1053141 Bijlage 4.5 Quickscan flora en fauna, Scholencomplex Montfoort.pdf
Tekst van het document
NOTITIE Gemeente Montfoort Ter attentie van D. Dekker Postbus 41 3417 ZG Montfoort
DATUM:
5 augustus 2020
ONS KENMERK:
20-0629/20.07084/IngHR
UW KENMERK:
opdrachtverlening dd. 22 juli 2020
AUTEUR:
drs. ing. I. Hille Ris Lambers
PROJECTLEIDER:
drs. ing. I. Hille Ris Lambers
STATUS:
versie 1.0
CONTROLE:
ir. E.J.F. de Boer
Notitie quickscan beschermde soorten en gebieden terrein aan de Parklaan te Montfoort De gemeente Montfoort is voornemens om aan de Parklaan een nieuw kindcentrum te realiseren. Bureau Waardenburg heeft op basis van een oriënterend veldonderzoek (d.d. 22 juli 2020) en bronnenonderzoek de effecten van deze ingreep op beschermde soorten en gebieden beoordeeld in het kader van de Wet natuurbescherming (Wnb).
Conclusie Wet natuurbescherming – onderdeel soortenbescherming Het plangebied vormt leefgebied voor enkele algemeen voorkomende beschermde soorten grondgebonden zoogdieren en amfibieën. Werkzaamheden in het kader van de herinrichting van het plangebied kunnen deze soorten treffen. Het gaat om soorten waarvoor een provinciale vrijstelling geldt voor overtreding van verbodsbepalingen bij werkzaamheden in het kader van ruimtelijke ontwikkeling. Daarnaast dient bij de planning en uitvoering van de werkzaamheden rekening te worden gehouden met de aanwezigheid van broedende vogels om negatieve effecten op deze soorten - en daarmee overtreding van verbodsbepalingen van de Wnb - te voorkomen. Indien de randvoorwaarden worden opgevolgd, worden geen verbodsbepalingen overtreden.
Notitie quickscan beschermde soorten en gebieden terrein aan de Parklaan te Montfoort
1
Wet natuurbescherming – onderdeel gebiedenbescherming Het plangebied ligt op minimaal 8 km van omliggende Natura 2000-gebieden. De voorgenomen ingreep leidt niet tot directe of indirecte effecten op soorten of habitats van deze Natura 2000-gebieden. Significant negatieve effecten, met uitzondering van eventuele effecten ten gevolge van stikstof, op de instandhoudingsdoelen van Natura 2000-gebieden, zijn uitgesloten. Effecten ten gevolge van stikstof zijn in deze notitie niet beoordeeld. Toetsing aan het NNN (Significante) effecten op het NNN als gevolg van de voorgenomen ingrepen zijn uitgesloten. Deze conclusies worden hieronder toegelicht.
Toelichting Plangebied Het plangebied ligt binnen de bebouwde kom van Montfoort, ten noorden van de Parklaan. Het gebied bestaat uit veel verschillende kleine elementen zoals kleine oppervlakten met gazon, plantsoentjes (waaronder een plantsoen met hoog opgaande beplanting), enkele gebouwen (clubgebouw en kleuterschool), ruigte, hagen, een deel van een watergang, verharding en sportveld (kunstgrasvelden en tennisbanen). Binnen het plangebied ligt ook een perceel waarop een nieuw kindcentrum gerealiseerd dient te worden. Op dit perceel staat momenteel een resterend deel van een oud schoolgebouw, dat nog in gebruik is als kleuterschool. Op de rest van het perceel heeft zich na de sloop van de voormalige bebouwing struweel en ruigte ontwikkeld.
