woonproject van een ecologisch keurmerk te voorzien (zoals die van Greendeal) en daarmee pro actief mee te werken aan het behalen van de Europese klimaatdoelen. Toekomstige generaties zullen u dankbaar zijn en de gemeente zal landelijk in aanzien stijgen wanneer radicaal wordt ingezet op ecologisch bouwen. Verantwoord ecologisch bouwen voor de huidige generatie en toekomstige generaties is dan ook uw verantwoordelijkheid in de functie die u heeft aangenomen. Vriendelijke groeten namens de Werkgroep Natuurlijk Bouwen Lori Postema (Molenhoek) Petra Roovers (Molenhoek) Sanne Derks (Mook) Sira Hartz (Molenhoek) Flore van Eerde (Molenhoek) Peter van de Water (Molenhoek) Fabienne Heijster (Molenhoek) Maarten Burgers (Malden) Remi Meijer (Mook) Patricia Menting (Molenhoek) Aspirant inwoners Luc van de Wall Tatum Postema
Van: Verzonden: Aan: Onderwerp:
Nico en Anita <iptho@xs4all.nl> woensdag 18 januari 2023 15:36 Gemeente Mook en Middelaar; Ivo Verploegen Proformabezwaar Molenhoek Zuid.
Urgentie:
Hoog
Categorieën:
Inboeken
Geachte Medewerker Gemeente Mook en Middelaar, Geachte heer Verploegen, Middels dit schrijven dien ik pro-forma bezwaar in op het ter inzage liggende bestemmingsplan Molenhoek Zuid. Ik kijk graag nog even dieper op het bestemmingsplan in alvorens ik een inhoudelijk bezwaar (al dan niet) indien. Met vriendelijke groet, N.H.G. van Iperen Bredeweg 2 Heumen 06 233 60 934
Gemeente Mook en Middelaar, Hr. Ivo Verploegen Raadhuisplein 6 6585 AP Mook
Heumen 03.02.2023
Betreft: Bezwaren ten aanzien van Plan Molenhoek Zuid – Bestemmingsplan – NL.IMRO.0944.BPMOLENHEOKZUID-OW01
Geachte Gemeente Mook en Middelaar, Geachte heer Ivo Verploegen, Middels dit schrijven willen wij u de punten aangeven waarop wij bezwaar maken ten aangaande van plan Molenhoek zuid. Punt 1. Wij maken wederom bezwaar om ter hoogte van de Bredeweg/Rijksweg een veilige oversteek te maken voor langzaam verkeer. Hiermee wordt wandel- en fietsverkeer gestimuleerd en gefaciliteerd om over het zandpad de Bredeweg van en naar de woonwijk te gaan. Dit belemmert ons in de uitvoering van ons bedrijf zo is ons veronderstellen nu, dat willen wij hier even toelichten. Door de oversteek veilig te maken bij de Rijksweg voor fietsers en voetgangers wordt het landbouwverkeer lastiger zo niet onmogelijk gemaakt de afslag naar ons bedrijf te kunnen nemen. Zowel wijzelf als derden die voor ons goederen aanleveren / goederen ophalen als ook bedrijven die bij ons op het land komen werken, zijn vaak dusdanig van omvang dat wij vrezen dat het nog veel lastiger wordt om bij ons bedrijf te komen. Nu is de afslag vaak al lastig voor tractoren en vrachtwagens. Dit alles nog los van het feit dat wij zelf niet meer gemakkelijk van huis kunnen met onze voertuigen wanneer er, nog meer dan nu, gewandeld en gefietst zal worden op de toch al niet zo brede Bredeweg. Dit levert gevaar op voor ons en voor anderen.
