Jaarstukken 2022 (29-06-23)
Tekst van het document
Overige verschillen (inclusief afrondingsverschillen): Totale afwijking voor mutaties reserves Mutaties reserves: Totale afwijking na mutaties reserves
Verschil lasten
Verschil baten -36.700
-130.700
-30.400
86.000
52.700
699.000
-35.200 34.842 8.666 € 42.842 € 605.366 0 0 € 42.842 € 605.366 (+ voordeel/- nadeel)
Overzicht vennootschapsbelasting (Vpb) Financieel overzicht VPB Overzicht baten en lasten Vpb Totaal lasten Totaal baten Saldo voor bestemming Toevoeging reserves Onttrekking reserves Saldo reserves Saldo na bestemming
Begroting 2022 primair na wijziging 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
Rekening voordeel Verschil 2022 - nadeel n 47.324 -47.324 n 0 0 n 47.324 -47.324 n 0 0 n 0 0 n 0 0 47.324 -47.324 n
Betreft de voorlopige boeking voor de aangifte Vpb 2022 en het restant van de aangifte Vpb over 2021. Per saldo een incidenteel nadeel van € 47.324.
J a a r s t u k k e n
2 0 2 2 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
48 | P a g i n a
Overzicht Onvoorzien Financieel overzicht onvoorzien
Overzicht baten en lasten Onvoorzien Totaal lasten Totaal baten Saldo voor bestemming Toevoeging reserves Onttrekking reserves Saldo reserves Saldo na bestemming
Begroting 2022 primair na wijziging 50.000 50.000 0 0 50.000 50.000 0 0 0 0 0 0 50.000 50.000
Rekening 2022
voordeel - nadeel v 50.000 n 0 v 50.000 n 0 n 0 n 0 50.000 v
Verschil 0 0 0 0 0 0 0
Er is geen gebruik gemaakt van de post onvoorzien als dekking. Dit levert een voordeel op van € 50.000.
J a a r s t u k k e n
2 0 2 2 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
49 | P a g i n a
3.
Paragrafen
J a a r s t u k k e n
2 0 2 2 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
50 | P a g i n a
3.1 Lokale heffingen Portefeuillehouder(s): W. van Wikselaar
Algemeen In deze paragraaf wordt een beeld gegeven van de realisatie op het gebied van de gemeentelijke belastingen. Na een samenvatting van de ontwikkeling van de lokale belastingdruk wordt vervolgens per belastingsoort een toelichting gegeven. De gemeente kent de volgende belastingsoorten: -Onroerendezaakbelastingen (OZB/RZB); -Afvalstoffenheffing en reinigingsrecht; -Rioolheffingen; -Marktgelden; -Lijkbezorgingrechten; -Leges.
Ontwikkeling lokale lastendruk In de tabel hieronder wordt inzicht gegeven in de ontwikkeling van de belastingdruk voor een gemiddeld huishouden in Montfoort. Hierbij is aansluiting gezocht bij de berekeningen en rapportages die door het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (COELO) van de faculteit Economische Wetenschappen van de Rijksuniversiteit Groningen jaarlijks worden gemaakt. In deze berekening zijn alleen de belastingen betrokken die voor iedereen van toepassing zijn en dus niet de heffingen van een specifieke belastingplicht. Omschrijving 2021 422,00 335,00 255,00 1.012,00 811,00 124,78
Bedragen in euro's
OZB woningen Afvalstoffenheffing (meerpersoonshuishoudens) Rioolheffing Totaal Gemiddelde alle gemeenten Index belastingcapaciteit (kengetal BBV)
Wijzigingen t.o.v. 2021 Bedrag in% 80,00 19,0% 39,00 11,6% 14,00 5,6% 133,00 13,1% 93,00 11,5% n.v.t. n.v.t.
2022 502,00 374,00 269,00 1.145,00 904,00 126,66
Toelichting Het kengetal belastingcapaciteit, dat op grond van het gewijzigde BBV dient te worden berekend, geeft aan hoe de lasten van de voornaamste lokale belastingen zich ontwikkelen ten opzichte van het landelijk gemiddelde. De lasten in het jaar worden afgezet tegen de gemiddelde landelijke lasten van het voorgaande jaar. Als een gemeente het landelijk gemiddelde volgt, dan is in dit kengetal de prijsontwikkeling zichtbaar. Het kengetal laat zien dat de gemeentelijke lasten iets toenemen ten opzichte van de landelijke lasten.
Ontwikkeling lokale lasten: ranglijst COELO Door het COELO wordt jaarlijks de Atlas van de lokale lasten gepresenteerd. Over het jaar 2022 staat de gemeente Montfoort in deze atlas op plaats 330 van de 349 (deel)gemeenten, oplopend van lage belastingdruk naar hoog met betrekking tot de meerpersoonshuishoudens. Woonlast
Bedrag 2021 1.012
Bedragen in euro's
Netto
2022 1.145
Verschil 133
Rang 2021 2022 344 van 370 330 van 349
Uitvoering Wet WOZ en bezwaren De Wet waardering onroerende zaken betreft de waardering van woningen en bedrijven. Behalve het periodiek waarderen, omvat dit ook het analyseren van gerealiseerde verkoopcijfers en huurgegevens, het bijhouden van mutaties in objecten als gevolg van bouwvergunningen en het afhandelen van bezwaar- en beroepschriften, gericht tegen de WOZ-beschikkingen. J a a r s t u k k e n
2 0 2 2 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
51 | P a g i n a
Tegen de WOZ-beschikkingen zijn over 2022 50 bezwaarschriften ingediend. Dit betreft uitsluitend bezwaarschriften waarin de WOZ-waarde wordt betwist. Waardepeildatum 1-1-2018 1-1-2019 1-1-2020 1-1-2021
WOZ tijdvak 2019 2020 2021 2022
WOZbezwaren 107 145 126 50
Aantal nog in Aantal behandeling afgehandeld 1 106 2 143 0 126 1 49
Waarvan gegrond 85/79% 88/61% 87/69% 28/56%
Kwijtscheldingsbeleid Als een belastingschuldige als gevolg van financiële omstandigheden niet in staat is een belastingaanslag geheel of gedeeltelijk te betalen, kan op verzoek gehele of gedeeltelijke kwijtschelding worden verleend. De normen voor het behandelen van kwijtscheldingsverzoeken worden bepaald door de rijksoverheid. Volgens de Rijksnormen wordt beoordeeld of iemand in aanmerking komt voor kwijtschelding. Kwijtschelding wordt verleend met betrekking tot de volgende gemeentelijke belastingsoorten: Onroerendezaakbelastingen, afvalstoffenheffing en de rioolheffingen. De kwijtscheldingen maken deel uit van het minimabeleid, dat onderdeel is van programma Inkomen, jeugd en Wmo. Kwijtscheldingen worden meegenomen bij het bepalen van de heffingen, omdat daar het uitgangspunt van volledige kostendekkendheid geldt. Bij de onroerendezaakbelastingen spelen de lasten geen directe rol bij het bepalen van de tarieven. Het kwijtscheldingsbeleid wordt uitgevoerd door de gemeenschappelijke regeling Belastingsamenwerking Rivierenland (BSR). Zij maken voor de automatische kwijtscheldingen gebruik van het inlichtingenbureau van de VNG. Dit bureau geeft een advies of een huishouden in aanmerking komt voor kwijtschelding. Is het advies positief dan ontvangt dit huishouden automatisch kwijtschelding.
