Bijlage 5 - Willeskop 67_67a, Montfoort_vastgesteld_1_Bijlagen bij toelichting.pdf
Tekst van het document
BIJLAGEN BIJ TOELICHTING PROJECT
Willeskop 67/67a, Montfoort
STATUS
vastgesteld
PROJECTNUMMER
NL.IMRO.0335.BP21120-VA01
DATUM
23-05-2022
Mees Ruimte & Milieu | Postbus 854 | 2700 AW Zoetermeer
info@meesruimteenmilieu.nl | www.meesruimteenmilieu.nl | IBAN NL94ABNA0587770562 | KvK 34237628
COLOFON Mees Ruimte & Milieu | Postbus 854 | 2700 AW Zoetermeer 085 - 744 08 38 085 - 744 08 37 Mees Ruimte & Milieu | Willeskop 67/67a, Montfoort
Pagina | 2
Inhoudsopgave
Bijlagen bij toelichting
5
Bijlage 1
Ecologisch advies en inrichting (Ecogroen, 2021)
6
Bijlage 2
Akoestisch onderzoek (Cauberg Huygen, 2021)
21
Bijlage 3
Verkennend en nader bodemonderzoek (Kwinfra, 2021)
107
Bijlage 4
Onderzoek stikstofdepositie (Cauberg Huygen, 2020)
473
Bijlage 5
Ecologische quickscan (Bureau Buitenwaard, 2020)
490
Bijlage 6
Nader onderzoek kerkuil (Bureau Buitenwaard, 2021)
499
Bijlage 7
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r. (Mees Ruimte & Milieu, 2021
513
Bijlage 8 2021)
Nota van Beantwoording wettelijk vooroverleg (Mees Ruimte & Milieu,
Bijlage 9
Nota van Zienswijzen (gemeente Montfoort, 2022)
524
Mees Ruimte & Milieu | Willeskop 67/67a, Montfoort
534
Pagina | 3
Mees Ruimte & Milieu | Willeskop 67/67a, Montfoort
Pagina | 4
Bijlagen bij toelichting
Mees Ruimte & Milieu | Willeskop 67/67a, Montfoort
Pagina | 5
Bijlage 1 2021)
Ecologisch advies en inrichting (Ecogroen,
Mees Ruimte & Milieu | Willeskop 67/67a, Montfoort
Pagina | 6
Barchman Wuytierslaan 10 3818 LH Amersfoort
Aan
Werktent bv t.a.v. mevrouw L. Groothedde Lansing 9 2771 BK Boskoop
T 0384236464 E info@ecogroen.nl I www.ecogroen.nl
notitie Contactpersoon
Kenmerk
Status
Datum
Martin Heinen
20-698
Definitief v3
29 maart 2021
Betreft
Ecologisch advies en inrichting Willeskop 67-67a, Montfoort
1. Inleiding Werktent NV heeft het voornemen om een bedrijf te vestigen op het perceel aan de Willeskop 67/67A te Montfoort. Het perceel heeft momenteel een agrarische bestemming. Als gevolg van de plannen wordt de bestemming gewijzigd naar een bedrijfsbestemming. Eén van de voorwaarden bij de functiewijziging is dat de oppervlakte van de bebouwing met 50 % wordt verminderd. Aan deze voorwaarde kan niet worden voldaan omdat meer bebouwde ruimte voor het bedrijf nodig is. De gemeente Montfoort heeft bepaald dat een lager slooppercentage wordt gerechtvaardigd als elders op het terrein de ruimtelijke kwaliteit op het gebied van landschap, ecologie, biodiversiteit en/of recreatie in aanzienlijke mate wordt verhoogd. In overleg met de ervenconsulent en architect is door de opdrachtgever gewerkt aan een inrichtingsvoorstel. Uit dat overleg kwam naar voren dat met het huidige voorstel de ruimtelijke kwaliteit rondom het erf nog onvoldoende toeneemt. De gemeente Montfoort heeft daarom aangegeven ook het achterliggende terrein, bestaande uit grasland met sloten, te betrekken bij de ontwikkeling van de ruimtelijke kwaliteit en daar de natuurwaarden te verbeteren en aansluiting op de Hollandse IJssel, ecologische verbindingen en recreatieve ontwikkelingen in het landschap te onderzoeken. Dit moet met een gedegen advies worden aangetoond.
Ecogroen heeft voorliggende notitie opgesteld met daarin ecologische kenmerken van het plangebied en een advies van te nemen minimale maatregelen om de natuurwaarden op het erf en het achterterrein te verhogen. Tevens is onderzoek gedaan naar de mogelijkheden van aansluiting op de Hollandse IJssel, ecologische verbindingen en bestaande recreatieve mogelijkheden in het bestaande landschap. Een eerdere versie van deze notitie is op 9 maart jl. met de gemeente en de ervenconsulent besproken. Ook is op 15 maart telefonisch contact geweest met de ervenconsulent. De resultaten van dit overleg zijn verwerkt in voorliggende notitie. De notitie is geen quickscan natuurtoets in het kader van de Wet natuurbescherming.
Pagina 1 van 14
notitie
2. Leeswijzer In hoofdstuk 3 is de situatie van het plangebied weergegeven. Relevante ecologische kenmerken zijn beschreven in hoofdstuk 4. In hoofdstuk 5 geven wij een korte beschrijving van de historie en geomorfologie van het plangebied. Maatregelen om de natuur en biodiversiteit te versterken zijn vermeld in hoofdstuk 6, de maatregelen van aansluiting op recreatieve mogelijkheden staan in hoofdstuk 7. In hoofdstuk 8 is een vermelding van de geraadpleegde bronnen opgenomen.
3. Situatie Het plangebied is gelegen aan Willeskop 67-67a, ten westen van Montfoort en betreft een voormalig agrarisch bedrijf met woonhuis, stallen en schuren op het erf (zie figuur 1 en bijlage 1). Met uitzondering van de meest westelijke stal verkeren de gebouwen in enigszins vervallen staat. Rondom de gebouwen is op meerdere plaatsen ruigte en spontane opslag van bomen en struiken tot ontwikkeling gekomen. Het achterliggende terrein ligt in een agrarisch slagenlandschap met graslanden. De meeste schuren en stallen worden gesloopt, met uitzondering van de westelijke stal, die wordt verlengd. Het achterterrein met grasland wordt natuurlijk ingericht, waarbij onderzocht is of er kan worden aangesloten op ecologische en recreatieve verbindingen.
Figuur 1 Ligging van het plangebied (rood vlak). Bron luchtfoto: Google Earth.
Pagina 2 van 14
notitie
4. Ecologische kenmerken Ve rant woo rd in g Omdat de vestiging van het bedrijf van Werktent negatieve gevolgen kan hebben voor beschermde natuurwaarden, is dit initiatief in 2020 door Bureau Buitenwaard getoetst aan de bepalingen in de Wet natuurbescherming, in de vorm van een ecologische quickscan (Gijsbertsen 2020) en aanvullende soortonderzoeken (Gijsbertsen 2021a, b en Van Laar & Gijsbertsen 2021). Ook is in 2018 in de directe omgeving van het plangebied een grootschalige flora- en faunakartering uitgevoerd (Van Dijk 2018). De resultaten uit deze onderzoeken en de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) zijn gebruikt bij de beschrijving van de ecologische kenmerken van het plangebied. S oor ten Flora In het plangebied groeien alleen algemene plantensoorten van erven, bemeste graslanden en voedselrijke waterkanten. Meer bijzondere soorten zoals wilde margriet en knoopkruid, kenmerkend voor droge graslanden, groeien in het nabijgelegen natuurgebied Snelrewaard. In de graslanden en sloten zijn soorten van vochtige graslanden en kwelsituaties bekend zoals echte koekoeksbloem, gewone dotterbloem, brede waterpest en holpijp (Van Dijk 2018). Zoogdieren Het plangebied wordt regelmatig bezocht door foeragerende vleermuizen, waaronder gewone dwergvleermuis en gewone grootoorvleermuis, waarvan één exemplaar in 2020 aanwezig was in één van de stallen.
Er zijn geen vaste verblijfplaatsen van vleermuizen in het plangebied aanwezig (Gijsbertsen 2021a). Daarnaast zijn bunzing en algemene zoogdiersoorten als haas, mol en diverse muizensoorten aanwezig en te verwachten (Van Dijk 2018). Broedvogels In de kleine stal zijn oude uitwerpselen en oude braakballen van de kerkuil aangetroffen in de kleine stal. Dit duidt op een roestplaats (Van Laar & Gijsbertsen 2021). De roestplaats is permanent verlaten omdat de uil in november 2017 ter hoogte van het buurhuis Willeskop 65 is verongelukt (NDFF 2021). In het plangebied en directe omgeving broeden naast algemene vogels van erven, tuinen en graslanden ook minder algemene soorten als buizerd, torenvalk, kievit en ringmus (NDFF 2020). Tevens vormt het plangebied onderdeel van het foerageergebied van bosuil en ransuil (Van Laar & Gijsbertsen 2021). Amfibieën Op het erf komt incidenteel rugstreeppad voor. Voortplantingswater en overwinterlocaties ontbreken echter (Gijsbertsen 2021b). In de directe omgeving van het plangebied is heikikker aanwezig. Mogelijk plant de heikikker zich voort in de watergangen in de omgeving (Van Dijk 2018). Heikikker en rugstreeppad zijn minder algemene soorten en binnen de Wet natuurbescherming Europees beschermd.
