Inspraakreactie TAM - geanonimiseerd
Tekst van het document
Fam. Blokland – Den Braven
25 januari 2021. Geachte burgemeester en raadsleden van de gemeente Molenlanden. Heel graag hadden wij persoonlijk willen inspreken tijdens de raadsvergadering d.d. 26 januari 2021 naar aanleiding van punt 8b, de Toeristische Agenda Molenlanden (hierna TAM). Door omstandigheden lukt dat niet. Daarom hebben we besloten ons standpunt op papier te zetten. Wij willen U verzoeken ons standpunt mee te laten wegen in de besluitvorming over de TAM. Uiteraard zijn wij bereid Uw vragen te beantwoorden. Bij voorkeur communiceren wij per e-mail. Telefonisch zijn wij ook bereikbaar tot 21.00 uur. Als men aan een camping denkt, dan roept dat in het algemeen fijne gevoelens op. Vakantie, leuke dingen doen, weg van de dagelijkse beslommeringen, niets moet en alles mag. Het is dus heel lastig om jezelf voor te stellen dat het niet altijd fijn is om naast een camping te moeten wonen. Wat het echt aan overlast geeft, kun je alleen weten als je ernaast woont of werkt. Soms gaat het ieders voorstellingsvermogen te boven. Wij hebben een aantal vragen en opmerkingen naar aanleiding van de TAM. 1. Ons grootste bezwaar is dat deze is opgesteld door een projectgroep waarin wél ondernemers uit de recreatiesector zitten, maar geen enkele betrokken inwoner, zie blz. 33 van de TAM voor een lijst van deelnemers.
Dat is vreemd, want op kaart 3 van de Strategiekaart werken en recreëren in Molenlanden staat juist te lezen: “Daarom wil de gemeente samen met betrokken inwoners en de recreatieve sector onderzoeken hoe regie gevoerd moet worden om deze grotere toestroom op te kunnen vangen, rekening houdend met leefbaarheid en de uitstraling van ons gebied.” Ook in de TAM wordt een rol aan betrokken inwoners toegekend, maar kennelijk hebben zij er niet aan gedacht om die inwoners gelijk vanaf het allereerste begin erbij te betrekken. Door die inwoners er niet bij te betrekken, wekt de gemeente de schijn van partijdigheid. Wij hopen dat U met ons eens bent dat dit niet de bedoeling van beleid kan zijn. 2. In de TAM wordt geen rekening gehouden met naburige agrarische ondernemingen, zoals de onze. Wij vinden dat deze ondernemingen speciale aandacht verdienen. Zij mogen door de toeristische sector niet gehinderd worden in hun bedrijfsvoering en/of toekomstige uitbreidingsplannen, ook omdat door de inspanning van de agrariër (het landschapsbeheer) toerisme mogelijk is. 3. Er wordt steeds gesproken over stakeholders. Wie zijn dat?
4. In een van de raadsbrieven valt te lezen dat er nog geen beleid is. Klopt dit? De gemeente Giessenlanden had wel beleid. Deze wordt bij ons weten nog steeds gebruikt. Ook de hiervoor genoemde strategiekaart zou als (een begin van) beleid gezien kunnen worden. 5. Wij vinden dat er nogal wat haken en ogen zitten aan de TAM. Wij zullen een aantal voorbeelden geven, maar dit is geen limitatieve opsomming, er zijn er dus nog meer. * Bewoning door arbeidsmigranten moet zoveel mogelijk worden voorkomen. Hierop wordt een uitzondering gemaakt voor de Forens, zie blz. 21, voetnoot 8. Een Forens mag maximaal 4 nachten per week op een camping verblijven. Onze definitie van een Forens is anders, namelijk een persoon die tussen zijn woning en werk reist. Kennelijk wordt hier bedoeld de arbeidsmigrant die op werkdagen op een camping overnacht, en de weekenden elders, hetzij in zijn thuisland of op een andere camping. Overigens is onze ervaring dat de caravan in het weekend leeg achterblijft. Het introduceren van het begrip Forens lijkt ons onwenselijk en verwarrend. Zij houden echter wel de plaatsen van een echte toerist bezet. * Uit blz. 21 blijkt dat het mogelijk moet zijn om een camping uit te breiden door het plaatsen van accommodaties als bungalows, trekkershutten of tiny houses. Deze tiny houses vallen volgens de TAM niet onder de pilot die in onze gemeente loopt.
Wij vragen ons af of dit wel zo gezegd kan worden. Wij zijn geen voorstander van dit soort bungalowparken in het buitengebied. Er zijn er al genoeg, in Giessenburg bijvoorbeeld, maar denk ook aan het nieuwe bungalowpark dat bij De Put gerealiseerd wordt. Als agrariër wil je er al helemaal niet aan denken dat een dergelijk bedrijf naast je boerderij gerealiseerd wordt, vanwege het grootschalige en permanente karakter daarvan. Zij kunnen permanent verhuurd en bewoond worden, het hele jaar door. Nu geldt nog een kampeerseizoen van half maart tot en met oktober. Wij zouden er graag voor willen pleiten om het kampeerseizoen in stand te houden en te blijven gaan voor kleinschalige campings. In een uitspraak van de Raad van State over het bestemmingsplan buitengebied van de gemeente Giessenlanden is al geoordeeld dat een agrarische ondernemer bij een kleinschalige camping geen problemen hoeft te verwachten. Kleinschalig wordt uitgelegd als een beperkt aantal standplaatsen, waarbij de camping enkele maanden per jaar gesloten is.
Wij hopen dat U ons standpunt in overweging wilt nemen. Hoogachtend,
Fam. Blokland – den Braven