Onderstaand gedeelte (screen shot) versterkt bovenstaande opmerking van ons dat het de bedoeling is zo veel mogelijk te voet of te fiets te doen vanuit de wijk, waardoor de Bredeweg zeer druk zal worden waar deze smalle weg zich niet voor leent; een andere aansluiting/oversteek via de Rijksweg naar Molenhoek is van ons uit dan ook zeer gewenst. Tevens merken wij hierbij op dat ons woongenot minder zal worden en tevens planschade t.b.v. onze woning en bedrijf. Ook hier willen we nog een keer melden, dat wij aan de Bredeweg onze eventuele kadavers dienen aan te bieden. De wetgever schrijft ons voor dit aan de openbare weg te doen, om verspreiding van ziekten zo klein mogelijk te houden. Gelukkig komt het niet vaak voor, maar wij willen graag dat dit duidelijk is en blijft voor iedereen.
Punt 2. Bomen langs de Bredeweg. Niet gewenst om meerdere redenen: De onverharde weg droogt niet voldoende op bij nat weer, waardoor steeds meer en blijvende kuilen zullen ontstaan Belemmerd ons in onze werkzaamheden m.b.t. hooibouw maar ook landbouwmachines die groter en hoger zijn. Uiteraard voldoen deze aan de wegenverkeerswet, maar de bomen zullen beschadigingen kunnen geven aan de voertuigen.
Punt 3. Functie verandering van Agrarisch naar Detailhandel (Rijksweg 2 – Bredeweg ongenummerd). Gelieve ervoor te waken dat de eventuele extra bebouwing verder van de erfscheiding gebouwd wordt (en niet te hoog) dan dat nu de huidige kassen staan (borgen in het bestemmingsplan). Verder gaan wij ervanuit dat een eventuele uitbreiding volledig zal liggen op Limburgs grondgebied en niet in het Gelderse.
Punt 4. Waterhuishouding. De wadi’s worden aangelegd t.b.v. de afwatering van het nieuwe plan. De meeste (grootste) lijken te liggen direct naast de Bredeweg. Dit zal wederom zijn impact hebben op de staat van Bredeweg en de gronden gelegen op het Gelderse. Onze punten: Waar blijft het water als de wadi’s toch niet voldoende blijken te zijn? Wat gebeurt er met kwelwater in het gebied? Wordt er water afgepompt ten tijde van de bouw en zo ja waar blijft dat water. Kans op verdroging door wegpompen water tijdens bouw activiteiten – wat doet dit met onze gewassen en kunnen wij hier schadeloos voor worden gesteld.
Dit waren onze punten. Mochten er vragen zijn, dan willen we deze graag mondeling komen toelichten. Met vriendelijke groet, Nico en Anita van Iperen Bredeweg 2 6582 AD Heumen. 06 233 60 934
ZIENSWIJZE OP ONTWERP BESTEMMINGSPLAN MOLENHOEK ZUID Een woonwijk van ca. 250 woningen bouwen in landelijk gebied aan de Maas vraagt nogal wat maatregelen om dit in harmonie met de omgeving te realiseren, zonder dat de mooie leefomgeving van onze gemeente voor altijd onherroepelijk verdwijnt.
3.2.2. Omgevingsverordening Limburg – Planspecifiek – Landschap en Natuur: “Het meest zuidelijke deel van het plangebied (ten zuiden van de Halderweg) is aangewezen als 'groenblauwe mantel'. Bij ontwikkelingen binnen het plangebied dient rekening gehouden worden met het behoud en de versterking van deze zone.” Deze zone maakt deel uit van Natuur Netwerk Nederland wat betekent dat geen versnippering plaats mag vinden. Hoe gaat de versterking van de natuurwaarde van dit gebied er uit zien? Wat ons betreft kan de biodiversiteit verhoogd worden door in dit gebied nieuwe natuur in te richten. Natuurdoeltype kruidenrijk grasland. Hoe verhoudt dit zich tot de recreatieve bestemming van dit gebied? 4.1.1 Landschappelijk casco: Wij lezen “verbinding met het landschap” Welk landschap wordt hier bedoeld? En hoe wordt de verbinding vormgegeven? Er wordt gesproken over “kwalitatieve groenplekken maken in het binnengebied“. Aan welke criteria moet zo'n plek voldoen? Beide vage omschrijvingen krijgen pas waarde bij een exacte uitwerking. 4.1.2. Duurzaamheid - klimaatadaptatie en biodiversiteit: Wij lezen over een “groene en waterrijke buurt die gericht is op verhoging van de biodiversiteit”. Waarin zit deze biodiversiteit? Wij zien alleen maar plannen voor het aanplanten van laanbomen en het aanleggen van wadi’s. Wij lezen over “Bijpassende groenstructuur bij verschillende bouwtypes”.
