Agendabundel
Tekst van het document
Voor de uitvoeringsfase zal een melding vanwege de stikstofdepositie gedaan moeten worden.
Pagina 26 van 31
Bestemmingsplan Reconstructie N271 Mook - Milsbeek
3.2.3. Ondergrondse kabels en leidingen Bij de uitvoering van de verwijderingswerkzaamheden in de ondergrond wordt rekening gehouden met de mogelijke aanwezigheid van kabels en leidingen in de ondergrond. Bij het uitvoeren van de reconstructie is er geen blijvende relatie met de ondergrondse kabels en leidingen van derden: uitgangspunt is dat voorkomen moet worden dat bij het uitvoeren van de werkzaamheden aanwezige ondergrondse kabels en leidingen worden beschadigd. Kabels en leidingen die in de nabijheid van de N271 aanwezig zijn, dienen in overleg met de beheerder beschermd te worden, dan wel verlegd te worden zodat deze beheerbaar blijven. In de vooroverlegfase over de reconstructie heeft ook overleg plaats gevonden met de beheerders van de kabels en leidingen. Als onderdeel van de uitvoering van de reconstructie worden de kabels en leidingen verlegd, zodanig dat deze ook in de toekomstige situatie ongestoord in de ondergrond kunnen liggen en voldoende bereikbaar zijn voor beheer en onderhoud. Er zijn geen kabels en leiding waarvoor een planologisch beschermingsregime moet worden opgenomen. Vanuit het aspect kabels en leidingen zijn er geen belemmeringen voor dit bestemmingsplan. 3.2.4. Verkeer en parkeren Het project heeft het verbeteren van de inrichting van de weg en de naastgelegen fietsverbindingen tot doelstelling.
De toekomstige inrichting van de weg bevordert de verkeersveiligheid. De maatregelen om de veiligheid te verbeteren betreffen het aanleggen van één breed fietspad aan de noordzijde van de N271 in plaats van de huidige smalle fietspaden aan beide zijden van de weg. Bij Plasmolen komt een pleisterplaats (informatiepunt met parkeervoorziening) en wordt de maximumsnelheid beperkt tot 50 km/uur. Op oversteekplaatsen komt een wachtmogelijkheid in het midden van de weg, zodat het oversteken in twee fasen mogelijk wordt. De inrichting van een parkeerterrein beperkt het parkeren in de berm op drukke dagen. Door de aanpassingen in de weginrichting treedt er geen verandering op in de verkeersstromen, er is geen sprake van een verkeersaantrekkende werking. De inrichting heeft een positief effect op de veiligheid. Bij de reconstructie is daarbij steeds gezocht naar een optimale inpassing in de bestaande omgeving, waarbij de aanwezige groene en landschappelijke waarden zoveel mogelijk behouden blijven. In de huidige situatie wordt er in drukke periodes geparkeerd in de wegberm. Dit is een ongewenste situatie, omdat dit risico en overlast oplevert. Op de locaties waar dit probleem zich voordoet wordt bij de herinrichting voorzien in extra parkeerplaatsen. Dit is in de nabijheid van de recreatieve trekkers en de horeca-voorzieningen in het plangebied.
De inrichting van de parkeergelegenheden ontmoedigt het gebruik van de parkeerplaatsen door vrachtwagens. Ter plaatse van de nieuwe parkeervoorziening zullen verkeersbewegingen optreden die in de huidige situatie niet aanwezig zijn. De effecten van deze verkeersbewegingen zijn beperkt en leveren geen significante wijziging van de geluidsemissie of luchtemissie op.
