Schriftelijke Inspraak windenergie transitie - professor Stoop
Tekst van het document
Inspraak windenergie transitie 27 juni 2024 Aan de Gemeenteraden van Molenlanden en Gorinchem Van prof.dr.ir. J.A. Stoop Geachte gemeenteraadsleden Naast inwoner van de regio A5H ben ik als deskundige betrokken bij de introductie van windenergie in het RES gebeuren. Vanuit mijn vakgebied -stromingsleer en veiligheidskunde- wil ik 3 zaken onder uw aandacht brengen die in het debat nauwelijks een rol lijken te spelen, maar niet buiten beschouwing zouden mogen blijven: -
-
-
De werking van een windturbine in zijn omgeving voor wat betreft de luchtstroming voor, bij en achter de windturbines. Van oudsher is dit bekend als de ‘molenbiotoop’ die al eeuwen voor klassieke windmolens geregeld is. Deze ‘molenbiotoop’ valt onder de natuurkundige wetten van de stromingsleer, voor het eerst vastgelegd door Daniel Bernoulli in 1738. Die wetten staan vast, net als de wetten van de zwaartekracht en zijn niet onderhandelbaar. Turbineparken zijn innovatief. De onderlinge beïnvloeding van windturbines in windturbineparken is nog nauwelijks bekend, ook voor wat betreft hun plaatsing, onderlinge afstand en invloeden van en op de omgeving. Normen voor turbineparken zijn nog in discussie, zoals de toelaatbare geachte onderlinge afstand 2, 4 of 10 maal de ashoogte. Elke innovatie kent een leercurve, waarbij het niet gaat om leren uit gebleken gebreken maar om voorzorg en preventie. Het gaat immers om hoge vermogens en grote afmetingen. Falen is geen optie. De turbineparken worden aangelegd in een gebied dat van oudsher gevoelig is voor windhozen en hoog water. De Elizabeths vloed van 1421 en de tornado die in 1674 de Dom van Utrecht deed instorten zijn spectaculair, maar geen uitzondering. Er is in het debat weinig aandacht voor het heersende windklimaat en de bodemgesteldheid in het rivierengebied.
Zeker gezien de verwachtingen rond zeespiegelstijging en klimaatverandering op lange termijn is een hoofdstuk Integrale Veiligheid in de Omgevings Effect Rapportage gewenst.
Aangezien ‘Een beeld meer zegt dan 1000 woorden’ laat ik het bij een paar foto’s en een inhoudsopgave voor een Omgevings Effect Rapportage. Tot slot: de Titanic was onzinkbaar, de Challenger kon niet ontploffen en de Boeing 737 MAX was veilig. De kleine kans op het grote gevolg laat zich niet in een getal vangen. Toch ging het mis terwijl deskundigen de eigenaren en gebruikers van tevoren hadden gewaarschuwd.
Moderne tijden: energiewinning uit wind Beheersen en begrijpen we het proces: - op de gewenste locaties? - ongeacht de aanstroming? - met voorzienbare gevolgen? - bij storm en tegenwind?
Hoogte h
Het aloude principe van de ‘molenbiotoop’:
Effectgebied = 10 maal de hoogte h
- vrij van bovenwindse obstakels voor een vrije aanstroming - geen overlast benedenwinds van rolwinden en wervels
Maar: hoe staat het met het windklimaat zelf in Nederland?
De aloude Molenbiotoop toegepast op windturbines
Onderlinge beïnvloeding turbines in een park in Denemarken
Arbeidsomstandigheden en onderhoud
Turbinebrand: onblusbaar op meer dan 100 m hoog
Mastknik en wiekworp; falen bij windkracht 6 en hoger
Voorstel Inhoudsopgave Omgevings Effect Rapportage Hoofdstuk Integrale Veiligheid 1. Bedrijfsomstandigheden, normaal zowel als niet-normaal, grenswaarden 2. Falen en feilen van windturbines, primaire bezwijkmodellen en -kansen 3. Hoofdontwerppijlers: aerodynamica, geotechniek, meteorologie 4. Vrijwaren van hinder en overlast voor en door omgeving 5. Mitigerende maatregelen en bedrijfsvoering 6. Bereikbaarheid voor hulpverlening en rampenbestrijding 7. Periodiek onderhoud en veroudering, arbeidsomstandigheden 8. Verzekering en aansprakelijkheid, specifieke risicodekking 9. Toezicht en handhaving, aansprakelijkheid en incidentanalyse 10. Registratie storingen en incidenten, buitenlandse ervaringen 11. Kennistekorten en nadere onderzoeksvragen 12. Verdienmodel, winst- en verliesverrekening, compensatie 13. Inpassing in en wisselwerking met de omgeving 14. Sloop, hergebruik en verwerking, opslag van niet-duurzame componenten