Notitie quickscan beschermde soorten en gebieden terrein aan de Parklaan te Montfoort
2
3 5 2
1 4
Figuur 1
Ligging plangebied (rood omkaderd)(Esri Nederland, Community Map Contributors | Esri Nederland, beeldmateriaal.nl | Esri Nederland, Kadaster | Esri Nederland, AHN)
Voorgenomen ingreep Informatie over de voorgenomen ingreep is aangeleverd door de gemeente Montfoort. Naar aanleiding van de voorziene nieuwbouw voor het kindcentrum wordt voor het gehele plangebied nagedacht over een nieuwe indeling. Denkbare opties zijn de verplaatsing van één hockeyveld en het laten vervallen van een tennisbaan. Door het hockeyveld een kwartslag te draaien komt ruimte vrij langs de Parklaan. Op die locatie zou het nieuwe kindcentrum een betere ontsluiting kunnen hebben. Indien de in het gebied aanwezige functies van plaats gewijzigd worden, zijn de volgende werkzaamheden nodig: - kap van (solitaire) bomen en struweel; - verwijderen van verhardingen; - verwijderen kunstgrasveld en tennisbaan; - realisatie van schoolgebouw en hockeyclubgebouw; - graven van een nieuw watergang; - aanbrengen van verharding; - aanbrengen van groenvoorzieningen. De werkzaamheden zullen ongeveer een jaar duren en zijn voorzien in 2021.
Notitie quickscan beschermde soorten en gebieden terrein aan de Parklaan te Montfoort
3
Links: Zicht op locatie 1 vanaf oostzijde gezien. Rechts: zicht op locatie 1 vanaf de westzijde.
Links: Zicht vanaf zuidzijde richting noord op de kleuterschool (locatie 4). Rechts: zicht op locatie 1 en de kleuterschool vanaf noordwest.
Links: Zicht vanaf noordwest op het hockeyclubgebouw (figuur 1, locatie 5). Rechts: zicht op de kunstgrashockeyvelden vanaf zuidoost richting noordwest (figuur 1, locatie 2).
Toetsing aan Wet natuurbescherming – onderdeel gebiedenbescherming Ligging plangebied ten opzichte van beschermde gebieden Het plangebied ligt op een afstand van circa 8 km van het dichtstbijzijnde diverse Natura 2000-gebied (zie figuur 2). Vanwege de beperkte invloedssfeer van de voorgenomen ingreep en grote afstand tot Natura 2000-gebieden zijn directe en indirecte effecten op
Notitie quickscan beschermde soorten en gebieden terrein aan de Parklaan te Montfoort
4
soorten en habitats waarvoor die gebieden zijn aangewezen uitgesloten. Ten aanzien van stikstof kan op voorhand worden ingeschat dat effecten zijn uitgesloten (Cardinaals, 2020). De bouwwerkzaamheden zijn te vergelijken met het bouwen van minder dan vijf grondgebonden woningen. Indien bij de bouw materieel recenter dan 2015 wordt ingezet, is bij het bouwen van vijf grondgebonden woningen de stikstofdepositie op een afstand van meer dan 2,3 km 0,0 en zijn er derhalve geen effecten op Natura 2000 gebieden.
Figuur 2 Ligging van het plangebied ten opzichte van Natura 2000-gebieden.
Notitie quickscan beschermde soorten en gebieden terrein aan de Parklaan te Montfoort
5
Figuur 3 Ligging van het plangebied ten opzichte van het NNN.
Toetsing aan het NNN De planlocatie ligt op circa 1,5 km afstand van gebieden van Natuurnetwerk Nederland (NNN). Volgens het Barro hoeven alleen ontwikkelingen binnen het NNN getoetst aan het ‘Nee, tenzij’ – principe. De provincie verwacht van gemeenten wel dat zij zorgen voor een goede ruimtelijke ordening en voorkomen dat naast elkaar gelegen bestemmingen elkaar teveel hinderen. Op grond van het feit dat het NNN geen externe werking kent en de invloedssfeer van de activiteiten in het plangebied (verstoring door geluid en / of licht) een uitstraling van maximaal 100 m buiten het plangebied heeft is beoordeeld dat de ingreep geen effecten kan hebben op natuurdoelen van het NNN.
Toetsing aan Wet natuurbescherming – onderdeel soortenbescherming Wettelijk kader Het onderzoek is uitgevoerd in het kader van de soortenbescherming zoals opgenomen in de Wnb. Bij toepassing van de Wnb worden drie beschermingsregimes onderscheiden: Beschermingsregime soorten Vogelrichtlijn, Beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn en Beschermingsregime andere soorten. Voor een aantal landelijk algemeen voorkomende soorten amfibieën en grondgebonden zoogdieren van het Beschermingsregime andere soorten heeft de provincie een vrijstelling van verbodsbepalingen verleend voor werkzaamheden in het kader van ruimtelijke ontwikkeling en inrichting. Voor andere beschermde soorten geldt geen vrijstelling en kan een ontheffing nodig zijn als de werkzaamheden leiden tot overtreding van verbodsbepalingen van de Wnb.