Welke groenstructuren moeten we ons daarbij voorstellen? 4.2.2 Groenstructuur- Bestaande groenstructuren: “De struiken in de houtsingels worden uitgedund, zodat er doorzichten onder de houtsingels ontstaan.” Dit gaat ten koste van biodiversiteit. Animo ziet graag dat houtsingels zoals ze nu zijn behouden blijven. Om de groene ambities te realiseren zou in alle houtsingels juist extra veel struikgewas aangebracht kunnen worden. 4.2.2 Groenstructuur – figuur 4.8: Hierin worden wadi’s aangemerkt als groen maar in de praktijk staan wadi’s 90% van de tijd droog en is er geen leven in te bekennen, (zie de wadi’s bij de nieuwbouw aan de overkant van de Rijksweg) dus zeker geen meerwaarde voor het groen in de wijk. Graag zouden wij zien dat de inrichting en het beheer van de wadi’s is gericht op maximaal haalbare natuurwaarden binnen de functie. Het hoeft geen saai grasveld te zijn. In 5.7 Natuur en Ecologie - Kader - Algemeen lezen we: “In de voorliggende Natuurtoets wordt niet ingegaan op de bescherming van houtopstanden omdat deze niet aan de orde is aangezien er geen bomen worden gekapt in voorliggend plangebied.”. Wij vragen ons af of dit ook geldt voor de rotonde in de Rijksweg die in de tekeningen staat. Ook lezen we in 4.22 - Bestaande groenstructuren: “dat de boomkwaliteit moet worden geïnventariseerd om te bepalen welke bomen behouden kunnen worden”.
Vraag: wat zijn de criteria voor boomkwaliteit? Veiligheid, óf biodiversiteit omdat het het leefgebied van o.a. vleermuizen is? Welke bomen moeten precies verdwijnen? Hoe worden deze gecompenseerd? En hoe worden de compensatiebomen gedurende 5 jaar gemonitord? In 4.2.2 Nieuwe groenstructuren - wordt gesproken over dat “bomen worden gebruikt voor schaduw op verharding en het waarborgen van privacy”, maar niets over biodiversiteit. 5.1. Bodem - Conclusie - Locatie Bredeweg: hier lezen we “in de ondergrond zijn uiterst grindhoudende lagen aangetroffen. Hierdoor heeft er geen grondwater onderzoek plaats kunnen vinden. Op basis van de historie van de locatie en de onderzoeksresultaten wordt verwacht dat het grondwater niet verontreinigd is.” Gezien de agrarische activiteiten (landbouwgif) aan de Bredeweg stelt Animo voor om wél grondwateronderzoek te doen d.m.v. mechanische peilbuizen. Pagina 1 van 4
3.2.2 Omgevingsverordening Limburg - Planspecifiek - Landbouw: “Een deel van het plangebied is aangewezen als 'uitzonderingsgebied uitbreiding glastuinbouw'”. Glastuinbouw kan tot 3 ha. worden uitgebreid als het een toekomstbestendige locatie is. Als het doel van dit bestemmingsplan is het bouwen van woningen, waarom dan kassenbouw bevorderen? Wij stellen voor dat als je de biodiversiteit in dit gebied wilt vergroten (1 van de doelstellingen!) dat je dan geen glastuinbouw moet willen. Ook niet met het oog op aantasting van het landschap (en lichtvervuiling ’s nachts). Wij menen dat een park voor de bewoners van de nieuwe wijk een veel wenselijker bestemming is. 4.3. Functionele structuur - “Het meeste noordelijk deel van het plangebied wordt omgezet van agrarisch naar detailhandel”. dit is in strijd met het landelijk beleid om agrarisch gebied een natuurbestemming te geven ivm waterhuishouding, CO2 en stikstof. 5.2 Geluid – Cumulatie Wij lezen dat het bevoegd gezag een oordeel dient te vellen over de hoogte van de cumulatieve geluidsbelasting voor de woningen op de hoek Rijksweg/Spijkerweg. We stellen voor dat het college van B&W haar burgers beschermt en het advies om geluidswerende maatregelen te treffen (zowel qua wegdek als qua gevelisolatie) uit de conclusie overneemt zodat de geluidsbelasting binnen de aanvaardbare normen blijft.
