Raadsvoorstel en -besluit IHP Molenlanden 2021 - 2032
Tekst van het document
Raadsvoorstel Onderwerp
:
Integraal Huisvestingsplan primair onderwijs Molenlanden
Portefeuillehouder
:
Wethouder Bram Visser
Zaaknummer
:
Behandelend ambtenaar
:
2021 - 2032
Martijn Droog 1097076
Gevraagd Besluit De gemeenteraad van Molenlanden besluit:
1. Het Integraal Huisvestingsplan primair onderwijs Molenlanden 2021 – 2032 vast te stellen waarbij:
Voor alle schoolgebouwen die gedurende de looptijd van het IHP de leeftijd van 40 jaar bereiken wordt afgewogen of renovatie of nieuwbouw de beste oplossing is;
Gedurende de looptijd van het IHP alle schoolgebouwen in onze gemeente Bijna Energieneutraal (BENG) zijn en als Frisse School Klasse B kunnen worden geclassificeerd;
Voor alle schoolgebouwen die zijn gerealiseerd tussen 1990 en 2015 wordt bezien op welke wijze de transformatie naar BENG en de opwaardering naar Frisse School kan worden uitgevoerd.
2. Ter uitvoering van het Integraal Huisvestingsplan separate besluiten te nemen over de exacte invulling en de financiële effecten van de projecten.
Inleiding
Dagelijks bezoeken ruim 4.000 kinderen één van de 28 basisscholen die zijn gevestigd in 17 kernen binnen de gemeente Molenlanden. Deze scholen behoren tot in totaal 11 schoolbesturen. De instandhouding van de schoolgebouwen is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van de
schoolbesturen en de gemeente. In een Integraal Huisvestingsplan (hierna: IHP) beschrijven de
schoolbesturen en de gemeente het gezamenlijke perspectief voor wat betreft de schoolgebouwen. Primair biedt het voorliggende IHP inzicht in de benodigde investeringen in onderwijshuisvesting in de komende 12 jaar, waarbij rekening is gehouden met de onderlinge samenhang in die
investeringen. Daarmee wordt beoogd om alle basisscholen in onze gemeente binnen een periode van 12 jaar van kwalitatief hoogwaardige, duurzame en passende huisvesting te voorzien.
Het IHP bevat dus zowel de kaders waarbinnen de toekomstige investeringen plaatsvinden als een concreet uitvoeringsprogramma voor die investeringen. In het IHP zijn ook de financiële
consequenties zo goed mogelijk in beeld gebracht. Daarmee behoort het vaststellen van het IHP bij de kaderstellende rol die de gemeenteraad vervult.
Eerdere besluiten
2 In mei 2019 heeft de gemeenteraad de ‘Verordening huisvesting onderwijs 2019’ vastgesteld.
Daarin zijn de rechten en plichten van zowel schoolbesturen als gemeente opgenomen als het gaat om onderwijshuisvesting. In samenhang daarmee heeft de raad in juli 2019 de ‘Verordening
financiële en materiële gelijkstelling onderwijs 2019’ vastgesteld waarmee reguliere basisscholen
met een voorziening voor speciaal basisonderwijs onder voorwaarden aanspraak kunnen maken op extra middelen voor de huisvesting.
In januari 2021 heeft de gemeenteraad de uitgangspunten bij het opstellen van het IHP vastgesteld.
Beoogd effect
Het huisvesten van onze kinderen en (onderwijzend) personeel in kwalitatief hoogwaardige, duurzame en passende schoolgebouwen die een gezond binnenklimaat kennen.
Argumenten
1.1. Met het IHP anticiperen we op toekomstige investeringen
Op dit moment is de verordening onderwijshuisvesting feitelijk het enige kader dat richting geeft aan investeringen in onderwijshuisvesting. Op basis van de verordening kunnen schoolbesturen
jaarlijks aanvragen voor bijvoorbeeld nieuwbouw of uitbreiding van een school indienen. Indien een dergelijke aanvraag wordt gehonoreerd dan behoort er in het jaar volgend op het jaar waarin de aanvraag wordt ingediend te worden gestart met het voorbereiden en/of uitvoeren van de
toegekende voorziening (i.c. de nieuwbouw of uitbreiding). In dat systeem handelt de gemeente per definitie reactief.
Het IHP is het resultaat van een samenspel tussen schoolbesturen en de gemeente waarin
overeenstemming is bereikt over het toekomstperspectief van een bepaald schoolgebouw. Daarmee hebben we in ieder geval voor de komende 12 jaar een duidelijk inzicht in de verwachte toekomstige investeringen.
1.2 Met het IHP kan de gemeente regie voeren over de wijze waarop de opgave wordt uitgevoerd
Zoals bekend is ruim de helft van het aantal basisscholen in onze gemeente 35 jaar oud of ouder.
