Bijlage 4b Werkgroep omwonenden locatie K (incl. J-Oost)
Tekst van het document
Participatie-advies Zoeklocatie-K (incl. J-Oost)
Colofon
Opgesteld in samenwerking tussen de (deelnemers aan) de Klankbordgroep Wijngaarden1, Klankbordgroep Bleskensgraaf2 en Buurtgroep Vlak-K3.
1 https://www.klankbordgroepwijngaarden.nl 2 https://klankbordgroepbleskensgraaf.nl/
3 Bewoners aan Abbekesdoel, Meester Markusseplein en Heulenslag te Bleskensgraaf.
Inleiding Voor u ligt het Participatie-advies Zoeklocatie-K (incl. J-Oost) met betrekking tot zoeklocatie-K (ook bekend als ‘Vlak-K’), inclusief het oostelijk gelegen onderdeel van zoeklocatie-J, zoals opgesteld door de Klankbordgroepen Wijngaarden en Bleskensgraaf met Buurtgroep Vlak-K. Op 5 juni 2024 wordt dit gepresenteerd aan de leden van de gecombineerde gemeenteraden van Molenlanden en Gorinchem. Het advies is compact doordat wij in het Kerndocument Participatie-advies – dat u als bijlage en verdiepend naslagwerk ontvangt – de relevante thema’s (leefbaarheid, veiligheid, gezondheid, archeologie, cultureel erfgoed, natuur, etc.) - en de impact daarop van windturbines – met de onderliggende rapporten hebben gebundeld. Voor een goed begrip verdient het aanbeveling ook de in het Kerndocument per thema opgenomen synopsis te lezen. Vanwege de relevantie voor hun participatie-advies is het kerndocument op 21 mei jl. met de participatie-werkgroepen voor J en L2 gedeeld. De kernthema’s van ons participatie-advies voor zoeklocatie-K (incl. J-Oost) sluiten wonderwel goed aan op de waarden uit de door Populytics, in opdracht van de RES Alblasserwaard voor Molenlanden en Gorinchem, uitgevoerde raadpleging en analyse (zie concept d.d. 10 mei en eindrapport d.d.
21 mei 2024).4 De - op volgorde van belangrijkheid - in de raadpleging vastgestelde ‘waarden’ zijn: o Gezondheid en het beperken van overlast voor omwonenden;5 o Landschap en cultuur;6 o Natuur.7 De – kennelijk opvallende – uitkomst dat “het advies van inwoners zwaar moet wegen”8 is niet verrassend voor ons als belanghebbende inwoners. Experts benaderen een vraagstuk immers vanuit hun (afgebakende) kennisgebied, terwijl inwoners de facto een holistische beschouwing hanteren doordat zij alle aspecten voortdurend ervaren, c.q. daarmee (blijvend) geconfronteerd worden. Wij roepen u op aan ons advies het gewicht toe te kennen dat het verdient. Niet enkel vanwege de hierin uitgewerkte stellingname en onderbouwing, maar bovenal omdat u daarmee invulling geeft aan goed en duurzaam rentmeesterschap en de algemene en bijzondere zorgplicht jegens een – in vergelijking met andere zoeklocaties – onevenredig groot aantal naasten (belanghebbende inwoners) en hun omgeving:
“Bleskensgraaf en Wijngaarden hebben uw zorg nodig.”
4 Die raadpleging levert vooralsnog slechts achtergrondinformatie, nu deze niet bedoeld was om het draagvlak te meten voor de ene of de
andere oplossing, zoals “hoeveel windturbines in welke zoeklocatie” en ook niet om stemmen te tellen: “we kijken wel in hoeverre verschillende groepen verschillende keuzes maken en waarom deelnemers bepaalde locaties meer of minder geschikt vinden”.