De huishoudens die niet voor automatische kwijtschelding in aanmerking komen, kunnen nog een afzonderlijk verzoek hiertoe indienen bij BSR. Overzicht van de kwijtscheldingen per heffing/belasting: Aantallen verzoeken om kwijtschelding Verzoeken om kwijtschelding
2019 224
2020 202
2021 174
2022 155
Verzoeken toegewezen (gedeeltelijk en volledig)
176
159
135
130
Verzoeken afgewezen/ingetrokken Verzoeken in behandeling
48 0
42 1
36 3
23 2
Over 2022 kunnen er nog verzoeken binnen komen. Zolang een aanslag niet betaald is, kan men binnen vijf jaar nog kwijtschelding aanvragen. Wanneer de aanslag betaald is, kan dit nog binnen drie maanden. Kwijtschelding Bedragen in euro's
Totaal bedrag kwijtschelding afvalstoffenheffing Totaal bedrag kwijtschelding rioolheffing Totaal bedrag kwijtschelding extra containers Totaal bedrag
Rekening 2021 42.295 39.575 346 82.216
Begroting 2022 27.270 34.706 61.976
Rekening 2022 41.154 34.351 462 75.967
Saldo 13.884 -355 462 13.991
Heffingen en belastingen Onroerende-zaakbelasting De grondslag voor de aanslagen onroerende-zaakbelastingen is de vastgestelde waarde (WOZwaarde) van de onroerende zaak. Nadere informatie over de WOZ vindt u hiervoor in het onderdeel “Uitvoering Wet WOZ”. Bij het bepalen van de tarieven die in december 2021 in de belastingverordening zijn opgenomen, is gerekend met de meest recente verwachting van de waardeontwikkeling. In 2022 is de OZB met de reguliere prijsindexatie van 1,6% verhoogd. J a a r s t u k k e n
2 0 2 2 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
52 | P a g i n a
Tarieven onroerendezaakbelasting 2019 0,2927 0,1337 0,3497
Bedragen in euro's
Gebruikers, niet woningen Eigenaren, woningen Eigenaren, niet woningen Begroting en rekening baten
Rekening 2021 2.359.374 1.467.822 3.827.195
Bedragen in euro's
OZB Baten woningen OZB Baten niet woningen Totaal opbrengst
Belastingjaar 2020 0,2943 0,1245 0,3510 Begroting 2022 2.535.153 1.520.873 4.056.026
2021 0,3078 0,1254 0,3599
2022 0,2828 0,1223 0,3640
Rekening 2022 2.536.575 1.485.637 4.022.212
Saldo 1.422 -35.236 -33.814
Onbenutte belastingcapaciteit OZB De onbenutte belastingcapaciteit bestaat uit de extra middelen die gegenereerd kunnen worden door de tarieven van de gemeentelijke heffingen te verhogen tot het wettelijk toegestane maximum. De onbenutte belastingcapaciteit kan worden berekend door de maximaal toegestane belastingbaten / tarieven te vergelijken met de belastingbaten / -tarieven in de gemeente. Voor de maximale tarieven wordt gebruik gemaakt van de normen van het zogeheten artikel 12 beleid. Een gemeente met een artikel 12 status is een Nederlandse gemeente die onder financiële curatele is gesteld door het Rijk vanwege een structureel slechte situatie. Deze gemeenten moeten hun tarieven verhogen tot een ‘redelijk peil eigen heffingen’, willen zij in aanmerking komen voor rijkssteun. In de meicirculaire is het percentage van de WOZ-waarde voor toelating tot artikel 12 voor 2022 vastgesteld op 0,1800. De berekening van de onbenutte belastingcapaciteit is als volgt: Omschrijving 2022 Belastingcapaciteit woningen en niet-woningen in € per 1-1-2022 2.349.878.000 Maximale OZB opbrengst (Norm art. 12: 0,1800% van de WOZ-waarde) 4.229.780 Af: Werkelijke OZB opbrengst 2022 4.022.212 Onbenutte belastingcapaciteit 207.568
Afvalstoffenheffing en reinigingsrecht Afvalstoffenheffing De afvalstoffenheffing wordt geheven van de bewoner van een eigendom, waarbij huishoudelijke afvalstoffen worden opgehaald. Voor bedrijven wordt reinigingsrecht geheven. Voor beide heffingen is het uitgangspunt volledige kostendekking. De afvalstoffenheffing en het reinigingsrecht zijn in 2022 in rekening gebracht door de BSR. Met ingang van de programmabegroting 2017 zijn de vernieuwde regels van het BBV toegepast. Voor de lokale heffingen wordt informatie op hoofdlijnen opgenomen van kostendekkendheid. Ten laste van de heffingen mogen alleen die baten en lasten van overhead worden toegerekend, die betrekking hebben op het taakveld van de betreffende heffing. Door de sterk stijgende afvalverwerkingskosten is bij de aanvullende begrotingsvoorstellen 2021 besloten de afvalstoffenheffing in twee jaar tijd te laten toenemen naar 100% kostendekkendheid. In 2021 is de afvalstoffenheffing naar 90% kostendekkendheid verhoogd; in 2022 naar 100% kostendekkendheid. Bij de jaarrekening 2022 is € 50.000 uit de voorziening Afvalstoffenheffing gestort. belastingjaar
Afvalstoffenheffing 2019 152 248
Bedragen in euro's
Tarief eenpersoonshuishouding Tarief meerpersoonshuishouding
J a a r s t u k k e n
2 0 2 2 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
2020 168 274
2021 205 335
2022 229 374
Wijzigingen t.o.v. 2021 Bedrag in % 24 11,6% 39 11,6%
53 | P a g i n a
Afvalstoffenheffing Bedragen in euro's
Kosten taakveld Inkomsten taakveld, exclusief heffingen Netto kosten product Toe te rekenen kosten: Overhead en personeel inclusief rente BTW Onttrekking uit voorziening Uitgaven taakveld Opbrengsten heffingen dekkingspercentage
Rekeniing 2021 1.522.160 -193.260 1.328.900
Begroting 2022 1.543.742 -159.972 1.383.770
Rekening 2022 1.419.237 -45.262 1.373.975
Saldo
255.350 275.576
296.302 281.405
261.671 248.699
1.859.826
1.961.477
1.884.345
-77.132
1.673.475 1.673.475 90%
1.954.798 1.954.798 100%
1.879.587 1.879.587 100%
-75.211
Reinigingsrechten Bij niet-huishoudens worden reinigingsrechten in rekening gebracht. Dat is een belasting die wordt geheven voor het periodiek verwijderen van bedrijfsafval van beperkte omvang. Er is een tarief voor het beschikbaar stellen van een container en een tarief voor elke extra container. Ook reinigingsrechten zijn bestemmingsheffingen, de opbrengsten mogen niet hoger zijn dan de lasten. Bij de jaarrekening 2022 is € 2.500 uit de voorziening Afvalstoffenheffing onttrokken om op een kostendekkendheid van 100% uit te komen. Reinigingsrechten Bedragen in euro's
Kosten taakveld Toe te rekenen kosten: Overhead en personeel inclusief rente BTW Uitgaven taakveld Opbrengsten heffingen dekkingspercentage
Rekening 2021 27.880
Begroting 2022 44.400
Rekening 2022 28.401
4.540 6.404 38.824 38.715 100%
8.522 8.939 61.861 61.287 100%
5.236 7.232 40.870 40.792 100%
Saldo
-20.991 -20.495
Rioolheffing De rioolheffing wordt geheven van de gebruiker van een eigendom, dat direct of indirect is aangesloten op het gemeentelijke rioolstelsel. Er is geen sprake van een tariefdifferentiatie naar gezinsverhouding. De rioolheffing wordt in 2022 in rekening gebracht door de BSR. Rioolheffing
Belastingjaar 2020 241
2019 228
Bedragen in euro's
Tarief per huishouden
Rioolheffing Bedragen in euro's
Kosten taakveld Toe te rekenen kosten: Overhead en personeel inclusief rente BTW Uitgaven taakveld Onttrekking uit voorziening Opbrengsten heffingen Opbrengsten heffingen dekkingspercentage
2021 255
2022 269
Wijzigingn t.o.v. 2021 Bedrag in% 14 5,6%
Rekening 2021 1.140.519
Begroting 2022 1.197.415
Rekening 2022 1.195.504
185.716 104.636 1.430.871
205.178 168.450 1.571.043
220.421 194.094 1.610.018
1.430.838 1.430.838 100%
1.576.471 1.576.471 100%
1.609.592 1.609.592 100%
Saldo
38.975
33.121
Marktgelden Marktgelden worden geheven voor het huren van een kraam op de wekelijkse marktdag op woensdag. J a a r s t u k k e n
2 0 2 2 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
54 | P a g i n a
De tarieven zijn met 1,6 % prijsinflatie verhoogd. Gezien het aantal kramen is 100% kostendekkendheid niet realistisch. Marktgelden Bedragen in euro's
2019
Belastingjaar 2020
2021
2022
Standplaats per dag of gedeelte daarvan per strekkende meter Vaste plaatsen Dagplaatsen Standwerkersplaatsen
2,91 3,49 4,35
2,95 3,54 4,42
3,00 3,60 4,50
3,05 3,65 4,55
Marktgelden Bedragen in euro's
Kosten taakveld Toe te rekenen kosten: Overhead en personeel inclusief rente BTW Uitgaven taakveld Opbrengsten heffingen dekkingspercentage
Wijzigingen t.o.v. 2021 Bedrag in %
0,05 0,05 0,05
Rekening 2021 8.833
Begroting 2022 9.207
Rekening 2022 8.847
1.438 652 10.923 2.937 27%
1.767 808 11.782 6.543 56%
1.631 732 11.211 8.913 80%
1,6% 1,6% 1,6%
Saldo
-571 2.370
Bij de rekening 2021 en 2022 en begroting 2022 zijn de opbrengsten voor standplaatsen inbegrepen.
