Bijlage 1 Verordeningen met verwerking van de 4e serie wijzigingen.pdf
Tekst van het document
vervallen
Straf-, overgangs- en slotbepalingen
Artikel 6:1 Strafbepaling 1. Overtreding van het bij of krachtens de volgende artikelen bepaalde en de op grond van artikel 1:4 daarbij gegeven voorschriften en beperkingen wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie: artikel 2.23a, 2:26, 2:28, 2:29, 2:31, 2:32, 2:36, 2:38, 2:40a, 2:59, 2:67, 2:68, 2:72, 2:73, 2:74, 2:74a, 3:3, 3:12, 3:13, 3:14, 3:17, 3:19, 3:22, 4:13, 5:2, 5:3, 5:7, 5:8, 5:9, 5:10a, 5:13, 5:15, 5:18 en 5:23. 2. Overtreding van het bij of krachtens de overige, niet in het eerste lid vermelde artikelen en de op grond van artikel 1:4 daarbij gegeven voorschriften en beperkingen wordt gestraft met een geldboete van de eerste categorie. 3. In afwijking van het eerste en tweede lid is artikel 1a van de Wet op de economische delicten van toepassing op overtreding van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 2:10 en 2:11 als sprake is van een omgevingsvergunningplichtige activiteit en artikel 2:12, eerste lid. 4. In geval van overtreding van de krachtens artikel 3, derde lid, van de Wet veiligheidsregio’s gestelde regels kan het college een bestuurlijke boete opleggen van ten hoogste de geldboete, bedoeld in artikel 64, eerste lid, van de Wet veiligheidsregio’s. Artikel 6:2
Toezichthouders
1. Met het toezicht op de naleving van het bij of krachtens deze verordening bepaalde, behoudens hoofdstuk 3, zijn belast de door het bevoegd gezag aangewezen toezichthouders als bedoeld in de Algemene wet bestuursrecht. 2. Het college dan wel de burgemeester kan daarnaast andere personen belasten met dit toezicht, bedoeld in het eerste lid. 3. Met het toezicht op de naleving van het bij hoofdstuk 3 bepaalde zijn belast de door de burgemeester aangewezen toezichthouders als bedoeld in de Algemene wet bestuursrecht. 4. De burgemeester kan daarnaast andere personen belasten met het toezicht, bedoeld in het derde lid. 5. Onverminderd het eerste tot en met het vierde lid zijn de ambtenaren van politie, bedoeld in artikel 141, onder b, van het Wetboek van Strafvordering, eveneens belast met het toezicht op de naleving van de bij of krachtens deze verordening gegeven voorschriften.
Artikel 6:3
Binnentreden woningen
1. Zij die belast zijn met het toezicht op de naleving of de opsporing van een overtreding van de bij of krachtens deze verordening, behoudens hoofdstuk 3, gegeven voorschriften die strekken tot handhaving van de openbare orde of veiligheid of bescherming van het leven of de gezondheid van personen, zijn bevoegd tot het binnentreden in een woning zonder toestemming van de bewoner. 2. De in artikel 6:2, derde lid, bedoelde ambtenaren, voor zover zij zijn belast met de opsporing van strafbare feiten, bedoeld in de artikelen 3:14, tweede en derde lid, en 3:21, eerste lid, zijn bevoegd zonder toestemming van de bewoner in een woning binnen te treden waar een overtreding van een dergelijk strafbaar feit wordt gepleegd of naar hun redelijk vermoeden wordt gepleegd. 3. De in artikel 6:2, derde lid, bedoelde ambtenaren zijn in het kader van hun toezichtstaak bevoegd zonder toestemming van de bewoner in een woning binnen te treden, als daar bedrijfsmatig prostitutie plaatsvindt. Artikel 6:4 Intrekking oude verordening De “Algemene plaatselijke verordening gemeente Montfoort 2013” wordt ingetrokken. Artikel 6:5 Overgangsbepaling 1. Besluiten genomen krachtens de verordening bedoeld in artikel 6:4 die golden op het moment van de inwerkingtreding van deze verordening en waarvoor deze verordening overeenkomstige besluiten kent, gelden als besluiten genomen krachtens deze verordening. 2.
Als voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening een aanvraag om een vergunning of ontheffing op grond van de verordening bedoeld in artikel 6:4 is ingediend en voor het tijdstip van inwerkingtreding als bedoeld in artikel 6:6 van deze verordening nog niet is beslist, wordt op grond van de verordening bedoeld in artikel 6:4 beslist. 3. Op een aanhangig beroep of bezwaarschrift, betreffende een besluit, bedoeld in het eerste lid dat voor de inwerkingtreding als bedoeld in artikel 6:6 is binnengekomen, wordt beslist met de toepassing van de verordening bedoeld in artikel 6:4. 4. De intrekking van de verordening bedoeld in artikel 6.4 heeft geen gevolgen voor de geldigheid van op basis van die verordening genomen nadere regels, beleidsregels en aanwijzingsbesluiten, als en voor zover de rechtsgrond waarop de aanwijzingsbesluiten zijn
gebaseerd ook vervat is in deze verordening en voor zover zij niet eerder zijn vervallen of ingetrokken. Artikel 6:6
Inwerkingtreding
Deze verordening treedt in werking op de derde dag na die waarop zij is bekendgemaakt. Artikel 6:7
Citeertitel
Deze verordening wordt aangehaald als: Algemene plaatselijke verordening gemeente Montfoort 2018.