Vragen CDA - Nolweg 10
Tekst van het document
Schriftelijke vragen aan het college (op basis van artikel 16 of artikel 55 Reglement van Orde) Datum: 11-01-2026 Zaaknummer: 1263841 Steller van de vragen: hier vult u uw naam/namen in. Politieke partij: CDA Molenlanden Onderwerp: Nolweg 10: meer huizen? Portefeuillehouder: dit veld wordt ingevuld door het college Behandelend ambtenaar: dit veld wordt ingevuld door het college Toelichting: De gemeenteraad wordt gevraagd in te stemmen met het schetsontwerp van Nolweg 10 in Schelluinen. In dit schetsontwerp zijn drie levensloopbestendige woningen ingetekend. Gelet op de grootte van het perceel verbaasde ons het aantal woningen.
De gemeente heeft niet veel eigen grond. Juist op eigen grond is het mogelijk om kleinere goedkopere woningen te bouwen. Volgens recent onderzoek is in Schelluinen tot en met 2031 behoefte aan 40 nultredenwoningen. Drie van deze woningen zetten dus niet echt zoden aan de dijk.
Ook tijdens de inloopbijeenkomst in Schelluinen is de vraag gesteld waarom er niet voor
is gekozen om meer woningen op het perceel te bouwen. Daar wordt niet echt antwoord op gegeven in de terugkoppeling.
Vraag 1: Is het niet verstandig om, gelet op de woningnood en de behoefte aan
levensloopbestendige woningen, meer dan drie (levensloopbestendige) woningen te
bouwen aan Nolweg 10? Is de suggestie van een Knarrenhof verkend? En is verkend om aan de westzijde van het perceel een groter rijtje woningen noord-zuid (dus een kwartslag gedraaid ten opzichte van het huidige plan) te bouwen? Antwoord 1: dit veld wordt ingevuld door het college Vraag 2: In de terugkoppeling op de inloopbijeenkomst wordt antwoord gegeven op de
vraag waarom woningen op het achterste deel van het perceel ongewenst zijn. Dat heeft
volgens u te maken met de ligging ten opzichte van het naastgelegen schoolplein. Klopt
het dat de uitzondering uit het Activiteitenbesluit – waarbij het stemgeluid van
schoolkinderen van een uur vóór aanvang tot een uur na afloop van het onderwijs buiten de geluidsnormering valt – in de bruidsschat van het omgevingsplan (art. 20.70 onder d) onverkort van kracht is gebleven? Antwoord 2: Vraag 3: En klopt het dat een VNG-brochure wel als richtafstand 30 meter hanteert, maar dat de gemeente hiervan gemotiveerd kan afwijken? Heeft de gemeente overwogen of er aanleiding is om van deze afwijkingsmogelijkheid gebruik te maken? Is bijvoorbeeld de aanwezigheid van de kinderboerderij een argument om van die 30 meter af te wijken, omdat het gebied kenmerken vertoont van een gemengd gebied? Antwoord 3: