CConstaterende datMook en Middelaar
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Raadsvergadering 10 maart 2022, gemeente Mook en Middelaar20.856 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

E-3

4

voldoende ruimte is voor een gevarieerd woonprogramma met ruimte voor de verschillende doelgroepen die op alle fronten haalbaar is. Aan gelijkvloerse bebouwing in de vorm van appartementen bestaat behoefte. In de scenario’s zijn deze op enkele plaatsen in het gebied weergegeven. De plaatsing van een appartementsblok aan de rijksweg en 4 appartementenblokken aan de dijk worden als de meest passende invulling in het gebied gezien, waarbij een goede balans tussen kwaliteit van de woningen en benodigde aantallen in verband met de haalbaarheid is gezicht. Dit heeft geresulteerd in voorliggend schetsontwerp. Dit schetsontwerp is voldoende flexibel om bij de verdere uitwerking nog aan te passen. Appartementen aan de dijk worden daarbij zeker als passend gezien en zullen onderdeel van het plan uit blijven maken. De hoogte van de appartementenblokken staat nog niet vast en kan variëren van 4 tot 6 bouwlagen. Voor duurzaamheid is in de visie een ambitieweb opgenomen. Daarin is per onderdeel het ambitieniveau bepaald. Voor de meeste onderdelen is een ambitie bepaald die iets meer beoogd te doen dan het wettelijk noodzakelijke. Op een aantal andere punten is een ambitieniveau hoger bepaald, waarmee wordt aangegeven dat het onderdeel prioriteit heeft. De ambitie betreft de eisen, meer is altijd mogelijk. Daarbij zal wel aandacht moeten zijn voor de haalbaarheid van het plan.

Wij onderschrijven de stelling dat een zo hoog mogelijke duurzaamheidsgrens wenselijk is, maar de daadwerkelijke realisatie is ook essentieel, zeker vanuit het oogpunt dat de nieuwbouw per definitie een hoger duurzaamheidsniveau kent dan de bestaande bouw. Energieneutraal bouwen wordt wel als uitgangspunt opgenomen. Het is inderdaad zo dat energieneutraal bouwen aan de voorzijde meer kost, maar dat het een positief effect heeft op de energiekosten. Het is dan ook wenselijk deze ambities zo hoog mogelijk te stellen, mits daarbij de woningen wel bereikbaar blijven voor de beoogde doelgroepen. Het is aannemelijk dat het aandeel elektrische auto’s toe zal nemen. De mogelijkheden om alvast voor te sorteren op dergelijke toekomstige ontwikkelingen moeten in het vervolgtraject nader worden bekeken.

E-4

E-5

F-1

Energiecafé heeft 5 concrete eisen geformuleerd die naar idee van Energiecafe wezenlijk zijn om de gewenste duurzaamheid te realiseren. 1. De isolatiewaarde moet zodanig zijn dat energieverlies zo gering mogelijk is. Later verbeteren van isolatie is nagenoeg onmogelijk. De BENG 1 norm is daartoe onvoldoende. Er zijn op 5 onderdelen hogere isolatie eisen in de reactie opgenomen. 2. Er zou alleen vraag gestuurde ventilatie met warmte terugwinning toegepast moeten worden. 3. Pas warmte pompen toe met een minimale efficiëntie van 5. Een goede manier is om daarvoor gebruik te maken van bodemwarmte, PVT panelen of van aquathermie (Maas), bij voorkeur collectief. Deze kennen een hoger rendement dan lucht-warmtepompen. 4. Houdt met de oriëntatie van de woningen rekening met optimale lichtinval en warmte in de winter en buitenhouden van hitte in de zomer. 5. Het is voor maximale energieopwekking nodig om alle daken volledig met zonnepanelen te bedekken. Met oprichten van een energiemaatschappij wordt het aantrekkelijker voor bewoners om energie aan elkaar en anderen te leveren. De nieuwe omgevingswet maakt het voor gemeenten mogelijk om strengere duurzaamheidseisen te stellen dan de wettelijke eisen. Door de huidige versnelde besluitvorming wordt het risico gelopen dat slechts de wettelijke en niet de hogere eisen die het Energiecafé stelt worden aangehouden.

