2021-08-18 Regionale rapportage COVID-19, GGDrU
Tekst van het document
Regionale rapportage COVID-19 18 augustus 2021
Inhoudsopgave INLEIDING ........................................................................................................................................................ 3 1.
VIRUSVERSPREIDING ................................................................................................................................ 4 1.1. 1.2. 1.3. 1.4.
2.
KWETSBAREN BESCHERMEN................................................................................................................... 21 2.1 2.2.
3.
AANTAL POSITIEF GETESTE PERSONEN ............................................................................................................... 4 TESTEN .................................................................................................................................................... 16 COVID-19 VACCINATIES ............................................................................................................................. 17 AANTAL OVERLEDENEN COVID-19 ............................................................................................................... 19
MONITORING VERSPREIDING VIRUS BINNEN ZORGINSTELLINGEN .......................................................................... 21 MELD- EN ADVIESPUNT BEZORGD ................................................................................................................. 22
ZORGCONTINUÏTEIT ................................................................................................................................ 23 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5
LANDELIJK AANTAL NIEUWE ZIEKENHUISOPNAMES............................................................................................. 23 VERLOOP IC- EN KLINIEK-CAPACITEIT REGIO ..................................................................................................... 24 INSCHALING ZORGCAPACITEIT ZIEKENHUIZEN.................................................................................................... 24 ZORGINSTELLINGEN (NIET-ZIEKENHUIZEN) ....................................................................................................... 25 OPVANGLOCATIES BUITEN HET ZIEKENHUIS ...................................................................................................... 25
BIJLAGE 1: LANDELIJK PANELONDERZOEK ...................................................................................................... 27 BIJLAGE 2: TESTBEREIDHEID EN VINDPERCENTAGES PER GEMEENTE ............................................................. 29
2
Inleiding Voor u ligt de regionale rapportage COVID-19 van de regio Utrecht. De regionale rapportage is ter informatie. De Directeur Publieke Gezondheid (DPG) draagt in crisistijd de verantwoordelijkheid voor de coördinatie van de geneeskundige hulpverlening en draagt zorg voor een regionale gecoördineerde aanpak. De regionale integrale rapportage is een hulpmiddel om zo goed mogelijk overzicht te krijgen in de COVID-19 ontwikkelingen in de zorg (acuut en niet acuut) in de regio en daar waar nodig tijdig bij te sturen en maatregelen te nemen. Zodat een veilige en efficiënte zorgverlening wordt gewaarborgd en de zorg beheersbaar blijft. De regionale rapportage wordt één keer per week opgesteld. De gepresenteerde informatie uit de rapportage kan worden ingehaald door actuele ontwikkelingen en kan op details soms niet synchroon lopen met de door het RIVM gepresenteerde cijfers vanwege het moment van peiling. Aan de inhoud van de rapportage kunnen geen verdere conclusies worden verbonden.
3
1.
Virusverspreiding
1.1. Aantal positief geteste personen In begin juli was na een lange periode van daling, een explosieve stijging te zien in het aantal meldingen. Deze vierde golf daalde weer snel na enkele weken. In week 32 is een lichte daling te zien ten opzichte van de weken ervoor. Landelijk zijn in week 32 16.418 patiënten gemeld met COVID-19, waar in week 31 nog 18.005 meldingen waren. Dat is een daling van 1.587 gevallen ten opzichte van de week ervoor (Figuur 1).
Figuur 1. Landelijk bij de GGD gemelde patiënten COVID-19 vanaf 5 april. Peildatum: 17 augustus 2021 10:00 uur. Bron RIVM.
Het aantal positieve testen lijkt te stabiliseren in de regio (Figuur 2). Het aantal geregistreerde positief geteste personen in de regio is in week 32 min of meer gelijk gebleven met 1.196, vergeleken met 1.117 in week 31 (Bron: RIVM). Dit is een licht stijging van 7%. Net als de week hiervoor, vond ongeveer 35% van alle besmettingen in week 32 plaats in de leeftijdscategorie 16-27 jaar. Sinds begin 2020 tot en met 18 augustus 2021 08:10 uur zijn in totaal 147.093 personen positief getest op COVID-19 in de regio Utrecht.
Figuur 2. Aantal COVID-19 positief gemelde personen per week GGDrU. Peildatum: 18 augustus 2021 8:00 uur. Het verschil met de aantallen in de tekst is te verklaren doordat het RIVM een ander datasysteem gebruikt.
4
Nieuwe varianten Een schatting van welke varianten de nieuwe besmettingen veroorzaken wordt gedaan door middel van steekproef sequencen voor de nationale kiemsurveillance (Tabel 1) en modellering van het RIVM. Aangezien de analyse van deze bepalingen tot enkele weken kan duren, zijn de resultaten van week 29 het meest recent. Nog niet alle uitslagen van de bepalingen van die week zijn binnen. De deltavariant is naar schatting 40-60% besmettelijker dan de alfavariant. Door de hogere besmettelijkheid van de deltavariant, lag het reproductiegetal (R, het gemiddeld aantal mensen dat besmet wordt door een persoon met COVID-19) voor Nederland op 2 augustus rond de 0.92, zo schat het RIVM (Figuur 3). Op dit moment is er nog een stabiele situatie qua ziekenhuis- en IC-opnames. Zoals in het beloop van COVID-19, verwachten we veranderingen in het aantal opnames te zien met normaal gesproken twee tot drie weken vertraging vergeleken met besmettingscijfers. Tabel 1. Totaal aantal onderzochte monsters van week 28 t/m week 30 in 2021 die succesvol zijn geanalyseerd door nationale Kiemsurveillance. Bron: RIVM (Varianten van het coronavirus SARS-CoV-2 | RIVM).