Het is niet de vraag óf deze schoolgebouwen op termijn ingrijpend moeten worden aangepakt, maar wannéér en op welke wijze. De gemeenteraad heeft zich reeds uitgesproken over de
uitgangspunten die hierbij worden gehanteerd. Mede op basis van die uitgangspunten is het IHP samen met de schoolbesturen en kinderopvangorganisaties geconcretiseerd en ingevuld.
1.3 Met het IHP wordt er samenhang in de investeringen aangebracht
Het IHP maakt duidelijk welk schoolgebouw wanneer op welke wijze wordt aangepakt en wat de
kosten daarvan zijn. Daarbij is niet elk schoolgebouw louter solitair beoordeeld. Er is zoveel als op
dit moment mogelijk is naar de lokale context gekeken en afgewogen in hoeverre er sprake kan zijn van synergie met bijvoorbeeld de opgaven die voortkomt uit het Vastgoed- en Accommodatiebeleid of met woningbouwontwikkelingen in een bepaalde kern.
Ook leidt het IHP tot een eenduidige aanpak van de opgave waarvoor we de komende 12 jaar staan. Natuurlijk kan het type ingreep per schoolgebouw verschillen, maar de afweging wordt voor elk gebouw op dezelfde wijze gemaakt.
1.4 Uitvoering van het IHP doet recht aan de uitgangspunten op het gebied van onderwijshuisvesting die de gemeenteraad eerder dit jaar heeft vastgesteld
3 In januari 2021 heeft de gemeenteraad uitgangspunten vastgesteld voor het opstellen van het IHP. Het uitvoeringsprogramma van het IHP is feitelijk de resultante van het toepassen van deze uitgangspunten op de status quo van de onderwijshuisvesting in onze gemeente.
1.5 Er is overeenstemming met de schoolbesturen over de inhoud van het IHP
De gemeente heeft een belangrijke rol op het gebied van onderwijshuisvesting omdat de gemeente bepaalt onder welke voorwaarden schoolgebouwen voor nieuwbouw of renovatie in aanmerking komen. Daarbij is de gemeente ook verantwoordelijk voor de bekostiging hiervan.
Toch zijn het de schoolbesturen, of beter gezegd de scholen, die dagelijks gebruik maken van het
schoolgebouw. Het is daarom cruciaal overeenstemming met de schoolbesturen te bereiken over de inhoud van het IHP en de uitgangspunten die daarbij worden gehanteerd.
In december 2020 is overeenstemming met de schoolbesturen bereikt over de uitgangspunten en in februari 2021 is overeenstemming bereikt over de inhoud van het uitvoeringsprogramma van het IHP.
4
2.1 Het IHP is geen statisch document
Het is niet zo dat de gemeenteraad met het vaststellen van het IHP direct enkele tientallen miljoenen euro’s in een bestemde reserve plaatst. Met het vaststellen van het IHP geeft de gemeenteraad wél aan welke opgave er de komende 12 jaar ligt op het gebied van
onderwijshuisvesting en op welke wijze daar op hoofdlijnen invulling aan wordt gegeven. Daarbij is
ook een indicatie van de investering gegeven zodat de gemeenteraad zich bewust is welke orde van grootte er met de totale investeringen in het IHP is gemoeid.
Zoals gesteld is er zoveel mogelijk naar de lokale context gekeken, maar niet in alle gevallen is het
nu al duidelijk welke concrete ingreep er gaat plaatsvinden. Daarom is voor sommige scholen in het IHP opgenomen dat er nog een afweging moet plaatsvinden over renovatie of vervangende bouw. Daarnaast wordt voor de schoolgebouwen die tussen 1990 en 2015 zijn gebouwd in 2021 een
quickscan uitgevoerd die moet uitwijzen of het uitsluitend transformeren naar minimaal BENG en opwaarderen naar Frisse School Klasse B een doelmatige besteding is of dat de werkzaamheden onderdeel zouden moeten uitmaken van een levensduurverlengende renovatie.
Kanttekeningen 1.1 Uitvoering van het IHP vergt forse investeringen en een structurele stijging van de jaarlijkse lasten voor de gemeente
Mede gezien de bouwjaren van de scholen in onze gemeente en de mate waarin in het verleden
grootschalige ingrepen zijn gepleegd is de opgave op het gebied van onderwijshuisvesting in onze gemeente fors. Dat leidt ook tot forse investeringen en daarmee een structurele stijging van de jaarlijkse lasten.