Bij de herinrichting van het plangebied is het noodzakelijk om rekening te houden met beide soorten en zijn het uitvoeren van mitigerende maatregelen noodzakelijk. Afhankelijk van de aard van de ingreep zijn deze mogelijk ontheffingsplichtig. In het plangebied zijn verder algemene soorten zoals gewone pad, bruine kikker, bastaardkikker en kleine watersalamander voortplantend en overwinterend aanwezig en te verwachten (Van Dijk 2018).
Pagina 3 van 14
notitie
Overige soortgroepen In het plangebied komen geen bijzondere of beschermde reptielen, vissen, ongewervelden en weekdieren voor. Geb ied en Natura 2000 Het plangebied ligt op ruim 7 kilometer van Natura 2000-gebied Uiterwaarden Lek. Overige Natura 2000-gebieden liggen op een afstand van ruim 8 en 16 kilometer, en betreffen respectievelijk de gebieden Zouweboezem (ten zuidoosten) en Oostelijke Vechtplassen (ten noordoosten van het plangebied). Natuurnetwerk Nederland Het gebied Snelrewaard ten noorden van de Hollandse IJssel, op circa 50 meter van het plangebied is onderdeel van het Natuurnetwerk Nederland (NNN, zie figuur 2) (Provincie Utrecht, 2021). Overige gebieden Het plangebied ligt volgens het Natuurbeheerplan 2021 in een weidevogelrandzone, dit is een extra zone ten noorden van het weidevogelkerngebied zuidelijk van de Willeskopse Tiendwetering (zie figuur 2).
Figuur 2 Ligging van het plangebied (grijs vlak) ten opzichte van het NNN (groen vlak), weidevogelkerngebied en weidevogelrandzone. Bron: Provincie Utrecht (2021).
Pagina 4 van 14
notitie
5. Historie en geomorfologie H isto r ie Het landschap behoort historisch gezien tot het Groene Hart met veenweidepolders, strokenverkaveling en lange boerderijlinten. De structuur wordt bepaald door de rivieren, onder andere de Hollandse IJssel, van waaruit de venen werden ontgonnen. Tussen deze ontwikkelingsassen liggen de veenweides met ieder hun eigen kavelstructuur. Op de oeverwallen van de rivieren was de vroegste bewoning aanwezig. Vooral in de 19e eeuw (zie figuur 3), is het landschap veranderd in een ‘ontwateringslandschap’ ten behoeve van de landbouw en bewoning (Volkers 2012).
Figuur 3 Historische kaart omstreeks 1880 omgeving plangebied (gele cirkel). Bron: www.topoptijdreis.nl.
Geom or fo lo gi e , bo dem en g ron dwa te rtr app en Het plangebied behoort tot een stroomrug van de Hollandse IJssel, met meer naar het zuiden een rivierkom- en oeverwalachtige vlakte (bron: www.nationaalgeoregister.nl). De bodem van het plangebied bestaat uit twee soorten kalkloze poldervaaggronden op zware klei (Rn44C en Rn47C) met grondwatertrap IIa, IIIa en b. Dit indiceert een hoge grondwaterstand en vochtige bodem (bron: webkaart.provincie-utrecht.nl).
6. Maatregelen om natuur en biodiversiteit te versterken Aan de hand van de hierboven beschreven ecologische, historische en geomorfologische analyse zijn ecologische maatregelen geformuleerd. Hieronder staan de ecologische maatregelen vermeld die minimaal dienen te worden uitgevoerd om de ruimtelijke kwaliteit te verbeteren op het achterterrein en het erf. Voor een grafische weergave van de maatregelen verwijzen wij naar bijlage 1 waar de nummering van de maatregelen overeenkomt overeen met onderstaande lijst. Impressies en voorbeeldfoto’s van de genoemde maatregelen zijn geplaatst in bijlage 2.
Pagina 5 van 14
notitie
In ri cht i ngsm aat reg e len a cht er te rr ei n Het doel is de openheid behouden door ecologische maatregelen te richten op het grasland en watergangen, die ten goede komen aan weidevogelleefgebied in de weidevogelrandzone en leefgebied voor rugstreeppad en heikikker. De maatregelen 1 t/m 6 zijn noodzakelijk om de ecologische waarden en verbindingen te versterken. Bij de inrichting is gekozen om uit te gaan van het historisch kavelpatroon en de noordwest-zuidoost lopende belijning van de kavels en sloten te versterken en te behouden. 1.
2.
3.
4.
5.
6.
Grasland op het hele achterterrein omvormen naar bloemrijke kruiden-/grasvegetatie. Dit kan worden uitgevoerd door verschraling (plaatselijk plaggen van de toplaag en maaien/afvoeren van de vegetatie). Het beoogde vegetatietype is Vochtig hooiland, dat zich verder kan ontwikkelen tot Dotterbloemhooiland met soorten als echte koekoeksbloem, grote ratelaar, scherpe boterbloem, pinksterbloem en moerasrolklaver. Dit vegetatietype sluit ook aan op het type in het dichtstbijzijnde onderdeel van het Natuurnetwerk Nederland in de Snelrewaard. Eventueel kan hooi uit vergelijkbare gebieden of een inheems zaadmengsel G3 van Cruydthoeck1 worden uitgestrooid om de ontwikkeling van het type te bevorderen. Het beheer bestaat uit het 1-2 x per jaar extensief maaien en afvoeren van het maaisel. In een strook van minimaal 60 meter vanaf de tiendwetering graven van ondiepe vochtige tot natte laagtes met open zandige/zavelige plekken ten behoeve van voortplantingswater voor rugstreeppad en foerageergebied van weidevogels. De noordelijke oever van de tiendwetering is geschikt als brede bloemrijke zone voor vlinders, bijen en overige insecten. Hier kan een natte ruigte en Dotterbloemhooiland worden ontwikkeld dat 1 x per jaar moet worden gemaaid en afgevoerd. De oever dient te worden ingericht met één flauw talud op de noordzijde (helling van 1:3).
Dit ten behoeve van het maken van overgangen voor de flora van natte naar droge omstandigheden en de aanleg van voortplantingsbiotoop voor heikikker. Dit laatste bestaat uit watergangen waar de vegetatie tot in het water doorloopt. Bij werkzaamheden aan watergangen is het van belang dat rekening wordt gehouden met de aanwezigheid van mogelijke heikikkers. Hierdoor zijn het nemen van extra mitigerende maatregelen noodzakelijk, zoals het werken buiten de voortplantingsperiode, het voorafgaand aan de werkzaamheden verwijderen of kort maaien van de vegetatie en graafwerkzaamheden te beginnen aan de landzijde in de richting van het water. Indien dit niet mogelijk is, is het aanvragen van een ontheffing in het kader van de Wet natuurbescherming noodzakelijk. Op drie plaatsen langs de watergangen, haaks op de tiendwetering, dient struweel van meidoorn, kardinaalsmuts en hondsroos te worden aangeplant ter versterking van het broedgebied van struweelvogels als roodborsttapuit, kneu, grasmus en braamsluiper. Dit struweel dient jaarlijks in de herfst of winter te worden gesnoeid tot 2-3 meter hoogte. Aan de westzijde van het perceel ter hoogte van de bestaande en nieuwe schuren versterken/uitbreiden van afschermende en historische beplanting van knotwilgen en planten van enkele opgaande elzen in combinatie met het aanbrengen van takkenrillen als nestplaats voor vogels.
Het plaatsen van een torenvalkkast op een paal op een rustige, beschutte hoek aan de grens met het achterterrein, ten zuiden van het erf.
1
Bloemenmengsel G3 voor jaarrond natte tot vochtige gronden - Bloemen graslandmengsel voor jaarrond natte tot vochtige, min of meer voedselrijke gronden (Cruydthoeck 2021). Pagina 6 van 14
notitie
E rf en bebo uw in g Aanvullend op de inrichtingsmaatregelen op het achterterrein kan ook de biodiversiteit op het erf en de tuin met relatief eenvoudige maatregelen worden vergroot. Door een aantal van onderstaande maatregelen uit te voeren sluit het erf en de beplanting beter aan op het natuurlijke achterterrein en wordt het leefgebied van veel planten- en diersoorten vergroot. De maatregelen 7 t/m 10 zijn optioneel, de maatregelen 11, 12 en 13 zijn noodzakelijk om het landschappelijk karakter te versterken. 7.
Plaatsen van in totaal acht nestkasten aan woonhuis en bebouwing voor diverse mezensoorten, zwarte roodstaart, grauwe vliegenvanger en huismus. 8. Plaatsen van een kerkuilkast aan de binnenkant van de nok van de westelijke schuur, met een aansluitende opening aan de zuidzijde. 9. Ophangen van twee vleermuiskasten (type Beaumaris maxi: https://www.vivara.nl/vleermuizenkast-beaumaris-maxi) op een hoogte van minimaal 4 meter aan de zuidzijde van de woning en/of nieuwe loodsen of vleermuiskasten inbouwen met type inbouwsteen (http://www.vivarapro.nl/IB-VL-06-InbouwsteenVleermuizen). 10. Aanplant in de tuin van de woning van nectarplanten voor bijen en vlinders en het plaatsen van een of meer bijen-/insectenhotels op de zonnige zijde van de tuin. 11. Realiseren van een boomgaard op korte afstand van het woonerf, op de plaats van een te slopen stal. 12. Het planten van een dichte haag van gemengde inheemse heesters (bijvoorbeeld beuk, hazelaar, klimop en liguster) in combinatie met besheesters (bijvoorbeeld meidoorn, kardinaalsmuts en hulst) op de grens van het ‘woonerf’ en bedrijfsgedeelte. Deze dient ook als broed- en foerageerplek voor bijvoorbeeld lijsterachtigen en zwartkop. 13. De aanleg van een geriefhoutbosje in de vorm van een voedselbos met ondergroei van inheemse struiken aan de zuidzijde van het werkerf.