Lijkbezorgingsrechten Lijkbezorgingsrechten worden geheven voor vergunningen voor graven, bijzettingen en onderhoud van graven. Er is sprake van een uitgebreide tarieventabel. In deze paragraaf wordt volstaan met een opsomming van de meest bepalende tarieven. Met de programmabegroting 2022 zijn de baten met 1,6% geïndexeerd. Hierbij zijn de tarieven vastgesteld, zoals hieronder weergegeven. Lijkbezorgingsrechten 2019 1.394,45 1.393,45 1.393,45 697,20
Bedragen in euro's
Recht eigen graf 10 jaar Recht urngraf 20 jaar Recht kindergraf 20 jaar Begraafrecht
Begraafrechten/lijkbezorgingsrechten Bedragen in euro's
Kosten taakveld Toe te rekenen kosten: Overhead en personeel inclusief rente Uitgaven taakveld Opbrengsten rechten Totaal opbrengst rechten dekkingspercentage
Belastingjaar 2020 2021 1.414,35 1.439,80 1.414,35 1.439,80 1.414,35 1.439,80 707,70 720,45
2022 1.462,85 1.462,85 1.462,85 732,00
Wijzigingen t.o.v. 2021 Bedrag in % 23,05 1,6% 23,05 1,6% 23,05 1,6% 11,55 1,6%
Rekening 2021 173.635
Begroting 2022 124.532
Rekening 2022 109.567
28.274 201.909 80.336 80.336 40%
23.902 148.434 85.759 85.759 58%
20.201 129.768 75.225 75.225 58%
Saldo
-18.667 -10.535
Leges De leges worden geheven voor specifieke door de gemeente verstrekte individuele diensten. Voorbeelden hiervan zijn: het verstrekken van paspoorten, voltrekken van huwelijken en afgeven van bouwvergunningen. Er zijn meer dan honderd verschillende diensten en tarieven. Ook voor de legestarieven is begroot deze met 1,6% prijsinflatiecorrectie te verhogen. Individuele legestarieven kunnen met meer dan 1,6% stijgen. Voorbeelden hiervan zijn de wettelijke vastgestelde tarieven en/of rijksleges, zoals paspoorten en rijbewijzen. De tarieven 2022 zijn in december 2021 door de raad vastgesteld. Leges
Rekening 2021 221.121 616.358 32.736 870.215
Bedragen in euro's
Secretarieleges KCC Leges omgevingsvergunningen Leges APV Totaal opbrengst
J a a r s t u k k e n
2 0 2 2 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
Begroting 2022 248.584 387.667 12.928 649.179
Rekening 2022 222.395 777.415 63.022 1.062.832
Saldo -26.189 389.748 50.094 413.653
55 | P a g i n a
Leges Burgerzaken en APV Bedragen in euro's
Kosten taakveld Toe te rekenen kosten: Overhead en personeel inclusief rente BTW Uitgaven taakveld Opbrengsten heffingen dekkingspercentage Leges Omgevingsvergunning Bedragen in euro's
Kosten taakveld Toe te rekenen kosten: Overhead en personeel inclusief rente BTW Uitgaven taakveld Opbrengsten heffingen dekkingspercentage
J a a r s t u k k e n
2 0 2 2 -
G e m e e n t e
Rekenng 2021 413.749
Begroting 2022 415.838
Rekenng 2022 458.353
67.372 10.622 491.743 221.121 45%
79.815 4.633 500.286 261.512 52%
84.509 5.161 548.023 285.417 52%
Rekening 2021 748.992
Begroting 2022 549.257
Rekenng 2022 984.635
121.961 157.288 1.028.241 616.358 60%
105.423 115.344 770.024 387.667 50%
181.541 117.716 1.283.892 777.415 61%
M o n t f o o r t
Saldo
47.737 23.905
Saldo
513.868 389.748
56 | P a g i n a
3.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Portefeuillehouder(s): W. van Wikselaar Algemeen Het weerstandsvermogen van een gemeente is het vermogen om financiële risico’s op te kunnen vangen. Voor een beoordeling van het weerstandsvermogen zijn twee elementen van belang: • De beschikbare weerstandscapaciteit: dit zijn de middelen waarover de gemeente beschikt om niet begrote kosten te dekken die onverwachts en substantieel zijn; • De risico’s die de gemeente loopt, de kans dat deze risico’s zich voordoen en het mogelijke schadebedrag. Beide worden in de deze paragraaf uitgewerkt en dit wordt tweemaal per jaar, bij het opstellen van de begroting en jaarrekening, geactualiseerd. In deze paragraaf zijn ook de kengetallen opgenomen die op grond van het gewijzigde BBV voorgeschreven zijn. Doel van deze kengetallen is eenvoudig inzicht te krijgen in de financiële positie van de gemeente. Weerstandscapaciteit We onderscheiden incidentele en structurele weerstandscapaciteit. De incidentele weerstandscapaciteit: De incidentele weerstandscapaciteit is het (incidentele) vermogen om calamiteiten eenmalig op te kunnen vangen zonder dat dit invloed heeft op de voortzetting van taken. Het valt samen met de (algemene) reservepositie. De gemeente heeft ook nog ‘stille’ reserves, in de vorm van vastgoed, gronden en aandelen.
Deze zijn niet meegenomen in de omvang van de incidentele weerstandscapaciteit. Het vastgoed en de gronden zijn over het algemeen in gebruik of verhuurd en kunnen niet snel worden ingezet in het geval zich risico’s voordoen en de gemeente het geld nodig heeft.
Incidentele weerstandscapaciteit per eind 2022
Saldo algemene reserve vóór jaarrekening 2022 Verwachte storting resultaat 2022 (vóór bestemming) Totale incidentele weerstandscapaciteit
2.188.798 2.965.614 5.154.412
De structurele weerstandscapaciteit: Dit zijn de middelen die permanent ingezet kunnen worden om tegenvallers in de lopende exploitatie op te vangen zonder dat dit ten koste gaat van de uitvoering van de bestaande taken. Dit is de (potentiële) financiële ruimte voor de gemeente. Zo is een stelpost onvoorzien in de begroting opgenomen. Tot slot kan (in theorie) gebruik gemaakt worden van de onbenutte belastingcapaciteit. De onbenutte belastingcapaciteit bestaat uit de extra middelen die gegenereerd kunnen worden door de tarieven van de gemeentelijke heffingen te verhogen tot het wettelijk toegestane maximum. De onbenutte belastingcapaciteit kan worden berekend door de maximaal toegestane belastingbaten en tarieven te vergelijken met de belastingbaten en -tarieven in de gemeente. Voor de maximale tarieven wordt gebruik gemaakt van de normen voor het zogeheten artikel 12- beleid. Een gemeente met een artikel 12- status is een Nederlandse gemeente die onder financiële curatele is gesteld door het rijk door een structureel slechte financiële situatie. Deze gemeenten moeten hun tarieven verhogen tot een ‘redelijk peil eigen heffingen’, willen zij in aanmerking kunnen komen voor rijkssteun. In de
J a a r s t u k k e n
2 0 2 2 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
57 | P a g i n a
meicirculaire 2021 is het percentage van de WOZ-waarde voor toelating tot artikel 12 voor 2022 vastgesteld op 0,1800. Structurele weerstandscapaciteit (in €) Stelpost onvoorzien
50.000
Onbenutte belastingcapaciteit OZB
207.784
Totaal
257.784
Risico’s De risico’s zijn geactualiseerd om een goede actuele inschatting te kunnen maken van de benodigde weerstandscapaciteit. In deze paragraaf wordt kort toegelicht wat het risico inhoudt. De risico’s die relevant zijn voor de paragraaf weerstandsvermogen moeten een financiële omvang hebben van € 20.000 of hoger. De gemeente Montfoort hanteert de volgende criteria voor een risico: Er moet sprake zijn van oorzaak en gevolg; De kans dat een gebeurtenis zich voordoet en de mate waarin het gevolg zich voordoet zijn onzeker; Er moet sprake zijn van enige mate van voorkennis; Het risico moet een bedreiging / belemmering vormen voor het bereiken van de beleidsdoelstellingen; Het risico moet financieel kwantificeerbaar zijn. De risico-inschatting wordt per programma bekeken. Bij het signaleren van risico’s wordt gekeken of het risico nog bestaat en of er eventueel nieuwe risico’s gesignaleerd zijn. Wanneer een risico onderkend is wordt aan de hand van bovenstaande criteria gekeken of het risico wordt opgenomen in de risicolijst. Vervolgens wordt een inschatting gemaakt hoe groot de kans is dat het risico kan plaatsvinden; waar mogelijk wordt hierbij gekeken naar de ervaringen in het verleden. Er zijn tegenwoordig meer uitgebreide risicomanagement-theorieën waarbij analytischer gekeken kan worden naar de mate van risico in relatie tot de mate van impact.
