CConstaterende datMontfoort
Koppel je AI →
Document · PDF

Nota van Zienswijzen

Raadsvergadering 13 november 2023, gemeente MontfoortBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststelling ruimtelijke kaders paardenhouderij gemeente Montfoort6.891 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota van zienswijzen Ontwerp beleidsnotitie “Ruimtelijke kaders paardenhouderij Gemeente Montfoort” 1. Inleiding Voor veel agrarische bedrijven is de paardenhouderij een interessante (neven)activiteit geworden; sommige agrarische bedrijven richten zich volledig op de paardenhouderij. Ook het aantal hobbymatige paardenhouders neemt toe. De ontwerp beleidsnotitie geeft regels voor bouw- en gebruiksmogelijkheden. Doel van de ontwerp beleidsnotitie is om verrommeling van het buitengebied tegen te gaan en om het gemeentelijke beleid beter te laten aansluiten op landelijke richtlijnen voor paardenhouderij. De ontwerp beleidsnotitie heeft zeven weken ter inzage gelegen, van 19 juli tot en met 5 september 2023. Dat is een week langer dan gebruikelijk, vanwege de zomervakantie. Een ieder is in de gelegenheid gesteld om een zienswijze kenbaar te maken op het ontwerpbestemmingsplan. De gemeente heeft belanghebbenden op meerdere manieren en momenten op de terinzagelegging geattendeerd: • Op 18 juli 2023 heeft er een publicatie plaatsgevonden in het Gemeenteblad en in de Openbare Bekendmakingen op de gemeentelijke website • Op 26 juli 2023 heeft een publicatie plaatsgevonden in het Gemeentenieuws in Het Kontakt Zenderstreeknieuws. • Op 30 augustus 2023 heeft nogmaals een publicatie plaatsgevonden in het Gemeentenieuws in Het Kontakt Zenderstreeknieuws.

• De eigenaren van Willeskop 77, 77A en 77c zijn per brief geïnformeerd. • De AVML, het LTO en de WSR zijn per mail bericht, met het verzoek aan AVML en LTO om hun leden te informeren. Binnen de gestelde termijn hebben drie partijen zienswijzen ingediend op de ontwerp beleidsnotitie: 1. Reclamant 1 (Willeskop 77c), zienswijze per post ontvangen op 30 augustus 2023 (zienswijze gedateerd 28 augustus 2023). 2. Reclamant 2 (Willeskop 77A), zienswijze per post ontvangen op 5 september 2023 (zienswijze gedateerd 4 september 2023). 3. Reclamant 3 (Willeskop 77), zienswijze per post ontvangen op 4 september 2023 (zienswijze gedateerd 27 augustus 2023). De ontwerp beleidsnotitie is daarnaast voor overleg toegestuurd aan: • Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden • Provincie Utrecht • Werkgroep Behoud Lopikerwaard We hebben een informele reactie ontvangen van de Werkgroep Behoud Lopikerwaard. Deze reactie was niet bedoeld als zienswijze en wordt dan ook niet hieronder weergegeven. We hebben de reactie wel ambtshalve betrokken bij het opstellen van de definitieve versie van de beleidsnotitie. In hoofdstuk 2 van deze Nota worden de zienswijzen samengevat en wordt (per deelreactie) aangegeven in hoeverre dit al dan niet heeft geleid tot aanpassing van de beleidsnotitie.

Om te zorgen voor een volledige en overzichtelijke beantwoording hebben alle inhoudelijke punten in onderstaande tabel een eigen nummer gekregen. Hierbij zijn per reclamant de zienswijzen met aanvullingen samengevoegd en is niet noodzakelijkerwijs dezelfde nummering gehanteerd als in de zienswijzen. Hoofdstuk 3 van deze nota beschrijft de belangrijkste ambtelijke wijzigingen die zijn aangebracht in de beleidsnotitie ten opzichte van het ontwerp. De ambtelijke wijzigingen vloeien onder meer voort uit commentaar dat wij ontvingen van bureau Mees Ruimte & Milieu. De gemeente heeft dit bureau ingehuurd om het beleid te vertalen naar een herziening van het bestemmingsplan voor het buitengebied. Ook zijn er enkele wijzigingen aangebracht op advies van de ODRU.

1

2. Samenvatting zienswijzen Reclamant 1 Inhoud deelreactie 1 We zijn blij met de ruimtelijke kaders. 2 In de ontwerp beleidsnotitie staat voor verlichting van rijbakken een tijdslimiet van 08.00 tot 20.00. Graag zouden we dit iets willen verruimen naar bv 07.00 tot 22.00. Of evt, van 08.00 tot 22.00. Dit omdat degenen die een baan hebben naast de paarden ook de mogelijkheid moeten krijgen om na hun werk te kunnen rijden, anders is het voor deze groep mensen niet meer mogelijk in de wintermaanden. Dit geldt dus alleen voor de wintermaanden, in de zomer maanden is er geen verlichting nodig. 3

In de ontwerp beleidsnotitie staat: Over het algemeen zijn paardenbakken niet gedraineerd. Dit is niet juist. Paardenbakken zijn juist wel gedraineerd. Dit omdat het modderig wordt, dus glad, en er plassen in komen. Dit levert gevaar op voor paard en ruiter. Een goede paardenbak heeft verschillende lagen van mengsel, met daarin drainage. Een gemiddelde paardenbak kost € 15.000. Hieraan vereist goed onderhoud. Dus regelmatig slepen, en zeker direct de mest eruit halen. Dit laatste is zeer belangrijk. Anders lopen de paarden dit door de bak heen en slibt de drainage dicht. Dus afvoer van schadelijke stoffen is niet mogelijk. Wat eerder in een weiland vol paarden zou gebeuren. Deze kunnen evt. direct langs een sloot lopen.

Beantwoording Dat is goed om te vernemen. Deze zienswijze is gegrond. We hebben in de aangepaste beleidsnotitie een tijdslimiet aangegeven van 7.00 uur tot 22.00 uur. Dit komt overeen met de tijden die zijn opgenomen in het geldende bestemmingsplan voor het buitengebied. Om lichthinder in natuurgebieden te voorkomen, worden geen lichtmasten toegestaan binnen 100 meter van gebieden met de bestemming Natuur of Bos en/of de gebiedsaanduiding Stiltegebied.