Figuur 3. Het effectieve reproductiegetal R0 voor Nederland. Bron: RIVM, peildatum 17 augustus 2021 10:00 uur.
5
Aantal COVID-19 positieve patiënten naar eerste ziektedag en effect van maatregelen In Figuur 4 staan de COVID-19 positieve patiënten vanaf 1 september 2020 uitgezet naar de dag dat deze personen voor het eerst klachten ontwikkelden en de aanscherpingen van de maatregelen met grijze balken en versoepelingen van de maatregelen met blauwe balken aangegeven waarbij in de voetnoot ook toelichting op de versoepelingen wordt gegeven. Er zit altijd een paar dagen tijd tussen het begin van de klachten en een melding van de positieve uitslag. Hierdoor zullen de laatste dagen in de grafiek uiteindelijk hoger uitkomen. Mensen moeten twee weken na hun tweede prik wachten (of vier weken na eenmalig Janssen vaccinatie) tot ze een vaccinatiebewijs kunnen ontvangen. Dit is een verzwaring ten opzichte van afgelopen periode, omdat het toen mogelijk was om gelijk een vaccinatiebewijs te verkrijgen, zodra de vaccinatie was verwerkt in de systemen van RIVM en GGD. Sinds de vierde golf in juli is een aantal versoepelingen teruggedraaid, zoals thuiswerken weer de norm is, geen gebruik meer van Testen voor Toegang als uitzondering op de anderhalvemeterregel, de sluitingstijd van horeca vervroegd naar 00:00 uur en zijn nachtclubs en discotheken weer gesloten (bron: rijksoverheid). Zorgen voor voldoende frisse lucht voor binnenruimtes wordt een extra basisregel.
Naar aanleiding van de snelle daling van besmettingscijfers en stabiele bezetting van de ziekenhuizen, werd op 13 augustus aangekondigd dat de anderhalvemeterregel vanaf 30 augustus komt te vervallen in het onderwijs, met maximaal 75 mensen bij lessen en colleges tegelijk aanwezig mogen zijn. Restaurants en cafés moeten in elk geval tot 19 september om middernacht sluiten. Nachtclubs en discotheken blijven in elk geval tot 1 november dicht. Het kabinet hoopt dat het vanaf 1 november niet meer nodig is om een vaccinatiebewijs, een negatieve testuitslag of een herstelbewijs te laten zien om ergens binnen te komen. Inschaling ‘Ernstig’ Momenteel zit Nederland net over de vierde golf heen die begonnen was sinds week 26. Tot en met week 28 was een explosieve stijging te zien in het aantal besmettingen, maar sindsdien is sprake van een snelle daling in het aantal besmettingen. Echter is nu een stabilisatie van het aantal besmettingen zichtbaar. In week 32 is een lichte stijging van het aantal ziekenhuisopnames te zien, 22,8 per 1 miljoen inwoners in week 32 ten opzichte van 22 per 1 miljoen inwoners in week 31. Regio Utrecht is ingeschaald op het niveau ‘ernstig’ vanwege het aantal ziekenhuisopnames. Landelijk zijn in week 32 zeven regio’s ingeschaald als ‘zeer ernstig’. Tien regio’s zijn ingeschaald als ‘ernstig’ en acht regio’s als ‘zorgelijk’ (landkaart risiconiveaus).
Uitvoering Bron- en Contactonderzoek GGD regio Utrecht (GGDrU) voert Bron- en Contactonderzoek (BCO) op dit moment nog steeds volledig uit (fase 1). Dat fase 1 voor GGDrU uitvoerbaar is, is te danken is aan de eigen applicatie (CoronaCare) die GGDrU heeft ontwikkeld om het BCO beter en efficiënter te kunnen uitvoeren.
6
Figuur 4. Totaal aantal positieve registraties naar begin van de klachten, indien niet aanwezig dan meldingsdag – 3 kalenderdagen. Peildatum 18 augustus 2021 8:00 uur. Coronamaatregelen 1. (8 feb) Basisscholen en kinderdagverblijven weer open. Verzorgingshuisbewoners mogen 2 personen ontvangen per dag. 2. (1 mrt) Middelbare scholen en MBO open voor minimaal 1 dag per week. 3. (16 mrt) Versoepelingen niet essentiële winkels en buiten sporten met maximaal 4 personen in groepsverband. 4. (28 apr) Avondklok verdwijnt, maximaal aantal mensen dat thuis op bezoek mag naar 2 personen, buitenterrassen worden heropend tussen 12-18 uur met maximaal 50 per terras, winkelen in niet-essentiële winkels mag weer zonder afspraak, maximale aantal aanwezigen op een begrafenis gaat naar 100 personen. 5. (15 mei) Reizen naar landen met een laag besmettingsniveau weer mogelijk. 6. (19 mei) Sportscholen en de buitenlocaties van recreatieparken zijn weer open. Buiten sporten in groepen is weer toegestaan met maximaal 30 personen. Er mag weer kunsten cultuurbeoefening plaatsvinden zowel binnen als buiten met maximaal 30 personen. Alle contactberoepen zijn weer toegestaan. Terrassen mogen langer openblijven, nu van 06.00 t/m 20.00 met maximaal 50 personen.