5 Deelnemers die het beperken van overlast voor omwonenden belangrijk vinden noemen voornamelijk argumenten en zorgen over het
negatieve effect van windmolens op gezondheid en de leefomgeving. Voor veel deelnemers is dit de belangrijkste waarde waar de gemeenten zich voor moeten inspannen. Dit geldt voor alle subgroepen in de raadpleging (jong/oud, praktisch of academisch opgeleid, omwonende of niet en mensen die de winddoelen wel of niet steunen). Slechts een klein aantal deelnemers geeft geen punten aan het beperken van overlast voor omwonenden (9%). Deze deelnemers noemen met name dat het wel meevalt hoeveel overlast windmolens veroorzaken en vinden daarom dat dit geen beperkende factor moet zijn. 6 Uit de raadpleging blijkt dat landschap en cultuur belangrijke waarden zijn voor een ruime meerderheid van de deelnemers aan deze
raadpleging. Deelnemers die het beperken van aantasting van het landschap en cultureel erfgoed belangrijk vinden benoemen voornamelijk de unieke kenmerken van de omgeving zoals het platte polderlandschap, het groene hart, Kinderdijk en Nieuwpoort. Deze deelnemers vinden het belangrijk dat dit beschermd wordt. Deelnemers die deze waarden niet prioriteren vinden het niet per se onbelangrijk, maar stellen dat windmolens weinig tot geen negatieve gevolgen hebben voor deze waarden. 7 Deelnemers die het beperken van overlast voor de natuur belangrijk vinden noemen vooral argumenten en zorgen over de negatieve
effecten voor dieren. Bovendien wordt regelmatig genoemd dat de natuur in Nederland al aanzienlijk onder druk staat en dat hier rekening mee moet worden gehouden bij het realiseren van duurzaamheidsdoelen. 8 Bijna de helft (48%) van de deelnemers geeft aan dat het advies van inwoners zwaarder moet wegen dan het advies van experts. Zo’n
resultaat is niet eerder vertoond in de 70 raadplegingen die we hebben uitgevoerd in Nederland. Normaliter vindt 20-30% van de deelnemers dat het advies van inwoners zwaarder moet wegen dan het advies van experts. Hoe is dit te verklaren? Het valt op dat deelnemers zeer vaak en uitvoerig ingaan op hele specifieke unieke kenmerken van hun leefomgeving die volgens hen beschermd moeten worden (zie hoofdstuk 5). Het is voorstelbaar dat veel inwoners vinden dat zij een betere inschatting kunnen maken van de waarde van deze unieke kenmerken dan een expert. 2/9
1. Afstand telt9 Aantal omwonenden is groot(st)
Plaatsing van windturbines in zoeklocatie-K (incl. J-Oost) zal een onevenredig groot aantal inwoners van Molenlanden blootstellen aan de negatieve gevolgen ervan. De onderstaande plattegrond illustreert dit treffend met de ingetekende contouren op een afstand van 500, 1.000, 1.500 en 2.000 meter.
De 1.000 m-contour omvat het dorp Wijngaarden, de lintbebouwing van Bleskensgraaf en Oud-Alblas en daarmee 1.196 huishoudens10; een schril contrast met de andere zoeklocaties: L2: 34, M: 87, O: 669, S: 736 en J midden + J west: 287 (zie ook Kerndocument, thema Gezondheid). De 1.500 m- en de 2.000 m-contour omvatten zelfs een groot deel, respectievelijk het geheel, van de dorpskern van Bleskensgraaf.
Omwonenden worden onevenredig hard geraakt Wanneer we door de ‘lens’ van het evenredigheidsbeginsel kijken dan valt de in en rond zoeklocatie-K (incl. JOost) al aanwezige infrastructuur (N214, gascompressorstation en hoogspanningstracé) op. Uitbreiding met windturbines leidt tot een forse toename van de overlast (en gezondheidsrisico’s) en een onevenredige verdeling ervan over de omwonenden. De door de nabijheid van windturbines optredende waardedaling van woningen raakt veel huishoudens, en leidt daardoor ook tot inkomstenderving voor de gemeente Molenlanden.
9 Zie o.a.: https://www.commissiemer.nl/adviezen/3615: Voorlopig toetsingsadvies over het milieueffectrapport bij de Nationale
windturbinebepalingen leefomgeving, door de Commissie MER, waarin– [ver]kort weergegeven – is vermeld (mijn opmaak): Naast de vele positieve elementen in het MER signaleert de Commissie dat nog belangrijke informatie ontbreekt. Het aanvullen van die informatie is essentieel om het belang van de leefomgeving volwaardig mee te kunnen wegen bij het besluit over de nationale windturbinebepalingen leefomgeving. Het gaat om de volgende punten: o Beoordeel gevolgen voor gezondheid van heel Nederland. ... [nu] is niet duidelijk tot hoeveel gezondheidswinst of -verlies de normen zullen leiden. o Beoordeel de gezamenlijke gevolgen van de milieunormen voor het plaatsingspoten6eel. ... In het ontwerpbesluit zijn geluid- en afstandsnormen opgenomen. Door deze combinaWe van normen blijX waarschijnlijk minder ruimte over voor windenergie op land dan het MER berekent. De milieugevolgen van het ontwerpbesluit zijn daarmee niet volledig in beeld. o Vul de samenvaYng aan met de gekozen normen en hun milieugevolgen. [...]. o Pas beoordelingen Werelderfgoed, Natura 2000 en Natuurnetwerk Nederland aan. [...]. Werelderfgoederen hebben echter een beschermde status, die aantasWng tegen zal gaan. De gevolgen voor Natura 2000-gebieden en het Natuurnetwerk Nederland zijn daarnaast onderschat. Het MER stelt dat windturbines nooit een beschermd natuurgebied kunnen aantasten, maar dat is wél denkbaar.
