CConstaterende datMolenlanden
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Nota Verbonden Partijen 2026-2030

Raadsvergadering 26 mei 2026, gemeente MolenlandenBij agendapunt: Nota Verbonden Partijen 2026-20307.795 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota Verbonden Partijen 2026 - 2030

Inhoud Inleiding ..................................................................................................................3 Aanleiding ............................................................................................................4 Opbouw van de Nota ............................................................................................6 1. Waarom werken we samen? ..................................................................................7 1.1 Wanneer is samenwerking (al dan niet) wenselijk? ...........................................7 1.2 Welke samenwerkingsvormen passen bij Molenlanden? ...................................9 1.3 Uitgangspunten en kaders ............................................................................10 2. Wat zijn onze doelen binnen een samenwerking? ...............................................11 2.1 Rollen van raad en college ............................................................................11 2.2 Doelen bij samenwerking in verbonden partijen ............................................13 3.

Op welke manier leggen we bestuurlijke focus?..................................................14 3.1 Wat is de status van de risicoprofielen? .........................................................14 3.2 Welke risicoprofielen zijn er?.........................................................................14 3.3 Uitgangspunten en kaders ............................................................................17 4. Uitvoeringsagenda .............................................................................................18 4.1 Huidige werkwijze: continueren en door ontwikkelen ....................................18 4.2 Kaders en uitgangspunten ............................................................................22 4.3 Concrete afspraken .......................................................................................23 5. Ontwikkelplanning .............................................................................................28 5.1 Aan de slag met ontwikkelen ........................................................................28 5.2 Evalueren en leren ........................................................................................29 Bijlagen ..................................................................................................................30 1.

Overzicht verbonden partijen Molenlanden (medio 2026 ???)...........................30 2. Juridisch kader ................................................................................................31 3. Afwegingsleidraad ..........................................................................................34

2

Inleiding De gemeente Molenlanden heeft een grote verscheidenheid aan taken om uit te voeren. Een deel van de taken wordt uitgevoerd door samen te werken met andere gemeenten. Dat gebeurt onder andere in verbonden partijen (zie overzicht in bijlage 1). Een aantal hiervan zijn gemeenschappelijke regelingen waarin gemeenten taken belegd hebben, maar onder de Nota Verbonden Partijen vallen ook privaatrechtelijke organisatie zoals vennootschappen, verenigingen en stichtingen waarin meerdere gemeenten samenwerken. Kansen bij het werken in verbonden partijen Deze vorm van samenwerken leidt vaak tot meer bestuurskracht en efficiency. Onder meer vanuit het besef dat maatschappelijke opgaven geen rekening houden met (gemeente)grenzen en er in de afgelopen jaren (complexe) taken zijn overgedragen aan gemeenten, is samenwerking onmisbaar en waardevol. De verbonden partijen voeren werkzaamheden uit voor de gemeente en dragen bij aan het behalen van onze Molenlandse resultaten. Uitdagingen bij het werken in verbonden partijen Het uitvoeren van taken in verbonden partijen brengt vanuit het perspectief van de raad en het college uitdagingen met zich mee. Zo kunnen sturingsmogelijkheden als beperkt worden ervaren, kunnen er problemen zijn rondom de informatievoorziening en kan de democratische legitimiteit van deze samenwerkingsverbanden als minder transparant worden gezien.

Wanneer er financiële of maatschappelijke risico’s ontstaan, brengt dat extra uitdagingen met zich mee. Doel van de Nota Verbonden Partijen Het vaststellen van een nota is geen wettelijke verplichting, maar vormt een verdieping op de wettelijk verplichte paragraaf Verbonden Partijen in de gemeentebegroting. Deze nota is daarmee een kaderstellend en richtinggevend document voor gemeenteraad en college. Met deze nota worden doelen gesteld en afspraken gemaakt voor de periode 2026-2030 over de manier waarop wij als gemeente Molenlanden willen voortbouwen om de samenwerking met onze samenwerkingspartners te versterken.

3

Daarbij hoort het besef dat een belangrijk onderdeel van samenwerking is om rekening te houden met anderen. Wat zijn hun uitgangspunten? En wat is het effect van ons eigen gedrag en handelen? Hoe we hierin samen met onze partners de juiste weg vinden, maakt onderdeel uit van de nota. Zowel op inhoud als op relatievorming. Deze Nota Verbonden Partijen gaat niet in op de strategie op externe (regionale) oriëntatie en positionering van de gemeente. De verbonden partijen waarin we samenwerken zijn wel medebepalend voor de context waarbinnen deze strategie vormgegeven wordt. Voorop staat dat deze nota voor de komende jaren door raad en college gebruikt wordt voor het voeren van het gesprek over samenwerking in en sturing van verbonden partijen. Dit biedt tevens een basis voor de ambtelijke organisatie om hier met de eigen ontwikkeling op aan te sluiten.

Aanleiding Meerdere zaken vormen de aanleiding voor de voorliggende Nota Verbonden Partijen. Namelijk: •

De Nota Verbonden Partijen 2021-2026 loopt af en daarom is het noodzakelijk om een geactualiseerde nota vast te stellen voor de periode 2026–2030. Met deze nota wordt een actueel en toekomstbestendig kader geboden voor de wijze waarop de gemeente Molenlanden omgaat met verbonden partijen.

•

in de afgelopen periode is de Wet gemeenschappelijke regelingen aangepast. Deze wijzigingen hebben gevolgen voor de positie van de gemeenteraad en voor de wijze waarop gemeenten invloed kunnen uitoefenen binnen gemeenschappelijke regelingen. Het is daarom van belang dat de nota hierop aansluit en de mogelijkheden voor sturing en verantwoording benoemt.

•

De nota sluit aan bij het Raads- en griffieplan 2025–2026. Eén van de drie speerpunten daarin is de versterking van de samenwerking van de gemeenteraad met partners in de regio en binnen verbonden partijen. Met deze nota wordt richting gegeven aan de manier waarop de raad invulling kan geven aan die ambitie.

4

5

Opbouw van de Nota In deze nota is achtereenvolgens aandacht voor de volgende aspecten: 1. Waarom werken we samen? En welke (juridische) mogelijkheden zijn er voor samenwerkingsvormen? Op deze vragen wordt ingegaan in het eerste hoofdstuk. Het doel hiervan is om te komen tot een afwegingsleidraad dat helpt het gesprek over deze vragen te voeren. 2. Wat zijn de doelen van de gemeenteraad en het college voor de periode 2026-2030? Om deze vraag te beantwoorden wordt in het tweede hoofdstuk ingegaan op de rolverdeling tussen de bestuursorganen als het gaat om verbonden partijen. 3. Welke prioriteiten stelt Molenlanden? Op welke verbonden partijen komt de bestuurlijke focus te liggen voor de komende periode? In het derde hoofdstuk wordt op basis van de risico’s en belangen van de verschillende partijen een indeling gemaakt van de verbonden partijen in risicoprofielen. 4. Wat gaat al goed en willen we behouden en borgen? En wat vergt meer aandacht of aanscherping? In dit hoofdstuk draait het om praktische afspraken die helpend zijn om de doelstellingen te bepalen. 5. In het laatste hoofdstuk wordt ingegaan op de concrete ontwikkelstappen. Met een vooruitblik wordt inzichtelijk gemaakt hoe raad en college hier de komende periode aan gaan werken.