Te planten soorten2: zwarte en rode bes, kruisbes, hazelaar, wilde appel, inlandse vogelkers, Gelderse roos en lijsterbes.
7. Maatregelen recreatieve mogelijkheden Ook de recreatieve mogelijkheden voor de ontwikkeling zijn onderzocht, met aansluiting op bestaande voorzieningen. Dit zijn wandelpaden en fietsroutes (knooppuntenroute). Wa nde lp aden In de omgeving van het plangebied zijn twee bewegwijzerde klompenpaden aanwezig, het Benedeneindsepad bij natuurgebied Willeskop op 1 kilometer afstand van de tiendwetering (zie figuur 4) en het meer naar het oosten gelegen Eendenkooipad ten zuiden van Montfoort. Het aanleggen van een wandelpad op het achterterrein dat aansluit op het Benedeneindsepad, is alleen mogelijk als medewerking wordt verkregen van de eigenaar van het perceel ten zuiden van het plangebied. Dat perceel ligt echter in een weidevogelkerngebied. Dat betekent dat een eventuele aansluiting op het plangebied gedurende de broedtijd (1 april-15 juli) afgesloten moet worden om weidevogels gelegenheid te geven te broeden.
2 In overleg met ervenconsulent aanbevolen soorten.
Pagina 7 van 14
notitie
Het is ook niet veilig om wandelaars door het plangebied over het bedrijfsgedeelte naar de weg Willeskop en de Hollandse IJssel te laten lopen. De zuidelijke strook langs de tiendwetering wordt natuurlijk ingericht en krijgt de bestemming ‘Natuur’. Volgens de geldende regels blijft in principe de mogelijkheid om een wandelpad langs de hele wetering aan te leggen. Mochten daartoe plannen zijn, dan wil de familie Groothedde daar aan meewerken.
Figuur 4 Ligging van het noordelijk deel van het Benedeneindsepad (rood) ten opzichte van het plangebied (grijs vlak). Bron: www.klompenpaden.nl.
Rustp unt voo r wand e la ar s en f iets ers , in fo rm a tie bo rd De aanleg van een rustpunt voor wandelaars en fietsers en/of het plaatsen van een informatiebord over natuur/biodiversiteit aan de voorkant van het erf is overwogen. Vanwege de ligging aan een druk bereden N-weg met fietsstroken en smalle, schuin aflopende berm is het niet veilig om een rustpunt direct naast de weg te maken waar mensen op- en afstappen en samendrommen. Deze recreatieve mogelijkheid valt om die reden ook af. Fi ets rou tes De dichtstbijzijnde bestaande fietsroute is de knooppuntenroute van knooppunt 91 naar 97, over de Waardsedijk evenwijdig aan de noordzijde van de Hollandse IJssel (zie figuur 5). Aansluiting naar het plangebied op deze recreatieve fietsroute is niet logisch. Er is geen verbinding met de fietsroute vanwege de barrière van de rivier en de Willeskop is als provinciale weg met smalle fietsstroken en schuine bermen niet optimaal voor recreatief fietsverkeer.
Pagina 8 van 14
notitie
Figuur 5 Ligging van dichtstbijzijnde route van het fietsknooppuntnetwerk ten opzichte van het plangebied (grijs vlak). Bron: www.anwb.nl.
8. Verbinding met de Hollandse IJssel De relatie van het plangebied met de Hollandse IJssel is onderzocht op cultuurhistorische en ecologische aspecten. De weg N228, het woonhuis en erf liggen historisch gezien op de hoger gelegen smalle zandige oeverwal van de Hollandse IJssel. De overige bebouwing en het achterliggende terrein liggen in het lager gelegen komkleigebied (zie historische kaart figuur 3 en hoogtekaart figuur 6). De aan de noordzijde van de rivier grenzende Snelrewaard ligt ook in een lager gelegen gedeelte met komklei. Het plangebied is door de hogere oeverwal gescheiden van de Hollandse IJssel. Cultuurhistorisch zijn de rivier en het plangebied twee verschillende elementen, maar de bodem van het plangebied is wel ontstaan uit kleiafzettingen van de rivier. Een van de te nemen maatregelen in het achterterrein is het ontwikkelen van Vochtig hooiland, dat zich verder kan ontwikkelen tot Dotterbloemhooiland. Dit vegetatietype is vergelijkbaar met de vegetatie van de aan de Hollandse IJssel grenzende Snelrewaard en te wensen ontwikkeling in natuurgebied Willeskop. Het achterterrein kan fungeren als een stapsteen voor dit vegetatietype en aan dit type verbonden vogels en insecten. Ook is onderzocht of het realiseren van een droge ecologische verbinding tussen de Hollandse IJssel en het plangebied mogelijk is.
Deze verbinding zou dan bestaan uit een veilige oversteek of onderdoorgang voor (zoog)dieren bij de bestaande N228. Er bestaat vanuit de gemeente een grote voorkeur om deze te treffen maatregelen binnen de locatie van Werktent te realiseren. Een dergelijke verbinding is ecologisch gezien niet optimaal, niet biodiversiteit Pagina 9 van 14
notitie
vergrotend en daardoor niet wenselijk. Daarbij wordt opgemerkt dat de aanleg van een goede en functionele droge verbinding over of onder de bestaande N228 een omvangrijke en daarmee zeer kostbare opgave is waarbij de te realiseren ecologische baten niet opwegen tegen de kosten. Bij een oversteek ter hoogte van het plangebied komen dieren die er gebruik van maken óp of in de nabijheid van het werkerf van Werktent terecht, waar zij niet veilig zijn vanwege de geplande bedrijfsuitvoering, de bedrijvigheid en vervoersbewegingen op het terrein. Een dergelijke droge verbinding is mogelijk wel te realiseren tussen Willeskop 73a en Willeskop 75, waar een agrarisch grasland onbebouwd aanwezig is dat direct grenst aan de weg. Dit ligt buiten de invloedssfeer van het plangebied en de opdrachtgever. Realisering hiervan dient door een andere partij te worden opgepakt.
Figuur 6 Hoogtekaart van het plangebied en directe omgeving bij Hollandse IJssel. Bron: AHN (2021).
Pagina 10 van 14
notitie
9. Geraadpleegde bronnen Li te ratu ur Dijk, S.D. van (2018). Resultaten flora- en faunakartering 2018. Omgeving Montfoort, IJsselstein (noord), Oudewater en Linschoten. Rapport PRNR-2018-051 Ecologisch Adviesbureau Viridis, Culemborg. Gijsbertsen, D.J. (2020). Briefrapportage ecologische quickscan, Willeskop 67 en 67a, Montfoort. Bureau Buitenwaard, Elst. Gijsbertsen, D.J. (2021a). Gewone grootoorvleermuis Willeskop 67/67a Montfoort. Bureau Buitenwaard, Elst. Gijsbertsen, D.J. (2021b). Rugstreeppad Willeskop 67/67a Montfoort. Bureau Buitenwaard, Elst. Laar, R. van & D.J. Gijsbertsen (2021). Soortgericht onderzoek uilen Willeskop 67, 67a (Montfoort). Bureau Buitenwaard, Elst. Volkers, K. (2012). Utrechtse landschappen. Mooi, verrassend, veelzijdig. Provincie Utrecht. Inte rn et AHN (2021). (https://ahn.arcgisonline.nl/ahnviewer/). ANWB (2021). (https://www.anwb.nl/fietsroutes/fietsknooppuntenplanner). BIJ 12 (2021). (https://www.bij12.nl/onderwerpen/natuur-en-landschap/index-natuur-enlandschap/natuurtypen/n10-vochtige-schraalgraslanden/n10-02-vochtig-hooiland/) Bodemkaart. (https://geo-point.provincie-utrecht.nl). Cruydthoeck (2021). https://www.cruydthoeck.nl/winkel/mengsels-voor-bloemrijk-grasland/bloemenmengsel-g3voor-jaarrond-natte-tot-vochtige-gronden/p83 Geomorfologische kaart. (https://www.nationaalgeoregister.nl/geonetwork/srv/dut/catalog.search#/map).
Grondwatertrappenkaart. (https://webkaart.provincieutrecht.nl/viewer/app/Webkaart?bookmark=8ad8b3d83302477bb7f24a635ddbf692). Klompenpaden. Wandelen over boerenland in Gelderland en Utrecht. (www.klompenpaden.nl) NDFF uitvoerportaal (2020). (https://ndff-ecogrid.nl) geraadpleegd op 12 januari 2021). Provincie Utrecht (2021). Utrechts Actieplan weidevogels (https://webkaart.provincie-utrecht.nl/viewer/app/Webkaart?bookmark=86513443ea3646c488d562e60c54fe81)
Pagina 11 van 14
notitie
Bijlage 1 Ecologische inrichtingsmaatregelen
1.
Omvormen grasland naar vochtig hooiland
2.