Mook heeft gekozen voor een eigen archeologisch beleid, waarbij ook de amateurarcheoloog een rol krijgt. Een van de functies daarbij is hun kennis daarbij in te zetten voor het kritisch volgen en voeden van alle activiteiten op het gebied van ruimtelijke ordening. Aangrenzend aan het gebied is een beperkt onderzocht gebied, wat vol zit met archeologica. Ook zin er in het plangebied artefacten aangetroffen. Er kan niet zondermeer vanuit worden gegaan dat het gebied archeologisch sporen bevat. Het terrein zou dan ook niet zonder voldoende onderzoek volgebouwd mogen worden. Is er in het 5

In de gebiedsvisie zijn ambities en normen beschreven, maar zijn ook diverse kansen benoemd. In de verdere uitwerking kunnen deze onderdelen onderzocht worden en waar wenselijk en mogelijk kan dit in de planvorming worden opgenomen. De voorschriften en eisen veranderen ook nog door de jaren heen. Er is daarom vooral gekozen om als uitgangspunt ambities en aanvullend kansen te benoemen. Nieuwe technologische ontwikkelingen bieden wellicht kansen, maar er zijn ook beperkende factoren die in de afweging van de haalbaarheid kunnen meespelen, zoals bijvoorbeeld de capaciteit van het stroomnet, en de mogelijkheid om energie op te kunnen slaan. Wij waarderen uw inbreng en blijven in het vervolgtraject dan ook graag met u in gesprek hierover.

In de ontwerpgebiedsvisie zijn al strengere duurzaamheidsambities geformuleerd dan er op dit moment wettelijk vereist zijn. Het ambitieniveau wat in de visie wordt vastgelegd wordt onderlegger voor de uitgangspunten die met de ontwikkelaars zullen worden vastgelegd. Wachten op de omgevingswet levert in dat opzicht geen andere kansen op. Ook onder de omgevingswet zal de ambitie die de gemeente vast wil leggen maatgevend zijn. In de visie is aangegeven welke archeologische verwachtingswaarden gelden voor het plangebied. Bij de te volgen planologische procedure zal afhankelijk van de verwachtingswaarde archeologisch onderzoek uitgevoerd moeten worden. Aan de hand van de conclusies van het verkennend onderzoek kan indien nodig aanvullend onderzoek worden uitgevoerd. Het is prematuur en niet gebruikelijk om deze onderzoeken al bij de gebiedsvisie uit te voeren.

F-2

F-3

plan voldoende aandacht voor archeologie? Er wordt alleen verwezen naar de lage archeologische verwachtingswaarde in het gebied (red. de verwachtingswaarde uit het huidige bestemmingsplan), terwijl voor een plangebied geldt dat als er een hogere waarde geldt voor tenminste 10% van het plangebied deze waarde aangehouden dient te worden. Heeft er op dit moment al een verkennend onderzoek plaatsgevonden en zo ja, wat zijn de conclusie en aanbevelingen en op welke wijze kan er (bij vervolgonderzoek) een rol worden opgenomen voor amateur archeologie? Voor een bestemmingsplan dient al het vooronderzoek, dus tot en moet de karterende en waarderende fase d.m.v. proefsleuven in het gehele plangebied afgerond te zijn. Het eindrapport moet samen met het concept bestemmingsplan te inzage worden gelegd. Er kan niet worden volstaan met overnemen van verwachtingen volgens de archeologische verwachtingskaart.

G-1

In het plan worden diverse woningtypologiën omschreven. Het concept hofjeswonen, wat een combinatie betreft van al dan niet grondgebonden levensloopbestendige woningen voor ouderen en jongeren met een gemeenschappelijke voorziening, ontbreekt.

G-2

Benutten van al aanwezige infrastructuur voor een gemeenschappelijke voorziening. In aansluiting op onderdeel 1 wordt aandacht gevraagd voor gemeenschappelijke voorzieningen binnen en buiten. Een deel van de bestaande volkstuinen zou bijvoorbeeld kunnen dienen als gemeenschappelijke tuin met ontmoetingsruimte. Ook zou dit mogelijk bij een woonhofje kunnen.

6

Er heeft nog geen onderzoek plaatsgevonden. Dat zal plaatsvinden bij de vervolgprocedure (bestemmingplan).