Pagina 27 van 31
Bestemmingsplan Reconstructie N271 Mook - Milsbeek
Enkel tijdens de feitelijke uitvoering van de werkzaamheden is tijdelijk sprake van verkeersbewegingen en parkeren. Vanuit het oogpunt van verkeer zijn er geen belemmeringen voor de uitvoerbaarheid van dit project. Het aspect verkeer en parkeren vormt geen belemmering. 3.2.5. Water In het plangebied is de dubbelbestemming Waterstaat – Waterbergend rivierbed overgenomen uit het bestemmingsplan Mookerplas e.o. Het plangebied is gelegen in de Lob van Gennep, een laaggelegen gebied tussen Gennep en Mook in de overgang van de Limburgse Maasvallei naar de Bedijkte Maas. Het gebied van 20 vierkante kilometer maakt deel uit van het waterbergend vermogen van het rivierbed. De Lob van Gennep wordt heringericht, waarbij de bescherming tegen hoogwater wordt verbeterd en de ruimtelijke kwaliteit wordt verbeterd. De impact van de reconstructie van de N271 is stapsgewijs in beeld gebracht via de stappen van bureauonderzoek, overleg met Rijkswaterstaat en waterschap, rapportage. De rapportage is opgenomen als bijlage bij deze toelichting: Reconstructie N271 – compensatie winterbed Maas,23 december 2020, versie 4.0. Door de reconstructie van de N271 neemt het ruimtebeslag in het winterbed toe. Door het aanbrengen van grond en bomen neemt het bergend vermogen van de Maas af. Op basis van het definitief ontwerp ontstaat een bergingsopgave van 37,5 m3.
Voor deze bergingsopgave wordt een compensatiemaatregel getroffen die dient plaats te vinden in een inundeerbaar gebied dat zich bevindt op het grondgebied van de gemeente Gennep. Het zoekgebied voor deze compensatie is opgenomen in de rapportage en besproken met Rijkswaterstaat. Ten behoeve van de bestemmingsplanprocedure is een watertoets opgesteld. In de watertoets zijn de verschillen inzichtelijk gemaakt tussen de bestaande situatie en het ontwerp, dat als grondslag voor dit bestemmingsplan dient. Binnen het plangebied zijn duikers en een beek gelegen. De duikers worden bij de reconstructie gehandhaafd en indien nodig onderhouden. De bevindingen uit de watertoets zijn opgenomen als bijlage bij dit bestemmingsplan: Memo Watertoets, kenmerk CA180019 d.d. 23 oktober 2018. Door te voldoen aan de compensatie zijn er voor het overige vanuit het aspect water geen belemmeringen.
Pagina 28 van 31
Bestemmingsplan Reconstructie N271 Mook - Milsbeek
3.3.
Economische en financiële aspecten
Ten aanzien van de uitvoerbaarheid van de beoogde reconstructie kan worden gesteld: Enkele gronden worden minnelijk verworven, zodat de gronden in eigendom van de gemeente zijn en het project gerealiseerd kan worden. De kosten van de aanleg en instandhouding van de N271 worden gedragen door provincie Limburg in haar rol van beheerder/eigenaar van de provinciale weg.Gelet op bovenstaande is het onderhavige plan economisch uitvoerbaar.
3.4.
Handhaafbaarheid
Het beleid en de doelstellingen van een bestemmingsplan kunnen alleen worden gerealiseerd wanneer ook daadwerkelijk gehandhaafd wordt. Dit houdt in ieder geval in dat regelmatig wordt gecontroleerd op illegale bouwwerken en gebruiksvormen en er tijdens bouwwerkzaamheden gecontroleerd wordt dat er gebouwd wordt overeenkomstig de verleende vergunning(en). De gemeente zal hiervoor zorgdragen. Deze werkzaamheden passen binnen het handhavingsbeleid van de gemeente en kunnen binnen de bestaande structuren worden uitgevoerd. De handhaving is gediend met een goede en duidelijke regeling. Dit voorkomt misverstanden en interpretatiekwesties. Om deze reden dienen regels bij het ruimtelijke besluit duidelijk geformuleerd te worden. Bovendien bevat de toelichting bij het ruimtelijke besluit een heldere beschrijving de bedoelingen van de regels.