Graven van ondiepe vochtige tot natte laagtes en poelen met open zandige/zavelige plekken
3.
Verflauwen noordoever tiendwetering, ontwikkeling natte ruigte en Dotterbloemhooiland
4.
Aanplant struweel van meidoorn, kardinaalsmuts en hondsroos
5.
Versterken beplanting van knotwilgen en solitaire elzen, aanbrengen takkenrillen
6.
Plaatsen torenvalkkast op een paal
7.
Plaatsen acht nestkasten voor zangvogels aan woonhuis en bebouwing
8.
Plaatsen van kerkuilkast in de nok van schuur
9.
Ophangen van twee vleermuiskasten aan zuidzijde van woning en/of loodsen
10. Aanplant in de tuin van nectarplanten en plaatsen van een of meer bijen-/insectenhotels 11. Realiseren van boomgaard 12. Planten van dichte haag 13. Geriefhoutbosje/voedselbos
Pagina 12 van 14
notitie
Bijlage 2 Voorbeelden en impressie van inrichtingsmaatregelen 1.
Vochtig hooiland
2.
Ondiepe vochtige tot natte laagtes en poelen
6.
Torenvalkkast op een paal
7.
Nestkasten voor zangvogels
8.
Kerkuilkast
9.
Vleermuiskast
3. Verflauwen oever
4.
Struweel van meidoorn, kardinaalsmuts en hondsroos
5.
Elzensingel, takkenrillen
Pagina 13 van 14
Barchman Wuytierslaan 10 3818 LH Amersfoort
10. Tuin met nectarplanten en bijen-/insectenhotel
T 0384236464 E info@ecogroen.nl I www.ecogroen.nl
11. Boomgaard
12. Dichte haag
13. Geriefhoutbosje/voedselbos
Pagina 14 van 14
Bijlage 2 2021)
Akoestisch onderzoek (Cauberg Huygen,
Mees Ruimte & Milieu | Willeskop 67/67a, Montfoort
Pagina | 21
Bezoekadres: De Waal 18 5684 PH Best Postadres: Hoofdweg 70 3067 GH ROTTERDAM T +31 (0)88-5152505 E info@cauberghuygen.nl W http://www.cauberghuygen.nl K.V.K. 58792562 IBAN NL71RABO0112075584
Akoestisch onderzoek Willeskop 67/67A te Montfoort Datum Referentie
15 april 2021 06669-53045-02v2
Referentie Rapporttitel
06669-53045-02v2 Akoestisch onderzoek Willeskop 67/67A te Montfoort
Datum
15 april 2021
Opdrachtgever
Werktent N.V. Lansing 9 2771 BK BOSKOOP
Behandeld door
Mevrouw R. Gerrickens De heer ing. T.H.A.M. Taris Cauberg Huygen B.V. Bezoekadres: De Waal 18 5684 PH Best Postadres: Hoofdweg 70 3067 GH ROTTERDAM Telefoon 088-5152505
Akoestisch onderzoek Willeskop 67/67A te Montfoort
06669-53045-02v2 15 april 2021 Pagina 2
Inhoudsopgave 1
Inleiding
4
2
Uitgangspunten onderzoek
5
2.1 2.2 2.3
Algemeen Situering Representatieve bedrijfssituatie
5 5 6
3
Normstelling
8
3.1 3.2 3.3
Activiteitenbesluit VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering” Indirecte hinder
8 8 10
4
Rekenmodel
11
4.1 4.2 4.3 4.3.1 4.3.2.
Rekenpunten Objecten Geluidbronnen Geluidbronnen representatieve bedrijfssituatie Geluidbronnen incidentele bedrijfssituatie
11 11 11 12 14
5
Rekenresultaten en toetsing
16
5.1 5.2 5.3 5.4
Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau Maximaal geluidniveau Incidentele bedrijfssituatie Indirecte geluidhinder
16 17 19 20
6
Beste beschikbare technieken
21
7
Conclusies en samenvatting
22
Figuren Figuur 1 Figuur 1-1 Figuur 1-2 Figuur 1-3 Figuur 2 Figuur 3
Ligging rekenpunten, objecten, hoogtelijnen en bodemgebieden Ligging bodemgebieden Ligging hoogtelijnen Hoogte objecten en ligging rekenpunten Ligging geluidbronnen LAr,LT Ligging geluidbronnen LAmax
Bijlagen Bijlage I Bijlage II Bijlage III Bijlage IV Bijlage V Bijlage VI
Invoergegevens rekenmodel Rekenresultaten langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus Rekenresultaten maximale geluidniveau Bronresultaten in rekenpunt 4 (LAr,LT en LAmax) Rekenresultaten incidentele bedrijfssituatie Rekenresultaten indirecte geluidhinder
Akoestisch onderzoek Willeskop 67/67A te Montfoort
06669-53045-02v2 15 april 2021 Pagina 3
1
Inleiding
In opdracht van mevrouw L. Nieuwenhuijzen van het bedrijf Werktent N.V. is door Cauberg Huygen N.V. een akoestisch onderzoek uitgevoerd met betrekking tot de woningen op het perceel aan de Willeskop 67 en 67a te Montfoort. Deze woningen zullen niet langer onderdeel van de (agrarische) inrichting blijven, zoals dit voorheen was. Het zullen dan ook niet langer bedrijfswoningen blijven. Voor de locatie is een postzegelbestemmingsplan in voorbereiding. In de toekomstige situatie is sprake van stallings- en opslagactiviteiten van Werktent N.V. op de locatie. Voormalige agrarische bedrijfsbebouwing wordt deels gerenoveerd en deels gesloopt en heropgebouwd. In verband met de beoogde ontwikkeling, een wijziging van het bestemmingsplan met een wijzing van bedrijfswoning naar woning, is het uitvoeren van een akoestisch onderzoek naar de geluidimmissie ter plaatse van bestaande geluidgevoelige bestemmingen (woningen) noodzakelijk. In voorliggende situatie gaat het ten minste om één maar wellicht om twee woningen waar voorheen een bestemming als bedrijfswoning op lag. Om de geluidemissie en daarmee de geluidimmissie ter plaatse van de woningen als gevolg van de bedrijfsvoering van Werktent te kunnen berekenen is een driedimensionaal rekenmodel opgesteld, waarmee de representatieve bedrijfsvoering van Werktent vertaald wordt naar een te beschouwen geluiduitstraling.
De geluiduitstraling van de inrichting wordt veroorzaakt door voertuigbewegingen, het laden en lossen van vrachtwagens met behulp van twee diesel heftrucks, het in gebruik hebben van een hogedrukspuit en de werkzaamheden in de werkplaats met behulp van handgereedschap. Op basis van de aangeleverde maximaal representatieve bedrijfssituatie en akoestische ervaringscijfers is het rekenmodel opgesteld. Het onderzoek heeft betrekking op het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau en het maximaal geluidniveau ten gevolge van activiteiten en voertuigbewegingen binnen de inrichting. Het onderzoek is uitgevoerd volgens de voorschriften uit de ‘Handleiding meten en rekenen industrielawaai’ versie 1999. In dit rapport zijn de uitgangspunten en bevindingen van het uitgevoerde akoestisch onderzoek beschreven.
Akoestisch onderzoek Willeskop 67/67A te Montfoort
06669-53045-02v2 15 april 2021 Pagina 4
2
Uitgangspunten onderzoek
2.1
Algemeen
De voor het akoestisch onderzoek relevante activiteiten van het bedrijf Werktent bestaan uit: - het laden en lossen van vrachtwagens en/ of bussen op het achterste deel van het terrein met behulp van twee diesel aangedreven heftrucks; - het parkeren door werknemers op het terrein, - laden en lossen van bestelbussen op het terrein; - werkzaamheden in de werkplaats, met behulp van handgereedschap; - het schoonspuiten van materieel met behulp van een hogedrukspuit; Voor Werktent N.V. is niet eerder een akoestisch onderzoek uitgevoerd. 2.2
Situering
De locatie waar Werktent N.V. zich wilt vestigen ligt aan de Willeskop, de Provinciale weg N228 tussen Montfoort en Oudewater. De rijsnelheid is op deze route 60 km/u. In het gebied liggen meerdere woningen van derden en een aantal agrarische bedrijfspanden. Op basis van de website van het RIVM1 kan worden gesteld dat sprake is van een slechte geluidkwaliteit in de omgeving. Deze website geeft een globale indicatie van de geluidkwaliteit die betrekking heeft op de cumulatieve (gecombineerde) geluidbelasting door omgevingsgeluid van weg-, rail- en vliegverkeer, windturbines en industrie.
In figuur 2.1 wordt de toekomstige situatie van de inrichting weergegeven. De geluidbijdrage van de inrichting wordt bepaald voor de representatieve bedrijfssituatie en een incidentele bedrijfssituatie.