Notitie quickscan beschermde soorten en gebieden terrein aan de Parklaan te Montfoort
6
Methodiek onderzoek Voorliggende toetsing in het kader van de Wnb is opgesteld op basis van een eenmalig veldbezoek, de huidige ter beschikking staande kennis en inschattingen van deskundigen. Effecten zijn bepaald en beoordeeld op basis van de functie van het plangebied van beschermde soorten en de voorgenomen ingreep. Voor een actueel overzicht van beschermde soorten die in de regio voorkomen is de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) geraadpleegd in juli 2020. Bij het raadplegen van de NDFF is uitgegaan van een zoekgebied met een straal van ca. drie km om het plangebied en gegevens tot vijf jaar oud. Daarnaast is, voor zover nodig, gebruik gemaakt van achtergronddocumentatie (zie literatuurlijst). Het plangebied is op 22 juli 2020 bezocht. Tijdens het terreinbezoek is zoveel mogelijk concrete informatie verzameld met betrekking tot de aan- of afwezigheid van beschermde soorten (zicht- en geluidswaarnemingen, sporenonderzoek naar de aanwezigheid van pootafdrukken, nesten, holen, uitwerpselen, haren, etc). Op basis van terreinkenmerken en expert judgement is beoordeeld of het terrein geschikt is voor de in de regio voorkomende beschermde soorten. Functie van het plangebied voor beschermde soorten In dergelijke terreinen kunnen beschermde soorten voorkomen uit de soortgroepen planten, vissen, amfibieën, grondgebonden zoogdieren, vleermuizen en vogels.
Het voorkomen van beschermde soorten uit deze soortgroepen wordt hieronder besproken. Planten Uit de ruime omgeving van het plangebied zijn waarnemingen bekend van de grote bosaardbei (NDFF) (Beschermingsregime andere soorten). Deze waarnemingen zijn gedaan op een afstand van minimaal twee km ten noordwesten van het plangebied. Grote bosaardbei is een soort van lichte loofbossen. De plant is niet aangetroffen op potentieel geschikte groeiplaatsen (onder de opgaande beplanting in de perken binnen het plangebied. Het voorkomen van deze soort is daarmee uitgesloten. In de gazons komen soorten voor als madeliefje en paardenbloem. In de ruigte van de gesloopte school staan onder meer akkerdistel, heermoes, teunisbloem, braamstruweel, kornoelje, citroenmelisse. Aanwezige boomsoorten binnen het plangebied zijn plataan, esdoorn, iep, wilg. In de struwelen staan onder meer weigelia, vlier, kornoelje, japanse ilex. Op grond van verspreidingsgegevens (NDFF) en het veldonderzoek wordt geconcludeerd dat het plangebied evenmin betekenis heeft voor andere beschermde plantensoorten. Vissen Onder de Wnb zijn enkele relatief zeldzame vissoorten met hoge eisen aan hun leefgebied beschermd. Het deel van de watergang dat onderdeel vormt van het plangebied heeft steile taluds en is dichtgegroeid met riet.
Vanwege het ontbreken van waarnemingen van beschermde vissoorten en afwezigheid van geschikt leefgebied is het voorkomen van beschermde vissoorten uitgesloten.
Notitie quickscan beschermde soorten en gebieden terrein aan de Parklaan te Montfoort
7
Zicht vanaf de noordwestelijke zijde op de met riet dichtgegroeide watergang binnen het plangebied (locatie 3 in figuur 1).