6

1. Waarom werken we samen? Er zijn meerdere mogelijkheden voor de uitvoering van gemeentelijke taken. De gemeente kan taken zelf uitvoeren, kan dit uitbesteden aan een organisatie die losstaat van de gemeente of kan met andere gemeenten samenwerken.

In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de vraag wanneer samenwerking al dan niet wenselijk is. Vervolgens wordt gekeken naar welke samenwerkingsvormen er bestaan. Welke vormen passen het beste bij de gemeente Molenlanden?

Op basis daarvan worden beleidsmatige uitgangspunten opgesteld. Deze gaan over toekomstige situaties van eventuele nieuwe samenwerkingsverbanden waaraan de

gemeente Molenlanden gaat deelnemen. De uitgangspunten betreffen daarnaast ook de doorontwikkeling van de bestaande samenwerkingen van de gemeente.

1.1 Wanneer is samenwerking (al dan niet) wenselijk? Bestaand beleid Kijkend naar bestaand beleid van de gemeente, is het goed na te gaan hoe

samenwerking in verbonden partijen past bij de gemeente die we willen zijn. Meer dan ooit lijken overheden zich bewust van de noodzaak en potentie van het samen doen. Wij willen ons hierin positief onderscheiden. Het samen doen is in

Molenlanden immers een speerpunt en ligt aan de basis van onze inspanningen

onder de noemer Molenlandse manier: de kunst om steeds de rol en vorm aan te

nemen die aansluit op de maatschappelijke behoefte van elk moment. Ruimte latend waar het kan en regie nemend waar dat moet.

Dit past bij de manier waarop Molenlanden als samenwerkingspartner in verbinding wil staan met verbonden partijen. Minstens zo belangrijk is de manier waarop

inwoners en ondernemers in Molenlanden het contact met en de diensten van de verbonden partijen ervaren. De verbonden partijen werken immers namens de gemeente Molenlanden.

Samenwerking in verbonden partijen biedt duidelijke voordelen, zoals schaal,

professionaliteit en kennisdeling. Tegelijk blijft de gemeente verantwoordelijk voor de kwaliteit, toegankelijkheid en samenhang van de uitvoering. Daarom maakt de

gemeente per taak een bewuste afweging tussen samenwerking en zelf uitvoeren. Daarbij weegt de gemeente de mate van invloed op de wijze van uitvoering en de

7

aanwezigheid en toepassing van lokale kennis en cultuur. Ook de samenhang met

andere gemeentelijke taken en beleid, de betrokkenheid van bestuur en organisatie en de kwaliteit en bereikbaarheid van dienstverlening voor inwoners en ondernemers worden meegenomen.

Wanneer de eigen organisatie te kwetsbaar is/kan worden, anderen het aanmerkelijk goedkoper kunnen en/of belangrijke innovatiekracht in de eigen organisatie

ontbreekt is er ook reden om gemeentelijke taken uit te besteden. Daarbij dient

rekening gehouden te worden met het feit dat er vaak sprake is van een bestaande situatie. Personele en financiële factoren (bijvoorbeeld frictiekosten) spelen zodoende ook een rol, naast de regionale context en samenwerking. Visie ten aanzien van samenwerking in verbonden partijen Molenlanden kijkt over haar grenzen om gemeenschappelijke opgaven samen op te pakken. Hierbij zijn de dienstverlening richting onze inwoners en de kwaliteit en continuïteit van processen voor Molenlanden belangrijke uitgangspunten. Deze

gelden zowel bij het aangaan van nieuwe samenwerkingen als de doorontwikkeling van bestaande samenwerkingsverbanden.

8

1.2 Welke samenwerkingsvormen passen bij Molenlanden? Zoals in de inleiding reeds is aangegeven gaat deze nota over verbonden partijen en dus niet over informele en vrijblijvende vormen van samenwerking. Voordat ingegaan wordt op de juridische context van verschillende samenwerkingsvormen, is echter van belang aan te stippen dat Molenlanden ook deelneemt aan dit soort informele en vrijblijvende vormen van samenwerking en dat deze manier van samenwerking ook van waarde kan zijn. Wat zijn verbonden partijen? Een verbonden partij is een organisatie waarin meerdere decentrale overheden samenwerken. We noemen een organisatie een verbonden partij als de gemeente a) een financieel belang en b) een bestuurlijke vertegenwoordiging heeft. Deze definitie is nader uitgewerkt in het juridisch kader (bijlage 2). Welke vormen verbonden partijen bestaan er? Er bestaan twee soorten verbonden partijen: publiekrechtelijke organisaties (beter bekend als gemeenschappelijke regelingen) en privaatrechtelijke regelingen (bedrijven waarvan de gemeente aandeelhouder is of stichtingen/verenigingen). Dit is nader uitgewerkt in het juridisch kader (bijlage 2). In de Gemeentewet is de voorkeur voor het publiekrecht opgenomen. De reden hiervoor is dat het publiekrecht meer waarborgen biedt voor de gemeente ten aanzien van bijvoorbeeld toezicht, besluitvormingsstructuren en openbaarheid.

Visie ten aanzien van samenwerkingsvormen Het uitgangspunt is dat de gemeente Molenlanden eerst verkent in hoeverre het mogelijk is om gemeentelijke taken zelf uit te blijven voeren. Hiertoe beschikt de gemeente over allerlei mogelijkheden, zoals de gemeentelijke organisatie en het inzetten van regelgeving of subsidiëring. Pas daarna wordt er gekeken naar oprichting van of toetreding tot een bepaalde vorm van samenwerking in een verbonden partij. De samenwerkingsvorm die gekozen wordt hangt samen met de aard van de taken. In paragraaf 1.1 is geconcludeerd dat onder andere de dienstverlening en de kwaliteit & continuïteit van processen gewaarborgd dienen te worden bij samenwerking in verbonden partijen. Wanneer hierin een risico bestaat of wanneer de taak die in samenwerking uitgevoerd wordt beleidsmatig van aard is, past hierbij

9

een publiekrechtelijke organisatie. Deze vorm biedt immers meer waarborgen voor bestuurlijke kaderstelling en controle.

1.3 Uitgangspunten en kaders Op basis van dit hoofdstuk gelden de volgende uitgangspunten en kaders voor deelname van de gemeente Molenlanden aan verbonden partijen:

Uitgangspunten:

1. De gemeente Molenlanden bouwt verder op de succesvolle samenwerkingen in de bestaande verbonden partijen.

2. Molenlanden gaat bewust om met de vraag of ze gemeentelijke taken zelfstandig of in samenwerking uitvoert.

a. Indien er zich nieuwe situaties voordoen wordt aan de hand van de Afwegingsleidraad (bijlage 3) door college en raad het gesprek gevoerd over dit vraagstuk.

b. Bij het evalueren van huidige samenwerking in een verbonden partij

wordt aan de hand van de Afwegingsleidraad (bijlage 3) door college en raad het gesprek gevoerd over dit vraagstuk.

Kaders:

1. Voor (nieuwe) gemeentelijke taken geldt dat die in principe zelf worden uitgevoerd. Redenen om te kiezen voor samenwerking in verbonden partijen zijn:

a. kwetsbaarheid ten aanzien van kwaliteit of continuïteit in de eigen organisatie;

b. het kan aanmerkelijk goedkoper;

c. innovatiekracht in de eigen organisatie ontbreekt;

d. het vraagstuk, publieke belang of de uitvoering van de taak vraagt om grensoverschrijdende samenwerking.