Deze zienswijze is gegrond. In onze klei- en veenbodem is drainage noodzakelijk omdat een bak anders een groot deel van het jaar onbruikbaar is. Drainage is ook wenselijk in het kader van dierenwelzijn: wanneer een paard lang in modder/ plassen staat, ontstaan problemen aan de hoeven en op stal houden is in het kader van dierenwelzijn juist ongewenst. We hebben dit dan ook aangepast in de beleidsnotitie. Wel is er voor de aanleg van drainage een vergunning nodig. Bij de beoordeling wordt getoetst of de drainage in combinatie met de bakvulling niet leidt tot afvoer van schadelijke stoffen richting het afvoerwater en/of tot wateroverlast. Stoffen in de bodem (grond en grondwater) kunnen zich overigens wel verder verspreiden, zo ook een bodemverontreiniging. Wanneer er zand met bijv. een gehalte aan minerale olie wordt toegepast, of een schadelijke bouwstof die langzaam uit elkaar valt, is er sprake van een bodemverontreiniging. Het gaat hier niet (alleen) over stoffen uit mest.

Conclusie beantwoording reactie 1 De tekst in de beleidsnotitie over tijdslimieten voor verlichting en over drainage is gewijzigd ten opzichte van het ontwerp. Reclamant 2 Inhoud deelreactie 1. Nut, noodzaak en behoefte zijn niet onderzocht. In de beleidsnotitie wordt het toetsingskader voor ruimtelijke ordening binnen de gemeente gegeven voor de 2

Beantwoording De doelen van dit beleidsstuk zijn: • Het landschappelijk karakter met de lintbebouwing zoveel mogelijk in stand te laten waarbij de zichtlijnen in stand blijven.

gebruiksmogelijkheden en de toegestane bouwwerken voor de paardenhouderij. Qua gebruiksmogelijkheden wordt de deur wijd opengezet: in beginsel wordt binnen beide agrarische bestemmingen alles met paarden toegestaan: pension, opfok, africhten, handelsstal etc. met uitzondering van maneges. Dit gaat veel te ver en is een trendbreuk met het huidige beleid waarin binnen de agrarische bestemmingen uitsluitend het fokken van paarden wordt toegestaan. Als onderbouwing voor deze grote beleidswijziging wordt gewezen op het rapport van de VNG en er zou bedrijfseconomische behoefte zijn. Echter uit de beleidsnotitie blijkt niet dat deze uitbreiding ook nodig en gewenst is in de gemeente Montfoort. Waar en bij wie de economische behoefte bestaat, is niet duidelijk. In de beleidsnotitie ontbreekt cruciale data, zoals data vanuit de kamer van koophandel (en RVO) over het aantal paardenhouderijen, pensionstallingen etc. in de gemeente. 2.

Reclamant stelt dat de VNG-brochure geen bindend uitgangspunt is en dat andere tussenwegen mogelijk zijn waarbij wel afbakening plaatsvindt en regie gehouden wordt. Reclamant wijst op het Bestemmingsplan Landelijk gebied van de gemeente Lopik dat vorig jaar is vastgesteld. Daarin wordt binnen de agrarische bestemming geen paardenhouderij toegestaan, tenzij daarvoor een functieaanduiding is opgenomen. Binnen de specifieke aanduiding ‘grondgebonden landbouw’ is alleen een paardenfokkerij toegestaan. Met een specifieke aanduidingen kan paardenpension en veehandelsbedrijf worden toegestaan. Als nevenactiviteit wordt een paardenstalling/-houderij toegestaan zonder binnenrijbaan. Als bijlage zijn de artikelen 1.4, 1.71, 3.1, 3.5.2 en 16 van dit bestemmingsplan bijgevoegd. Een vergelijkbare wijze van bestemmen is opgenomen in het bestemmingsplan landelijke gebied van de gemeente Oudewater (BP LG Oudewater& Willeskop – 1e herziening).

• • •

Verrommeling door paardenhouderijactiviteiten in het buitengebied tegen te gaan. Het gemeentelijke beleid beter te laten aansluiten op de VNG-richtlijn ‘Paardenhouderij in het omgevingsrecht’. Een uniform toetsingskader voor ruimtelijke ordening te hebben.

Nut en noodzaak om verrommeling van het landschap te voorkomen zijn evident. Het is ook evident dat we een uniform, duidelijk en uitvoerbaar ruimtelijk toetsingskader nodig hebben. Bijvoorbeeld uit oogpunt van handhaving. Deze beleidsdoelen vergen geen diepgaand lokaal economisch onderzoek. Er is begin 2022 ten behoeve van een eerdere (niet vastgestelde) beleidsnotitie een quickscan gedaan waaruit bleek dat er binnen de bestemmingen Agrarisch en AgrarischRivierzone 5 bedrijfsmatige paardenhouderijen aanwezig zijn. Bij 4 daarvan is er naast paardenfokkerij tevens sprake van een pensionstal en/of een handelsstal. Er zijn ongeveer 27 hobbymatige paardenhouderijen. Gemeenten hebben een grote mate van beleidsvrijheid in hun bestemmingsplannen. Gemeenten zijn inderdaad niet verplicht om de VNG-richtlijnen over te nemen of om dezelfde bestemmingsplanregels te hanteren als andere gemeenten. De gemeente Montfoort kiest ervoor om zoveel mogelijk de definities uit de VNGrichtlijnen te volgen. We merken hierbij overigens op dat de gemeente Oudewater paardenhouderij definieert als ‘een bedrijf dat uitsluitend is gericht op het houden, stallen of africhten van paarden, alsmede de handel in paarden’. De gemeente Oudewater staat dus ook naast fokkerijen handelsstallen toe.

Naar aanleiding van deze zienswijze hebben we besloten om in de beleidsnotitie pensionstallen als hoofdactiviteit niet rechtstreeks toe te staan binnen de bestemmingen ‘Agrarisch’ of ‘Agrarisch – Rivierzone’, maar alleen via een afwijkingsbevoegdheid of aanduiding voor gebruiksgerichte paardenhouderij. Pensionstallen staan we – net als in het geldende bestemmingsplan – wel toe als nevenactiviteit bij een productiegerichte paardenhouderij. Tot slot merken we op dat deze beleidsnotitie geen directe juridische gevolgen heeft. Er wordt momenteel een 2e herziening van het bestemmingsplan Buitengebied 2012 voorbereid, waarin (onder meer) deze beleidsnotitie zal worden vertaald naar nieuwe planregels. Niet alle

3

3.

4

Ook is niet bekend wat de impact van deze uitbreiding zal zijn op woningen, agrarische bedrijven en de natuur (t.a.v. stikstof etc.) in het buitengebied. In de beleidsnotitie wordt gewezen op verrommeling van het buitengebied, echter dit is één aspect dat zeer zeker aan de orde is. Geluid, licht en parkeeren verkeersproblematiek is ook aan de orde. Dit wordt in de beleidsnotitie onvoldoende onderkend en wordt alleen genoemd bij de bouwmogelijkheden. Drukte en verrommeling zal toenemen, bijvoorbeeld omdat het mogelijk wordt om paardenbakken buiten het bouwvlak bij agrarische bouwvlakken toe te staan met lichtmasten.