7
7. (5 jun) Maximum van 4 bezoekers per dag thuis ontvangen. Horeca en meeste publiek toegankelijke locaties, en daarmee ook culturele locaties, open onder voorwaarden. Openingstijden van buitenterrassen verruimd. Mogelijkheden voor sporten en kunst- en cultuurbeoefening zijn verruimd. Ook locaties voor recreatie binnen open onder voorwaarden. Alle winkels open volgens reguliere openingstijden. Maximaal aantal mensen bij een huwelijk naar 50 personen. 8. (26 jun) Alle publiek toegankelijke ruimtes weer open, waarbij 1,5 meter afstand houden verplicht is. 100% bezoekerscapaciteit toegestaan met coronatoegangsbewijzen. Op minder plekken hoeven mondkapjes te worden gedragen, enkel in het openbaar vervoer, op stations, vliegvelden en in het voortgezet onderwijs is het verplicht. 9. (10 jul) Horeca sluit om middernacht, entertainment, zoals liveoptredens, is verboden. Discotheken en nachtclubs sluiten hun deuren. Het gebruik van het coronatoegangsbewijs voor uitzondering op de anderhalvemeterregel op pauze voor de horeca. Evenementen, culturele locaties en publiek bij sportwedstrijden toegankelijk als iedereen een vaste zitplaats heeft op 1,5 meter afstand. Toegangsbewijs nog maar 24 uur geldig i.p.v. 40 uur. Evenementen hebben een maximale duur van 24 uur.
8
Vindpercentage per week Het vindpercentage in de regio Utrecht is gestegen van 10,41% in week 31 naar 12,24% in week 32. Landelijk is het vindpercentage ook gestegen van 12,89% naar 14,54% (Bron: RIVM). Daarmee ligt het vindpercentage van de regio Utrecht onder het landelijke vindpercentage. Een combinatie van toegenomen aantal positieven en vindpercentage met ruim voldoende test capaciteit, was te verklaren doordat mensen gevraagd zijn om te testen bij GGD testlocaties bij het hebben van een positieve zelftest. Aantal positief geteste COVID-19 inwoners per gemeente in de regio Figuur 5 toont het aantal meldingen van positieve gevallen per gemeente in week 32. In Figuur 6 zijn de besmettingen in de laatste vier weken per 100.000 inwoners weergegeven per gemeente van de regio Utrecht. Daarbij geldt voor de weergave in relatieve cijfers dat hoe lager het inwonersaantal, des te grilliger het verloop zal zijn. Een kleine toename of afname geeft een relatief groot verschil in de kleinere gemeenten. In een deel van gemeenten is een afname te zien in het aantal registraties per 100.000 inwoners in week 32, maar bij een deel is ook een toename te zien.
In Amersfoort, Baarn, Bunschoten, De Ronde Venen, Renswoude, Rhenen, Soest, Utrecht, Vijfheerenlanden, Wijk bij Duurstede, Woerden en Zeist is een toename te zien in het aantal registraties per 100.000 inwoners ten opzichte van de week ervoor. In Nieuwegein is het aantal registraties per 100.000 inwoners gelijk gebleven ten opzichte van vorige week. Door relatief lage inwoneraantallen, is heeft een klein aantal extra besmettingen een relatief grote impact op het aantal besmettingen per 100.000 inwoners in Baarn, Bunschoten, De Ronde Venen, Renswoude, Soest, Vijfheerenlanden, Wijk bij Duurstede, Woerden en Zeist.
Figuur 5. Aantal positief geteste personen per gemeente in week 32. Peildatum: 18 augustus 2021 8:00 uur.
9
Figuur 6. Aantal positief geteste personen per 100.000 inwoners per gemeente tussen 19 juli t/m 15 augustus 2021. Peildatum: 18 augustus 2021 8:00 uur.
10
Figuur 7 laat het aantal meldingen per gemeente zien in de afgelopen twee weken. Met 88 besmettingen per 100.000 inwoners in week 32 valt regio Utrecht in de onderste helft van middenmoot. Regio Amsterdam-Amstelland, Flevoland en Rotterdam-Rijnmond zijn de regio’s met het hoogste aantal meldingen per 100.000 inwoners met 160, 140 en 114 besmettingen per 100.000 inwoners. Groningen, Brabant-Noord en Drenthe zitten momenteel het laagst in het aantal besmettingen per 100.000 inwoners met respectievelijk 76, 71 en 68 meldingen per 100.000 inwoners.
Figuur 7. A: Aantal aan de GGD’en gemelde personen met een positieve testuitslag voor SARS-CoV-2 per 100.000 inwoners per gemeente met GGD meldingsdatum van 3 augustus 2021 t/m 17 augustus 2021 10:00 uur. (Bron: RIVM).
11
Verschuiving in leeftijdsverdeling Figuur 8 laat het aantal besmettingen per leeftijdsgroep zien. In Figuur 9 worden de jongere leeftijdsgroepen uitgesplitst in kinderopvang (0-3 jaar), basisschool (4-12 jaar), voortgezet onderwijs onderbouw (13-15 jaar), voortgezet onderwijs bovenbouw (16-18 jaar) en jongvolwassenen (19-27 jaar). In de leeftijdsgroepen 20-39 jaar en 40-59 jaar is een lichte stijging te zien in week 32 ten opzichte van week 31. In Figuur 9 is te zien dat het aandeel besmettingen in de groepen van 0-18 jaar kleiner is geworden en in de leeftijdsgroep van 19-27 jaar en de leeftijdsgroep overig (>27 jaar) het aandeel groter.
Figuur 8. Leeftijdsverdeling COVID-19-registraties in absolute aantallen (boven) en percentage (onder) voor de weken 28 t/m 32 in 2021. Peildatum: 18 augustus 2021 8:00 uur.
Figuur 9. Leeftijdsverdeling COVID-19-registraties in absolute aantallen (boven) en percentage (onder) voor de weken 28 t/m 33 in 2021 met uitsplitsing 03, 4-12, 13-15, 16-18, en 19-27 t.o.v. alle andere leeftijden. Peildatum: 18 augustus 2021 8:00 uur.
