Bijlage 1 Samenvatting onderzoek zwemonderwijs Molenlanden .pdf
Tekst van het document
Samenvatting onderzoek zwemonderwijs Molenlanden (n = 206) 1 2 3
Iets meer dan de helft van de respondenten (53%) is een jongen, 47% is een meisje. Ongeveer driekwart (77%) van de respondenten is 8 jaar, 19% is 9 jaar en 4% is 7 jaar. Bijna alle respondenten (96%) zijn in Nederland geboren, 3% van de kinderen weet het niet en 1% is niet in Nederland geboren. Ongeveer een vijfde van de kinderen (25%) geeft aan diploma A als hoogst behaalde diploma te hebben. Iets minder dan de helft van de kinderen (45%) heeft diploma B als hoogst behaalde diploma en 17% geeft aan diploma C als hoogst behaalde diploma te hebben. Een klein deel van de kinderen (5%) geeft aan nog bezig te zijn met het behalen van zwemdiploma A. Ongeveer 4% van de kinderen geeft aan geen zwemdiploma te hebben. Daarnaast geeft 2% van de kinderen aan zwemvaardigheid 1 als hoogst behaalde diploma te hebben en ongeveer 2% heeft zwemvaardigheid 2 of 3. Ongeveer de helft van de kinderen die geen zwemdiploma in hun bezit hebben geven aan niet te weten (47%) waarom ze geen zwemdiploma hebben. Andere redenen zijn ‘ik vind zwemmen niet leuk’ (40%) en ‘het is te duur’ (13%). De redenen ‘te ver weg’, ‘ik heb er geen tijd voor’ en ‘ik ben er niet goed in’ werden niet opgegeven als reden om geen zwemdiploma te hebben. Meer dan de helft (60%) van de kinderen geeft aan meer dan 8 keer per jaar te zwemmen. Verder zwemt 20% zwemt 5-8 keer per jaar, 16% zwemt 1-4 keer per jaar en 4% zwemt nooit.
Verder geven meisjes (7%) vaker aan nooit te zwemmen, in vergelijking met jongens (1%). De kinderen geven aan het vaakst te zwemmen in een overdekt binnenzwembad (37%) of in een openlucht zwembad (35%). Verder zijn er ook kinderen die zwemmen in een plas of meer (9%), in de zee (6%) of in de sloten (2%). Jongens (40%) zwemmen vaker in een buitenzwembad, terwijl meisjes het vaakst in een overdekt binnenzwembad zwemmen (44%). Jongens zwemmen vaker dan meisjes in een plas of meer, in de sloten en in de zee. Iets minder dan de helft (45%) van de kinderen vindt van zichzelf dat ze heel goed kunnen zwemmen, ongeveer de helft (50%) van de kinderen vindt dat ze goed kunnen zwemmen. Verder geeft een klein deel van de kinderen aan niet goed te kunnen zwemmen (4%) of helemaal niet goed te kunnen zwemmen (1%). Het overgrote deel van de kinderen (79%) geeft aan zwemmen heel erg leuk te vinden, een vijfde (19%) vindt zwemmen een beetje leuk en 2% vindt zwemmen (helemaal) niet zo leuk. Verder blijkt dat meisjes (81%) vaker aangeven zwemmen heel erg leuk te vinden, dan jongens (67%).
4
5
6
7
8
9
Verdieping kinderen die geen zwemdiploma hebben: -
-
-
-
Ongeveer 4% van de kinderen geeft aan geen zwemdiploma te hebben, omgerekend zijn dit 8 kinderen. Er zijn 9 kinderen die aangeven ‘niet te weten’ of ‘niet’ in Nederland zijn geboren. Van die 9 kinderen, is er 1 kind dat aangeeft geen zwemdiploma te hebben. Het lijkt er dus op dat het met name kinderen zijn die in Nederland zijn geboren die nog geen zwemdiploma hebben. Er zijn ongeveer 22 kinderen die aangeven ‘niet te weten’ of een vader hebben die ‘niet in Nederland is geboren. Van die 22 kinderen zijn er 2 kinderen die aangeven geen zwemdiploma te hebben. Er zijn ongeveer 19 kinderen die aangeven ‘niet te weten’ of een moeder hebben die ‘niet in Nederland is geboren. Van die 19 kinderen zijn er 2 kinderen die aangeven geen zwemdiploma te hebben. Van de 8 kinderen in deze vragenlijst die geen zwemdiploma hebben gaat het om 6 meisjes en 2 jongens.
-
Van de 8 kinderen in deze vragenlijst die geen zwemdiploma hebben is er 1 kind 7 jaar oud, 5 kinderen 8 jaar en 2 kinderen 9 jaar.