Bijlage 1 Participatiebeleid Molenlanden - Laat je stem horen!
Tekst van het document
Participatiebeleid Molenlanden Laat je stem horen!
Inhoud Voorwoord .............................................................................................................. 3 Dit hebben we voor ogen met een participatiebeleid ................................................ 4 Als gemeente sluiten we graag aan op die energie en betrokkenheid.................... 4 In de praktijk is onze aanpak nog rijp en groen .................................................... 4 Nu zetten we de volgende stap ............................................................................. 4 Uiteraard trokken we ook hier met onze inwoners op ........................................... 5 We maken werk met werk ..................................................................................... 5 Je stem laten horen in Molenlanden ......................................................................... 6 Onze participatiebeloften: .................................................................................... 7 Wat bedoelen we met participatie? ........................................................................ 7 Participeren kan op tal van manieren .................................................................... 9 Meeweten .......................................................................................................................................
9 Meedenken ..................................................................................................................................... 9 Meewerken ..................................................................................................................................... 9 Meebeslissen ................................................................................................................................... 9 Speerpunten ............................................................................................................ 9 Denken vanuit een doel ...................................................................................... 10 Managen van verwachtingen............................................................................... 10 Inwoners bereiken die nu nog minder betrokken zijn ......................................... 11 Actieve communicatie en onze inwoners op de hoogte houden .......................... 11 De rol van de raad en het college........................................................................... 12
2
Voorwoord - ‘Democratie is geen kijksport, het is een participerend evenement. Als we niet meer participeren, houdt het op met de democratie’ ‘Dit citaat van de Amerikaanse filmmaker en producer Michael Moore slaat de spijker op zijn kop. De samenleving is van de mensen die er deel van uitmaken. Zij gaan over de plek waar zij wonen. De mate waarin inwoners afstand ervaren tot de lokale overheid heeft effect op de kwaliteit van het openbaar bestuur. Dat is de reden dat wij in Molenlanden participatie hoog in het vaandel hebben staan. We willen dichtbij en toegankelijk zijn. We willen energie ontmoeten waar die is en luisteren naar geluiden die er zijn. Zo sluiten we aan op de initiatieven van onze inwoners en betrekken we hen bij gezamenlijke plannen voor de toekomst. In dit participatiebeleid doen we acht beloften en formuleren we vier speerpunten. De beloften gaan over onze houding en wie we als gemeente willen zijn. De speerpunten geven aan waar we in het participatiebeleid de focus op leggen. Zij vormen de rode draad in onze aanpak. Verder zult u lezen hoe we als gemeente participeren en hoe inwoners kunnen meeweten, meedenken, meewerken en meebeslissen. We geven een praktische handreiking in stappen en vormen. Is participatie het toverwoord van de 21e eeuw, waarmee we alles oplossen? Nee, helaas niet. Zonder twijfel krijgen we te maken met dilemma’s.
Ieder participatietraject beginnen we weer bij het begin en wegen we opnieuw welke route we lopen en welke vorm daarbij past. Toch helpt een helder stappenplan met duidelijke aandachtspunten, een goede rolbeschrijving en een terugkerend verwachtingsmanagement de kans op succes te vergroten. Daarom dit participatiebeleid. Omdat we in Molenlanden iedereen willen betrekken, we initiatieven ondersteunen en samen vorm willen geven aan de plek waar wij wonen.’ Wethouder Lizanne Lanser
3
Dit hebben we voor ogen met een participatiebeleid Inwoners van Molenlanden1 zijn erg betrokken bij het reilen en zeilen in hun dorp, stad en soms de hele gemeente. Dit krijgt op allerlei manieren vorm. Samen in actie voor behoud van de school, het uitdelen van regentonnen, het verfraaien van de straat. Zorg aan ouderen, initiatieven voor de jeugd. Sportactiviteiten, betrokkenheid bij de ontwikkeling van het landschap. Noem maar op. Door de inzet van de inwoners is elk dorp en stad uniek!
Als gemeente sluiten we graag aan op die energie en betrokkenheid Het zijn tenslotte onze inwoners waar wij ons dagelijks voor inzetten, dus dragen we graag ons steentje bij. Het draait om hun ervaringen van de omgeving en het samenleven. Als gemeente willen we graag goed op die ervaringen aansluiten, zodat het zin heeft om in Molenlanden van je te laten horen. Want door het samen optrekken, mogelijkheden en onmogelijkheden samen te verkennen komen we tot het beste voor de gemeente.