Pagina 29 van 31
Bestemmingsplan Reconstructie N271 Mook - Milsbeek
4. JURIDISCHE PLANTOELICHTING 4.1.
Toelichting op de regels
Binnen deze bestemmingsplanprocedure is de doelstelling om de contouren van de enkelbestemming ‘Verkeer’ zodanig aan te passen, dat deze een passend kader vormt voor de reconstructie van de N271. De regels zijn, voor zover van toepassing op dit plangebied, inhoudelijk overgenomen uit het bestemmingsplan Mookerplas e.o. 1e herziening, dat voor het plangebied het vigerende kader vormt. Omdat het onderhavige plan niet tot doel heeft de beschermende werking van dubbelbestemmingen en gebiedsaanduidingen te veranderen, zijn deze een op een overgenomen uit het moederplan.
4.2.
Procedure
4.2.1. Te volgen procedure Het bestemmingsplan wordt na een voorbereidingsperiode, waarin afstemming met de omgeving heeft plaatsgevonden in de vorm van inloopavonden, nieuwsbrieven en overleggen, eerst als ontwerp bestemmingsplan vastgesteld en ter inzage gelegd. Daarna wordt het bestemmingsplan, na verwerking van de reacties op de terinzagelegging, vastgesteld door de gemeenteraad. Het vastgestelde bestemmingsplan wordt dan voor de tweede keer ter inzage gelegd, waarbij beroep tegen het plan kan worden ingesteld bij de Raad van State. 4.2.2. Zienswijzen Het ontwerpbestemmingsplan heeft zes weken ter inzage gelegen. Gedurende deze periode zijn 11 zienswijzen ontvangen.
Pagina 30 van 31
Bestemmingsplan Reconstructie N271 Mook - Milsbeek
5. BIJLAGEN
In deze toelichting wordt verwezen naar de volgende bijlagen. Deze bijlagen zijn tevens digitaal beschikbaar: Bijlage 1:
Verkennend bodemonderzoek: Milieutechnisch onderzoek reconstructie N271 (km117,6 – 122,2), MA1700004.012.R01.v.1.0, d.d. 21 december 2018
Bijlage 2:
Actualisatie onderzoek natuurwaarden N271, Mook - Middelaar, EA200061.R01 d.d 20 juni 2020
Bijlage 3:
Onderzoek Luchtkwaliteit N271 Milsbeek – Mook, M17 433.402.1, d.d. 22 november 2018
Bijlage 4:
Akoestisch onderzoek reconstructie N271 Milsbeek – Mook, M17 433.403.1, d.d. 14 december 2018
Bijlage 5:
Quick scan Externe Veiligheid N271 Milsbeek – Mook, M17 433.401.2, d.d. 14 december 2018
Bijlage 6:
Vooronderzoek Conventionele Explosieven, CA/VO-CE/018-10, d.d. 7 september 2018
Bijlage 7:
Reconstructie N271 – compensatie winterbed Maas, 26 mei 2020, versie 3.0
Bijlage 8:
Memo Watertoets, kenmerk CA180019 d.d. 23 oktober 2018
Bijlage 9:
Archeologisch onderzoek N271 Mook-Plasmolen, MA170006.041 d.d. 6 september 2018
Bijlage 10:
Voortoets en passende beoordeling voor project Reconstructie N271, Plasmolen, EA200061.R02, d.d. 14 augustus 2020
Pagina 31 van 31
1 Bp definitief Reconstructie N271 Mook - Milsbeek - Regels.pdf
NL.IMRO.0944.BPReconstructieN271-VA01
Regels Definitieve versie
Bestemmingsplan Reconstructie N271 Mook Milsbeek NL.IMRO.0944.BPReconstructieN271-VA01
28-01-2021
Pagina 1 van 18
NL.IMRO.0944.BPReconstructieN271-VA01
Hoofdstuk 1 Inleidende regels Artikel 1.