4.

Ook is in de beleidsnotitie opgenomen dat bij paardenhouderijen een woning wordt toegestaan. Ook dit zal impact hebben op naastgelegen agrarische bedrijven. De noodzaak om ‘standaard’ een woning bij een paardenhouderij toe te staan, is echter niet aangetoond.

5.

Verder is aangegeven dat mestopslag wordt toegestaan, echter daarbij is niet de voorwaarde gesteld dat de opslag binnen het bouwvlak moet zijn gesitueerd.

elementen uit de beleidsnotitie lenen zich ervoor om vast te leggen in bestemmingsplanregels. Andersom is niet uit te sluiten dat sommige formuleringen bij de juridische vertaling in bestemmingsplanregels nog licht worden aangescherpt of aangepast. De bestemmingsplanherziening is juridisch bindend en daartegen staan de gebruikelijke rechtsmiddelen open. De beleidsnotitie staat alleen bedrijfsmatige of hobbymatige paardenhouderijen toe op locaties waar ze volgens het geldende bestemmingsplan al zijn toegestaan. Er vindt in dat opzicht totaal geen uitbreiding plaats. Het geldende bestemmingsplan voor het buitengebied biedt al de mogelijkheid om via een aanduiding paardenbakken en andere aan paardensport gerelateerde voorzieningen te realiseren buiten het bouwvlak. In het nieuwe beleid is een restrictie toegevoegd, namelijk dat aanduidingen voor paardenbakken en bijbehorende voorzieningen alleen aangrenzend aan een agrarisch bouwvlak worden toegestaan, dus niet solitair in het landschap. Bij het oprichten of wijzigen van een paardenhouderij kan het nodig kan zijn om (door middel van een AERIUS-berekening) inzichtelijk te maken of stikstofdepositie kan optreden. Als dat het geval mocht zijn, dan is het noodzakelijk om een vergunning (Wnb) aan te vragen bij de provincie. De regeling voor agrarische bedrijfswoningen in het bestemmingsplan wordt niet gewijzigd.

Het blijft zo dat er per agrarisch bouwperceel maximaal één bedrijfswoning wordt toegestaan. Van belang is echter dat een volgens het bestemmingsplan toegestane bedrijfswoning alleen mag worden gebouwd of herbouwd als er wordt voldaan aan de voorwaarde dat “de woning bedoeld is voor de huisvesting van (het huishouden van) een persoon wiens huisvesting daar gelet op de bedrijfsvoering noodzakelijk is”. De gemeente moet dit volgens jurisprudentie (ECLI:NL:RVS:2014:4746) bij een vergunningaanvraag toetsen. Het beleidsuitgangspunt dat een bedrijfswoning bij een paardenhouderij wenselijk is, is enkel relevant voor deze noodzakelijkheidstoets. Kortom, we creëren geen nieuwe bouwrechten voor agrarische bedrijfswoningen, maar zullen wel bij de toetsing aan bestaande bouwrechten rekening houden met de wenselijkheid om bij een paardenhouderij te wonen. We hebben dit in de beleidsnotitie verduidelijkt. Binnen agrarische bestemmingen geldt nu al dat mestbassins alleen in het bouwvlak mogen worden gebouwd. Dit geldt zowel voor

paardenhouderijen als voor andere veehouderijen. Dit is en blijft zo.

6.

Reclamant voorziet dat bij de gebruiksfuncties zoals een paardenpension verblijfsruimtes zullen komen die mogelijk onder de bescherming van geurregelgeving vallen met alle nadelige gevolgen van dien voor een naastgelegen agrarisch bedrijf. Dit zal nieuwe onverkwikkelijke overlast- en handhavingsdiscussies gaan geven.

7.

Productiegerichte paardenhouderij is nu reeds toegestaan in het vigerende bestemmingsplan voor het buitengebied en dan binnen de agrarische bestemmingen. Echter, in de beleidsnotitie wordt voorgesteld om dit begrip uit te breiden en o.a. handel en recreatie met paarden als hoofdfunctie toe te voegen. Daarmee wordt een wezenlijk ander gebruik geheel binnen de agrarische bestemmingen gebracht, namelijk sport, recreatie en handelsactiviteiten. Gesteld wordt dat maneges worden uitgezonderd omdat daarvan onwenselijke drukte wordt verwacht. Echter, door alle varianten van paardenhouderij op een agrarisch perceel toe te staan, ontstaat per saldo een soortgelijk bedrijf als een manege met vergelijkbare drukte.

We willen gebruiksgerichte paardenhouderij niet ‘zomaar’ toestaan en hebben de beleidsnotitie aangescherpt door: • Behalve maneges ook geen verenigingsaccommodaties toe te staan binnen agrarische bestemmingen. • Pensionstallen als hoofdactiviteit binnen agrarische bestemmingen alleen toe te staan via een afwijking of aanduiding voor een gebruiksgerichte paardenhouderij, waardoor per locatie kan worden afgewogen of dergelijk gebruik passend is.

In de beleidsnotitie staat dat dit gebruik nu niet mogelijk zou zijn en dat dit niet aansluit bij het huidige gebruik waarbij sprake is van mengvormen. Echter het vigerende bestemmingsplan voorziet hier wel in. Binnen de bestemming Agrarisch (artikel 3) is bijv. een paardenbak als specifieke aanduiding mogelijk (artikel 3.1 onder n) en als nevenfuncties is het

Met het voorgestelde beleid en de wijzigingen ten opzichte van de ontwerp beleidsnotitie houdt de gemeente regie op gebruiksgerichte paardenhouderij, manegeactiviteiten, het realiseren van paardenbakken etc. Alleen wordt de definitie van een productiegerichte paardenhouderij in overeenstemming gebracht met de landelijke VNG-richtlijn.

8.

5

We hebben in de beleidsnotitie verduidelijkt dat mestopslag moet plaatsvinden binnen het bouwvlak. Zoals onder punt 2 vermeld, hebben we naar aanleiding van uw zienswijze besloten om in de beleidsnotitie pensionstallen als hoofdactiviteit niet rechtstreeks toe te staan binnen de bestemmingen ‘Agrarisch’ of ‘Agrarisch – Rivierzone’, maar alleen via een afwijkingsbevoegdheid of aanduiding voor gebruiksgerichte paardenhouderij. Hierbij zullen we geen verblijfsruimtes toestaan die onder de bescherming van geurregelgeving vallen. We hebben dit in de beleidsnotitie verwerkt.