1.1 Bij de geraamde investeringskosten is nog geen rekening gehouden met bijkomende kosten en opbrengsten
Bij een omvangrijke renovatie of vervangende bouw op dezelfde locatie ligt het voor de hand dat er tijdelijke huisvesting nodig zal zijn. In hoeverre dit het geval is, wordt duidelijk op het moment dat
het concrete project in detail wordt voorbereid. Daarom kan op voorhand niet worden gesteld welke
kosten voor tijdelijke huisvesting aan de orde zijn gedurende de looptijd van het IHP. Aan de andere kant kan er ook sprake zijn van herontwikkelingspotentieel op het moment dat de vervangende
bouw niet op de huidige locatie plaatsvindt. Daarnaast is er met de schoolbesturen afgesproken dat er per project sprake is van co-financiering. De hoogte hiervan hangt samen met de te behalen
exploitatievoordelen. Ook hierbij geldt dat deze potentiële inkomsten pas kunnen worden berekend op het moment dat het concrete project wordt voorbereid.
Extra uitleg bij de kosten
Op dit moment kan niet het exacte bedrag van de investeringen worden bepaald. Uit het overzicht
van de investeringskosten (paragraaf 5.1.6 op pagina 23 van het IHP) volgt dat er sprake is van een bandbreedte tussen de € 46 miljoen en € 52 miljoen.
Omdat ook de effecten van een eventueel herontwikkelingspotentieel, co-financiering door
schoolbesturen en mogelijke kosten voor tijdelijke huisvesting nu niet duidelijk zijn, kunnen ook de incidentele en/of structurele financiële effecten voor de meerjarenraming niet exact worden
aangegeven. De kapitaallasten zullen in de komende jaren geleidelijk groeien naar een bedrag dat
5 ligt tussen de € 1,5 miljoen en € 2,0 miljoen naar mate er meer projecten gerealiseerd worden. Bij
de concrete voorstellen zullen de kapitaallasten verwerkt worden in de meerjarenraming en zal dit getoetst worden aan het begrotingssaldo.
Logischerwijs vallen er ook bestaande kapitaallasten weg, bijvoorbeeld in het geval van vervangende nieuwbouw. Anderzijds kan er ook nog sprake zijn van boekwaarden op bestaande locaties. Het moment waarop de kapitaallasten ontstaan en dus invloed hebben op het financieel
meerjarenperspectief hang af van het tempo van de realisatie en de uitvoeringstermijn.
Communicatie
Wij blijven de gemeenteraad informeren over de voortgang van de verschillende projecten die
voortkomen uit het IHP. Waar nodig vragen wij uw raad om specifieke besluitvorming over een bepaald project.
De schoolbesturen informeren hun directies van de scholen over de toekomst van hun
schoolgebouw. Daarmee kunnen zij ook de ouders informeren over de plannen die er zijn voor hun school.
Verdere communicatie en informatie over de projecten vindt plaats op projectniveau.
Vervolgstappen
Nadat de gemeenteraad het IHP heeft vastgesteld, maken wij afspraken met de schoolbesturen over
de uitvoering van de projecten die in het uitvoeringsprogramma staan (zie hoofdstuk 4 en 5 van het IHP). Per project zullen er investeringsvoorstellen worden voorgelegd aan de raad.
In beginsel treden de schoolbesturen op als bouwheer bij de projecten, tenzij anders
overeengekomen met het college. Dat is een bepaling die volgt uit de Wet op het Primair Onderwijs. Dat betekent dat de schoolbesturen verantwoordelijk zijn voor het voorbereiden van de projecten en het begeleiden van het ontwerp- en realisatieproces.
Bijlagen:
1. Integraal Huisvestingsplan primair onderwijs Molenlanden 2021 - 2032
6
Raadsbesluit Onderwerp
: Integraal Huisvestingsplan primair onderwijs Molenlanden
Portefeuillehouder
: Wethouder Bram Visser
Zaaknummer
: 1097076
2021-2032
Behandelend ambtenaar
: Martijn Droog
De raad van de gemeente Molenlanden: Gelet op het bijbehorende raadsvoorstel;
Besluit: 1. Het Integraal Huisvestingsplan primair onderwijs Molenlanden 2021 – 2032 vast te stellen waarbij:
Voor alle schoolgebouwen die gedurende de looptijd van het IHP de leeftijd van 40 jaar bereiken wordt afgewogen of renovatie of nieuwbouw de beste oplossing is;
Gedurende de looptijd van het IHP alle schoolgebouwen in onze gemeente Bijna Energieneutraal (BENG) zijn en als Frisse School Klasse B kunnen worden geclassificeerd;
Voor alle schoolgebouwen die zijn gerealiseerd tussen 1990 en 2015 wordt bezien op welke wijze de transformatie naar BENG en de opwaardering naar Frisse School kan worden uitgevoerd.
2. Ter uitvoering van het Integraal Huisvestingsplan separate besluiten te nemen over de exacte invulling en de financiële effecten van de projecten.
Aldus besloten tijdens de openbare raadsvergadering gemeente Molenlanden, gehouden op 20 april 2021.
de griffier,
Marjolein Teunissen
de voorzitter,
Theo Segers