Begripsomschrijvingen
In deze regels wordt verstaan onder: 1.1.
Plan
Het bestemmingsplan ‘Reconstructie N271 Mook - Milsbeek’ met identificatienummer NL.IMRO.0944.BPReconstructieN271-ON01 van de gemeente Mook en Middelaar. 1.2.
Bestemmingsplan
De geometrische bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen. 1.3.
Aanduiding
Een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden. 1.4.
Aanduidingsgrens
De grens van een aanduiding indien het een vlak betreft. 1.5.
Archeologische waarde
De aan een gebied toegekende waarde in verband met de kennis en de studie van de in dat gebied voorkomende overblijfselen van menselijke aanwezigheid of activiteiten in het verleden. 1.6.
ASVV
Een door de CROW uitgebracht boek met aanbevelingen voor verkeersvoorzieningen. Het bevat aanbevelingen op alle mogelijke terreinen betreffende wegen binnen de bebouwde kom vanaf planvoorbereiding tot en met onderhoud, zoals dwarsprofielen, parkeervoorzieningen, verkeerdrempels, etc. 1.7.
Bebouwing
Eén of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 1.8.
Bestaand
Bestaand gebruik en bebouwing ten tijde van de inwerkingtreding van het bestemmingsplan, dat krachtens een voor dat tijdstip verleende bouwvergunning/omgevingsvergunning in uitvoering is of in uitvoering kan worden genomen. 1.9.
Bestemmingsgrens
De grens van een bestemmingsvlak. 1.10. Bestemmingsvlak Een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming. 1.11. Bouwen Het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van bouwwerken, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats.
28-01-2021
Pagina 2 van 18
NL.IMRO.0944.BPReconstructieN271-VA01
1.12. Bouwgrens De grens van een bouwvlak. 1.13. Bouwperceel Een aangesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten. 1.14. Bouwperceelsgrens De grens van een bouwperceel. 1.15. Bouwvlak Een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten. 1.16. Bouwwerk Elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond. 1.17. Bijbehorend bouwwerk Uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd gebouw, of ander bouwwerk, met een dak, waaronder tevens begrepen een overkapping. 1.18. Cultuurhistorische waarden De aan een bouwwerk of een gebied toegekende waarde, gekenmerkt door het beeld dat is ontstaan door het gebruik dat de mens in de loop van de geschiedenis heeft gemaakt van dat bouwwerk of dat gebied. 1.19.
Detailhandel Het bedrijfsmatig te koop of te huur of in lease aanbieden, waaronder de uitstalling ter verkoop, ter verhuur, ter leasing, het verkopen en/of leveren van goederen aan personen die deze goederen kopen respectievelijk huren voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit. 1.20. Evenement Een voor het publiek toegankelijke verrichting van vermaak op het gebied van sport, muziek, kunst, hobby, tuin, vrije tijd en sociaal-cultureel vlak. 1.21. Gebouw Een bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. 1.22. Kwaliteitsmenu Mookerplas en omgeving Aanvulling op de Structuurvisie Mookerplas en omgeving waarin een nadere gemeentelijke uitwerking wordt gegeven van het Limburgs kwaliteitsmenu, vastgesteld door de raad van de gemeente Mook en Middelaar d.d. 19 april 2012. 1.23. Landschappelijke waarde De aan een gebied toegekende waarde, die wordt bepaald door de aanwezigheid van de onderlinge samenhang en beïnvloeding van de niet-levende en levende natuur (met inbegrip van de mens).