In de praktijk is onze aanpak nog rijp en groen We doen het dus samen. Zoals we al jaren doen. In 2019 hebben we bij de vorming van de gemeente Molenlanden met inwoners verder verkend wat in de wisselwerking belangrijk is.2 Vervolgens zijn we, inwoners en gemeente, gaan experimenteren. We besteden aandacht aan elkaar. Of het nou gaat om de reconstructie van de straat, een idee voor een hondenuitrenveld, het ontwerpen van de visie op vrijkomende agrarische bebouwing, het duiden van gepaste bezuinigingsmaatregelen. Om te weten hoe onze inwoners erover denken kiezen we allerlei vormen om met ze in contact te staan. Enquêtes, 100-waard gesprekken, inwonersbijeenkomsten, zeepkistmomenten en digitale inloopspreekuren. Altijd energiek, maar nog wel rijp en groen door elkaar.
Nu zetten we de volgende stap Met de ervaring op zak kunnen we beter op rij zetten hoe we als gemeente tegen die wisselwerking met inwoners aankijken. Zoeken we die wisselwerking altijd op? Ook als het gaat over leidingen in de grond, of het ICT-systeem van de gemeente? Of belasten we de inwoners dan te veel? Ligt er een grens? In dit participatiebeleid beschrijven we hoe (en wanneer) we als gemeente aansluiten op initiatieven van inwoners en hoe inwoners kunnen meeweten, meedenken,
1
En we bedoelen met inwoners eigenlijk iedereen die betrokken is bij (een vraagstuk of idee) in de gemeente Molenlanden. Of je nou jong of oud bent, bij een vereniging of onderneming hoort, bij het Rijk werkt of bij het Waterschap, bij de Provincie of een gemeente met eenzelfde vraag. Iedereen die op de een of andere manier betrokken is, wil zijn of kan zijn. Vanwege de leesbaarheid houden we het bij: inwoners. 2 Dit leidde tot een aantal uitgangspunten, vastgelegd in het stuk Kerngericht Werken'.
4
meewerken en meebeslissen. En welke mogelijkheden er zijn voor inwoners om initiatieven te nemen.
Uiteraard trokken we ook hier met onze inwoners op Uiteraard is dit beleid tot stand gekomen samen met onze inwoners. Bij de gemeenteraad, het college en de ambtelijke organisatie zijn via digitale werksessies input en ervaringen opgehaald. Via TIP Molenlanden is een vragenlijst uitgezet onder de inwoners, maatschappelijke instellingen en ondernemers. We sloten ook aan bij een onderzoek onder jongeren in onze gemeente. De inbreng van al deze doelgroepen is besproken in een gecombineerde denktank met vertegenwoordigers van inwoners, ondernemers, maatschappelijke instellingen, de gemeenteraad, het college en de ambtelijke organisatie. Met als uitkomst: een mooie richting en concrete beloften en speerpunten.
We maken werk met werk In 2022 wordt de Omgevingswet ingevoerd. Deze wet vraag om een vastgesteld participatiebeleid. Dit beleid geeft antwoord op de vraag hoe wij als gemeente participatie vormgeven. Ook bij de verschillende instrumenten en onderdelen van de Omgevingswet kan dit document antwoord geven hoe participatie vormgegeven kan worden. Het geeft dus richting aan de Omgevingswet op de Molenlandse manier, zoals onze inwoners dat prettig vinden. In verdere uitwerking wordt bepaald in welke gevallen wel en in welke gevallen niet geparticipeerd wordt.
5
Je stem laten horen in Molenlanden Als gemeente willen we bijdragen aan een zinvol en plezierig leven in onze dorpen en stad. We spannen ons in om de autonomie en eigen ruimte voor initiatief en inbreng van inwoners te vergroten, de onderlinge verbondenheid binnen de dorpen en stad en tussen mensen te versterken en bij te dragen aan een leefklimaat waarin talenten en ideeën zich kunnen ontvouwen. Inwoners en ondernemers spannen zich op hun beurt in voorinitiatieven, meedenken, samenwerkingskracht en goede ideeën. Zij laten de dorpen en onze stad opbloeien en werken mee aan de saamhorigheid. Dit is de pit! Kern van het Molenlandse participatiebeleid is dat wij de behoeften, energie, kennis en kracht in onze samenleving willen ontmoeten, ondersteunen en benutten. Als we hierin slagen dragen we bij aan de tevredenheid van onze inwoners. Wij stimuleren graag ook het samenspel en de betrokkenheid tussen inwoners, maatschappelijke organisaties en bedrijven onderling. Bij initiatieven sluiten we als gemeente constructief aan De gemeente kan bij een inwonerinitiatief meerdere dingen doen. We kunnen hulp aanbieden, meewerken of op een andere manier faciliteren, net wat nodig is. Belangrijk is dat inwoners ons weten te vinden. En dat we hen helpen het initiatief verder te brengen. De Verbinders3 spelen hierin een belangrijke rol richting de dorpen.