Amfibieën Uit de ruime omgeving van het plangebied zijn naast de algemeen voorkomende en vrijgestelde soorten (onder andere gewone pad, bastaardkikker, kleine watersalamander) de heikikker en rugstreeppad bekend (NDFF). Het plangebied vormt (geschikt) leefgebied van algemeen voorkomende soorten amfibieën van het ‘Beschermingsregime andere soorten’ waarvoor een vrijstelling geldt voor overtreding van verbodsbepalingen bij ruimtelijke ingrepen. De watergang in het plangebied biedt een zeer beperkte oppervlakte matig geschikt voortplantingswater voor deze soorten. De heikikker is een kritische soort die in de veenweidegebieden zoals rondom Montfoort voorkeur heeft voor watergangen met goede waterkwaliteit en moerassen. Binnen de bebouwde kom zijn geen waarnemingen van de heikikker bekend, wel in het omliggend buitengebied. Vanwege het ontbreken van waarnemingen, het strakke gazonbeheer en de beschaduwde ligging van de watergang is het voorkomen van de heikikker uitgesloten. De rugstreeppad is (onder andere) bekend van zonbeschenen, visarme sloten in het veenweidegebied. De rugstreeppad gebruikt de graslanden als foerageergebied. De dichtstbijzijnde waarnemingen (3 waarnemingen van een roepend dier) zijn gedaan in het buitengebied langs de weg Blokland ten zuiden van Montfoort (op circa 500 m afstand).
Omdat het plangebied de rugstreeppad geen geschikt voortplantingswater biedt, geschikt foerageergebied vrijwel ontbreekt en waarnemingen van de soort ontbreken, wordt aanwezigheid van de rugstreeppad uitgesloten.
Notitie quickscan beschermde soorten en gebieden terrein aan de Parklaan te Montfoort
8
Op grond van verspreidingsgegevens (NDFF) en het veldonderzoek wordt geconcludeerd dat het plangebied géén betekenis heeft voor andere dan algemeen voorkomende (vrijgestelde) beschermde soorten amfibieën. Grondgebonden zoogdieren Het plangebied vormt (geschikt) leefgebied van algemeen voorkomende soorten zoogdieren van het ‘Beschermingsregime andere soorten’ waarvoor een vrijstelling geldt voor overtreding van verbodsbepalingen bij ruimtelijke ingrepen. Op grond van verspreidingsgegevens (NDFF) en het veldonderzoek wordt geconcludeerd dat het plangebied géén betekenis heeft voor andere beschermde soorten grondgebonden zoogdieren. Vleermuizen Uit de omgeving zijn waarnemingen van gewone dwergvleermuis, baardvleermuis, gewone grootoorvleermuis, laatvlieger en watervleermuis bekend (NDFF, 2020). Watervleermuis, is een boombewonende soort. De overige soorten hebben verblijfplaatsen in gebouwen. Verblijfplaatsen In het plangebied bevinden zich geen bomen met holten waarin vleermuizen kunnen wegkruipen. Verblijfplaatsen van specifiek boombewonende soorten zijn dan ook uitgesloten. Het te slopen schoolgebouw bevat potentieel geschikte verblijfplaatsen voor gebouwbewonende vleermuizen. Tijdens het veldbezoek is vastgesteld dat het pand (op de plekken waar de regenpijp is weggewerkt) kieren heeft.
Via dergelijke plekken kunnen vleermuizen wegkruipen en daarin een winterverblijfplaats, paarplaats, zomerverblijf of kraamkolonie hebben. Het eventueel te slopen hockeyclubgebouw heeft open stootvoegen en biedt eveneens langs de dakrand potentieel geschikte verblijfplaatsen voor gebouwbewonende vleermuizen. De open stootvoegen kunnen toegang geven tot de spouw. Op dergelijke plekken kunnen vleermuizen een winterverblijfplaats, paarplaats, zomerverblijf of kraamkolonie hebben. Het kan gaan om diverse soorten gebouwbewonende vleermuizen. Om de aanwezigheid van verblijfplaatsen van vleermuizen te kunnen vaststellen is nader veldonderzoek nodig in de periode mei - september. Vliegroute Binnen het plangebied bevinden zich voor vleermuizen structurerende elementen zoals hoog opgaande bomen en struweel. Deze elementen kunnen vleermuizen gebruiken ter oriëntatie. Vleermuizen kunnen langs deze beplanting vliegen maar omdat het plangebied in de bebouwde kom ligt kunnen omliggende woningen en groenvoorzieningen deze functie ook hebben. De binnen het plangebied aanwezige structuren hebben daarom geen wezenlijke betekenis voor een verblijfplaats. Aanwezigheid van vliegroutes met een wezenlijke betekenis voor een verblijfplaats is uitgesloten. Foerageergebied Het plangebied zal aan een aantal vleermuizen enig foerageergebied kunnen bieden.