28-01-2021
Pagina 3 van 18
NL.IMRO.0944.BPReconstructieN271-VA01
1.24. Natuurwaarde De aan een gebied toegekende waarde, die bepaald wordt door het voorkomen van planten en dieren die zichzelf onder invloed van klimaat, geomorfologie, bodemkundige en waterhuishoudkundige gesteldheid en al dan niet beïnvloed door menselijke aanwezigheid, instandhouden. 1.25. Nevengeschikt Activiteit die gelijk kan worden gesteld met de hoofdactiviteit. 1.26. Normaal onderhoud en beheer Werken/werkzaamheden die periodiek dienen te worden uitgevoerd ter instandhouding van de binnen een gebied aanwezige functies en waarden. 1.27. Ondergeschikt In aard en omvang of functioneel, ruimtelijk en/of architectonisch opzicht ten dienste van een hoofdfunctie/gebouw. In geval er onduidelijkheid is over ondergeschikt zijn van een activiteit kan een externe deskundige hierover advies geven. 1.28. Peil Voor bouwwerk op een perceel, waarvan de hoofdtoegang direct aan de weg grenst: de hoogte van de weg ter plaatse van die hoofdtoegang. Voor een bouwwerk op een perceel, waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: de gemiddelde hoogte van het afgewerkte aansluitende maaiveld. Indien in of op het water wordt gebouwd: de gemiddelde waterhoogte van het wateroppervlak. 1.29. POL Het Provinciaal Omgevingsplan Limburg (POL2014) is een plan op hoofdlijnen.
Het biedt een samenhangend overzicht van de provinciale visie op de ontwikkeling van de kwaliteitsregio Limburg, en de ambities, rol en werkwijze op een groot aantal beleidsterreinen. 1.30. Verbeelding De verbeelding van het bestemmingsplan 'N271 Mook - Milsbeek' bestaande uit de verbeelding en de legenda. 1.31. Waterhuishoudkundig Met betrekking tot de aanwezigheid van (natuurlijke) bronnen, kwel of natuurlijke stroming. 1.32. Waterkering Elke natuurlijke of kunstmatige begrenzing of afscheiding die het water in zijn loop tegenhoudt. 1.33. Waterkeringbeheerder De instantie die de waterkering exploiteert. 1.34. Weg Een voor het rij- en nader verkeer bestemde weg of pad, daaronder begrepen de daarin gelegen bruggen en duikers, de tot de weg of pad behorende bermen en zijkanten, alsmede de aan de weg liggende en als zodanig aangeduide parkeergelegenheden.
28-01-2021
Pagina 4 van 18
NL.IMRO.0944.BPReconstructieN271-VA01
Artikel 2.
Wijze van meten
Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1.
De dakhelling
Langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak. 2.2.
De goothoogte van een bouwwerk
Vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. 2.3.
De inhoud van een bouwwerk
Tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. 2.4.
De bouwhoogte van een bouwwerk
Vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 2.5.
De oppervlakte van een bouwwerk
Tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. 2.6.
De breedte van een bouwwerk
De afstand tussen de ene zijkant van een bouwwerk tot de andere zijkant. 2.7.
De diepte van een bouwwerk
De afstand tussen de voorgevel en de achtergevel. 2.8.
Afstand tot de bouwperceelsgrens
Tussen de grens van het bouwperceel en een bepaald punt van het bouwwerk, waar die afstand het kortst is. 2.9.
Ondergrondse bouwdiepte van een bouwwerk
Vanaf het bouwkundig peil tot het diepste punt van het bouwwerk, de fundering niet meegerekend.
28-01-2021
Pagina 5 van 18
NL.IMRO.0944.BPReconstructieN271-VA01
Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels Artikel 3. 3.1.
Verkeer
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Verkeer' aangewezen gronden zijn bestemd voor de aanleg en instandhouding van: a. b. c. d. e. f. g. h. i. j. k. 3.2.