Al kan iedereen die werkzaam is bij de gemeente aan het jasje getrokken worden om het gesprek te openen. Als we als gemeente initiatief nemen, betrekken we onze inwoners Kenmerkend is dat het wel gaat om initiatieven/projecten die effect hebben op onze inwoners. Merkbare effecten in het landschap, de straat en de samenleving. Met dit participatiebeleid ontwikkelen we hier de komende tijd een zekere herkenbaarheid in, zonder een standaard werkwijze vast te zetten. We blijven creatief! De basis is het goede gesprek, wie het initiatief ook neemt In dit goede gesprek verkennen we wat er speelt, wat de behoefte is en wie betrokken zijn (of zouden moeten zijn). Wij kijken daarbij altijd wat mogelijk is, als het niet linksom kan, is rechtsom misschien wel een optie. Is iets onmogelijk, dan zijn we daar duidelijk in. In de verkenning wegen we bewust af welke rol en bijdrage van de gemeente daarbij past en benoemen welke rol en bijdrage van inwoners we verwachten.
3
Verbinders zijn ambtenaren van de gemeente. Een verbinder verbindt initiatiefnemers aan elkaar en aan de gemeente, bevordert co-creatie en co-productie en draagt bij aan ervaring- en kennisdeling. Ook adviseert de verbinder over de aanpak van burger- en overheidsparticipatie.
6
We doen acht beloften van waaruit we werken We hebben een aantal belangrijke uitgangspunten opgeschreven. Uitgangspunten voor onze manier van werken. Onze beloften. We zijn ervan overtuigd, met onze inwoners, dat als we deze beloften nakomen we een succesvolle wisselwerking met elkaar hebben. Het biedt onze inwoners ook herkenbaarheid en maakt duidelijk wat van de gemeente mag worden verwacht.
Onze participatiebeloften: 1. We zijn een inlevende gemeente die toegankelijk is en die denkt in mogelijkheden in plaats van in problemen. We zijn voor onze inwoners flexibel in tijd, inbreng en plaats van ontmoeting. 2. We stimuleren eigen initiatief bij inwoners en durven los te laten. We dragen actief en zichtbaar bij en initiëren initiatieven. Wij bekijken steeds welke rol het beste bij de gemeente past. 3. We willen energie ontmoeten waar die is. Dat kan een dorpsoverleg zijn, maar ook een groepje inwoners die zich eenmalig verenigd heeft rondom een bepaald initiatief. 4. We leggen onze kernen en initiatiefnemers niet een bepaalde werkwijze op. Zij bepalen zelf hun werkwijze, samenstelling en agenda. De gemeente sluit aan op hun behoeften. 5. We communiceren duidelijk en geven onze eerlijke grenzen aan. Vooraf zorgen we ervoor dat ieders verwachtingen goed zijn overgebracht en maken we helder welke stappen we willen zetten. 6. Bij onderwerpen die de gemeente zelf initieert, betrekken we zoveel mogelijk inwoners. We zijn daarbij creatief, gaan continu op zoek naar nieuwe en innovatieve vormen en kanalen waarin we ook inwoners bereiken die we minder vaak ontmoeten. Zowel online als offline. 7. We luisteren naar alle geluiden in de samenleving en hebben oog voor het stille midden. 8.
Het college van Burgemeester en wethouders en de raad denken en doen graag mee aan initiatieven. Zij bewaken het algemeen belang. Het vraagt van de organisatie, het college en de raad om een transparante afweging die uitlegbaar is. Samen met de inwoners en ondernemers blijven we van elkaar leren.