In Figuur 10 en Tabel 2 worden de besmettingen per gemeente uitgezet naar leeftijdscategorie voor de periode van 19 juli t/m 15 augustus 2021. In Figuur 10 is te zien dat de meeste besmettingen per 100.000 inwoners zich bevinden in de leeftijdsgroepen 019 jaar en 20-39 jaar. De explosieve stijging van de vierde golf is nog terug te zien in de hoge aantallen in de leeftijdsgroepen 0-19 jaar en 20-39 jaar. Dit is meest prominent aanwezig in Utrecht. Daarnaast is het aantal besmettingen per 100.000 inwoners relatief laag in de leeftijdsgroepen 60-79 jaar en 80+ jaar.
12
Figuur 10. Aantal besmettingen per gemeente per leeftijdsgroep per 100.000 inwoners, periode 19 juli t/m 15 augustus 2021. Peildatum: 18 augustus 2021 8:00 uur.
13
Tabel 2. Aantal besmettingen per gemeente per leeftijdscategorieën, periode 19 juli t/m 15 augustus 2021, peildatum 18 augustus 2021, 08:00 uur.
Bron van besmetting Tijdens het BCO wordt gevraagd naar de mogelijke bron van besmetting. In Figuur 11 is het aantal COVID-19-registraties uitgezet naar de waarschijnlijke bron van besmetting, zoals geconstateerd in het BCO in periode 19 juli t/m 15 augustus 2021. De meeste besmettingen kunnen net als vorige weken weer worden verklaard door gezinssituatie. Daarnaast wordt het aantal besmettingen verklaard door een buitenlandreis hoger. Dit kan waarschijnlijk verklaard worden doordat de vakantieperiode op zijn hoogtepunt is en meer mensen op reis zijn (gegaan). Het aantal besmettingen dat plaatsvindt in de horeca is afgelopen weken steeds verder gedaald, nadat de explosieve stijging in de vierde golf.
14
Figuur 11. Aantal COVID-19-registraties in de regio Utrecht uitgezet naar bron van besmetting. Periode 19 juli t/m 15 augustus 2021. Peildatum 18 augustus 2021, 8:00 uur.
15
1.2. Testen Aantal uitgevoerde testen GGDrU In week 32 zijn 11.253 testen uitgevoerd door GGDrU (Figuur 12). Dit is een afname in vergelijking met de afgelopen week, toen 13.746 testen zijn uitgevoerd. De testcapaciteit is verlaagd, maar nog steeds ruimvoldoende. Met vijf regionale testlocaties, twee lokale testlocaties en diverse mobiele testunits zijn wij overal in de regio bereikbaar.
Figuur 12. Aantal uitgevoerde testen in teststraten GGDrU weergeven per week in 2021. Peildatum 18 augustus 2021, 9:00 uur.
In Figuur 13 wordt de maximale testcapaciteit van GGDrU in de teststraten vanaf 4 januari weergeven. GGDrU heeft al ruime tijd voldoende testcapaciteit. Sinds de start van 2021 (4 januari) zijn op de teststraten van GGDrU 953.950 testen afgenomen.
Figuur 13. Overzicht van de wekelijkse maximale testcapaciteit van GGDrU in de teststraten vanaf 4 januari. Peildatum 18 augustus 2021, 9:00 uur.
16
1.3. COVID-19 vaccinaties Operationele vaccinatielocaties Het vaccinatieprogramma voor de COVID-19 vaccinaties komt GGDrU in een nieuwe fase na ongeveer acht maanden grootschalig vaccineren. Het ministerie van VWS en GGD GHOR Nederland hebben ook gevraagd de afschaling van de vaste vaccinatielocaties voor te breiden en de overgang naar doelgroepgericht vaccineren in te zetten. Ons team dat zich bezighoudt met doelgroepgericht vaccineren zal ook voor en met deze gemeenten bekijken welke plekken/wijken/doelgroepen nog aandacht nodig hebben om na sluiting van de vaste locatie nog interventies op in te zetten. Hierover is ambtelijk contact. Gezette vaccinaties door GGDrU Sinds de start van de COVID-19-vaccinaties op 8 januari zijn 1.430.890 vaccinaties gezet (peildatum 18 augustus 2021, 9:00 uur). Hiervan hebben 791.736 mensen in ieder geval een eerste vaccinatie ontvangen, 639.154 hebben hun tweede vaccinatie ontvangen door GGDrU. Figuur 14 toont het aantal vaccinaties op de GGD-vaccinatielocaties binnen de regio, gestapeld per vaccinatieronde.
Figuur 14. Aantal vaccinaties per dag door GGDrU, uitgesplitst naar eerste en tweede vaccinatie. Peildatum 18 augustus 2021, 9:00 uur.