2. Samenwerking in publiekrechtelijke organisaties heeft in de regel de voorkeur boven samenwerking in privaatrechtelijke organisaties.

10

2. Wat zijn onze doelen binnen een samenwerking? In het vorige hoofdstuk stond de vraag centraal waarom de gemeente samenwerkt in verbonden partijen. In dit hoofdstuk staat de vraag centraal wat binnen zo’n

samenwerking de doelen van raad en college zijn. Om die vraag te beantwoorden

gaat dit hoofdstuk allereerst in op de verschillende rollen die de gemeenteraad en het college hebben ten aanzien van verbonden partijen.

2.1 Rollen van raad en college 2.1.1 Verhouding rollen raad en college De verantwoordelijkheden van raad en college, zoals vastgelegd in de Gemeentewet en de Wet gemeenschappelijke regelingen (WGR), zien er globaal als volgt uit: A. Sturing/kaders stellen: de raad stelt

de te realiseren beleidsdoelen en de financiële kaders vast (recht van

Sturing

kaderstelling en budgetrecht);

B. Uitvoering: het college voert het

beleid efficiënt en effectief uit, zorgt

dat de uitvoering binnen de gestelde kaders blijft en stuurt bij;

Controle

Uitvoering

C. Verantwoording: het college

verantwoordt zich naar de raad toe en heeft in deze een actieve

informatieplicht naar de raad toe;

D. Controle/toezicht: de raad

Verantwoording

controleert of de uitvoering van het beleid effectief en efficiënt is en

voert adequaat toezicht uit op het bereiken van de doelstellingen en financiële afspraken.

2.1.2 Verandering rol gemeenteraad bij samenwerkingsverband Ten opzichte van de gemeentelijke taken of beleidsdoelstellingen verandert de

verantwoordelijkheid van de gemeenteraad niet als voor een samenwerkingsverband wordt gekozen. De raad blijft kadersteller, controleur en volksvertegenwoordiger. De rol van de gemeenteraad verandert echter wel doordat de rol van de

gemeenteraad niet meer op zichzelf staand is. De democratische legitimatie van een

11

verbonden partij is immers afkomstig van alle deelnemende partijen (gemeenten/waterschappen/provincie) gezamenlijk.

2.1.3 Verandering rollen college bij samenwerkingsverband Bij samenwerken in verbonden partijen zijn collegeleden - net zoals binnen de eigen organisatie - meer gericht op de uitvoering. Het feit dat wordt samengewerkt met

verbonden partijen betekent dat collegeleden tegelijkertijd verschillende rollen ten opzichte van deze partijen kunnen hebben. Het gaat om de volgende rollen:

1. Eigenaarsrol

Door te besluiten een verbonden partij op te richten (of daartoe toe te treden) wordt de gemeente mede-eigenaar. In haar rol is het college daarmee (mede)verantwoordelijk voor het bestuur, de governance en de (financiële) risico’s van de betreffende verbonden partij. Deze rol vervult het college binnen het bestuur en/of de aandeelhouders-/ledenvergadering van een verbonden partij. Een landelijke trend – en bij de meeste verbonden partijen ook de praktijk - is dat deze rol wordt belegd bij één collegelid. Door de eigenaarsrol en opdrachtgeversrol te scheiden wordt beter geborgd dat bij vraagstukken omtrent verbonden partijen zowel het inhoudelijke perspectief als de governance aan bod komt. Gelet op de dagelijkse praktijk is dit echter vooral een theoretische benadering die niet goed past bij de manier waarop bijvoorbeeld gemeenschappelijke regelingen in de praktijk zijn georganiseerd.

2. Opdrachtgeversrol

De gemeente kan taken, beleidsdoelstellingen en andere werkzaamheden overdragen aan een verbonden partij. Daarmee verschuift weliswaar de uitvoeringsverantwoordelijkheid, maar niet de bestuurlijke verantwoordelijkheid. Door portefeuillehoudersoverleg te voeren met collega-collegeleden uit andere gemeenten behartigt het college gemeentelijke belangen vanuit het perspectief van opdrachtgever.

3. Opdrachtnemersrol

Als lid van een bestuur neemt een collegelid de rol van opdrachtnemer op zich. In die rol is het collegelid medeverantwoordelijk voor het besturen van de verbonden partij. Daarbij is het collegelid verantwoordelijk voor de uitvoering van opdrachten die door de diverse colleges bij de verbonden partij zijn belegd.

12

2.2 Doelen bij samenwerking in verbonden partijen Gemeenteraad en college hebben ten aanzien van verbonden partijen dezelfde (Molenlandse) belangen. Vanuit hun verschillende verantwoordelijkheden kunnen zij echter specifieke doelen hebben. We houden hierbij de indeling van de vorige paragraaf aan: sturing, uitvoering, verantwoording en controle. Bij het opstellen van de doelen is er rekening mee gehouden dat Molenlanden niet op nul begint. Raad en college werken immers al geruime tijd met verbonden partijen. De doelen zijn zo geformuleerd dat het geen checklist is, maar een streven waarop raad en college zich in de periode 2026-2030 kunnen door ontwikkelen.

Doelen 1. De raad is in staat en optimaal gepositioneerd om beleidsmatige en

financiële kaders te stellen over de werkzaamheden die bij verbonden partijen zijn belegd.

2. Het college is goed in positie te kunnen sturen op de effectieve en

efficiënte uitvoering van taken en beleidsdoelen die bij verbonden partijen zijn belegd.

3. Het college stelt door haar wijze van verantwoording de raad in staat om haar controlerende rol goed uit te voeren.

4. De raad controleert of de taken en beleidsdoelen die bij verbonden partijen zijn belegd effectief en efficiënt uitgevoerd worden.

Van doelen naar resultaat: waar beginnen we?

De doelen worden in het vierde hoofdstuk vertaald in concrete afspraken. Verder is er behoefte aan prioritering door college en gemeenteraad bij de governance van verbonden partijen. Er is immers een verschil in karakter, vorm en zwaarte van de verschillende verbonden partijen. Daarom wordt in het volgende hoofdstuk eerst apart ingegaan op de risicoprofielen en het bepalen van de bestuurlijke focus.

13

3. Op welke manier leggen we bestuurlijke focus? Gemeenschappelijke Regelingen zijn collegeregelingen die gericht zijn op uitvoering. Door een expliciete keuze te maken om geen of minder tijd en energie te steken in GR’en met een laag risicoprofiel, ontstaat er tijd en energie om te steken in GR’en met een hoog risicoprofiel. Om deze prioriteiten te stellen worden er in dit hoofdstuk risicoprofielen voorgesteld en wordt voorgesteld hoe hiermee om te gaan. Op die manier kan een bewuste afweging per verbonden partij worden gemaakt als het gaat om de mate en wijze van aandacht.

3.1 Wat is de status van de risicoprofielen? De inschaling van de risicoprofielen geldt voor de looptijd van deze nota en wordt bij de vaststelling vastgezet voor alle verbonden partijen (zie de lijst van verbonden partijen met bijbehorend risicoprofiel in bijlage 1). Uiteraard kan het risicoprofiel tussentijds gewijzigd worden wanneer zich wezenlijke ontwikkelingen voordoen die dit noodzakelijk maken, bijvoorbeeld bij grote veranderingen in financiële risico’s, maatschappelijke waarde of wettelijke verplichtingen van de verbonden partij (zie de criteria bij 3.2.1).