o De Commissie adviseert deze informaWe in een aanvulling op het MER op te nemen en dan pas een besluit te nemen [...]. 10 Binnen de 1.000 m contour om alleen K-oost + J-oost betreft het 493 woningen, waarvan in Wijngaarden: 286; Oud-Alblas, Oostzijde ten
oosten van de N481, inclusief de verspreide bebouwing in de polder ten zuiden daarvan: 14; Oud-Alblas, Noordzijde ten oosten van de N481: 3; Bleskensgraaf, Heulenslag: 86; Bleskensgraaf, Abbekesdoel: 102 en Bleskensgraaf, Melkweg: 2. 3/9
2. Leefbaarheid – steeds verder onder druk Lintdorpen Bleskensgraaf is in de ogen van bewoners en bezoekers een prachtig dorp, gevormd door dorpslinten in de vorm van een ‘H’ en gelegen in het westelijk deel van de Alblasserwaard. Het telt 2.900 inwoners en is één van de twintig kernen van de gemeente Molenlanden (45.300 inwoners). Toeristen weten de kenmerkende cultuurhistorische elementen die het dorp sieren te waarderen en te vinden: korenmolen ‘De Vriendschap’, wipwatermolens, historische boerderij ‘Gijbeland’ en het riviertje de Graafstroom. Over een lengte van zo’n 5 kilometer slingert het lintdorp Wijngaarden – trots op haar beschermd dorpsgezicht - langs de grens van de gemeenten Molenlanden, Hardinxveld-Giessendam, Sliedrecht en Papendrecht. Met ±290 woningen en 730 inwoners is het de kleinste dorpskern van de gemeente Molenlanden. Iedereen kent elkaar, is vaak familie van elkaar. De samenleving is hecht: mensen zien naar elkaar om en helpen elkaar.
Vermalen Het voelt voor veel bewoners - m.n. die van Wijngaarden - alsof ze vermorzeld worden door: PFAS, Sliedrecht-Noord met toename verkeersrisico, sluipverkeer door uitstel verbreding A15, geluidsoverlast (A15, Betuwelijn, Merwede-Lingelijn) i.c.m. het ontbreken van een effectieve geluidswal en een stapeling van veiligheidsrisico’s bij een nieuw hoogspanningstracé en een gaspompstation in de nabijheid van windturbines. Zoeklocatie J-Oost bevindt zich op minder dan 400 en K op ± 700 meter van de lintbebouwing van Wijngaarden. Zodanig dichtbij dat de zorg van inwoners van Bleskensgraaf en Wijngaarden voor (geluid)overlast en gezondheidsproblemen, reëel is.
4/9
3. Gezondheid – (mogelijk) ernstig in gevaar Windenergie mag nimmer ten koste gaan van het welzijn en de gezondheid van omwonenden van windturbines. Streven naar een duurzame energievoorziening zonder de gezondheid te schaden is prima. Met nieuwe normen die meetbaar, beschermend, en handhaafbaar zijn, is dit mogelijk. Bij de plaatsing van windturbines op het land moet de focus liggen op een veilige afstand van windturbines tot omwonenden en dat is eigenlijk >2 km wanneer een prevalentie van slaapstoornissen kleiner dan 25%, overeenkomstig met controlegroepen, wordt beoogd. Volgens de commissie voor de milieueffectrapportage (Commissie MER) moeten gezondheidsgevolgen beter worden meegewogen in de vaststelling van milieunormen voor windturbines (zie voetnoot 9 hierboven). In 2019 bleken ruim 28.000 Nederlanders last te hebben van ernstige geluidhinder. De relaties causaliteit (plaatsing turbines waarna optreden van hinder en slaapproblemen) en ernst van de klachten (afstand in relatie tot ernst van de hinder en slaapproblemen) zijn wél degelijk wetenschappelijk aan te tonen. Zolang een sterk vermoeden van negatieve gevolgen voor de mens (nog) niet overtuigend wetenschappelijk bewezen is, betekent dit niet dat er onvoldoende gronden zijn om het voorzorgsbeginsel toe te passen.