Ook stellen we voor dat tussen Rijksweg en het appartementenblok niet alleen de Lindenlaan hersteld wordt maar daarnaast struweel aangeplant wordt om de woningen tegen geluid en fijnstof te beschermen. (zie bijvoorbeeld de situatie aan de Rijksweg te Mook ter hoogte van de wijk Lindenboom). Voorts missen we in het Akoestisch onderzoek de geluidswaarden die door het spoorverkeer en de scheepvaart worden geproduceerd. Deze bijdragen dienen in de cumulatieve geluidsbelasting te worden meegeteld. 5.5 Externe veiligheid Wij lezen: “In de omgeving van het plangebied bevinden zich twee risicobronnen: de Maascorridor en de A73.” Wij denken dat ook het vervoer van gevaarlijke stoffen over het spoor een risicobron is en stellen voor dat ook dit onderzocht wordt. 5.6 Waterhuishouding - Grondwater We lezen hier dat er nog grondwatermetingen in het plangebied ontbreken en in de paragraaf Waterkering dat het Waterschap Limburg nog niet besloten heeft tot dijkversterking tot een hoogte van 14,2+NAP. We stellen voor dat deze grondwatermetingen eerst gedaan worden voordat de wadi’s gepland kunnen worden en er zekerheid is over de toekomstige waterhuishouding in het gebied en de plannen van het Waterschap. We stellen voor het bestemmingsplan niet vast te stellen voordat deze punten duidelijk zijn.
5.7 Natuur en ecologie - Kader- Stikstof Hier wordt verwezen naar het stikstofdepositie-onderzoek in Bijlage 11 Deze bijlage is echter leeg. In de bijlage Natuurtoets blz. 28 - 5.3.1 lezen we dat “significante gevolgen ten aanzien van de stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden niet worden uitgesloten.” Animo vindt het zeer wenselijk om zowel de stikstofuitstoot in de bouwfase als de te verwachten stikstofuitstoot van de gebruiksfase van Molenhoek Zuid te laten onderzoeken in een vervolgonderzoek dmv de geactualiseerde AERIUS calculatie om te voorkomen dat deze uitstoot over wettelijke grenzen gaat. We lezen ook dat “De aanvullende berekeningen zullen ten tijde van de vaststelling van het bestemmingsplan worden toegevoegd.” Animo is van mening dat álle rapporten bekend moeten zijn vóórdat het bestemmingsplan wordt vastgesteld. Stel dat het bewonen van Molenhoek Zuid toch significante gevolgen heeft voor Natura 2000 gebied, dan is er nog gelegenheid om aanpassingen te doen of compenserende maatregelen te nemen.
In bijlage 10 Natuurtoets: De conclusies, die overzichtelijk worden weergegeven in tabel 2 van het rapport (zie hieronder) zijn dat er toch nog aardig wat belemmeringen kunnen zijn voor de realisatie van Molenhoek Zuid, aangezien er voor veel soorten nog vervolgonderzoek uitgevoerd moet worden en voor vleermuizen betekent dat sowieso dat er 4 rondes onderzoek moeten plaatsvinden verspreid over het jaar. En als de beschermde soorten die er mogelijk zitten, tijdens het vervolgonderzoek worden aangetroffen, dan zullen er ontheffingen aangevraagd moeten worden op de Wet natuurbescherming bij de Provincie Limburg en zullen er mitigerende dan wel compenserende maatregelen genomen moeten worden. Zo zal er mogelijk voor de das foerageergebied gecompenseerd moeten worden door aankoop van grond net buiten het plangebied. Pagina 2 van 4
In de natuurtoets wordt gesteld dat er nog een jaarrondtoets gehouden moet worden om vast te kunnen stellen welke beschermende, mitigerende en compenserende maatregelen er moeten worden genomen voor diersoorten die nu in het plangebied leven. Graag ontvangen wij deze informatie zodra deze beschikbaar is.