1
https://geluid.rivm.nl/geluid/geluidbel_maps.php
Akoestisch onderzoek Willeskop 67/67A te Montfoort
06669-53045-02v2 15 april 2021 Pagina 5
Figuur 2.1:
2.3
Toekomstige situatie inrichting
Representatieve bedrijfssituatie
Onder de representatieve bedrijfssituatie wordt die bedrijfssituatie bedoeld die vaker dan 12 maal op jaarbasis kan optreden en voor de hoogste geluidbijdrage in de beoordelingspunten zorgt. De werkzaamheden zullen nagenoeg altijd plaatsvinden in de dagperiode tussen 07:00 en 19:00 uur. Hierbij worden op het terrein met behulp van twee diesel heftrucks (binnenmodel) vrachtwagens beladen en gelost bij een overheaddeur. De vrachtwagens (een grote en een IVECO) zullen vervolgens het materiaal, voor het opzetten van werktenten, vervoeren naar een locatie elders. Aan het einde van de werkzaamheden op deze locatie, worden de werktenten weer afgebroken en teruggebracht naar de inrichting. De werknemers komen meestal per scooter of fiets naar het werk. In het geval van slecht weer is in dit onderzoek echter uitgegaan van een aantal personenwagens. Verder zullen per dag maximaal twee bestelbussen het terrein aandoen om goederen te bezorgen.
Akoestisch onderzoek Willeskop 67/67A te Montfoort
06669-53045-02v2 15 april 2021 Pagina 6
In tabel 2.1 is de verdeling opgenomen van het aantal voertuigbewegingen dat per etmaal de inrichting aandoet. Tabel 2.1:
Overzicht aantal voertuigbewegingen per etmaal in de representatieve bedrijfssituatie
Voertuig
Dagperiode
Avondperiode
Nachtperiode
(07.00-19.00 uur)
(19.00-23.00 uur)
(23.00-07.00 uur)
Personenwagens
10
--
--
Vrachtwagen
2
--
--
Iveco vrachtwagen
2
--
--
Bestelbus
4
--
--
2.4
Incidentele bedrijfssituatie
De incidentele bedrijfssituatie wordt aanvullend op de representatieve bedrijfssituatie beschouwd en vindt op ten hoogste 12 dagen per jaar plaats. In uitzonderlijke gevallen komt het voor dat er wordt overgewerkt. In deze sporadisch voorkomende overwerksituatie zullen de vrachtwagens in de avondperiode terugkomen naar het terrein. Het lossen van de voertuigen vindt de dag erna plaats. In tabel 2.2 is de verdeling opgenomen van het aantal voertuigen dat per etmaal de inrichting aandoet op een incidentele dag. Tabel 2.2:
Overzicht aantal voertuigbewegingen per etmaal bij een incidentele bedrijfssituatie
Voertuig
Dagperiode
Avondperiode
Nachtperiode
(07.00-19.00 uur)
(19.00-23.00 uur)
(23.00-07.00 uur)
Personenwagens
5
5
--
Vrachtwagen
1
1
--
Iveco vrachtwagen
1
1
--
Bestelbus
4
--
--
Akoestisch onderzoek Willeskop 67/67A te Montfoort
06669-53045-02v2 15 april 2021 Pagina 7
3
Normstelling
Bij de beoordeling van de geluiduitstraling wordt onderscheid gemaakt tussen directe en indirecte geluidhinder. Onder directe geluidhinder wordt die hinder bedoeld die ontstaat ten gevolge van activiteiten op, of in de directe nabijheid van het inrichtingsterrein. Onder indirecte hinder wordt die hinder bedoeld die ontstaat ten gevolge van het wegverkeer dat van en naar de inrichting rijdt. Voor het beoordelen van de optredende geluidniveaus wordt het Activiteitenbesluit en de systematiek van de VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering’ (2009) gevolgd. Het onderzoek is uitgevoerd volgens de ‘Handleiding Meten en Rekenen Industrielawaai’ (1999). 3.1
Activiteitenbesluit
De werkzaamheden binnen de inrichting betreffen voertuigbewegingen over en laden en lossen op het terrein. Hierdoor valt de inrichting onder de werkingssfeer van het Activiteitenbesluit milieubeheer. Van belang is artikel 2.17, eerste lid. De normstelling voor het langtijdgemiddelde geluidniveau en maximale geluidniveau ter plaatse van geluidgevoelige bestemmingen is samengevat in tabel 3.1. Tabel 3.1:
Grenswaarden naar artikel 2.17a uit het Activiteitenbesluit Grenswaarden [dB(A)] Dag
Avond
Nacht
07.00-19.00
19.00-23.00
23.00-07.00
LAr,LT op de gevel van gevoelige gebouwen
50
45
40
LAmax op de gevel van gevoelige gebouwen
70*
65
60
* = piekgeluiden ten gevolge van laad- en losactiviteiten blijven buiten beschouwing
3.2
VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering”
In de VNG-publicatie wordt onderscheid gemaakt tussen de omgevingstypen ‘rustige woonwijk/rustig buitengebied’ en ‘gemengd gebied’. Het bedrijf bevindt zich in de geluidzone van de provinciale weg N228, een 60km/u-weg waaraan meerdere bedrijven gelegen zijn. Daarnaast kan, op basis van de informatie op de website van het RIVM2, gesteld worden dat het gebied reeds een hoge geluidbelasting ondervindt. De geluidbelasting tussen de 61 en 65 dB(A) Lden zal, gezien de afwezigheid van andere direct aan te wijzen geluidbronnen, afkomstig zijn van wegverkeer op de N228 waardoor de verkeersbewegingen ten gevolge van Werktent vrijwel niet te onderscheiden zijn van het overige verkeer. In onderhavige situatie is om genoemde redenen sprake van een ‘gemengd gebied’. Om het effect van de inrichting op haar omgeving te beoordelen in het kader van de ruimtelijke ordening, wordt aangesloten bij de VNG-publicatie “Bedrijven en milieuzonering”. Deze geeft per bedrijfscategorie een “veilige” afstand voor het milieuaspect geluid, de zogenaamde richtafstand. Deze heeft betrekking op al het geluid dat aan het initiatief is toe te kennen. De richtwaarde voor de aan te houden afstand is van toepassing tussen de perceelgrenzen van de inrichting en de gevels van de geluidgevoelige bestemming. 2
https://geluid.rivm.nl/geluid/geluidbel_achtergrond.html
Akoestisch onderzoek Willeskop 67/67A te Montfoort
06669-53045-02v2 15 april 2021 Pagina 8
Er is sprake van een ‘goede ruimtelijke ordening’ indien aan de richtwaarde voldaan wordt. Wanneer woningen binnen deze richtafstand zijn gelegen, is de ontwikkeling alleen gemotiveerd mogelijk indien onder andere aangetoond wordt dat ter plaatse van de woningen wordt voldaan aan geluidgrenswaarden. De VNG-richtafstanden zijn afhankelijk van de bedrijfsactiviteiten en de gebiedstypering. Voor de inrichting is in tabel 3.2 de milieucategorie met bijbehorende richtafstand van het aandachtsgebied opgenomen. De genoemde richtafstand is van toepassing op het milieuaspect ‘geluid’. De richtafstand genoemd in de laatste kolom behoort bij de gebiedstypering ‘gemengd gebied’. In het bestemmingsplan van Montfoort wordt voor het terrein een bedrijf met maximaal milieucategorie 2 geaccepteerd. Tabel 3.2:
Milieucategorie en richtafstand voor Opslaggebouwen (verhuur opslagruimte) / bedrijven tot categorie 2
Omschrijving
Milieucategorie
Opslaggebouwen (verhuur opslagruimte)
2
Richtafstand
Richtafstand
‘rustige woonwijk’
‘gemengd gebied’
30 m
10 m
/ Bedrijven tot categorie 2
De oprit van de inrichting is op ca. zes meter van de dichtstbijzijnde woning gesitueerd. De minimale richtafstand voor het milieuaspect ‘geluid’ wordt hiermee overschreden. Overeenkomstig hetgeen opgenomen is in stap 1 van de VNG-publicatie dient een akoestisch onderzoek uitgevoerd te worden. In de VNG-publicatie is aangegeven op welke wijze de toetsing op het milieuaspect ‘geluid’ dient plaats te vinden, indien niet aan de richtafstand voldaan wordt. De VNG-publicatie Bedrijven en Milieuzonering (2009) omschrijft voor de beoordeling van geluidhinder het volgende stappenplan (beknopt samengevat): 1. Indien de richtafstanden niet worden overschreden, kan verdere toetsing in beginsel achterwege blijven. Verder worden geen restricties opgelegd. 2. Indien stap 1 niet toereikend is: o Bij een geluidbelasting op woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen in gebiedstype ‘rustige woonwijk’ van maximaal: 45 dB(A) langtijdgemiddelde beoordelingsniveau LAr,LT (etmaalwaarde); 65 dB(A) maximale geluidniveaus LA,max (etmaalwaarde); 50 dB(A) verkeersaantrekkende werking (etmaalwaarde).
o Bij een geluidbelasting op woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen in gebiedstype ‘gemengd gebied’ van maximaal: 50 dB(A) langtijdgemiddelde beoordelingsniveau LAr,LT (etmaalwaarde); 70 dB(A) maximale geluidniveaus LA,max (etmaalwaarde); 50 dB(A) verkeersaantrekkende werking (etmaalwaarde). Vrijstelling is dan mogelijk. 3. Indien stap 2 niet toereikend is: o Bij een geluidbelasting op woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen in gebiedstype ‘rustige woonwijk’ van maximaal: 50 dB(A) langtijdgemiddelde beoordelingsniveau LAr,LT (etmaalwaarde); 70 dB(A) maximale geluidniveaus LA,max (etmaalwaarde); 50 dB(A) verkeersaantrekkende werking (etmaalwaarde).