We zijn echter met de VNG van mening dat er geen goede redenen zijn om binnen een productiegerichte paardenhouderij wél fokkerijen toe te staan, maar niet andere op het voortbrengen van producten gerichte paardenhouderijen, zoals hengstenhouderijen, paardenmelkerijen, africhtingsstallen, handelsstallen etc. We willen de sector geen onnodige economische beperking opleggen en gaan daarom mee in de ruimere definitie uit de VNG-richtlijn. Bovendien is binnen de agrarische bestemmingen nu al een variatie aan agrarische activiteiten toegestaan, waaronder bijvoorbeeld fruitteelt en sierteelt. Al deze activiteiten verschillen onderling qua verkeersprofiel. Deze verschillen zijn niet van dien aard dat dit een verbod rechtvaardigt.

africhten van paarden en paardenstalling/-houderij toegestaan tot een bepaaldeoppervlakte. Ook is het als vervolgfunctie mogelijk een paardenstalling te bestemmen (artikel 3.7.5). Voor de bestemming AgrarischRivierzone geldt naast gelijke bepalingen als voornoemd dat een paardenstalling ook als specifieke aanduiding bestemd kan worden (artikel 4.1 onder o). Het huidige bestemmingsplan voorziet derhalve in voldoende mogelijkheden om bepaald gebruik ook te bestemmen en houdt daarin regie. Dit in tegenstelling tot het voorgestelde beleid waarin alles wordt toegestaan met uitzondering van maneges. Het ontgaat reclamant waarom nu gelijk voor alle agrarische percelen dit toegestaan zou moeten worden. Pensionstalling en paardenhandel en recreatie is een wezenlijk andere bestemming dan een agrarische bestemming. Dat dient niet allemaal mogelijk te worden gemaakt binnen de bestaande agrarische percelen. 9.

10.

6

Paardenhandel wordt als hoofdfunctie volledig toegestaan binnen beide agrarische bestemmingen. Op alle boerderijen kan dus een paardenhandel gestart worden. Het ontgaat Mts. Lekkerkerker waarom dit voor paardenhandel wordt toegestaan, terwijl veehandel binnen de agrarische bestemmingen alleen als nevenfunctie of met een specifieke aanduiding is toegestaan. Waarom paardenhandel wel en veehandel niet volledig worden toegestaan, is onduidelijk. In de beleidsnotitie lijkt niet onderkend te worden wat de negatieve impact van een paardenhandel is op de omgeving. Paardenhandel geeft veel transportbewegingen en betekent een groot risico op de verspreiding van dierziektes. In de huidige paardenhandel worden veelal paarden aangekocht uit Spanje, Ierland, Roemenië etc. en via o.a. Marktplaats.nl worden deze paarden doorverkocht. Dieren in de omgeving worden dan ziek. Ook betekent paardenhandel een toename qua drukte aan verkeer, omdat de aan- en afvoer van dieren en het komen en gaan van (potentiële) klanten veel verkeer en geluid oplevert.

In tegenstelling tot de handel in vee en andere veesoorten worden paarden langer aangehouden en niet direct doorverkocht of naar de slacht gebracht. Een handelsstal doet veelal eerst aan waardevermeerdering voordat een paard weer doorverkocht wordt.

Dierziektes kunnen helaas bij elk soort veehouderij voorkomen. Voor paarden geldt dit wanneer ze in contact met elkaar komen of binnen een zelfde stalgebouw staan zonder goede luchtventilatie. Er zijn ons geen onderzoeken bekend waaruit blijkt dat paarden die niet met elkaar in contact komen toch ziektes overdragen. Met andere woorden, de kans dat dierziektes in de omgeving worden verspreid is bij een paardenhandelsstal niet groter dan bij een andere vee- of paardenhouderij. Zoals vermeld onder 9 is binnen de agrarische bestemmingen nu al een variatie aan agrarische activiteiten toegestaan, waaronder bijvoorbeeld fruitteelt en sierteelt. Al deze activiteiten verschillen onderling enigszins qua verkeersprofiel. Er zijn ons geen onderzoeken

11.

In de beleidsnotitie staat dat handhaving beter kan plaatsvinden als duidelijke kaders worden gesteld. Handhaving zal niet meer aan de orde zijn omdat alles qua gebruik (paardenfokken, -africhten, lesrijden, paardenhandel en pensionstalling) wordt toegestaan, met uitzondering van maneges. Op deze wijze wordt al het gebruik dat op perceel Willeskop 77c nu illegaal plaatsvindt alsnog toegestaan met alle nadelige consequenties van dien voor reclamant.

bekend waaruit blijkt dat een paardenhandelsstal onevenredig veel meer verkeer veroorzaakt dan andere toegestane agrarische activiteiten. We willen onze beschikbare handhavingscapaciteit doelmatig inzetten, zodat we prioriteit kunnen geven aan overtredingen met ernstige maatschappelijke gevolgen. Het inzetten van handhavingscapaciteit op activiteiten die passen in landelijke VNG-richtlijnen voor paardenhouderij vinden wij een verkeerde besteding van gemeenschapsgeld.

Conclusie beantwoording reactie 2 De zienswijze leidt tot aanpassingen en verduidelijkingen in de beleidsnotitie: • Behalve maneges staan we ook geen verenigingsaccommodaties toe binnen agrarische bestemmingen. • Pensionstallen worden als hoofdactiviteit niet rechtstreeks toegestaan binnen de bestemmingen ‘Agrarisch’ of ‘Agrarisch – Rivierzone’, maar alleen via een afwijkingsbevoegdheid of aanduiding voor gebruiksgerichte paardenhouderij. • Mestbassins mogen alleen in het bouwvlak worden gebouwd. • We creëren geen nieuwe bouwrechten voor agrarische bedrijfswoningen, maar we houden bij de toetsing aan bestaande bouwrechten rekening met de wenselijkheid om bij een paardenhouderij te wonen. • We staan geen verblijfsruimtes toe die onder de bescherming van geurregelgeving vallen. Reclamant 3 Inhoud deelreactie 1. De gemeente heeft al die jaren terecht en bewust geregeld dat alleen fokkerijen binnen de bestemmingen Agrarisch en Agrarisch-Rivierzone zijn toegestaan.

7

2.

Bestemmingsplan Willeskop 77 en 77c is niet voor niks terecht weggestemd door de gemeenteraad van Montfoort. Misdaad wordt beloond op deze manier.

3.

Graag het beleid aanscherpen zodat paardenbakken niet buiten het bouwvlak mogen worden aangelegd.

4.