4. Veiligheid(sbeleving) - gebaseerd op vertrouwen Bij het vaststellen van de mogelijke zoeklocaties is onvoldoende rekening gehouden met veiligheidsaspecten ten aanzien van zowel de ondergrondse als de bovengrondse gasinfrastructuur. Uit de voorafgaand aan de bouw van het ten noordwesten van Wijngaarden gelegen gascompressorstation gemaakte berekeningen bleek indertijd dat een ontploffing het Westeinde tot bijna aan de bebouwde kom van Wijngaarden volledig van de kaart zou vegen. Dat heeft destijds veel onrust veroorzaakt. De aanwezigheid van hogedruk-gastransportleidingen en bovengrondse gasinfrastructuur maken deze zone tot een risicovol object. Bij het afbreken van wieken van een windturbine worden deze als het ware afgeworpen en kunnen daarbij op een grotere afstand dan de hoogte van de windturbine terechtkomen en mogelijk ook als mes door de slappe klei/veenbodem snijden. Om elke risico (afbreken van onderdelen en/of het omvallen van de windturbine) uit te kunnen sluiten zou hier rekening mee moeten zijn gehouden.
5/9
Voor bovengrondse gasinfrastructuur hanteert Gasunie een minimale afstand van 716 m.11 Uit door de Klankbordgroep Wijngaarden vervaardigd kaartmateriaal (zie hierboven) blijkt echter, dat de zoeklocaties J en K op aanmerkelijk geringere afstand van de onder- en bovengrondse gasinfrastructuur liggen. Alle inwoners - mogen en moeten kunnen - vertrouwen op de door de gemeente Graafstroom, bij het besluit tot de bouw van het compressorstation, gedane toezegging dat rondom het gascompressorstation geen (uitbreiding van) infrastructuur voor energie gerealiseerd zal worden.
5. Werelderfgoed – UNESCO-status wankelt De inwoners van de gemeente Molenlanden zijn trots op het zich binnen de grenzen van hun gemeente bevindende UNESCO Werelderfgoed Kinderdijk-Elshout, dat overigens ook tot het aandachtsgebied van de RCE behoort. Uniek in de wereld en een grote toeristische trekpleister met internationale aandacht. De plaatsing van 285 m hoge windturbines in zoeklocatie K tast de zogenaamde UNESCO Outstanding Universal Value (OUV) van het Werelderfgoed Kinderdijk-Elshout aan dat bestaat uit de twee molengangen met boezemmolens en het zicht op én panorama vanuit het Werelderfgoed-gebied KinderdijkElshout. De molengang met vijf molens is het meest gefotografeerde en daarmee iconische beeld van het Werelderfgoed. De belangrijkste zichtlijn vanuit het Werelderfgoed-gebied ligt in zuidoostelijke richting. Hier kijkt men van de Blokweerse brug uit over het unieke, open en historische landschap van de Alblasserwaard. Deze zichtlijn wordt aangetast door het plaatsen van windturbines in zoeklocaties K en JOost. De windturbines zullen goed te zien zijn en het panorama vanuit het Werelderfgoed verstoren. Wanneer het Werelderfgoed-gebied haar UNESCO-status verliest, dan zal dit directe gevolgen hebben voor de toeristenstroom naar Kinderdijk, met een negatief financieel effect tot gevolg.
Ook de uiteindelijke teloorgang van dit erfgoed kan dan niet uitgesloten worden. Eerdere plannen voor windturbines bij Alblasserdam (2014; Nedstaal; op hemelsbreed 2,7 km van het Werelderfgoed)12 en Ridderkerk (2015; Industrieterrein Ridderhaven-Donkersloot)13 zijn door de provincie ZuidHolland na het uitvoeren van een Heritage Impact Assessment (HIA) ‘afgeschoten’. In het geval van Alblasserdam (Nedstaal) betrof het plannen voor windturbines met een tiphoogte van “slechts” 155 meter.