Akoestisch onderzoek Willeskop 67/67A te Montfoort
06669-53045-02v2 15 april 2021 Pagina 9
o Bij een geluidbelasting op woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen in gebiedstype ‘gemengd gebied’ van maximaal: 55 dB(A) langtijdgemiddelde beoordelingsniveau LAr,LT (etmaalwaarde); 70 dB(A) maximale geluidniveaus LA,max (etmaalwaarde); 65 dB(A) verkeersaantrekkende werking (etmaalwaarde). Vrijstelling is dan mogelijk met dien verstande dat het bevoegd gezag moet motiveren waarom het deze geluidbelasting in de concrete situatie acceptabel acht. 4. Bij een hogere geluidbelasting dan aangegeven in stap 3 zal vrijstelling doorgaans niet mogelijk zijn. Opgemerkt wordt dat de VNG-richtwaarden volgens stap 2 voor een ‘gemengd gebied’ grotendeels overeenkomen met de standaard geluidvoorschriften van het Activiteitenbesluit. Dit betekent dat indien voldaan wordt aan de standaard grenswaarden uit de VNG-publicatie (stap 2), dat vanzelfsprekend voldaan wordt aan de grenswaarden uit het Activiteitenbesluit. Voor toetsing aan de grenswaarden van het Activiteitenbesluit worden immers menselijk stemgeluid en pieken ten gevolge van laden/lossen in de dagperiode uitgesloten. Voor toetsing aan de geluidnormen volgens de VNG-publicatie bedrijven en milieuzonering worden pieken in de dagperiode ten gevolge van laden/lossen wel meegenomen. In stap 3 worden de maximale geluidniveaus ten gevolge van rijgeluid buiten beschouwing gelaten. 3.3
Indirecte hinder
De indirecte hinder dient onder de zorgplicht Activiteitenbesluit bepaald en beoordeeld te worden volgens de ‘Circulaire indirecte hinder’.3 De voorkeursgrenswaarde voor indirecte hinder is 50 dB(A) etmaalwaarde ter plaatse van de gevels van geluidgevoelige bestemmingen aan de toegangsweg. De maximale grenswaarde bedraagt 65 dB(A).
3
Ministeriële Circulaire d.d. 29 februari 1996 inzake “Geluidhinder veroorzaakt door het wegverkeer van en naar de inrichting in het kader van de vergunningverlening op basis van de Wet milieubeheer”.
Akoestisch onderzoek Willeskop 67/67A te Montfoort
06669-53045-02v2 15 april 2021 Pagina 10
4
Rekenmodel
Voor de berekening van de geluiduitstraling door de inrichting naar de woningen is een rekenmodel opgesteld. Hierbij is gebruik gemaakt van het rekenprogramma ‘Geomilieu’ versie 5.20. Het rekenprogramma berekent de geluiduitstraling naar de omgeving volgens rekenmethode II.8 zoals beschreven in de ‘Handleiding meten en rekenen industrielawaai’. 4.1
Rekenpunten
De geluidbijdrage vanwege de inrichting wordt bepaald en getoetst ter plaatse van de woningen aan de voorzijde van de inrichting. De beoordelingshoogte bedraagt in de dagperiode 1,5 meter boven het maaiveld en voor de incidentele bedrijfssituatie in de avondperiode 5 meter. In bijlage I zijn de invoergegevens van de rekenpunten opgenomen. In figuur 1-3 worden de rekenpunten grafisch weergegeven. 4.2
Objecten
In het rekenmodel zijn de relevante objecten en bodemgebieden van de inrichting en de directe omgeving opgenomen. In figuur 1-1 t/m 1-3 zijn de gehanteerde objecten bodemgebieden en hoogtelijnen grafisch weergegeven. In bijlage I zijn de invoergegevens van het rekenmodel opgenomen. Naast de gehanteerde bodemgebieden voor de wegen met een harde bodem (0) en de erven met een half harde bodem (0,5) is gerekend met een standaard bodemfactor van 1 (zachte bodem). 4.3
Geluidbronnen
Binnen de inrichting zijn de voertuigbewegingen relevant voor de geluiduitstraling naar de omgeving. Voor personenwagens bedraagt het bronvermogen op basis van kentallen en bureau-ervaringscijfers 90dB(A). Voor vrachtwagens 99dB(A) bij een snelheid van 15km/u op het inrichtingsterrein en 103dB(A) bij 30km/u op de weg4. In het rekenmodel is een gemiddelde rijsnelheid over het inrichtingsterrein van 15 km/uur voor personenwagens en vrachtwagen gehanteerd. Bij de berekening van de maximale geluidniveaus is rekening gehouden met het sluiten van een portier van een personenwagen en bestelbussen met een bronvermogen van 100 dB(A). En voor vrachtwagens voor het ontsnappen van lucht bij het remmen van 110dB(A). Voor de twee diesel aangedreven heftrucks (binnenmodel) wordt gerekend met een bronvermogen van 90dB(A) en een maximaal geluidniveau van 100dB(A) ten gevolge van het klepperen van de vork. In totaal zijn de heftrucks op een dag circa anderhalf uur in bedrijf.
4
Geluidemissie van langzaam rijdende vrachtwagens - Een update na 10 jaar Wim van der Maarl en Eugène de Beer Peutz, artikel in het Blad Geluid jaargang 42, nummer 1, maart 2019
Akoestisch onderzoek Willeskop 67/67A te Montfoort
06669-53045-02v2 15 april 2021 Pagina 11
De werkzaamheden in de werkplaats bestaan uit het zagen van onderdelen en duurt per dag circa één uur. Vanuit een worst case benadering wordt ervan uitgegaan dat de overheaddeur openstaat gedurende de activiteiten in de werkplaats. Het geluidniveau in de werkplaats zal hooguit 80dB(A) bedragen. Het bronvermogen van de hogedrukspuit die wordt gebruikt voor het schoonspuiten van materieel bedraagt 102dB(A). De hogedrukspuit zal één uur in werking zijn. 4.3.1
Geluidbronnen representatieve bedrijfssituatie
In tabel 4.1 zijn de invoergegevens van de gehanteerde geluidbronnen opgenomen voor de representatieve bedrijfssituatie. De directe hinder is aan de hand van deze geluidbronnen berekend. In bijlage I zijn de invoergegevens van de geluidbronnen opgenomen. Figuur 2 en 3 geven een grafisch overzicht van de geluidbronnen.
Akoestisch onderzoek Willeskop 67/67A te Montfoort
06669-53045-02v2 15 april 2021 Pagina 12
Tabel 4.1:
Overzicht geluidbronnen representatieve bedrijfssituatie Mobiele bronnen Aantal bewegingen (in en uit)
Bronsterkte (Lwr)
Bron
Omschrijving
gem.
max.
m01
Personenwagen
10
--
--
90
-
m02
Vrachtwagen
2
--
--
99*
-
m03
Vrachtwagen Iveco
2
--
--
99*
-
Dagperiode
Avondperiode
in dB(A)
Nachtperiode
(07.00-19.00 uur) (19.00-23.00 uur) (23.00-07.00 uur)
m04
Bestelbussen
4
--
--
93
-
m05
vrachtwagen achteruit
2
--
--
107**
-
m06
vrachtwagen achteruit
2
--
--
107**
-
mi01
Vrachtwagens - indirect
2
--
--
103
-
mi02
Vrachtwagens - indirect
2
--
--
103
-
mi03
Personenwagens- indirect
5
--
--
90
-
mi04
Personenwagens- indirect
5
--
--
90
-
mi05
Bestelbussen - indirect
2
--
--
93
-
mi06
Bestelbussen - indirect
2
--
--
93
-
Puntbronnen Bronsterkte (Lwr)
Bedrijfstijd in uren Bron
Omschrijving
Dagperiode
Avondperiode
in dB(A) Nachtperiode
(07.00-19.00 uur) (19.00-23.00 uur) (23.00-07.00 uur) HDR01
Hogedrukreiniger
VH01
Vorkheftruck
1,000
Toyota
02-8fdf25
0,750/3 = 0,25
Toyota
02-8fdf25
0,750/3 = 0,25
-
Tonero 25 VH02
Vorkheftruck
-
Tonero 25
-
gem.
max.
102
102
90
100
90
100
-
-
-
VS01p
Vallen stalen balken
12***
-
-
-
120
VS02p
Vallen stalen balken
12***
-
-
-
120
mb01p
Personenwagen
12***
-***
-***
-
100
mb02p
Bestelbus
12***
-***
-***
-
100
mb03p
Vrachtwagen
12***
-***
-***
-
110
mb04p
Vrachtwagen
12***
-***
-***
-
110
Uitstralende gevel Bronsterkte (Lwr)
Bedrijfstijd in uren Bron
Omschrijving
Dagperiode
Avondperiode
in dB(A) Nachtperiode
(07.00-19.00 uur) (19.00-23.00 uur) (23.00-07.00 uur)
* **
gem.
max.
OHD01 Open overheaddeur bij werkplaats 1 88 97 Geluidemissie van langzaam rijdende vrachtwagens - Een update na 10 jaar Wim van der Maarl en Eugène de Beer Peutz, artikel in het Blad Geluid jaargang 42, nummer 1, maart 2019 Gemiddelde van 99dB(A) en 110dB(A)
*** De puntbronnen geven piekbronnen weer
Akoestisch onderzoek Willeskop 67/67A te Montfoort
06669-53045-02v2 15 april 2021 Pagina 13
4.3.2.