afb. 1.1. Stedebouwkundig plan laat 3 hoogbouwappartementen zien. Op Afb. 4.8 Speelplekken en groen staan er 4. Er zijn wel meer verschillen. Op deze wijze kunnen wij het ontwerp bestemmingsplan niet beoordelen. De locatie van de bouwvlakken moet duidelijk zijn bij vaststelling van het bestemmingsplan.
Pagina 3 van 4
Ook lezen we : “ De ruimte tussen de appartementen benutten voor parkeerkelder en parkeerkoffer. De extra capaciteit in de parkeerbalans biedt ruimte om de blokken op te toppen met ca. 20 appartementen (afhankelijk prijsklasse).” - Als de open ruimte tussen de appartementenblokken wordt gevuld door parkeerkelder en parkeerkoffer gaat dit ten koste van de groenvoorziening omdat bomen niet groeien op ondiepe grond. - het optoppen van de appartementblokken neemt nóg meer zon weg voor de zonnepanelen in de woningen die achter de appartementblokken liggen. - We stellen voor om het parkeren zoveel mogelijk ónder de appartementen en woningen te laten plaatsvinden.
NB: Bijlage 11 Stikstof en bijlage 17 Uitkomsten vooroverleg inspraak zijn leeg. Inzage in deze bijlagen is noodzakelijk om het ontwerp bestemmingsplan naar behoren te kunnen beoordelen. Graag ontvangen we deze bijlagen zodra deze beschikbaar zijn. NB2: In bijlage 16 bij de toelichting - M.E.R. beoordeling door Antea: op blz. 2 staat dat de gemeente Weert het bevoegde gezag is. Is dit juist? Voordat het bestemmingsplan wordt vastgesteld moet er wat Animo betreft de ontbrekende informatie aangevuld zijn en moeten er antwoorden zijn op de gestelde vragen.
Mook, 19 januari 2023 Natuur- en Milieugroep ANIMO
Pagina 4 van 4
College van Burgemeester en Wethouders Gemeenteraad Mook en Middelaar Postbus 200, 6585 ZK Mook Betreft: Zienswijze Bestemmingsplan Molenhoek-Zuid Mook, 19 januari 2023
Geacht College van Burgemeester en Wethouders van Mook en Middelaar, Geachte Leden van Gemeenteraad, commissies, politieke partijen en projectontwikkelaars Molenhoek-Zuid, Als Energiecafé Mook en Middelaar zijn we ernstig teleurgesteld in de mate waarin in het bestemmingsplan voor Molenhoek-Zuid aandacht besteed wordt aan duurzaamheid en energieneutraliteit van de nieuw te bouwen wijk Molenhoek-Zuid in het algemeen en de afzonderlijke woningen in het bijzonder. We hebben afgelopen anderhalf jaar heel veel tijd geïnvesteerd in Molenhoek-Zuid:
We hebben samen met het Woonplatform M&M gesproken met alle raadsfracties, hen geïnformeerd aan de hand van een uitgebreide presentatie; We hebben een Zienswijze ingediend bij de Gebiedsvisie; We zijn lid geweest van de bijbehorende Klankbordgroep; We hebben gesproken met de projectontwikkelaars; We hebben gesproken met wethouder Herings en twee van zijn beleidsmedewerkers; We hebben een brief aan hen gezonden in november 2022 aan laatst genoemden met uitleg over energieneutraal bouwen
Er wordt in het Bestemmingsplan onvoldoende specifiek ingegaan op energiezuinig bouwen om als kader en harde eis te dienen voor de projectontwikkelaars. De tekst in paragraaf 4.3 is zo summier, dat dit nauwelijks een garantie biedt dat alle woningen in Molenhoek-Zuid direct bij oplevering energieneutraal zullen zijn, voor wat betreft gebouw en verbruik, zoals in ons gesprek met de wethouder in november expliciet is toegezegd. We zullen niet alle inhoud van onze adviezen en uitleg in deze brief opnieuw opsommen. We verwijzen daarvoor naar de uitgebreide bijlages bij deze brief. Duidelijk moge zijn, dat wij voorstander zijn van een hogere duurzaamheidsambitie, dan die uit de oorspronkelijke versie van de gebiedsvisie sprak en uit dit bestemmingsplan blijkt.