11 Bevestigd met de uitspraak AB RvS van 21 februari 2018, ECLI:NL: RSV:2018 in het bijzonder r.o. 166 t/m 166.2 12 https://www.cultureelerfgoed.nl/onderwerpen/praktijkvoorbeelden/overzicht-praktijkvoorbeelden/effectmeting-windturbines-op-
werelderfgoed-kinderdijk 13 werelderfgoedkinderdijk-heritageimpactassessmentwindturbinesridderkerk-april2016%20(4).pdf
6/9
6. Archeologie – (ook) een zaak voor de gemeente De Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed14 (‘RCE’) benadrukt het belang van de bodem als archief en een belangrijke bron voor de reconstructie van ons verleden. De spelregels voor het opsporen, waarderen en veiligstellen van archeologische resten komen samen in de cyclus van de Archeologische Monumentenzorg (AMZ). De belangrijkste verantwoordelijkheid voor archeologische erfgoedzorg ligt bij de gemeenten en provincies. Zij zijn op regionaal en lokaal niveau verantwoordelijk voor de uitvoering van het rijksoverheidsbeleid. Eerder archeologisch onderzoek én toevalsvondsten tonen aan dat binnen zowel zoeklocaties K als J-oost archeologische vindplaatsen aanwezig zijn, die soms zelfs van (inter)nationaal belang zijn.
De bodem van de Alblasserwaard herbergt waardevolle archeologische vindplaatsen uit alle perioden van de midden-steentijd tot en met de middeleeuwen en nieuwe tijd. De donken werden bewoond in de midden- en late steentijd, maar ook in de bronstijd en daarna. Tevens is op de vele stroomruggen in het gebied bewoning uit de late steentijd en daarna bekend. Het huidige landschap van de Alblasserwaard met haar langgerekte percelen, typische lintbebouwing en woonheuvels is in de loop van de middeleeuwen ontstaan, en gaat ongeveer duizend jaar terug. Uit deze periode zijn in de (ondiepere) ondergrond nog veel archeologische resten aanwezig, zowel binnen de huidige dorpslinten als daarbuiten. In de ondergrond van zoeklocaties-K en -J-oost is een uitgestrekt complex van donken aanwezig met deels een zeer hoge, en deels een hoge archeologische verwachting. Ook op deze donken zijn in het verleden archeologische vindplaatsen aangetoond, namelijk uit de midden- en late steentijd en de aanleiding geweest om het huidige gascompressorstation meer oostelijk dan het oorspronkelijke plan te bouwen. De stroomruggen zijn in de ondergrond van zoeklocaties-K en -J-oost aanwezig, met deels een hoge, en deels een middelhoge archeologische verwachting.
Zoeklocatie-K wordt - van oost naar west - doorkruist door het, voor de Alblasserwaard uniek, middeleeuwse, verlaten bewoningslint van Wijngaarden, met een zeer hoge archeologische verwachting. De verstoringsdiepte voor de bouw van de windturbines met bijbehorende infrastructuur is van een zodanige omvang, dat ook archeologische resten die zich op grotere diepte (i.c. de donken en stroomruggen) bevinden, worden bedreigd. Bij het bepalen van de grooge van het te verstoren oppervlak dient het totale plangebied en niet enkel de voet van de windturbine en/of bijbehorende infrastructuur in beschouwing te worden genomen. Wil men de bodem meer (dus: groter, dieper) verstoren dan volgens de Archeologische VerwachingsKaart is toegestaan, dan is conform de heersende wet- en regelgeving eerst archeologisch onderzoek noodzakelijk. Het aan de plaatsing van windturbines voorafgaande archeologisch onderzoek zal uitermate kostbaar15 blijken en ook zeker tot forse vertraging leiden. Dat geldt niet alleen voor gravend onderzoek (proefsleuven, opgravingen) maar ook voor archeologisch vooronderzoek (booronderzoek). En ook weer bij de uiteindelijke ontmanteling van windturbines.
14 https://www.cultureelerfgoed.nl 15 Archeologische opgravingen in een gebied als de Alblasserwaard behoren tot de kostbaarste archeologische onderzoeken in Nederland.
7/9
7. Natuur – kan niet zonder voortdurende aandacht en bescherming Zoeklocatie-K (incl. J-Oost) verschilt van alle andere zoeklocaties doordat het de slagader en kruispunt is binnen het hele ecosysteem gevormd door de driehoek van de in de Alblasserwaard aanwezige Natura 2000 gebieden.16 Het daarin realiseren van windturbines is strijdig met de relevante wettelijke bepalingen voor natuurbescherming.