Vaccinatiegraad per gemeente Figuur 15 laat de vaccinatiegraad van inwoners per gemeente zien voor inwoners die in ieder geval de eerste vaccinatie hebben ontvangen. Het percentage varieert van 55% in de gemeente Renswoude tot 74% in de gemeente Bunnik, met een regiogemiddelde van 66%. In Figuur 16 is het percentage inwoners te zien dat het volledige vaccinatieprogramma heeft doorlopen. Dit varieert van 46% van de inwoners van Renswoude tot 65% van de inwoners van Bunnik. Het gemiddelde in de regio Utrecht ligt op 57%. Deze data zijn sinds deze week gebaseerd op data van het RIVM en bevat informatie over het percentage gevaccineerde inwoners per gemeente van vaccinaties die zijn toegediend door de GGD, huisartsen of overige uitvoerders indien de gevaccineerde toestemming heeft gegeven voor centrale registratie. Per 11 augustus stuurt GGDrU een keer per twee weken vaccinatiecijfers vanuit het COVIDvaccinatie Informatie en Monitoringsysteem (CIMS) van inwoners die de eerste vaccinatie hebben ontvangen met de gemeenten. Hierin zijn de vaccinaties die uitgevoerd zijn door de instellingen (inclusief ziekenhuizen) en huisartsenpraktijken meegenomen. De cijfers worden opgesplitst naar wijk en leeftijdsgroep. Landelijk is het percentage van bloeddonoren met antistoffen tegen COVID-19 ruim 93% (Figuur 17). Het overgrote deel hiervan is verkregen door vaccinatie (Bron: Sanquin). 17
Echter zijn de personen die bloeddonor zijn niet een gelijke afspiegeling van de gehele populatie van de regio Utrecht. Daarnaast wordt niet aangegeven hoeveel antistoffen deze personen en of dat genoeg is om bescherming te bieden.
Figuur 15. Percentage inwoners dat ten minste een vaccinatie heeft ontvangen per gemeente op basis van data van het RIVM. Peildatum 16 augustus 2021.
Figuur 16. Percentage inwoners dat volledig is gevaccineerd per gemeente op basis van data van het RIVM. Peildatum 16 augustus 2021.
18
Figuur 17. Landelijk COVID-19 antistoffen onder de donors. Bron: Corona-antistoffen bij 93% van donors (Bron: sanquin).
Type vaccin Eind juni worden enkel nog eerste vaccinaties gezet met Pfizer, Moderna en Janssen. Enkel als mensen nog geen tweede vaccinatie met AstraZeneca hebben gehad, maar wel een eerste, wordt van dit vaccin nog gebruik gemaakt. De inzet van het Janssen vaccin is op 2 juni veranderd. De Gezondheidsraad benadrukt dat het Janssen vaccin effectief en voldoende veilig is, maar voor de landelijke vaccinatiestrategie adviseert de Gezondheidsraad echter om de leeftijdsgroepen die nog aan de beurt komen vanaf nu Pfizer of Moderna vaccins aan te bieden (RIVM). Sinds 23 juni 2021 kunnen mensen wel kiezen om zich toch te laten vaccineren met het Janssen-vaccin. Daarnaast werd op 5 juli aangekondigd dat heteroloog vaccin gebruik is toegestaan (het combineren van een eerste dosis AstraZeneca met vervolgens Pfizer als tweede vaccin) (bron: Gezondheidsraad). 1.4. Aantal overledenen COVID-19 In totaal zijn in regio Utrecht t/m 18 augustus 2021 8:10 uur 1.330 personen aan een bevestigde besmetting met COVID-19 overleden, waarvan twaalf inwoners die officieel elders woonachtig zijn maar tijdelijk in de regio verbleven of waarvan geen regio bekend is (aangeduid als ‘buiten regio’ of ‘leeg’). Net zoals het landelijk beeld laat zien, is ook in de regio Utrecht het aantal overlijdens sinds de start van de vaccinaties enorm afgenomen. In week 32 is een overlijden gemeld bij GGDrU.
Omdat er tijd zit tussen het overlijden, het melden en de registratie is het mogelijk dat overlijdensgevallen in de laatste dagen van vorige week nog niet aan GGDrU zijn gemeld. Personen die overleden zijn in deze periode en die niet getest zijn op COVID-19, zijn niet in deze registratie meegenomen. Hierdoor zal het werkelijke aantal personen dat aan COVID-19 overleden is, hoger zijn. Daarnaast is een belangrijke kanttekening dat de GGD niet alle overlijdens krijgt gemeld. In de gemeenten met het hoogst aantal inwoners, Utrecht, Amersfoort, De Bilt en Zeist, is het aantal overledenen als gevolg van COVID-19 sinds het begin van de epidemie het hoogst (Figuur 18).
19
Figuur 18. Aantal personen overleden aan COVID-19 per gemeente in de regio Utrecht. Peildatum 18 augustus 2021 8:00 uur.
Net zoals het landelijk beeld laat zien, neemt ook in de regio Utrecht het risico op overlijden toe met de leeftijd. Meer dan de helft van het totaal aantal overleden patiënten met een COVID-19 infectie valt binnen de leeftijdsgroep 80+ jaar (62,3%). Dit aandeel is sinds het begin van de vaccinaties in januari enorm afgenomen. Het aandeel van de leeftijdsgroep 60-79 jaar op het totaal aantal overledenen is 34,1%. Voor zover bekend zijn bij het RIVM in de periode 10 t/m 17 augustus 2021 landelijk 42 meldingen geweest van het overlijden van mensen aan een COVID-19-besmetting.
20
2. Kwetsbaren beschermen 2.1 Monitoring verspreiding virus binnen zorginstellingen Landelijke aantal COVID-19 besmettingen in woonzorgcentra Het landelijk aantal verpleeghuis- en woonzorgcentrumbewoners met COVID-19 uitgezet naar dag van melding aan de GGD’en is weergeven in Figuur 19.
Figuur 19. Aantal positief geteste bewoners van woonzorgcentra in Nederland vanaf 27 februari 2020, naar meldingsdag. Bron: RIVM. Peildatum: 17 augustus 2021 10:00 uur.