In de tweede helft van 2021 is een start gemaakt met het verder uitwerken van het risicobeheersing binnen de organisatie. Dit heeft geresulteerd in de Nota weerstandsvermogen en risicomanagement 2022 – 2025, waar het college in december 2021 mee heeft ingestemd en welke vervolgens in de raadsvergadering van februari 2022 is vastgesteld. Effecten van de oorlog in Oekraïne Door de inval van Rusland in Oekraïne, in februari 2022, zijn er verschillende effecten in gang gezet. Een van de gevolgen is dat Oekraïners het land ontvluchten en elders in Europa worden opgevangen, zo ook in Nederland. De opvang van Oekraïners werd gecoördineerd vanuit de gemeente in samenwerking met externe partijen, zoals de Veiligheidsregio (VRU). Deze coördinatie heeft een beslag op de ambtelijke capaciteit gelegd, die daardoor in beperkte mate aan hun reguliere werkzaamheden zijn toegekomen. Vooralsnog blijkt het lastig om de huidige en toekomstige effecten van deze opvang om te zetten in een te verwachten risico. Voor verdere toelichting zie de extra paragraaf Oekraïne. Benodigde weerstandscapaciteit De benodigde weerstandscapaciteit bestaat uit het totaal van kansen dat risico’s zich voordoen maal het brutobedrag dat ermee gemoeid is. Deze zijn in onderstaande risicoanalyse weergegeven en toegelicht: J a a r s t u k k e n
2 0 2 2 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
58 | P a g i n a
Kans
Bruto
Netto (kans x bruto)
in %
in €
in €
In 2022 hebben zich geen problemen voorgedaan rondom de gemeente- garanties. Voor 2022 zijn de bedragen aangepast aan de nieuwe opgave WSW en blijft het risico-% gehandhaafd op 2%
2%
17.700.000
De beoordeling van deze claim is Er is bij een onafhankelijk zeer complex, mede gezien de deskundige adviseur een lange periode waarop deze zaak conceptbeoordeling aangevraagd betrekking heeft. Om inzicht te en ontvangen. Recentelijk heeft de krijgen wordt een rechter uitspraak gedaan en de conceptbeoordeling van de claim claim afgewezen. Er kan nog wel een opgevraagd bij een onafhankelijk herzieningsverzoek ingediend deskundige adviseur. worden.
2%
De PW is een open-einde-regeling. Dat houdt in Beheersing vindt plaats binnen Door de T-2 systematiek van de dat eventuele overschrijdingen op deze taak de GR FermWerk BUIG was het risico 2022 nagenoeg voor risico van de gemeente is. Het risicoPeriodiek ontvangt de gemeente gelijk aan de verwachting. bedrag is gebaseerd op het totaal aan kwartaal- rapportages over uitkeringen aan de gemeente volgens de realisatie van taken en middelen Participtiewet.
5%
Risico
Ondernomen acties en risico inschatting
Beheersmaatregelen
Verstrekte garanties Er zijn diverse gemeentegaranties aan Deze garanties zijn in eerste instellingen verstrekt (peildatum 31 december instantie gegarandeerd door het 2021). Het grootste deel hiervan zijn garanties Waarborgfonds Sociale voor woningbouwverenigingen waar de Woningbouw (WSW). gemeente samen met het Rijk voor 50% een achtervang-positie inneemt.
354.000
Planschadeclaim De wet 'Ruimtelijke ordening' biedt burgers de mogelijkheid voor om planschade te claimen bij de gemeente (artikel 6.1). Eind 2017 is een aanvraagformulier met een claim voor tegemoetkoming planschade ontvangen naar aanleiding van de vaststelling van het bestemmingsplan Buitengebied. In de wet ruimtelijke ordening wordt voor de beoordeling van de claim een onafhankelijk en deskundig adviseur aangewezen.
356.345
7.127
Participatiewet uitkeringen (PW)
Toename bijstandsuitkeringen door Corona. Daadwerkelijke trendcijfers Door de Corona-uitbraak is de verwachting dat worden periodiek gerapporteerd het aantal bijstandsuitkeringen met een factor door Fermwerk. 0,20 tot 1 (of meer) kan zal toenemen. Door de t-2 vergoedingssystematiek. Vooraf aan Corona werden 103 bijstandsuitkeringen verstrekt
1.646.812
Het aantal uitkeringen levensonderhoud is in 2022 gedaald.Het aantal uitkeringen bijzondere bijstand en andere minimaregelingen is gestegen
pm
82.341
nntb
Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) excl. decentralisatie De WMO is een open-einde-regeling. Dat houdt 1. Toewijzing voor ondersteuning Binnen de posten die vallen onder in dat eventuele overschrijdingen op deze taak worden binnen de grenzen van de de clientgebonden kosten Wmo zijn voor risico van de gemeente is. Het gaat hierbij wet individueel bepaald en diverse voor en nadelen die elkaar met name om huishoudelijke hulp, woon- en gemonitord, waardoor de kosten grotendeels compenseren. Een vervoersvoorzieningen. Door invoering van het beheersbaar blijven. uitzondering daarop zijn de abonnementstarief en loonontwikkeling bij woningaanpassingen. In 2022 zijn er huishoudelijke hulp is de kans groot dat de minder incidentele uitgaven totale kosten zullen gaan stijgen. Zonder geweest dan voorgaande jaren, compensatie via de Rijksbijdrage komen deze daarnaast is er een afname van méérkosten voor rekening van de gemeente. groepsbegeleiding door de realisatie van een voorliggende voorziening. Er is hierdoor een onderschrijding van ca. € 160.000,-
10%
1.638.972
163.897
2.514.549
125.727
126.502
12.650
Jeugdzorg De jeugdzorg is een open-einderegeling. Dat 1. Toewijzing voor ondersteuning Binnen de posten die vallen onder houdt in dat eventuele overschrijdingen op worden binnen de grenzen van de de clientgebonden kosten Jeugd zijn deze taak voor risico van de gemeente is. Het wet individueel bepaald en diverse voor en nadelen die elkaar grootste risico’s betreft voornamelijk de gemonitord, waardoor de kosten grotendeels compenseren. Er is een complexe dure zorgtrajecten, waarbij zo beheerst mogelijk blijven. overschrijding van ca. € 330.000,incidentele zorgbehoeften tot forse extra welke met name is veroorzaakt door uitgaven kunnen leiden. Bovendien is de de invoering van het zorgvraag ad hoc en is er nog beperkt historisch woonplaatsbeginsel en de kosten inzicht in de kostenontwikkeling. Zonder van zorg aan de Oekraiense compensatie via de Rijksbijdrage komen jeugdigen. eventuele méérkosten voor rekening van de gemeente.
5%
Verstrekte leningen Uit hoofde van de publieke taak heeft de gemeente leningen verstrekt aan de Stichting Zwembad, Stichting Kunstgras Montfoort en een voetbalvereniging.
J a a r s t u k k e n
2 0 2 2 -
Het beleid is erop gericht om de leningenportefeuille zo beperkt mogelijk te houden.
G e m e e n t e
Het risicobedrag is gebaseerd op de omvang van de leningen, conform jaarrekening 2022. Gezien de stabiele trend en de beperkte omvang van de portefeuille blijft het percentage gehandhaafd
M o n t f o o r t
10%
59 | P a g i n a
J a a r s t u k k e n
2 0 2 2 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
60 | P a g i n a
Gemeenschappelijke regelingen De gemeente kan worden geconfronteerd met We brengen de risico’s zo goed Het door een GR gevraagde extra Per GR een ander financiële tegenvallers van verbonden mogelijk in beeld door de budget wordt beoordeeld op de % partijen. Door deelname verplicht de verbonden partijen scherp te parameters voor gemeente zich namelijk ook om bij te dragen in monitoren via het kostenontwikkeling conform de eventuele extra méérkosten. Op basis van de accounthouderschap. Het septembercirculaire. Toegezonden informatie uit de paragraaf verbonden partijen benodigde weerstands-vermogen kadernota's van GR-en zijn wordt per verbonden partij ingegaan op de is gebaseerd op de omvang van beoordeeld op de getoonde stand van zaken (zie tabel hieronder). de totale bijdrage en niet per budgett aire ontwikkeling. Waar Doordat de gemeente steeds meer regeling bepaald. Toegezonden noodzakelijk is hierop gereageerd samenwerkt met andere gemeenten, kunnen kadernota's van GR-en worden via zienswijze en/of afgestemd met de risico’s niet meer zelfstandig beheerst beoordeeld op de getoonde de eigen vertegenwoordiger binnen worden. Samenwerking hierin is dus van groot budgett aire ontwikkeling. Waar AB.
De totale budgetmutatie tussen belang, maar ook lastig wanneer er verschillen noodzakelijk wordt hierop de primaire begroting en de van inzicht tussen gemeenten rondom de gereageerd via zienswijze en/of werkelijk kosten bedroeg waargenomen risico's zijn. afgestemd met de eigen (6.863.000-/-6.656.000 = 206.000) vertegenwoordiger binnen AB voordeel. Dit betreft dus een voordeel, valt daarmee binnen het vastgestelde risicobudget.