3.2 Welke risicoprofielen zijn er? In deze paragraaf wordt voorgesteld op welke manier risicoprofielen kunnen worden opgesteld en gebruikt. 3.2.1 Waar zijn de risicoprofielen op gebaseerd? 1. Maatschappelijke waarde van de (werkzaamheden van de) verbonden partij voor de (inwoners van de) gemeente Molenlanden. Dit betreft de mate waarin de verbonden partij belangrijk is voor het realiseren van publieke belangen (zoals veiligheid, gezondheid en het voorkomen van armoede) of de dienstverlening aan de samenleving. 2. Financieel belang en financiële risico’s, op basis van de totale begroting en de gemeentelijke bijdrage. 3. Mate waarin de taken van de verbonden partij een uitvoerend of beleidsmatig karakter hebben. Hiermee wordt gedoeld op de mogelijkheden om gemeentelijk beleid via verbonden partijen te realiseren. 14

4. Het aantal partners dat samenwerkt in de verbonden partij. Dit wordt in samenhang gewogen met de bestuurlijke invloed die de gemeente heeft, bijvoorbeeld door vertegenwoordiging in een bestuur of auditcommissie. Hieronder is per risicoprofiel (laag, gemiddeld en hoog) schematisch weergegeven wanneer een verbonden partij onder dat risicoprofiel valt.

Laag Maatschappelijk waarde is ... Financiële

belangen / risico’s zijn ...

Taken van de VP zijn over het algemeen ...

Invloed op de

verbonden partij is …

Gemiddeld

Hoog

beperkt

groot

beperkt

groot

uitvoerend

beleidsmatig

beperkt

groot

In het overzicht van verbonden partijen (bijlage 4) zijn alle partijen op basis van de bovenstaande criteria ingedeeld in één van de drie risicoprofielen. 3.2.2 Wat zijn de effecten van deze risicoprofielen? Op basis van de risicoprofielen kunnen raad en college prioriteiten stellen ten aanzien van het werken met verbonden partijen. Hieronder is schematisch

weergegeven wat elk van de drie risicoprofielen (laag, gemiddeld en hoog)

betekenen voor betrokkenheid van raad en college. In hoofdstuk 4 wordt dit vertaald naar concrete afspraken.

De raad ...

Laag

Gemiddeld

wordt incidenteel

wordt regelmatig

ontwikkelingen

gehouden door het

over relevante

op de hoogte

Hoog is intensief betrokken.

college.

15

geïnformeerd door het college. Het college …

wordt incidenteel

wordt regelmatig

ontwikkelingen

gehouden door de

over relevante

geïnformeerd door de

op de hoogte

is intensief betrokken.

portefeuillehouder.

portefeuillehouder. De hiervoor vermelde onderscheiden mate van betrokkenheid van de raad laat

onverlet dat de raad jaarlijks door het college met een raadsinformatiebrief wordt

geïnformeerd over de belangrijkste ontwikkelingen ten aanzien van alle verbonden partijen. Dit zorgt voor een jaarlijks zicht op het ‘totale speelveld’ van verbonden partijen.

16

3.3 Uitgangspunten en kaders Op basis van dit hoofdstuk gelden de volgende uitgangspunten en kaders voor het

bepalen van de bestuurlijke focus en het werken met risicoprofielen ten aanzien van verbonden partijen:

Uitgangspunten:

1. Raad en college focussen hun aandacht ten aanzien van verbonden partijen. Dit gebeurt op basis van de indeling in risicoprofielen. 2. Acties om de greep op verbonden partijen te verbeteren (zoals degenen opgenomen in hoofdstuk 4) worden afgewogen tegen de verschillende risicoprofielen).

Kaders: 1.

Aan het begin van iedere raadsperiode stelt de gemeenteraad de

risicoprofielen van de verbonden partijen vast. Deze profielen blijven gedurende de hele raadsperiode ongewijzigd, tenzij zich tussentijds

wezenlijke ontwikkelingen voordoen die aanleiding geven om een profiel

bij te stellen. In dat geval wordt de raad hierover geïnformeerd en wordt de actualisatie meegenomen in de paragraaf Verbonden Partijen van de begroting.

17

4. Uitvoeringsagenda Dit hoofdstuk geeft een overzicht van de afspraken die het bestuur van de gemeente Molenlanden – zowel de gemeenteraad als het college – met elkaar maakt. In de eerste paragraaf staan we stil bij onze werkwijze ten aanzien van verbonden partijen. Wat doen we al in de gemeente Molenlanden en willen we continueren? Wat willen we aanscherpen of door ontwikkelen? Welke overkoepelende afspraken maken we over de manier waarop raad en college zich verhouden tot verbonden partijen? Vervolgens worden in de tweede paragraaf voor elk van de vier doelen – zoals genoemd in hoofdstuk 2 – concrete afspraken benoemd. Dit is waar raad en college – ondersteund door de griffie en de ambtelijke organisatie – de komende jaren mee aan de slag gaan.

4.1 Huidige werkwijze: continueren en door ontwikkelen 4.1.1 Op welke manier verhouden raad en college zich tot verbonden partijen? Qua rolverdeling is het uitgangspunt dat het college verantwoordelijk is voor de efficiënte en effectieve uitvoering van de taken en beleidsdoelen van verbonden partijen. Om die reden is de afspraak dat enkel collegeleden deelnemen aan besturen of bestuurscommissies van verbonden partijen. De raad focust zich op kaderstelling en neemt in die hoedanigheid niet deel aan Algemene- of Dagelijkse Besturen. Collegeleden wegen strategisch af hoe de gemeente zo effectief mogelijk (bestuurlijk) vertegenwoordigd is bij verbonden partijen (DB, AB, auditcommissies, enzovoort). De collegeleden hebben daarbij oog voor de verschillende rollen die zij vanuit de gemeente hebben ten opzichte van een verbonden partij: eigenaar, opdrachtgever, opdrachtnemer. Op dit moment gebeurt dit al door de wethouder financiën waar mogelijk te positioneren in auditcommissies van verbonden partijen of als tweede AB-lid namens Molenlanden (naast de beleidsinhoudelijke portefeuillehouder).

4.1.2 Wat doen we al en willen we continueren?

College

Het college investeert in het onderhouden van contacten met partnergemeenten om gezamenlijke doelen te bereiken via een verbonden partij. Zowel bestuurlijk als ambtelijk trekken vakinhoudelijke en financiële disciplines samen op. Deze integrale groepen gaan - rekening houdend met de bestuurlijke verantwoordelijkheden - aan de slag met het contact met en de governance van een verbonden partij. Op deze manier is het college in staat om de verschillende rollen van eigenaar, opdrachtgever en opdrachtnemer goed in te vullen. In de afgelopen jaren is binnen de organisatie actief gewerkt aan kennisdeling rondom verbonden partijen. Collega’s weten elkaar te vinden en maken gebruik van elkaars expertise. Er wordt van elkaar geleerd op punten als het adviseren van de portefeuillehouder, het samen optrekken met partnergemeenten en het zijn van een goede gesprekspartner voor de verbonden partij. Daarnaast is er samenwerking in de voorbereiding op de jaarstukken en andere belangrijke producten van de verbonden partijen. Deze werkwijze heeft de kwaliteit van advisering en de bewustwording binnen de organisatie versterkt. De komende jaren bouwen we hierop voort, zodat kennisdeling blijvend geborgd wordt.