wegen, straten en paden met hoofdzakelijk een verkeersfunctie; voet- en rijwielpaden; parkeervoorzieningen; waterhuishoudkundige voorzieningen; groenvoorzieningen; speelvoorzieningen; straatmeubilair; informatievoorzieningen voorzieningen van algemeen nut; waterstaatkundige kunstwerken (bruggen, sluizen waterkeringen, voorzieningen ten behoeve van veerdiensten e.d.); evenementen; Bouwregels
3.2.1. Gebouwen a. Er mogen uitsluitend gebouwen ten behoeve van voorzieningen van algemeen nut worden gebouwd. b. De bouwhoogte mag niet meer dan 3 meter bedragen. c. De oppervlakte van voorzieningen van algemeen nut mag niet meer dan 15 m² bedragen. 3.2.2. Bouwwerken, geen gebouwen zijnde a. De bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde (niet zijnde een overkapping), mag niet meer dan 5 meter bedragen. b. In afwijking van het bepaalde onder a. mag de bouwhoogte van lichtmasten niet meer dan 12 meter bedragen. 3.3.
Specifieke gebruiksregels
3.3.1. Evenementen Evenementen dienen aan de volgende regels te voldoen: a. de evenementen dienen te zijn toegestaan overeenkomstig de bepalingen in de Algemene Plaatselijke Verordening (APV); b. een evenement mag maximaal 15 aaneengesloten dagen duren, inclusief het opbouwen en afbreken van de voorzieningen ten behoeve van het evenement; c. er mogen niet meer dan 3 evenementen per jaar plaatsvinden; d. er mag geen horeca plaatsvinden, anders dan inherent aan het toegestane evenement; e. er mag geen detailhandel plaatsvinden, anders dan ondergeschikt en inherent aan het toegestane evenement, met uitzondering van vlooien- en/of rommelmarkten.
28-01-2021
Pagina 6 van 18
NL.IMRO.0944.BPReconstructieN271-VA01
Artikel 4. 4.1.
Waarde - Archeologie
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Waarde - Archeologie' aangewezen gronden zijn, naast de andere voor die gronden aanwezige bestemmingen, tevens bestemd voor de bescherming en het behoud van de op en/of in deze gronden voorkomende archeologische waarden. 4.2.
Bouwregels
4.2.1. Rapport archeologische waarden Ter plaatse van de voor 'Waarde – Archeologie' aangewezen gronden dient voor bouwwerken: a. In geval van nieuwbouw groter dan de oppervlakte in onderstaande tabel vermeld en die dieper gaan dan -0,4 meter beneden maaiveld; b. In geval van uitbreiding, met een uitbreiding groter dan de oppervlakte in onderstaande tabel vermeld en die dieper gaan dan -0,4 meter beneden maaiveld, bij de aanvraag om een omgevingsvergunning een rapport te worden overlegd waarin de archeologische waarden van de gronden die blijkens de aanvraag zullen worden verstoord, naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate zijn vastgesteld. Gebied* Gebieden met een zeer hoge archeologische waarde*
Diepte en oppervlakte Dieper dan 40 cm en met een oppervlakte groter dan 100 m2 Gebieden met een hoge archeologische waarde en Dieper dan 40 cm en met een oppervlakte groter dan 250 hoge archeologische verwachting* m2 Gebieden met een middelhoge archeologische Dieper dan 40 cm en met een oppervlakte groter dan 2.500 verwachting* m2 (*) zoals aangegeven op de in de bijlage 1 opgenomen gemeentelijke archeologische beleidskaart
4.2.2. Voorwaarden omgevingsvergunning Indien uit het onder 4.2.1 bedoelde rapport blijkt dat de archeologische waarden van de gronden door het verlenen van de omgevingsvergunning zullen worden verstoord, kunnen burgemeester en wethouders een of meerdere voorwaarden verbinden aan de omgevingsvergunning: a. De verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor archeologische waarden in de bodem kunnen worden behouden; b. De verplichting tot het doen van opgravingen; c. De verplichting de werken of werkzaamheden die leiden tot de bodemverstoring, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van archeologische monumentenzorg die voldoet aan burgemeester en wethouders bij de vergunning te stellen kwalificaties. 4.2.3. Afwijking Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde onder 4.2.1, indien de archeologische waarden van het terrein in andere beschikbare informatie afdoende is vastgesteld. 4.3. Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 4.3.1.