3.685.908
260.571
De gemeente kan worden geconfronteerd met tegenvallende efficiency-voordelen bij het terughalen van de niet-wett elijke taken bij de ODRU.
Het blijven monitoren van de overgang niet-wett elijke taken naar de gemeente.
De verwachting is dat in 2022 de niet-wett elijke taken van de ODRU terug zijn gegaan naar de gemeente, waarmee een efficiency van € 200.000,- is behaald
20%
Gemeenschappelijke regelingen met een verschoven debiteurenbeheer, namens de gemeente, kunnen een post dubieuze debiteuren vormen. Conform recente jurisprudentie behoort het vormen van een voorziening ter dekking van dit risico niet bij de GR te worden gedaan, maar bij de opdrachtgever (de gemeente).
Als opdrachtgever is het zicht op de uitvoering van debiteurenbeheer en het beoordelen van risico’s niet inzichtelijk. Een evt. voorziening dubieuze debiteuren kan de gemeente daarom niet onderbouwen met documenten richting accountant/ ihkv rechtmatigheid
Het opnemen van een noodzakelijke voorziening wordt vervangen door het benoemen van dit punt in de risico-paragraaf en wordt het fin risico opgevangen binnen het gevormde weerstandsvermogen ten behoeve van de gemeenschappelijke regeling (hierboven)
zie
Door het preventieve toezicht bij de begroting 2021 is een van de aandachtspunten van de provincie Utrecht het actualiseren van onze beheersplannen (MJOP's). In 2022 zijn de beheersplannen geactualiseerd en de budgett en geactualiseerd. Voor het opvangen van een eventueel financieel risico zijn er twee bestemmingsreserve 'Groot onderhoud wegen' en 'Groot onderhoud kunstwerken' en de voorziening 'Begraafplaatsen' gevormd.
pm
pm
0
De situatie is dat er in het Klimaatakkoord van het Rijk afspraken gemaakt zijn, waaronder het reduceren van de CO2 in 2030. Er kan nog geen raming worden gemaakt van het risicobedrag.
pm
pm
0
Corona-gerelateerde uitgaven worden apart geregistreerd. Compensatie op basis van verminderde omzet wordt in eerste instantie als uitgestelde betaling toegekend en op basis van aangeleverde jaarcijfers (deels) toegekend en/of teruggevorderd. In 2020 zijn met enkele horecaondernemers afspraken gemaakt over een flexibele huurprijs voor de periode 2020 tot en met 2024. Het risico bestaat dat de uitgestelde betaling uiteindelijk niet wordt voldaan. In 2022 gaat het om een bedrag van uitgestelde huur van circa € 43.408.
5%
200.000
40.000
hierboven
Actualiseren beheersplannen Het actualiseren van de beheersplannen Het blijven monitoren van de (MJOP's) gaat gepaard met financiele gevolgen voortgang van de die van significante aard kunnen zijn. Om de onderhoudsbudgett en financiele impact beheersbaar te houden kan er gekozen worden voor het getemporiseerd invoeren van de beheersplannen. Aan de andere kant zijn er ook reserves en een voorziening beschikbaar.
Duurzaamheidsambities De.gemeente Montfoort heeft nog geen Het blijven monitoren van de duurzaamheidsambities en voorlopig hiervoor ontwikkelingen op duurzaamheid geen (extra) budget beschikbaar gesteld. Tot en CO2. die tijd worden de duurzaamheidsmaatregelen uitgesteld. Het risico bestaat dat Montfoort straks aan de door het Rijk gestelde doelen (met name CO2) voor 20230 uit het Klimaatakkoord niet kan voldoen.
Corona De financiële gevolgen van de coronapandemie kunnen, naast incidenteel effect, ook een meer structureel effect hebben. De omvang van het risico hangt erg af van de ontwikkelingen en resultaten die geboekt worden bij enerzijds de bestrijding ervan en anderzijds de compensatie die geboden wordt door het Rijk om financiele effecten op te vangen.
De corona-effeten zijn grotendeels niet beinvloedbaar en daardoor moeilijk beheersbaar voor de gemeente. De gemeente is afhankelijk van het gevoerde (landelijke) coronabeleid en de financiële armreiking die het Rijk biedt.
J a a r s t u k k e n
G e m e e n t e
2 0 2 2 -
M o n t f o o r t
43.408
2.170
61 | P a g i n a
Ve rontreiniging grond Gemeentew erf Op de werf, op de plek wa ar voorheen de zoutopslag was, is de grond verontreinigd.
Onderzoeken van de situatie, De situatie is in het najaa r 2019 opstellen monitoringsplan en evt onderzocht en er is een een sanerings plan. monitoringsplan opgesteld. Wanneer de vervuiling stabiel blijft en zich niet mobiliseert, dan hoeft er niet gesaneerd te worden. Er kan dan ook geen raming gemaakt worden van het risicobedrag.
p.m.
p.m.
Totaal becijferde risico’s excl. Grondexploitaties
0
1.048.483
Grondexploitaties Risico's op grondexploitaties worden grotendeels bepaald door marktontwikkelingen.
De risico’s op de grondexploitaties worden jaarlijks becijferd en verwerkt in het meerjarenprogramma grondbedrijfsfunctie (MPG).
In 2022 staat er nog 1 GREX open (Voorvliet). Er zijn nog enkele herstelwerkzaamheden nodig. De kosten hiervan worden verrekend met de nog openstaande balanswaarde van de grex. De definitieve afronding vindt plaats in 2023
Totaal becijferde risico’s incl. grondexploitaties
Verbonden partij
n.v.t.
n.v.t.
0
1.048.483
Correctie Bijdrage i.v.m. t.b.v. risicoRisicobedrag in Risico in % afzonderlijke berekening € geldstromen in 2022 in € 428.509 0 428.509 5% 21.425 229.680 0 229.680 5% 11.484 620.594 0 620.594 5% 31.030 821.066 0 821.066 5% 41.053 60.557 0 60.557 5% 3.028 820.719 0 820.719 10% 82.072 3.675.482 2.970.699 704.783 10% 70.478 6.656.607 3.685.908 260.571
Totale bijdrage in 2022 in €
Afvalverwijdering Utrecht (AVU) Belasting Samenwerking Rivierlanden (BSR) Gemeentelijke GezondheidsDienst regio Utrecht (GGDrU) Veiligheidsregio Utrecht (VRU) Regionaal Historisch Centrum Rijnstreek/Lopikerwaard (RHC) Omgevingsdienst Regio Utrecht (ODRU) Ferm Werk (FW) Totaal
Toelichten risicobedrag Verbonden partijen Voor het bepalen van het risico, dat de gemeente loopt door deelname aan diverse verbonden partijen, wordt per gemeenschappelijke regeling een inschatting gemaakt van het risicobedrag en grootte van het risico in procenten. Hieronder treft u de berekening van dit bedrag aan. Het totaal is opgenomen in de inventarisatie van risico’s in de tabel hierboven. Verhouding benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit Bij het bepalen van het benodigde weerstandsvermogen wordt aangenomen dat de algemene reserve een minimale omvang van € 1 miljoen moet hebben om risico’s op te kunnen vangen. Dit bedrag is exclusief het risico op grondexploitaties, omdat hiervoor een aparte reserve wordt aangehouden. In bovenstaande tabel is het benodigde bedrag nader onderbouwd en op basis van de beschreven risico’s bepaald op € 1,0 miljoen excl. grondexploitaties. Daarnaast is gekeken naar het weerstandsvermogen als de risico’s en de reserve voor het grondbedrijf wél worden meegenomen. Conform ons financieel beleid moet de factor voor het weerstandsvermogen minimaal 1,5 zijn. Met 4,92 (exclusief grondexploitaties) wordt daar aan voldaan. Omschrijving (bedragen in €) Beschikbare incidentele weerstandscapaciteit (a) Benodigde weerstandscapaciteit (zie totaal risico’s) (b) Ruimte in de weerstandscapaciteit o.b.v.
1,5 --> (a-(1,5 x b)) Factor weerstandsvermogen (a/b)
Exclusief Inclusief grondexploitaties grondexploitaties 5.154.412 5.154.412 1.048.483 1.048.483 3.581.687 3.581.687 4,92 4,92
Het beleid omtrent de aanwending van de weerstandscapaciteit Wanneer risico’s zich voordoen kan dit leiden tot kosten voor de gemeente. In zo’n geval wordt mogelijk de financiële positie van de gemeente aangetast en moeten maatregelen worden getroffen om de gewenste situatie weer te bereiken. Het volgende is van toepassing met betrekking tot risicobeheer. 1. Allereerst worden tijdig beheersmaatregelen genomen, zoals het op orde krijgen van processen, de inzet van gekwalificeerd personeel en het verzekeren tegen bepaalde risico’s. J a a r s t u k k e n
2 0 2 2 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
62 | P a g i n a
2. 3.