Gemeenteraad

Bij het aantreden van de nieuwe gemeenteraad is aandacht besteed aan de kennismaking met de verbonden partijen. Dit draagt bij aan het bewustzijn en de kennis van raadsleden over verbonden partijen. Deze aanpak wordt daarom gecontinueerd bij de start van iedere nieuwe raadsperiode. Daarnaast benut de gemeente Molenlanden de mogelijkheid om gemeenschappelijke adviescommissies in te stellen (zoals bedoeld in de WGR) als middel om de betrokkenheid van de raad bij gemeenschappelijke regelingen te vergroten en de kwaliteit van advisering richting de raad te versterken. Ook stelt de raad prioriteiten ten aanzien van de controle op verbonden partijen. De huidige werkwijze rondom de zienswijzen bij partijen met een laag of gemiddeld

19

risicoprofiel, waarbij het college de zienswijzen afhandelt, wordt gecontinueerd en gekoppeld aan de risicoprofielen in deze Nota Verbonden Partijen. Concreet houdt dit in dat het indienen van een zienswijze op de begroting, jaarstukken en begrotingswijzigingen verdeeld wordt tussen de gemeenteraad en het college volgens de volgende richtlijn: Wat voor verbonden partij?

Wie stelt de zienswijze

Wie stelt de zienswijze

Hoog risicoprofiel

College

Gemeenteraad

Gemiddeld risicoprofiel

College

College na consultatie raad

Laag risicoprofiel

College

College

op?

vast?

Om de wederzijdse samenwerking en het begrip tussen de gemeente Molenlanden en de verbonden partijen te versterken, organiseert de griffie jaarlijks een ‘kijkje in

de keuken’ bijeenkomst. Medewerkers van de gemeenschappelijke regelingen worden hiervoor uitgenodigd. Tijdens deze avond krijgen zij een presentatie over de werking van de gemeente en de gemeenteraad, en wordt toegelicht hoe Molenlanden omgaat met verbonden partijen. Daarnaast maken zij kennis met de leden van de Verbonden Partijen Commissie. Deze bijeenkomsten bieden gelegenheid om vragen te stellen, ervaringen te delen en elkaar beter te leren kennen. Zo ontstaat meer inzicht in elkaars werkwijze en wordt de samenwerking verder verdiept. Deze bijeenkomsten worden in elke raadsperiode georganiseerd. 4.1.3 Hoe richten we verbonden partijen bij voorkeur in? Bij een eventuele vorming of aanpassing van een verbonden partij zal dat in principe altijd een ‘collegeregeling’ betreffen (zie ook het juridisch kader, bijlage 2). Dit komt voort uit de in het tweede hoofdstuk beschreven rolomschrijving. Hierin is beschreven dat het college vanuit haar uitvoerende rol dichter op de uitvoering bij verbonden partijen zit dan de raad. Tegelijkertijd is het van belang ook aandacht te hebben voor de positionering/rolneming van de raad. Ten behoeve daarvan streven wij ernaar om de onderstaande elementen op te nemen bij het oprichten van nieuwe verbonden partijen en de actualisatie of evaluatie van bestaande verbonden partijen. a.

Het is wenselijk dat ten minste eens per vier jaar een meerjarig beleidskader ter besluitvorming aan de gemeenteraden (van de deelnemende gemeenten) 20

voorgelegd. Deze mogelijkheid is met name van belang voor verbonden partijen die beleidsmatige taken uitvoeren. b. Idealiter stelt de verbonden partij jaarlijks een kaderbrief op ter voorbereiding op de begroting. De colleges worden in staat gesteld richtlijnen mee te geven in de voorbereiding van deze kaderbrief. c. In de jaarstukken staat naast een financiële verantwoording ook een beleidsevaluatie. d. Gemeenteraden hebben de mogelijkheid tot het indienen van een zienswijze op de jaarstukken, inclusief de bestemming van het rekeningresultaat. e. Begrotingswijzigingen worden voor een zienswijze voorgelegd aan de gemeenteraden. Het gaat hierbij om wijzigingen die maatschappelijke effecten en/of een verhoogde financiële bijdrage voor de gemeenten tot gevolg hebben. f. Een passage over uittredingsvoorwaarden.

21

4.2 Kaders en uitgangspunten Op basis van paragraaf 4.1 gelden de volgende kaders en uitgangspunten om de

samenwerking in verbonden partijen op een goede manier te continueren en door te ontwikkelen:

Kaders

1. Enkel collegeleden nemen deel aan besturen of bestuurscommissies van verbonden partijen.

2. Bij vorming of aanpassing van een verbonden partijen gaat het in principe om ‘collegeregelingen’ als vorm. 3. Het college handelt de zienswijzen af voor verbonden partijen met een gemiddeld of laag risicoprofiel, conform de tabel op bladzijde 17. 4. Bij het oprichten of evalueren van een verbonden partij worden de elementen zoals opgesomd in paragraaf 4.1.3 ingebracht.

Uitgangspunten

a. Zowel bestuurlijk als ambtelijk trekken vakinhoudelijke en financiële disciplines samen op in de samenwerking met verbonden partijen.

22

4.3 Concrete afspraken Bij het vastleggen van afspraken gaan we uit van de vier doelen die in hoofdstuk 2 zijn benoemd. Per doel volgt een aantal punten. Daarbij wordt aangegeven voor welk risicoprofiel (zoals beschreven in hoofdstuk 3) deze afspraken van toepassing zijn. Doel 1: De raad is in staat om beleidsmatige en financiële kaders te stellen betreffende de werkzaamheden die bij verbonden partijen zijn belegd.

Sturing

Controle

Uitvoering

Verantwoording

Nr.

Afspraak

1

De raad zet, mede op basis van de pilots uit 2025, het instellen van

gemeenschappelijke adviescommissies samen met andere deelnemende

Actie

Laag

Raad

Gemiddeld

Hoog

X

X

X

X

gemeenten door. 2

Het college stuurt erop aan dat de P&Ccyclus van de gemeente(n) en de

verbonden partijen zoveel mogelijk op

College

X

elkaar aansluiten. 3

Raadsleden zoeken informele afstemming met raadsleden uit samenwerkende gemeenten.

Raad

X

Toelichting op de afspraken bij doel 1

Afspraak 1 komt voort uit de Wet Gemeenschappelijke Regelingen. Eén van de instrumenten die daarin wordt genoemd, is de mogelijkheid tot het instellen van

23

gemeenschappelijke adviescommissies, bestaande uit raadsleden van de deelnemende gemeenten. In 2025 zijn met pilots bij Avres en Waardlanden eerste ervaringen opgedaan met dergelijke commissies. Op basis van deze ervaringen en de eerdere besluitvorming zet de raad het instellen van gemeenschappelijke adviescommissies als structureel instrument voort, als aanvulling op de bestaande werkwijze. De tweede afspraak komt voort uit artikel 24 van de Financiële Verordening. Door te zorgen dat de cycli goed op elkaar aansluiten, is het tevens mogelijk voor de raad om zienswijzeprocedures zorgvuldiger te doorlopen. Tevens kunnen we hierdoor het sturen op verbonden partijen via de Molenlandse P&C-producten verbeteren. Het is belangrijk om voor (informele) afstemming te zorgen. Hieruit komt afspraak 3 voort. Door als raad de samenwerking te zoeken met de raadsleden uit omliggende gemeenten kan vanuit de gemeenten eenduidiger en steviger gestuurd worden richting verbonden partijen. Doel 2: Het college is in positie om te kunnen sturen op de effectieve en efficiënte uitvoering van taken en beleidsdoelen die bij verbonden partijen zijn belegd.