Verbod Het is verboden op of in deze gronden met de bestemming 'Waarde - Archeologie' zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning van het bevoegd gezag (Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werk, geen bouwwerk zijnde of van werkzaamheden) de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren:
28-01-2021
Pagina 7 van 18
NL.IMRO.0944.BPReconstructieN271-VA01
a. het veranderen van het huidige maaiveldniveau door ontginningen, bodemverlagen, egaliseren, afgraven, of ophogen; b. het rooien en/of aanbrengen van diepwortelende beplantingen en/of bomen; c. het uitvoeren van grondwerkzaamheden dieper dan 0,4 meter ten opzichte van het maaiveld, waartoe ook wordt gerekend woelen, mengen, diepploegen, aanleggen van drainage en ontginnen; d. het aanleggen van kabels en leidingen en de daarmee verband houdende constructies, installaties en apparatuur; e. het uitvoeren van werkzaamheden ter verlaging van de grondwaterstand. 4.3.2. Uitzonderingen Het verbod van 4.3.1 geldt niet voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden die: a. werken en/of werkzaamheden betreffen die niet dieper gaan dan -0,4 meter beneden maaiveld; b. behoren tot normaal onderhoud en beheer ten dienste van de bestemming; c. betrekking hebben op een oppervlakte kleiner dan de oppervlakte in onderstaande tabel vermeld; d. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het plan; e. reeds mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende vergunning. Gebied*
Diepte en oppervlakte
Gebieden met een zeer hoge archeologische Dieper dan 40 cm en met een oppervlakte groter waarde* dan 100 m2 Gebieden met een hoge archeologische waarde Dieper dan 40 cm en met een oppervlakte groter en hoge archeologische verwachting* dan 250 m2 Gebieden met een middelhoge archeologische Dieper dan 40 cm en met een oppervlakte groter verwachting* dan 2.500 m2 (*) zoals aangegeven op de in de bijlage 1 opgenomen gemeentelijke archeologische beleidskaart 4.3.3. Toelaatbaarheid werken of werkzaamheden De werken of werkzaamheden als bedoeld in 4.3.1 zijn slechts toelaatbaar, indien: a. geen onevenredige aantasting plaatsvindt van de belangen van de in 4.1 genoemde doeleinden; b. vooraf schriftelijk advies is ingewonnen bij de gemeentelijk archeoloog van de gemeente Mook en Middelaar. 4.4.
Wijzigingsbevoegdheid
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het plan te wijzigen in die zin, dat de bestemming 'Waarde - Archeologie' (geheel of gedeeltelijk) van de verbeelding wordt verwijderd, als op basis van archeologisch onderzoek, dat voldoet aan de normen van de archeologische beroepsgroep, geen archeologische waarden zijn vastgesteld. Alvorens een wijziging wordt uitgevoerd wordt advies ingewonnen bij de gemeentelijk archeoloog van de gemeente Mook en Middelaar.
Artikel 5. 5.1.
Waterstaat - Waterbergend rivierbed
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Waterstaat - Waterbergend rivierbed' aangewezen gronden zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemming, mede bestemd voor waterberging.
28-01-2021
Pagina 8 van 18
NL.IMRO.0944.BPReconstructieN271-VA01
5.2.
Bouwregels
Op de gronden zoals bedoeld in 5.1 mag niet worden gebouwd. 5.3.