4.
5.
Wanneer beheersmaatregelen niet werken, dan wordt gekeken of de schade uit de daarvoor bedoelde programmabudgetten kan worden betaald of uit de post onvoorzien. Als dat niet mogelijk of bestuurlijk ongewenst is, dan worden de algemene reserves aangesproken; onderdeel van de algemene reserves is de benodigde weerstandscapaciteit. Hierbij wordt aangegeven op welke wijze gezorgd wordt dat de algemene reserve hoog genoeg blijft voor het opvangen van risico’s. Als de algemene reserves niet toereikend zijn, zal een beroep worden gedaan op de bestemmingsreserves. Ook in dit geval zal aangegeven worden op welke wijze de reserves worden aangevuld en wat de consequenties zijn voor het voorgenomen beleid. In het geval de algemene reserves en de bestemmingsreserves tekortschieten, wordt de raad voorgesteld om de gemeentelijke belasting te verhogen of om te bezuinigen.
Kengetallen Het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) bepaalt dat gemeenten voortaan een basisset van vijf financiële kengetallen moeten opnemen in de begroting en de jaarrekening. Doel van deze kengetallen is de raad op eenvoudige wijze inzicht te geven in de financiële positie van de gemeente. Het gaat om de volgende kengetallen: Netto schuldquote en de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen. Solvabiliteitsratio. Grondexploitatie. Structurele exploitatieruimte. Belastingcapaciteit. Kengetal
Rekening Rekening Rekening Rekening 2019 2020 2021 2022
Netto schuldquote
46,0%
55,5%
48,5%
42,6%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
45,2%
54,9%
48,0%
42,6%
Solvabiliteitsratio Grondexploitatie
19,9% 4,7%
11,2% 5,1%
11,3% -0,2%
13,2% -0,2%
Structurele exploitatieruimte
-5,7%
0,4%
0,8%
3,9%
117,0%
116,9%
124,7%
124,6%
Belastingcapaciteit
Toelichting: Netto schuldquote (inclusief verstrekte leningen en hiervoor gecorrigeerd) Dit kengetal geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Een normale netto schuldenlast ligt voor gemeenten tussen 0% en 90%. Als de netto schuldquote tussen 90% en 130% ligt, is de gemeenteschuld hoog en dient deze niet verder toe te nemen. Een quote boven de 130% wordt algemeen beschouwd als te hoog. Voor Montfoort ligt dit cijfer dus ruim binnen de veilige marge. Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan de financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid van de gemeente. Dit cijfer ligt bij gemeenten doorgaans rond de 30%. Voor Montfoort ligt dit kengetal lager dan de norm en komt voor 2022 uit op 13%. Dit geeft aan dat de financiële weerbaarheid van de gemeente onder druk staat en de gemeente verhoudingsgewijs te weinig eigen vermogen heeft ten opzichte van de hoeveelheid aangetrokken vreemd vermogen.
J a a r s t u k k e n
2 0 2 2 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
63 | P a g i n a
Grondexploitatie Dit kengetal geeft weer hoe de waarde van de grond zich verhoudt tot de totale (geraamde) baten. In de jaarrekening 2022 is de grondexploitatie Voorvliet afgerond, met dien verstande dat er nog een bedrag van € 59.402 openstaat voor enkele afrondende werkzaamheden. Naar verwachting wordt deze grondexploitatie in 2023 volledig afgerond. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte de gemeente heeft om de eigen structurele lasten te dragen of welke structurele stijging van de baten of daling van de lasten daarvoor nodig is. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten (waaronder de rente en aflossing van leningen) te dekken. De structurele exploitatieruimte laat voor de gemeente Montfoort echter een positief kengetal zien. Dat betekent dat de gemeente meer structurele baten heeft dan lasten en daardoor enige ruimte heeft om eventuele lastenstijgingen op te vangen. Belastingcapaciteit Dit kengetal geeft inzicht hoe de belastingdruk in de gemeente zich verhoudt ten opzichte van het landelijk gemiddelde. De belastingcapaciteit geeft inzicht in de mate waarin een financiële tegenvaller in het volgende begrotingsjaar kan worden opgevangen en of er ruimte is voor nieuw beleid.
Een kengetal boven de 100% geeft aan dat de lasten van de gemeente boven het landelijk gemiddelde liggen. Voor de gemeente Montfoort komt het kengetal voor de belastingcapaciteit boven de 100% uit. Dat betekent dat de gemeente minder mogelijkheden heeft om via belastingverhoging bij te sturen. Hiermee is de wendbaarheid van de gemeente om tegenvallers op te vangen beperkter dan gemiddeld. Duiding van de kengetallen De kengetallen geven, in hun samenhang, een beeld over hoe de financiële gezondheid van de gemeente ervoor staat. Uit de gepresenteerde kengetallen komt een beeld naar voren van een gemeente, die in bewolkt weer met hier een daar een opklaring verkeert. De solvabiliteit is iets toegenomen en is uitgekomen op 13%. Dit geeft aan dat het eigen vermogen iets is toegenomen, maar ondanks dat het voor de gemeente ook nog lastig kan worden om aan haar verplichtingen te voldoen. Aan de andere kant is een lichte versteviging van de financiële positie zichtbaar in de stijging van kengetal voor de structurele exploitatieruimte. Deze indicator geeft aan de er enige speelruimte is om (een stijging van) de structurele lasten op te vangen. Ook de ontwikkeling van de schuldquote lijkt positief te zijn, of dit structureel doorzet is afwachten. Het aandeel vreemd vermogen ten opzichte van het totaal vermogen is wel gestegen.
Rest de vraag of de gemeente nog financieel kan bijsturen aan de batenkant: door het verhogen van de eigen inkomsten. Uit het kengetal van de belastingcapaciteit kan men concluderen dat de gemeente hier nauwelijks meer mogelijkheden heeft. Deze indicator staat al ver boven de 100% waaruit blijkt dat de belastingdruk voor de inwoners van de gemeente Montfoort al fors hoger is dan gemiddeld in Nederland. De beperkte mogelijkheid tot sturing op de baten wordt mede onderbouwd door de beperkte omvang van de nog aanwezige onbenutte belastingcapaciteit van € 207.000.
J a a r s t u k k e n
2 0 2 2 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
64 | P a g i n a
3.3 Onderhoud kapitaalgoederen Portefeuillehouder(s): C. van Dalen Intro De gemeente Montfoort heeft veel eigendommen, zoals vastgoed en de elementen van de openbare ruimte. De paragraaf kapitaalgoederen gaat over het onderhoud van deze kapitaalgoederen. Met deze opzet van de paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen ontstaat er een andere manier van verantwoording over het beheer van deze kapitaalgoederen. De opzet van deze paragraaf is als volgt: - Status van de beheerplannen; - Kwaliteit van de kapitaalgoederen; - Uitvoering van kredieten; - Beheerplannen. De beheerplannen vormen de basis voor het onderhouden van alle kapitaalgoederen. In 2021 is er hard gewerkt om enkele beheerplannen te actualiseren of op te stellen. Dat is gelukt en nu zijn de belangrijkste beheerplannen voor Montfoort beschikbaar. Er zijn nog wel wensen voor beheerplannen, echter daar zit geen urgentie op. In de onderstaande tabel staan de betreffende beheerplannen met de status en planperiode. Beheerplan Openbaar groen (niet aanwezig)
Looptijd van / tot Nog op te stellen
Bomenbeheerplan Speelbeheerplan Beheerplan begraafplaatsen Wegenbeheerplan Beheerplan openbare verlichting Gladheidsbeheerplan Gemeentelijk rioleringsplan Beheerplan water (baggeren en duikers) Beheerplan oeverbescherming
2020-2023 2022-2030 2022-2025 2022-2026 2022-2032 2019/ 2025 2019/ 2024 Nog op te stellen
Programma zwerfafval Nota afvalstoffen 2020 Beheerplan kunstwerken
N.v.t. N.v.t. 2022-2031
Tractieplan Gemeentelijk Vastgoed/gebouwen
2013-2024 2021-2030
Nog op te stellen
Opmerking Is wenselijk, we hebben areaal in beeld en lopen geen risico
In 2023 wordt gestart met actualisatie Is wenselijk, we lopen geen risico Is wenselijk, we hebben areaal in beeld en lopen geen risico
Kwaliteit van de kapitaalgoederen In dit deel wordt een weergave gegeven van de raadskeuzes voor de onderhoudsniveaus van de verschillende elementen in de openbare ruimte. Voor ieder beheerplan zijn verschillende onderdelen opgenomen die aangeven welke kwaliteit is gekozen en hoe dit wordt gemonitord, zo is de frequentie, de normering/ methode en de uitvoering beschreven. De eerste tabel betreft de legenda voor de beeldkwaliteit.