Wat bedoelen we met participatie? Participatie is het meeweten, meedenken, meewerken en meebeslissen van betrokken inwoners bij gezamenlijke plannen voor de toekomst. Participatie betekent actieve deelname: van inwoners bij de gemeente of de gemeente bij de inwoners (burgerparticipatie versus overheidsparticipatie).
7
Het onderscheid tussen burger- en overheidsparticipatie vervaagt Bij burgerparticipatie nodigt de gemeente inwoners uit om mee te denken of mee te doen met initiatieven. Het is gericht op het meedenken en meewerken aan gemeentelijk beleid, aan projecten én aan de daadwerkelijke uitvoering daarvan. Bij overheidsparticipatie ligt het initiatief bij de inwoner. De inwoner wil iets realiseren in de directe leefomgeving. Of wil dat we als gemeente een taak anders uitvoeren. We kijken dan of en hoe wij mee kunnen doen. Als we als gemeente meewerken, is dit vaak in de rol van ondersteuner of partner in de samenwerking. Het strakke onderscheid tussen burger- en overheidsparticipatie vervaagt. In de praktijk komen participatieprocessen en eigen initiatieven van inwoners/ondernemers steeds dichter bij elkaar te liggen. De ene keer heeft de gemeente het grootste aandeel in het verwezenlijken van een plan, de andere keer inwoners en/of maatschappelijke organisaties of ondernemers. Participatie is vormvrij en doen we on- en offline We leggen vooraf niet vast voor welke vorm gekozen moet worden. Steeds bekijken we samen welke vorm het beste aansluit op het doel van het project en de inwoners die we willen bereiken. We verwelkomen hierbij nieuwe vormen (creatief) en staan open voor goed functionerende vormen in andere gemeenten.
Digitale participatie heeft in de Covid-19 tijd een boost gekregen Het laatste jaar heeft er door de coronacrisis een ware aardverschuiving plaatsgevonden van offline naar online samenwerken, communiceren en participeren. Door de digitale interactie slim in te richten, kan het makkelijker worden je stem te laten horen. Online toepassingen om snel beeld te krijgen bij een onderwerp zoals Kahoot en Mentimeter, enquêtes, digitale ontmoetingen en digitale platformen. Ze vervangen niet de fysieke ontmoetingen, veel inwoners hechten (erg) veel waarde aan ‘live’ bij elkaar komen. Het blijft opletten We beseffen dat elke vorm van participatie mensen uitsluit. Dat geldt zowel online als offline en hangt onder andere samen met voorkeuren, vaardigheden, beschikbare tijd en mobiliteit. On- en offline participatievormen kennen allebei praktische en inhoudelijke voor- en nadelen. We stellen ons daarbij actief op in het aantrekken van verschillende groepen. Deelnemers heb je niet vanzelf. Niet iedereen wil, kan op dezelfde manier, in dezelfde mate, meewerken. En niet iedereen bereik je op dezelfde wijze. We kiezen dus zoveel als mogelijk voor een brede mix van vormen en voegen offline en online samen. We combineren de voordelen van online participatie met de voorbeelden van offline participatie.
8
Participeren kan op tal van manieren Actief meewerken kan op verschillende manieren, variërend van meeweten tot meebeslissen. In Molenlanden gaan we uit van de zogenaamde participatieladder: Meeweten De eerste trede op de participatieladder is meeweten. De inwoner wordt hier door de gemeente geïnformeerd over een bepaalde ontwikkeling in de buurt. Deze informatieoverdracht kan op verschillende manier plaatsvinden. Denk aan een brief voor elk huisadres, een stukje in het Kontakt of een bericht op social media. Maar de gemeente kan ook een (digitale) informatieavond houden waarbij er mogelijkheid is voor het stellen van vragen. Meedenken De volgende trede is het niveau van meedenken. Dan gaat het niet alleen om het delen van informatie maar ook om de reactie, de input vanuit de inwoners. Dit kan gaan om kennis, ervaring of een mening. Als gemeente zien we op dat moment ook de meerwaarde van de input die wordt geleverd. We nemen deze input mee in het vervolgtraject. Meedenken kan op verschillende manieren, zoals het versturen van een enquête, een groep willekeurig geselecteerde inwoners vragen om een mening ten aanzien van een vraagstuk of een dorpsoverleg vragen om een advies te geven over een ontwikkeling in de buurt. Meewerken De derde trede van de participatieladder is meewerken. De gemeente gaat dan de samenwerking aan met de inwoner.