Geluidbronnen incidentele bedrijfssituatie
In tabel 4.2 zijn de invoergegevens van de gehanteerde geluidbronnen opgenomen voor de incidentele bedrijfssituatie. De directe hinder is aan de hand van deze geluidbronnen berekend. In bijlage I zijn de invoergegevens van de geluidbronnen opgenomen. Figuur 4 geeft een grafisch overzicht van de geluidbronnen. Tabel 4.2:
Overzicht geluidbronnen incidentele bedrijfssituatie Mobiele bronnen
Bron
Omschrijving
Aantal bewegingen (in en uit) Dagperiode
Avondperiode
Bronsterkte (Lwr)
Nachtperiode
(07.00-19.00 uur) (19.00-23.00 uur) (23.00-07.00 uur)
* **
in dB(A) gem.
max.
m01
Personenwagen
5
5
--
90
--
m02
Vrachtwagen
1
1
--
99*
--
m03
Vrachtwagen Iveco
1
1
--
99*
--
m04
Bestelbussen
4
--
--
93
--
m05
vrachtwagen achteruit
1
1
--
107**
--
m06
vrachtwagen achteruit
1
1
--
107**
--
mi01
Vrachtwagens - indirect
1
1
--
103
--
mi02
Vrachtwagens - indirect
1
1
--
103
--
mi03
Personenwagens- indirect
2
2
--
90
--
mi04
Personenwagens- indirect
3
3
--
90
--
mi05
Bestelbussen - indirect
2
--
--
93
--
mi06 Bestelbussen - indirect 2 --93 -Geluidemissie van langzaam rijdende vrachtwagens - Een update na 10 jaar Wim van der Maarl en Eugène de Beer Peutz, artikel in het Blad Geluid jaargang 42, nummer 1, maart 2019 Gemiddelde van 99dB(A) en 110dB(A)
Akoestisch onderzoek Willeskop 67/67A te Montfoort
06669-53045-02v2 15 april 2021 Pagina 14
Vervolg tabel 4.2: Overzicht geluidbronnen incidentele bedrijfssituatie Puntbronnen Bronsterkte (Lwr)
Bedrijfstijd in uren Bron
Omschrijving
Dagperiode
Avondperiode
in dB(A) Nachtperiode
(07.00-19.00 uur) (19.00-23.00 uur) (23.00-07.00 uur) HDR01
Hogedrukreiniger
VH01-1,2,3
Vorkheftruck
1,000
Toyota
02-8fdf25
0,750/3 = 0,25
Toyota
02-8fdf25
0,750/3 = 0,25
-
Tonero 25 VH02-1,2,3
Vorkheftruck
-
Tonero 25
-
gem.
max.
102
102
90
100
90
100
-
-
-
VS01p
Vallen stalen balken
12***
-
-
-
120
VS02p
Vallen stalen balken
12***
-
-
-
120
mb01p
Personenwagen
12***
4***
-***
-
100
mb02p
Bestelbus
12***
-***
-***
-
100
mb03p
Vrachtwagen
12***
4***
-***
-
110
mb04p
Vrachtwagen
12***
4***
-***
-
110
Uitstralende gevel Bronsterkte (Lwr)
Bedrijfstijd in uren Bron
Omschrijving
Dagperiode
Avondperiode
in dB(A) Nachtperiode
(07.00-19.00 uur) (19.00-23.00 uur) (23.00-07.00 uur) OHD01
Open overheaddeur werkplaats
1
-
-
gem.
max.
87
97
*** De puntbronnen geven piekbronnen weer
Akoestisch onderzoek Willeskop 67/67A te Montfoort
06669-53045-02v2 15 april 2021 Pagina 15
5
Rekenresultaten en toetsing
5.1
Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau
Tabel 5.1 geeft de berekende langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus (LAr,LT) voor de dagperiode weer. De rekenresultaten worden getoetst aan de normstelling. Bijlage II geeft een uitgebreid overzicht van de rekenresultaten in alle rekenpunten. Tabel 5.1:
Overzicht rekenresultaten langtijdgemiddeld beoordelingsniveau
Beoordelingspunt
Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr,LT) [dB(A)]
nr.
Omschrijving
Dagperiode (07.00-19.00 uur) B
N
Δ
50
-
T01
Willeskop 67A
31
T02
Willeskop 67A
39
50
-
T03
Willeskop 67
39
50
-
T04
Willeskop 67
41
50
-
T05
Willeskop 69
15
50
-
T06
Willeskop 69
32
50
-
T07
Willeskop 69
30
50
-
T08
Willeskop 136A
31
50
-
T09
Willeskop 136A
32
50
-
T10
Willeskop 136A
31
50
-
T11
Willeskop 71
12
50
-
T12
Willeskop 71
16
50
-
T13
Willeskop 71
21
50
-
B: berekend N: norm (grenswaarde uit het Activiteitenbesluit én VNG-richtlijn) Δ: overschrijding (grenswaarde)
Uit de rekenresultaten volgt dat de inrichting voldoet aan de grenswaarden.
Akoestisch onderzoek Willeskop 67/67A te Montfoort
06669-53045-02v2 15 april 2021 Pagina 16
5.2
Maximaal geluidniveau
Tabel 5.2 geeft een samenvatting van de berekende maximale geluidniveaus (LAmax) voor de dagperiode. De rekenresultaten worden getoetst aan de normstelling. Bijlage III geeft een overzicht van de rekenresultaten in alle rekenpunten. Tevens zijn de bronresultaten van rekenpunt 4 (T04) in bijlage IV opgenomen. Tabel 5.2:
Overzicht rekenresultaten maximaal geluidniveau (totaal)
Beoordelingspunt
Maximaal geluidniveau (LAmax) [dB(A)]
nr.
Omschrijving
Dagperiode (07.00-19.00 uur) B
N
Δ
70
7
T01
Willeskop 67A
77
T02
Willeskop 67A
79
70
9
T03
Willeskop 67
76
70
6
T04
Willeskop 67
64
70
-
T05
Willeskop 69
58
70
-
T06
Willeskop 69
65
70
-
T07
Willeskop 69
61
70
-
T08
Willeskop 136A
68
70
-
T09
Willeskop 136A
69
70
-
T10
Willeskop 136A
64
70
-
T11
Willeskop 71
55
70
-
T12
Willeskop 71
47
70
-
T13
Willeskop 71
55
70
-
* Berekend inclusief laden en lossen. B: berekend N: norm (grenswaarde uit Activiteitenbesluit én VNG-richtlijn) Δ: overschrijding
Uit tabel 5.2 volgt dat de rekenresultaten niet direct voldoen aan de gestelde norm. De berekende geluidniveaus worden veroorzaakt door remontluchting van vrachtwagens die komen laden en lossen. De normstelling voor maximale geluidniveaus (LAmax) uit het Activiteitenbesluit is in de periode tussen 07.00 en 19.00 uur echter niet van toepassing op laad- en losactiviteiten. In tabel 5.3 worden de resultaten gepresenteerd voor het maximale geluidniveau zonder laden en lossen.
Akoestisch onderzoek Willeskop 67/67A te Montfoort
06669-53045-02v2 15 april 2021 Pagina 17
Tabel 5.3:
Overzicht rekenresultaten maximaal geluidniveau exclusief laden/lossen
Beoordelingspunt
Maximaal geluidniveau (LAmax) [dB(A)]
nr.
Omschrijving
Dagperiode (07.00-19.00 uur) B
N 70
Δ
T01
Willeskop 67A
32
-
T02
Willeskop 67A
31
70
-
T03
Willeskop 67
33
70
-
T04
Willeskop 67
52
70
-
T05
Willeskop 69
34
70
-
T06
Willeskop 69
48
70
-
T07
Willeskop 69
52
70
-
T08
Willeskop 136A
45
70
-
T09
Willeskop 136A
40
70
-
T10
Willeskop 136A
44
70
-
T11
Willeskop 71
26
70
-
T12
Willeskop 71
28
70
-
T13
Willeskop 71
35
70
-
B: berekend N: norm (grenswaarde uit Activiteitenbesluit exclusief laden en lossen) Δ: overschrijding
Uit de rekenresultaten volgt dat de berekende maximale geluidniveaus zonder laad-/ en losactiviteiten voldoen aan de grenswaarde uit het Activiteitenbesluit. Uit tabel 5.2 volgt ook dat echter niet voldaan wordt aan de grenswaarden uit de VNG-publicatie voor een gemengd gebied, stap 2. Overeenkomstig stap 3 uit de VNG-publicatie kunnen maximale geluidniveaus ten gevolge van rijgeluid (onderbouwd) buiten beschouwing gelaten worden. Vanwege het hoge heersende achtergrondgeluid van 61-65 dB (zoals eerder benoemd afkomstig uit informatie van het RIVM) zal geen onderscheid te maken zijn in rijgeluid door Werktent of overige weggebruikers. In tabel 5.4 worden de rekenresultaten weergegeven voor het maximale geluidniveau zonder rijgeluiden (VNG stap 3). Tabel 5.4:
Overzicht rekenresultaten maximaal geluidniveau exclusief rijgeluid
Beoordelingspunt
Maximaal geluidniveau (LAmax) [dB(A)]
nr.
