Toegezegde beantwoording technische vragen DoeMee VAB Beleid
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief Onderwerp
:
Beantwoording technische vragen DoeMee - Actualisatie
Datum
:
17 januari 2024
Portefeuillehouder
:
Zaaknummer
Behandelend ambtenaar
: :
beleid vrijkomende agrarische bebouwing (VAB) 1198062
Jan Lock en Arco Bikker
Sjoerd Raemaekers en Rens Verberkt
Beste mevrouw Mollema, Tijdens de commissievergadering op 9 januari 2024 stelde u drie technische vragen. Via deze raadsinformatiebrief worden uw vragen beantwoord.
Vragen
1. Hoe gaat de sloopbank precies werken?
2. Kunnen mensen die geen sloopmeters hebben 1.000 m² kopen om daarmee een bouwrecht binnen de gemeente te realiseren?
3. Wie bepaalt wat een gewenste locatie is?
Inleiding
Om deze vragen te beantwoorden geven we eerst een korte uiteenzetting van het proces onder
het VAB-beleid. Bij een herontwikkeling naar ‘Wonen’ is de voormalige provinciale Ruimte-voorruimte-regeling het uitgangspunt en dit is overgenomen in ons VAB-beleid. Deze regeling heeft als grondslag dat tenminste 1.000 m² aan agrarische gebouwen gesloopt moet worden om één nieuwe woning te kunnen realiseren. Bij dit oppervlakte is zowel rekening gehouden met de
ruimtelijke kwaliteit die wordt behaald met de sloop en nieuwbouw als met de kosten die de agrariër moet maken hiervoor.
1. Hoe gaat de sloopbank precies werken?
Bij initiatieven kunnen overtallige sloopmeters door de gemeente worden geregistreerd in een sloopbank. Er zal voor de inbreng van meters een minimum gelden. Vanaf dat minimum is er
sprake van een verbetering van de ruimtelijke kwaliteit op de slooplocatie. De voorwaarden voor registratie op de sloopbank worden, gelijk aan de huidige manier van werken: 1. Er zal sprake zijn van volledige bedrijfsbeëindiging (gebruikswijziging)
2. De terugbouw van opstallen moet planologisch worden uitgesloten (planologisch wegnemen bouwmogelijkheden)
3. De sloop moet gegarandeerd zijn (voorwaardelijke verplichting) De sloopbank wordt gevuld door stoppende agrariërs die hun opstallen slopen en de bouwtitel(s) willen verzilveren. Wanneer er meer oppervlak wordt gesloopt dan nodig is voor een
2 ontwikkeling, kunnen de resterende meters worden ingebracht in de sloopbank. Ook kunnen
tekorten worden aangevuld. De exacte werking van de bank zal nog nader worden uitgewerkt. Hierin wordt uw raad meegenomen.
2. Kunnen mensen die geen sloopmeters hebben 1.000 m² kopen om daarmee een bouwrecht binnen de gemeente te realiseren?
Wanneer de bank is gevuld met meer dan 1.000 m², dan kunnen deze meters mogelijk ook
gekocht worden door derden. Wij willen dit niet op voorhand in ons VAB-beleid uitsluiten. De
sloopbank wordt nog verder uitgewerkt en het college weegt daarbij de mogelijk scenario’s af. Voorafgaand de verdere uitwerking van de sloopbank zal er een beeldvormende avond met de
raad worden gehouden om de scenario’s, casussen te bespreken. Hierbij nemen wij u mee met het maken van keuzes.
Het succes van de regeling (een gevulde sloopbank) hangt samen met de mogelijkheid voor
derden om een bouwrecht te kunnen kopen. Dit onderwerp zal ook tijdens de beeldvormende avond worden besproken. Op dit moment liggen dit soort vragen van inwoners bij lokale
adviesbureaus. Met een sloopbank en -register kunnen inwoners hiervoor ook naar de gemeente. Door te werken met een minimaal oppervlak (zie antwoord 1) zal ervoor dat de ruimtelijke
kwaliteit al is behaald op de slooplocatie(s) geldt voor dit soort verzoeken eenzelfde beoordeling als wanneer dit direct zou zijn meegenomen bij een stoppende agrariër. 3. Wie bepaalt wat een gewenste locatie is?
Er zal bij ieder initiatief altijd worden getoetst aan een goede ruimtelijke ordening (onder de Omgevingswet is dit een Evenwichtige Toedeling van Functies aan Locaties (ETFAL)). Bij
nieuwbouw is de locatie leidend en zal er worden gestuurd op bouw op bestaande erven of aan dorpsranden. Bij het aankopen van een “bouwrecht” blijft het risico bij de initiatiefnemer. Wij
adviseren daarom eerst een principeverzoek in te dienen, zodat de ruimtelijke beoordeling van de beoogde locatie voorafgaand de aankoop plaatsvindt. Het college zal hier dan een standpunt over innemen. Er valt te overwegen om een positief principebesluit als voorwaarde bij de koop van meters mee te nemen.
Wij verwachten u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van Molenlanden, De secretaris,
De burgemeester,
Leon Anink
Theo Segers
CC: de leden van de gemeenteraad Molenlanden