Denk hierbij aan het initiatief dat inwoners het groenbeheer in hun straat overnemen van de gemeente. In dit kader hoort ook de Right to Challenge. Inwoners nemen dan taken van de gemeente over omdat zij denken het beter of goedkoper te kunnen. Onder meewerken valt ook het gezamenlijk uitwerken van stedenbouwkundige plannen in een co-design-sessie of op een digitale plattegrond aangeven welke elementen moeten worden toegevoegd in een inrichtingsplan. Meebeslissen De vierde trede van de participatieladder is meebeslissen. De besluitvorming wordt daarbij overgedragen aan de inwoners. Resultaten uit dit participatieproces hebben een bindende werking: de gemeente neemt de resultaten over. In Molenlanden kiezen we ervoor om op kleinschalig niveau te experimenteren met deze vorm. Concreet betekent dit dat we ruimte willen geven aan inwoners om binnen een bepaald kader hen de mogelijkheden te geven om mee te beslissen, zoals bijvoorbeeld waar of welke bankjes of bomen worden geplaatst.
Speerpunten Naast onze acht participatiebeloften, kiezen we in dit participatiebeleid voor een aantal accenten waar we in de aankomende jaren extra aandacht aan geven. De beloften gaan over onze houding en wie we als gemeente willen zijn. Speerpunten geven aan waar de gemeente in het participatiebeleid op gaat focussen. Ze vormen de rode draad in onze aanpak. 9
Denken vanuit een doel De belangrijkste vraag die altijd aan het begin van een participatietraject moet worden gesteld is: “Waarom willen (we) inwoners laten participeren?” Oftewel: wat is het doel van het participatietraject? Willen we vooral inwoners informeren en bijpraten over ontwikkelingen en plannen? Willen we met hen in gesprek om verschil in beleving te begrijpen? Horen we graag hun adviezen over een specifiek plan? Zijn we benieuwd welke ideeën inwoners hebben? Willen we een representatief beeld krijgen hoe inwoners over een bepaald vraagstuk denken? Of willen we inwoners zelf kunnen laten bepalen voor welke oplossing zij gaan? Het zijn verschillende doelen die elk om een ander participatieproces vragen. De ‘waarom’-vraag is daarom de vraag die we als eerste moeten beantwoorden voordat we verdere keuzes maken. Vooraf moeten we bepalen welke belofte we doen over de uitkomsten. Uit het doel volgen de vragen hoe je die participatie wilt vormgeven en met wie. Pas als je een goed antwoord hebt op die basisvragen, kun je bepalen welke participatievorm daar een passende oplossing voor is. Het is belangrijk dat we vanaf het begin transparant en open communiceren aan onze inwoners of andere partijen wat de doelstelling van het participatietraject is. Het doel moet gelijk duidelijk zijn bij betrokkenen.
Kanttekening Het is een misvatting om te denken dat participatietrajecten altijd tot draagvlak van beleid moet leiden. Het is een van de doelstellingen die een participatietraject kan hebben. Dit is afhankelijk van wat we beogen met het participatietraject. Uiteraard vinden we het als gemeente belangrijk om besluiten te nemen die op zoveel mogelijk draagvlak kunnen rekenen in de gemeente. Het betekent echter niet dat zonder draagvlak, geen besluiten kunnen worden genomen. Het is een van de belangen die uiteindelijk het college en de raad moeten afwegen. Zij houden daarbij het doel van waarom we het participatietraject hebben opgezet, voor ogen. Andersom wordt ook van het college en de raad verwacht dat zij de uitkomsten van een participatietraject respecteren, als vooraf duidelijk is dat de wens van inwoners centraal staat, ook als zij een ander resultaat hadden gewild.
Managen van verwachtingen Bij de start moet duidelijk zijn wat het participatietraject inhoudt en wat van de participanten en de gemeente verwacht kan worden. Een goed participatietraject valt of staat namelijk met het managen van verwachtingen. Vooraf, tijdens en na het proces. Dat betekent dat duidelijk moet zijn waar het participatietraject over gaat, waar inwoners en andere belanghebbenden wel of niet iets over te zeggen hebben, wat met de inbreng wordt gedaan en wanneer zij een beslissing kunnen verwachten. Goede communicatie is over en weer belangrijk. Dus: waar praten ze in mee? Hoeveel tijd kost dit hen? En wanneer zijn de resultaten zichtbaar? Als inwoners met een initiatief bij de gemeente aankloppen voor ondersteuning, moet de gemeente duidelijk aangeven welke rol zij in het betreffende proces hebben en hoe de gemeente wil meedenken. Verwachtingsmanagement voorkomt teleurstellingen over
10
de mate van hun invloed of de duur van het traject. En kan voorkomen dat valse hoop of verkeerde verwachtingen worden gewekt.