In Figuur 20 is het aantal COVID-19-registraties onder bewoners van zorginstellingen voor 24-uurs zorg weergegeven, uitgezet naar meldingsdag aan de regio Utrecht. Deze grafiek bevat alleen de door laboratoriumonderzoek bevestigde gevallen woonachtig of werkend in deze instellingen en die gekoppeld zijn aan een zorginstelling. Figuur 19 zal waarschijnlijk een onderrapportage weergeven, omdat niet alle bewoners van langdurige zorginstellingen door GGDrU worden getest. Vanaf begin januari is, zowel landelijk als regionaal, een gestage afname te zien in het aantal besmettingen (Figuur 16). Dit wordt zeer waarschijnlijk veroorzaakt doordat de kwetsbare groepen vanaf begin januari gevaccineerd zijn. Ten gevolge van de vierde golf is op dit moment weer een lichte stijging te zien in het aantal gemelde gevallen binnen de 24-uurs zorg.
Figuur 20. Aantal positief geteste personen van woonzorgcentra in de regio Utrecht, naar eerste ziektedag. Peildatum: 18 augustus 2021 8:00 uur.
Vanuit het BCO komen locaties in beeld waar besmettingen voorkomen of waar besmettingen worden opgelopen (de bron van besmetting). De bijzondere locaties zoals zorginstellingen, scholen, kinderdagverblijven, horeca, werkplekken en verenigingen worden vervolgens geregistreerd en gemonitord, om te bepalen of verdere acties nodig zijn. Als op een bijzondere locatie sprake is van een besmetting spreekt GGDrU van een issue. Indien drie of meer besmettingen aan elkaar gelinkt zijn wordt gesproken van een cluster. In Figuur 21 is het aantal actieve clusters bij instellingen met openstaande monitoring weergegeven. Deze clusters, gerelateerd aan 24-uurs zorg, zijn uitgezet per gemeente. Het gaat om clusters waar in de afgelopen vier weken een positieve melding is geweest. Op dit moment zijn er 27 actieve clusters, twee clusters meer ten opzichte van week 31. 21
Figuur 21. Aantal COVID-19 clusters gerelateerd aan 24-uurs zorg in de regio Utrecht die onder actieve monitoring staan van GGDrU sinds afgelopen vier weken. Peildatum: 18 augustus 2021 8:10 uur.
2.2. Meld- en Adviespunt Bezorgd Het Meld- en Adviespunt Bezorgd (MAB), uitgevoerd door GGDrU, heeft een vraagbaak-, consultatie- en vangnetfunctie waar ketenpartners en bezorgde burgers terecht kunnen met zorgen en vragen over personen met verward gedrag. Daarnaast wordt uitvoering gegeven aan de taken uit de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz): ‘Meldfunctie’ en/of ‘Verkennend Onderzoek’. Wanneer een inwoner denkt dat een persoon in zijn omgeving misschien verplichte geestelijke gezondheidszorg nodig heeft, kan hij/zij hiervan een melding doen bij GGDrU. Het MAB is een regionaal meldpunt voor 17 van de 26 gemeenten binnen de Veiligheidsregio Utrecht. Door de coronacrisis en quarantainemaatregelen is de druk op de groep mensen met verward gedrag toegenomen en is er risico dat meer mensen in kwetsbare situaties terechtkomen. In de (half)jaarverslagen 2020 en 2021 van het MAB worden deze zorgwekkende ontwikkelingen benoemd. Zo nam het aantal meldingen met een veelvoud toe. In 2019 ontving het MAB gemiddeld 9,4 meldingen per week, in 2020 17,6 meldingen en in het eerste half jaar van 2021 waren dit 29,1 meldingen. Mensen met verward gedrag hebben vaak complexe problematiek op meerdere levensgebieden. Tijdens de coronaperiode is een toename te zien in meldingen die betrekking hebben op overlast, huiselijk geweld en suïcidaal gedrag.
Niet alleen de quarantainemaatregelen tegen verdere verspreiding van het coronavirus hebben gezorgd voor een stijging in het aantal meldingen (Figuur 22, 23), ook heeft de invoering van de Wvggz, vanaf januari 2020, gezorgd voor extra bekendheid van het MAB. Daarnaast is vanaf oktober 2020 een nieuw landelijk meldpunt Zorgwekkend gedrag (tel: 0800-1205) gelanceerd. Dit meldpunt schakelt door naar desbetreffende regionale meldpunten en heeft ook bijgedragen aan een toename van het aantal meldingen in regio Utrecht. Tenslotte is een toename van het aantal meldingen van de politie bij het MAB te zien. Dit komt omdat men binnen de politieorganisatie stapsgewijs bezig is met het instrueren van (wijk-)agenten om MAB-meldingen te doen, wanneer ze te maken hebben met mensen die verward en afwijkend gedrag vertonen.
22
Figuur 22. Meldingen MAB en Wvggz in de regio Utrecht in 2020 en 2021, uitgesplitst per maand. Peildatum: 16 augustus.
Figuur 23. Meldingen MAB en Wvggz in de regio Utrecht in 2021, uitgesplitst per week. Peildatum: 16 augustus.
3. Zorgcontinuïteit 3.1 Landelijk aantal nieuwe ziekenhuisopnames Als gevolg van de stijging in de besmettingscijfers in de eerste helft van juli neemt de bezetting van COVID-patiënten op de IC en in de klinieken licht af ten opzichte van eind juli, mogelijk als gevolg van de stijging van het aantal besmettingen in de vierde golf (begin juli) (Figuur 24).
23
Figuur 24. Landelijk aantal nieuwe COVID-19 patiënten opgenomen op verpleegafdelingen en Intensive Care. De gegevens van de laatste week zijn nog niet volledig. Gegevens rechts van de stippellijn worden momenteel namelijk nog aangevuld door ziekenhuizen. Bron: NICE. Peildatum: 17 augustus 2021, 10:00 uur.