Sturing

Controle

Uitvoering

Verantwoording

Nr.

Afspraak

4

Het college bereidt zienswijzen - waar dit

Actie

Laag

Gemiddeld

Hoog

X

X

toegevoegde waarde heeft – zo veel

mogelijk regionaal voor. Hiermee tracht het college om met zo veel mogelijk

College

gelijkgestemde gemeenten dezelfde zienswijze in te dienen.

24

5

Het college heeft structureel aandacht

voor het samenwerken met/in verbonden

College

partijen.

X

X

X

Toelichting op de afspraken bij doel 2

Doordat zowel college als raad (zoals genoemd bij afspraak 3) zich inzetten voor een afstemming van de zienswijzen, brengen we de Molenlandse boodschap zo duidelijk mogelijk over richting verbonden partijen. In bepaalde gevallen kan het echter juist meerwaarde hebben dat Molenlanden een uniek standpunt inneemt. Daar is ruimte voor. Afspraak 4 is geen doel op zich maar een manier om Molenlanden strategischer te positioneren. Afspraak 5 krijgt vorm door wekelijkse informatie-uitwisseling in de collegevergadering. Portefeuillehouders maken zelf de inschatting wanneer het al dan niet relevant is om informatie te delen. Hierbij geldt als richtlijn de indeling in risicoprofielen.

Doel 3: Het college stelt door haar wijze van verantwoording de gemeenteraad in staat om haar controlerende rol goed uit te voeren.

Sturing

Controle

Uitvoering

Verantwoording

Nr.

Afspraak

6

Stukken uit openbare

bestuursvergaderingen van verbonden

partijen worden in een map in iBabs voor de raad toegankelijk gemaakt en de

Actie

Laag

Gemiddeld

Hoog

Griffie

X

attendering daarop wordt verbeterd.

25

7

Raadsleden geven SMART aan welke

informatie ze wanneer willen hebben.

Raad

X

X

Toelichting op de afspraken bij doel 3

Aan afspraak 6 is in de achterliggende periode niet voldoende aandacht gegeven, maar is nog altijd waardevol. Deze afspraak sluit aan bij de wenselijkheid dat raadsleden zich moeten (kunnen) verdiepen in verbonden partijen. Hierbij kan ook gedacht worden aan het overzicht van door verbonden partijen ontvangen zienswijzen van alle deelnemers met de reactie daarop van de verbonden partij. De verantwoordelijkheid voor een goede informatievoorziening door het college ligt niet alleen bij het college. Daar is afspraak 7 op gericht. Wanneer de raad concreet aangeeft wanneer en welke informatie nodig is om het college goed te controleren, kan het college haar informatievoorziening daarop afstemmen. Doel 4: De raad controleert of de taken en beleidsdoelen die bij verbonden partijen zijn belegd effectief en efficiënt uitgevoerd worden.

Sturing

Controle

Uitvoering

Verantwoording

Nr.

Afspraak

8

Onderzoeksinstrumenten zoals het

Actie

Laag

Gemiddeld

Hoog

regionaal enquêterecht en

rekenkameronderzoeken worden ingezet wanneer daar aanleiding voor is, bij

Raad

X

voorkeur in afstemming met partnergemeenten.

26

9

De raad wordt ten minste een keer per raadsperiode – liefst halverwege -

geïnformeerd over de stand van zaken van ‘pluspakketten’ die belegd zijn bij

College

X

X

X

College

X

X

X

verbonden partijen. 10

De raad wordt jaarlijks met een

raadsinformatiebrief geïnformeerd over de belangrijkste ontwikkelingen ten aanzien van alle verbonden partijen.

Toelichting op de afspraken bij doel 4

De Wet gemeenschappelijke regelingen (WGR) maakt het mogelijk voor de raad om onderzoekscommissies of het enquêterecht in te zetten ten aanzien van taken die belegd zijn bij gemeenschappelijke regelingen. Ook rekenkameronderzoek is een instrument dat in deze lijn ingezet kan worden. Deze onderzoeksinstrumenten zijn de afgelopen jaren niet ingezet. De raad houdt deze instrumenten achter de hand voor gevallen waarin andere middelen niet toereikend zijn en kan ze dan samen met partnergemeenten inzetten voor evaluatie. De bij afspraak 9 genoemde pluspakketten betreffen taken die bovenop de wettelijke en reguliere taken van verbonden partijen zijn belegd bij verbonden partijen. Door de raad hierover – liefst halverwege de raadsperiode - te informeren, kan de raad bewuste keuzes maken over het al dan niet continueren van deze pluspakketten.

27

5. Ontwikkelplanning Het bovenliggende doel van deze nota is dat we samen met onze verbonden partijen onze Molenlandse doelen en dienstverlening op een goede, efficiënte en effectieve manier uitvoeren. Hiervoor is het van belang dat raad, college en organisatie goed (samen)werken met verbonden partijen. De ambitie om dit te verbeteren is – zoals eerder in deze nota beschreven – geen checklist. Het bereiken van dit doel vraagt voortdurende inzet, bewustwording en een lerende houding bij raad, college en ambtelijke organisatie. In dit hoofdstuk staat de manier waarop dit vorm krijgt centraal.

5.1 Aan de slag met ontwikkelen Deze nota geldt voor de periode 2026-2030. Dit zorgt voor continuïteit ten aanzien van het beleid van de gemeente Molenlanden voor het (samen)werken met verbonden partijen. 5.1.1 Uitvoering en verantwoording De uitvoeringsagenda waar raad en college mee aan de slag gaan bestaat uit de hiervoor vermelde afspraken. Soms moet eenmalig actie worden ondernomen, soms betreft het een continue aandachtspunt waarvan wij ons steeds bewust moeten zijn én daaraan moeten (blijven) werken. In de verantwoordingsdocumenten van college en raad (respectievelijk de Jaarstukken en de actualisatie van het Raads- en Griffieplan) volgt verantwoording over de voortgang hiervan. Ook in de jaarlijkse raadsinformatiebrief waarmee de raad over de belangrijkste ontwikkelingen ten aanzien van alle verbonden partijen wordt geïnformeerd, zal op de in deze nota vermelde afspraken worden ingegaan. 5.1.2 Wie pakt wat op? Er is sprake van doorontwikkeling van de manier van werken van raad en college. Er is dus een gedeelde verantwoordelijkheid tussen raad en college voor de realisatie van de afspraken. De concrete afspraken borgen de griffie (voor zo ver het de raad betreft) en de ambtelijke organisatie (voor zo ver het het college betreft).

Bestuurlijke afstemming over deze afspraken vindt plaats in de vergaderingen van het Presidium (voor zo ver het de raad betreft) en het college (voor zo ver het college betreft).