Deze constatering is niet juist. Er mag niet gebouwd worden voordat duidelijk is of het gebied vrijgegeven kan worden, maar een geheel afgerond onderzoek voorafgaand aan de ontwerpfase van een bestemmingsplan is niet vereist. Het is wel wenselijk om voor vaststelling van een bestemmingsplan voldoende zicht te hebben op de in het gebied aanwezige waarden met het oog op uitvoerbaarheid van de plannen en eventuele maatregelen die getroffen moeten worden. Uitgangspunt voor de plannen is een gedifferentieerd woningbouwprogramma dat aansluit op de woningbehoefte in de gemeente. Hiervoor zijn bijvoorbeeld de woonagenda en de woningmarktmonitor belangrijke input. Ook zijn er in het kader van de woondeal Arnhem Nijmegen afspraken gemaakt over het aandeel betaalbare en sociale huurwoningen. In de plannen is zeker aandacht voor woonvormen voor ouderen en starters. Dit hoeft echter niet per definitie in de vorm van een hofje te worden gerealiseerd. De visie staat echter de realisatie van een hofje niet in de weg, indien dit in de bouwplannen passend zou zijn. Indien er een goed initiatief bestaat voor een hofje op een andere locatie zou dit ook een mogelijke aanvulling kunnen vormen op de bouwplannen voor Molenhoek Zuid. In G-1 is al ingaan op de mogelijkheid van een hofje. In het plangebied is ruimte voor openbaar groen voorzien.

Hoe deze ingericht gaan worden en of daar ruimte is voor een gemeenschappelijke tuin is op dit moment nog niet gedetailleerd uitgewerkt. Behouden van (een deel van) de volkstuinen is niet realistisch, deze zullen als geheel worden verplaatst. Voor de volkstuinen is de Cuijkse Steeg in beeld als alternatieve locatie.

G-3

H-1

Voor het realiseren van echte sociale huurwoningen wordt een partnerschap met woningcorporatie Destion voorgesteld. Andere partijen hanteren onder de noemer sociaal toch andere prijzen, waarmee de bereikbaarheid van sociale woningen niet voor alle doelgroepen goed is. In de visie wordt aangegeven dat met belanghebbende partijen is gesproken in het kader van participatie. Een groot deel van de gemaakte opmerkingen zijn verwerkt in de planvorming. In deze stelling herkenning indieners zich niet en voelen zich niet gehoord.

H-2

De gebiedsvisie is te druk. 255 woningen met zelfs een optie voor nog eens 20 appartementen is te veel.

H-3

In de concepten was voor de Spijkerweg gekozen voor een laanstructuur met enkele vrijstaande woningen, waarbij intensieve bebouwing en parkeerkoffers gecamoufleerd worden. In deze visie is dat beeld verdwenen. Ook wordt er gesproken van een auto te gast straat. Welke gevolgen heeft dit voor vuilnisophaal en hoe wordt er omgegaan met parkeren aan de Spijkerweg (negatieve parkeerbalans ‘wonen in de entreezone’.

7

Het uitgangspunt is 20% sociale huurwoningen in het plangebied. Uitgaande van 250 woningen worden er in dit plan 50 sociale huurwoningen toegevoegd. Daarbij gaat het om door de woningcorporatie Destion te realiseren sociale huurwoningen. Dit is ook met Destion besproken. Wij betreuren het dat de indieners zich hier niet in herkennen en zich niet gehoord voelen. Bij de totstandkoming van de visie is gekozen voor een startoverleg, waarbij het proces is besproken en de uitgangspunten die voor het gebied gelden uiteen zijn gezet. Daarbij is informatie opgehaald om dit om te zetten in scenario’s. Deze scenario’s zijn vervolgens september – oktober) met de direct betrokkenen en belanghebbenden besproken, waarbij sterke punten kanttekeningen zijn opgehaald. Dit is verder verwerkt tot de ontwerpgebiedsvisie die eind 2021 voor het brede publiek ter visie is gelegd. Daarbij is zo goed mogelijk recht gedaan aan de uitgangspunten voor de ontwikkeling en de opgehaalde inbreng. Daarbij dient aangemerkt te worden dat het altijd een afweging van belangen is, wat inhoud dat ingebrachte punten niet altijd als zodanig verwerkt kunnen worden. Het uitgangspunt van de gebiedsvisie is om de haalbaarheid van een woonwijk van ongeveer 250 woningen te onderzoeken. Daarbij is aandacht voor de kwaliteit van het gebied, met bijvoorbeeld voldoende ruimte voor groen en een gedifferentieerd woonprogramma.