3.2 Verloop IC- en kliniek-capaciteit regio Als gevolg van de stijging in de besmettingscijfers in de eerste helft van juli is de bezetting van COVID-patiënten op de IC en in de klinieken (licht) toegenomen (Figuur 25). Het aantal COVID-patiënten op de IC en in de klinieken neemt nog altijd niet af. Hierbij liggen de patiënten die opgenomen worden voornamelijk in de klinieken. De instroom op de IC en in de klinieken laten een voorzichtige dalende trend zien. De ligduur van een COVID-patiënt op de IC is gemiddeld ruim twee weken. Daardoor wordt verwacht dat de COVID-bezetting op de IC voorlopig stabiel blijft in aantallen, ook bij een dalende instroom. Patiënten die afgelopen week zijn aangekomen, liggen immers volgende week ook nog op de IC. De ligduur voor de kliniek is lager, waardoor de bezetting sneller reageert op veranderingen in de instroom voor de kliniek.
Figuur 25. Verloop kliniek en IC-capaciteit ziekenhuizen in de regio Utrecht. Peildatum: 16 augustus 2021.
3.3 Inschaling zorgcapaciteit ziekenhuizen De continuïteit van de (acute) zorg is - naast 'basis' COVID-zorg - regionaal niet bedreigd, maar wel bij individuele zorgaanbieders. Huidige continuïteitsfase is geel (Figuur 26).
24
Figuur 26. Continuïteitsfase in de zorgketen. Bron: Regionaal plan stagnatie in de zorgketen regio Utrecht, 2021.
3.4 Zorginstellingen (niet-ziekenhuizen) In de regio Utrecht zijn zo een 265 zorgorganisaties met meer dan 1.400 zorglocaties. Het uitgangspunt is dat zorginstellingen zelf verantwoordelijk zijn voor de continuïteit en kwaliteit van zorg voor hun cliënten. Sinds het begin van de COVID-19 crisis hebben we de zorgorganisaties verzocht om elke maandagmorgen het situatiebeeld aan te leveren voor de organisatie. Inmiddels is de druk op de verpleeg- en verzorgingshuizen (V&V), Gehandicaptenzorg (GHZ) en de Geestelijke Gezondheidzorg (GGZ) al meerdere weken beperkt. Om die reden is per 14 juni 2021 gestopt met de wekelijkse inventarisatie. Er is gestopt met het halen van informatie, maar mochten zich zorgcontinuïteitsvraagstukken aandienen dan kunnen zorgorganisaties (V&V, GHZ en GGZ) contact opnemen met de GHOR (ghor@vru.nl). Indien de situatie weer verslechtert, zal de inventarisatie weer opgestart worden. 3.5 Opvanglocaties buiten het ziekenhuis De V&V, GHZ en GGZ, in het ROAZ regio Utrecht, hebben de opdracht gekregen van de DPG, in navolging van de opdracht van de minister van VWS (april 2020), om permanente COVID-19 zorg buiten het ziekenhuis te organiseren.
Binnen de V&V-sector is capaciteit georganiseerd voor mensen die meer zorg nodig hebben dan thuis geboden kan worden, maar geen ziekenhuis indicatie hebben en voor mensen die ontslagen worden uit het ziekenhuis, maar nog onvoldoende hersteld zijn om naar huis te gaan. Momenteel is in onze regio binnen de V&V-sector opgeschaald naar tien bedden (drie zorglocaties). In het landelijk overleg tussen GGD GHOR Nederland, ActiZ en Zorgverzekeraars Nederland is afgesproken om landelijk 150 bedden tot nader order in de lucht te houden voor de coronazorg buiten ziekenhuizen. Omdat dit naar rato van het aantal inwoners verdeeld wordt, komt dit voor Utrecht neer op tien bedden. De volgende stap is om te overleggen hoe de corona-nazorg in de toekomst binnen reguliere afspraken en processen ingebed kan worden.
25
Figuur 27. Opvanglocaties buiten het ziekenhuis. Peildatum: 16 augustus 11:00 uur. Bron: de GHOR.
26
Bijlage 1: Landelijk panelonderzoek Momenteel vindt een grootschalig landelijk onderzoek plaats van het RIVM en GGD’en in Nederland. Dit onderzoek heeft meerdere peilingen, die ongeveer elke twee à drie weken plaatsvinden. Van 17 tot 24 april 2020 vond de eerste peiling plaats. De laatste en veertiende meting van 28 juli tot 1 augustus 2021. Het onderzoek staat stil bij hoe mensen in Nederland de coronacrisis beleven, in welke mate ze de gedragsregels naleven en hoe het gaat met het hun gezondheid en mentaal welbevinden. Disclaimer: Dit onderzoek is geen representatieve afspiegeling van de samenleving. Een aantal factoren die de representativiteit beïnvloeden worden hierna beschreven. Aan het onderzoek doen beduidend meer vrouwen mee dan mannen. Daarnaast zijn het vooral hoger opgeleiden die de vragenlijsten invullen. Jongeren (16-24 jaar) vullen minder vaak de vragenlijsten in dan 25-plussers. Ten slotte doen er relatief weinig mensen mee die niet in Nederland zijn geboren. Deze bijlage geeft dus alleen een indicatie van hoe de coronacrisis beleefd wordt, er kunnen geen conclusies aan worden verbonden. De gepresenteerde informatie kan worden ingehaald door actuele ontwikkelingen.