Ga handhaven in plaats van legaliseren. En illegaal gebouwde versteningen, parkeerplaatsen, longeercirkels, versteende paddocks en zand paddock

Beantwoording De geldende bestemmingsplanregels voor het buitengebied en de Beleidsnotitie Hippische Sector dateren uit 2012. Het is niet meer dan normaal dat keuzes van destijds na zoveel jaar opnieuw worden bekeken. Wij zijn van mening dat het beleid van destijds niet meer voldoet. Deze beleidsnotitie gaat over alle paardenhouderijen in de gemeente Montfoort, niet over specifieke locaties. We zullen dan ook slechts beperkt ingaan op uw opmerkingen over Willeskop 77 en 77c. De Beleidsnotitie Hippische Sector Gemeente Montfoort 2012 en het geldende bestemmingsplan bieden al de mogelijkheid om een paardenbak buiten het bouwvlak toe te staan vanwege de gewenste flexibiliteit in de agrarische bedrijfsvoering. We vinden het niet gewenst om dit volledig uit te sluiten, wel geeft het nieuwe beleid duidelijker aan wat de randvoorwaarden zijn. Er wordt alleen medewerking verleend als de openheid van het landschap niet wordt aangetast. We gaan in de beleidsnotitie en de nota van zienswijzen niet in op een individuele handhavingskwestie.

5.

8

per direct weghalen. Het is allemaal willekeur en met 2 maten meten, doe je plicht als gemeente. Door alles maar toe te staan ontstaat er juist meer verrommeling van geen paardenbedrijven naar gewoon op elke plek waar je genoeg m2 hebt een paardenbedrijf een dekstation beginnen of een pensionstal beginnen. Dat is te gek voor woorden. De koeien, varkens etc worden gedwongen uitgekocht, door ook de tweede kamer maar je gaat er wel meer stikstof paarden naar Montfoort halen, dat moet toch niet de bedoeling zijn.

6.

Waarom hebben jullie in WSR zoveel geld geïnvesteerd als gemeente? Om daarna hun financieel naar beneden te trekken want als je overal een pensionstal kan beginnen met complete paardenbakken binnen en buiten alle andere voorzieningen dan gaat o.a. de WSR heel veel klanten verliezen en naar de knoppen.

7.

Maar ook de omliggende steden, dorpen zitten daar niet op te wachten, de hengstenhouders, dekstations kunnen nu al moeilijk rondkomen en gaan failliet, die zitten niet te wachten op meer concurrentie en zeker geen handelaren die ziektes inslepen, zowel voor mens als dier gevaarlijk. volgens de RVO hoefje als handelaar niets te registreren dus kun je als gemeente op dit punt ook niet te handhaven.

In het bestemmingsplan Buitengebied 2012 met latere herzieningen is vastgelegd dat bedrijfsmatige paardenhouderijen zich mogen vestigen binnen de bestemmingen Agrarisch- en Agrarisch – Rivierzone. Hobbymatige paardenhouderijen mogen zich vestigen binnen de bestemmingen Wonen en Tuin. Dit blijft zo, we streven niet naar een planologische toename. De beleidsnotitie staat alleen bedrijfsmatige of hobbymatige paardenhouderijen toe op locaties waar ze volgens het geldende bestemmingsplan ook al zijn toegestaan. Daarnaast moet elk te vestigen agrarisch bedrijf binnen natuur- en milieuregels passen. Bij het oprichten of wijzigen van een paardenhouderij kan het nodig kan zijn om (door middel van een AERIUS-berekening) inzichtelijk te maken of stikstofdepositie kan optreden. Als dat het geval mocht zijn, dan is het noodzakelijk om een vergunning (Wnb) aan te vragen bij de provincie. Dit geldt echter ook voor elk ander agrarisch bedrijf dat zich volgens het bestemmingsplan ergens mag vestigen. We hebben naar aanleiding van de zienswijzen besloten om pensionstallen als hoofdactiviteit niet rechtstreeks toe te staan binnen de bestemmingen ‘Agrarisch’ of ‘Agrarisch – Rivierzone’, maar alleen via een afwijkingsbevoegdheid of aanduiding voor gebruiksgerichte paardenhouderij. Dit betekent dat er voor het vestigen van een pensionstal een aanvraag moet worden ingediend.

Het gemeentebestuur beoordeelt dan of een pensionstal op een bepaalde plek aanvaardbaar is. Het kan dus niet overal. Pensionstallen staan we – net als in het geldende bestemmingsplan – wel toe als nevenactiviteit bij een productiegerichte paardenhouderij. Dat is nu ook al zo. Het beleid gaat dus niet ten koste van de WSR. We vinden het niet juist om de gebruiksmogelijkheden van agrarische gronden te beperken zolang daar ruimtelijk gezien geen reden voor is. Ruimtelijke ordening is niet bedoeld om concurrentie tegen te gaan. Dierziektes kunnen helaas bij elk soort veehouderij voorkomen. Voor paarden geldt dit wanneer ze in contact met elkaar komen of binnen een zelfde stalgebouw staan zonder goede luchtventilatie. Er zijn ons geen onderzoeken bekend waaruit blijkt dat paarden die niet met elkaar in contact komen toch ziektes overdragen. Met andere woorden, de kans dat dierziektes in de omgeving worden verspreid is

8.

9.

10.

11.

12.

13.

14.

9

Als de gemeente al jaren 1 illegaal paardenbedrijf op Willeskop 77c, voorheen nr.77 niet eens goed kan handhaven d.m.v. goede controles. Hoe wil je dan als gemeente al die extra paardenbedrijven die maar gewoon alles mogen, met hoe dit zo is opgesteld, wel kunnen handhaven. Het beleid leidt tot meer rood voor groen en meer versteningen. VNG richtlijnen zijn voornamelijk gericht op het grote Brabant, Drenthe en Friesland, niet op het kleine Montfoort. Het is geen verplichting om alles klakkeloos over te nemen. Zelfs bij ons buren in Lopik denken ze helder na, en kan je niet zomaar een paardenbedrijf opzetten met alles erop en eraan. Dit paardenbeleid is zo opgesteld dat als je weiland hebt maar niet groot genoeg als bouwkavel hebt je alsnog alles mag bouwen en zonder pardon wordt je bouwkavel vergroot. Moet je eens proberen als je een koeienboer bent of als je een groot gezin hebt of als je een garage wilt voor je auto en dus vergoten wilt, nou vergeet het maar. Dat mag niet zomaar. Op pagina 4 wordt geschreven dat alleen maneges veel verkeersbewegingen hebben maar dat is verkeerd geïnterpreteerd. De verkeersbewegingen van handelaren, sperma dekstations o.a.

zijn net zoveel of zelfs meer dan de manege WSR per dag en ook zondag, deze mensen houden zich niet aan de standaard openingstijden dus meer overlast alleen al door de verkeersbewegingen, bij dit soort bedrijven komen mensen die de weg niet kennen vaak van buiten Montfoort, en veel verder ook van buitenland en die zijn meer gevaar voor de weg dan mensen die de weg kennen. Willeskop 77 en 77c wordt gezien als 1 bouwkavel/bouwperceel en zal nooit en te nimmer gesplitst mogen en kunnen worden. En dus nooit en te nimmer een tweede woning/ bedrijfswoning gebouwd mogen worden. Bij Willeskop 77c is alles illegaal in weiland gerealiseerd zonder vergunningen of aanvragen, iedereen wordt gestraft als ze dit doen, maar de eigenaar van Willeskop 77c zou beloond worden hiermee, weg met de

bij een paardenhandelsstal niet groter dan bij een andere vee- of paardenhouderij. We gaan in de beleidsnotitie en de nota van zienswijzen niet in op een individuele handhavingsvraag.