Omdat de groenvoorzieningen beperkt van oppervlakte zijn en het buitengebied niet ver
Notitie quickscan beschermde soorten en gebieden terrein aan de Parklaan te Montfoort
9
van de Parklaan ligt, is aanwezigheid van foerageergebied met wezenlijke betekenis voor een verblijfplaats uitgesloten. Vogels Tijdens het veldbezoek zijn geen nesten van vogels met een jaarrond beschermde nestplaats1 vastgesteld in de bomen in het plangebied. De gebouwen hebben een plat dak en geen openingen naar zolders etc. Potenties voor gebouwbewonende soorten zoals gierzwaluw, huismus en steenuil ontbreken. Op grond hiervan wordt de aanwezigheid van nesten van vogels met een jaarrond beschermde nestplaats uitgesloten. De perken met (hoog) opgaande beplanting en struweel vormen wel geschikt broedbiotoop van algemeen voorkomende vogels waarvan de nestplaats niet jaarrond beschermd is. Tijdens het veldwerk zijn gezien: ekster kauw, merel, heggemus. Deze soorten broeden in de periode 15 maart – 15 augustus. Effecten van de ingreep Planten, vissen Omdat in het plangebied geen beschermde planten en vissen voorkomen zijn effecten op beschermde soorten uit deze soortgroepen uitgesloten. Amfibieën en grondgebonden zoogdieren Grond- en graafwerkzaamheden kunnen algemeen voorkomende amfibieën en grondgebonden zoogdieren van het ‘Beschermingsregime andere soorten’ treffen. Voor deze soorten geldt een vrijstelling in het kader van ruimtelijke ontwikkeling en is dus geen ontheffing nodig.
Het betreft algemeen voorkomende soorten (lokaal, regionaal en landelijk) en het aantal dieren dat potentieel gemoeid is met de (lokale) ingreep is beperkt. De gunstige staat van instandhouding van deze soorten is daarom niet in het geding. Wel geldt de Zorgplicht. Vleermuizen Indien vleermuizen in te slopen gebouwen verblijven, leidt de sloop tot het vernielen van verblijfplaatsen van vleermuizen en mogelijk het doden van dieren. Om uitsluitsel te kunnen geven over de huidige betekenis (welke functie) de gebouwen hebben voor vleermuizen (welke soorten) is nader onderzoek nodig. Op basis van de resultaten van dit nader onderzoek kan worden vastgesteld of een ontheffing van de Wnb nodig is en of mitigerende en compenserende maatregelen nodig zijn. Vogels Het verwijderen van beplanting in het broedseizoen kan ertoe leiden dat nesten van vogelsoorten die in gebruik zijn beschadigd en vernield raken. Effecten van de voorgenomen ingreep op soorten met een jaarrond beschermd nest zijn uitgesloten omdat deze soorten niet voorkomen in het plangebied. 1 Op grond van door het voormalige ministerie van LNV verstrekte handreikingen worden nesten van de volgende soorten als jaarrond beschermde nestplaatsen beschouwd: boomvalk, buizerd, gierzwaluw, grote gele kwikstaart, havik, huismus, kerkuil, oehoe, ooievaar, ransuil, roek, slechtvalk, sperwer, steenuil, wespendief, zwarte wouw.