In deze bijlage wordt ingegaan op verschillende aspecten rondom vakanties in Nederland en elders in Europa. Zo komt de testbereidheid na een vakantie in het buitenland aan bod, of en waar mensen heen gaan op vakantie. Hoe goed houden ze zich daar aan de maatregelen? Zijn er verschillen in vakantiebestemming tussen volledig gevaccineerden en niet volledig gevaccineerde deelnemers? Wat zijn populaire Europese bestemmingen? 78% van de deelnemers laat zich niet testen na een bezoek aan het buitenland, 97% van de deelnemers keert terug zonder klachten De vragen over reizen naar het buitenland van peiling 14 (28 juli tot 1 augustus) richten zich op de periode tussen half juni en eind juli. Sinds half juni zijn 323 deelnemers (13%) in het buitenland geweest. Er wordt sterk aanbevolen om je na terugkomst in Nederland te laten testen op het coronavirus. Figuur 1 geeft het percentage deelnemers dat zich heeft laten testen na een buitenland bezoek weer. Er valt te zien dat het overgrote deel (78%) zich niet laat testen. 7% heeft zich laten testen bij een bedrijf en 8% heeft dit gedaan met een zelftest. 0,3% (één deelnemer) heeft een afspraak staan. 7% is op het moment van invullen van de vragenlijst net terug en heeft qua testen nog niets ondernomen. Wanneer het aantal deelnemers (N) wordt opgeteld, komt een som uit van 325 in plaats van 323.
Mogelijk hebben twee deelnemers tweemaal gereageerd. Verder gaf 97% (N=314) aan geen klachten te hebben na terugkeer. Een kleine 2% (N=6) had milde klachten (zoals neusverkoudheid of keelpijn). De laatste 1% (N=3) had zware klachten (zoals koorts of benauwdheid) of weet het niet. Er zijn geen gegevens bekend over de redenen dat deelnemers zich niet laten testen na een bezoek aan het buitenland.
27
Figuur 1 Testen na een buitenland bezoek in meetronde 14 (28 juli tot 1 augustus 2021).
De meeste deelnemers blijven komende zomer thuis, een reis elders in Europa vooral populair onder leeftijdsgroepen 16-39 jaar en 40-54 jaar Figuur 2 weergeeft het percentage deelnemers dat van plan is om op vakantie te gaan deze zomer per leeftijdsgroep. In dit Figuur wordt geen rekening gehouden met de vaccinatiegraad, zie daarvoor Figuur 3. De N (hoeveelheid deelnemers) die staat weergeven gaat over de totale groep, dus niet naar uitsplitsing per leeftijdsgroep. Er valt te zien dat de meesten niet gaan (N=883), bij de deelnemers die wel gaan is de Nederland even groot als de Europa groep. Verder valt bij de leeftijdsgroepen 16-39 jaar en 40-54 jaar eenzelfde patroon te zien. De meeste leeftijdsgroep 16-39 jaar gaan op vakantie in Europa (39%), een iets kleinere groep blijft in Nederland (33%) en 29% gaat helemaal niet. Voor leeftijdsgroepen 55-69 jaar en 70+ jaar is dit andersom. 39% van de leeftijdsgroep 55-69 jaar blijft thuis en 29% verblijft in Nederland of in Europa. Bij de leeftijdsgroep 70+ jaar valt te zien dat 50% thuisblijft, bijna een derde in Nederland verblijft en 19% elders in Europa verblijft. Er kan vanwege een gebrek aan gegevens niets worden gepresenteerd over deelnemers die van plan zijn om buiten Europa op reis te gaan of nog niet weten of ze op vakantie gaan.
28
Bijlage 2: Testbereidheid en vindpercentages per gemeente In deze bijlage wordt onder andere gekeken naar de testbereidheid per gemeente, de vindpercentages per gemeente, het aandeel van inwoners buiten GGDrU op de GGDrU teststraten en aantal inwoners van GGDrU die op andere GGD-teststraten zich laten testen. Hieronder de gegevens voor week 29 tot en met week 32, uitgevoerd op 18 augustus 2021. Deze analyses verschijnen om de twee weken als bijlage in de regio rapportage. Aantal geteste inwoners GGDrU per gemeente Het totaal aantal afgenomen testen, zowel in absolute aantal en per 100.000 inwoners, voor de laatste vier weken is per gemeente weergeven in Figuur 1 en 2. Het aantal testen neem in elke gemeente af sinds week 29. Dit is ook relatief gezien het geval (Figuur 2). In alle regio’s is een vergelijkbare relatieve afname van afgenomen tests te zien. In Figuur 3 is het aantal afgenomen testen per leeftijdsgroep weergegeven. In alle leeftijdsgroepen is het aantal afgenomen testen afgenomen, met als uitzondering de leeftijdsgroep 80+, waar de aantallen al erg laag waren. In de leeftijdsgroep 20-39 jaar is het aantal afspraken het hoogst.
Figuur 1. Totaal absolute aantal afgenomen testen per gemeente, periode 19 juli t/m 15 augustus 2021. Peildatum 18 augustus 2021.
Figuur 2. Totaal aantal afgenomen testen per 100.000 inwoners per gemeente, periode 19 juli t/m 15 augustus 2021. Peildatum 18 augustus 2021.
29
Figuur 3. Totaal aantal afgenomen testen naar leeftijdsgroep per week, periode 19 juli t/m 15 augustus. Peildatum 18 augustus 2021.
Vindpercentages per gemeente en per testlocatie Voor de laatste vier weken zijn de vindpercentages per gemeente weergeven in Figuur 4. In veel gemeenten is er in week 32 een stijging te zien in het vindpercentage ten opzichte van de week ervoor. Echter is ook in een deel van de gemeenten een lager vindpercentage in week 32 dan de week ervoor. Het vindpercentage is in week 32 opvallend hoog in Bunschoten, Lopik en Woudenberg.
Figuur 4. Het vindpercentage per gemeente per week, periode 19 juli t/m 15 augustus. Peildatum 28 augustus 2021.
30