J a a r s t u k k e n
2 0 2 2 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
65 | P a g i n a
Legenda voor CROW-beeldkwaliteit: Kwaliteit Omschrijving A+ Zeer Ongeschonden, net nieuw aangelegd goed A Goed Mooi en comfortabel B Voldoen Functioneel de C Matig Onrustig beeld, enige vorm van hinder, aanloop naar achterstallig onderhoud D
Te slecht
Kapitaalvernietiging, uitlokking van vernieling, functieverlies, juridische aansprakelijkheid
Ambitie en gerealiseerde beeldkwaliteit Ambitie Frequentie Onderdeel kwaliteit C Maandelijks Openbaar groen C ¼ per jaar Bomen A Maandelijks Bloemrijk Montf. N.v.t. Maandelijks Spelen A Maandelijks Begraafplaatsen C 1 x per 2 jaar Wegen Openbare N.v.t. Jaarlijks verlichting C Maandelijks Wegmeubilair N.v.t. Indien Gladheid noodzakelijk N.v.t. Inspectie jaarlijks Riolering 1/7 deel N.v.t. Duikers N.v.t. Jaarlijks Water 1 x per 4 jaar Oeverbescherming C C Maandelijks Zwerfafval N.v.t. Jaarlijks Afvalstoffen Marktkasten N.v.t. Jaarlijks N.v.t. 1 x per 4 jaar Sluis en bruggen N.v.t. Jaarlijks Tractie 3 Om de 4 jaar Gebouwen
Normering CROW-beeldkwal. CROW-beeldkwal. CROW-beeldkwal. Warenwet CROW-beeldkwal. CROW- nr. 146
CROW-beeldkwal. Geen normen beschikbaar CROW-normen
Waterkeur CROW CROW-beeldkwal. Scheidingsmeter Technische normen Technische normen APK-Keuring NEN 2767
Kwal. gerealiseerd in 2022 C C A N.v.t. A Meting in 2023 N.v.t. C N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t. C B N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t.
Conclusies De conclusie over het onderhoud van de verschillende onderdelen en de bijbehorende beeldkwaliteit van 2022 is dat op de onderdelen waar de beeldkwaliteit wordt toegepast en ook daadwerkelijk (regelmatig) is gemeten, komt dit overeen met de door de raad gestelde ambitie. Voor de wegen wordt een meting planmatig eenmaal in de twee jaar gedaan. In 2022 heeft deze meting door omstandigheden niet plaats kunnen vinden. In 2023 wordt deze uitgevoerd. Verder valt op dat de beeldkwaliteit van het zwerfafval beter is dan de ambitie aangeeft. De reden hiervoor ligt bij de efficiënte zwerfafvalacties van Duurzaam Montfoort. Kredieten Onderdeel van de beheerplannen zijn ook enkele kredieten die speciaal voor een doel worden aangevraagd. In de onderstaande tabel is een aantal kredieten weergegeven, waarbij per krediet is opgenomen wat het doel van het krediet is en wat de status van het krediet / project is.
J a a r s t u k k e n
2 0 2 2 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
66 | P a g i n a
Kredieten
Onderdeel van beheerplan:
Herstel oevers Lange Linschoten
Beschoeiingen
Nieuwe urnenmuur De Stuivenberg
Beheerplan begraafplaatsen
Vervanging openbare verlichting
Openbare verlichting
Renovatie minigemalen
Gemeentelijke Rioleringsplan
J a a r s t u k k e n
2 0 2 2 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
Doel Vervanging Uitbreiding
In 2022 gedaan: Voorbereiding (bestek en contract)
Vervanging
Uitvoering afgerond Uitvoering in afrondingsfase
Vervanging
Uitvoering afgerond
67 | P a g i n a
3.4 Financiering Portefeuillehouder(s): W. van Wikselaar Algemeen De paragraaf Financiering is op grond van de Wet financiering decentrale overheden (FIDO) en hetBesluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) een verplicht onderdeel van de gemeentebegroting en jaarrekening. De paragraaf is een weergave van de wijze waarop de financieringsfunctie (het stelsel van leningen, beleggingen en garanties) binnen de gemeente is ingericht. De uitvoering van de treasury vindt zijn weerslag in deze paragraaf. Treasury is een proces binnen een organisatie dat tot doel heeft het financieringsmanagement en het cashmanagement te optimaliseren en te waarborgen dat het bedrijf aan zijn verplichtingen tegenover schuldeisers kan voldoen. Het treasurybeleid wordt gevoerd vanuit de door de raad vastgestelde financiële verordening en het treasurystatuut, daarnaast op onderdelen door wetgeving van de centrale overheid. Financieringspositie en -resultaat Financieringspositie De financieringspositie wordt bepaald door de boekwaarde van de activa af te zetten tegen de beschikbare financieringsmiddelen in het eigen vermogen (reserves) en vreemd vermogen (langlopende geldleningen en voorzieningen). Als de waarde van de activa lager is dan de financieringsmiddelen spreken we van een financieringsoverschot, als de waarde hoger is van een financieringstekort.
In het volgende schema is het (verwachte) verloop van de financieringspositie van de gemeente Montfoort per jaar ultimo over 2021 tot en met 2026 opgenomen. Financieringspositie 2021-2026 (bedragen x € 1.000.000) 2021
2022
2023
2024
2025
2026
Vaste activa Materieel Financieel Onderhanden werk Totaal vaste activa
26,3 0,2 0,0 26,5
28,2 0,2 0,0 28,4
46,4 0,2 0,0 46,6
44,4 0,2 0,0 44,6
43,8 0,2 0,0 44,0
42,3 0,2 0,0 42,5
Financieringsmiddelen Opgenomen leningen Voorzieningen Reserves Resultaat Totaal vaste passiva
16,0 7,6 2,9 0,7 27,2
27,9 7,7 3,5 3,0 41,9
26,6 8,4 3,1 1,4 39,5
25,2 8,9 3,1 1,4 38,6
23,8 9,6 3,1 2,7 39,2
22,3 9,6 4,0 0,1 36,0
Financieringspositie (ultimo) Financieringspositie (gem. in het jaar)
0,7 -0,8
13,5 7,1
-7,1 3,2
-6,0 -6,6
-4,8 -5,4
-6,5 -5,7
In het kader van totaalfinanciering zijn in het 4 e kwartaal 2022 twee vaste geldleningen van in totaal € 13.000.000 opgenomen. Naar de actuele inzichten loopt het financieringstekort in de toekomst op en is mogelijk opnieuw een beroep op de kapitaalmarkt nodig. De wijze van dekking hangt onder meer af van het daadwerkelijk verloop van de verwachte investeringen en de renteverwachting.