28

Binnen de organisatie zijn er verschillende medewerkers betrokken bij het werken met verbonden partijen. Deze groep medewerkers komt regelmatig bij elkaar om stil te staan bij het werken met verbonden partijen. Ervaringen worden uitgewisseld met als doel om hierin met elkaar te groeien. Binnen deze sessies is ook aandacht voor de afspraken in deze nota. Op deze wijze werken raad, college en organisatie in samenhang op het thema verbonden partijen. 5.1.3 Afstemming in de regio Deze nota bevat de kaders en uitgangspunten van de gemeente Molenlanden. Inherent aan samenwerken met verbonden partijen is het onderlinge contact met partnergemeenten en de verbonden partijen. We blijven actief het gesprek opzoeken met deze betrokkenen over hoe we onze wijze van samenwerken en greep op verbonden partijen vormgeven. Hierbij geldt de Nota Verbonden Partijen als streven en vertrekpunt vanuit Molenlanden.

5.2 Evalueren en leren In 2029 evalueren raad en college de Nota Verbonden Partijen en stellen ze deze op basis van ervaringen en voortschrijdend inzicht waar nodig bij. Wat is gelukt en/of gaat goed? Die zaken continueren we. Voor de afspraken die niet het beoogde effect hadden, verkennen we alternatieven.

29

Bijlagen 1. Overzicht verbonden partijen Molenlanden (medio 2026) A. Gemeenschappelijke regelingen (publiekrechtelijke partijen) -

Dienst Gezondheid & Jeugd Regio ZHZ (risicoprofiel: hoog)

-

Veiligheidsregio ZHZ (risicoprofiel: hoog)

-

Avres (risicoprofiel: hoog)

-

Reinigingsdienst Waardlanden (risicoprofiel: hoog)

-

Omgevingsdienst ZHZ (risicoprofiel: gemiddeld)

-

Bureau Openbare Verlichting Merwede (risicoprofiel: laag)

-

Gevudo (risicoprofiel: laag)

-

Natuur- en Recreatieschap Lingegebied (risicoprofiel: laag)

B. Privaatrechtelijke partijen (bedrijven) -

Stedin N.V. (risicoprofiel: laag)

-

N.V. Oasen (risicoprofiel: laag)

-

N.V. Bank Nederlandse Gemeenten (risicoprofiel: laag)

-

Merwede Lingelijn Beheer BV (risicoprofiel: laag)

-

N.V. HVC (risicoprofiel: laag)

C. Privaatrechtelijke partijen (stichtingen & verenigingen) -

Stichting O2A5 (risicoprofiel: laag)

-

Stichting Inkoop Bureau Midden-Nederland (risicoprofiel: laag)

-

Vereniging Nederlandse Gemeenten (risicoprofiel: laag)

-

Vereniging van Nederlandse Riviergemeenten (risicoprofiel: laag)

-

Vereniging van Zuid-Hollandse Gemeenten (risicoprofiel: laag)

30

2. Juridisch kader A. Definitie verbonden partij Bij de definiëring van het begrip verbonden partijen wordt aangesloten bij het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV):

“Een verbonden partij is een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke

organisatie waarin de provincie onderscheidenlijk de gemeente een bestuurlijk en een financieel belang heeft.”

Financieel belang

Onder financieel belang wordt verstaan een aan de verbonden partij ter beschikking gesteld bedrag dat niet verhaalbaar is indien de verbonden partij failliet gaat, het bedrag waarvoor aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt.

Bestuurlijk belang

Onder een bestuurlijk belang wordt verstaan dat de gemeente Molenlanden

zeggenschap heeft, via vertegenwoordiging in het bestuur of via stemrecht. Dit

houdt concreet in dat er sprake is van een bestuurlijk belang als een collegelid, een

raadslid of een ambtenaar van de gemeente namens de gemeente in het bestuur van de verbonden partij plaatsneemt of namens de gemeente stemt. Bovenstaande betekent dat organisaties waar bijvoorbeeld enkel sprake is van een financieel belang niet worden gezien als een verbonden partij. B. Wettelijke verplichtingen In enkele gevallen schrijft de wet een verbonden partij voor. Dit is op dit moment het geval bij de Veiligheidsregio ZHZ, de Omgevingsdienst ZHZ en de Dienst Gezondheid & Jeugd (DG&J). Hierbij dient de nuance geplaatst te worden dat het in het geval van de Omgevingsdienst en de DG&J om een gedeelte van het taakgebied gaat. Hier zijn keuzes in te maken met betrekking tot de vraag welke taken door deze twee gemeenschappelijke regeling uitgevoerd en welke door de gemeentelijke organisatie van Molenlanden zelf uitgevoerd worden. C. Onderscheid privaatrechtelijke en publiekrechtelijke organisatie Privaatrechtelijke organisaties zijn in het Burgerlijk Wetboek geregeld. Dit kunnen stichtingen, verenigingen, coöperaties en vennootschappen zijn. In bijlage 1 is een

31

lijst met verbonden partijen opgenomen, waar de gemeente Molenlanden aan deelneemt. Daarin is ook de vorm van de verbonden partij aangegeven. Bij publiekrechtelijke samenwerking gaat het om de deelname aan gemeenschappelijke regelingen (GR’en). De deelname aan deze GR’en vindt plaats binnen de kaders van de Wet gemeenschappelijke regelingen (WGR). Als gekozen wordt voor bestuurlijke samenwerking, dan bestaan er verschillende vormen om de samenwerking in te richten. Hierbij kan gedacht worden aan een centrumgemeenteconstructie, een gemeenschappelijk orgaan, een bedrijfsuitvoeringsorganisatie of een openbaar lichaam. Publiek-private samenwerking is een samenwerkingsvariant waarbij overheid en bedrijfsleven - met behoud van eigen identiteit en verantwoordelijkheid gezamenlijk een project realiseren op basis van een heldere taak- en risicoverdeling. Deze vorm van samenwerken is door de gemeente Molenlanden tot op heden nog niet toegepast. D. Gemeenschappelijke regelingen Ten aanzien van gemeenschappelijke regelingen (GR’en) bestaan er verschillende varianten.

Variant 1: Raadsregeling

Een raadsregeling is een GR tussen gemeenteraden. Een raadsregeling kan worden

voorbereid door het college, of worden geïnitieerd door de raad. Het is de raad die over een dergelijke regeling beslist. Het Algemeen Bestuur bestaat uitsluitend uit raadsleden die door de deelnemende gemeenten zijn aangewezen.

Variant 2: Collegeregeling

Een collegeregeling is een GR tussen colleges van burgemeester en wethouders. De

GR wordt door het college getroffen. Het is aan het college om te bepalen hoe deze eruit komt te zien.

Het college dient de gemeenteraad wel om toestemming te vragen. De raad kan

deze toestemming alleen onthouden wegens strijd met het recht of strijd met het

algemeen belang. De raad kan geen toestemming verlenen onder voorwaarden en

de raad heeft ook niet het recht tot amendering, omdat dit recht uitsluitend bestaat over zijn eigen besluiten. Via moties kunnen wel wensen en bedenkingen meegegeven worden aan het college.

32

Het Algemeen Bestuur bestaat uit collegeleden die door de deelnemende gemeenten zijn aangewezen. Dit betekent dat er geen raadsleden in het Algemeen Bestuur

mogen zitten. De invloed van de gemeenteraad is bij collegeregelingen beperkter dan bij een raadsreling. Het college en de gemeenteraad kunnen onderling afspraken maken waardoor de gemeenteraad meer betrokken raakt bij de beleidsvorming van de GR'en.