Inwoners bereiken die nu nog minder betrokken zijn Voor veel inwoners is participatie niet vanzelfsprekend. We zien vaak maar een beperkte groep (de usual suspects) en dezelfde mensen die reageren of aanwezig zijn op verzoeken vanuit de gemeente om mee te doen. Die inbreng is waardevol. Toch zouden we ook graag het gesprek aangaan met meer en een diverse groep inwoners, waarbij we uiteraard beseffen dat niet iedereen de behoefte heeft om mee te doen. Een accent van dit participatiebeleid is om in te zetten op het bereiken en betrekken van de unusual suspects, dit doen we in de praktijk ook al! Om andere doelgroepen te bereiken, is het nodig dat we bij het opzetten van een participatietraject weten welke doelgroep(en) of belanghebbenden we willen bereiken. Vervolgens is de vraag hoe we deze doelgroepen gaan bereiken. We weten dat niet iedereen op dezelfde manier wil of kan participeren. Dat betekent dat we niet kiezen voor één aanpak, maar steeds variatie moeten aanbrengen in onze aanpak. En moeten experimenteren met nieuwe (digitale) vormen. Zo zorgen we ervoor dat iedereen zich betrokken kan voelen.
Actieve communicatie en onze inwoners op de hoogte houden Wat we absoluut willen voorkomen, is dat we inwoners ergens voor uitnodigen en wat organiseren, maar vervolgens niets meer van ons laten weten. Een terugkoppeling is daarom altijd noodzakelijk. En of nu veel bekend is of niet, we moeten mensen in elke fase van een participatietraject op de hoogte houden van wat er is gebeurd of nog gaat gebeuren. Dit vragen we ook van initiatiefnemers. Dat is af en toe best spannend, maar het is de enige manier om onze inwoners aangehaakt te houden en te weten hoe het er voor staat. Pas dan voelen deelnemers aan een participatietraject zich echt betrokken.
11
De rol van de raad en het college Burgerparticipatie vraagt niet alleen om een nieuwe werkwijze van de ambtelijke organisatie, maar ook van het college en de raad. Het is daarom belangrijk om ieders rol in participatietrajecten nader te duiden. Raad; kaders stellen Met dit participatiebeleid bepaalt de raad de kaders hoe we in de gemeente Molenlanden met elkaar participeren en samenwerken. Specifiek voor de toekomstige Omgevingswet heeft de raad ook de bevoegdheid om vanuit haar kaderstellende rol te bepalen wanneer absoluut geparticipeerd moet worden, en in welke gevallen dit niet nodig is. Daarmee wordt een kader gedefinieerd. Op die manier hoeft de gemeenteraad niet steeds per individueel geval te bepalen of zij participatie wenst of niet. Het is aan het college om juist dit maatwerk per casus toe te passen. Uitgangspunt is altijd om – conform onze visie – bij elk voorstel inwoners te betrekken. College en ambtelijke organisatie: uitvoering Het is verder ook aan het college en de ambtelijke organisatie om uitvoering te geven aan het participatiebeleid en na te denken over welke doelgroepen benaderd moeten worden en hoe deze doelgroepen benaderd gaan worden. Om de raad beter in staat te stellen haar controlerende taak uit te voeren, willen we bij elk raadsvoorstel een argument opnemen over participatie.
Dit onderschrijft ook het belang dat we het in de gemeente Molenlanden belangrijk vinden dat inwoners worden betrokken en dat we daardoor continu worden gestimuleerd om hierover na te denken. In deze paragraaf geeft het college aan of er geparticipeerd gaat worden/is, en als dit het geval is, hoe het participatietraject eruit ziet/zag, wie er betrokken worden/waren en wat het moet opleveren/heeft opgeleverd. De raad wordt op die manier aan de voorkant geïnformeerd, kan suggesties doen om een participatietraject nog beter te maken of het college te bevragen hoe een en ander is verlopen.
12