Maar ook voor de wens om op korte termijn een bijdrage te kunnen leveren aan het woningtekort in de regio, met een wijk die haalbaar en realistisch is. Daarbij is het ook noodzakelijk om een financieel sluitend plan te maken. Vanuit deze achtergrond is het aantal van 250 woningen als passend maar ook noodzakelijk voor de locatie bevonden. Zie voor de totstandkoming van voorliggend schetsontwerp de beantwoording onder H-1. De definitieve inrichting van het gebied moet in de vervolgprocedure verder worden uitgewerkt. Daarbij zal ook gekeken worden naar een goede inpassing van parkeren en groen. Hoe bijvoorbeeld in het ophalen van huisvuil wordt voorzien kan op dit moment ook nog niet concreet worden benoemd. Gezien de breedte van de Spijkerweg, die als hoofddoel belangrijke langzaamverkeerverbinding krijgt wordt er aan de Spijkerweg geen langsparkeren gerealiseerd. Dit is niet

H-4

In de huidige berekening wordt 45% van de waterberging opgelost. Welke gevolgen heeft dit voor de bestaande woningen?

H-5

Er is veel aandacht voor het uitzicht van de nieuw te bouwen woningen. Hoe zit dit met de bestaande woningen? De afstand tot de woningen is beperkt en parkeerkoffers worden schijnbaar niet of nauwelijks door groen omsloten.

H-6

Het eigen woonperceel kent nu nog een bedrijfsbestemming. Wordt deze, zoals eerder aangegeven meegenomen als woonbestemming in het bestemmingsplan, ook in verband met de geldende richtafstanden.

I-1

Onzorgvuldig proces. Het huidige beleidskader ‘Structuurvisie Lierdal’ is in een zorgvuldig proces met inspraak van vele bewoners tot stand gekomen. Het wordt betreurt dat er nu voor een deel van het Lierdal wordt voorgesteld om een nieuwe, ingrijpende visie vast te stellen waarbij maar zeer beperkt consultatie heeft plaatsgevonden. Vaststelling moet gehaast plaatsvinden voordat de omgevingswet van kracht wordt, die sterk inzet op consultatie van burgers.

8

noodzakelijk en niet wenselijk. Voor de omliggende bebouwing is een aantal parkeerterreinen voorzien nabij de Spijkerweg. In het plangebied is voldoende ruimte voor parkeren voorzien. Ondanks dat er per zone verschil zit in het aandeel parkeren, zal overal in de nabijheid in voldoende parkeerruimte worden voorzien. In de huidige berekening is 45% van de waterberging aan de oppervlakte opgelost, dus met wadi’s. De rest zal op een andere wijze moeten worden geborgen, bijvoorbeeld door infiltratiekratten. Dit zal in de verdere procedure uitgewerkt worden. Er is getracht een wijk te schetsen met diverse woonmilieus. Daar waar mogelijk, zeker aan de randen van het gebied en aan de Maas, is sprake van een relatief vrij uitzicht. Midden in een woonwijk is dit moeilijker te realiseren. Er is zo goed mogelijk rekening gehouden met de bestaande woningen, door waar mogelijk een groenstrook toe te voegen of grondgebonden of patiowoningen in de nabijheid te plannen. Dit is niet overal mogelijk en de realisatie van een woonwijk in een gebied waar nu deels sprake is van weilanden heeft zonder meer consequenties voor het uitzicht van bestaande woningen. Bij de verder uitwerking van het plan en bij het opstellen van het bestemmingsplan wordt bezien of er aanpassingen mogelijk zijn om de bestaande woningen goed in te passen.

Bij de totstandkoming van de visie is naar het gehele gebied gekeken, inclusief de bestaande woningen en de aangrenzende uiterwaarden van de Maas. Het schetsontwerp richt zich nadrukkelijk op de nieuw te realiseren woonwijk. De bestaande woningen en aangrenzende percelen zijn daarbij niet ingekleurd. Dit houdt niet in dat deze percelen niet worden opgenomen in het bestemmingsplan. Daarbij zal ook gekeken worden of er aanpassing nodig is van bestaande bestemmingen. De betreffende woning wordt in dat opzicht in het bestemmingsplan meegenomen. Zie hiervoor ook de reactie onder H-1. Ondanks dat de beleving van indieners anders is, is nadrukkelijk gekozen voor een zorgvuldig proces, waarbij richting het ontwerp met de direct betrokken de plannen zijn toegelicht en besproken. Er is juist gekozen om eerst met de direct betrokken te praten, voordat het plan breder gecommuniceerd is middels de ontwerpvisie. De stelling dat er slechts beperkte consultatie heeft plaatsvinden wordt door ons niet onderschreven.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=MookenMiddelaar&id=73407076-9ebb-45f6-ade6-7066996e452f