J a a r s t u k k e n
2 0 2 2 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
68 | P a g i n a
Financieringsresultaat Investeren kost geld. Aan investeringen wordt daarom een interne rente toegerekend. Voor financieel vaste activa geldt dat er een contractueel overeengekomen rente aan de debiteur wordt toegerekend. Als we de som van beiden verlagen met de rente die we moeten betalen over de opgenomen geldleningen weten we het effect van de financiering op de begroting (financieringsresultaat). In het volgende overzicht is het gerealiseerde financieringsresultaat over 2022 en het begrote financieringsresultaat over 2023 tot en met 2026 weergegeven. Financieringsresultaat 2021-2026 (bedragen × € 1.000.000) 2021
2022
2023
2024
2025
2026
0,2
0,3
0,3
0,6
0,5
0,5
0,0
0,0
0,0
0,0
0,0
0,0
0,0 0,2
0,0 0,3
0,0 0,3
0,0 0,6
0,0 0,5
0,0 0,5
0,2 0,0 0,2
0,3 0,0 0,3
0,6 0,0 0,6
0,6 0,0 0,6
0,5 0,0 0,5
0,5 0,0 0,5
0,0 0,0 0,0
0,0 0,1 -0,1
-0,3 0,1 -0,4
0,0 0,3 -0,3
0,0 0,3 -0,3
0,0 0,3 -0,3
Rentebaten: Toegerekende rente aan investeringen Toegerekende rente aan grondexploitaties Ontvangen rente Totaal rentebaten Rentelasten: Betaalde rente van geldleningen Rente over financieringstekort Totaal rentelasten Berekend financieringsresultaat Financieringsresultaat volgens MJB Verschil
Rentetoerekening aan investeringen Bij de begroting 2022 is uitgegaan van een toegerekend rentepercentage aan investeringen van 1,0%. Conform de stellige uitspraken van de commissie BBV wordt een correctie verplicht gesteld als de afwijking groter is dan 25%. Voor jaarrekening 2022 was dit niet het geval en is het rentepercentage gehandhaafd op 1,0%. Schema rentetoerekening realisatie jaar 2022
a. De externe rentelasten over de korte en lange financiering b. De externe rentebaten (idem) Saldo rentelasten en rentebaten C1. De rente die aan de grondexploitatie wordt doorberekend C2. De rente van projectfinanciering die aan het betreff ende taakveld wordt toegerekend C3. De rentebaten van doorverstrekte leningen waar een specifieke lening voor is aangetrokken, die aan het betreff ende taakveld wordt toegerekend
312.705
-/-
€
-4.796 307.909
-/-
€
-1.022
-/-
€
-
+/+ €
-1.022
Aan taakvelden toe te rekenen externe rente d1. Rente over eigen vermogen d2. Rente over voorzieningen
€ +/+ € +/+ €
Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente e. De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag) f. Renteresultaat op het taakveld Treasury
* De boekwaarde van de activa die integraal zijn gefi nancierd per 1 januari bedragen De aan taakvelden toegerekende rente bedraagt Percentage afwijking tussen de werkelijke rentelasten en toegerekende rentelasten
J a a r s t u k k e n
2 0 2 2 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
-/-
308.931 -
€
308.931
€
-279.161 *
€
29.770
26.548.344 279.161
10 %
69 | P a g i n a
Wet FIDO en financiering De Wet FIDO heeft tot doel decentrale overheden een kader te geven om renterisico’s op leningen zo beperkt mogelijk te houden. Renterisico ontstaat door wijzigingen in rentepercentages van opgenomen leningen en kasgeldleningen. Er zijn twee verplichte richtlijnen in de Wet FIDO om de renterisico’s te bewaken en te beheersen; de kasgeldlimiet voor korte financiering en de renterisiconorm voor lange financiering. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet stelt een grens aan het bedrag dat met kort geld (korter dan één jaar) mag worden gefinancierd. Dit is een door de overheid vastgesteld percentage (momenteel 8,5%) van de begrote lasten per jaar. Als de gemiddelde korte financiering de limiet overschrijdt is consolidatie nodig door middel van het afsluiten van een lange financiering. Kasgeldlimiet Montfoort 2022-2026 (bedragen × € 1.000) 2022 2023 2024 2025 2026 Begrote lasten 30.156 33.241 33.674 33.918 32.050 Kasgeld limiet (8,5%) 2.563 2.825 2.862 2.883 2.724 Er is gedurende 2022 door gemeente Montfoort vijf keer een kasgeldlening aangetrokken. Overschrijding van de kasgeldlimiet is derhalve niet aan de orde geweest. Renterisiconorm Ook voor renterisico’s in de lange financiering is in de Wet FIDO een norm gesteld. Deze norm, de renterisiconorm, bedraagt 20% van de stand van de vaste schuld per 1 januari.
De vaste schuld is hierbij gedefinieerd als de opgenomen leningen met een rentetypische looptijd groter of gelijk aan één jaar. Met andere woorden: de Wet FIDO acht het renterisico aanvaardbaar in de tijd gespreid als een bepaald jaar niet meer dan 20% van per 1 januari geldende restschuld van opgenomen leningen aan renteaanpassing onderhevig is. In het volgende overzicht staat de verwachte ontwikkeling van de renterisiconorm (in € 1.000) bij gemeente Montfoort vermeld. Renterisico 2022-2026 (bedragen x € 1.000) 1-1-2022
1-1-2023
1-1-2024
1-1-2025
1-1-2026
Renteherziening vaste schuld og
berekening a
0
0
0
0
0
Renteherziening vaste schuld ug
b
0
0
0
0
0
c=a-b
0
0
0
0
0
Netto renteherziening Nieuw aangetrokken schuld
d
13.000
0
0
0
0
Nieuw verstrekte leningen
e
0
0
0
0
0
Netto nieuwe schuld
f=d-e
13.000
0
0
0
0
Betaalde aflossingen
g
1.048
1.402
1.405
1.409
1.413
Herfinanciering
h=laagste f of g
1.048
0
0
0
0
Renterisico
i=c+h
1.048
0
0
0
0
Vaste schuld
j
16.020
27.972
26.571
25.166
23.757
Percentage vastgesteld
k
20
20
20
20
20
l=jxk
3.204
5.594
5.314
5.033
4.751
Renterisiconorm
m=l
3.204
5.594
5.314
5.033
4.751
Renterisico vaste schuld
n=i
1.048
0
0
0
0
o=m-n
2.156
5.594
5.314
5.033
4.751
Renterisiconorm
Renterisiconorm Toets renterisiconorm
Ruimte
Schatkistbankieren Afgezien van de mogelijkheid om aan elkaar leningen te verstrekken, zijn decentrale overheden verplicht alle middelen die ze niet direct nodig hebben voor hun publieke taak in de schatkist aan te houden. Wel is er sprake van een bepaalde drempel. Door een herziening van het verplicht schatkistbankieren is de drempel vanaf 1 juli 2021 vastgesteld op 2% van het begrotingstotaal met een minimum van € 1,0 mln. en een maximum van € 10 mln. Uit de tabel hieronder blijkt dus dat er J a a r s t u k k e n
2 0 2 2 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
70 | P a g i n a
gedurende het jaar 2022 ruim onder het minimum bedrag van € 1,0 mln. aan liquide middelen buiten de schatkist is gehouden.
Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar (1)
Drempelbedrag
1000 Kwartaal 1
Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4 70
78
59
53
(3a) = (1) > (2)
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag
930
922
941
947
(3b) = (2) > (1)
Overschrijding van het drempelbedrag
-
-
-
-
(2)
(1) Berekening drempelbedrag Verslagjaar (4a)
Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat
(4b) (4c)
30 30
(1) = (4b)*0,02 + (4c)*0,002 met een minimum van €1.000.000 als het begrotingstotaal kleiner of gelijk is aan 500 mln. En als begrotingstotaal groter dan € 500 miljoen is is het Drempelbedrag drempelbedrag gelijk aan € 10 miljoen, vermeerderd met 0,2% van het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat. (2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
1000
Kwartaal 1 Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal
(5a) (5b)
Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4 6.261
7.064
5.402
4.905
90
91
92
92
70
78
59
53
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
(2) - (5a) / (5b)
Leningenportefeuille opgenomen gelden Het is van belang zicht te hebben op de samenstelling, de grootte en de rentegevoeligheid van de opgenomen geldleningen. De (verwachte) wijzigingen als gevolg van nieuwe leningen, (vervroegde) aflossingen, renteconversies en dergelijke worden daarbij toegelicht. In onderstaand schema worden de mutaties van de leningenportefeuille voor het begrotingsjaar weergegeven( in euro’s). Bank BNG Bank BNG Bank BNG Bank BNG Bank BNG Bank Provincie Limburg
Percentage 1,749% 1,970% 1,530% 0,295% 3,040% 2,935%
Totaal
J a a r s t u k k e n
2 0 2 2 -
Stand 1-1 5.166.667 5.927.368 1.426.417 3.500.000 0 0
Opgenomen
16.020.451
G e m e e n t e
Aflossing 666.667 106.279 100.008 175.000
7.000.000 6.000.000
Rentebedrag 83.725 116.241 21.439 9.892 51.888 29.430
Stand 31-12 4.500.000 5.821.089 1.326.409 3.325.000 7.000.000 6.000.000
13.000.000
312.616
1.047.954
27.972.498
M o n t f o o r t
71 | P a g i n a
Meerjarig laten de opgenomen leningen het volgende zien:
Stand per 1-1 Opname Aflossing Stand per 3112
2022 16.020.45 1 13.000.00 0 1.047.954 27.972.49 8
2023
2024
2025
2026
27.972.498
26.570.920
25.165.654
23.756.634
0
0
0
0
1.401.577
1.405.266
1.409.020
1.412.842
26.570.920
25.165.654
23.756.634
22.343.792
Leningenportefeuille uitgezette gelden Tot deze portefeuille behoren vooral leningen die conform de besluiten van de gemeenteraad zijn verstrekt aan de Stichting Kunstgras Montfoort en de Stichting Zwembad Montfoort. Het saldo van de verstrekte geldleningen bedraagt per 31 december 2022 ruim € 126.000, zonder hypothecaire zekerheid. In de raad van 13 december 2021 is de verordening VROM Starterslening gemeente Montfoort 2010 ingetrokken. Het saldo aan verstrekkingen bij het SVn fonds bedraagt per 31 december 2022 nog € 20.000. Beleggingsportefeuille Het aandelenbezit (totaal € 43.161) is niet gebaseerd op winstoogmerk. Het risico van deze aandelen bij de Bank Nederlandse Gemeenten en Vitens is verwaarloosbaar. Aandelenportefeuille bestaat uit: BNG Bank Vitens Totaal