Variant 3: Burgemeestersregeling

Dit betreft een GR tussen burgemeesters. De burgemeesters vormen dan het Algemeen Bestuur. Een burgemeestersregeling komt nauwelijks voor.

Variant 4: Gemengde regeling

Een gemengde regeling is een GR tussen de raden, colleges en/of burgemeesters

van twee of meer gemeenten. De deelnemende bestuursorganen beslissen samen

over deelname aan een dergelijke regeling. Daarnaast moet de raad ook nog – zoals

eerder op deze bladzijde beschreven - toestemming verlenen voor deelname aan de

GR. Het Algemeen Bestuur kan uit leden van de raad en het college bestaan. Het kan ook voorkomen dat er alleen collegeleden in het Algemeen Bestuur plaatsnemen.

Hoe zit het met de varianten in Molenlanden?

De gemeente Molenlanden heeft alleen nog collegeregelingen. Dit betekent dat het college de eigenaarsrol van deze GR’en vervuld, en raadsleden geen rol hebben binnen het Algemeen- of Dagelijks Bestuur van de betreffende GR’en.

33

3. Afwegingsleidraad De afwegingsleidraad is bedoeld om het gesprek met elkaar te kunnen voeren. De insteek van deze leidraad is dat we bij keuzes ten aanzien van samenwerken in verbonden partijen een integrale afweging kunnen maken. Of het nou het aangaan, deelnemen aan, evalueren, wijzigen, opheffen of terugtreden uit een verbonden partij betreft. Dat is mogelijk door in te gaan op bestuurlijke, financiële en juridische belangen, risico’s en kansen. Maar vooral ook door het gesprek te voeren over kwaliteit, de Molenlandse manier van werken en hoe wij als samenwerkingspartner worden ervaren. De afwegingsleidraad is zo opgebouwd dat al deze elementen een plek krijgen bij het voeren van de gesprekken. Afwegingsleidraad samenwerking in verbonden partijen A. Over welke taak gaat het?

Wat houdt de taak in? Wat is de aanleiding? Voor welk vraagstuk wordt een oplossing gezocht? Als dit helder is: door naar stap B.

* Gaat het om (her)oriëntatie op het gebied van samenwerking of

belangenvertegenwoordiging in netwerken, dan zijn de stappen B en C minder van

toepassing en kunnen de stappen D1 en D2 worden gebruikt bij de keuze voor een bepaalde vorm die past bij deze doelen.

B. Komt de taak in aanmerking voor samenwerking?

Het uitgangspunt is: de gemeente voert de taak zelf uit. Tenzij een of meer van de onderstaande zaken het geval is:

1. De organisatie is te kwetsbaar (of kan dit in de toekomst worden). 2. Door samen te werken worden de kosten aanmerkelijk lager.

3. De vereiste innovatiekracht ontbreekt in de eigen organisatie.

34

4. Het vraagstuk, publieke belang of de uitvoering van de taak vraagt om grensoverschrijdende samenwerking.

C. Kwaliteit & Dichtbij Molenlanden Het is van belang dat binnen een samenwerkingsverband de Molenlandse visie en

werkwijze zoveel mogelijk in acht genomen wordt. Om de vraag te beantwoorden in hoeverre dit mogelijk is worden de onderstaande vragen behandeld:

1. Wat is het effect van samenwerking op de mate waarin de doelen van

Molenlanden gerealiseerd worden? Denk hierbij aan verbetering van de kwaliteit en continuïteit van beleidsontwikkeling en -uitvoering.

Ingegaan wordt op: -Begrotingsprogramma’s -Samenlevingsprogramma -Bestaande visies op Dorps- en Stadsgericht Werken en Dienstverlening 2. In hoeverre levert samenwerking schaal- of strategische voordelen op?

Bijvoorbeeld: -Versterking bestuurskracht -Efficiënter werken (bijvoorbeeld door voorkomen dubbelwerk) -Spreiden (bestuurlijke en financiële) risico’s

3. In hoeverre is de aanwezigheid en toepassing van lokale kennis/cultuur geborgd in de samenwerking?

4. In hoeverre is de integraliteit in de beleidsontwikkeling en in de uitvoering van processen van de dienstverlening aan de klant/inwoner geborgd in de samenwerking?

35

D1. Aangaan nieuwe samenwerking

D2. Evaluatie bestaande samenwerking

subsidie- of regelgever optreden?

vraagstuk op te lossen door de huidige

1. Kan de gemeente als opdracht-,

Ja > nader verkennen/uitwerken. Nee > 

2. Zijn er passende

1. Zijn er mogelijkheden om het

samenwerking te optimaliseren?

Ja > nader verkennen/uitwerken. Nee > 

kansen/mogelijkheden voor de

2. Zijn er mogelijkheden om het

publiekrechtelijke verbonden partij?

van de taken terug te halen naar de

gemeente om samen te werken in een Ja > nader verkennen/uitwerken. Nee > 

Conclusie: de gemeente kan het

vraagstuk op te lossen door een deel eigen organisatie?

Ja > nader verkennen/uitwerken.

Nee > 

publieke belang het best behartigen

3. Zijn er mogelijkheden om het

privaatrechtelijke verbonden partij,

samenwerkingsverband op te knippen?

door samenwerking in een

zoals een vennootschap, stichting of mengvorm (PPS).

- Nader verkennen/uitwerken.

vraagstuk op te lossen door het huidige Ja > nader verkennen/uitwerken.

Nee > 

4. Zijn er mogelijkheden om het

vraagstuk op te lossen door aan te sluiten bij een ander

samenwerkingsverband?

Ja > nader verkennen/uitwerken.

Nee > 

5. Zijn er mogelijkheden om het

vraagstuk op te lossen door te kiezen voor een andere uitvoeringswijze (bijvoorbeeld een andere samenwerkingsvorm)?

- Nader verkennen/uitwerken.

36

Hoe kan de afwegingsleidraad worden gebruikt? Het initiatief voor het gebruik van deze leidraad kan zowel van het college als de raad komen. Als er bij een bestuursorgaan een vraagstuk leeft ten aanzien van de uitvoering van een bepaalde taak/bevoegdheid of de toekomstrichting van een verbonden partij, dan kan deze leidraad gebruikt worden voor het maken van afwegingen in dat vraagstuk. In de uitvoering van deze afweging neemt het college het voortouw. Bij aanvang worden er procesafspraken gemaakt ten aanzien van wanneer de raad betrokken is (bijvoorbeeld na welke fase van de afwegingsleidraad). In de uitvoering doorloopt het college de vragen, en verzamelt waar nodig informatie om te zorgen dat de benodigde context geschetst wordt. De afronding gebeurt door de raad op voorstel van het college. Deze afronding is geen definitieve beslissing ten aanzien van de toekomst van de verbonden partij, maar is een oplossingsrichting die de gemeente kiest. De afronding kan ook inhouden dat er meerdere oplossingsrichtingen zijn die in samenwerking met de verbonden partij en/of partnergemeenten verder verkent en uitgewerkt worden. Het doorlopen van het schema levert dus geen absoluut antwoord op de gestelde vragen. Het voornaamste doel is om de inzet en toekomstrichting(en) zoals Molenlanden die ziet te verkennen. Hierin wordt waar mogelijk met andere gemeenten samen opgetrokken.

Immers wordt de toekomst van verbonden partijen niet door Molenlanden in isolement bepaald.

37

38

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Molenlanden&id=05bda531-35db-45a2-b4f6-16a55dcbb187