Stichting Energiecafé Mook en Middelaar
Pagina 1
Zoals we in onze brief van november 2022 aangaven, hechten we aan een precieze uitwerking en definitie van ‘energieneutraal bouwen’ voor Molenhoek-Zuid. We gaan ervan uit dat dit alsnog onderdeel wordt van de definitieve versie van het Bestemmingsplan voor Molenhoek-Zuid. Namens Energiecafé Mook en Middelaar Met vriendelijke groeten, Barny Versteegen
Stichting Energiecafé Mook en Middelaar
Pagina 2
Aan: wethouder Ton Herings Cc: Yvo Verhoeven en Cyriel Prinsen Datum: 22-11-2022 Betreft: Advies over invulling energieneutraal bouwen Molenhoek Zuid
Geachte wethouder Ton Herings, Maandag 31 oktober 2022 voerden wij als delegatie 1 van Energiecafé Mook en Middelaar een gesprek met u over de invulling van energieneutraal bouwen in de nieuwe wijk Molenhoek- Zuid. Aanwezig waren tevens de beleidsadviseurs van de Gemeente, Yvo Verhoeven op het terrein van bouw en Cyriel Prinsen op het gebied van duurzaamheid. In de door de Gemeenteraad op 10 maart 2022 vastgestelde gebiedsvisie voor MolenhoekZuid staat: "De energieprestatie van de woningen in Molenhoek Zuid gaat een stap verder dan nu wettelijk nodig is. Er wordt daarvoor sterk ingezet op de reductie van het energiegebruik en de inzet van veelal duurzame energiebronnen. Voor appartementen zou dit eventueel collectief kunnen worden gedaan." en "Vastliggend in stedenbouwkundig plan: • Woningen krijgen kappen met capaciteit voor zonnepanelen. • Geclusterde parkeervoorzieningen bieden capaciteit voor zonnecarports. • [...] • Bij de verdere uitwerking van de nieuwe woonwijk is energieneutraliteit het uitgangspunt." Wij waarderen het besluit van het vorige College van B&W om “energieneutraliteit van Molenhoek Zuid” als uitgangspunt toe te voegen aan de gebiedsvisie voor deze wijk.
Het stelde ons gerust, dat tijdens het gesprek door de wethouder bevestigd werd, dat energieneutraliteit voor alle woningen zal gelden en niet alleen voor die woningen geldt, waarvoor de individuele eigenaar gekozen heeft voor bijbehorend meerwerk en meerkosten, Tijdens een overleg tussen het Energiecafé en de coördinerend projectontwikkelaar, - als onderdeel van het participatieproces tot aan het bestemmingsplan - bleek echter wel, dat niet duidelijk is wat precies de definitie van de gemeente is van een 'energieneutraal Molenhoek Zuid'.