Afwijken van de bouwregels
Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 5.2 en toestaan dat in overeenstemming met de andere bestemming wordt gebouwd, mits Rijkswaterstaat is gehoord en geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het belang van het waterbergend rivierbed. Hierbij wordt getoetst aan de volgende criteria: a. er is sprake van een zodanige situering en uitvoering van de activiteit dat het veilig functioneren van het waterstaatswerk gewaarborgd blijft; b. er is geen sprake van een feitelijke belemmering voor vergroting van de afvoercapaciteit; c. er is sprake van een zodanige situering en uitvoering van de activiteit dat de waterstandsverhoging of de afname van het bergend vermogen zo gering mogelijk is; en d. de resterende waterstandseffecten of de afname van het bergend vermogen worden duurzaam gecompenseerd, waarbij de financiering en de tijdige realisering van de maatregelen verzekerd zijn. 5.4. Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 5.4.1. Verbod Het is verboden op of in deze gronden met de bestemming 'Waterstaat - Waterbergend rivierbed' zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning (Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, of van werkzaamheden) de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a.
het veranderen van het huidige maaiveldniveau door ontginningen, bodemverlagen, egaliseren, afgraven, of ophogen; b. het verbreden, graven, uitdiepen en/of verleggen van waterlopen; c. het aanleggen of verharden van wegen, paden of parkeergelegenheden en het aanbrengen aan andere oppervlakteverhardingen; d. het rooien en/of aanbrengen van diepwortelende beplantingen en/of bomen. 5.4.2. Uitzonderingen op het aanlegverbod Het in artikel 5.4.1 opgenomen verbod geldt niet voor het uitvoeren van werken, of werkzaamheden: a. b. c. d.
die behoren tot normaal onderhoud en beheer ten dienste van de bestemming; die reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het plan; die reeds mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende vergunning; waarvoor de vereiste vergunning op grond van artikel 6.5 van de Waterwet is verleend, dan wel de daarvoor vereiste melding op grond van de Waterwet is gedaan.
5.4.3. Toelaatbaarheid werken of werkzaamheden De werken of werkzaamheden als bedoeld in artikel 5.4.1 zijn slechts toelaatbaar, indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het belang van het waterbergend rivierbed, gehoord Rijkswaterstaat. Hierbij wordt getoetst aan de volgende criteria: a. er is sprake van een zodanige situering en uitvoering van de activiteit dat het veilig functioneren van het waterstaatswerk gewaarborgd blijft; b. er is geen sprake van een feitelijke belemmering voor vergroting van de afvoercapaciteit; c. er is sprake van een zodanige situering en uitvoering van de activiteit dat de waterstandsverhoging of de afname van het bergend vermogen zo gering mogelijk is; en d. de resterende waterstandseffecten of de afname van het bergend vermogen worden duurzaam gecompenseerd, waarbij de financiering en de tijdige realisering van de maatregelen verzekerd zijn.
28-01-2021
Pagina 9 van 18
NL.IMRO.0944.BPReconstructieN271-VA01
Artikel 6. 6.1.
Waterstaat - Waterlopen
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Waterstaat - Waterlopen' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor bescherming, beheer en onderhoud van primaire wateren, zoals watergangen en regenwaterbuffers, overeenkomstig de Keur van het Waterschap. 6.2.
Bouwregels
6.2.1. Gebouwen en bijbehorende bouwwerken Op de voor 'Waterstaat - Waterlopen' aangewezen gronden mogen geen gebouwen en bijbehorende bouwwerken worden gebouwd. 6.2.2. Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Op de voor 'Waterstaat - Waterlopen' aangewezen gronden mogen uitsluitend worden gebouwd bouwwerken, geen gebouwen zijnde: a. van geringe omvang welke noodzakelijk zijn voor het beheer en onderhoud van primaire wateren, met dien verstande dat de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, maximaal 3,50 meter mag bedragen. 6.2.3. Afwijken van de bouwregels ten behoeve van het bouwen van bouwwerken Burgemeester en wethouders kunnen door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 6.2, ten behoeve van het bouwen van bouwwerken binnen de voor 'Waterstaat Waterlopen' aangewezen gronden, met dien verstande dat: a. het belang van het primaire water, gehoord het waterschap, niet onevenredig wordt aangetast; b. bebouwing mogelijk is op grond van de onderliggende bestemming.
28-01-2021
Pagina 10 van 18