Omschrijving
Dagperiode (07.00-19.00 uur)
T01
Willeskop 67A
B
N
Δ
33
70
-
T02
Willeskop 67A
36
70
-
T03
Willeskop 67
40
70
-
T04
Willeskop 67
54
70
-
T05
Willeskop 69
35
70
-
T06
Willeskop 69
56
70
-
T07
Willeskop 69
52
70
-
Akoestisch onderzoek Willeskop 67/67A te Montfoort
06669-53045-02v2 15 april 2021 Pagina 18
Beoordelingspunt
Maximaal geluidniveau (LAmax) [dB(A)]
nr.
Omschrijving
Dagperiode (07.00-19.00 uur)
T08
Willeskop 136A
46
70
-
T09
Willeskop 136A
47
70
-
T10
Willeskop 136A
45
70
-
T11
Willeskop 71
32
70
-
T12
Willeskop 71
47
70
-
T13
Willeskop 71
46
70
-
B: berekend N: norm (grenswaarde uit VNG-publicatie, volgens stap 3 exclusief rijgeluid) Δ: overschrijding
Uit bovenstaande resultaten blijkt dat wordt voldaan aan stap 3 van de VNG-publicatie. 5.3
Incidentele bedrijfssituatie
Voor de incidentele bedrijfssituatie is de geluidbelasting op de omgeving inzichtelijk gemaakt in tabel 5.5 voor het langtijdgemiddeld geluidniveau in de dag en avond en voor het maximale geluidniveau enkel in de avond. Voor de dagperiode veranderd aan het maximale geluidniveau tenslotte niets ten opzichte van de representatieve bedrijfssituatie. De uitgebreide gegevens zijn ook terug te vinden in bijlage V. Tabel 5.5:
Overzicht rekenresultaten incidentele bedrijfssituatie
Beoordelingspunt Nr.
Omschrijving
Incidentele bedrijfssituatie Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr,LT) Dagperiode (07.00-19.00 uur)
Maximaal geluidniveau (LAmax) [dB(A)]
[dB(A)] Avondperiode
Avondperiode
(19.00-23.00)
(19.00-23.00)
(rekenhoogte: 5 meter)
(rekenhoogte: 5 meter)
T01
Willeskop 67A
26
28
77
T02
Willeskop 67A
36
39
79
T03
Willeskop 67
36
39
76
T04
Willeskop 67
40
35
67
T05
Willeskop 69
14
26
61
T06
Willeskop 69
31
31
68
T07
Willeskop 69
29
31
68
T08
Willeskop 136A
30
28*
68*
T09
Willeskop 136A
31
29*
69*
T10
Willeskop 136A
31
25*
64*
T11
Willeskop 71
11
20
56
T12
Willeskop 71
17
17
51
T13
Willeskop 71
21
20
57
* berekend op 1,5m hoogte
Akoestisch onderzoek Willeskop 67/67A te Montfoort
06669-53045-02v2 15 april 2021 Pagina 19
5.4
Indirecte geluidhinder
Tabel 5.6 geeft een samenvatting van de berekende indirecte geluidhinder voor de dagperiode. De rekenresultaten worden getoetst aan de normstelling. Bijlage VI geeft een overzicht van de rekenresultaten in alle rekenpunten. Tabel 5.6:
Overzicht rekenresultaten indirecte geluidhinder
Beoordelingspunt nr.
Indirecte hinder [dB(A)]
Omschrijving
Dagperiode (07.00-19.00 uur) B
N
Δ
50
-
T01
Willeskop 67A
35
T02
Willeskop 67A
30
50
-
T03
Willeskop 67
28
50
-
T04
Willeskop 67
17
50
-
T05
Willeskop 69
30
50
-
T06
Willeskop 69
25
50
-
T07
Willeskop 69
19
50
-
T08
Willeskop 136A
37
50
-
T09
Willeskop 136A
30
50
-
T10
Willeskop 136A
35
50
-
T11
Willeskop 71
33
50
-
T12
Willeskop 71
26
50
-
T13
Willeskop 71
28
50
-
B: berekend N: norm Δ: overschrijding
Uit de rekenresultaten volgt dat de berekende indirecte geluidhinder voldoet aan de grenswaarde. Tevens kan gesteld worden dat de indirecte hinder in geval van de incidentele bedrijfssituatie minder dan 37 dB(A) bedraagt in de avondperiode.
Akoestisch onderzoek Willeskop 67/67A te Montfoort
06669-53045-02v2 15 april 2021 Pagina 20
6
Beste beschikbare technieken
Van Beste Beschikbare Technieken (BBT) is sprake als bij de inrichting maatregelen getroffen zijn om een hoog beschermingsniveau voor het milieu te bereiken, die economisch en technisch haalbaar zijn en redelijkerwijs te verkrijgen zijn. De akoestisch relevante activiteiten binnen de inrichting bestaan uit voertuigbewegingen. De inrichting heeft weinig invloed op voertuigen van derden (leveranciers en personeel). Het eigen materieel heeft een geluidvermogenniveau overeenkomstig de huidige stand der techniek. De inrichting voldoet aan de van toepassing zijnde normstelling en daarmee wordt op basis van het voorgaande voldaan aan het BBT-principe.
Akoestisch onderzoek Willeskop 67/67A te Montfoort
06669-53045-02v2 15 april 2021 Pagina 21
7
Conclusies en samenvatting
In opdracht van mevrouw L. Nieuwenhuijzen van het bedrijf Werktent N.V. is door Cauberg Huygen N.V. een akoestisch onderzoek uitgevoerd met betrekking tot de woningen op het perceel aan de Willeskop 67 en 67a te Montfoort. Deze woningen zullen niet langer onderdeel van de (agrarische) inrichting blijven, zoals dit voorheen was. Het zullen dan ook niet langer bedrijfswoningen blijven. Voor de locatie is een postzegelbestemmingsplan in voorbereiding. In de toekomstige situatie is sprake van stallings- en opslagactiviteiten van Werktent N.V. op de locatie. Voormalige agrarische bedrijfsbebouwing wordt deels gerenoveerd en deels gesloopt en heropgebouwd. Met dit akoestisch onderzoek wordt inzicht gegeven in de geluiduitstraling van de totale inrichting naar de omgeving. De geluiduitstraling van de inrichting is berekend op basis van de vastgestelde representatieve bedrijfssituatie en akoestische ervaringscijfers. Daarnaast wordt inzicht gegeven in de incidentele bedrijfssituatie waarbij wordt overgewerkt en de vrachtwagens in de avondperiode terug keren naar de inrichting. Het onderzoek heeft betrekking op het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau en het maximaal geluidniveau ten gevolge van voertuigbewegingen binnen de inrichting. Met de vastgestelde representatieve bedrijfssituatie, en bureau-ervaringscijfers is een akoestisch rekenmodel opgesteld.
De geluiduitstraling van de inrichting naar woningen in de directe omgeving is met dit rekenmodel berekend. Uit de rekenresultaten blijkt het volgende: - De berekende geluidniveaus ten aanzien van het langtijdgemiddelde en de maximale geluidniveaus voldoen aan de grenswaarden uit het Activiteitenbesluit artikel 2.17a. - De inrichting ligt op circa zes meter van de gevel van geluidgevoelige bestemmingen, in situ: de naastgelegen woning, waarmee de richtwaarde uit de VNG-publicatie van tien meter bij een bedrijf uit maximaal milieucategorie 2 in een ‘gemengd gebied’ niet wordt gerespecteerd. Toetsing aan de richtwaarden uit de VNG-publicatie bedrijven en milieuzonering is daarom noodzakelijk: De berekende geluidbelasting ten aanzien van het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau past binnen de toetsingswaarde uit stap 2 van de VNG-publicatie. De berekende geluidbelasting ten aanzien van het maximale geluidniveau past niet binnen de toetsingswaarden uit stap 2 maar wel binnen stap 3 van de VNG-publicatie waarbij piekgeluiden ten gevolge van rijgeluid worden uitgesloten van toetsing. - Er is geen sprake van indirecte hinder. Cauberg Huygen B.V.
De heer ing. T.H.A.M. Taris Senior adviseur
Akoestisch onderzoek Willeskop 67/67A te Montfoort
06669-53045-02v2 15 april 2021 Pagina 22
Figuur 1 Figuur 1-1 Figuur 1-2 Figuur 1-3 Figuur 2 Figuur 3
Ligging rekenpunten, objecten, hoogtelijnen en bodemgebieden Ligging bodemgebieden Ligging hoogtelijnen Hoogte objecten en ligging rekenpunten Ligging geluidbronnen LAr,LT Ligging geluidbronnen LAmax
Akoestisch onderzoek Willeskop 67/67A te Montfoort
06669-53045-02v2 15 april 2021
449000
0m
100 m schaal = 1 : 3000
Figuur 1-1 Ligging bodemgebieden
Mobiele bron Toetspunten Bodemgebieden, Thema: Bodemfactor 0 0,5 Gebouwen Hoogtelijnen
448800
122800 Industrielawaai - IL, [Werktent Montfoort - LAr,LT] , Geomilieu V5.20
123000
123200
123400
Cauberg Huygen B.V.
448600
0m
100 m schaal = 1 : 3000
449000
Figuur 1-2 Ligging hoogtelijnen
Bodemgebieden Gebouwen Hoogtelijnen
1, 00 0, 40
448800
50 -0, 1,00
1,50 1,05,040 -
1,00
122800 Industrielawaai - IL, [Werktent Montfoort - LAr,LT] , Geomilieu V5.20
123000
123200
123400
Cauberg-Huygen B.V.
448600
0m
70 m schaal = 1 : 1600
448800
4,39
5,48
1,95 1,96 T09 4,71 T08