1 De delegatie bestond uit Stef Mientki, Anneke Teepe en Barny Versteegen
Stichting Energiecafé Mook en Middelaar
Pagina 1
Omdat je op verschillende wijze invulling kunt geven aan het begrip energieneutraliteit adviseren we het College om te definiëren, wat er exact wordt verstaan onder “de energieneutraliteit van Molenhoek Zuid” en bieden daarbij o.a. met deze brief graag onze hulp aan. Wij pleiten als Energiecafé sterk voor een energieneutrale wijk conform onderstaande definitie: “Een gebied is energieneutraal als er op jaarbasis geen netto import van energie van buiten de systeemgrens (lees: wijk en woningen) nodig is. Dit betekent, dat het energiegebruik binnen de systeemgrens gelijk is aan de hoeveelheid duurzame energie, die binnen de systeemgrens wordt opgewekt. In afwijking van de definitie van PEGO wordt het energieverbruik dat voortkomt uit de oprichting en sloop van de gebouwen in dit onderzoek niet meegerekend.” (bron: RVO2) In aanvulling op de definitie en ter verheldering: 1. Als de gehele woonwijk energieneutraal moet worden, dan dient ook binnen de wijk duurzame energie voor het opladen van auto's te worden opgewekt. Dit zal hogere eisen stellen aan o.a. de lokale opwekking van energie, zoals zonnepanelen, warmtepomp, ventilatie met warmteterugwinning. De consequentie daarvan kan zijn, dat lokale opwekking per woning niet meer een keuze van de bewoner wordt, maar een voorwaarde. 2.
Alleen als de woningen tenminste ‘Nul op de Meter’ worden gebouwd, waarbij de lokaal duurzame opgewekte energie het volledige energieverbruik van woningen, inclusief het huishoudelijke verbruik compenseert, kan een volledig energieneutrale wijk worden gerealiseerd. 3. We pleiten ervoor dat Molenhoek Zuid al direct na oplevering energieneutraal is, en niet pas nadat er aanvullende maatregelen zijn genomen na oplevering. We vinden het dus uitermate belangrijk, dat de woningen zo energiezuinig mogelijk gebouwd worden, zodat de uiteindelijk hoeveelheid en benodigde zelf op te wekken energie zo gering mogelijk is. Te meer omdat de maatregelen, die je niet tijdens de nieuwbouw uitvoert maar pas erna, in de dan bestaande bouw vele malen duurder zijn of zelfs niet meer zijn te realiseren. Overigens zijn de meerkosten van extra maatregelen tijdens de nieuwbouw relatief laag en later veel duurder. Dat geldt bijvoorbeeld voor de woningoriëntatie (o.a. ligging t.o.v. de zon), betere isolatie (vloer bij vloerverwarming sowieso een isolatiewaarde van Rc>5) en een goed ventilatiesysteem. In ons gezamenlijk gesprek gaf u meermaals aan, dat voor u de betaalbaarheid van de woningen prioriteit heeft. Ook wij van Energiecafé willen natuurlijk geen energieneutrale woningen bouwen, die uiteindelijk onbetaalbaar zijn of onhaalbaar voor mensen met een 2
https://www.rvo.nl/sites/default/files/2014/10/Concepten%20voor%20energieneutrale%20wijken.pdf
Stichting Energiecafé Mook en Middelaar
Pagina 2
krappe portemonnee. Energiezuinig bouwen en betaalbaarheid hoeven echter naar ons idee niet op gespannen voet te staan. Betaalbaarheid moet namelijk veel breder gezien worden dan alleen de kapitaallasten voor de aanschaf van de woning. Immers voor de meeste woningeigenaren bestaan de woninglasten naast de maandelijkse hypotheeklasten ook uit de kosten voor de gebruikte energie. Als je zorgt voor een optimale invulling van energieneutraal bouwen, compenseert de besparing op de maandelijkse energiekosten de (extra) maandelijkse lasten om het huis zo zuinig mogelijk te maken. De terugverdientijd van deze maatregelen is minder dan 10 jaar, terwijl het gewin gedurende de gehele levensduur van het huis van toepassing is. Tegenwoordig wordt gerekend met een levensduur van 100 jaar. Van belang achten we als Energiecafé, dat er voor toekomstige bewoners expliciet aandacht besteed wordt aan goede voorlichting en communicatie over de extra kosten van het energieneutraal maken van de huizen; dat onder andere verhelderd wordt wat de verduurzaming oplevert in termen van terugverdientijd, jaarlijkse besparing op de energiekosten en integrale maandelijkse lasten. We willen als Energiecafé graag een bijdrage aan deze communicatie leveren. Ook de landelijke overheid stimuleert de extra verduurzaming van huizen. In 2023 gaat de grens voor een NHG-hypotheek omhoog naar € 405.000.