Naar aanleiding van deze zienswijze hebben we in de beleidsnotitie vastgelegd dat er bij de beoordeling van aanvragen voorschriften kunnen worden opgenomen om verharding te beperken. De VNG-richtlijnen geeft aanbevelingen voor het bestemmen van bouw- en gebruiksmogelijkheden. De aanbevelingen gelden voor heel Nederland en zijn ook geheel bruikbaar voor Montfoort.

We verlenen geen medewerking aan paardenbakken en andere voorzieningen buiten het bouwvlak als de openheid van het landschap wordt aangetast.

De ruimtelijke impact van alle productiegerichte paardenhouderijen is in essentie vergelijkbaar. Ze hebben dezelfde stal- en buitenruimte nodig. Alleen qua verkeersbewegingen is er een gering verschil. De verkeersaantrekkende werking van een manege is vele malen groter.

We zijn het ermee eens dat hier nooit een tweede woning/bedrijfswoning mag worden gebouwd. De beleidsnotitie maakt dit ook niet mogelijk. We gaan in de beleidsnotitie en de nota van zienswijzen niet in op een individuele handhavingsvraag.

15.

16.

17.

18. 19.

20.

10

versteningen zoals het behoort te zijn, doe je verplichting als gemeente en wordt wakker. Hij mag alleen hobbymatig paarden houden hij is geen agrarisch bedrijf dus weg met de paarden die meer zijn dan 5 stuks. Je mag je weiland inleveren en dan mag je het gewoon helemaal volbouwen want gemeente is bevoegd om dit allemaal gewoon te verruimen als je een te kleine bouwkavel hebt. Dat betekent een longeercirkel van diameter 15 meter. Diverse paddocks van minimaal 15x20 (want VNG wil alles zo groot als het maar kan). Stapmolen diameter 25 meter in weiland. Overkapping in weiland 40m2 Bijgebouw voor kantoor Extra bijgebouw voor kantine tegenwoordig allemaal hoe groter hoe beter. Reken maar uit hoeveel M2 er dan dus gewoon gebouwd mag worden zonder al te veel poespas in weiland. Specifiek citeren in paardenbeleid: Willeskop 77 en 77c wordt gezien als 1 bouwkavel/bouwperceel en zal nooit en te nimmer gesplitst mogen en kunnen worden. En dus nooit en te nimmer een tweede woning/ bedrijfswoning gebouwd mogen worden. Dus ook niet illegaal daar slapen. 2.4.3. Gebouw met stallen: moet aangescherpt worden, uitsluitend toepasbaar in al bestaande gebouwen, geen gebouwen bijbouwen aangezien als het perceel al agrarische bestemming heeft deze al een gebouw heeft om dieren te stallen. Zo voorkom je meer rood voor groen, versteningen dus. 2.4.4.

Vereiste faciliteiten aanscherpen: uitsluitend alleen in bouwvlak anders komt er meer versteningen 2.4.5. Optionele faciliteiten: alle punten die hier genoemd worden o.a. longeercirkel, stapmolen, paddocks trainingsmolen, aanscherpen uitsluitend alleen in bouwvlak toe gestaan. En niet de bevoegdheid geven aan b en w Montfoort om hiervan af te wijken.

2.4.6 Lichtmasten, de nu al bestaande legale paardenbedrijven hun lichtmasten behouden, want nu laat je als het anders is de nu al legale bedrijven op kosten jagen, er zijn nooit klachten geweest bij

We verlenen geen medewerking aan paardenbakken en andere voorzieningen buiten het bouwvlak als de openheid van het landschap wordt aangetast. We hebben in de beleidsnotitie omschreven welke voorzieningen na positieve beoordeling buiten een bouwvlak gerealiseerd mogen worden. Dat geldt zeker niet voor een kantoor of kantine/ontvangstruimte.

Beleidsregels zijn van algemene strekking. We doen in de beleidsnotitie geen uitspraken over individuele locaties. Bovendien is zo’n uitspraak overbodig. Noch het bestemmingsplan, noch de beleidsnotitie, noch het provinciale beleid maakt een tweede bedrijfswoning op het bouwvlak van Willeskop 77/77c mogelijk. We hebben in de beleidsnotitie verduidelijkt dat een gebouw met stallen alleen binnen het bouwvlak mag staan.

Dat is een goed punt, we hebben dat verduidelijkt. Deze optionele faciliteiten zijn bouwwerken, geen gebouwen zijnde. Ze hebben geen gesloten karakter en geen dak. Als deze faciliteiten voldoen aan de eisen die in de beleidsnotitie zijn omschreven, is de ruimtelijke impact minder groot dan van agrarische gebouwen. Wij zijn van mening dat het bestemmingsplan de flexibiliteit moet bieden om dit soort bouwwerken buiten het bouwvlak toe te staan, mits er geen verrommeling plaatsvindt en zichtlijnen niet worden aangetast. Dat zal per geval moeten worden beoordeeld. Legale, vergunde situaties worden gerespecteerd.

21.

22.

23.

24.

25.

26.

27. 28.

29.

30.

11

omliggende buren en of bedrijven. Aangezien tegenwoordig alles op led is. 2.4.7. Landschappelijk inpassing, de nu al legale bestaande paardenbedrijven zouden nu dan een inpassingsplan moeten maken, zou dit niet beter kunnen omschreven worden? 2.4.8. Hoogte van omheining: zou uitgebreider moeten, wordt hiermee bedoeld omheiningen van paddocks longeercirkel etc. of van de buren erfafscheiding? 2.4. 11 Bak drainage niet toegestaan, waarom worden ze niet bij Willeskop 77c weggehaald alsmede alle illegale bouwwerken, alle paddocks zowel zand als versteend, de longeercirkel, kantine op de buiten plaats. Overal zitten drainage pijpen, de rechtbank heeft deze niet goed gekeurd en gemeente Montfoort heeft Willeskop 77c weg bestemd. Dus ga dan niet opeens een twist in maken. 2.4. 12. Afwatering faciliteiten. Dit kan ruimer en beter omschreven worden, geen overlast veroorzaken, de controleurs zijn niet altijd logisch aan het denken dus ook dit aanscherpen. Uitloop staat voor de rest nergens omschreven, dus hier moet aangescherpt worden het mag niet versteend zijn, Evenals de paddocks mogen uitsluitend zand zijn weg met de stenen, de paarden lopen in de natuur op gras en of zand, niet op stenen. Verpest de natuur niet, want paarden zijn graasdieren. 3. Procedure. 3.1.