Notitie quickscan beschermde soorten en gebieden terrein aan de Parklaan te Montfoort
10
Andere soorten Negatieve effecten op andere beschermde soorten als gevolg van de voorgenomen ingreep zijn uitgesloten. Voor andere beschermde soorten heeft het plangebied namelijk geen betekenis. Beoordeling Wet natuurbescherming • Voor het vernietigen van nesten die in gebruik zijn en het verstoren van in gebruik zijnde nesten van vogels zodanig dat broedsels mislukken is geen ontheffing mogelijk. Het vernietigen en verstoren van in gebruik zijnde nesten moet worden voorkomen (zie randvoorwaarden hieronder). • Het vernietigen of aantasten van verblijfplaatsen van vleermuizen is een overtreding van de Wnb artikel 3.5 lid 1 en 4. Indien uit nader onderzoek blijkt dat vleermuizen aanwezig zijn en schade aan verblijfplaatsen niet te voorkomen is, is een ontheffing van de Wnb nodig. Om een ontheffing aan te kunnen vragen moet tevens het wettelijk belang van de ingreep worden onderbouwd en moeten alternatieven zijn onderzocht. Randvoorwaarden voor werkzaamheden in het kader van de voorgenomen ingreep - Voorkom verstoren en vernietigen van vogelnesten die in gebruik zijn. Dit kan door het rooien van beplanting en (voorbereidende) (bouw)werkzaamheden buiten het broedseizoen uit te voeren. Voor het broedseizoen wordt in het kader van de Wnb geen standaard periode gehanteerd. De lengte en de aanvang van het broedseizoen verschilt per soort.
Globaal moet voor het broedseizoen rekening gehouden worden met de periode half maart tot half augustus. - Geef invulling aan de Zorgplicht door het slootdeel buiten de kwetsbare periode van amfibieën te dempen. Voer de werkzaamheden aan het slootdeel dus uit buiten de periode maart -juli. Werk toe naar het open slootdeel om vissen te sparen. Nader onderzoek Om eventueel als basis te kunnen dienen voor een ontheffingsaanvraag van de Wet natuurbescherming dient het vaststellen van zomer-, kraam-, paar- en winterverblijven van vleermuizen volgens het Vleermuisprotocol 2017 te worden uitgevoerd. Dit onderzoek bestaat in totaal uit vijf ronden in de periode mei t/m september: • 1x in ochtend en 2x ’s avonds (i.v.m. laatvlieger) in periode half mei- half juli. • 2x ‘s avonds in najaar (half augustus – september) zwermen winterverblijf en paarverblijfplaatsen.
Literatuur BIJ12, juli 2017c. Kennisdocument Gewone dwergvleermuis Pipistrellus pipistrellus, versie 1.0. Bij12, Utrecht. Cardinaals J.T.B., J. Daamen, G.F.J. Smit & H. van Ziel, 2019. Woningbouw en Natura 2000. Vuistregels bij het beoordelen van stikstofdepositie. Bureau Waardenburg Rapportnr. 19246. Bureau Waardenburg, Culemborg.
Notitie quickscan beschermde soorten en gebieden terrein aan de Parklaan te Montfoort
11
Voor vragen over deze notitie kunt u contact opnemen met Ingrid Hille Ris Lambers.
Akkoord voor uitgave:
Kwaliteitszorg Bureau Waardenburg bv ir. E.J.F. de Boer
Paraaf:
Bureau Waardenburg bv is niet aansprakelijk voor gevolgschade, alsmede voor schade welke voortvloeit uit toepassingen van de resultaten van werkzaamheden of andere gegevens verkregen van Bureau Waardenburg bv; opdrachtgever vrijwaart Bureau Waardenburg bv voor aanspraken van derden in verband met deze toepassing. © Bureau Waardenburg bv / Gemeente Montfoort Dit rapport is vervaardigd op verzoek van opdrachtgever en is zijn eigendom. Niets uit dit rapport mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden d.m.v. druk, fotokopie, digitale kopie of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever hierboven aangegeven en Bureau Waardenburg bv, noch mag het zonder een dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd. Lid van de branchevereniging Netwerk Groene Bureaus. Het kwaliteitsmanagementsysteem van Bureau Waardenburg bv is gecertificeerd door EIK Certificering overeenkomstig ISO 9001:2015. Bureau Waardenburg bv hanteert als algemene voorwaarden de DNR 2011, tenzij schriftelijk anders wordt overeengekomen.
Bureau Waardenburg, Varkensmarkt 9 4101 CK Culemborg, 0345 51 27 10, info@buwa.nl, www.buwa.nl
Notitie quickscan beschermde soorten en gebieden terrein aan de Parklaan te Montfoort
12