Maar met Energie Besparende Voorzieningen wordt de kostengrens in 2023 € 429.300. Voor extra duurzaamheidsmaatregelen is bij de meeste banken een extra verhoging van de hypotheekgrens toegestaan (buiten de inkomenstoets) en een lagere rente. Ook voor huurders is iets dergelijks aan de orde. Voor huizen met extra energiebesparende maatregelen is de norm voor huursubsidie hoger3. Door vooraf in gesprek te gaan met de projectontwikkelaar over de wijze waarop energieneutraliteit voor Molenhoek-Zuid ingevuld moet worden, kan de gemeente een belangrijke bijdrage leveren aan haar doel om in 2030 als gemeente volledig energieneutraal te zijn. We zien graag, dat het College duidelijk maakt, wat zij verstaat onder energieneutraliteit van de nieuwe wijk, zodat de ontwikkelaars dit meenemen in hun uitvoering van het bestemmingsplan en de Gemeenteraad de aanvraag hier op kan toetsen. Nogmaals dank voor het prettig verlopen gesprek. Het gaf ons het gevoel, dat we samen gaan voor een wijk met betaalbare woningen, waar we qua verduurzaming trots op mogen zijn.
3
Om al deze mogelijkheden exact duidelijk te krijgen en op een heldere manier aan iedereen te communiceren, is het raadzaam hiervoor de hulp van een financieel adviseur in te roepen. (moet als noot maar weet niet hoe dat moet: zie https://www.eigenhuis.nl/energie/financieel/geld-lenen-voor-energiebesparing#/
Stichting Energiecafé Mook en Middelaar
Pagina 3
Voor aanvullende vragen kunt u altijd bij ons terecht. We willen graag betrokken blijven bij de ontwikkeling van Molenhoek-Zuid. Met vriendelijke groeten,
Namens Stichting Energiecafé Mook en Middelaar, Stef Mientki, Anneke Teepe en Barny Versteegen
Stichting Energiecafé Mook en Middelaar
Pagina 4
Inspreektekst Stichting Energiecafé Mook en Middelaar t.b.v. Raadscommissie Grondgebied op 23 februari 2022 op agendapunt Vaststelling gebiedsvisie MolenhoekZuid Verkorte versie (214 woorden): Geachte leden van de raadscommissie en andere aanwezigen en betrokkenen, Wij waarderen het besluit van het College om de doelstelling om ’energieneutraal’ te bouwen, op te nemen in de Gebiedsvisie voor Molenhoek Zuid. Wij zien echter graag dat het College exact aangeeft wat wordt verstaan onder ’energieneutraal bouwen’ en roepen het College op om gebruik te maken van onze kennis en ervaring op dit gebied. Wij zijn op dit moment niet gerustgesteld over het afdoende invullen en borgen van de voorwaarden om daadwerkelijk een energieneutrale wijk te kunnen realiseren. Daarom roepen we het College op tot het volgende: -
Stel hogere eisen aan isolatiewaarden als voorwaarden om überhaupt een energieneutrale wijk te kunnen bouwen. Benut de dakcapaciteit van huizen optimaal voor zonnepanelen. Benoem het gebruik van aquathermie, en overigens ook van PVT panelen, als optie in de Gebiedsvisie en leg deze vast. Anticipeer m.b.t. ’duurzame mobiliteit’ erop dat er vanaf 2030 uitsluitend elektrische auto’s kunnen worden aangeschaft. Keur deze Gebiedsvisie niet ongewijzigd goed en wacht bewust op de voordelen van de nieuwe Omgevingswet m.b.t. onder meer duurzaamheid en burgerparticipatie, waarvan in onze ogen tot dusver geen sprake was.