Opstellen beleidsregels: als u als raad als wethouder goed leest staat hier mede door de zin “Verder kan op eenvoudige wijze aanpassingen van beleidsregels plaatsvinden, waardoor een grote mate van flexibiliteit kan worden bereikt.” De wethouder mag gewoon de regels veranderen waardoor er meer verruiming van bouwvlak en versteningen en gebouwen kunnen en mogen zijn. Africhtingsstal: veel meer paarden gesleep. Bed & Breakfast: Zo aanscherpen. Uitsluitend als er al een woning aanwezig in het vigerende bestemmingsplan 2012. Embryotransplantatiebedrijf: waarom, hier zitten de boeren en de burgers van Montfoort niet op te Wachten. Fokkerij: bestaat al in vigerende bestemmingsplan, maar dan anders benoemd.

We hebben nu duidelijker omschreven dat het om de beoordeling van aanvragen gaat en dat het bevoegd gezag als voorwaarde kán stellen dat een landschappelijk inpassingsplan wordt opgesteld en uitgevoerd. We doelen op omheiningen van paardenbakken en andere hippische voorzieningen. Dit hebben we verduidelijkt in de tekst. We gaan niet in op de individuele handhavingszaak. De tekst over drainage is aangepast. Een verbod op drainage is met onze klei- en veenbodem niet realistisch.

We hebben de tekst zodanig aangepast dat er voor de aanleg van drainage altijd een omgevingsvergunning moet worden aangevraagd. De tabel waarin werd gesproken over een uitloop hebben we geschrapt, omdat deze tabel verwarring gaf.

De woorden ‘op een eenvoudige wijze’ hebben we naar aanleiding van uw zienswijze geschrapt. Deze beleidsregels worden vastgesteld – en eventueel ooit aangepast – door de gemeenteraad, een wethouder is niet bevoegd deze aan te passen.

Zie eerdere opmerkingen over dierziektes en verkeersbewegingen. We hebben naar aanleiding van deze zienswijze de definitie van bed & breakfast geschrapt. We hebben afzonderlijk beleid voor bed & breakfast, dit hoort niet thuis in een beleidsnotitie over paardenhouderij. We hebben naar aanleiding van deze zienswijze deze definitie geschrapt, omdat het begrip verder niet voorkomt in de beleidsregels. We nemen de definitie uit de VNG-richtlijn over.

31.

32. 33.

34.

35. 36.

37.

38.

39.

40.

41.

42.

12

Handelsstal: niet laten toestaan, want dit geeft veel ziektes insleep, bij Willeskop 77c zijn er nu weer hoestende paarden door aankopen van de paarden, wij de buren hebben hier last van, ook veel verkeersbewegingen handelstallen hebben meer auto (met of zonder trailer) verkeersbewegingen dan een manege en zoekende op de weg, de provinciale weg is niet bedoeld voor meer ongelukken veroorzaken en dat krijg je hier wel mee. Hengstenhouderij: hiermee help je de omliggende hengstenhouders financieel naar de knoppen. Hobbymatige paardenhouderij: Dit mocht al en was voor de burger duidelijk er mag een stal etc. daar is niks op veranderd dus waarom het nu weer opnieuw moest is overbodig. Manege: veel mensen komen op de fiets voor hun paardrijles goed voor de natuur minder stikstof door de auto verkeersbewegingen. Opfokbedrijf: alleen voor grote weilanden, want deze paarden halen hun voeding uit het gras, dus niet overal handig. Paardenmelkerij: de opbrengst per liter kan dan wel meer zijn maar een paard geeft per dag minder melk dus dat klopt niet helemaal. Maar zitten de burgers van Montfoort te wachten op een Paardenmelkerij, geen onderzoek naar gedaan. Spermawinstation: een laboratorium in buitengebied Montfoort, het moet niet gekker worden. Sportstal: meer verkeersbewegingen dan een volwaardige productiegerichte paardenfokkerij.

Zitten we hierop te wachten voor de burgers van Montfoort. Stalhouderij: met paard en wagen op de provinciale weg rijden, nou daar zijn de burgers van Montfoort niet blij mee, als je ziet dat ze allemaal harder rijden dan de toegestane snelheid van 60 en 50km/u hier gaan veel ongelukken gebeuren. Stoeterij: zoveel grote bedrijven is weinig tot geen ruimte in Montfoort, want dan zouden er boeren uitgekocht moeten worden. Verenigingsaccommodatie, apart hoe dit omschreven wordt, want een kleine manege is vaak ook een vereniging. Gebruiksgerichte paardenhouderij:

Zie onze eerdere opmerkingen over dierziektes en verkeersbewegingen. De controles geven overigens geen aanleiding tot zorg over de toestand van de paarden op Willeskop 77c.

Het is niet duidelijk waar deze bewering op is gebaseerd. Bovendien is ruimtelijke ordening niet bedoeld om concurrentie tegen te gaan. We vinden het belangrijk dat de beleidsnotitie zelfstandig leesbaar en volledig is.

We zijn het daarmee eens, dit heeft echter geen consequentie voor de beleidsnotitie. Het is in de eerste plaats aan de agrarische ondernemers om te beoordelen of een bepaalde agrarische locatie bij hun bedrijf past. Paardenmelkerijen zijn een voorbeeld van een productiegerichte paardenhouderij. We zien geen enkele reden om paardenmelkerijen binnen agrarische bestemmingen te blijven verbieden.

Er zal altijd moeten worden voldaan aan de definitie van een paardenhouderij: een agrarisch (grondgebonden) bedrijf wat zich richt op het productiegericht en/of gebruiksgericht houden van paarden, pony’s en/of veulens. Sportstallen zijn een voorbeeld van een productiegerichte paardenhouderij. We zien geen enkele reden om sportstallen binnen agrarische bestemmingen te blijven verbieden. We zijn het ermee eens dat veel locaties zich niet zullen lenen voor een stalhouderij, dat is echter geen reden om deze activiteit in de hele gemeente te verbieden. Elke ondernemer dient zich aan de verkeersregels te houden. Ook hier geldt dat veel locaties zich niet zullen lenen voor een stoeterij, maar dat dit geen reden is om deze activiteit in de hele gemeente te verbieden. We zijn het met u eens dat er ruimtelijk gezien niet altijd een onderscheid is tussen een manege en een verenigingsaccommodaties. We voeren daarom voor verenigingsaccommodaties hetzelfde beleid als voor maneges. Gebruiksgerichte paardenhouderijen worden alleen toegestaan binnen de bestemmingen

wordt gezegd geen Manege maar qua verkeersbewegingen wel degelijk net zoveel auto’s heen en weer of zelfs meer.