Dagelijks migreren grote aantallen vogels - waaronder beschermde soorten, zoals de kolgans, brandgans en de kleine zwaan - tussen de Natura 2000-gebieden De Biesbosch en de Donkse Laagten. Specifiek zoeklocatie-K (incl. J-Oost) bevindt zich over de volle breedte in dit migratiegebied. Grote windturbines leiden tot een verstoring van deze verplaatsing. Zoeklocatie-K (incl. J-Oost) vervult ook een heel belangrijke functie als foerageergebied: vanaf eind oktober tot eind maart vooral voor ganzen en kleine zwaan (leeft hoofdzakelijk in dit gebied en behoort tot de top-5 gebieden met grootste populaties in Nederland). De brandgans staat op de Europese rode lijst. Daarnaast broeden ook veel vogels in het NNN-gebied, zoals uilen, torenvalk, buizerd en aan de rand van het gebied de bruine kiekendief en ten noorden van het Kraaienbos de purperreiger.
8. Waardedaling - een serieuze aderlating voor allen De op 1 januari 2024 in werking getreden Omgevingswet hanteert een ‘normaal maatschappelijk risico’ van 4%, dat ook van toepassing is op de waardedaling van woningen als gevolg van de plaatsing van windturbines. De meeste woningen zullen zich bij plaatsing in zoeklocatie-K (incl. J-Oost) binnen een afstand van ca 1.000 meter bevinden, waarvoor een fors hogere waardedaling van 11 tot 13% wordt voorzien. Een dergelijke waardedaling tast de mobiliteit en bereidheid tot verdere verduurzaming, zoals b.v. in het initiatief Bles2032 wordt onderzocht, van eigenaren aan. Een daling van de reële woningwaarde resulteert overigens ook in een lagere WOZ-waarde, die belanghebbenden zal aansporen bezwaar aan te tekenen en om een aanpassing ervan te verzoeken. Of en hoe de verminderde OZB-inkomsten door de gemeente op een faire manier zullen worden gecompenseerd is nog onbekend. Wij adviseren te kiezen voor volledige compensatie van het door woningbezitters (en dus ook voor woningcorporaties) te lijden nadeel, nu het onwaarschijnlijk is dat de exploitanten van windturbines hier uit eigen beweging toe zullen overgaan.
16 https://www.natura2000.nl/gebieden/zuid-holland
8/9
Afsluitend De leefbaarheid en veiligheid van deze dorpen en omgeving zijn nu (nog) goed en moeten behouden blijven voor jong en oud. De plannen voor windturbines leiden tot tegenstrijdige belangen. Grondeigenaren en inwoners komen tegenover elkaar te staan en dat zorgt voor onrust binnen families en tussen buren. Nu al, terwijl het nog helemaal niet zeker is dat de windturbines daadwerkelijk zo dichtbij zullen komen. Het verdwijnen van het open landschap van de Alblasserwaard; de bedreiging voor weide- en trekvogels. Geluidsoverlast, wég is de stilte. Maar vooral maakt men zich zorgen over de gezondheidsrisico’s, onder andere door mogelijke nachtrustproblemen vanwege geluidshinder. De zorgplicht dicteert dat bij een eventuele plaatsing van windturbines een zodanige afstand tot de bewoners in acht wordt genomen dat aantasting van de leefbaarheid en veiligheid, door overlast(beleving), zoals door slagschaduw en gezondheidsrisico’s door toegenomen milieubelasting, wordt voorkomen. Zoeklocaties-K en J-Oost) huisvesten geen serieuze grootverbruikers in de nabijheid van grote infrastructurele voorzieningen en zijn dan ook een onlogische – en inefficiënte - locaties voor windopwek en -invoeding. Grootverbruikers zijn vooral aanwezig in het oostelijke deel van Molenlanden.
Om tegemoet te komen aan hun zorgen over de gevolgen van netcongestie voor hun toekomstige energiebehoefte realiseert netbeheerder Stedin daar een nieuw schakelstation en breidt zij het bestaande station in Arkel uit. Wij adviseren vanwege alle in dit advies vervatte redenen tegen het aanwijzen van zoeklocatie-K en J-Oost tot onderzoekslocatie in het hiervoor te nemen besluit. Het onderzoeken van de mogelijkheden voor plaatsing in Avelingen en alternatieve locaties aan de noordkant van de Alblasserwaard, zodat inwoners en flora & fauna de overlast bespaard blijven, heeft onze sterke voorkeur. De beheersbaarheid van de voortgang van uitvoering en de met (archeologisch) onderzoek en plaatsing gemoeide kosten zal daar ook zeker mee gediend zijn. *****
9/9