43.

Paardenhouderij: Beetje vaag omschreven

44.

Paddock: Aanscherpen. Een paddock hoeft niet verhard te zijn.

45.

Productiegerichte paardenhouderij: Beetje vaag in hele paarden plan omschreven wat wel en wat niet hier onder valt. Want alles lijkt eronder te vallen behalve de manege en de hobbymatige. Volwaardige paardenhouderij: wanneer moet je dit nu wel en wanneer niet?

46.

47.

Als handelsstal heb je een hele andere insteek van paardenliefde, dit is aan de lopende band in- en verkopen, en de verkeersbewegingen zijn minimaal 25x meer per dag en dat op zondag, op de andere dagen zijn de verkeersbewegingen 40-100 x per dag. Er komen elke dag vele bezichtigingen van kopers en medehandelaren. Dat wil je toch niet bij elk (nieuw) paardenbedrijf toe gaan staan. Mount Advies heeft haar gegevens gewoon van de moeder van de eigenaar van Willeskop 77c overgenomen zonder zelf te gaan turven. Slecht onderzoek.

‘Agrarisch’ of ‘Agrarisch – Rivierzone’ via een aanduiding op de plankaart of via een besluit om af te wijken van het bestemmingsplan. Hierdoor kan het bevoegd gezag per locatie afwegen of een gebruiksgerichte paardenhouderij als hoofdactiviteit passend is. Bij de beoordeling wordt onder meer gekeken naar de verkeersaantrekkende werking. Het gaat hier om het overkoepelende begrip paardenhouderij. Daarbinnen wordt onderscheid gemaakt tussen een productiegerichte en een gebruiksgerichte paardenhouderijen. De definities zijn naar onze mening duidelijk en bruikbaar. We hanteren de definitie uit de VNG-richtlijn. Uit oogpunt van dierenwelzijn willen we niet dwingend voorschrijven dat de bodem van paddocks altijd onverhard moet zijn. Lang in de modder staan kan bijvoorbeeld infecties aan hoeven en benen veroorzaken. In hoofdstuk 2.1 is duidelijk omschreven wat er onder een productiegerichte paardenhouderij valt en wat er onder een gebruiksgerichte paardenhouderij valt. Uitgangspunt blijft dat we in de agrarische bestemmingen uitsluitend volwaardige paardenhouderijen als hoofdactiviteit toestaan.

Het mobiliteitsonderzoek voor het bestemmingsplan Willeskop 77 en 77c (waar deze opmerking waarschijnlijk op doelt) is uitgevoerd door een onafhankelijke verkeersdeskundige. Volgens dat onderzoek zijn er in een ‘worst case scenario’ bij een handelsstal op Willeskop 77c maximaal 9 tot 10 voertuigen per dag meer te verwachten dan bij een fokkerij. Uitgaand van landelijke ervaringscijfers gaat het volgens dat onderzoek om 4 tot 5 extra voertuigen ten opzichte van een fokkerij.

De zienswijze leidt tot aanpassingen en verduidelijkingen in de beleidsnotitie: • We hebben in de beleidsnotitie opgenomen dat er bij de beoordeling van aanvragen voorschriften kunnen worden opgenomen om verharding te beperken. • We hebben in de beleidsnotitie verduidelijkt dat bepaalde faciliteiten, zoals een gebouw met stallen, alleen binnen het bouwvlak mogen. • We hebben duidelijker omschreven dat landschappelijke inpassing aan de orde is bij de beoordeling van aanvragen dat het bevoegd gezag als voorwaarde kán stellen dat een landschappelijk inpassingsplan wordt opgesteld en uitgevoerd. • De tekst in paragraaf 3.1 over beleidsregels is licht aangepast. • We hebben het begrip ‘bed & breakfast’ geschrapt. • We hebben de definitie van embryotransplantatiebedrijf geschrapt, omdat het begrip verder niet voorkomt in de beleidsregels. 13

3. Ambtshalve wijzigingen Er zijn verbeteringen aangebracht ten opzichte van het ontwerp. De belangrijkste aanpassingen worden hier opgesomd: • Verduidelijkt is dat er ook bij 5 paarden sprake kan zijn van bedrijfsmatig gebruik, namelijk als er sprake is van een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer. • Toegevoegd is dat burgemeester en wethouders de minimale afstand van hippische voorzieningen tot woningen via een omgevingsvergunning kunnen terugbrengen tot 30 m mits is onderbouwd dat er qua milieuhinder geen belemmeringen optreden. • De maximale hoogte van lichtmasten is teruggebracht van 8 naar 6 meter. • Toegevoegd is dat de lichtsterkte maximaal 60 LUX/m2 bedraagt, gemeten 1 meter boven de bodem van de bak. • Lichtmasten zijn niet toegestaan binnen 100 meter van gebieden met de bestemming Natuur of Bos en/of de gebiedsaanduiding Stiltegebied. In het ontwerp stond dat lichtmasten niet zijn toegestaan binnen 150 m van Natura 2000 gebieden; die beleidsregel had echter geen praktische betekenis omdat er in de gemeente Montfoort geen Natura 2000 gebieden zijn. • Op advies van de ODRU wordt verwezen naar de Richtlijn Lichthinder 2020. • De voorgestelde regeling voor de afmetingen van paddocks is versoepeld uit oogpunt van dierenwelzijn. Dit op advies van lokale deskundigen, waaronder een paardenarts.

• Er zijn ter verduidelijking regels toegevoegd voor stap- en trainingsmolens en longeercirkels. • Er is een bepaling toegevoegd over de maximale oppervlakte van gebouwen voor hippische voorzieningen bij hobbymatige paardenhouderijen. • De maximale hoogte van omheiningen van hippische voorzieningen bij hobbymatige paardenhouderijen is ten opzichte van het ontwerp verhoogd van 1.50 m naar 1.80 m. Deze 1.80 m is ook de toegestane hoogte in het geldende bestemmingsplan. • Er zijn beleidsregels toegevoegd over materiaal en kleur van omheiningen. • Een tabel met bouwwerken onderaan paragraaf 2.4 is geschrapt omdat deze tabel verwarring gaf ten opzichte van de beschreven regels.

14

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Montfoort&id=72b73ab2-0caa-42e6-9961-91ac1d66fd9b